Wet van 29 januari 2009, houdende regels met betrekking tot het beheer en gebruik van watersystemen (Waterwet)
- BWB-id
- BWBR0025458
- Type
- Wet
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0025458
- ELI
- /eli/nl/wet/2009/waterwet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2009/waterwet/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0025458&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0025458&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0025458/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2009/waterwet
Artikel 1.1 — Artikel 1.1#
Artikel 1.1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt, tenzij anders bepaald, verstaan onder: deltafonds: artikel 7.22a fonds, bedoeld in; deltaprogramma: artikel 4.9 programma, bedoeld in; Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat; Onze Ministers: Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat tezamen met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, ieder voor zover het aangelegenheden betreft die mede tot zijn verantwoordelijkheid behoren; oppervlaktewaterlichaam: Omgevingswet oppervlaktewaterlichaam als bedoeld in de; zuiveringtechnisch werk: Omgevingswet zuiveringtechnisch werk als bedoeld in de. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 1.2 — Artikel 1.2#
Artikel 1.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 1.3 — Artikel 1.3#
Artikel 1.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 1.4 — Artikel 1.4#
Artikel 1.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.1 — Artikel 2.1#
Artikel 2.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.2 — Artikel 2.2#
Artikel 2.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.3 — Artikel 2.3#
Artikel 2.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.4 — Artikel 2.4#
Artikel 2.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.5 — Artikel 2.5#
Artikel 2.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.6 — Artikel 2.6#
Artikel 2.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.52 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.7 — Artikel 2.7#
Artikel 2.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.53 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.8 — Artikel 2.8#
Artikel 2.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.9 — Artikel 2.9#
Artikel 2.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.10 — Artikel 2.10#
Artikel 2.10 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.11 — Artikel 2.11#
Artikel 2.11 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.12 — Artikel 2.12#
Artikel 2.12 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.13 — Artikel 2.13#
Artikel 2.13 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2.14 — Artikel 2.14#
Artikel 2.14 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.1 — Artikel 3.1#
Artikel 3.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.2 — Artikel 3.2#
Artikel 3.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.2a — Artikel 3.2a#
Artikel 3.2a Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.3 — Artikel 3.3#
Artikel 3.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.4 — Artikel 3.4#
Artikel 3.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.5 — Artikel 3.5#
Artikel 3.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.6 — Artikel 3.6#
Artikel 3.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.6a — Artikel 3.6a#
Artikel 3.6a 1 Er is een rechtstreeks onder Onze Minister ressorterende regeringscommissaris voor het deltaprogramma. Deze draagt de titel «deltacommissaris». 2 De deltacommissaris wordt aangewezen bij koninklijk besluit, in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad. 3 De deltacommissaris wordt aangewezen voor een periode van ten hoogste zeven jaren en kan nog een maal aangewezen worden voor een periode van ten hoogste zeven jaren. De aanwijzing eindigt van rechtswege met ingang van de datum dat de uitoefening van de functie van deltacommissaris geen onderdeel meer uitmaakt van de werkzaamheden van de betreffende ambtenaar. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 3.6b — Artikel 3.6b#
Artikel 3.6b De deltacommissaris bevordert de totstandkoming en uitvoering van het deltaprogramma. Daartoe: – doet hij jaarlijks een voorstel voor het deltaprogramma en legt dit voor aan Onze Ministers; – bevordert hij overleg met betrokken bestuursorganen, bedrijven en maatschappelijke organisaties; – bewaakt hij de voortgang van de uitvoering van het deltaprogramma en rapporteert en adviseert daarover aan Onze Ministers. 2011 604 20-12-2011 01-12-2011 32304 2011 636 23-12-2011 08-12-2011 01-01-2012
Artikel 3.6c — Artikel 3.6c#
Artikel 3.6c De deltacommissaris verkrijgt ten behoeve van de totstandkoming en de uitvoering van het deltaprogramma desgevraagd van Onze Ministers de gegevens die aan hen bij of krachtens de wet dienen te worden verschaft. 2011 604 20-12-2011 01-12-2011 32304 2011 636 23-12-2011 08-12-2011 01-01-2012
Artikel 3.6d — Artikel 3.6d#
Artikel 3.6d 1 artikel 3.6b Ter uitvoering vanvoert de deltacommissaris regelmatig overleg met betrokken bestuursorganen van provincies, waterschappen en gemeenten. 2 Aan het overleg kunnen, op uitnodiging, ook andere betrokken bestuursorganen deelnemen. 3 In het overleg worden in ieder geval besproken de voortgang van de uitvoering van het deltaprogramma en voorstellen voor maatregelen en voorzieningen in het kader van het deltaprogramma. 2011 604 20-12-2011 01-12-2011 32304 2011 636 23-12-2011 08-12-2011 01-01-2012
Artikel 3.6e — Artikel 3.6e#
Artikel 3.6e De deltacommissaris is op het terrein van waterbeheer, natuur, milieu of ruimtelijke kwaliteit niet werkzaam in een andere publiek-bestuurlijke of ambtelijke functie of in de private sector. 2011 604 20-12-2011 01-12-2011 32304 2011 636 23-12-2011 08-12-2011 01-01-2012
Artikel 3.7 — Artikel 3.7#
Artikel 3.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.8 — Artikel 3.8#
Artikel 3.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.9 — Artikel 3.9#
Artikel 3.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.10 — Artikel 3.10#
Artikel 3.10 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.11 — Artikel 3.11#
Artikel 3.11 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.12 — Artikel 3.12#
