Wet van 21 december 2000, houdende wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten (recht van keuze voor ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van mannen en vrouwen)
- BWB-id
- BWBR0012090
- Type
- Wet
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2004-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012090
- ELI
- /eli/nl/wet/2001/wijzigingswet-pensioen-en-spaarfondsenwet-recht-van-keuze-vo
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2001/wijzigingswet-pensioen-en-spaarfondsenwet-recht-van-keuze-vo/2004-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012090&g=2004-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012090&z=2026-06-06&g=2004-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012090/2004-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2001/wijzigingswet-pensioen-en-spaarfondsenwet-recht-van-keuze-vo
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Wijzigt de Pensioen- en spaarfondsenwet. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2. 2000 571 27-12-2000 14-12-2000 27184 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Treedt in werking als artikel I, onderdelen K en M, in werking treden.
Artikel II — Artikel II#
Artikel II Wijzigt de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen. Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel III — Artikel III#
Artikel III Wijzigt de Algemene wet gelijke behandeling. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV Wijzigt de Wet op de loonbelasting. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel V — Artikel V#
Artikel V Wijzigt de Wet privatisering ABP. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel VI — Artikel VI#
Artikel VI Wijzigt de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel VII — Artikel VII#
Artikel VII Wijzigt de Wijzigingswet Pensioen- en spaarfondsenwet, enz. (wettelijk recht op waarde-overdracht en enige andere maatregelen op het aanvullende pensioenterrein. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel VIII — Artikel VIII#
Artikel VIII 1 artikel I, onderdeel B Onze Minister zendt binnen zes jaar na inwerkingtreding van, van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. 2 artikel X, eerste lid artikel X, tweede lid In afwijking van het eerste lid vindt de evaluatie van de uitzonderingen, genoemd in, plaats zes jaar na de in, genoemde datum. 3 artikelen 2b, vijfde lid 2c, tweede lid 32, negende lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 12c, vijfde lid, van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen Een ieder verstrekt aan Onze Minister of aan een bij ministeriële regeling aangewezen instelling desgevraagd alle inlichtingen die nodig zijn in verband met het onderzoek naar de doeltreffendheid en de effecten van deze wet en de op de,, enenberustende bepalingen. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2.
Artikel IX — Artikel IX#
Artikel IX 1 Artikel I, onderdeel B artikel 2b van de Pensioen- en spaarfondsenwet ,is uitsluitend van toepassing op aanspraken op pensioen die vanaf de datum van inwerkingtreding van dat artikelonderdeel van de wet van 21 december 2000, houdende wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten in verband met het recht van keuze voor ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van mannen en vrouwen (Stb. 625), worden opgebouwd. 2 Artikel I, onderdeel C artikel II artikel 2c van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 32, zevende lid van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 12c, tweede lid, onderdeel a en b van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen ,, onderdeel J,, onderdeel M,, en,zijn uitsluitend van toepassing op aanspraken op pensioen die vanaf de datum van inwerkingtreding van het betreffende artikelonderdeel van de wet van 21 december 2000, houdende wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten in verband met het recht van keuze voor ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van mannen en vrouwen (Stb. 625), worden opgebouwd. 3 artikel 32ba van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 32ba, eerste lid, onderdeel e, van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 32a, onderdeel f, van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 32ba van de Pensioen- en spaarfondsenwet artikel 2b 2c van die wet artikel 32ba, eerste lid, onderdeel d en e van de Pensioen- en spaarfondsenwet Bij de toepassing vanis op pensioen of aanspraken op pensioen die vóór de dag van inwerkingtreding vanzijn opgebouwd,van toepassing, tenzijwordt toegepast in verband met een keuze als bedoeld inofen het pensioenfonds in zijn statuten of reglementenvan toepassing heeft verklaard. 4 Pensioen- en spaarfondsenwet Pensioen- en spaarfondsenwet Voorzover het bij de toepassing van het eerste en tweede lid aanspraken op pensioen betreft die, als gevolg van een premievrije voortzetting van die aanspraken worden opgebouwd, zijn de in het eerste en tweede lid genoemde artikelen van deuitsluitend van toepassing indien het recht op die premievrije voortzetting is ontstaan op of na de datum van inwerkingtreding van het betreffende artikelonderdeel van de wet van 21 december 2000, houdende wijziging van deen enige andere wetten in verband met het recht van keuze voor ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van mannen en vrouwen (Stb. 625). 5 artikel 32, zevende lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet In afwijking van het tweede lid is artikel I, onderdeel J,voor zover het niet betreft pensioen dat wordt berekend of mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage slechts van toepassing op aanspraken op pensioen die vanaf 1 januari 2005 worden opgebouwd. Dit lid is niet van toepassing op afkoop die tot de datum van inwerkingtreding van de Verzamelwet sociale verzekeringen 2003 plaatsvindt. 2003 544 30-12-2003 19-12-2003 28978 2003 545 30-12-2003 19-12-2003 01-01-2004
Artikel X — Artikel X#
Artikel X 1 artikel II artikel 2, vierde lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet De artikelen van deze wet met uitzondering van artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M, artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage, entreden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Het tijdstip van inwerkingtreding kan voorts ten aanzien van voorzieningen als bedoeld inen ten aanzien van vrijwillige pensioenvoorzieningen verschillend worden vastgesteld. 2 Artikel I, onderdeel B artikel II , artikel 2b, derde lid, en artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M, artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage, entreden uiterlijk in werking op 1 januari 2005. 2000 625 28-12-2000 21-12-2000 26711 2001 608 13-12-2001 03-12-2001 01-01-2002 Artikel I, onderdeel A, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en
artikel 2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e, treden niet in
werking voor zover het betreft pensioen dat wordt berekend of
mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage of
voorzover het betreft voorzieningen als bedoeld in het tweede
lid. Artikel I, onderdeel B, artikel 2b, derde lid, en artikel
2c, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, en onderdeel M,
artikel 32ba, eerste lid, onderdelen d en e treden in werking op
1 januari 2005 voor zover het betreft de voorzieningen zoals
omschreven in Stb. 2001/608, enig artikel, lid 2. 2001 692 28-12-2001 20-12-2001 27897 2001 693 28-12-2001 20-12-2001 27897 01-01-2002