Direct naar content

Wet van 11 mei 2000 tot vaststelling van de Wet inkomstenbelasting 2001 (Belastingherziening 2001)

BWB-id
BWBR0011353
Type
Wet
Ministerie
Financiën
Geldigheid
Geldend vanaf 2026-02-21
Wetstechnische informatie / identifiers
BWB-id
BWBR0011353
ELI
/eli/nl/wet/2001/wet-inkomstenbelasting-2001
ELI (gepinde datum)
/eli/nl/wet/2001/wet-inkomstenbelasting-2001/2026-02-21
JCI 1.0 (vindplaats)
wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0011353&g=2026-02-21
JCI 1.3 (citatie)
jci1.3:c:BWBR0011353&z=2026-06-06&g=2026-02-21
Op wetten.overheid.nl
https://wetten.overheid.nl/BWBR0011353/2026-02-21

Absolute ELI: /eli/nl/wet/2001/wet-inkomstenbelasting-2001

PDF
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Inkomstenbelasting#
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Uitbreiding en beperking partnerregeling#
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 De keuze voor kwalificatie als partner#
Artikel 1.4 — Artikel 1.4 Pleegkind#
Artikel 1.5 — Artikel 1.5 In belangrijke mate onderhouden van kinderen#
Artikel 1.6 — Artikel 1.6 Mogendheid#
Artikel 1.6a — Artikel 1.6a Levensverzekering#
Artikel 1.7 — Artikel 1.7 Lijfrenten en pensioenen#
Artikel 1.7a — Artikel 1.7a Gelijkstelling met inkomen uit tegenwoordige arbeid#
Artikel 1.7b — Artikel 1.7b Gelijkstelling met de premie voor een verzekering#
Artikel 1.8 — Artikel 1.8 Wederzijdse erkenning#
Artikel 1.9 — Artikel 1.9 Gelijkstelling met basisregistratie personen#
Artikel 1.10 — Artikel 1.10 Vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger#
Artikel 1.11 — Artikel 1.11 Buitenlandse rechtsvormen en vennootschappen waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld#
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Belastingplichtigen#
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Woonplaatsfictie#
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Heffingsgrondslagen#
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Bepalingen heffingsgrondslagen#
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 Keuzerecht voor buitenlandse belastingplichtigen#
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 Keuzerecht voor in het buitenland geworven deskundigen#
Artikel 2.7 — Artikel 2.7 Verschuldigde inkomstenbelasting; hoofdregel#
Artikel 2.8 — Artikel 2.8 Verschuldigde inkomstenbelasting op gewone aanslag#
Artikel 2.9 — Artikel 2.9 Verschuldigde belasting op conserverende aanslag#
Artikel 2.10 — Artikel 2.10 Tarief belastbaar inkomen uit werk en woning#
Artikel 2.10a — Artikel 2.10a Tarief belastbaar inkomen uit werk en woning voor belastingplichtigen geboren vóór 1 januari 1946#
Artikel 2.11 — Artikel 2.11 Overschrijding pensioenmaximum#
Artikel 2.11a — Artikel 2.11a Verrekening belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang#
Artikel 2.12 — Artikel 2.12 Tarief belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang#
Artikel 2.13 — Artikel 2.13 Tarief belastbaar inkomen uit sparen en beleggen#
Artikel 2.14 — Artikel 2.14 Toerekening tussen en binnen de belastbare inkomens#
Artikel 2.14bis — Artikel 2.14bis Toerekening inkomensbestanddelen bij een maatschap, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, transparant fonds of een naar het recht van een andere staat opgericht of aangegaan lichaam#
Artikel 2.14a — Artikel 2.14a Toerekening afgezonderd particulier vermogen#
Artikel 2.15 — Artikel 2.15 Toerekening inkomensbestanddelen, rendementsgrondslag en geheven dividendbelasting van een minderjarig kind#
Artikel 2.16 — Artikel 2.16 Verhaalsrecht#
Artikel 2.17 — Artikel 2.17 Toerekening inkomensbestanddelen, bestanddelen van de rendementsgrondslag, geheven dividendbelasting en korting voor groene beleggingen van de belastingplichtige en zijn partner#
Artikel 2.18 — Artikel 2.18 Verzamelinkomen#
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Belastbaar inkomen uit werk en woning#
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Belastbare winst uit onderneming#
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 Uitbreiding begrip belastbare winst uit onderneming#
Artikel 3.4 — Artikel 3.4 Begrip ondernemer#
Artikel 3.5 — Artikel 3.5 Zelfstandig uitgeoefend beroep#
Artikel 3.6 — Artikel 3.6 Begrip urencriterium#
Artikel 3.7 — Artikel 3.7 Begrippen reisafstand en regelmatig woon-werkverkeer#
Artikel 3.8 — Artikel 3.8 Winst#
Artikel 3.9 — Artikel 3.9 Maximum verlies#
Artikel 3.10 — Artikel 3.10 Verliezen uit de aanloopfase van een onderneming#
Artikel 3.11 — Artikel 3.11 Vrijstelling voor bosbedrijf#
Artikel 3.12 — Artikel 3.12 Landbouwvrijstelling#
Artikel 3.12a — Artikel 3.12a Filmexploitatievrijstelling#
Artikel 3.13 — Artikel 3.13 Overige vrijstellingen#
Artikel 3.14 — Artikel 3.14 Van aftrek uitgesloten algemene kosten#
Artikel 3.15 — Artikel 3.15 In aftrek beperkte algemene kosten#