Artikel 3.12 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22, 4.54, 4.69 en 4.71 van Stb. 2020/172 bevatten
overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.13 — Artikel 3.13#
Artikel 3.13 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22, 4.55 en 4.70 van Stb. 2020/172 bevatten
overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3.14 — Artikel 3.14#
Artikel 3.14 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.1 — Artikel 4.1#
Artikel 4.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.56 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.2 — Artikel 4.2#
Artikel 4.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.3 — Artikel 4.3#
Artikel 4.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.4 — Artikel 4.4#
Artikel 4.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.57 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.5 — Artikel 4.5#
Artikel 4.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.6 — Artikel 4.6#
Artikel 4.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.58 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.7 — Artikel 4.7#
Artikel 4.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.8 — Artikel 4.8#
Artikel 4.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.9 — Artikel 4.9#
Artikel 4.9 1 Er is een deltaprogramma. 2 Het deltaprogramma bevat, in verband met de opgaven op het gebied van waterveiligheid en zoetwatervoorziening: a. maatregelen en voorzieningen van nationaal belang ter voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen en waterschaarste; b. maatregelen en voorzieningen ter bescherming of verbetering van de chemische of ecologische kwaliteit van watersystemen, voor zover deze onderdeel uitmaken van de opgaven. 3 Het deltaprogramma kan tevens ambities op andere beleidsterreinen bevatten, mits deze niet ten koste gaan van de opgaven, bedoeld in het tweede lid. 4 Van het deltaprogramma kunnen tevens deel uitmaken onderzoeken ten behoeve van de in het tweede en derde lid bedoelde maatregelen en voorzieningen. 5 In het deltaprogramma wordt jaarlijks voor de eerstvolgende zes jaren zo gedetailleerd als redelijkerwijs mogelijk is aangegeven welke maatregelen en voorzieningen in die periode zullen worden uitgevoerd en welke middelen beschikbaar worden gesteld voor: Tevens geeft het indicatief aan welke maatregelen of soorten van maatregelen in de daaropvolgende twaalf jaren worden voorzien en welke middelen daarvoor vermoedelijk beschikbaar zijn bij ongewijzigd beleid. a. opgaven als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a respectievelijk onderdeel b, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen beheer en onderhoud enerzijds en aanleg anderzijds; b. ambities als bedoeld in het derde lid, waarbij wordt aangegeven hoe deze ambities worden gefinancierd; c. onderzoeken als bedoeld in het vierde lid. 6 Het deltaprogramma maakt zichtbaar op welke wijze daarmee bijgedragen wordt aan het bereiken van de aan waterveiligheid en zoetwatervoorziening gerelateerde hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid zoals opgenomen in de nationale omgevingsvisie. 7 artikel 3.6b In het deltaprogramma wordt aangegeven op welke wijze rekening is gehouden met het voorstel en de adviezen, bedoeld in. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 4.10 — Artikel 4.10#
Artikel 4.10 1 Onze Minister biedt jaarlijks, gelijktijdig met de begroting van het deltafonds voor het nieuwe jaar het deltaprogramma aan de Staten-Generaal aan. 2 Onze Minister stelt de Staten-Generaal schriftelijk op de hoogte van de gevolgtrekkingen die hij aan de beraadslagingen in de Staten-Generaal over het deltaprogramma verbindt voor de uitvoering van dat programma. 3 Gevolgtrekkingen als bedoeld in het tweede lid worden aangemerkt als onderdeel van het deltaprogramma. 2011 604 20-12-2011 01-12-2011 32304 2011 636 23-12-2011 08-12-2011 01-01-2012
Artikel 5.1 — Artikel 5.1#
Artikel 5.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1, 4.7, 4.22 , 4.59 en 4.60 van Stb. 2020/172
bevatten overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.2 — Artikel 5.2#
Artikel 5.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1, 4.22 en 4.61 van Stb. 2020/172 bevatten
overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.3 — Artikel 5.3#
Artikel 5.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.4 — Artikel 5.4#
Artikel 5.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22, 4.62, 4.63, 4.64 en 4.65 van Stb. 2020/172
bevatten overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.5 — Artikel 5.5#
Artikel 5.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.6 — Artikel 5.6#
Artikel 5.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.7 — Artikel 5.7#
Artikel 5.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.8 — Artikel 5.8#
Artikel 5.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.9 — Artikel 5.9#
Artikel 5.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.10 — Artikel 5.10#
Artikel 5.10 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.11 — Artikel 5.11#
Artikel 5.11 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.12 — Artikel 5.12#
Artikel 5.12 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.13 — Artikel 5.13#
Artikel 5.13 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.14 — Artikel 5.14#
Artikel 5.14 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.15 — Artikel 5.15#
Artikel 5.15 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.66 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.16 — Artikel 5.16#
Artikel 5.16 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.66 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.17 — Artikel 5.17#
Artikel 5.17 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.18 — Artikel 5.18#
Artikel 5.18 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.19 — Artikel 5.19#
Artikel 5.19 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.20 — Artikel 5.20#
Artikel 5.20 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.21 — Artikel 5.21#
Artikel 5.21 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.2 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t.deze wijziging.
