Wet van 24 april 1997, houdende verzekering tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid en een uitkeringsregeling in verband met bevalling voor zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en meewerkende echtgenoten (Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen)
- BWB-id
- BWBR0008656
- Type
- Wet
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008656
- ELI
- /eli/nl/wet/1997/wet-arbeidsongeschiktheidsverzekering-zelfstandigen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1997/wet-arbeidsongeschiktheidsverzekering-zelfstandigen/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008656&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008656&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008656/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1997/wet-arbeidsongeschiktheidsverzekering-zelfstandigen
Artikel 1 — Artikel 1 Algemene begrippen#
Artikel 1 Algemene begrippen 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; b. hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in; c. artikel 3 verzekerde: de persoon, bedoeld in; d. arbeidsongeschiktheidsuitkering: een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet; e. Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering dienstbetrekking: een dienstbetrekking in de zin van de; f. paragraaf 3.2.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 paragraaf 3.2.4 van die wet paragraaf 3.2.5 van die wet winst uit onderneming: de belastbare winst uit onderneming, bedoeld in, vermeerderd met de ondernemersaftrek, bedoeld inen de MKB-winstvrijstelling bedoeld in; g. afdeling 7.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 paragraaf 3.2.4 van die wet paragraaf 3.2.5 van die wet winst uit Nederlandse onderneming: de belastbare winst uit Nederlandse onderneming, bedoeld in, vermeerderd met de ondernemersaftrek, bedoeld inen de MKB-winstvrijstelling bedoeld in; h. hoofdstuk 4 van de Wet inkomstenbelasting 2001 aanmerkelijk belang: aanmerkelijk belang als bedoeld in; i. inkomsten uit tegenwoordige arbeid: het gezamenlijke bedrag van: 1°. afdeling 3.3 van de Wet inkomstenbelasting 2001 het belastbaar loon uit tegenwoordige arbeid, bedoeld in; 2°. afdeling 7.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 het belastbaar loon ter zake van het in Nederland verrichten van arbeid, bedoeld in; 3°. afdeling 3.4 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikelen 3.91, eerste lid, onderdelen a en b 3.92 van de Wet inkomstenbelasting 2001 het belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in, behoudens voorzover het een werkzaamheid betreft als bedoeld in de, en, en 4°. afdeling 7.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikelen 3.91, eerste lid, onderdelen a en b 3.92 van de Wet inkomstenbelasting 2001 het belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden in Nederland, bedoeld in, behoudens voorzover het een werkzaamheid betreft als bedoeld in de, en. j. Vreemdelingenwet 2000 vreemdeling: hetgeen daaronder wordt verstaan in de; k. Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten artikel 2.3 van de Wet forensische zorg rechtens zijn vrijheid is ontnomen: rechtens zijn vrijheid is ontnomen, behoudens de gevallen, bedoeld in de, in deen in; l. artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen justitiële inrichting: een penitentiaire inrichting, een instelling voor verpleging van ter beschikking gestelden, of een inrichting als bedoeld in; m. reïntegratiebedrijf: een natuurlijke persoon dan wel rechtspersoon die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid bevordert; n. artikel 2 resterende verdiencapaciteit: datgene dat de persoon, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet nog met arbeid kan verdienen en dat bij of krachtensis vastgesteld; o. Wetboek van Strafrecht vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel: een bij onherroepelijk geworden vonnis opgelegde vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel als bedoeld in het; p. artikel 14, vierde lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap uitreiziger: persoon ten aanzien van wie op grond van een melding van de opsporingsdiensten of inlichtingen- en veiligheidsdiensten, gericht aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, is gebleken dat het gegronde vermoeden bestaat dat deze persoon zich buiten Nederland bevindt met het doel om zich aan te sluiten bij een organisatie die is geplaatst op de lijst van organisaties, bedoeld in. 2 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt gelijkgesteld met: a. echtgenoot: geregistreerde partner; b. echtgenoten: geregistreerde partners; c. gehuwd: als partner geregistreerd. 3 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt: a. als gehuwd of als echtgenoot mede aangemerkt de ongehuwde meerderjarige die met een andere ongehuwde meerderjarige een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste graad; b. als ongehuwd mede aangemerkt degene die duurzaam gescheiden leeft van de persoon met wie hij gehuwd is. 4 Van een gezamenlijke huishouding is sprake indien twee personen hun hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en zij blijk geven zorg te dragen voor elkaar door middel van het leveren van een bijdrage in de kosten van de huishouding dan wel anderszins. 5 Een gezamenlijke huishouding wordt in ieder geval aanwezig geacht indien de betrokkenen hun hoofdverblijf hebben in dezelfde woning en: a. zij met elkaar gehuwd zijn geweest of eerder voor de toepassing van deze wet daarmee gelijk zijn gesteld; b. uit hun relatie een kind is geboren of erkenning heeft plaatsgevonden van een kind van de een door de ander; c. zij zich wederzijds verplicht hebben tot een bijdrage aan de huishouding krachtens een geldend samenlevingscontract; of d. zij op grond van een registratie worden aangemerkt als een gezamenlijke huishouding die naar aard en strekking overeenkomt met de gezamenlijke huishouding, bedoeld in het vierde lid. 6 Bij algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld welke registraties, en gedurende welk tijdvak, in aanmerking worden genomen voor de toepassing van het vijfde lid, onderdeel d. 7 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ten aanzien van hetgeen wordt verstaan onder het blijk geven zorg te dragen voor een ander, zoals bedoeld in het vierde lid. 8 Onder bloedverwant in de eerste graad als bedoeld in het derde lid, onderdeel a, wordt mede verstaan een meerderjarig aangehuwd kind of een meerderjarig voormalig pleegkind van de ongehuwde meerderjarige. 9 Wet op de jeugdzorg Jeugdwet Algemene Kinderbijslagwet Onder voormalig pleegkind als bedoeld in het achtste lid wordt verstaan een pleegkind voor wie de ongehuwde meerderjarige een pleegvergoeding ontving of ontvangt op grond van deof de, of kinderbijslag ontving op grond van de. 2023 202 19-06-2023 24-05-2023 35936 2023 307 28-09-2023 25-09-2023 01-10-2023
Artikel 2 — Artikel 2 Begrip arbeidsongeschiktheid#
Artikel 2 Begrip arbeidsongeschiktheid 1 Arbeidsongeschikt, geheel of gedeeltelijk, is de persoon die als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling geheel of gedeeltelijk niet in staat is om met arbeid te verdienen, hetgeen gezonde personen, met soortgelijke opleiding en ervaring, ter plaatse waar hij arbeid verricht of het laatst heeft verricht, of in de omgeving daarvan, met arbeid gewoonlijk verdienen. 2 De verzekerde die op en sedert het tijdstip dat zijn verzekering een aanvang neemt, reeds gedeeltelijk arbeidsongeschikt is in de zin van het eerste lid, wordt voor wat de door hem aan deze wet te ontlenen aanspraken betreft als geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt aangemerkt, indien hij als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling geheel of gedeeltelijk niet in staat is om met arbeid te verdienen, hetgeen soortgelijke personen, die in dezelfde mate arbeidsongeschikt zijn in de zin van het eerste lid, ter plaatse waar hij arbeid verricht of het laatst heeft verricht, of in de omgeving daarvan, met arbeid gewoonlijk verdienen. 3 Indien de bij de aanvang van de verzekering aanwezige arbeidsongeschiktheid in de zin van het eerste lid naderhand is afgenomen vindt het tweede lid vervolgens overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de aanvang van de verzekering in de plaats treedt het tijdstip waarop de arbeidsongeschiktheid in de zin van het eerste lid is afgenomen. 4 Onder de in het eerste en tweede lid eerstgenoemde arbeid wordt verstaan alle algemeen geaccepteerde arbeid waartoe de verzekerde met zijn krachten en bekwaamheden in staat is. 5 Bij de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid wordt buiten beschouwing gelaten of de verzekerde de arbeid feitelijk kan verkrijgen. 6 Bij de toepassing van dit artikel wordt buiten beschouwing gelaten, hetgeen wordt of kan worden ontvangen voor arbeid verricht bij wijze van sociale werkvoorziening. 7 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste tot en met zesde lid nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld. 8 De voordracht voor een krachtens het zevende lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel van bestuur, wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd. 9 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent een afwijkende wijze van vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid in gevallen waarin recht bestaat op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en een uitkering inzake arbeidsongeschiktheid op grond van een andere wettelijke regeling ter verzekering tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid. 10 Bij de beoordeling van arbeidsongeschiktheid als bedoeld in deze wet maakt de verzekeringsarts zo veel mogelijk gebruik van wetenschappelijke inzichten die de beoordeling van arbeidsongeschiktheid kunnen ondersteunen. 2020 496 04-12-2020 25-11-2020 35494 2020 497 04-12-2020 30-11-2020 01-01-2021
Artikel 3 — Artikel 3 De verzekerde#
Artikel 3 De verzekerde 1 artikel I, onderdeel C, van de Wet einde toegang verzekering WAZ Verzekerd op grond van deze wet is de persoon die vóór de inwerkingtreding vanals zelfstandige, beroepsbeoefenaar of meewerkende echtgenoot arbeidsongeschikt is geworden: a. artikel 7, tweede lid gedurende de periode waarover hij aanspraak maakt op een arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met die arbeidsongeschiktheid, doch uitsluitend omdat de wachttijd, bedoeld in, op hem van toepassing is, geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft; b. artikel 7, tweede lid gedurende vier weken na afloop van de wachttijd, bedoeld in, betreffende die arbeidsongeschiktheid, indien hij na afloop van die wachttijd niet arbeidsongeschikt is, doch dat wel is binnen vier weken na afloop van die wachttijd; c. gedurende de periode waarover hij recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met die arbeidsongeschiktheid; d. artikel 28 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten gedurende de periode waarover hem een toelage als bedoeld inis toegekend in verband met die arbeidsongeschiktheid; e. artikel 20, eerste lid artikel I, onderdeel C, van de Wet einde toegang verzekering WAZ gedurende het tijdvak van vier weken, bedoeld in, indien dat tijdvak is aangevangen vóór de inwerkingtreding van. 2 artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000 Niet verzekerd is de vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt in de zin van. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan, in afwijking van het eerste en tweede lid, uitbreiding dan wel beperking worden gegeven aan de kring van verzekerden. 4 Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het derde lid, kan worden afgeweken van het tweede lid ten aanzien van: a. vreemdelingen die rechtmatig in Nederland arbeid verrichten, dan wel hebben verricht; b. artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000 artikel 8, onder g of h, van de Vreemdelingenwet 2000 vreemdelingen die, na rechtmatig verblijf te hebben gehouden in de zin van, rechtmatig in Nederland verblijf hebben als bedoeld in. 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 3a — Artikel 3a Afwijking kring verzekerden#
Artikel 3a Afwijking kring verzekerden artikel 3 Zo nodig in afwijking vanen de daarop berustende bepalingen: a. wordt als verzekerde aangemerkt de persoon van wie de verzekering op grond van deze wet voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie; b. wordt niet als verzekerde aangemerkt de persoon op wie op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is. 1999 564 23-12-1999 15-12-1999 26722 1999 564 23-12-1999 15-12-1999 26722 24-12-1999 De wijziging op artikel 22 werkt terug tot en met 1 juli 1998.