Artikel 3.16 — Artikel 3.16 Van aftrek uitgesloten kosten ten behoeve van de belastingplichtige#
Artikel 3.17 — Artikel 3.17 In aftrek beperkte kosten ten behoeve van de belastingplichtige#
Artikel 3.18 — Artikel 3.18 Premies voor beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling#
Artikel 3.19 — Artikel 3.19 Bijtelling privé-gebruik woning#
Artikel 3.20 — Artikel 3.20 Bijtelling privégebruik auto#
Artikel 3.20a — Artikel 3.20a Bijtelling privégebruik fiets#
Artikel 3.21 — Artikel 3.21 Bonusaandelen van beleggingsinstellingen#
Artikel 3.22 — Artikel 3.22 Winst uit zeescheepvaart aan de hand van tonnage#
Artikel 3.23 — Artikel 3.23 Bepaling van de winst aan de hand van de tonnage#
Artikel 3.24 — Artikel 3.24 Beëindiging bepaling van de winst aan de hand van de tonnage#
Artikel 3.25 — Artikel 3.25 Jaarwinst#
Artikel 3.26 — Artikel 3.26 Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar#
Artikel 3.27 — Artikel 3.27 Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar en betaling#
Artikel 3.28 — Artikel 3.28 Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar en rekenrente pensioenvoorzieningen#
Artikel 3.29 — Artikel 3.29 Waardering pensioenverplichtingen en soortgelijke verplichtingen#
Artikel 3.29a — Artikel 3.29a Waardering van een belang in een vrijgestelde beleggingsinstelling#
Artikel 3.29b — Artikel 3.29b Waardering onderhanden werk en onderhanden opdrachten#
Artikel 3.29c — Artikel 3.29c Beperking afwaardering op lagere bedrijfswaarde#
Artikel 3.29d — Artikel 3.29d BIK-afdrachtvermindering bij aanschaf bedrijfsmiddel#
Artikel 3.30 — Artikel 3.30 Afschrijving op bedrijfsmiddelen#
Artikel 3.30a — Artikel 3.30a Beperking afschrijving gebouwen#
Artikel 3.31 — Artikel 3.31 Willekeurige afschrijving milieu-bedrijfsmiddelen#
Artikel 3.32 — Artikel 3.32 Willekeurige afschrijving arbo-bedrijfsmiddelen#
Artikel 3.33 — Artikel 3.33 Willekeurige afschrijving op films#
Artikel 3.34 — Artikel 3.34 Willekeurige afschrijving andere aangewezen bedrijfsmiddelen#
Artikel 3.34a — Artikel 3.34a Grondslag willekeurige afschrijving bij afboeking herinvesteringsreserve#
Artikel 3.35 — Artikel 3.35 Aanvang willekeurige afschrijving#
Artikel 3.36 — Artikel 3.36 Administratieve verplichtingen willekeurige afschrijving#
Artikel 3.37 — Artikel 3.37 Mogelijkheid verplichte verklaring bij willekeurige afschrijving#
Artikel 3.38 — Artikel 3.38 Terugnemen willekeurige afschrijving#
Artikel 3.39 — Artikel 3.39 Toepasselijk regime afschrijvingen#
Artikel 3.40 — Artikel 3.40 Investeringsaftrek#
Artikel 3.41 — Artikel 3.41 Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek#
Artikel 3.42 — Artikel 3.42 Energie-investeringsaftrek#
Artikel 3.42a — Artikel 3.42a Milieu-investeringsaftrek#
Artikel 3.42b — Artikel 3.42b Filminvesteringsaftrek#
Artikel 3.43 — Artikel 3.43 Begrip investeren#
Artikel 3.44 — Artikel 3.44 Investeringsaftrek bij nog niet in gebruik genomen bedrijfsmiddelen#
Artikel 3.45 — Artikel 3.45 Uitgesloten bedrijfsmiddelen voor investeringsaftrek#
Artikel 3.46 — Artikel 3.46 Uitgesloten verplichtingen voor investeringsaftrek#
Artikel 3.47 — Artikel 3.47 Desinvesteringsbijtelling#
Artikel 3.47a — Artikel 3.47a Desinvesteringsbijtelling bij film#
Artikel 3.48 — Artikel 3.48 Scholingsaftrek#
Artikel 3.49 — Artikel 3.49 Delegatiebepaling scholingsaftrek#
Artikel 3.50 — Artikel 3.50 Scholingsbijtelling#
Artikel 3.51 — Artikel 3.51 Toepasselijk regime investeringsaftrek#
Artikel 3.52 — Artikel 3.52 Wijziging willekeurige afschrijving en investeringsaftrek#
Artikel 3.52a — Artikel 3.52a Aanvullende aftrek speur- en ontwikkelingswerk#
Artikel 3.53 — Artikel 3.53 Fiscale reserves#
Artikel 3.54 — Artikel 3.54 Herinvesteringsreserve#
Artikel 3.54aa — Artikel 3.54aa Herinvesteringsreserve bij het staken van een gedeelte van een onderneming ten gevolge van overheidsingrijpen#
Artikel 3.54a — Artikel 3.54a Terugkeerreserve#
Artikel 3.55 — Artikel 3.55 Aandelenfusie#
Artikel 3.56 — Artikel 3.56 Juridische splitsing#
Artikel 3.57 — Artikel 3.57 Juridische fusie#
Artikel 3.58 — Artikel 3.58 Staking door overlijden#
Artikel 3.59 — Artikel 3.59 Doorschuiving of staking door ontbinding huwelijksgemeenschap#
Artikel 3.60 — Artikel 3.60 Overbrenging vermogensbestanddelen naar het buitenland#
Artikel 3.61 — Artikel 3.61 Eindafrekening#
Artikel 3.62 — Artikel 3.62 Doorschuiving bij staking door overlijden#
Artikel 3.63 — Artikel 3.63 Doorschuiving naar ondernemers#
Artikel 3.64 — Artikel 3.64 Doorschuiving via te conserveren inkomen naar andere onderneming#
Artikel 3.65 — Artikel 3.65 Omzetting in een NV of BV#
Artikel 3.66 — Artikel 3.66 Niet met het kalenderjaar samenvallend boekjaar#
Artikel 3.67 — Artikel 3.67 Toegang toevoegingen oudedagsreserve#
Artikel 3.68 — Artikel 3.68 Toevoegingen#
Artikel 3.69 — Artikel 3.69 Extra toevoegingen#
Artikel 3.70 — Artikel 3.70 Afnemingen#
Artikel 3.71 — Artikel 3.71 Ondernemingsvermogen#
