Wet van 20 januari 2005 tot wijziging van de Natuurbeschermingswet 1998 in verband met Europeesrechtelijke verplichtingen
- BWB-id
- BWBR0017924
- Type
- Wet
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2005-10-01 t/m 2009-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017924
- ELI
- /eli/nl/wet/2005/wijzigingswet-natuurbeschermingswet-1998-europeesrechtelijke
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2005/wijzigingswet-natuurbeschermingswet-1998-europeesrechtelijke/2005-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017924&g=2005-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017924&z=2026-06-06&g=2005-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017924/2005-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2005/wijzigingswet-natuurbeschermingswet-1998-europeesrechtelijke
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Wijzigt de Natuurbeschermingswet 1998. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005 2005 282 14-06-2005 26-05-2005 29421 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel II — Artikel II#
Artikel II Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel III — Artikel III#
Artikel III Wijzigt de Wet op de economische delicten. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV Wijzigt de Flora- en faunawet. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel V — Artikel V#
Artikel V 1 richtlijn (EEG) nr. 79/409 artikel 10a van de Natuurbeschermingswet 1998 De besluiten van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit houdende de aanwijzing van gebieden ter uitvoering van ingevolgevan de Raad van de Europese Gemeenschappen van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand (pbEG L 103) gelden als besluiten als bedoeld in. 2 artikel 10 van de Natuurbeschermingswet 1998 artikel 15a, tweede lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 Artikel 15a, derde lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 artikel VIII In gevallen waarin een beschermd natuurmonument als bedoeld ingeheel of gedeeltelijk deel uitmaakt van een gebied als bedoeld in het eerste lid, vervalt in afwijking vaneen besluit houdende de aanwijzing van dat beschermde natuurmonument met ingang van het inbedoelde tijdstip.is van overeenkomstige toepassing. 3 artikel 19a van de Natuurbeschermingswet 1998 richtlijn (EEG) nr. 79/409 richtlijn (EEG) nr. 92/43 artikel VIII Een beheersplan als bedoeld invoor een gebied, dat ter uitvoering vanenvoor de inwerkingtreding van deze wet is aangewezen, wordt uiterlijk drie jaar na het inbedoelde tijdstip voor het eerst vastgesteld. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel VI — Artikel VI#
Artikel VI Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel VII — Artikel VII#
Artikel VII artikel VI De evaluatie als bedoeld invindt in elk geval plaats op basis van de volgende drie punten: a. Natuurbeschermingswet 1998 in hoeverre zijn de beheersplannen volgens de eisen van de wet opgesteld en vastgesteld en zijn deze plannen voldoende kaderstellend voor het verlenen van ingevolge devereiste vergunningen; b. artikelen 19e 19f 19g van de Natuurbeschermingswet 1998 in welke mate zijn de randvoorwaarden voor het adequaat uitvoeren van de ingevolge de,enbedoelde toets bij gemeenten aanwezig en c. Natuurbeschermingswet 1998 zijn alle activiteiten waarvoor ingevolge deeen vergunning vereist is volgens de eisen van de wet getoetst en afgehandeld. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005
Artikel VIII — Artikel VIII#
Artikel VIII Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2005 195 21-04-2005 20-01-2005 28171 2005 473 29-09-2005 21-09-2005 01-10-2005