Artikel 4 — Artikel 4 Zelfstandige#
Artikel 4 Zelfstandige artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet Zelfstandige is de persoondie de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet heeft bereikt: a. die in Nederland woont en die winst uit onderneming geniet, tenzij hij de onderneming niet voor eigen rekening feitelijk drijft; b. die niet in Nederland woont en die winst uit Nederlandse onderneming geniet, tenzij hij de onderneming niet voor eigen rekening feitelijk drijft. 2012 361 08-08-2012 02-08-2012 2012 329 18-07-2012 12-07-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Artikel 4a — Artikel 4a Zelfstandigheidsverklaring#
Artikel 4a Zelfstandigheidsverklaring 1 artikel 3.156 van de Wet inkomstenbelasting 2001 artikel IX, eerste lid, van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties artikel 4 De beschikking, bedoeld in, zoals dat artikel luidt direct voorafgaand aan het inbedoelde tijdstip, waarin de voordelen, die de belastingplichtige geniet of zal gaan genieten uit een arbeidsrelatie of uit arbeidsrelaties waarin sprake is van hetzelfde soort van werkzaamheden die onder overeenkomstige condities worden verricht, worden aangemerkt als winst uit een onderneming, heeft voor de termijn waarvoor deze beschikking geldt als gevolg dat de belastingplichtige, met betrekking tot die arbeidsrelaties, wordt aangemerkt als zelfstandige als bedoeld in. 2 Indien de beschikking, bedoeld in het eerste lid, wordt herzien, laat dat het in het eerste lid bedoelde gevolg onverlet, voor de termijn waarvoor die beschikking gold. 2016 45 11-02-2016 03-02-2016 34036 2016 166 28-04-2016 08-04-2016 01-05-2016
Artikel 5 — Artikel 5 Beroepsbeoefenaar#
Artikel 5 Beroepsbeoefenaar artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet Beroepsbeoefenaar is de persoondie de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet heeft bereikt, die: a. anders dan uit dienstbetrekking inkomsten uit tegenwoordige arbeid geniet; b. anders dan in dienstbetrekking arbeid verricht ten behoeve van een lichaam waarin hij een aanmerkelijk belang heeft. 2012 361 08-08-2012 02-08-2012 2012 329 18-07-2012 12-07-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6 Meewerkende echtgenoot#
Artikel 6 Meewerkende echtgenoot artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet Meewerkende echtgenoot is de persoon die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, nog niet heeft bereikt die anders dan in dienstbetrekking, als zelfstandige of als beroepsbeoefenaar, meewerkt in de onderneming van zijn echtgenoot. 2012 361 08-08-2012 02-08-2012 2012 329 18-07-2012 12-07-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 7 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering 1 Recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft de verzekerde die arbeidsongeschikt wordt indien hij in de 52 weken onmiddellijk voorafgaande aan de dag, waarop de arbeidsongeschiktheid is ingetreden, arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven heeft verricht gericht op het verwerven van winst of inkomsten. Als eerste dag van de arbeidsongeschiktheid geldt de eerste werkdag waarop wegens ziekte niet is gewerkt of het werken tijdens de werktijd is gestaakt. Bij ministeriële regeling kunnen nadere en afwijkende regels worden gesteld in verband met het voor bijzondere gevallen vaststellen van welke dag als eerste werkdag wordt aangemerkt. 2 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering gaat niet eerder in dan nadat de arbeidsongeschiktheid onafgebroken 52 weken heeft geduurd en na afloop van dat tijdvak voortduurt. 3 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het tweede lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. 4 Recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de verzekerde die na afloop van het in het tweede lid bedoelde tijdvak van 52 weken niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier onafgebroken weken na afloop van dat tijdvak. 5 Ziektewet Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het tweede lid, worden steeds in aanmerking genomen tijdvakken, gedurende welke de verzekerde recht zou hebben gehad op ziekengeld op grond van de, indien hij op grond van die wet zou zijn verzekerd. 6 Voor de toepassing van het eerste tot en met vierde lid wordt niet als arbeidsongeschikt beschouwd de verzekerde die minder dan 25% arbeidsongeschikt is alsmede de verzekerde die een uitkering geniet als bedoeld in het derde lid. 2005 710 27-12-2005 22-12-2005 30318 2005 711 27-12-2005 22-12-2005 29-12-2005
Artikel 7a — Artikel 7a Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering bij niet in Nederland wonen#
Artikel 7a Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering bij niet in Nederland wonen 1 artikel 7 De verzekerde, bedoeld in, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan, is gelegen in een periode dat hij niet in Nederland woont. 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien de verzekerde op die dag woont in een land waarin op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering kan bestaan. 3 De persoon, die op grond van het eerste lid geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft, heeft vanaf de dag: Artikel 7, zesde lid met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is., is van overeenkomstige toepassing. a. dat hij in Nederland woont; of b. dat hij in een land woont waarmee een verdrag in werking is getreden dan wel een besluit van een volkenrechtelijke organisatie van kracht is geworden, op grond waarvan recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering kan bestaan; 4 Artikel 7, zesde lid De persoon, bedoeld in het derde lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dat wel het geval is binnen vier weken na die dag, heeft met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering., is van overeenkomstige toepassing. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ten aanzien van het eerste lid afwijkende regels worden gesteld ten gunste van: a. de verzekerde, die tevens werkzaamheden verricht in het algemeen belang en niet in Nederland woont; b. de verzekerde, die in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba woont; of c. de gezinsleden van de in de onderdelen a of b bedoelde verzekerde. 2024 409 17-12-2024 11-12-2024 36616 2024 410 17-12-2024 11-12-2024 01-01-2025
Artikel 7b — Artikel 7b Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdens vrijheidsontneming#
Artikel 7b Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdens vrijheidsontneming 1 artikel 7 artikel 7c De verzekerde, bedoeld in, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering indien de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan dan wel de dag na afloop van de toepassing vanmet betrekking tot dat recht op uitkering, is gelegen in een periode dat hem rechtens zijn vrijheid is ontnomen. 2 Artikel 7, zesde lid De persoon, die op grond van het eerste lid geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft, heeft vanaf de dag dat hij in vrijheid wordt gesteld met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is., is van overeenkomstige toepassing. 3 Voor de toepassing van het eerste lid worden perioden van vrijheidsontneming samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. 4 Artikel 7, zesde lid De persoon, bedoeld in het tweede lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na die dag, heeft met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering., is van overeenkomstige toepassing. 5 Het eerste lid is niet van toepassing en het tweede en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel buiten een justitiële inrichting plaatsvindt. 2010 838 28-12-2010 16-12-2010 32520 2010 839 28-12-2010 23-12-2010 01-01-2011
Artikel 7c — Artikel 7c Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdens onttrekking aan vrijheidsontneming#
Artikel 7c Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdens onttrekking aan vrijheidsontneming artikel 7 De verzekerde, bedoeld in, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering indien en voor zolang hij zich op de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan en daarna onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel. 2010 838 28-12-2010 16-12-2010 32520 2010 839 28-12-2010 23-12-2010 01-01-2011
Artikel 7d — Artikel 7d Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering voor uitreiziger#
Artikel 7d Geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering voor uitreiziger 1 artikel 7 De verzekerde, bedoeld in, heeft geen recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering indien hij op de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan, een uitreiziger is. 2 artikel 1, eerste lid, onderdeel p Artikel 7, zesde lid De persoon, die op grond van het eerste lid geen recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft, heeft vanaf de dag dat niet langer het gegronde vermoeden bestaat dat hij zich buiten Nederland bevindt met het doel zich aan te sluiten bij een organisatie als bedoeld in, met inachtneming van de bepalingen van deze wet, recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is., is van overeenkomstige toepassing. 3 Artikel 7, zesde lid De persoon, bedoeld in het tweede lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na die dag, heeft met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering., is van overeenkomstige toepassing. 2017 78 09-03-2017 16-01-2017 34577 2017 354 29-09-2017 22-09-2017 01-10-2017
Artikel 8 — Artikel 8 Grondslag van de uitkering#
Artikel 8 Grondslag van de uitkering 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt berekend naar de grondslag. 2 artikel 4 Voor de verzekerde, bedoeld in, is de grondslag: a. hetgeen hij in het boekjaar, onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid als zelfstandige gemiddeld per dag aan winst heeft genoten; of, indien dit leidt tot een hoger bedrag, b. hetgeen hij in de vijf boekjaren, onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid als zelfstandige gemiddeld per dag aan winst heeft genoten. 3 artikel 5 Voor de verzekerde, bedoeld in, is de grondslag: a. hetgeen hij in het kalenderjaar onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid als beroepsbeoefenaar gemiddeld per dag aan inkomsten heeft genoten; of, indien dit leidt tot een hoger bedrag, b. hetgeen hij in de vijf kalenderjaren onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid als beroepsbeoefenaar gemiddeld per dag aan inkomsten heeft genoten. 4 artikel 6 Voor de verzekerde, bedoeld in, is de grondslag hetgeen hij over een tijdvak, gelegen in de in het tweede lid genoemde perioden, op basis van de geleverde arbeidsinbreng gemiddeld per dag aan inkomsten geacht kan worden te hebben genoten. 5 artikel 4 6 artikel 5 Indien de verzekerde, bedoeld inen, tevens verzekerde is op grond vanwordt de grondslag bepaald op een bedrag dat de uitkomst vormt van de samentelling van de gemiddelde winst of inkomsten per dag als bedoeld in het tweede lid en vierde lid en de gemiddelde inkomsten per dag als bedoeld in het derde lid. 6 artikel 3, derde lid Voor personen die op grond van, zijn verzekerd kan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur, zonodig in afwijking van het tweede tot en met vierde lid, een grondslag worden vastgesteld. 7 De grondslag bedraagt ten hoogste het minimumloon. 8 artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag artikelen 7, derde lid Onder het in het zevende lid bedoelde minimumloon wordt verstaan het minimumloon per maand, bedoeld in, gedeeld door 21,75, of, indien het een persoon jonger dan 21 jaar betreft, op grond van de, en 8, derde lid, van die wet voor zijn leeftijd geldende minimumloon, gedeeld door 21,75. 9 Indien het minimumloon wordt herzien wordt de grondslag, bedoeld in het tweede tot en met zesde lid naar evenredigheid herzien. 10 Een herziening van de uitkering als gevolg van een herziening van de grondslag van het minimumloon vindt plaats zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. 11 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen betaalt de herziene uitkering, bedoeld in het tiende lid, bij de eerstvolgende uitkeringsbetaling nadat de grondslag van het minimumloon is herzien. 12 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Indien de verzekerde die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering met ingang van dezelfde dag recht heeft op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van dewordt het bedrag van de overeenkomstig het tweede tot en met zesde lid vastgestelde grondslag, doch ten hoogste het door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling aan te wijzen bedrag, verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het dagloon dat aan de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deten grondslag ligt. 13 artikel 3 4 5 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering die wet die wet artikel 59, eerste of tweede lid Indien de verzekerde die recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid tevens verzekerde was op grond van,of, wordt het bedrag van de overeenkomstig het tweede tot en met zesde lid vastgestelde grondslag, doch ten hoogste het door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling aan te wijzen bedrag, verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het loon dat hij als werknemer genoot, voor zover dat loon als dagloon aan de toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deten grondslag ligt of zou liggen als hij bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid tevens arbeidsongeschikt is in de zin vandan wel arbeidsongeschikt zou zijn geworden in de zin van. De eerste zin blijft buiten toepassing als, van toepassing is. 14 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Ziektewet hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg Werkloosheidswet Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Ziektewet Wet arbeid en zorg Werkloosheidswet artikel 59, eerste of tweede lid Indien de verzekerde die recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering op de dag van het intreden van de arbeidsongeschiktheid recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de, ziekengeld op grond van de, uitkering op grond vanof een uitkering op grond van de, wordt het bedrag van de overeenkomstig het tweede tot en met zesde lid vastgestelde grondslag, doch ten hoogste het door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling aan te wijzen bedrag, verminderd met het bedrag van genoemde uitkering op grond van de, de, deof dewaarop hij recht heeft op de dag voorafgaande aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid. De eerste zin blijft buiten toepassing als, van toepassing is. 15 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Ziektewet Wet arbeid en zorg Werkloosheidswet Indien het in het twaalfde lid bedoelde dagloon, het in het dertiende lid bedoelde loon of het in het veertiende lid bedoelde bedrag van de uitkering op grond van de, de, deof de, alsmede het in die leden genoemde bedrag van de overeenkomstig het tweede tot en met zesde lid vastgestelde grondslag lager is dan het minimumloon, bedoeld in het achtste lid, bedraagt de grondslag voor de arbeidsongeschiktheidsuitkering het minimumloon, verminderd met dat dagloon, loon of bedrag, tenzij de grondslag, berekend op grond van het tweede tot en met zesde lid tot een lager bedrag leidt, in welk geval laatstgenoemd bedrag als grondslag geldt. 16 De toepassing van het twaalfde, dertiende en veertiende lid geldt onverminderd het zevende lid. 17 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Ziektewet hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg Werkloosheidswet Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Ziektewet hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg Werkloosheidswet Voor de toepassing van het twaalfde tot en met het veertiende lid wordt onder loon, arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de, ziekengeld op grond van de, uitkering op grond vanof uitkering op grond van detevens verstaan de vakantie-uitkering waarop uit hoofde van dat loon of die uitkering recht bestaat, voor zover die vakantie-uitkering over dezelfde periode is berekend. Voor de toepassing van het vijftiende lid wordt onder loon, arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de, ziekengeld op grond van de, uitkering op grond vanof uitkering op grond van deniet verstaan de vakantie-uitkering waarop uit hoofde van dat loon of die uitkering recht bestaat en wordt onder dagloon verstaan het dagloon maal 100/108. 18 hoofdstuk VI van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering hoofdstuk IV van de Ziektewet hoofdstuk III van de Werkloosheidswet artikel 3:6, tweede lid, van de Wet arbeid en zorg Het twaalfde tot en met vijftiende lid is niet van toepassing op de persoon die een uitkering ontvangt op grond van de vrijwillige verzekering, bedoeld in,of. Het veertiende en vijftiende lid is evenmin van toepassing op de persoon die op grond vaneen uitkering ontvangt. 19 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zo nodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot de winst, de inkomsten en de periode waarover de winst en de inkomsten worden berekend, bedoeld in het tweede tot en met het zesde lid. 20 Werkloosheidswet artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen artikel 54 van die wet Voor de toepassing van het twaalfde tot en met het vijftiende lid en het zeventiende lid wordt met een uitkering op grond van degelijkgesteld een uitkering ter zake van ontslag of werkloosheid, onder welke benaming dan ook, met uitzondering van een uitkering in verband met functioneel leeftijdsontslag of vrijwillig vervroegd uittreden, uit hoofde van een arbeidsverhouding als bedoeld in. Dit lid vervalt op het tijdstip van aanvang van fase 3 van de, bedoeld in. 2023 168 23-05-2023 12-05-2023 35335 2023 247 07-07-2023 27-06-2023 01-01-2024