Artikel 3.72 — Artikel 3.72 Meer dan één onderneming#
Artikel 3.73 — Artikel 3.73 Niet met het kalenderjaar samenvallend boekjaar#
Artikel 3.74 — Artikel 3.74 Berekening ondernemersaftrek#
Artikel 3.75 — Artikel 3.75 Meer dan één onderneming#
Artikel 3.76 — Artikel 3.76 Zelfstandigenaftrek#
Artikel 3.77 — Artikel 3.77 Aftrek speur- en ontwikkelingswerk#
Artikel 3.78 — Artikel 3.78 Meewerkaftrek#
Artikel 3.78a — Artikel 3.78a Startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid#
Artikel 3.79 — Artikel 3.79 Stakingsaftrek#
Artikel 3.79a — Artikel 3.79a MKB-winstvrijstelling#
Artikel 3.80 — Artikel 3.80 Belastbaar loon#
Artikel 3.81 — Artikel 3.81 Loon#
Artikel 3.82 — Artikel 3.82 Uitbreiding begrip loon#
Artikel 3.83 — Artikel 3.83 Pensioen in grensoverschrijdende situaties#
Artikel 3.84 — Artikel 3.84 Vrijstelling eindheffingsbestanddelen#
Artikel 3.85 — Artikel 3.85 Werknemersaftrek#
Artikel 3.86 — Artikel 3.86 Fietsaftrek#
Artikel 3.87 — Artikel 3.87 Reisaftrek#
Artikel 3.88 — Artikel 3.88 Begrippen woon–werkverkeer#
Artikel 3.89 — Artikel 3.89 Zeedagenaftrek#
Artikel 3.90 — Artikel 3.90 Belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden#
Artikel 3.91 — Artikel 3.91 Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een onderneming of werkzaamheid#
Artikel 3.92 — Artikel 3.92 Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een vennootschap waarin een aanmerkelijk belang wordt gehouden#
Artikel 3.92a — Artikel 3.92a Opwaarderingsreserve#
Artikel 3.92b — Artikel 3.92b Met een werkzaamheid verband houdende lucratieve belangen#
Artikel 3.93 — Artikel 3.93 Bijzondere bepalingen begrip werkzaamheden#
Artikel 3.94 — Artikel 3.94 Resultaat uit een werkzaamheid#
Artikel 3.95 — Artikel 3.95 Bepaling van het resultaat#
Artikel 3.95a — Artikel 3.95a artikel 2.14, derde lid, onderdeel e Aftrek bij het toepassing vinden van#
Artikel 3.95b — Artikel 3.95b Aanvullende bepaling resultaat bij lucratieve belangen#
Artikel 3.96 — Artikel 3.96 Vrijstelling#
Artikel 3.97 — Artikel 3.97 Keuzemogelijkheid bij het houden van kostgangers#
Artikel 3.98 — Artikel 3.98 Doorschuiving bij ontbinding van de vennootschap#
Artikel 3.98a — Artikel 3.98a artikel 3.92 Omzetting van een afgewaardeerde vordering als bedoeld in#
Artikel 3.98b — Artikel 3.98b Vervreemding van een afgewaardeerde vordering#
Artikel 3.98c — Artikel 3.98c Doorschuiving bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht#
Artikel 3.98d — Artikel 3.98d Doorschuiving bij overgang krachtens verdeling van een huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden#
Artikel 3.99 — Artikel 3.99 Overgang werkzaamheid in onderneming#
Artikel 3.99a — Artikel 3.99a Doorschuiffaciliteit bij inbreng van ter beschikking gesteld pand in een nv of bv#
Artikel 3.99b — Artikel 3.99b Terbeschikkingstellingsvrijstelling#
Artikel 3.100 — Artikel 3.100 Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen#
Artikel 3.101 — Artikel 3.101 Aangewezen periodieke uitkeringen en verstrekkingen#
Artikel 3.102 — Artikel 3.102 Algemene uitbreidingen aangewezen uitkeringen#
Artikel 3.103 — Artikel 3.103 Specifieke uitbreidingen publiekrechtelijke uitkeringen#
Artikel 3.104 — Artikel 3.104 Vrijstellingen publiekrechtelijke uitkeringen#
Artikel 3.105 — Artikel 3.105 Specifieke uitbreidingen familierechtelijke uitkeringen#
Artikel 3.106 — Artikel 3.106 Uitbreidingen uitkeringen uit inkomensvoorzieningen#
Artikel 3.107 — Artikel 3.107 Uitgezonderde uitkeringen uit inkomensvoorzieningen#
Artikel 3.107a — Artikel 3.107a Bepaling omvang belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen#
Artikel 3.108 — Artikel 3.108 Aftrekbare kosten van aangewezen uitkeringen en van uitkeringen uit inkomensvoorzieningen#
Artikel 3.109 — Artikel 3.109 Van aftrek uitgesloten kosten#
Artikel 3.109a — Artikel 3.109a#
Artikel 3.110 — Artikel 3.110 Belastbare inkomsten uit eigen woning#
Artikel 3.111 — Artikel 3.111 Eigen woning#
Artikel 3.112 — Artikel 3.112 Eigenwoningforfait#
Artikel 3.113 — Artikel 3.113 Tijdelijke verhuur#
Artikel 3.114 — Artikel 3.114 Kamerverhuurvrijstelling#
Artikel 3.115 — Artikel 3.115 Toedeling eigenwoningforfait#
Artikel 3.116 — Artikel 3.116 Voordeel uit kapitaalverzekering eigen woning#
Artikel 3.116a — Artikel 3.116a Voordeel uit spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 3.117 — Artikel 3.117 Begrip levensverzekering#
Artikel 3.118 — Artikel 3.118 Vrijstelling kapitaalverzekering eigen woning#
Artikel 3.118a — Artikel 3.118a Vrijstelling spaarrekening eigen woning en vrijstelling beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 3.119 — Artikel 3.119 Omzetting kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 3.119a — Artikel 3.119a Eigenwoningschuld#
Artikel 3.119aa — Artikel 3.119aa Eigenwoningreserve#
Artikel 3.119b — Artikel 3.119b Beschikking eigenwoningreserve#
