Wet van 5 juli 1997, houdende regels tot versterking van de rechtspositie van hen die een medische keuring ondergaan (Wet op de medische keuringen)
- BWB-id
- BWBR0008819
- Type
- Wet
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008819
- ELI
- /eli/nl/wet/1998/wet-op-de-medische-keuringen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1998/wet-op-de-medische-keuringen/2025-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008819&g=2025-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008819&z=2026-06-06&g=2025-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008819/2025-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1998/wet-op-de-medische-keuringen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. keuring: vragen over de gezondheidstoestand van de keurling en het verrichten van medisch onderzoek in verband met het aangaan of wijzigen van: 1°. Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering een burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt, 2°. artikel 3 van de Ambtenarenwet 2017 een aanstelling voor een functie als genoemd in, 3°. een burgerrechtelijke pensioen- of levensverzekering, 4°. artikel 1 van de Pensioenwet artikel 3 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling een pensioenovereenkomst als bedoeld in, dan wel een pensioenregeling ten aanzien waarvantoepassing heeft gevonden of de pensioenregeling waaraan deelneming verplicht is op grond van de Wet op het notarisambt, 5°. een verzekering wegens arbeidsongeschiktheid naar burgerlijk recht, of 6°. artikel 4, vijfde lid een verzekering als bedoeld in, met betrekking tot een in Nederland gelegen risico; b. keurling: een persoon die een keuring ondergaat; c. keuringvrager: de (aanstaande) werkgever of (aanstaande) verzekeraar die een keuring van een (aspirant-) werknemer of (aspirant-) verzekerde vergt; d. keurend arts: de geneeskundige die de keuring verricht en de keuringvrager zijn gevolgtrekking mededeelt dan wel de geneeskundig adviseur van zijn bevindingen op de hoogte stelt; e. derde lid van artikel 10 geneeskundig adviseur: de persoon die aan de keuringvrager in diens opdracht op basis van de keuring van de keurend arts de mededeling, bedoeld in het, doet; f. artikel 5 artikel 6 vragengrens: het over drie jaren gerekend totaal te verzekeren bedrag waar beneden de ingenoemde vragen niet mogen worden gesteld en het ingenoemde onderzoek niet mag worden verricht. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Keuringen worden naar hun aard, inhoud en omvang beperkt tot het doel waarvoor zij worden verricht. 2 Keuringsgegevens mogen slechts worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn verkregen. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Bij een keuring worden geen vragen gesteld en geen medische onderzoeken verricht die een onevenredige inbreuk betekenen op de persoonlijke levenssfeer van de keurling. 2 In ieder geval mogen geen onderdeel van een medisch onderzoek bij een keuring uitmaken: a. onderzoek waarvan het te verwachten belang voor de keuringvrager niet opweegt tegen de risico's daarvan voor de keurling, waaronder begrepen onderzoek specifiek gericht op het verkrijgen van kennis over de kans op een ernstige ziekte waarvoor geen geneeswijze voorhanden is, dan wel waarvan de ontwikkeling niet door medisch ingrijpen kan worden voorkomen of in evenwicht gehouden, of van kennis over een aanwezige, niet behandelbare ernstige ziekte welke naar verwachting eerst na langere tijd manifest zal worden; b. onderzoek dat anderszins voor de keurling een onevenredig zware belasting met zich meebrengt. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering Keuringen in verband met het aangaan en wijzigen van een burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt, of in verband met een aanstelling in openbare dienst worden slechts verricht indien aan de vervulling van de functie, waarop de arbeidsverhouding of aanstelling in openbare dienst betrekking heeft, bijzondere eisen op het punt van de medische geschiktheid moeten worden gesteld. Onder medische geschiktheid voor de functie wordt begrepen de bescherming van de gezondheid en veiligheid van de keurling en van derden bij de uitvoering van de desbetreffende arbeid. 2 Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering Wet veiligheidsonderzoeken Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering Een keuring in verband met het aangaan van een burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt, of in verband met een aanstelling in openbare dienst wordt eerst verricht nadat alle overige beoordelingen van de geschiktheid van de aspirant-werknemer of aspirant-ambtenaar hebben plaats gevonden en de werkgever op grond daarvan voornemens is de keurling aan te stellen. Indien tot de beoordelingen bedoeld in de eerste volzin een onderzoek naar de antecedenten van de aspirant-werknemer of aspirant-ambtenaar behoort dan wel een veiligheidsonderzoek als bedoeld in demoet worden ingesteld, kan op verzoek van de keurling de keuring in verband met het aangaan van een burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt, of in verband met een aanstelling in openbare dienst voorafgaand aan zodanig onderzoek worden verricht. De keuring in verband met het aangaan van een aanstelling als militair ambtenaar of ambtenaar van politie kan steeds worden verricht voorafgaande aan een met betrekking tot hem in te stellen onderzoek naar de betrouwbaarheid of veiligheidsonderzoek. Het is aan een ander dan een keurend arts niet toegestaan vragen te stellen noch anderszins inlichtingen in te winnen over de gezondheidstoestand van de keurling of over diens ziekteverzuim in het verleden. 