Artikel 9 — Artikel 9 Percentage arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 9 Percentage arbeidsongeschiktheidsuitkering 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering bedraagt per dag, de zaterdagen en zondagen niet meegerekend, bij een arbeidsongeschiktheid van: 25–35%: 21% van de grondslag; 35–45%: 28% van de grondslag; 45–55%: 35% van de grondslag; 55–65%: 42% van de grondslag; 65–80%: 50,75% van de grondslag; 80% of meer: 75% van de grondslag. 2 Bij de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid wordt, zoveel doenlijk, rekening gehouden met verkregen nieuwe bekwaamheden. 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 28-12-2007 01-07-2007
Artikel 10 — Artikel 10 Verhoging arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 10 Verhoging arbeidsongeschiktheidsuitkering Een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, wordt, indien de verzekerde verkeert in een althans voorlopig blijvende toestand van hulpbehoevendheid, die geregeld oppassing en verzorging nodig maakt, voor de duur van die hulpbehoevendheid tot ten hoogste zijn grondslag verhoogd. De eerste zin vindt geen toepassing, indien de verzekerde in een inrichting is opgenomen en de kosten van verblijf ten laste van een zorgverzekering of een verzekering inzake ziektekosten komen. 2005 525 01-11-2005 06-10-2005 30124 2005 649 20-12-2005 09-12-2005 01-01-2006
Artikel 11 — Artikel 11 Buiten aanmerking laten van arbeidsongeschiktheid#
Artikel 11 Buiten aanmerking laten van arbeidsongeschiktheid 1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan met betrekking tot uit deze wet voortvloeiende aanspraken geheel of ten dele, tijdelijk of blijvend, buiten aanmerking laten: a. gehele arbeidsongeschiktheid, die bestond op het tijdstip, dat de verzekering een aanvang nam; b. arbeidsongeschiktheid, die binnen een half jaar na het tijdstip, dat de verzekering een aanvang nam, is ingetreden, terwijl de gezondheidstoestand van de verzekerde ten tijde van de aanvang van zijn verzekering het intreden van arbeidsongeschiktheid binnen een half jaar kennelijk moest doen verwachten. 2 b De in het eerste lid, onderdeel, bedoelde bevoegdheid strekt zich mede uit tot toeneming van de arbeidsongeschiktheid, voor zover deze toeneming kennelijk is voortgekomen uit dezelfde oorzaak als de arbeidsongeschiktheid die binnen een half jaar na de aanvang van de verzekering is ingetreden. 3 artikel 2, tweede lid Zolang het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van het eerste lid arbeidsongeschiktheid buiten aanmerking laat, vindt, overeenkomstige toepassing met betrekking tot de door de verzekerde aan deze wet nog te ontlenen aanspraken, met dien verstande, dat voor de aanvang van de verzekering in de plaats treedt het tijdstip, met ingang waarvan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen arbeidsongeschiktheid buiten aanmerking laat. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 12 — Artikel 12 Herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 12 Herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt herzien wanneer de verzekerde, aan wie zij is toegekend, op grond van deze wet voor een hogere of lagere uitkering in aanmerking komt. 2 artikelen 13 tot en met 16 Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering plaats met inachtneming van de. 3 artikel 9, derde lid artikel 58, eerste lid De arbeidsongeschiktheidsuitkering van de verzekerde die deelneemt aan een voor hem gewenste opleiding of scholing, wordt gedurende deze opleiding of scholing niet herzien in verband met een daaruit voortvloeiende afneming van de arbeidsongeschiktheid, tenzij, van toepassing is. Indien de verzekerde tijdens de opleiding of scholing inkomsten uit arbeid verwerft, is, van overeenkomstige toepassing. 2004 416 02-09-2004 09-07-2004 29498 2004 433 02-09-2004 17-08-2004 01-10-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 13 — Artikel 13 Herziening bij minder dan 45% arbeidsongeschiktheid#
Artikel 13 Herziening bij minder dan 45% arbeidsongeschiktheid 1 artikelen 15 16 Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, onverminderd deen, plaats zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken 52 weken heeft geduurd. 2 De in het eerste lid bedoelde herziening vindt niet plaats, indien de toeneming kennelijk is voortgekomen uit een andere oorzaak dan die waaruit de ongeschiktheid ter zake waarvan uitkering wordt genoten, is voortgekomen. 3 artikel 7, eerste lid Indien de uitkeringsgerechtigde bij het intreden van de toeneming van de arbeidsongeschiktheid of in de 52 weken onmiddellijk voorafgaande aan de toeneming van de arbeidsongeschiktheid arbeid verricht of heeft verricht als bedoeld in, vindt de in het eerste lid bedoelde herziening plaats, ook indien de toeneming kennelijk is voortgekomen uit een andere oorzaak dan die waaruit de ongeschiktheid ter zake waarvan uitkering wordt genoten, is voortgekomen. 4 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van toegenomen arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. Bij de vaststelling van het tijdvak van 52 weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, buiten beschouwing. 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005 2005 65 15-02-2005 03-02-2005 27826 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005
Artikel 14 — Artikel 14 Herziening bij 45% arbeidsongeschiktheid of meer#
Artikel 14 Herziening bij 45% arbeidsongeschiktheid of meer 1 artikel 15 Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 45%, onverminderd, plaats zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken vier weken heeft geduurd. 2 artikel 13 Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 45%, doch minder dan 80%, wegens afneming van de arbeidsongeschiktheid is herzien naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, doch binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan die uitkering is herzien, de arbeidsongeschiktheid weer toeneemt, is het eerste lid van toepassing, onder afwijking van. 3 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van vier weken, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden perioden van toegenomen arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. Bij de vaststelling van de eerstgenoemde periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, buiten beschouwing. 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005 2005 65 15-02-2005 03-02-2005 27826 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005
Artikel 15 — Artikel 15 Herziening uitkering zonder wachttijd#
Artikel 15 Herziening uitkering zonder wachttijd 1 Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering steeds plaats zodra de toeneming van de arbeidsongeschiktheid optreedt, indien deze intreedt: a. binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering werd toegekend; b. binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid werd herzien; c. binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering, die voordien was berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, wegens afneming van de arbeidsongeschiktheid is herzien naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 80%; d. binnen een bij ministeriële regeling aan te geven tijdvak in daarbij aan te wijzen gevallen. 2 artikel 36, tweede lid artikel 38, tweede lid artikel 36, tweede lid artikel 38, tweede lid a b Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering werd toegekend, onderscheidenlijk wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid werd herzien, met toepassing van, onderscheidenlijk, geldt met betrekking tot het eerste lid, onderdeelen, als dag met ingang waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering werd toegekend onderscheidenlijk herzien de dag, met ingang waarvan die uitkering zou zijn toegekend, onderscheidenlijk zou zijn herzien, indien, onderscheidenlijk, geen toepassing zou hebben gevonden. 3 artikel 35, zesde lid Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van een herbeoordeling als bedoeld in, plaats met ingang van 22 februari 2007. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor gevallen waarbij direct herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering plaatsvindt. Op grond van deze regels kan bedoelde herziening slechts plaatsvinden ten behoeve van de verzekerde die bij hervatting van de arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven winst of inkomsten geniet, die minder bedragen dan evenredig is aan zijn nog bestaande arbeidsgeschiktheid. 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 28-12-2007 22-02-2007
Artikel 16 — Artikel 16 Herziening bij toeneming arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar#
Artikel 16 Herziening bij toeneming arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar 1 Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid die intreedt binnen vijf jaar na de datum van toekenning of herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering en die voortkomt uit dezelfde oorzaak als die waaruit de arbeidsongeschiktheid ter zake waarvan uitkering wordt genoten, is voortgekomen, vindt herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering steeds plaats, zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken vier weken heeft geduurd. 2 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van vier weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van toegenomen arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. Bij de vaststelling van de eerstgenoemde periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, buiten beschouwing. 3 artikel 14 15, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of derde lid Dit artikel vindt geen toepassing, indien recht bestaat op herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond vanof. 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 28-12-2007 22-02-2007
Artikel 16a — Artikel 16a Ziektewet Samenloop met#
Artikel 16a Ziektewet Samenloop met artikelen 13 14 15 16 Ziektewet artikel 45 van de Ziektewet Indien als gevolg van de toeneming van de arbeidsongeschiktheid zowel recht op herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering bestaat of is ontstaan op grond van de,,en, als op ziekengeld op grond van de, wordt het bedrag waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering is of wordt verhoogd uitbetaald voor zover dit het ziekengeld overtreft, danwel zou overtreffen, indien het ziekengeld op grond vangeheel of gedeeltelijk is geweigerd. 2010 867 29-12-2010 23-12-2010 32421 2010 868 29-12-2010 23-12-2010 01-01-2011
Artikel 17 — Artikel 17 Grondslagvaststelling bij toeneming arbeidsongeschiktheid#
Artikel 17 Grondslagvaststelling bij toeneming arbeidsongeschiktheid 1 artikel 8 Indien wegens toeneming van de arbeidsongeschiktheid herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft plaatsgevonden, vindt hernieuwde vaststelling van een grondslag plaats overeenkomstigen de daarop berustende bepalingen, mits dat leidt tot een hogere grondslag dan die, welke laatstelijk aan de arbeidsongeschiktheidsuitkering ten grondslag werd gelegd. 2 artikel 8 Voor de toepassing van het eerste lid wordt inin plaats van «het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid» gelezen: de toeneming van zijn arbeidsongeschiktheid. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 18 — Artikel 18 Overige gronden voor herziening of intrekking#
Artikel 18 Overige gronden voor herziening of intrekking 1 Onverminderd hetgeen overigens in deze wet is bepaald ter zake van herziening of intrekking van een beschikking tot toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, alsook ter zake van een weigering van een zodanige uitkering, herziet het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een dergelijke beschikking of trekt het deze in: a. artikel 11 ter uitvoering van een beslissing als bedoeld in; b. artikel 45 46 70 indien het niet of niet behoorlijk nakomen van een verplichting op grond van,ofheeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een uitkering; c. indien anderszins de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; d. artikel 45 46 70 indien het niet of niet behoorlijk nakomen van een verplichting op grond van,ofertoe leidt dat niet kan worden vastgesteld of nog recht op uitkering bestaat. 2 Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking als bedoeld in het eerste lid af te zien. 3 artikel 67a artikel 67b Een besluit tot toekenning van loonsuppletie als bedoeld inen van inkomenssuppletie als bedoeld inwordt ingetrokken of herzien indien die loonsuppletie of de inkomenssuppletie ten onrechte of tot een te hoog bedrag is vastgesteld. 2005 573 22-11-2005 10-11-2005 30118 2005 619 08-12-2005 02-12-2005 29-12-2005
Artikel 19 — Artikel 19 Einde van het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 19 Einde van het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering 1 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering eindigt: a. artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet met ingang van de dag waarop de verzekerde de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, bereikt; b. wanneer de arbeidsongeschiktheid is geëindigd, of beneden 25% is gedaald, met ingang van de dag, aangegeven in de daartoe strekkende beschikking van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 2 artikel 9, derde lid artikel 58, eerste lid De arbeidsongeschiktheidsuitkering van de verzekerde die deelneemt aan een voor hem gewenste opleiding of scholing, wordt gedurende deze opleiding of scholing niet ingetrokken in verband met een daaruit voortvloeiende afneming van de arbeidsongeschiktheid, tenzij, van toepassing is. Indien de verzekerde tijdens de opleiding of scholing inkomsten uit arbeid verwerft, is, van overeenkomstige toepassing. 3 artikel 58, eerste lid Indien de intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering verband houdt met een voltooide scholing of opleiding, gaat deze intrekking niet eerder in dan een jaar na voltooiing van die scholing of opleiding. Indien de verzekerde eerder inkomsten uit arbeid verwerft, is, tot uiterlijk het einde van dat jaar van overeenkomstige toepassing. 4 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering eindigt, indien de verzekerde rechtens zijn vrijheid is ontnomen, vanaf de dag dat deze vrijheidsontneming één maand heeft geduurd. 5 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering eindigt, indien de verzekerde zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel. 6 Voor de verzekerde die op de dag voorafgaande aan de vrijheidsontneming geen recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van het vijfde lid, eindigt het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, in afwijking van het vierde lid, vanaf de dag dat de vrijheidsontneming ingaat. 7 Voor de toepassing van het vierde lid worden perioden van vrijheidsontneming samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. 8 Het recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering eindigt, indien de verzekerde een uitreiziger is. 2017 78 09-03-2017 16-01-2017 34577 2017 354 29-09-2017 22-09-2017 01-10-2017
Artikel 19a — Artikel 19a Einde van het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering bij niet in Nederland wonen#
Artikel 19a Einde van het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering bij niet in Nederland wonen 1 Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering eindigt indien de verzekerde niet meer in Nederland woont. 2 Artikel 7a, tweede en vijfde lid , is van overeenkomstige toepassing. 2024 409 17-12-2024 11-12-2024 36616 2024 410 17-12-2024 11-12-2024 01-01-2025
Artikel 20 — Artikel 20 Toekenning uitkering binnen vijf jaar na intrekking of niet-toekenning#
Artikel 20 Toekenning uitkering binnen vijf jaar na intrekking of niet-toekenning 1 Indien de verzekerde: binnen vijf jaar na de datum van die intrekking dan wel binnen vijf jaar na het bereiken van het einde van die wachttijd arbeidsongeschikt wordt en deze arbeidsongeschiktheid voortkomt uit dezelfde oorzaak als die waaruit de arbeidsongeschiktheid ter zake waarvan de ingetrokken uitkering werd genoten dan wel als die op grond waarvan hij ongeschikt was tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling voortkomt, vindt toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering steeds plaats, zodra die arbeidsongeschiktheid onafgebroken vier weken heeft geduurd. a. artikel 19, eerste lid, onderdeel b wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens afneming van arbeidsongeschiktheid op grond van, is ingetrokken; of b. artikel 7, tweede lid die aan het einde van de wachttijd, bedoeld in, ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling, maar geen recht had op arbeidsongeschiktheidsuitkering omdat hij niet arbeidsongeschikt was; 2 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van vier weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. Bij de vaststelling van de eerstgenoemde periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, buiten beschouwing. 3 artikel 21 Dit artikel vindt geen toepassing indien op grond vanaanspraak bestaat op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. 4 artikel 7, eerste lid artikel 8 In de gevallen, waarin dit artikel toepassing vindt wordt de grondslag van de toe te kennen arbeidsongeschiktheidsuitkering niet lager gesteld dan de grondslag die voor de berekening van de laatstelijk ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkering in aanmerking werd genomen, dan wel de grondslag die in aanmerking zou zijn genomen, indien na het einde van de wachttijd, bedoeld in, recht zou hebben bestaan op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, zoals die sinds de beëindiging van de uitkering onderscheidenlijk sinds het einde van die wachttijd op grond vanzou zijn herzien. 5 artikelen 7b 7c 7d De,enen de daarop berustende bepalingen zijn van overeenkomstige toepassing. 6 Ziektewet artikel 45 van de Ziektewet Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van dit artikel wordt toegekend en tevens recht op ziekengeld op grond van debestaat, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voor zover deze het ziekengeld overtreft, danwel zou overtreffen, indien het ziekengeld op grond vangeheel of gedeeltelijk is geweigerd. 2017 78 09-03-2017 16-01-2017 34577 2017 354 29-09-2017 22-09-2017 01-10-2017