Artikel 3.119c — Artikel 3.119c Aflossingseis#
Artikel 3.119d — Artikel 3.119d Aflossingsstand#
Artikel 3.119e — Artikel 3.119e Kortstondig afwijken van aflossingsschema en betalingsregelingen#
Artikel 3.119f — Artikel 3.119f Verhuisregelingen#
Artikel 3.119g — Artikel 3.119g Informatieplicht bij schulden bij anderen dan aangewezen administratieplichtigen#
Artikel 3.120 — Artikel 3.120 Aftrekbare kosten eigen woning#
Artikel 3.120a — Artikel 3.120a Aftrekbare kosten restschuld vervreemde eigen woning#
Artikel 3.121 — Artikel 3.121 Aftrekbare kosten gedeelde eigen woning bij gezamenlijke bewoning#
Artikel 3.122 — Artikel 3.122 Aftrekbare kosten na eerder gebruik vrijstelling kapitaalverzekering, spaarrekening of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 3.123 — Artikel 3.123 Kosten voor verbetering of onderhoud eigen woning#
Artikel 3.123a — Artikel 3.123a Aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld#
Artikel 3.124 — Artikel 3.124 Uitgaven voor inkomensvoorzieningen#
Artikel 3.125 — Artikel 3.125 Lijfrentevoorzieningen#
Artikel 3.126 — Artikel 3.126 Toegelaten aanbieders#
Artikel 3.126a — Artikel 3.126a Uitgaven voor inkomensvoorzieningen via een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht#
Artikel 3.127 — Artikel 3.127 In aanmerking te nemen premies voor lijfrenten#
Artikel 3.128 — Artikel 3.128 Omzetting oudedagsreserve in lijfrente#
Artikel 3.129 — Artikel 3.129 Omzetting stakingswinst in lijfrente#
Artikel 3.130 — Artikel 3.130 Tijdstip aftrek premies voor lijfrenten#
Artikel 3.131 — Artikel 3.131 Aftrek premies voor lijfrenten na overlijden ondernemer#
Artikel 3.131a — Artikel 3.131a#
Artikel 3.131b — Artikel 3.131b#
Artikel 3.132 — Artikel 3.132 Negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen#
Artikel 3.133 — Artikel 3.133 Uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij handelen in strijd met de voorwaarden#
Artikel 3.134 — Artikel 3.134 Handelingen die niet leiden tot een negatieve uitgave#
Artikel 3.135 — Artikel 3.135 Specifieke uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij beroepspensioenen#
Artikel 3.136 — Artikel 3.136 Uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij emigratie#
Artikel 3.137 — Artikel 3.137 In aanmerking te nemen bedrag bij uitbreidingen van het begrip negatieve uitgaven#
Artikel 3.138 — Artikel 3.138 Verminderingen en voorkoming dubbeltellingen#
Artikel 3.139 — Artikel 3.139 Negatieve persoonsgebonden aftrek#
Artikel 3.140 — Artikel 3.140 Uitgaven voor kinderopvang#
Artikel 3.141 — Artikel 3.141 Voorwaarden#
Artikel 3.142 — Artikel 3.142 Arbeidsongeschiktheid of werkloosheid#
Artikel 3.143 — Artikel 3.143 In aanmerking te nemen uitgaven#
Artikel 3.144 — Artikel 3.144 Waardering niet in geld genoten inkomen#
Artikel 3.145 — Artikel 3.145 Privé-gebruik auto#
Artikel 3.146 — Artikel 3.146 Tijdstip genieten#
Artikel 3.147 — Artikel 3.147 Tijdstip aftrek#
Artikel 3.148 — Artikel 3.148 Verlies#
Artikel 3.149 — Artikel 3.149 Te conserveren inkomen buiten beschouwing#
Artikel 3.150 — Artikel 3.150 Verliesverrekening#
Artikel 3.151 — Artikel 3.151 Vaststelling verlies#
Artikel 3.152 — Artikel 3.152 Formalisering achterwaartse verliesverrekening#
Artikel 3.153 — Artikel 3.153 Formalisering voorwaartse verliesverrekening#
Artikel 3.154 — Artikel 3.154 Middeling#
Artikel 3.155 — Artikel 3.155 Te conserveren inkomen buiten beschouwing#
Artikel 3.156 — Artikel 3.156 Vragen van een beschikking#
Artikel 3.157 — Artikel 3.157 Zekerheid omtrent de aard van de arbeidsrelatie#
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang#
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 Beëindiging aanverwantschap door echtscheiding#
Artikel 4.3 — Artikel 4.3 Genotsrechten#
Artikel 4.4 — Artikel 4.4 Koopopties gelijkgesteld met onderliggende waarde#
Artikel 4.5 — Artikel 4.5 Participaties open fondsen voor gemene rekening#
Artikel 4.5a — Artikel 4.5a Coöperaties#
Artikel 4.5b — Artikel 4.5b Niet-vergelijkbare rechtsvormen#
Artikel 4.6 — Artikel 4.6 Begrip aanmerkelijk belang#
Artikel 4.7 — Artikel 4.7 Gelijkstelling; aandelen met bijzondere rechten#
Artikel 4.8 — Artikel 4.8 Omvang kapitaal#
Artikel 4.9 — Artikel 4.9 Meesleepregeling#
Artikel 4.10 — Artikel 4.10 Meetrekregeling#
Artikel 4.11 — Artikel 4.11 Fictief aanmerkelijk belang#
Artikel 4.12 — Artikel 4.12 Inkomen uit aanmerkelijk belang#
Artikel 4.12a — Artikel 4.12a Bij een vererfd aanmerkelijk belang, binnen twee jaar afboeking reguliere voordelen op verkrijgingsprijs#
Artikel 4.13 — Artikel 4.13 Reguliere voordelen#
Artikel 4.14 — Artikel 4.14 Forfaitair voordeel uit vrijgestelde beleggingsinstellingen en uit buitenlandse beleggingslichamen#
Artikel 4.14a — Artikel 4.14a Fictief regulier voordeel#
Artikel 4.14b — Artikel 4.14b Flankerende bepalingen ter zake van het fictief reguliere voordeel#