Artikel 5.22 — Artikel 5.22#
Artikel 5.22 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.2 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht
m.b.t.deze wijziging.
Artikel 5.23 — Artikel 5.23#
Artikel 5.23 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.24 — Artikel 5.24#
Artikel 5.24 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.2 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t.deze wijziging.
Artikel 5.25 — Artikel 5.25#
Artikel 5.25 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.26 — Artikel 5.26#
Artikel 5.26 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.27 — Artikel 5.27#
Artikel 5.27 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.28 — Artikel 5.28#
Artikel 5.28 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.29 — Artikel 5.29#
Artikel 5.29 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.67 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.30 — Artikel 5.30#
Artikel 5.30 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.68 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.31 — Artikel 5.31#
Artikel 5.31 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 5.32 — Artikel 5.32#
Artikel 5.32 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.1 — Artikel 6.1#
Artikel 6.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.2 — Artikel 6.2#
Artikel 6.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.3 — Artikel 6.3#
Artikel 6.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.4 — Artikel 6.4#
Artikel 6.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.5 — Artikel 6.5#
Artikel 6.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.5a — Artikel 6.5a#
Artikel 6.5a Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.6 — Artikel 6.6#
Artikel 6.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.7 — Artikel 6.7#
Artikel 6.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.8 — Artikel 6.8#
Artikel 6.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.9 — Artikel 6.9#
Artikel 6.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.10 — Artikel 6.10#
Artikel 6.10 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.1, 4.22 en 4.72 van Stb. 2020/172 bevatten
overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.11 — Artikel 6.11#
Artikel 6.11 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.12 — Artikel 6.12#
Artikel 6.12 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.13 — Artikel 6.13#
Artikel 6.13 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.14 — Artikel 6.14#
Artikel 6.14 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.15 — Artikel 6.15#
Artikel 6.15 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.16 — Artikel 6.16#
Artikel 6.16 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.17 — Artikel 6.17#
Artikel 6.17 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.18 — Artikel 6.18#
Artikel 6.18 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.19 — Artikel 6.19#
Artikel 6.19 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.20 — Artikel 6.20#
Artikel 6.20 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.21 — Artikel 6.21#
Artikel 6.21 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.22 — Artikel 6.22#
Artikel 6.22 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.23 — Artikel 6.23#
Artikel 6.23 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.24 — Artikel 6.24#
Artikel 6.24 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.25 — Artikel 6.25#
Artikel 6.25 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.26 — Artikel 6.26#
Artikel 6.26 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.27 — Artikel 6.27#
Artikel 6.27 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.73 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.28 — Artikel 6.28#
Artikel 6.28 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.29 — Artikel 6.29#
Artikel 6.29 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6.30 — Artikel 6.30#
Artikel 6.30 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.1 — Artikel 7.1#
Artikel 7.1 1 In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt, tenzij anders bepaald, verstaan onder: Algemene wet: Algemene wet inzake rijksbelastingen ; bedrijfsruimte: een naar zijn aard en inrichting als afzonderlijk geheel te beschouwen ruimte of terrein, niet zijnde een woonruimte, een zuiveringtechnisch werk of een openbaar vuilwaterriool; gebouwde onroerende zaak: artikel 117, eerste lid, onder d, van de Waterschapswet gebouwde onroerende zaak als bedoeld in; heffingsambtenaar: artikel 123, derde lid, onder b, van de Waterschapswet Algemene wet artikel 7.10, vierde lid ambtenaar, bedoeld inonderscheidenlijk ambtenaar, bedoeld in, die voor de toepassing van dein de plaats treedt van de inspecteur; ingezetene: artikel 116 van de Waterschapswet ingezetene als bedoeld in; lozen: het brengen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in een oppervlaktewaterlichaam; woonruimte: een ruimte die blijkens zijn inrichting bestemd is om als een afzonderlijk geheel te voorzien in woongelegenheid en waarvan de delen blijkens de inrichting van die ruimte niet bestemd zijn om afzonderlijk in gebruik te worden gegeven. 2 paragrafen 1 2 Voor de toepassing van deenwordt de exclusieve economische zone niet tot enig oppervlaktewaterlichaam gerekend. 2025 63 14-03-2025 10-02-2025 36412 2025 101 18-04-2025 11-04-2025 01-01-2026 De artikelen V en VI van Stb. 2025/63 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.2 — Artikel 7.2#