Artikel 21 — Artikel 21 Heropening van de uitkering#
Artikel 21 Heropening van de uitkering 1 artikel 19, eerste lid, onderdeel b De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 45%, in verband met, is ingetrokken, heeft, indien hij binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan de uitkering is ingetrokken, weer arbeidsongeschikt wordt, aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. 2 artikel 19, eerste lid, onderdeel b Het eerste lid is mede van toepassing ten aanzien van de persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45% in verband met, is ingetrokken, indien hij weer arbeidsongeschikt wordt binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan die uitkering, die voordien was berekend naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 45%, wegens afneming van de arbeidsongeschiktheid is herzien naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%. 3 artikel 19, eerste lid, onderdeel b Artikel 15, tweede lid De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, in verband met, is ingetrokken met ingang van een dag, gelegen binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan die uitkering werd toegekend of wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid werd herzien, heeft, indien hij binnen die vier weken weer arbeidsongeschikt wordt, aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering., is van overeenkomstige toepassing. 4 artikel 19, eerste lid, onderdeel b De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, in verband met, is ingetrokken, heeft, onverminderd het tweede en het derde lid, indien hij binnen vier weken na de dag, met ingang waarvan de uitkering is ingetrokken, weer arbeidsongeschikt wordt, niet kennelijk uit een andere oorzaak dan die, waaruit de arbeidsongeschiktheid, ter zake waarvan de ingetrokken uitkering werd genoten, is voortgekomen, aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. 5 artikel 19, eerste lid, onderdeel b artikel 35, zesde lid Ten aanzien van degene wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingetrokken in verband met, en die weer arbeidsongeschikt is geworden op grond van een herbeoordeling als bedoeld in, vindt heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering plaats met ingang van 22 februari 2007. 6 De heropening vindt plaats naar de mate van arbeidsongeschiktheid op de dag, waarop de heropening ingaat. 7 Ziektewet artikel 45 van de Ziektewet Indien zowel recht bestaat of is ontstaan op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van dit artikel als op ziekengeld op grond van de, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voor zover deze het ziekengeld overtreft, danwel zou overtreffen, indien het ziekengeld op grond vangeheel of gedeeltelijk is geweigerd. 8 Voor de toepassing van het eerste tot en met zesde lid wordt niet als arbeidsongeschikt beschouwd de persoon die minder dan 25% arbeidsongeschikt is. 9 artikelen 7b 7c 7d De,enen de daarop berustende bepalingen zijn van overeenkomstige toepassing. 2017 78 09-03-2017 16-01-2017 34577 2017 354 29-09-2017 22-09-2017 01-10-2017
Artikel 21a — Artikel 21a Heropening van de uitkering bij terugkomst naar Nederland en na de inwerkingtreding van een verdrag#
Artikel 21a Heropening van de uitkering bij terugkomst naar Nederland en na de inwerkingtreding van een verdrag 1 artikel 19a, eerste lid De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met, is geëindigd, heeft vanaf de dag: met inachtneming van de bepalingen van deze wet aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. a. dat hij in Nederland woont; of b. dat hij in een land woont waarmee een verdrag in werking is getreden dan wel een besluit van een volkenrechtelijke organisatie van kracht is geworden, op grond waarvan recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering kan bestaan; 2 Aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de persoon, bedoeld in het eerste lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na afloop van dat tijdvak. 3 artikelen 7, zesde lid 36 37 De,en, zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in dit artikel. 2004 416 02-09-2004 09-07-2004 29498 2004 433 02-09-2004 17-08-2004 01-10-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 21b — Artikel 21b Heropening van de uitkering na afloop vrijheidsontneming#
Artikel 21b Heropening van de uitkering na afloop vrijheidsontneming 1 artikel 19, vierde lid Artikel 7, zesde lid De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met, is geëindigd, heeft vanaf de dag dat hij in vrijheid wordt gesteld met inachtneming van de bepalingen van deze wet aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is., is van overeenkomstige toepassing. 2 Aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de persoon, bedoeld in het eerste lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na afloop van dat tijdvak. 3 artikelen 7, zesde lid 36 37 De,en, zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in dit artikel. 4 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel buiten een justitiële inrichting plaatsvindt. 2023 417 21-11-2023 08-11-2023 36415 2023 437 05-12-2023 29-11-2023 01-01-2024
Artikel 21c — Artikel 21c Heropening van de uitkering na afloop onttrekking vrijheidsontneming#
Artikel 21c Heropening van de uitkering na afloop onttrekking vrijheidsontneming 1 artikel 19, vijfde lid De persoon, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met, is geëindigd, heeft vanaf de dag dat hij zich niet langer onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel met inachtneming van de bepalingen van deze wet aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. 2 Aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de persoon, bedoeld in het eerste lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na afloop van dat tijdvak. 3 artikelen 7, zesde lid 36 37 De,enzijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in dit artikel. 2010 838 28-12-2010 16-12-2010 32520 2010 839 28-12-2010 23-12-2010 01-01-2011
Artikel 21d — Artikel 21d Heropening van de uitkering na beëindiging deelname aan terroristische organisatie of terugkeer in Nederland#
Artikel 21d Heropening van de uitkering na beëindiging deelname aan terroristische organisatie of terugkeer in Nederland 1 artikel 19, achtste lid artikel 1, eerste lid, onderdeel p De persoon, wiens arbeidsongeschiktheid in verband met, is geëindigd, heeft vanaf de dag dat niet langer het gegronde vermoeden bestaat dat hij zich buiten Nederland bevindt met het doel zich aan te sluiten bij een organisatie als bedoeld in, met inachtneming van de bepalingen van deze wet, aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. 2 Aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de persoon, bedoeld in het eerste lid, die op de in dat lid bedoelde dag niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na afloop van dat tijdvak. 3 artikelen 7, zesde lid 36 37 De,enzijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de aanspraak op heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in dit artikel. 2017 78 09-03-2017 16-01-2017 34577 2017 354 29-09-2017 22-09-2017 01-10-2017
Artikel 22 — Artikel 22 Recht op uitkering in verband met bevalling#
Artikel 22 Recht op uitkering in verband met bevalling Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 22a — Artikel 22a Geen recht op uitkering in verband met bevalling bij niet in Nederland wonen#
Artikel 22a Geen recht op uitkering in verband met bevalling bij niet in Nederland wonen Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 23 — Artikel 23 Recht op uitkering in verband met bevalling in de vorm van een uitkering terzake van vervanging#
Artikel 23 Recht op uitkering in verband met bevalling in de vorm van een uitkering terzake van vervanging Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 24 — Artikel 24 De hoogte van de uitkering#
Artikel 24 De hoogte van de uitkering Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 25 — Artikel 25 Recht op vakantie-uitkering#
Artikel 25 Recht op vakantie-uitkering De verzekerde die over een maand recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering, heeft over die maand recht op vakantie-uitkering. 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 26 — Artikel 26 Hoogte van de vakantie-uitkering#
Artikel 26 Hoogte van de vakantie-uitkering 1 De vakantie-uitkering bedraagt acht procent van het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, waarop recht bestond in het tijdvak van twaalf maanden, voorafgaande aan de maand mei. 2 artikel 16a 21, zevende lid 58 59 59a Indien,,,ofis toegepast, wordt onder het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in het eerste lid, verstaan het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, nadat dat artikel toepassing heeft gevonden. 3 artikel 15, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag Indien het percentage van de vakantiebijslag, bedoeld in, wordt gewijzigd, treedt dit gewijzigde percentage in de plaats van het in het eerste lid genoemde percentage. Het gewijzigde percentage wordt in aanmerking genomen over de uitkering waarop recht bestaat over het tijdvak aanvangende met de dag waarop de wijziging ingaat. 4 De vakantie-uitkering wordt betaald zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. 2016 471 07-12-2016 14-11-2016 34528 2016 472 07-12-2016 26-11-2016 01-01-2017
Artikel 27 — Artikel 27 Recht op vakantie-uitkering over overlijdensuitkering#
Artikel 27 Recht op vakantie-uitkering over overlijdensuitkering artikelen 25 26, eerste tot en met derde lid artikel 61 Deen, zijn van overeenkomstige toepassing op de overlijdensuitkering, bedoeld in. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Vervallen 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de wet in werking treedt.
Artikel 29 — Artikel 29 Garantie voor oudere arbeidsongeschikten#
Artikel 29 Garantie voor oudere arbeidsongeschikten artikel 3, eerste lid artikel 8 Indien een verzekerde van 45 jaar of ouder die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en die als verzekerde bedoeld in, winst of inkomsten gaat genieten in verband waarmee zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt beëindigd, wordt, indien hij binnen vijf jaar na de datum van aanvang van zijn werkzaamheden opnieuw recht heeft op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, de grondslag van die uitkering niet lager gesteld dan de grondslag die voor de berekening van de laatstelijk ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkering in aanmerking werd genomen, zoals die sinds de beëindiging van de uitkering op grond vanzou zijn herzien. 1998 742 30-12-1998 24-12-1998 26239 1998 742 30-12-1998 24-12-1998 26239 31-12-1998 01-01-1998 Artikel 3 werkt terug tot en met 1 juli 1998. Artikel 8,
zestiende lid, 29 en 59 werken terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 Vervallen 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de wet in werking treedt.
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 Vervallen 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de wet in werking treedt.
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Vervallen 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998 Treedt in werking als de wet in werking treedt.
Artikel 33 — Artikel 33 Melding gedurende wachttijd#
Artikel 33 Melding gedurende wachttijd 1 Ten einde een recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering geldend te kunnen maken meldt de verzekerde zijn arbeidsongeschiktheid binnen dertien weken na het ontstaan van de arbeidsongeschiktheid aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 2 artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg artikel 3:18 3:30, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg Voor het bepalen van het tijdvak van dertien weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. Bij de vaststelling van het tijdvak van dertien weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond vanofwordt genoten, buiten beschouwing. 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005 2005 65 15-02-2005 03-02-2005 27826 2005 206 26-04-2005 15-04-2005 01-09-2005
Artikel 34 — Artikel 34 Melding tijdens zwangerschap#
Artikel 34 Melding tijdens zwangerschap Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 35 — Artikel 35 Toekenning arbeidsongeschiktheidsuitkering#
Artikel 35 Toekenning arbeidsongeschiktheidsuitkering 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt op aanvraag toegekend. 2 artikel 7, tweede lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt de verzekerde schriftelijk in kennis van de mogelijkheid van het doen van een aanvraag uiterlijk vier maanden voor de datum waarop het in, genoemde tijdvak van 52 weken eindigt. 3 artikel 33, eerste lid Het tweede lid is niet van toepassing, indien de verzekerde de melding, bedoeld in, niet of niet tijdig heeft gedaan. Indien de verzekerde deze melding niet tijdig heeft gedaan, geldt de in het tweede lid bedoelde verplichting voor het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uiterlijk drie maanden nadat de verzekerde de melding heeft gedaan. 4 De verzekerde die in aanmerking wenst te komen voor toekenning van de uitkering, doet zijn aanvraag binnen negen maanden na aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid. 5 Onverminderd hetgeen in deze wet terzake van herziening of intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering is bepaald wordt ten aanzien van personen die na 1 juli 1954 zijn geboren, op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur bepaald tijdstip door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. Het tijdstip kan voor verschillende groepen van personen verschillend worden vastgesteld. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de eerste zin niet van toepassing is op bepaalde groepen van personen. 6 Ten aanzien van personen die na 1 juli 1954 maar voor 2 juli 1959 zijn geboren en die voor 22 februari 2007 op grond van het vijfde lid zijn herbeoordeeld, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bezien of er per 22 februari 2007 in verband met een wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening, heropening of intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. De eerste zin is niet van toepassing op personen die op 22 februari 2007 reeds in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse zijn ingedeeld. 7 Op grond van de beoordeling, bedoeld in het zesde lid, wordt de mate van arbeidsongeschiktheid van de persoon, bedoeld in het zesde lid, die niet heeft verzocht om een nieuwe medische beoordeling, niet lager vastgesteld dan de mate van arbeidsongeschiktheid die voor die persoon gold op 21 februari 2007. 8 Een aanvraag is tijdig ingediend, indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de kennisgeving, bedoeld in het tweede lid, niet heeft gedaan dan wel indien bij een latere kennisgeving dan bedoeld in het tweede lid de aanvraag wordt ingediend binnen vier weken nadat deze kennisgeving is ontvangen. 9 Indien de toepassing van het vierde lid zou leiden tot kennelijke hardheid, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd de uitkering ambtshalve toe te kennen. 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 2007 567 27-12-2007 20-12-2007 31106 28-12-2007 22-02-2007
Artikel 36 — Artikel 36 Ingangsdatum uitkering#
Artikel 36 Ingangsdatum uitkering 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering gaat in op de dag, met ingang waarvan de betrokkene aan de vereisten voor het recht op toekenning van die uitkering voldoet. 2 In afwijking van het eerste lid kan de uitkering niet vroeger ingaan dan een jaar voor de dag, waarop de aanvraag om toekenning dan wel voortzetting van de uitkering werd ingediend. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan voor bijzondere gevallen van de eerste zin afwijken. 3 artikel 19, eerste lid, onderdeel a Toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering vindt niet plaats, indien deze zou ingaan op of na de in, bedoelde dag. 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 37 — Artikel 37 Herziening en heropening op aanvraag of ambtshalve#
Artikel 37 Herziening en heropening op aanvraag of ambtshalve Herziening dan wel heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering vindt op aanvraag of ambtshalve plaats. 2004 416 02-09-2004 09-07-2004 29498 2004 433 02-09-2004 17-08-2004 01-10-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 38 — Artikel 38 Ingangsdatum herziening en heropening uitkering#