Artikel 4.14c — Artikel 4.14c Maximumbedrag bij het ontstaan van binnenlandse belastingplicht#
Artikel 4.14d — Artikel 4.14d Aanpassing vervreemdingsvoordeel bij einde binnenlandse belastingplicht#
Artikel 4.15 — Artikel 4.15 Kosten van reguliere voordelen#
Artikel 4.16 — Artikel 4.16 Fictieve vervreemdingen#
Artikel 4.17 — Artikel 4.17 Uitzondering bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden#
Artikel 4.17a — Artikel 4.17a Uitzondering bij overgang krachtens erfrecht#
Artikel 4.17b — Artikel 4.17b Uitzondering bij verdeling nalatenschap binnen twee jaar#
Artikel 4.17c — Artikel 4.17c Uitzondering bij overdracht krachtens schenking#
Artikel 4.18 — Artikel 4.18 Passanten#
Artikel 4.19 — Artikel 4.19 Vervreemdingsvoordelen#
Artikel 4.20 — Artikel 4.20 Overdrachtsprijs#
Artikel 4.21 — Artikel 4.21 Verkrijgingsprijs#
Artikel 4.22 — Artikel 4.22 Correctie naar waarde in het economisch verkeer#
Artikel 4.23 — Artikel 4.23 Verkrijgingsprijs bij ontstaan aanmerkelijk belang na verkrijging#
Artikel 4.24 — Artikel 4.24 Geen tussentijdse verliesneming#
Artikel 4.24bis — Artikel 4.24bis Negatief vervreemdingsvoordeel in samenhang met een afgezonderd particulier vermogen#
Artikel 4.24a — Artikel 4.24a geen negatief vervreemdingsvoordeel bij geruisloze terugkeer uit een BV#
Artikel 4.25 — Artikel 4.25 Verkrijgingsprijs bij het ontstaan van binnenlandse belastingplicht#
Artikel 4.26 — Artikel 4.26 Bonusaandelen en winstbewijzen#
Artikel 4.27 — Artikel 4.27 Voordelen uit vrijgestelde beleggingsinstellingen en uit buitenlandse beleggingslichamen#
Artikel 4.28 — Artikel 4.28 Overdrachtsprijs in termijnen#
Artikel 4.29 — Artikel 4.29 Aanpassingen overdrachtsprijs#
Artikel 4.30 — Artikel 4.30 Verkrijgingsprijs koopopties bij uitoefening of expiratie#
Artikel 4.31 — Artikel 4.31 Verleende koopopties#
Artikel 4.32 — Artikel 4.32 Putopties#
Artikel 4.33 — Artikel 4.33 Vermindering verkrijgingsprijs bij terugbetaling aandelenkapitaal#
Artikel 4.33a — Artikel 4.33a Vaststelling verkrijgingsprijs bij omzetting afgewaardeerde vordering#
Artikel 4.34 — Artikel 4.34 Liquidatie-uitkeringen#
Artikel 4.35 — Artikel 4.35 Vestigingsplaats#
Artikel 4.36 — Artikel 4.36 Beschikking#
Artikel 4.37 — Artikel 4.37 Herziening beschikking#
Artikel 4.38 — Artikel 4.38 Afrekening op verzoek#
Artikel 4.39 — Artikel 4.39 Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap#
Artikel 4.39a — Artikel 4.39a Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overgang krachtens erfrecht#
Artikel 4.39b — Artikel 4.39b Doorschuiving verkrijgingsprijs bij verdeling nalatenschap binnen twee jaar#
Artikel 4.39c — Artikel 4.39c Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overdracht krachtens schenking#
Artikel 4.40 — Artikel 4.40 Doorschuiving op verzoek (mogelijk ontstaan fictief aanmerkelijk belang)#
Artikel 4.41 — Artikel 4.41 Doorschuiving op verzoek (mogelijk ontstaan fictief aanmerkelijk belang)#
Artikel 4.42 — Artikel 4.42 Doorschuiving verkrijgingsprijs#
Artikel 4.42a — Artikel 4.42a Doorschuiving vervreemdingsvoordeel bij geruisloze terugkeer#
Artikel 4.43 — Artikel 4.43 Genietingstijdstip reguliere voordelen#
Artikel 4.44 — Artikel 4.44 Betalingstijdstip aftrekbare kosten#
Artikel 4.45 — Artikel 4.45 Vooruitbetaalde rente#
Artikel 4.46 — Artikel 4.46 Genietingstijdstip vervreemdingsvoordelen#
Artikel 4.47 — Artikel 4.47 Verlies#
Artikel 4.48 — Artikel 4.48 Te conserveren inkomen buiten beschouwing#
Artikel 4.49 — Artikel 4.49 Verliesverrekening#
Artikel 4.50 — Artikel 4.50 Vaststelling verlies#
Artikel 4.51 — Artikel 4.51 Formalisering achterwaartse verliesverrekening#
Artikel 4.52 — Artikel 4.52 Formalisering voorwaartse verliesverrekening#
Artikel 4.53 — Artikel 4.53 Omzetting verlies bij einde aanmerkelijk belang in een belastingkorting#
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen#
Artikel 5.2 — Artikel 5.2 Voordeel uit sparen en beleggen#
Artikel 5.3 — Artikel 5.3 Rendementsgrondslag#
Artikel 5.4 — Artikel 5.4 Toedeling bij bepaalde verkrijgingen krachtens erfrecht#
Artikel 5.4a — Artikel 5.4a Defiscaliseren bepaalde onderlinge vorderingen en schulden#
Artikel 5.5 — Artikel 5.5 Heffingvrij vermogen#
Artikel 5.6 — Artikel 5.6 Ouderentoeslag#
Artikel 5.7 — Artikel 5.7 Vrijstelling bos- en natuurterreinen en landgoederen#
Artikel 5.8 — Artikel 5.8 Vrijstelling voorwerpen van kunst en wetenschap#
Artikel 5.9 — Artikel 5.9 Vrijstelling rechten op roerende zaken krachtens erfrecht#
Artikel 5.10 — Artikel 5.10 Vrijstelling bepaalde rechten#
Artikel 5.11 — Artikel 5.11 Vrijstelling inzake spaarloonregeling#
Artikel 5.12 — Artikel 5.12 Vrijstelling kortlopende termijnen van inkomsten en verplichtingen#
Artikel 5.13 — Artikel 5.13 Vrijstelling groene beleggingen#
Artikel 5.14 — Artikel 5.14 Vrijstelling groene beleggingen#
Artikel 5.15 — Artikel 5.15 Vrijstelling sociaal-ethische beleggingen#