3 artikel 5 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling Wet op het notarisambt artikel 1 van de Pensioenwet Geen keuring vindt plaats voor deelneming aan een pensioenregeling ten aanzien waarvantoepassing heeft gevonden of de pensioenregeling waaraan deelneming verplicht is op grond van dedan wel voor de deelneming aan een pensioenregeling als bedoeld in. Indien de pensioenvoorziening keuzemogelijkheden biedt voor een individuele deelnemer kan, in afwijking van de eerste volzin, indien het een deelnemer betreft met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die een wijziging wenst ten aanzien van een eerder gemaakte keuze, wel een keuring plaatsvinden. 4 Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering Voor zover niet ondergebracht bij een pensioenvoorziening dan wel pensioenregeling, als bedoeld in het derde lid, vindt geen keuring plaats voor deelneming aan een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering die aan de burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt, of in verband met een aanstelling in openbare dienst is verbonden. 5 Ziektewet Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 84 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen artikel 75a van de Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering Voorzover sprake is van een arbeidsverhouding die bij of krachtens de, deof deals dienstbetrekking wordt aangemerkt of van een aanstelling in openbare dienst, vindt geen keuring plaats in verband met een door de werkgever te sluiten of gesloten verzekering ter dekking van het risico van doorbetaling van loon als bedoeld in, of van de betaling van een uitkering als bedoeld indan wel betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering als bedoeld in. 6 Geen uitsluiting of vermindering van rechten op grond van ziekten, aandoeningen of gebreken wordt bedongen door de verzekeraar bij de deelneming aan een voorziening dan wel regeling als bedoeld in het derde lid en bij het aangaan of wijzigen van een verzekering als bedoeld in het vierde en vijfde lid, voorzover ingevolge deze leden een keuringsverbod geldt. 2020 412 03-11-2020 14-10-2020 35170 2022 453 17-11-2022 12-11-2022 01-01-2023
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3, tweede lid, onderdeel a Bij een keuring in verband met het aangaan of wijzigen van een verzekering mogen geen vragen worden gesteld over in, genoemde ziekten, voor zover die op erfelijkheid betrekking hebben, bij de bloedverwanten van de aspirant-verzekerde en, tenzij de ziekte manifest is, bij de aspirant-verzekerde zelf en over onderzoek bij de aspirant-verzekerde en bij diens bloedverwanten gericht op de erfelijke aanleg voor ziekte en de resultaten van dergelijk onderzoek, indien de te sluiten verzekering de vragengrens niet overschrijdt. Bij de behandeling van de aanvrage voor het aangaan of wijzigen van een verzekering en bij een keuring in dat verband mogen geen uit andere hoofde reeds bij de keuringvrager, de keurend arts of geneeskundig adviseur aanwezige erfelijke gegevens over de aspirantverzekerde en diens bloedverwanten worden gebruikt. 2 artikel 4, vierde lid per 1 januari 2025: € 51.100,– per 1 januari 2025: € 34.200,– per 1 januari 2025: € 352.200,– Voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen, voor zover niet vallende onder, bedraagt de vragengrens € 36 249,–voor het eerste jaar van arbeidsongeschiktheid en € 24 267,–voor de daaropvolgende jaren van arbeidsongeschiktheid. Voor levensverzekeringen bedraagt de vragengrens € 250 000. Bedoelde bedragen worden elke drie jaar bij ministeriële regeling aangepast aan de consumentenprijsindex. 2024 37543 19-11-2024 11-11-2024 2024 37543 19-11-2024 11-11-2024 01-01-2025
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3 artikel 5 In afwijking vanmag bij het aangaan of wijzigen van een verzekering als bedoeld in, een medisch onderzoek naar Aids of seropositiviteit voor Aids worden verricht: a. artikel 5, tweede lid indien de te sluiten verzekering de vragengrens, bedoeld in, overschrijdt, of b. artikel 5, tweede lid artikelen 2 3, eerste lid indien de te sluiten verzekering de vragengrens, bedoeld in, niet overschrijdt, maar het antwoord van de keurling op de in het licht van deen, gerechtvaardigde vragen daartoe aanleiding geeft. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 3 artikel 3, tweede lid, onderdeel a artikel 9 In afwijking vankan, indien dit vanwege een dringend algemeen belang noodzakelijk is, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ten aanzien van een zich nieuw voordoende ziekte die valt onder, bij ministeriële regeling bepalen dat artikel 6 van overeenkomstige toepassing is, totdat over deze ziekte afspraken als bedoeld inzijn gemaakt. Het ontwerp van een ministeriële regeling als bedoeld in de eerste volzin wordt ten minste vier weken voordat de regeling wordt vastgesteld, toegezonden aan de beide kamers der Staten-Generaal. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikelen 2 3 4 5 6 7 De keuringvrager legt met inachtneming van de,,,,enhet doel van de keuring, de vragen welke ten aanzien van de gezondheid zullen worden gesteld, en de medische onderzoeken welke mogen worden verricht, schriftelijk vast. 2 Tijdig voor de aanvang van de keuring wordt aan de keurling op begrijpelijke wijze schriftelijk informatie gegeven over doel, vragen en onderzoeken, als bedoeld in het eerste lid, en over diens rechten bij keuringen. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 eerste lid van artikel 2 eerste lid van artikel 4 artikelen 3 5 6 7 8 Representatieve organisaties van de werkgevers, respectievelijk de verzekeraars, representatieve organisaties van werknemers, respectievelijk de consumenten en patiënten en de representatieve organisatie van de artsen kunnen afspraken maken over de omschrijving van het doel van de keuring, als bedoeld in het, het verrichten van keuringen als bedoeld in het, en over de vragen en medische onderzoeken, als bedoeld in de,,,en. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De keurend arts en de geneeskundig adviseur oefenen hun taak uit met behoud van hun zelfstandig oordeel op het gebied van hun deskundigheid en van hun onafhankelijkheid ten opzichte van de keuringvrager. 2 De keurend arts en de geneeskundig adviseur zijn verplicht tot geheimhouding van hetgeen hen over de keurling bekend is, en dragen zorg voor een zodanige bewaring van de desbetreffende gegevens dat deze niet voor derden toegankelijk zijn. 3 De keurend arts, respectievelijk de geneeskundig adviseur delen aan de keuringvrager niet meer mee dan voor het doel van de keuring strikt noodzakelijk is. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikelen 2 3 4 5 6 7 8 De keurling heeft het recht medewerking te weigeren aan een keuring of een onderdeel daarvan indien ten aanzien daarvan niet voldaan is aan de,,,,,of. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Indien aan de keuring een negatieve gevolgtrekking dan wel een positieve gevolgtrekking onder bepaalde beperkingen wordt verbonden, heeft de keurling het recht op herkeuring. De keurling maakt zijn wens daartoe met redenen omkleed kenbaar binnen een week nadat de genoemde gevolgtrekking aan hem is medegedeeld. De keuringvrager treft een regeling voor herkeuring door een onafhankelijk geneeskundige. 2 De door de keuringvrager te nemen beslissing wordt uitgesteld totdat de uitslag van de herkeuring hem is medegedeeld. 3 De kosten van de herkeuring worden gedragen door de keuringvrager. Deze mag echter een redelijke bijdrage van de keurling verlangen. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 9 artikel 4, eerste lid De inbedoelde organisaties kunnen een onafhankelijke klachtencommissie instellen, voor zover de klachtenbehandeling geen betrekking heeft op een keuring als bedoeld in. 2 artikel 9 De commissie neemt klachten met betrekking tot het in of op grond van deze wet geregelde en de afspraken bedoeld inin ontvangst en doet aan de klager en degene over wie is geklaagd, haar oordeel over de klacht toekomen. 3 artikel 9 De inbedoelde organisaties stellen het reglement van de klachtencommissie vast. 2012 146 06-04-2012 23-03-2012 33050 2012 436 28-09-2012 19-09-2012 01-10-2012
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 4, eerste lid artikel 8 Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het verrichten van keuringen als bedoeld in, en de vragen welke ten aanzien van de gezondheid zullen worden gesteld, bedoeld in. 2 artikel 4, eerste lid Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de instelling, de werkwijze en de openbaarmaking van het oordeel van een onafhankelijke klachtencommissie voor klachten over keuringen als bedoeld in. Bij de vaststelling van die regels: a. kan de medewerking van de Sociaal-Economische Raad worden ingeroepen; en b. artikel 37 van de Wet op de Sociaal-Economische Raad kunnen voor de klachtencommissie in afwijking vanook personen van niet in de Sociaal-Economische Raad vertegenwoordigde organisaties worden aangezocht. 3 artikelen 2 3 4 5 6 7 8 13, tweede en derde lid Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van de,,,,,,en. 2014 571 24-12-2014 17-12-2014 33910 2014 576 24-12-2014 17-12-2014 01-01-2015
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Vervallen 2012 146 06-04-2012 23-03-2012 33050 2012 436 28-09-2012 19-09-2012 01-10-2012
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2 In het koninklijk besluit bedoeld in het eerste lid kan worden bepaald dat ten aanzien van de keuringen, bedoeld in artikel 5, de artikelen 5, 9, 11, 12 en 13 op een later tijdstip in werking treden, doch niet later dan drie jaren na het in het eerste lid bedoelde tijdstip. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Deze wet wordt aangehaald als: Wet op de medische keuringen. 1997 365 21-08-1997 05-07-1997 23259 1997 636 16-12-1997 04-12-1997 01-01-1998