Artikel 38 Ingangsdatum herziening en heropening uitkering 1 De herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering gaat in op de dag, waarop de verzekerde op grond van deze wet voor een hogere of lagere uitkering in aanmerking komt. 2 artikel 36, tweede lid Met betrekking tot de herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, die een verhoging van die uitkering tot gevolg heeft, alsmede met betrekking tot de heropening van de uitkering is, van overeenkomstige toepassing. 3 De herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering ter zake van afneming van de arbeidsongeschiktheid gaat in op de dag, aangegeven in de daartoe strekkende beschikking van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 4 Indien de herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering verband houdt met een voltooide scholing of opleiding, gaat deze herziening niet eerder in dan een jaar na voltooiing van die scholing of opleiding. 5 artikel 21 De heropening van de uitkering, bedoeld in, gaat in op de dag, met ingang waarvan de betrokkene weer arbeidsongeschikt is geworden. 6 artikel 19, eerste lid, onderdeel a Heropening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering vindt niet plaats, indien deze zou ingaan op of na de in, bedoelde dag. 2011 618 20-12-2011 01-12-2011 33015 2011 619 20-12-2011 12-12-2011 01-01-2012
Artikel 39 — Artikel 39 Toekenning uitkering in verband met bevalling#
Artikel 39 Toekenning uitkering in verband met bevalling Vervallen 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 40 — Artikel 40 Toekenning vakantie-uitkering#
Artikel 40 Toekenning vakantie-uitkering artikel 60, eerste lid, tweede zin De vakantie-uitkering wordt ambtshalve of, ingeval, toepassing vindt, op aanvraag door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen toegekend. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 41 — Artikel 41 Oproep en onderzoek door of namens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen#
Artikel 41 Oproep en onderzoek door of namens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen 1 hoofdstuk 3A Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan, zo dikwijls hij zulks nodig oordeelt de verzekerde oproepen of doen oproepen en op een door of vanwege het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te bepalen plaats ondervragen of doen ondervragen in verband met de aanspraak op of het genot van arbeidsongeschiktheidsuitkering of de toekenning of verstrekking van een reïntegratie-instrument als bedoeld in. 2 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de in het eerste lid bedoelde personen op een door of namens hem te bepalen plaats door een of meer daartoe door hem aangewezen deskundigen doen onderzoeken. 3 De daartoe door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aangewezen deskundige kan, ook zonder opdracht van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de in het eerste lid bedoelde personen oproepen, ondervragen, doen oproepen, doen ondervragen en onderzoeken of doen onderzoeken door een of meer door hem daartoe aangewezen deskundigen. 2005 573 22-11-2005 10-11-2005 30118 2005 619 08-12-2005 02-12-2005 29-12-2005
Artikel 42 — Artikel 42 Vergoeding kosten en tijdverlies#
Artikel 42 Vergoeding kosten en tijdverlies Opgeroepenen en, indien hun toestand geleide nodig maakt, mede hun geleiders, worden reiskosten, verblijfkosten en tijdverlies vergoed in de gevallen en volgens regels die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen worden vastgesteld. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 43 — Artikel 43 Voorschriften van medische of administratieve aard#
Artikel 43 Voorschriften van medische of administratieve aard 1 artikel 41, eerste lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de door hem daartoe aangewezen deskundige kunnen de personen, bedoeld in, voorschriften geven in het belang van een behandeling of van genezing of tot behoud, herstel en bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid. 2 artikel 41, eerste lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan voorschrijven dat de personen, bedoeld in, zich laten registreren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 2014 270 15-07-2014 02-07-2014 33161 2014 271 15-07-2014 04-07-2014 01-01-2015
Artikel 44 — Artikel 44 Controlevoorschriften#
Artikel 44 Controlevoorschriften Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan controlevoorschriften vaststellen. Deze voorschriften mogen niet verder gaan dan strikt noodzakelijk is voor een juiste uitvoering van deze wet. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 45 — Artikel 45 Gevolgen weigeren onderzoek#
Artikel 45 Gevolgen weigeren onderzoek 1 artikel 41, eerste lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen weigert de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk, indien een verzekerde als bedoeld in, na tijdig te zijn opgeroepen niet is verschenen of heeft geweigerd: a. vragen te beantwoorden die zijn gesteld door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige; b. zich te laten onderzoeken door de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen daartoe aangewezen deskundige; of c. te voldoen aan het voorschrift, gegeven door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige, om zich ter observatie te doen opnemen of te verblijven in een aangewezen inrichting. 2 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen handelt overeenkomstig het eerste lid bij toeneming van de arbeidsongeschiktheid, voor zover deze toeneming kennelijk is voortgekomen uit dezelfde oorzaak als de arbeidsongeschiktheid, ter zake waarvan het niet voldoen aan de oproeping of de weigering plaatsvond. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 46 — Artikel 46 Gevolgen niet-naleving voorschriften#
Artikel 46 Gevolgen niet-naleving voorschriften artikel 45 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen handelt overeenkomstig, indien de verzekerde: a. artikel 43 de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige krachtensin het belang van een behandeling of genezing of tot behoud, herstel of bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid en tot registratie als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gegeven voorschriften zonder deugdelijke grond niet opvolgt; b. zich niet, zolang als het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige te kennen heeft gegeven dit noodzakelijk te achten, onder geneeskundige behandeling stelt of indien hij de voorschriften van de behandelende arts niet opvolgt; c. zich schuldig maakt aan gedragingen, waardoor zijn genezing wordt belemmerd of nalaat voldoende mee te werken om aanpassing aan zijn ziekte of gebrek te verkrijgen; d. artikel 44 artikel 70 artikel 55, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen de controlevoorschriften, bedoeld in, of de verplichting, bedoeld inniet of niet behoorlijk is nagekomen of de verplichting, bedoeld in, niet binnen de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen; e. zijn arbeidsongeschiktheid opzettelijk heeft veroorzaakt; f. artikel 35, vierde lid zich niet houdt aan het voorschrift, bedoeld in; g. zonder redelijke gronden niet meewerkt aan een scholing of opleiding die wenselijk wordt geacht voor zijn inschakeling in de arbeid; h. artikel 30a, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen indien de belanghebbende zonder redelijke gronden niet meewerkt aan het opstellen van de re-integratievisie, bedoeld inof het re-integratieplan, bedoeld in artikel 30a, zesde lid, van die wet; i. artikel 30a, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen indien de belanghebbende de verplichtingen die zijn opgenomen in de re-integratievisie, bedoeld inof in het re-integratieplan, bedoeld in artikel 30a, zesde lid, van die wet niet of niet behoorlijk is nagekomen; j. indien de belanghebbende die bij deelname aan een reïntegratietraject zijn reïntegratieverplichtingen niet naleeft, de reden daarvan niet onmiddellijk aan het reïntegratiebedrijf heeft medegedeeld; k. zich niet onthoudt van zeer ernstige misdragingen jegens de met de uitvoering van deze wet belaste personen en instanties tijdens het verrichten van hun werkzaamheden. 2020 496 04-12-2020 25-11-2020 35494 2020 497 04-12-2020 30-11-2020 01-01-2021
Artikel 47 — Artikel 47 Afstemming maatregel op ernst gedraging#
Artikel 47 Afstemming maatregel op ernst gedraging 1 artikel 45 46 Een maatregel als bedoeld inofwordt afgestemd op de ernst van de gedraging en de mate waarin de verzekerde de gedraging kan worden verweten. Van het opleggen van een maatregel wordt in elk geval afgezien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. 2 artikel 70 artikel 35, vierde lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, bedoeld in, indien het niet tijdig nakomen van de verplichting niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, of ter zake van het zich niet houden aan het voorschrift, bedoeld in, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting of het zich niet houden aan het voorschrift plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de werknemer een zodanige waarschuwing is gegeven. 3 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een maatregel indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn. 4 artikel 48 Het opleggen van een maatregel blijft achterwege indien voor dezelfde gedraging een bestuurlijke boete als bedoeld inwordt opgelegd. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 48 — Artikel 48 Bestuurlijke boete bij niet-nakoming inlichtingenverplichting#
Artikel 48 Bestuurlijke boete bij niet-nakoming inlichtingenverplichting 1 artikel 70 artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op van ten hoogste het benadelingsbedrag wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in. Indien de feiten en omstandigheden, bedoeld in artikel 70, niet of niet behoorlijk zijn medegedeeld en deze overtreding opzettelijk is begaan, bedraagt de bestuurlijke boete ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in. Indien de feiten en omstandigheden, bedoeld in artikel 70, niet of niet behoorlijk zijn medegedeeld en deze overtreding niet opzettelijk is begaan, bedraagt de bestuurlijke boete ten hoogste het bedrag van de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. 2 artikel 70 In dit artikel wordt onder benadelingsbedrag verstaan het brutobedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in, ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering is ontvangen. 3 artikel 70 artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht Indien het niet of niet behoorlijk nakomen door de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in, niet heeft geleid tot een benadelingsbedrag, legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een bestuurlijke boete op van ten hoogste het bedrag van de tweede categorie, bedoeld in. 4 artikel 70 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in, in situaties die bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is gegeven. 5 artikel 70 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in, als gevolg waarvan ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering is ontvangen, van ten hoogste 150 procent van het benadelingsbedrag, met overeenkomstige toepassing van het eerste lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van het begaan van de overtreding een eerdere bestuurlijke boete of strafrechtelijke sanctie is opgelegd wegens een eerdere overtreding, bestaande uit eenzelfde gedraging, die onherroepelijk is geworden. 6 artikelen 70 12 van de Toeslagenwet Onder eenzelfde gedraging als bedoeld in het vijfde lid wordt verstaan het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in devan deze wet of, als gevolg waarvan ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering of toeslag is verleend. 7 In afwijking van het vijfde lid is het in dat lid genoemde tijdvak van vijf jaar tien jaar indien wegens de eerdere overtreding, bedoeld in het vijfde lid, de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger is gestraft met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. 8 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn. 9 Degene aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd, is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de bestuurlijke boete van belang zijn. 10 Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de hoogte van de bestuurlijke boete. 11 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van tenuitvoerlegging van de beschikking waarbij de bestuurlijke boete is opgelegd. 12 artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vankan de rechter in beroep of hoger beroep het bedrag waarop de bestuurlijke boete is vastgesteld ook ten nadele van de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger wijzigen. 13 Artikel 65a, eerste, derde en vierde lid Indien ten aanzien van een overtreding waarvoor een bestuurlijke boete is opgelegd geen sprake is geweest van opzet of grove schuld, en voorts is gebleken dat binnen een jaar nadat de bestuurlijke boete is opgelegd niet nogmaals een overtreding wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in het zesde lid is begaan, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd op verzoek van degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd, de bestuurlijke boete geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden bij medewerking aan een schuldregeling., is van overeenkomstige toepassing. 14 Het besluit tot kwijtschelding, bedoeld in het dertiende lid, wordt ingetrokken of ten nadele van degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd herzien indien binnen vijf jaar na het besluit tot kwijtschelding wederom een overtreding is begaan wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in het zesde lid. 2016 318 08-09-2016 23-08-2016 34396 2016 421 08-11-2016 27-10-2016 01-01-2017
Artikel 49 — Artikel 49 Voorschriften rond voorgenomen boete-oplegging#
Artikel 49 Voorschriften rond voorgenomen boete-oplegging Vervallen 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 50 — Artikel 50 Nadere regels tenuitvoerlegging bestuurlijke boete#
Artikel 50 Nadere regels tenuitvoerlegging bestuurlijke boete Vervallen 2012 462 12-10-2012 04-10-2012 33207 2012 498 23-10-2012 11-10-2012 01-01-2013
Artikel 51 — Artikel 51 Niet-oplegging van boete#
Artikel 51 Niet-oplegging van boete Vervallen 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 52 — Artikel 52 Termijnstelling van boete#
Artikel 52 Termijnstelling van boete Vervallen 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 53 — Artikel 53 8:69 Awb Afwijking#
Artikel 53 8:69 Awb Afwijking Vervallen 2012 462 12-10-2012 04-10-2012 33207 2012 498 23-10-2012 11-10-2012 01-01-2013
Artikel 54 — Artikel 54 Invordering bestuurlijke boete#
Artikel 54 Invordering bestuurlijke boete 1 Werkloosheidswet Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen Wet inkomensvoorziening oudere werklozen Wet arbeid en zorg Toeslagenwet Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verrekent de bestuurlijke boete en een eerdere bestuurlijke boete wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in artikel 48, vijfde lid, met een uitkering op grond van deze wet, de, de, de, de, de, de, de, deof een toeslag op grond van de, die de persoon aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd ontvangt. 2 Onverminderd het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de bestuurlijke boete verrekenen met een vordering die degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd op hem heeft. 3 Algemene Ouderdomswet Algemene nabestaanden wet Participatiewet Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen De Sociale verzekeringsbank onderscheidenlijk de gemeente betaalt het bedrag van de bestuurlijke boete, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is, op zijn verzoek aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen indien de persoon aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd een uitkering ontvangt op grond van de, de, de, deof de. 4 artikel 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering artikel 4:123, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De inaan de raad voor de kinderbescherming toegekende bevoegdheid komt gelijkelijk toe aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gebruik maakt van deze bevoegdheid, geschiedt de bekendmaking van het dwangbevel, in afwijking van, door middel van toezending per post aan de persoon aan wie de boete is opgelegd. 5 artikel 48, negende lid Zolang de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger zijn verplichting, bedoeld in, niet of niet behoorlijk nakomt: a. artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in afwijking vanbevoegd tot verrekening van de bestuurlijke boete voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn; b. artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de, in afwijking van, niet bij de invordering van een bestuurlijke boete bij dwangbevel. 2016 471 07-12-2016 14-11-2016 34528 2016 472 07-12-2016 26-11-2016 01-01-2017 2016 318 08-09-2016 23-08-2016 34396 2016 421 08-11-2016 27-10-2016 01-01-2017
Artikel 54a — Artikel 54a Verrekening bestuurlijke boete bij recidive#
Artikel 54a Verrekening bestuurlijke boete bij recidive Vervallen 2016 318 08-09-2016 23-08-2016 34396 2016 421 08-11-2016 27-10-2016 01-01-2017
Artikel 54b — Artikel 54b In kennisstellen reïntegratiebedrijf van sanctie-oplegging#
Artikel 54b In kennisstellen reïntegratiebedrijf van sanctie-oplegging Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de verzekerde de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk heeft geweigerd dan wel hem een bestuurlijke boete heeft opgelegd, stelt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het reïntegratiebedrijf dat ten behoeve van die verzekerde werkzaamheden gericht op vergroting van de mogelijkheden tot het verrichten van arbeid of op inschakeling in arbeid verricht, van die beschikking in kennis voorzover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden door het reïntegratiebedrijf. 2012 462 12-10-2012 04-10-2012 33207 2012 498 23-10-2012 11-10-2012 01-01-2013 Voorheen art. 54a.