Artikel 5.16 — Artikel 5.16 Vrijstelling nettolijfrenten#
Artikel 5.16a — Artikel 5.16a Toegelaten aanbieders#
Artikel 5.16b — Artikel 5.16b Begrenzing nettolijfrente#
Artikel 5.16c — Artikel 5.16c Onregelmatige handelingen met nettolijfrenten#
Artikel 5.17 — Artikel 5.17 Vrijstelling nettopensioen#
Artikel 5.17a — Artikel 5.17a Netto-ouderdomspensioen en nettopartnerpensioen bij overlijden op of na pensioendatum#
Artikel 5.17b — Artikel 5.17b Nettopartnerpensioen bij overlijden voor pensioendatum#
Artikel 5.17c — Artikel 5.17c Nettowezenpensioen#
Artikel 5.17d — Artikel 5.17d Overschrijding maxima nettopensioen#
Artikel 5.17e — Artikel 5.17e Onregelmatige handelingen met nettopensioen#
Artikel 5.17f — Artikel 5.17f Delegatiebevoegdheid#
Artikel 5.18 — Artikel 5.18 Vrijstelling indirecte beleggingen in durfkapitaal#
Artikel 5.19 — Artikel 5.19 Waardering bezittingen en schulden; algemeen#
Artikel 5.20 — Artikel 5.20 Waardering woningen andere dan eigen woningen#
Artikel 5.21 — Artikel 5.21 Waardering effecten#
Artikel 5.22 — Artikel 5.22 Waardering genotsrechten#
Artikel 5.23 — Artikel 5.23 Waardering: aanvullende regels#
Artikel 5.24 — Artikel 5.24 Peildatumarbitrage#
Artikel 5.25 — Artikel 5.25 Tegenbewijsregeling#
Artikel 5.26 — Artikel 5.26 Werkelijk rendement#
Artikel 5.27 — Artikel 5.27 Reguliere voordelen#
Artikel 5.27a — Artikel 5.27a Waardering voordeel uit eigen gebruik van een onroerende zaak#
Artikel 5.28 — Artikel 5.28 Vermogensaanwas#
Artikel 5.29 — Artikel 5.29 Stortingen#
Artikel 5.30 — Artikel 5.30 Onttrekkingen#
Artikel 5.31 — Artikel 5.31 Waardering bezittingen en schulden#
Artikel 5.31a — Artikel 5.31a Vrijstelling bepaalde levensverzekeringen#
Artikel 5.31b — Artikel 5.31b Vrijstelling contant geld#
Artikel 5.32 — Artikel 5.32 Vrijstelling groene beleggingen#
Artikel 5.32a — Artikel 5.32a Vrijstelling bepaalde kapitaalverzekeringen#
Artikel 5.33 — Artikel 5.33 Vermogensaanwas bij ontstaan of einde binnenlandse belastingplicht#
Artikel 5.34 — Artikel 5.34 Tijdstip genieten en aftrek#
Artikel 5.35 — Artikel 5.35 Onregelmatige handelingen met nettolijfrenten#
Artikel 5.36 — Artikel 5.36 Onregelmatige handelingen met nettopensioenen#
Artikel 6.1 — Artikel 6.1 Persoonsgebonden aftrek#
Artikel 6.2 — Artikel 6.2 In aanmerking nemen persoonsgebonden aftrek#
Artikel 6.2a — Artikel 6.2a Vaststelling niet in aanmerking genomen persoonsgebonden aftrek#
Artikel 6.2b — Artikel 6.2b Vaststelling in aanmerking genomen buitengewone uitgaven bij nihil aanslag#
Artikel 6.3 — Artikel 6.3 Onderhoudsverplichtingen#
Artikel 6.4 — Artikel 6.4 Uitgesloten onderhoudsverplichtingen#
Artikel 6.5 — Artikel 6.5 Afkoop alimentatie door betaling lijfrentepremie#
Artikel 6.6 — Artikel 6.6 Verrekening van pensioenrechten door betaling lijfrentepremie#
Artikel 6.7 — Artikel 6.7 Uitbreiding familierechtelijke uitkeringen#
Artikel 6.8 — Artikel 6.8 Verliezen op beleggingen in durfkapitaal#
Artikel 6.9 — Artikel 6.9 Kwijtschelding binnen een bepaalde periode#
Artikel 6.10 — Artikel 6.10 Omvang in aanmerking te nemen verliezen#
Artikel 6.11 — Artikel 6.11 Uitgesloten geldleningen#
Artikel 6.12 — Artikel 6.12 Tijdstip van aftrek van de verliezen#
Artikel 6.13 — Artikel 6.13 Definitie#
Artikel 6.14 — Artikel 6.14 Beperkingen#
Artikel 6.15 — Artikel 6.15 Omvang in aanmerking te nemen uitgaven#
Artikel 6.16 — Artikel 6.16 Kring van personen waarvan specifieke zorgkosten in aanmerking worden genomen#
Artikel 6.17 — Artikel 6.17 Uitgaven voor specifieke zorgkosten#
Artikel 6.18 — Artikel 6.18 Beperkingen van uitgaven voor specifieke zorgkosten#
Artikel 6.19 — Artikel 6.19 Verhoging uitgaven voor specifieke zorgkosten#
Artikel 6.20 — Artikel 6.20 Omvang in aanmerking te nemen uitgaven voor specifieke zorgkosten#
Artikel 6.21 — Artikel 6.21 Uitgaven wegens ouderdom#
Artikel 6.22 — Artikel 6.22 Uitgaven wegens chronische ziekte van een kind#
Artikel 6.23 — Artikel 6.23 Uitgaven wegens adoptie#
Artikel 6.24 — Artikel 6.24 Omvang in aanmerking te nemen uitgaven#
Artikel 6.25 — Artikel 6.25 Definities#
Artikel 6.26 — Artikel 6.26 Het in aanmerking te nemen bedrag#
Artikel 6.27 — Artikel 6.27 Scholingsuitgaven#
Artikel 6.28 — Artikel 6.28 Beperkingen#
Artikel 6.29 — Artikel 6.29 Studiefinanciering#
Artikel 6.30 — Artikel 6.30 Omvang in aanmerking te nemen uitgaven#
Artikel 6.31 — Artikel 6.31 Uitgaven voor monumentenpanden#
Artikel 6.32 — Artikel 6.32 Aftrekbare giften#
Artikel 6.33 — Artikel 6.33 Definities#
Artikel 6.34 — Artikel 6.34 Periodieke giften#
Artikel 6.35 — Artikel 6.35 Andere giften#
Artikel 6.36 — Artikel 6.36 Afzien van vergoedingen#
Artikel 6.37 — Artikel 6.37 Geen gift#
Artikel 6.38 — Artikel 6.38 Het in aanmerking nemen van periodieke giften#
Artikel 6.39 — Artikel 6.39 Het in aanmerking nemen van andere giften#
Artikel 6.39a — Artikel 6.39a Giften aan culturele instellingen#