Artikel 7.2 1 Onder de naam verontreinigingsheffing vindt een heffing plaats ter zake van lozen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk. 2 Ter zake van lozen in een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij een waterschap kan het algemeen bestuur van dat waterschap onder de naam verontreinigingsheffing een heffing instellen. 3 Aan de heffing kunnen worden onderworpen: a. ter zake van lozen vanuit een bedrijfsruimte of woonruimte: degene die het gebruik heeft van die ruimte; b. ter zake van lozen met behulp van een riolering of een zuiveringtechnisch werk: degene bij wie die riolering of dat zuiveringtechnisch werk in beheer is; c. ter zake van andere lozingen dan als bedoeld in onderdeel a of b: degene die loost. 4 Ter zake van de verontreinigingsheffing van een waterschap wordt voor de toepassing van het derde lid, onderdeel a: a. gebruik van een woonruimte door de leden van een huishouden aangemerkt als gebruik door het door de heffingsambtenaar aangewezen lid van dat huishouden; b. gebruik door degene aan wie een deel van een bedrijfsruimte in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die het deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; c. het ter beschikking stellen van een woonruimte of bedrijfsruimte voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die ruimte ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die de ruimte ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie de ruimte ter beschikking is gesteld. 5 De opbrengst van de verontreinigingsheffing komt ten goede aan de bekostiging van het beheer van het watersysteem van de beheerder. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 2009 489 24-11-2009 09-11-2009 31858 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 De wijziging is in werking getreden op 2 december 2009 (Stb. 2009/491). 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 7.3 — Artikel 7.3#
Artikel 7.3 1 Voor de verontreinigingsheffing geldt als grondslag de hoeveelheid en hoedanigheid van de stoffen die in een kalenderjaar worden geloosd. Als heffingsmaatstaf geldt de vervuilingswaarde van de stoffen die in een kalenderjaar worden geloosd, uitgedrukt in vervuilingseenheden. 2 Eén vervuilingseenheid vertegenwoordigt met betrekking tot: het zuurstofverbruik: het jaarlijks verbruik van 54,8 kilogram zuurstof. 2014 21 21-01-2014 18-12-2013 33503 2014 155 17-04-2014 04-04-2014 01-07-2014
Artikel 7.4 — Artikel 7.4#
Artikel 7.4 Vervallen 2014 21 21-01-2014 18-12-2013 33503 2014 155 17-04-2014 04-04-2014 01-07-2014
Artikel 7.5 — Artikel 7.5#
Artikel 7.5 1 Het aantal vervuilingseenheden wordt berekend met behulp van gegevens verkregen door middel van door de heffingplichtige, gedurende elk etmaal van het kalenderjaar ondernomen meting, bemonstering en analyse, overeenkomstig bij ministeriële regeling, onderscheidenlijk belastingverordening te stellen regels. 2 Op aanvraag van de heffingplichtige staat de heffingsambtenaar onder nader te stellen voorwaarden toe dat van de frequentie van meting, bemonstering en analyse, bedoeld in het eerste lid, wordt afgeweken indien de heffingplichtige aannemelijk maakt dat voor de berekening van de vervuilingswaarde met gegevens over meting, bemonstering en analyse van een beperkt aantal etmalen kan worden volstaan. Dit besluit wordt genomen bij voor bezwaar vatbare beschikking. 3 De bepaling van het zuurstofverbruik van de stoffen welke in een kalenderjaar worden geloosd, geschiedt op basis van de som van het chemisch zuurstofverbruik door omzetting van de totale hoeveelheid organische koolstof in de stoffen en het zuurstofverbruik door omzetting van de totale hoeveelheid stikstof verminderd met de nitriet-stikstof en de nitraat-stikstof in de stoffen. Hierbij wordt het chemisch zuurstofverbruik gesteld op driemaal het totale gehalte aan organische koolstof in de afgevoerde stoffen. 4 In afwijking van het derde lid, tweede volzin, wordt de verhouding tussen het chemisch zuurstofverbruik en het totale gehalte aan organische koolstof in de geloosde stoffen vastgesteld op lager dan drie onderscheidenlijk hoger dan drie, indien de heffingplichtige op zijn kosten onderscheidenlijk de heffingsambtenaar op kosten van de beheerder overeenkomstig bij ministeriële regeling onderscheidenlijk belastingverordening te stellen nadere regels doet blijken dat deze verhouding lager is dan tweeënhalf onderscheidenlijk hoger is dan drieënhalf. Indien blijkt dat die verhouding lager is dan tweeënhalf of hoger is dan drieënhalf wordt de verhouding tussen het chemisch zuurstofverbruik en het totale gehalte aan organische koolstof in de geloosde stoffen gedeeld door tweeënhalf onderscheidenlijk drieënhalf en vermenigvuldigd met drie. 5 Indien de uitkomst van de methode tot bepaling van het chemisch zuurstofverbruik in belangrijke mate is beïnvloed door biologisch niet of nagenoeg niet afbreekbare stoffen, wordt op die uitkomst een correctie toegepast, overeenkomstig bij ministeriële regeling, onderscheidenlijk belastingverordening te stellen regels. 6 artikelen 122h, eerste, vijfde en zesde lid 122i tot en met 122k 166 van de Waterschapswet Artikel 122i, eerste lid, van de Waterschapswet De,enzijn van overeenkomstige toepassing.is eveneens van overeenkomstige toepassing op lozingen vanuit een zuiveringtechnisch werk. 2025 63 14-03-2025 10-02-2025 36412 2025 101 18-04-2025 11-04-2025 01-01-2026 De artikelen IV, V en VI van Stb. 2025/63 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.6 — Artikel 7.6#