Artikel 55 — Artikel 55 Betaalbaarstelling#
Artikel 55 Betaalbaarstelling 1 De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt betaalbaar gesteld door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De betaling geschiedt als regel in tijdvakken van een maand. 2 Onverminderd het tweede lid, schort het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op of schorst het de betaling, indien het op grond van duidelijke aanwijzingen van oordeel is of het gegronde vermoeden heeft dat: a. het recht op uitkering niet of niet meer bestaat; b. recht op een lagere uitkering bestaat; c. artikel 45 46 70 de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger een verplichting als bedoeld in,ofniet of niet behoorlijk is nagekomen. 3 artikel 4:89, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering in het buitenland wordt uitbetaald, geschiedt de betaling in afwijking vanop het tijdstip waarop de rekening van de daartoe door de schuldeiser aangewezen bank wordt gecrediteerd. 4 Wanneer de verzekerde, aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, een ander machtigt om de uitkering in ontvangst te nemen, onderscheidenlijk een verleende machtiging intrekt, wordt daaraan gevolg gegeven met ingang van een betalingstijdvak, aanvangende na de dag waarop de machtiging wordt ingediend, onderscheidenlijk waarop van haar intrekking mededeling wordt gedaan, doch niet later dan de eerste dag van de tweede maand na de dag van indiening onderscheidenlijk de mededeling. 5 Indien een reïntegratiebedrijf aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen heeft gemeld dat het gegronde vermoeden bestaat dat een persoon aan wie een uitkering is toegekend onvoldoende medewerking verleent aan de op hem betrekking hebbende werkzaamheden van het reïntegratiebedrijf, neemt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een besluit omtrent de gehele of gedeeltelijke opschorting of schorsing van de betaling van de uitkering aan die persoon voor de duur van ten hoogste acht weken. 6 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt het reïntegratiebedrijf in kennis van een besluit tot opschorting of schorsing als bedoeld in het vijfde lid. 2015 464 10-12-2015 25-11-2015 34273 2015 465 10-12-2015 02-12-2015 01-01-2016
Artikel 55a — Artikel 55a Opschorting en hervatting betaalbaarstelling#
Artikel 55a Opschorting en hervatting betaalbaarstelling 1 artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen schort de betaling van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op indien de persoon aan wie de uitkering is toegekend een vreemdeling is die niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt als bedoeld in. 2 De betaling van een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt hervat indien de betrokkene daartoe een aanvraag indient en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is gebleken dat hij feitelijk buiten Nederland woont of verblijf houdt. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 55b — Artikel 55b Opschorting betaling bij vertrek naar onbekende bestemming#
Artikel 55b Opschorting betaling bij vertrek naar onbekende bestemming 1 Is van de ontvanger van een arbeidsongeschiktheidsuitkering bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een adres in Nederland bekend, terwijl in de basisregistratie personen ambtshalve is opgenomen dat hij is vertrokken naar een onbekend land van verblijf, dan verzoekt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem de afwijkende registratie in de basisregistratie personen binnen een redelijke termijn ongedaan te laten maken. 2 Wanneer na afloop van deze termijn, de afwijkende registratie niet is beëindigd of als uit de basisregistratie personen niet blijkt dat het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeente de gegevens over het adres in onderzoek heeft genomen, schort het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de betaling van de uitkering aan de persoon, aan wie de arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, op. 3 De opschorting wordt beëindigd zodra is vastgesteld dat de persoon, bedoeld in het tweede lid, in het buitenland woont of verblijft of dat een adres in Nederland in de basisregistratie personen is opgenomen. 4 Indien het onderzoek van het college van burgemeester en wethouders is afgerond en de persoon, bedoeld in het tweede lid, in de basisregistratie personen ambtshalve opgenomen blijft met gegevens over het vertrek uit Nederland, schort het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de betaling van de uitkering op tot verblijf in het buitenland kan worden vastgesteld of een adres in Nederland in de basisregistratie personen is opgenomen. 2014 504 16-12-2014 26-11-2014 33988 2014 516 18-12-2014 10-12-2014 01-01-2015
Artikel 56 — Artikel 56 Inhouding vereveningsbijdrage#
Artikel 56 Inhouding vereveningsbijdrage Vervallen 2011 288 21-06-2011 06-06-2011 32131 2012 45 10-02-2012 06-02-2012 01-01-2013
Artikel 57 — Artikel 57 Betaling aan instellingen#
Artikel 57 Betaling aan instellingen 1 Wet langdurige zorg artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet Indien de verzekerde aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, aanspraak heeft op verstrekking of vergoeding van zorg als bedoeld in deen op grond van die wet een bijdrage voor die zorg verschuldigd is, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd de uitkering tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan de verzekerde zonder diens machtiging uit te betalen aan het Zorginstituut Nederland, genoemd in. 2 artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 wet artikel 6.1.1, eerste lid, van de Wet langdurige zorg Indien aan degene aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, een maatwerkvoorziening of persoonsgebonden budget wordt verstrekt voor beschermd wonen als bedoeld in, en hij op grond van diehiervoor een bijdrage is verschuldigd, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd die uitkering tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan de verzekerde, aan wie de uitkering is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan het CAK, genoemd in, dat voor de gemeente de bijdrage int. 3 Indien de verzekerde, aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, in een inrichting ter verpleging van geesteszieken of van zwakzinnigen is opgenomen en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen van de desbetreffende inrichting of van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente die de opnamekosten betaalt, het verzoek ontvangt om de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan die inrichting of die gemeente uit te betalen, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen dat verzoek zonder het stellen van andere voorwaarden inwilligen. 4 Indien het eerste of tweede lid toepassing vindt, heeft de in het derde lid bedoelde bevoegdheid betrekking op het gedeelte van de arbeidsongeschiktheidsuitkering dat niet aan de in het eerste of tweede lid genoemde instantie wordt uitbetaald. 5 Een herziening van de uitkering op grond van het eerste of tweede lid als gevolg van een wijziging van de verschuldigde bijdrage vindt plaats zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. 2020 67 24-02-2020 05-02-2020 35299 2020 93 18-03-2020 06-03-2020 19-03-2020
Artikel 58 — Artikel 58 Inkomsten uit arbeid tijdens uitkering#
Artikel 58 Inkomsten uit arbeid tijdens uitkering 1 artikel 2, vierde lid Indien de verzekerde, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomen geniet doordat hij arbeid is gaan verrichten, wordt die arbeid gedurende een aaneengesloten tijdvak van vijf jaar niet aangemerkt als arbeid als bedoeld in, en wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering niet ingetrokken of herzien, doch wordt de uitkering: artikel 2, vierde lid Na afloop van het in de aanhef genoemde tijdvak wordt de arbeid aangemerkt als arbeid als bedoeld in. a. artikel 2, vierde lid niet betaald, indien het inkomen zodanig is, dat als die arbeid wel arbeid als bedoeld in, zou zijn, niet langer sprake zou zijn van arbeidsongeschiktheid van ten minste 25%; of b. artikel 2, vierde lid indien onderdeel a niet van toepassing is, betaald tot een bedrag ter grootte van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, zoals deze zou zijn vastgesteld, indien die arbeid wel arbeid als bedoeld in, zou zijn. 2 Indien degene die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering in dienstbetrekking arbeid als bedoeld in het eerste lid verricht of heeft verricht, wordt het loon geacht te zijn genoten in het aangiftetijdvak waarover de werkgever of de inhoudingsplichtige van dat loon opgave heeft gedaan. 3 Het in het eerste lid, aanhef, genoemde tijdvak van vijf jaar vangt aan op de eerste dag waarop het eerste lid, onderdeel a of b, is toegepast. Indien diegene die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en ten aanzien van wie het eerste lid, onderdeel a of b, is toegepast andere arbeid gaat verrichten, dan vangt een nieuw tijdvak als bedoeld in het eerste lid aan op de eerste dag dat de arbeidsongeschiktheidsuitkering vanwege het verrichten van die andere arbeid wordt vastgesteld door toepassing van het eerste lid, onderdeel a of b. 4 Indien op de laatste dag van het in het eerste lid genoemde tijdvak van vijf jaar inkomen wordt genoten, maar geen arbeid wordt verricht, wordt dit tijdvak verlengd tot en met de laatste dag waarop dat inkomen wordt genoten. 5 hoofdstukken 2 3 van de Wet sociale werkvoorziening Indien degene, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomen geniet, dat bestaat uit loon ingevolge een arbeidsovereenkomst als bedoeld in deen, is het eerste lid voor onbeperkte duur van toepassing. 6 Onze Minister kan bepalen dat het eerste lid voor onbeperkte duur toepassing vindt ten aanzien van bepaalde groepen personen. 7 Bij ministeriële regeling wordt bepaald wat onder inkomen en loon als bedoeld in dit artikel wordt verstaan. Daarbij kan tevens worden bepaald dat nader te bepalen inkomen dat gedeeltelijk, niet, of niet langer wordt genoten als gevolg van gewijzigde omstandigheden of enig handelen of nalaten van betrokkene in aanmerking wordt genomen alsof het wel volledig wordt genoten. 8 Bij de bepaling van de mate van arbeidsongeschiktheid, bedoeld in het eerste lid, kan loon niet meer dan eenmaal in aanmerking worden genomen. 2015 464 10-12-2015 25-11-2015 34273 2015 465 10-12-2015 02-12-2015 11-12-2015 01-07-2015
Artikel 59 — Artikel 59 Samenloop met Wet WIA-uitkeringen#
Artikel 59 Samenloop met Wet WIA-uitkeringen 1 artikelen 12 tot en met 17 artikel 58 Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Indien ter zake van arbeidsongeschiktheid een herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met deplaatsvindt of een anticumulatie als bedoeld inis of wordt beëindigd en een recht ontstaat op uitkering op grond van deuit hoofde van een dienstbetrekking die is aangevangen na het intreden van arbeidsongeschiktheid op grond waarvan een recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering is ontstaan, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voor zover deze de uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen overtreft, en in geval van een herziening in elk geval uitbetaald tot de hoogte van het bedrag onmiddellijk voorafgaande aan de herziening. 2 Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder arbeidsongeschiktheidsuitkering en uitkering op grond van detevens verstaan de vakantie-uitkering waarop uit hoofde van die uitkeringen recht bestaat, voorzover die vakantie-uitkering over dezelfde periode is berekend. 3 paragraaf 2.2 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Het eerste lid is niet van toepassing op de persoon die een uitkering ontvangt op grond van de vrijwillige verzekering als bedoeld in. 4 artikel 58 Voor de toepassing van het eerste lid wordt als arbeidsongeschiktheidsuitkering van de verzekerde op wievan toepassing is, in aanmerking genomen het bedrag van die uitkering nadat bedoeld artikel toepassing heeft gevonden. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zo nodig afwijkende regels worden gesteld: a. met betrekking tot het eerste lid; b. ter voorkoming of beperking van samenloop van arbeidsongeschiktheidsuitkering met de in het eerste lid bedoelde uitkeringen in situaties waarin deze leden niet of onvoldoende voorzien. 2024 409 17-12-2024 11-12-2024 36616 2024 410 17-12-2024 11-12-2024 01-01-2025
Artikel 59a — Artikel 59a Samenloop met andere uitkeringen#
Artikel 59a Samenloop met andere uitkeringen 1 Indien terzake van arbeidsongeschiktheid recht bestaat op: a. artikelen 12 tot en met 17 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering zowel herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met deals op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deuit hoofde van een dienstbetrekking die is aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan recht is ontstaan op eerstbedoelde arbeidsongeschiktheidsuitkering; of b. artikel 20 artikel 20, eerste lid, onderdeel a Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering zowel toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond vanals toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deuit hoofde van een dienstbetrekking die is aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in, werd toegekend dan wel tijdens of na de wachttijd, bedoeld in onderdeel b van dat lid; wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voorzover deze de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deovertreft. In de situatie, bedoeld onder a, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering in ieder geval uitbetaald tot de hoogte van het bedrag onmiddellijk voorafgaande aan de herziening. 2 Indien terzake van arbeidsongeschiktheid recht bestaat op: a. Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering artikelen 36 tot en met 40 van die wet zowel herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van dein verband met deals toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering uit hoofde van werkzaamheden als verzekerde die zijn aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan recht is ontstaan op eerstbedoelde arbeidsongeschiktheidsuitkering; of b. artikel 43a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering overtreft zowel toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond vanals toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering uit hoofde van werkzaamheden als verzekerde die zijn aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in, werd toegekend dan wel tijdens of na de wachttijd, bedoeld in onderdeel b van dat lid; wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voorzover deze de herziene of toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de. 3 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Voor de toepassing van het eerste en tweede lid wordt onder arbeidsongeschiktheidsuitkering en arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van detevens verstaan de vakantie-uitkering waarop uit hoofde van die arbeidsongeschiktheidsuitkeringen recht bestaat, voor zover die vakantie-uitkering over dezelfde periode is berekend. 4 hoofdstuk VI van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op de persoon die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt op grond van de vrijwillige verzekering, bedoeld in. 5 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering artikel 58 artikel 44 65 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering Voor de toepassing van het eerste en tweede lid wordt als arbeidsongeschiktheidsuitkering onderscheidenlijk uitkering op grond van devan de verzekerde op wie, onderscheidenlijkofvan toepassing is, in aanmerking genomen het bedrag van die uitkeringen nadat bedoelde artikelen toepassing hebben gevonden. 6 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zo nodig afwijkende regels worden gesteld: a. met betrekking tot het eerste tot en met derde lid; b. ter voorkoming of beperking van samenloop van arbeidsongeschiktheidsuitkering met de in het eerste tot en met derde lid bedoelde uitkeringen in situaties waarin deze leden niet of onvoldoende voorzien; c. ter voorkoming of beperking van samenloop van arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet met uitkering op grond van andere wetten. 7 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter voorkoming of beperking van samenloop van arbeidsongeschiktheidsuitkering met uitkering op grond van de sociale wetgeving van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, een vergelijkbare regeling ten behoeve van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba of van een andere Mogendheid. 2010 350 01-09-2010 17-05-2010 31959 2010 389 07-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van Nederland.
Artikel 60 — Artikel 60 Betaling van vakantie-uitkering#
Artikel 60 Betaling van vakantie-uitkering 1 De betaling van de vakantie-uitkering vindt eenmaal per jaar plaats in de maand mei over de aan die maand voorafgaande maanden, of, indien het recht op uitkering eerder dan in de maand mei eindigt, in de desbetreffende maand. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de vakantie-uitkering op een ander tijdstip betalen, mits die betaling plaatsvindt over een of meer voorliggende maanden waarover reeds recht op vakantie-uitkering bestaat. 2 artikelen 55 57 61 De,enzijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vakantie-uitkering, voor zover bij of krachtens deze wet niet anders is bepaald. 2010 840 28-12-2010 13-12-2010 32435 2010 877 29-12-2010 23-12-2010 01-01-2011
Artikel 61 — Artikel 61 Overlijdensuitkering#
Artikel 61 Overlijdensuitkering 1 Na het overlijden van de verzekerde, aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, wordt met ingang van de dag na het overlijden, de uitkering in de vorm van een overlijdensuitkering betaald: a. aan de langstlevende van de echtgenoten; b. a bij ontstentenis van de in onderdeelbedoelde persoon, de minderjarige kinderen tot wie de overledene in familierechtelijke betrekking stond; c. a b bij ontstentenis van de in de onderdelenenbedoelde personen degenen met wie de overledene in gezinsverband leefde. 2 De overlijdensuitkering is gelijk aan het bedrag van de uitkering over één maand, doch niet over de zaterdagen en de zondagen, berekend naar de hoogte van die uitkering op de dag of laatstelijk voor de dag van overlijden van de verzekerde. 3 artikel 19, eerste lid, onderdeel a In verband met het overlijden van de verzekerde aan wie een uitkering is toegekend, isniet van toepassing. 4 De overlijdensuitkering wordt ambtshalve of op aanvraag aan de rechthebbende of rechthebbenden, bedoeld in het eerste lid, door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen betaald. 5 De overlijdensuitkering wordt in een bedrag ineens betaald. 6 Het bedrag van de overlijdensuitkering wordt verminderd met het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering dat over na het overlijden gelegen dagen reeds is betaald. 2012 2 10-01-2012 08-12-2011 32846 2012 109 20-03-2012 08-03-2012 01-04-2012
Artikel 62 — Artikel 62 Verjaringstermijn#
Artikel 62 Verjaringstermijn Uitkeringen op grond van deze wet die niet in ontvangst zijn genomen of zijn ingevorderd binnen twee jaren na de dag van betaalbaarstelling, worden niet meer betaald. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 63 — Artikel 63 Terugvordering#
Artikel 63 Terugvordering 1 artikel 67a artikel 67b artikel 67c artikel 18 De uitkering, de loonsuppletie, bedoeld in, de inkomenssuppletie, bedoeld in, en de voorziening, bedoeld indie als gevolg van een besluit als bedoeld inonverschuldigd is verstrekt, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen teruggevorderd. 2 artikel 629, vijfde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek De uitkering die onverschuldigd aan de werkgever is betaald, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen van de werkgever teruggevorderd, indien de werkgever de uitkering op grond vanin mindering heeft kunnen brengen op het loon. 3 In afwijking van het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten van terugvordering of van verdere terugvordering af te zien, indien degene van wie wordt teruggevorderd: a. gedurende vijf jaar volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan; b. gedurende vijf jaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode, vermeerderd met de daarover verschuldigde wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog heeft betaald; c. gedurende vijf jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten; of d. een bedrag, overeenkomend met ten minste 50% van de restsom in één keer aflost. 4 artikel 70 De in het derde lid, onderdelen a, b en c, genoemde termijn is tien jaar indien de terugvordering het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in. 5 De in het derde lid, onder a en b, genoemde termijn is drie jaar indien: a. artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering het gemiddeld inkomen van de belanghebbende in die periode de beslagvrije voet bedoeld in deniet te boven is gegaan; en b. artikel 70 de terugvordering niet het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in. 6 Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. 7 De persoon van wie of de instelling waarvan wordt teruggevorderd is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de terugvordering van belang zijn. 8 In afwijking van het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onder voorwaarden die Onze Minister kan stellen, besluiten van terugvordering af te zien indien het terug te vorderen bedrag een door Onze Minister vast te stellen bedrag niet te boven gaat. 2017 110 24-03-2017 08-03-2017 34628 2020 499 08-12-2020 30-11-2020 01-01-2021
Artikel 64 — Artikel 64 Invordering bij dwangbevel#
Artikel 64 Invordering bij dwangbevel 1 artikel 63, eerste en tweede lid Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de onverschuldigd betaalde uitkering, bedoeld in, invorderen bij dwangbevel. 2 Artikel 54 artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat indien het gemiddeld inkomen van de belanghebbende gedurende drie jaar de beslagvrije voet bedoeld in deniet te boven is gegaan, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de aflossingsbedragen lager vaststelt. 2017 110 24-03-2017 08-03-2017 34628 2020 499 08-12-2020 30-11-2020 01-01-2021
Artikel 65 — Artikel 65 Nadere regelgeving#
Artikel 65 Nadere regelgeving Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot: a. de wijze van tenuitvoerlegging van de beschikking waarbij is vastgesteld dat onverschuldigd is betaald; b. artikel 67a artikel 67b artikel 67c de aanvraag van loonsuppletie als bedoeld in, van inkomenssuppletie als bedoeld in, de termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede de rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en de aanvraag van een voorziening als bedoeld in. 2009 589 30-12-2009 03-12-2009 31955 2009 590 30-12-2009 17-12-2009 01-01-2010 Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.