Artikel 6.40 — Artikel 6.40 Tijdstip aftrek#
Artikel 7.1 — Artikel 7.1 Nederlands inkomen#
Artikel 7.2 — Artikel 7.2 Belastbaar inkomen uit werk en woning#
Artikel 7.3 — Artikel 7.3 Vrijstelling internationaal verkeer#
Artikel 7.4 — Artikel 7.4 Werkzaamheden buitengaats#
Artikel 7.5 — Artikel 7.5 Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang#
Artikel 7.5a — Artikel 7.5a Aanpassing vervreemdingsvoordeel bij verplaatsing werkelijke leiding#
Artikel 7.6 — Artikel 7.6 Verkrijgingsprijs aanmerkelijk belang#
Artikel 7.7 — Artikel 7.7 Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen#
Artikel 7.8 — Artikel 7.8 Kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen#
Artikel 8.1 — Artikel 8.1 Definities#
Artikel 8.2 — Artikel 8.2 Bedrag van de standaardheffingskorting#
Artikel 8.3 — Artikel 8.3 Berekening heffingskorting voor de inkomstenbelasting#
Artikel 8.4 — Artikel 8.4 Berekening heffingskorting voor de algemene ouderdomsverzekering#
Artikel 8.5 — Artikel 8.5 Berekening heffingskorting voor de nabestaandenverzekering#
Artikel 8.6 — Artikel 8.6 Berekening heffingskorting voor de verzekering langdurige zorg#
Artikel 8.7 — Artikel 8.7 Bijzondere regels voor de berekening van de heffingskortingen#
Artikel 8.8 — Artikel 8.8 Maximum gecombineerde heffingskorting#
Artikel 8.9 — Artikel 8.9 Verhoging maximum gecombineerde heffingskorting bij minstverdienende partner#
Artikel 8.9a — Artikel 8.9a Bijzondere verhoging heffingskorting voor de inkomstenbelasting voor niet-premieplichtigen#
Artikel 8.10 — Artikel 8.10 Algemene heffingskorting#
Artikel 8.11 — Artikel 8.11 Arbeidskorting#
Artikel 8.12 — Artikel 8.12 Werkbonus#
Artikel 8.13 — Artikel 8.13 Aanvullende kinderkorting#
Artikel 8.14 — Artikel 8.14 Combinatiekorting#
Artikel 8.14a — Artikel 8.14a Inkomensafhankelijke combinatiekorting#
Artikel 8.14b — Artikel 8.14b Ouderschapsverlofkorting#
Artikel 8.15 — Artikel 8.15 Alleenstaande-ouderkorting#
Artikel 8.16 — Artikel 8.16 Aanvullende alleenstaande-ouderkorting#
Artikel 8.16a — Artikel 8.16a Jonggehandicaptenkorting#
Artikel 8.17 — Artikel 8.17 Ouderenkorting#
Artikel 8.18 — Artikel 8.18 Alleenstaande ouderenkorting#
Artikel 8.18a — Artikel 8.18a Levensloopverlofkorting#
Artikel 8.19 — Artikel 8.19 Korting voor groene beleggingen#
Artikel 8.20 — Artikel 8.20 Korting voor directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen#
Artikel 8.21 — Artikel 8.21 Toetrederskorting#
Artikel 8.22 — Artikel 8.22 Toeslag voor MKB-beleggingen#
Artikel 9.1 — Artikel 9.1 Heffing bij wege van aanslag of conserverende aanslag#
Artikel 9.2 — Artikel 9.2 Voorheffingen#
Artikel 9.3 — Artikel 9.3 Voorlopige teruggaaf#
Artikel 9.4 — Artikel 9.4 Wel of geen aanslag#
Artikel 9.4a — Artikel 9.4a Beschikking bedrag rendementsgrondslag en beschikking bedrag groen beleggen#
Artikel 9.5 — Artikel 9.5 Bijzondere regels voor voorlopige aanslagen#
Artikel 9.5a — Artikel 9.5a Bijzondere regels voor voorlopige aanslagen ter zake van belastbaar inkomen uit sparen en beleggen#
Artikel 9.6 — Artikel 9.6 Bijzondere regels voor ambtshalve verminderingen#
Artikel 9.7 — Artikel 9.7 Bijzondere regels voor massaal bezwaar#
Artikel 10.1 — Artikel 10.1 Inflatiecorrectie#
Artikel 10.2 — Artikel 10.2 De tabelcorrectiefactor#
Artikel 10.2a — Artikel 10.2a Jaarlijkse aanpassing correctie tarief grondslagverminderende posten#
Artikel 10.2b — Artikel 10.2b Contractloonontwikkelingscorrectie, percentage jaarruimte en drempelbedrag#
Artikel 10.3 — Artikel 10.3 Bijstelling eigenwoningforfait#
Artikel 10.3a — Artikel 10.3a Geleidelijke verhoging tot en met 2016 van het percentage eigenwoningforfait bij de laatste schijf#
Artikel 10.4 — Artikel 10.4 Bijstelling uitgaven voor een monumentenpand#
Artikel 10.5 — Artikel 10.5 Afronding en definitie indexcijfer van de woninghuren#
Artikel 10.6 — Artikel 10.6 Indexering vrijstelling kamerverhuur#
Artikel 10.6bis — Artikel 10.6bis#
Artikel 10.6ter — Artikel 10.6ter Jaarlijkse vervanging percentages forfaitair rendement uit vermogen#
Artikel 10.6a — Artikel 10.6a Jaarlijkse verlaging percentage in regeling gecombineerde heffingskorting bij minstverdienende partner#
Artikel 10.6b — Artikel 10.6b Indexering inkomensgrens en percentage algemene heffingskorting#
Artikel 10.7 — Artikel 10.7 Indexering inkomensgrenzen en percentages arbeidskorting#
Artikel 10.7a — Artikel 10.7a Indexering maximumbedrag, inkomensgrenzen en percentages werkbonus#
Artikel 10.8 — Artikel 10.8 Verstrekken van gegevens en inlichtingen#
Artikel 10.9 — Artikel 10.9 Rechtspersonen met natuurschoonwet-landgoederen#
Artikel 10.10 — Artikel 10.10 Activa in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de BES eilanden#
Artikel 10.11 — Artikel 10.11 Experimenteerbepaling pensioenregeling zelfstandigen#
Artikel 10bis.1 — Artikel 10bis.1 Bestaande eigenwoningschuld#