Artikel 7.6 1 Het tarief van de heffing ter zake van lozingen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk bedraagt € 37,28 per vervuilingseenheid. 2 In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief per vervuilingseenheid van de heffing ter zake van lozingen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk vanuit een zuiveringtechnisch werk voor het biologisch zuiveren van huishoudelijk afvalwater 50% van het in het eerste lid genoemde bedrag. 3 artikel 122d van de Waterschapswet Het tarief van de heffing ter zake van lozingen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij een waterschap is gelijk aan het door dat waterschap voor het desbetreffende belastingjaar vastgestelde tarief van de zuiveringsheffing, bedoeld in. 4 In afwijking van het eerste lid is van heffing vrijgesteld de in het tweede lid bedoelde lozing indien deze plaatsvindt anders dan door de beheerder, mits de hoeveelheid afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen niet is toegenomen. 2014 21 21-01-2014 18-12-2013 33503 2014 155 17-04-2014 04-04-2014 01-07-2014
Artikel 7.7 — Artikel 7.7#
Artikel 7.7 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.74 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.8 — Artikel 7.8#
Artikel 7.8 1 Van verontreinigingsheffing zijn vrijgesteld: a. lozingen die plaatsvinden met behulp van een openbaar vuilwaterriool; b. lozingen van stoffen vanuit een zuiveringtechnisch werk door een beheerder op een oppervlaktewaterlichaam dat bij hem in beheer is; c. lozingen van stoffen afkomstig uit een zuiveringtechnisch werk anders dan door de beheerder, mits het lozen plaatsvindt op een oppervlaktewaterlichaam dat bij die beheerder in beheer is en de hoeveelheid afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen niet is toegenomen. 2 Voorts kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur onderscheidenlijk bij belastingverordening nadere regels worden gesteld met betrekking tot de verontreinigingsheffing. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.74 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.9 — Artikel 7.9#
Artikel 7.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.10 — Artikel 7.10#
Artikel 7.10 1 De verontreinigingsheffing ter zake van lozen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk wordt door Onze Minister bij wege van aanslag geheven. De heffing wordt geheven over het kalenderjaar. 2 Algemene wet artikelen 2, vierde lid 37 tot en met 39 47a 48 52 53 54 66a 66b 76 80, tweede, derde en vierde lid 82 84 86 87 van die wet Onverminderd het overigens in deze paragraaf bepaalde, wordt de in het eerste lid bedoelde heffing geheven met overeenkomstige toepassing van de, met uitzondering van de,,,,,,,,,,,,,en. 3 Algemene wet Voor de toepassing van detreedt Onze Minister in de plaats van Onze Minister van Financiën. 4 Algemene wet Voorts treden voor de toepassing van dede daartoe bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaar of ambtenaren in de plaats van het bestuur van 's Rijksbelastingen en van de inspecteur, onderscheidenlijk van de ambtenaren van de rijksbelastingdienst. 5 Van een besluit als bedoeld in het vierde lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. 2025 447 23-12-2025 17-12-2025 36816 2025 447 23-12-2025 17-12-2025 36816 31-12-2025
Artikel 7.11 — Artikel 7.11#
Artikel 7.11 1 artikel 7.10, eerste lid Indien een bedrijfs- of woonruimte of een zuiveringtechnisch werk bij meer dan één persoon in gebruik of beheer is, kan de heffingsambtenaar een belastingaanslag inzake de in, bedoelde heffing ter zake van die ruimte of van dat zuiveringtechnisch werk ten name van één van die personen stellen. 2 artikel 7.2, derde lid De heffingsambtenaar is bevoegd voor een zelfde in, bedoelde heffingplichtige, bestemde belastingaanslagen van dezelfde soort op één aanslagbiljet te verenigen. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Door Stb. 2009/490 vernummerd tot art. 7.14. 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. Voorheen art. 7.8. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 7.12 — Artikel 7.12#
Artikel 7.12 Algemene wet artikel 7.10, eerste lid De door Onze Minister aangewezen ambtenaren die voor de toepassing van dein de plaats treden van de ambtenaren van de rijksbelastingdienst, zijn, voor zover dit voor het heffen van de in, bedoelde heffing redelijkerwijs nodig is, bevoegd: a. elke plaats met medeneming van de benodigde apparatuur, zo nodig met behulp van de sterke arm, met uitzondering van een woonruimte zonder toestemming van de gebruiker of de gebruikers, te betreden; b. monsters te nemen ter zake van lozingen op oppervlaktewaterlichamen in beheer bij het Rijk. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Door Stb. 2009/490 vernummerd tot art. 7.15. 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. Voorheen art. 7.9. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 7.13 — Artikel 7.13#