Artikel 65a — Artikel 65a Schuldregeling#
Artikel 65a Schuldregeling 1 artikel 63, eerste lid In afwijking van, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, op verzoek van de belanghebbende, besluiten gedeeltelijk van terugvordering of gedeeltelijk van verdere terugvordering af te zien door medewerking aan een schuldregeling, indien: a. redelijkerwijs te voorzien is dat de belanghebbende niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen; b. redelijkerwijs te voorzien is dat een schuldregeling met betrekking tot alle vorderingen, behoudens de in het tweede lid bedoelde vorderingen, van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen; c. artikel 48 van de Wet op het consumentenkrediet een naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen betrouwbaar voorstel voor een schuldregeling tot stand is gekomen door tussenkomst van een schuldhulpverlener als bedoeld in; d. aannemelijk is dat medewerking aan een schuldregeling niet concurrentieverstorend werkt; en e. artikel 349 van de Faillissementswet uitdeling in het kader van de schuldregeling plaatsvindt overeenkomstig. 2 artikel 70 artikel 48 Wetboek van Strafrecht Het eerste lid is niet van toepassing indien een vordering is ontstaan door het opzettelijk of door grove schuld niet nakomen door de belanghebbende van de verplichting, bedoeld in, en hiervoor een boete als bedoeld inis opgelegd, dan wel indien hiervoor aangifte is gedaan op grond van het. 3 Het besluit tot het afzien van terugvordering of van verdere terugvordering wordt ingetrokken of ten nadele van belanghebbende gewijzigd indien: a. niet binnen twaalf maanden nadat dat besluit is bekendgemaakt, een schuldregeling tot stand is gekomen die voldoet aan de eisen, bedoeld in het eerste lid; b. de belanghebbende zijn schuld aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet overeenkomstig de schuldregeling voldoet; of c. onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid. 4 Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot dit artikel nadere regels worden gesteld ten aanzien van de bevoegdheid om mee te werken aan schuldregelingen. 2021 627 20-12-2021 15-12-2021 35897 2021 628 20-12-2021 15-12-2021 21-12-2021 15-11-2021
Artikel 65b — Artikel 65b Preferentie#
Artikel 65b Preferentie artikel 63 65a artikel 288 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Een vordering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als bedoeld inenis bevoorrecht en volgt onmiddellijk na de vorderingen, bedoeld in. 2011 618 20-12-2011 01-12-2011 33015 2011 619 20-12-2011 12-12-2011 01-01-2012
Artikel 66 — Artikel 66 Onvervreemdbaarheid van verstrekkingen#
Artikel 66 Onvervreemdbaarheid van verstrekkingen 1 Onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding en belening zijn: a. de arbeidsongeschiktheidsuitkering; b. artikel 10 de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in; c. de vakantie-uitkering; d. artikel 67a de loonsuppletie, bedoeld in; e. artikel 67b de inkomenssuppletie, bedoeld in. 2 Volmacht tot ontvangst van een uitkering onder welke vorm of welke benaming ook verleend, is steeds herroepelijk. 3 Elk beding, strijdig met dit artikel, is nietig. 2009 589 30-12-2009 03-12-2009 31955 2009 590 30-12-2009 17-12-2009 01-01-2010
Artikel 67 — Artikel 67 Niet voor beslag vatbare verstrekkingen#
Artikel 67 Niet voor beslag vatbare verstrekkingen Niet vatbaar voor beslag zijn: a. artikel 10 de verhoging, bedoeld in; en b. artikel 61 de overlijdensuitkering, bedoeld in. 2009 589 30-12-2009 03-12-2009 31955 2009 590 30-12-2009 17-12-2009 01-01-2010
Artikel 67a — Artikel 67a Loonsuppletie#
Artikel 67a Loonsuppletie 1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de persoon die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en die arbeid in dienstbetrekking aanvaardt of verricht op aanvraag loonsuppletie toekennen, indien het loon lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit. 2 De loonsuppletie wordt verstrekt over perioden waarin loon uit dienstbetrekking wordt ontvangen, doch ten hoogste over een periode van vier jaar te rekenen vanaf de dag met ingang waarvan voor de eerste maal loonsuppletie is toegekend. 3 Ziektewet hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg Als perioden waarin loon uit dienstbetrekking wordt ontvangen als bedoeld in het tweede lid worden eveneens aangemerkt, perioden waarin een uitkering op grond van deof op grond vanwordt ontvangen, tenzij de dienstbetrekking is geëindigd. 4 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering De loonsuppletie wordt voor de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake premieheffing aangemerkt als een uitkering op grond van de. 5 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de hoogte van de loonsuppletie. 2005 573 22-11-2005 10-11-2005 30118 2005 619 08-12-2005 02-12-2005 29-12-2005
Artikel 67b — Artikel 67b Inkomenssuppletie#
Artikel 67b Inkomenssuppletie 1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de persoon die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en die arbeid als zelfstandige verricht of gaat verrichten op aanvraag inkomenssuppletie toekennen, indien zijn inkomen uit het bedrijf of beroep lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit. 2 De inkomenssuppletie wordt verstrekt over perioden waarin het bedrijf of beroep wordt uitgeoefend, doch ten hoogste over een periode van vier jaar te rekenen vanaf de dag met ingang waarvan voor de eerste maal inkomenssuppletie is toegekend. 3 De inkomenssuppletie wordt voor de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake premieheffing aangemerkt als een uitkering op grond van deze wet. 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de hoogte van de inkomenssuppletie. 2005 573 22-11-2005 10-11-2005 30118 2005 619 08-12-2005 02-12-2005 29-12-2005
Artikel 67c — Artikel 67c Voorzieningen ter ondersteuning van toeleiding naar arbeid als zelfstandige#
Artikel 67c Voorzieningen ter ondersteuning van toeleiding naar arbeid als zelfstandige Vervallen 2009 589 30-12-2009 03-12-2009 31955 2009 590 30-12-2009 17-12-2009 01-01-2010
Artikel 67d — Artikel 67d Recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling van Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen#
Artikel 67d Recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling van Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen 1 De zelfstandige die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling en, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen, op de naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen noodzakelijk geachte voorziening gericht op arbeidsinschakeling. 2 Wet sociale werkvoorziening artikelen 2 7 van die wet Voor de toepassing van het eerste lid wordt voor personen die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoren van deonder een voorziening gericht op arbeidsinschakeling mede verstaan een voorziening gericht op het verkrijgen van arbeid in een dienstbetrekking als bedoeld in deen. 2007 564 27-12-2007 20-12-2007 30673 2007 565 27-12-2007 20-12-2007 01-01-2008
Artikel 67e — Artikel 67e Proefplaatsing#
Artikel 67e Proefplaatsing 1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan, in het kader van de bevordering van de inschakeling in de arbeid, toestemming verlenen aan de verzekerde, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering om op een proefplaats bij een werkgever gedurende maximaal zes maanden onbeloonde werkzaamheden te verrichten. 2 Tijdens het verrichten van werkzaamheden op een proefplaats als bedoeld in het eerste lid wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering niet ingetrokken of herzien. 3 De onbeloonde werkzaamheden op een proefplaats als bedoeld in het eerste lid zijn: a. werkzaamheden, waartoe de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, met zijn krachten en bekwaamheden in staat is; b. werkzaamheden, waarbij de werkgever, bij wie de proefplaatsing geschiedt, een aansprakelijkheids- en ongevallenverzekering ten behoeve van de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, heeft afgesloten; c. werkzaamheden, die de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, niet reeds eerder onbeloond op een proefplaats bij die werkgever of diens rechtsvoorganger heeft verricht; en d. werkzaamheden, waarbij er, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, een reëel uitzicht is op een op de onbeloonde werkzaamheden aansluitende dienstbetrekking van dezelfde of grotere omvang voor ten minste 6 maanden. 4 Indien de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, wegens ziekte worden onderbroken, wordt de periode waarin een uitkering bij ziekte wordt ontvangen, voor de toepassing van dat lid buiten beschouwing gelaten. 5 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de uitvoering van dit artikel. 2012 464 12-10-2012 04-10-2012 33241 2012 483 19-10-2012 13-10-2012 01-01-2013
Artikel 67f — Artikel 67f Loonkostensubsidie#
Artikel 67f Loonkostensubsidie Vervallen 2008 590 30-12-2008 29-12-2008 31577 2011 608 20-12-2011 06-12-2011 01-01-2012
Artikel 67g — Artikel 67g#
Artikel 67g Vervallen 2008 590 30-12-2008 29-12-2008 31577 2011 608 20-12-2011 06-12-2011 01-01-2012
Artikel 67h — Artikel 67h#
Artikel 67h Artikel 10a, tweede tot en met tiende lid, van de Participatiewet Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de persoon, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, en voor wie de kans op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die daardoor vooralsnog niet bemiddelbaar is op de arbeidsmarkt, onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten gedurende maximaal twee jaar.is van overeenkomstige toepassing. 2014 270 15-07-2014 02-07-2014 33161 2014 271 15-07-2014 04-07-2014 01-01-2015 Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd. 2014 504 16-12-2014 26-11-2014 33988 2014 516 18-12-2014 10-12-2014 01-01-2015
Artikel 67i — Artikel 67i Tegemoetkoming arbeidsongeschikten#
Artikel 67i Tegemoetkoming arbeidsongeschikten 1 De persoon die op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer, heeft recht op een tegemoetkoming. 2 De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 226,28. 3 artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt jaarlijks per 1 januari gewijzigd overeenkomstig de tabelcorrectiefactor, bedoeld in. Het gewijzigde bedrag wordt door of namens Onze Minister medegedeeld in de Staatscourant. 4 In afwijking van het derde lid kan het bedrag, genoemd in het tweede lid, bij algemene maatregel van bestuur met ingang van een bij die maatregel aan te geven datum worden vervangen door een ander bedrag. 5 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt de tegemoetkoming ambtshalve in het derde kwartaal van het kalenderjaar. 6 De tegemoetkoming is niet vatbaar voor beslag. 7 De tegemoetkoming blijft buiten beschouwing bij de verlening van op het inkomen of vermogen afgestemde publiekrechtelijke uitkeringen en verstrekkingen. 8 De tegemoetkoming is niet vatbaar voor terugvordering of verrekening met openstaande vorderingen in verband met een uitkering op grond van deze wet. 9 artikelen 63a van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen 65l van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering 3:75 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten De tegemoetkoming wordt slecht één keer uitgekeerd in het geval er tevens aanspraak gemaakt kan worden op de tegemoetkoming op grond van,of. 10 De tegemoetkoming en de daarmee gepaard gaande beheerskosten komen ten laste van het Rijk. 2025 43553 18-12-2025 10-12-2025 2025-0000238547 2025 43553 18-12-2025 10-12-2025 2025-0000238547 01-01-2026
Artikel 68 — Artikel 68 Samenloop aanspraken#
Artikel 68 Samenloop aanspraken Bij de vaststelling van de schadevergoeding, waarop de verzekerde naar burgerlijk recht aanspraak kan maken ter zake van zijn arbeidsongeschiktheid, houdt de rechter rekening met de aanspraken, die hij op grond van deze wet heeft. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 69 — Artikel 69 Regresrecht#
Artikel 69 Regresrecht 1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen heeft voor de op grond van deze wet gemaakte kosten verhaal op de persoon die in verband met het veroorzaken van arbeidsongeschiktheid jegens de verzekerde naar burgerlijk recht tot schadevergoeding is verplicht, doch ten hoogste tot het bedrag, waarvoor deze bij het ontbreken van de aanspraken krachtens deze wet naar burgerlijk recht aansprakelijk zou zijn, verminderd met een bedrag, gelijk aan dat van de schadevergoeding tot betaling waarvan de aansprakelijke persoon jegens de verzekerde naar burgerlijk recht is gehouden. 2 Overeenkomstig door Onze Minister te stellen regels kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in plaats van het bedrag van de periodieke verstrekkingen de contante waarde daarvan vorderen. 3 Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen De in het eerste lid bedoelde aansprakelijke is eveneens verplicht tot vergoeding van de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gemaakte redelijke kosten ter nakoming van de verplichtingen tot inschakeling in de arbeid van de verzekerde, die op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen rusten op grond van deze wet en de daarop berustende bepalingen alsmede deen de daarop berustende bepalingen. De aansprakelijke kan hetzelfde verweer voeren dat hem jegens de verzekerde ten dienste zou hebben gestaan. 2008 199 12-06-2008 22-05-2008 31087 2008 199 12-06-2008 22-05-2008 31087 13-06-2008
Artikel 70 — Artikel 70 Verplichting tot verstrekken van inlichtingen#
Artikel 70 Verplichting tot verstrekken van inlichtingen 1 artikel 57 De verzekerde, diens wettelijke vertegenwoordiger alsmede de instelling, bedoeld in, waaraan arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt betaald, zijn verplicht aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, op zijn verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, de hoogte van de uitkering, het geldend maken van het recht op uitkering of op het bedrag van de uitkering, dat wordt betaald. Deze verplichting geldt niet indien die feiten en omstandigheden door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is. 2 Op de verzekerde die aanspraak maakt op of recht heeft op vakantie-uitkering alsmede op diens wettelijke vertegenwoordiger, rusten overeenkomstige verplichtingen als omschreven in het eerste lid. 3 hoofdstuk 3A De verzekerde aan wie een reïntegratie-instrument als bedoeld inis verstrekt of toegekend, of aan wie verstrekking of toekenning daarvan wordt overwogen, alsmede diens wettelijk vertegenwoordiger, zijn verplicht aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op zijn verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de verstrekking of toekenning of op de duur of de hoogte van het reïntegratie-instrument. 2017 484 15-12-2017 29-11-2017 34766 2017 485 15-12-2017 06-12-2017 16-12-2017 01-10-2017
Artikel 71 — Artikel 71 Financiering#
Artikel 71 Financiering Vervallen 2005 37 03-02-2005 16-12-2004 29531 2005 717 28-12-2005 15-12-2005 01-01-2006
Artikel 72 — Artikel 72 Maatstaf voor premieheffing#
Artikel 72 Maatstaf voor premieheffing Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 72a — Artikel 72a Middeling van premie-inkomen over 3 jaar#
Artikel 72a Middeling van premie-inkomen over 3 jaar Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 73 — Artikel 73 Franchise en tarief#
Artikel 73 Franchise en tarief Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 74 — Artikel 74 Gemiddeld premiepercentage#
Artikel 74 Gemiddeld premiepercentage Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 75 — Artikel 75 Heffing en invordering van premie#
Artikel 75 Heffing en invordering van premie Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 76 — Artikel 76 Rijksbijdragen#
Artikel 76 Rijksbijdragen Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005 01-01-2004
Artikel 77 — Artikel 77 Nadere regels#
Artikel 77 Nadere regels Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005 01-01-2004
Artikel 78 — Artikel 78 Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen#
Artikel 78 Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 79 — Artikel 79 Bedragen ten gunste van Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen#
Artikel 79 Bedragen ten gunste van Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 80 — Artikel 80 Uitgaven ten laste van Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen#
Artikel 80 Uitgaven ten laste van Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-01-2005
Artikel 81 — Artikel 81 Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen#
Artikel 81 Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen 1 artikel 3 De verzekerde, bedoeld in, is verzekerd bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 2 In de uitvoering van de in deze wet geregelde verzekering wordt, behoudens de uitvoering die op grond van enig artikel van deze wet aan een ander is opgedragen, voorzien door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. 2003 544 30-12-2003 19-12-2003 28978 2003 545 30-12-2003 19-12-2003 01-01-2004
Artikel 82 — Artikel 82 De uitvoeringsinstelling#
Artikel 82 De uitvoeringsinstelling Vervallen 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 83 — Artikel 83 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij samenloop#
Artikel 83 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij samenloop Vervallen 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 84 — Artikel 84 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij herziening#
Artikel 84 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij herziening Vervallen 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 85 — Artikel 85 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij toekenning binnen vijf jaar na intrekking of niet-toekenning#
Artikel 85 Werkzaamheden verricht door de uitvoeringsinstelling bij toekenning binnen vijf jaar na intrekking of niet-toekenning Vervallen 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 86 — Artikel 86 Werkzaamheden verricht door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij heropening#
Artikel 86 Werkzaamheden verricht door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij heropening artikelen 14, tweede lid 15, eerste lid, onderdeel c 16 De heropende arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt beschouwd als een voortzetting van de ingetrokken uitkering. Voor de toepassing van de,, enwordt daarbij met herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens afneming van de arbeidsongeschiktheid gelijkgesteld intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. 2001 625 18-12-2001 29-11-2001 27665 2001 682 27-12-2001 13-12-2001 27665 01-01-2002
Artikel 87 — Artikel 87 Verlening subsidies#
Artikel 87 Verlening subsidies Vervallen 1998 742 30-12-1998 24-12-1998 26239 1998 742 30-12-1998 24-12-1998 26239 31-12-1998 Artikel 3 werkt terug tot en met 1 juli 1998. Artikel 8,
zestiende lid, 29 en 59 werken terug tot en met 1 januari 1998.