Artikel 10bis.2 — Artikel 10bis.2 Kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.2a — Artikel 10bis.2a Verlenging termijn kapitaalverzekering eigen woning#
Artikel 10bis.2b — Artikel 10bis.2b Overeenkomstige toepassing#
Artikel 10bis.3 — Artikel 10bis.3 Belastbare inkomsten uit eigen woning#
Artikel 10bis.4 — Artikel 10bis.4 Voordeel uit kapitaalverzekering eigen woning#
Artikel 10bis.5 — Artikel 10bis.5 Voordeel uit spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.6 — Artikel 10bis.6 Vrijstelling kapitaalverzekering eigen woning#
Artikel 10bis.7 — Artikel 10bis.7 Vrijstelling spaarrekening eigen woning en vrijstelling beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.8 — Artikel 10bis.8 Omzetting kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.9 — Artikel 10bis.9 Eigenwoningschuld en eigenwoningreserve#
Artikel 10bis.10 — Artikel 10bis.10 Aftrekbare kosten eigen woning#
Artikel 10bis.11 — Artikel 10bis.11 Aftrekbare kosten na eerder gebruik vrijstelling kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.11a — Artikel 10bis.11a Verzoek gezamenlijk genieten kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning#
Artikel 10bis.12 — Artikel 10bis.12 Indexatie#
Artikel 10a.1 — Artikel 10a.1 Overgangsrecht in verband met afschaffing per 1 januari 2006 van premieaftrek voor overbruggingslijfrenten#
Artikel 10a.2 — Artikel 10a.2 artikel 3.29b Overgangsbepaling waardering onderhanden werk en onderhanden opdrachten vanwege invoering#
Artikel 10a.3 — Artikel 10a.3 artikel 3.30 artikel 3.30a Overgangsbepaling afschrijving op bedrijfsmiddelen vanwege wijzigingen invoering#
Artikel 10a.4 — Artikel 10a.4 artikel 3.20 Overgangsbepaling bijin verband met de wijziging van artikel 3.20 per 1 januari 2017.#
Artikel 10a.5 — Artikel 10a.5 Overgangsrecht in verband met het vervallen van de mogelijkheid dat een natuurlijke persoon als pensioenverzekeraar optreedt#
Artikel 10a.6 — Artikel 10a.6 artikel 3.107a artikel 3.137 Overgangsbepaling met ingang van 2009 voor de toepassing vanen#
Artikel 10a.7 — Artikel 10a.7 Overgangsbepaling toerekening afgezonderd particulier vermogen#
Artikel 10a.8 — Artikel 10a.8 Wet op de loonbelasting 1964 Overgangsbepaling in verband met wijziging regime voor vergoedingen en verstrekkingen in de#
Artikel 10a.9 — Artikel 10a.9 afdeling 6.3 Overgangsbepaling verliezen op beleggingen in durfkapitaal in verband met het vervallen vanper 1 januari 2011#
Artikel 10a.9a — Artikel 10a.9a Overgangsbepaling teruggave van of nagekomen betaling ter zake van uitgaven voor specifieke zorgkosten#
Artikel 10a.10 — Artikel 10a.10 Overgangsbepaling vrijstelling box 3 inzake spaarloontegoeden#
Artikel 10a.11 — Artikel 10a.11 Overgangsbepaling levensloopregelingen#
Artikel 10a.12 — Artikel 10a.12 Overgangsrecht tijdelijke oudedagslijfrenten bij verhoging van de AOW-leeftijd#
Artikel 10a.13 — Artikel 10a.13 Overgangsbepaling stamrechtspaarrekeningen en stamrechtbeleggingsrechten#
Artikel 10a.14 — Artikel 10a.14 Wegenverkeerswet 1994 Overgangsbepaling in verband met de wijziging van demet ingang van 1 januari 2014#
Artikel 10a.15 — Artikel 10a.15 Overgangsbepaling nettolijfrente en nettopensioen#
Artikel 10a.16 — Artikel 10a.16 Overgangsbepaling scholingsuitgaven studiejaren tot en met het studiejaar 2014/2015#
Artikel 10a.17 — Artikel 10a.17 Overgangsbepaling buitenlandse bronbelasting als voorheffing#
Artikel 10a.18 — Artikel 10a.18 Overgangsbepaling uitfaseren pensioen in eigen beheer#
Artikel 10a.19 — Artikel 10a.19 Overgangsbepaling conserverende aanslagen lijfrente en pensioen#
Artikel 10a.20 — Artikel 10a.20 Overgangsbepaling teruggave van of nagekomen betaling ter zake van uitgaven voor monumentenpanden#
Artikel 10a.21 — Artikel 10a.21 Overgangsbepaling teruggave van of nagekomen betaling ter zake van scholingsuitgaven#
Artikel 10a.22 — Artikel 10a.22#
Artikel 10a.23 — Artikel 10a.23 Overgangsbepaling vereisten hypotheekrecht bij fictief regulier voordeel#
Artikel 10a.24 — Artikel 10a.24 Overgangsbepaling premie voor beroeps- of bedrijfstakregeling#
Artikel 10a.25 — Artikel 10a.25 Overgangsbepaling vermindering jaarruimte in verband met de opbouw van pensioenaanspraken#
Artikel 10a.26 — Artikel 10a.26 Overgangsbepaling experimenteerbepaling zelfstandigen#
Artikel 10a.27 — Artikel 10a.27 Overgangsbepaling nettopensioen#
Artikel 10a.28 — Artikel 10a.28 Overgangsbepaling middelingsregeling#
Artikel 10a.29 — Artikel 10a.29 Overgangsbepaling oudedagsreserve#
Artikel 10a.30 — Artikel 10a.30 Overgangsbepaling inkomensafhankelijke combinatiekorting#
Artikel 10b.1 — Artikel 10b.1 Horizonbepaling#
Artikel 11.1 — Artikel 11.1 Intrekking van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 en de Wet op de vermogensbelasting 1964#
Artikel 11.2 — Artikel 11.2 Integrale tekstpublicatie en nummering#
Artikel 11.3 — Artikel 11.3 Inwerkingtreding#
Artikel 11.4 — Artikel 11.4 Citeertitel#