Artikel 7.13 1 Invorderingswet 1990 Kostenwet invordering rijksbelastingen artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Invorderingswet 1990 De heffing ter zake van lozen op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk wordt ingevorderd met toepassing van deen deals was deze heffing een rijksbelasting in de zin vanen geschiedt door de zorg van de ontvanger, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van die wet, alsmede door de overige in die wet genoemde functionarissen. 2 Een voorlopige aanslag voor de in het eerste lid bedoelde heffing waarvan het aanslagbiljet een dagtekening heeft die ligt in het jaar waarover deze is vastgesteld, is invorderbaar in zoveel gelijke termijnen als er na de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, nog maanden van het jaar overblijven. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3 Indien toepassing van het tweede lid niet leidt tot meer dan twee maandelijkse termijnen, is de in dat lid bedoelde belastingaanslag twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet invorderbaar. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 2009 489 24-11-2009 09-11-2009 31858 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 De wijziging is in werking getreden op 2 december 2009 (Stb. 2009/491). Door Stb. 2009/490 vernummerd tot art. 7.17. 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. Voorheen art. 7.10. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 7.14 — Artikel 7.14#
Artikel 7.14 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.21 en 4.22 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.15 — Artikel 7.15#
Artikel 7.15 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.16 — Artikel 7.16#
Artikel 7.16 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.17 — Artikel 7.17#
Artikel 7.17 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.75 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.18 — Artikel 7.18#
Artikel 7.18 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.76 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.19 — Artikel 7.19#
Artikel 7.19 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.20 — Artikel 7.20#
Artikel 7.20 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.21 — Artikel 7.21#
Artikel 7.21 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.77 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.22 — Artikel 7.22#
Artikel 7.22 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikelen 4.22 en 4.78 van Stb. 2020/172 bevatten overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.22a — Artikel 7.22a#
Artikel 7.22a 1 Er is een deltafonds. 2 Het deltafonds heeft ten doel de financiering en bekostiging van: a. maatregelen en voorzieningen ter voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste; b. maatregelen en voorzieningen ter bescherming of verbetering van de chemische of ecologische kwaliteit van watersystemen; c. het inwinnen, bewerken en verspreiden van met de onderdelen a en b samenhangende gegevens en het verrichten van met de onderdelen a en b samenhangende onderzoeken. 2014 21 21-01-2014 18-12-2013 33503 2014 357 16-10-2014 03-10-2014 01-01-2015
Artikel 7.22b — Artikel 7.22b#
Artikel 7.22b 1 artikel 2.11, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 Het deltafonds is een begrotingsfonds als bedoeld in. 2 Onze Minister beheert het deltafonds. 2017 139 07-04-2017 22-03-2017 34426 2017 253 19-06-2017 29-05-2017 01-01-2018
Artikel 7.22c — Artikel 7.22c#
Artikel 7.22c De ontvangsten van het deltafonds zijn: a. een bijdrage ten laste van de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat; b. bijdragen ten laste van andere begrotingen van het Rijk; c. bijdragen van derden; d. andere ontvangsten in het kader van het bereiken van de doelen van het deltafonds. 2020 455 18-11-2020 04-11-2020 35319 2020 556 24-12-2020 17-12-2020 01-01-2021
Artikel 7.22d — Artikel 7.22d#
Artikel 7.22d 1 Ten laste van het deltafonds komen de uitgaven ten behoeve van: a. aanleg, verbetering, beheer, onderhoud en bediening van waterstaatswerken die bij het Rijk in beheer zijn of zullen zijn, ter voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen en waterschaarste; b. maatregelen en voorzieningen ter bescherming of verbetering van de chemische of ecologische kwaliteit van watersystemen; c. het inwinnen, bewerken en verspreiden van met de onderdelen a en b samenhangende gegevens; d. met de onderdelen a en b samenhangende onderzoeken. 2 Onze Minister kan uit het deltafonds subsidies verstrekken ten behoeve van: a. aanleg, verbetering, beheer, onderhoud en bediening van waterstaatswerken die niet bij het Rijk in beheer zijn of zullen zijn, ter voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen en waterschaarste; b. maatregelen en voorzieningen ter bescherming of verbetering van de chemische of ecologische kwaliteit van watersystemen; c. met de onderdelen a en b samenhangende onderzoeken. 3 artikelen 2 4 tot en met 7 van de Kaderwet subsidies I en M Op subsidies die ten laste komen van het deltafonds zijn deenvan toepassing. 4 artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Subsidies als bedoeld in het tweede lid die worden verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 5 artikel 7.22a, tweede lid, onderdelen a en b Ten laste van het deltafonds kunnen eveneens uitgaven worden gebracht ten behoeve van maatregelen en voorzieningen als bedoeld in, alsmede ten behoeve van het inwinnen, verspreiden en bewerken van gegevens en het doen van onderzoek als bedoeld in artikel 7.22a, tweede lid, onderdeel c, met betrekking tot buiten het Nederlandse grondgebied gelegen delen van de stroomgebieddistricten Eems, Maas, Rijn en Schelde. 6 Ten laste van het deltafonds komen tevens uitgaven ten behoeve van het bureau ter ondersteuning van de werkzaamheden van de deltacommissaris, de huisvestingskosten van het bureau en verdere aan de taakvervulling van de deltacommissaris verbonden uitgaven. 7 Ten laste van het deltafonds komen voorts andere uitgaven en subsidies in het kader van het bereiken van de doelen van dat fonds. 2020 455 18-11-2020 04-11-2020 35319 2020 556 24-12-2020 17-12-2020 01-01-2021