Artikel 88 — Artikel 88#
Artikel 88 Vervallen 1998 290 26-05-1998 23-04-1998 25478 1998 369 30-06-1998 19-06-1998 01-07-1998
Artikel 89 — Artikel 89 Ontheffing wegens gemoedsbezwaren#
Artikel 89 Ontheffing wegens gemoedsbezwaren Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 90 — Artikel 90 Heffing van premievervangende inkomstenbelasting#
Artikel 90 Heffing van premievervangende inkomstenbelasting Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 91 — Artikel 91 Belasting beschouwd als premie voor bepaalde wetten#
Artikel 91 Belasting beschouwd als premie voor bepaalde wetten Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 92 — Artikel 92 Premie ten laste van het Rijk#
Artikel 92 Premie ten laste van het Rijk Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 93 — Artikel 93 Nadere regels#
Artikel 93 Nadere regels Vervallen 2004 324 13-07-2004 06-07-2004 29497 2004 357 20-07-2004 09-07-2004 01-08-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 94 — Artikel 94 Begrip belanghebbende#
Artikel 94 Begrip belanghebbende Vervallen 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 95 — Artikel 95 Beslistermijn#
Artikel 95 Beslistermijn artikel 4:13, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien in verband met het geven van een beschikking een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de beschikking niet binnen de redelijke termijn, bedoeld in, gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld. 2018 424 22-11-2018 17-10-2018 34977 2018 425 22-11-2018 08-11-2018 23-11-2018
Artikel 95a — Artikel 95a Bijzondere beslistermijnen#
Artikel 95a Bijzondere beslistermijnen 1 Een beschikking over het verzekerd zijn op grond van deze wet wordt gegeven binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag. 2 Indien een beschikking als bedoeld in het eerste lid niet binnen dertien weken kan worden gegeven, wordt de aanvrager daarvan schriftelijk in kennis gesteld onder vermelding van een zo kort mogelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien. 2018 424 22-11-2018 17-10-2018 34977 2018 425 22-11-2018 08-11-2018 23-11-2018
Artikel 95b — Artikel 95b Afzien van horen belanghebbende#
Artikel 95b Afzien van horen belanghebbende Vervallen 2012 682 27-12-2012 20-12-2012 32450 2012 684 27-12-2012 20-12-2012 01-01-2013 Deel C, artikel I, van Stb. 2012/682 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 96 — Artikel 96 Beslistermijn Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij bezwaarschrift#
Artikel 96 Beslistermijn Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij bezwaarschrift 1 artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vanbeslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen binnen dertien weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. 2 artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt, beslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, in afwijking van, binnen zeventien weken of, indien het advies vraagt aan een deskundige die niet onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam is binnen een en twintig weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. 3 artikel 7:10, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de beslissing op bezwaar niet binnen de in het tweede lid bedoelde termijn gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van, verdaagd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in kennis gesteld. 2009 384 30-09-2009 18-06-2009 31751 2009 384 30-09-2009 18-06-2009 31751 01-10-2009
Artikel 97 — Artikel 97 Medische bezwaarschriftprocedure#
Artikel 97 Medische bezwaarschriftprocedure Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ten aanzien van de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten, waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 98 — Artikel 98 Beroep in cassatie#
Artikel 98 Beroep in cassatie 1 artikelen 1, derde tot en met zevende lid 3 tot en met 6 Tegen uitspraken van de Centrale Raad van Beroep kan ieder der partijen beroep in cassatie instellen ter zake van schending of verkeerde toepassing van de,en de op die artikelen berustende bepalingen. 2 Op dit beroep zijn de voorschriften betreffende het beroep in cassatie tegen uitspraken van de gerechtshoven inzake beroepen in belastingzaken van overeenkomstige toepassing, waarbij de Centrale Raad van Beroep de plaats inneemt van een gerechtshof. 1997 789 30-12-1997 24-12-1997 25641 1997 789 30-12-1997 24-12-1997 25641 02-01-1998
Artikel 98a — Artikel 98a Titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht#
Artikel 98a Titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht Vervallen 2009 589 30-12-2009 03-12-2009 31955 2009 590 30-12-2009 17-12-2009 01-01-2010
Artikel 98b — Artikel 98b Wet REA Overgangsrecht intrekking#
Artikel 98b Wet REA Overgangsrecht intrekking 1 artikel 29 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten artikel 2.10 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 67b Een beschikking tot toekenning van inkomenssuppletie op grond van, aan de persoon die op de dag voorafgaande aan de dag waarop dat artikel op grond van, vervalt, recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt voor de duur waarvoor inkomenssuppletie was toegekend aangemerkt als een beschikking tot toekenning van inkomenssuppletie als bedoeld in. 2 artikel 32 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten artikel 2.10 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 67a Een beschikking tot toekenning van loonsuppletie op grond van, aan de persoon die op de dag voorafgaande aan de dag waarop dat artikel op grond van, vervalt, recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt voor de duur waarvoor die loonsuppletie was toegekend aangemerkt als een beschikking tot toekenning van loonsuppletie als bedoeld in. 2005 573 22-11-2005 10-11-2005 30118 2005 619 08-12-2005 02-12-2005 29-12-2005
Artikel 99 — Artikel 99 Strafbepaling#
Artikel 99 Strafbepaling Een gedraging die in strijd is met een krachtens deze wet uitgevaardigde algemene maatregel van bestuur voor zover uitdrukkelijk als strafbaar feit in de zin van dit artikel aangeduid, wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie. 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 99a — Artikel 99a Strafbepaling inzake artikel 70#
Artikel 99a Strafbepaling inzake artikel 70 Vervallen 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 2000 237 13-06-2000 31-05-2000 01-07-2000
Artikel 99b — Artikel 99b Strafbepaling inzake valse opgave/opzettelijke verzwijging#
Artikel 99b Strafbepaling inzake valse opgave/opzettelijke verzwijging Vervallen 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 2000 237 13-06-2000 31-05-2000 01-07-2000
Artikel 99c — Artikel 99c Strafbepaling inzake opzettelijke opgave in strijd met waarheid#
Artikel 99c Strafbepaling inzake opzettelijke opgave in strijd met waarheid Vervallen 1997 794 30-12-1997 24-12-1997 25415 2000 237 13-06-2000 31-05-2000 01-07-2000
Artikel 100 — Artikel 100 Verval van recht tot strafvordering#
Artikel 100 Verval van recht tot strafvordering Vervallen 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 101 — Artikel 101 Overtredingen#
Artikel 101 Overtredingen artikel 99 De inbedoelde strafbare feiten worden als overtredingen beschouwd. 2003 544 30-12-2003 19-12-2003 28978 2003 545 30-12-2003 19-12-2003 01-01-2004
Artikel 101a — Artikel 101a Overgangsrecht in verband met de Wet wijziging systematiek herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten#
Artikel 101a Overgangsrecht in verband met de Wet wijziging systematiek herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten Arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die zijn toegekend voor de inwerkingtreding van de Wet wijziging systematiek herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten worden geacht te zijn toegekend voor onbepaalde tijd. 2004 416 02-09-2004 09-07-2004 29498 2004 433 02-09-2004 17-08-2004 01-10-2004 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
Artikel 101b — Artikel 101b Wet beperking export uitkeringen Overgangsrecht in verband met de#
Artikel 101b Wet beperking export uitkeringen Overgangsrecht in verband met de 1 artikelen 7a 19a 21a De,, en, zijn niet van toepassing op de persoon die: a) artikelen 7 22 op 31 december 1999 op grond van dedan welrecht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en op die dag niet in Nederland woont, en b) artikel 2 van de wet van 9 december 2004 op 19 december 2005 dit recht op uitkering uitsluitend nog heeft op grond van, houdende goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 28 juni 1962 te Genève totstandgekomen Verdrag betreffende de gelijkheid van behandeling van eigen onderdanen en vreemdelingen met betrekking tot de sociale zekerheid (Verdrag Nr. 118 aangenomen door de Internationale Arbeidsconferentie in haar zesenveertigste zitting; Trb. 1962, 122 en Trb. 1964, 23) (Stb. 2004, 715). 2 Het eerste lid blijft van toepassing zolang deze persoon blijft wonen in hetzelfde land als het land waar hij op 19 december 2005 woonde en blijft voldoen aan de overige voorwaarden voor het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering. 2014 238 01-07-2014 19-06-2014 33162 2014 346 08-10-2014 30-09-2014 01-01-2015
Artikel 101c — Artikel 101c artikel 69, derde lid Overgangsrecht in verband met#
Artikel 101c artikel 69, derde lid Overgangsrecht in verband met artikel 69, derde lid artikel 69, derde lid In gedingen aangevangen voor het van toepassing worden van, bepaalt de rechter op verzoek van een van de partijen of ambtshalve een termijn waarbinnen partijen de gelegenheid wordt geboden hun stellingen en conclusies voor zover nodig aan te passen aan. Stelt de rechter partijen tot een zodanige aanpassing in de gelegenheid, dan staat tegen die beslissing geen rechtsmiddel open; wijst de rechter een daartoe strekkend verzoek af, dan staat een rechtsmiddel daartegen slechts gelijktijdig met de einduitspraak open. 2008 199 12-06-2008 22-05-2008 31087 2008 199 12-06-2008 22-05-2008 31087 13-06-2008
Artikel 101d — Artikel 101d Mogelijkheid vervallen loonkostensubsidie#
Artikel 101d Mogelijkheid vervallen loonkostensubsidie 1 Artikel 67f vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2 Artikel 67g vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2008 590 30-12-2008 29-12-2008 31577 2008 591 30-12-2008 29-12-2008 01-01-2009
Artikel 101e — Artikel 101e Overgangsrecht loonkostensubsidie#
Artikel 101e Overgangsrecht loonkostensubsidie Vervallen 2012 224 30-05-2012 21-05-2012 33065 2012 224 30-05-2012 21-05-2012 33065 01-07-2017
Artikel 101f — Artikel 101f Ziektewet Overgangsrecht samenloop#
Artikel 101f Ziektewet Overgangsrecht samenloop Vervallen 2010 867 29-12-2010 23-12-2010 32421 2010 868 29-12-2010 23-12-2010 01-01-2021
Artikel 101g — Artikel 101g Overgangsrecht in verband met opzegging of beëindiging voorlopige toepassing verdragen#
Artikel 101g Overgangsrecht in verband met opzegging of beëindiging voorlopige toepassing verdragen artikelen 7a 19a 21a De,en, zijn niet van toepassing op de persoon op wie die artikelen als gevolg van de opzegging van een verdrag, de beëindiging van de voorlopige toepassing van een verdrag dan wel de beëindiging van een daarmee gelijk te stellen situatie van toepassing zouden worden, zolang deze persoon blijft wonen in hetzelfde land als waar hij op de dag voor buitenwerkingtreding als gevolg van die opzegging respectievelijk op de dag voor de beëindiging woonde en blijft voldoen aan de overige voorwaarden voor het recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering. 2024 409 17-12-2024 11-12-2024 36616 2024 410 17-12-2024 11-12-2024 01-01-2025
Artikel 102 — Artikel 102 Algemene termijnenwet Buiten toepassingverklaring van#
Artikel 102 Algemene termijnenwet Buiten toepassingverklaring van Algemene termijnenwet artikelen 7, derde en vierde lid 13, vierde lid 14 15, eerste lid 16 20 21 Deis niet van toepassing op de tijdvakken van vier weken, genoemd in de,,,,,en. 2001 568 29-11-2001 16-11-2001 27208 2001 569 29-11-2001 20-11-2001 27431 01-12-2001
Artikel 102a — Artikel 102a Wet beperking export uitkeringen Overgangsrecht#
Artikel 102a Wet beperking export uitkeringen Overgangsrecht Vervallen 2003 524 23-12-2003 10-12-2003 28983 2003 524 23-12-2003 10-12-2003 28983 01-01-2004
Artikel 103 — Artikel 103 Inwerkingtreding#
Artikel 103 Inwerkingtreding Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998
Artikel 104 — Artikel 104 Citeertitel#
Artikel 104 Citeertitel Deze wet wordt aangehaald als: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen. 1997 176 29-04-1997 24-04-1997 24758 1997 391 18-09-1997 02-09-1997 01-01-1998