Artikel 7.23 — Artikel 7.23#
Artikel 7.23 1 Onze Minister verleent aan de beheerder op aanvraag een subsidie voor het treffen van maatregelen, indien: a. de maatregelen nodig zijn vanwege: 1°. artikel 2.15, eerste lid, aanhef en onder d, van de Omgevingswet artikel 20.3, eerste lid, van de Omgevingswet wijziging van krachtensgestelde omgevingswaarden, de krachtens artikel 2.15, derde lid, van de Omgevingswet voor de toepassing van het eerste lid, onder d, van die wet gestelde regels, of de krachtensover de uitvoering van de monitoring voor die omgevingswaarden gestelde regels; 2°. artikel 2.2 artikel 2.3 2.12, vierde lid bijlage III de overgang van de op grond vandan wel krachtensof, gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016, naar de normen indan wel de krachtens artikel 2.3 gestelde regels, zoals die luidden per 1 januari 2017; of 3°. artikel 2.3 2.12, vierde lid wijziging van de krachtensof, gestelde regels, zoals deze artikelen luidden op 31 december 2016; b. de maatregelen voor het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt zijn opgenomen in een jaarlijks door Onze Minister vast te stellen programma; en c. artikel 20.1, derde lid, van de Omgevingswet bij maatregelen die betrekking hebben op een deel van een primaire waterkering als bedoeld in de Omgevingswet waarop een krachtensgestelde andere parameter van toepassing is en nodig zijn vanwege het eerste lid, onderdeel a, onder 1° of 2°, die andere parameter is overschreden. 2 De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend voor negentig procent van de geraamde kosten van een sober en doelmatig ontwerp van de maatregelen. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de kostenraming en de subsidiabele kosten. 3 artikelen 2 4 tot en met 7 van de Kaderwet subsidies I en M Deenzijn van toepassing. 4 Bij de voorbereiding van het programma, bedoeld in het eerste lid, en van de regeling, bedoeld in het tweede lid, worden de besturen van de waterschappen gehoord. 5 Bij algemene maatregel van bestuur worden de maatregelen aangewezen waarvoor in afwijking van het tweede lid subsidie wordt verleend voor honderd procent van de kosten van uitvoering. Daarbij worden de aard en omvang van deze maatregelen aangeduid en de locaties en de betrokken beheerders vermeld. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.24 — Artikel 7.24#
Artikel 7.24 1 Een waterschap is een jaarlijkse bijdrage aan Onze Minister verschuldigd ter bestrijding van de kosten verbonden aan de verstrekking van subsidies voor maatregelen die nodig zijn vanwege: a. artikel 2.15, eerste lid, aanhef en onder d, van de Omgevingswet artikel 20.3, eerste lid, van de Omgevingswet wijziging van krachtensgestelde omgevingswaarden, de krachtens artikel 2.15, derde lid, van de Omgevingswet voor de toepassing van het eerste lid, onder d, van die wet gestelde regels of de krachtensover de uitvoering van de monitoring voor die omgevingswaarden gestelde regels; b. artikel 2.2 artikel 2.3 2.12, vierde lid bijlage III de overgang van de op grond vandan wel krachtensof, gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016, naar de normen indan wel de krachtens artikel 2.3 gestelde regels, zoals die luidden per 1 januari 2017; of c. artikel 2.3 2.12, vierde lid wijziging van de krachtensof, gestelde regels, zoals deze artikelen luidden op 31 december 2016. 2 De jaarlijkse bijdrage wordt berekend volgens de formule: B = 0,50 x R1 (I/IT + WG/WGT) + 0,40 x R2 (I/IT + WG/WGT), waarin B voorstelt: de te berekenen bijdrage in euro’s; artikel 7.22c, eerste lid, onder a of b artikel 7.23, vijfde lid R1 voorstelt: een bedrag in euro’s dat gelijk is aan het bedrag dat ten laste van een begroting als bedoeld in, ten bate van de begroting van het desbetreffende jaar wordt toegevoegd aan het deltafonds ten behoeve van subsidies voor de maatregelen die zijn aangewezen krachtens, en dat tezamen met R2 niet hoger is dan het in het vierde lid genoemde maximum; artikel 7.22c, eerste lid, onder a of b artikel 7.23, vijfde lid R2 voorstelt: een bedrag in euro’s dat gelijk is aan het bedrag dat ten laste van een begroting als bedoeld in, ten bate van de begroting van het desbetreffende jaar wordt toegevoegd aan het deltafonds ten behoeve van subsidies voor maatregelen als bedoeld in het eerste lid, die niet zijn aangewezen krachtens, en dat tezamen met R1 niet hoger is dan het in het vierde lid genoemde maximum; I voorstelt: het aantal ingezetenen in het gebied van het waterschap op de peildatum; IT voorstelt: het aantal ingezetenen in de gebieden van de waterschappen tezamen op de peildatum; WG voorstelt: de som van de op basis van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken vastgestelde waarden van de gebouwde onroerende zaken in het gebied van het waterschap op de peildatum; hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken WGT voorstelt: de som van de op basis vanvastgestelde waarden van de gebouwde onroerende zaken in de gebieden van de waterschappen tezamen op de peildatum. 3 De peildatum, bedoeld in het tweede lid, is 1 januari 2010 voor de jaarlijkse bijdrage voor de kalenderjaren 2011 tot en met 2014 en voor elke daaropvolgende aaneengesloten periode van vier kalenderjaren telkens 1 januari van het laatste kalenderjaar dat voorafgaat aan de betrokken periode. 4 6 6 Het in het tweede lid aan de som van R1 en R2 gestelde maximum bedraagt in 2014 131 x 10euro’s en vanaf 2015 181 x 10euro’s, met dien verstande dat met ingang van 2016 het laatstgenoemde bedrag ten opzichte van het loon- en prijspeil van 2011 jaarlijks wordt geĩndexeerd volgens de Index Bruto Overheidsinvesteringen, zoals toegepast door Onze Minister van Financiën in de Voorjaarsnota. 5 Middelen die bestemd zijn voor subsidies ten behoeve van maatregelen als bedoeld in het eerste lid, kunnen tevens worden besteed aan: a. uitgaven van het Rijk ten behoeve van zodanige maatregelen, mits deze uitgaven de kosten van een subsidie voor zodanige maatregelen niet te boven gaan; b. artikelen 7.22a 7.22d uitgaven of subsidies ten behoeve van een of meer andere maatregelen, al dan niet zijnde waterbeheermaatregelen, die tezamen een vergelijkbaar beschermingsniveau bieden, indien een maatregel als bedoeld in het eerste lid zeer kostbaar of maatschappelijk zeer ingrijpend is en de uitgaven of subsidies voor dergelijke andere maatregelen de kosten van een subsidie voor een maatregel als bedoeld in het eerste lid niet te boven gaan, waarbij zo nodig kan worden afgeweken van deen; c. artikel 2.13, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet eenmalige subsidies voor maatregelen die nodig zijn om bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen andere dan primaire waterkeringen in overeenstemming te brengen met de omgevingswaarden, bedoeld in. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7.25 — Artikel 7.25#
Artikel 7.25 artikel 7.24 Ten behoeve van de vaststelling van de hoogte van de bijdrage, bedoeld in, verschaft het dagelijks bestuur van een waterschap Onze Minister voor 1 maart van het kalenderjaar dat volgt op het kalenderjaar waarin de peildatum valt, de volgende gegevens: a. het aantal ingezetenen in het gebied van het waterschap op de peildatum, en b. hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken de som van de op basis vanvastgestelde waarden van de gebouwde onroerende zaken in het gebied van het waterschap op de peildatum. 2013 280 04-07-2013 15-05-2013 33465 2013 281 04-07-2013 19-06-2013 01-01-2014
Artikel 7.26 — Artikel 7.26#
Artikel 7.26 1 artikel 7.24 Onze Minister stelt de verplichting tot betaling van de bijdrage, bedoeld in, jaarlijks voor 1 mei vast. 2 Indien de slotwet van de begroting van het deltafonds daartoe aanleiding geeft, wordt de verplichting tot betaling door Onze Minister gewijzigd. 3 Indien de verplichting tot betaling op grond van het tweede lid wordt gewijzigd, is over de te betalen of terug te betalen geldsom geen wettelijke rente verschuldigd. 4 Krachtens het eerste of tweede lid verschuldigde geldsommen kunnen door Onze Minister worden ingevorderd bij dwangbevel. 5 Onze Minister kan een aan een waterschap terug te betalen geldsom verrekenen met een van hetzelfde waterschap krachtens het eerste of tweede lid te vorderen geldsom voor een ander kalenderjaar. 2013 280 04-07-2013 15-05-2013 33465 2013 281 04-07-2013 19-06-2013 01-01-2014
Artikel 8.1 — Artikel 8.1#
Artikel 8.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.2 — Artikel 8.2#
Artikel 8.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.3 — Artikel 8.3#
Artikel 8.3 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.4 — Artikel 8.4#
Artikel 8.4 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.5 — Artikel 8.5#
Artikel 8.5 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.6 — Artikel 8.6#
Artikel 8.6 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.7 — Artikel 8.7#
Artikel 8.7 Vervallen 2021 135 17-03-2021 03-03-2021 35256 2021 254 02-06-2021 18-05-2021 01-07-2021
Artikel 8.8 — Artikel 8.8#
Artikel 8.8 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.9 — Artikel 8.9#
Artikel 8.9 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8.10 — Artikel 8.10#
Artikel 8.10 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 9.1 — Artikel 9.1#
Artikel 9.1 Vervallen 2009 570 24-12-2009 14-12-2009 31352 2009 597 28-12-2009 21-12-2009 01-01-2010
Artikel 9.2 — Artikel 9.2#
Artikel 9.2 Vervallen 2009 570 24-12-2009 14-12-2009 31352 2009 597 28-12-2009 21-12-2009 01-01-2010
Artikel 9.3 — Artikel 9.3#
Artikel 9.3 Vervallen 2009 570 24-12-2009 14-12-2009 31352 2009 597 28-12-2009 21-12-2009 01-01-2010
Artikel 9.4 — Artikel 9.4#
Artikel 9.4 Vervallen 2009 570 24-12-2009 14-12-2009 31352 2009 597 28-12-2009 21-12-2009 01-01-2010
Artikel 9.5 — Artikel 9.5#
Artikel 9.5 Vervallen 2009 570 24-12-2009 14-12-2009 31352 2009 597 28-12-2009 21-12-2009 01-01-2010
Artikel 10.1 — Artikel 10.1#
Artikel 10.1 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 10.2 — Artikel 10.2#
Artikel 10.2 Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 10.2a — Artikel 10.2a#
Artikel 10.2a Vervallen 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 10.3 — Artikel 10.3#
Artikel 10.3 artikel 6.3, eerste lid, onderdeel d Indien voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet van 14 maart 2018 tot wijziging van de Waterwet en van de Wet maritiem beheer BES in verband met de uitvoering van de wijziging van het Protocol van 1996 bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972 (mariene geo-engineering) (Stb. 98) voor een activiteit als bedoeld in, een watervergunning is verleend, berust deze op artikel 6.3, eerste lid, aanhef en onderdeel d, mits de activiteit in bijlage 4 bij het op 7 november 1996 te Londen tot stand gekomen Protocol bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972 (Trb. 1998, 134) is aangemerkt als een activiteit waarvoor een vergunning kan worden verleend. 2018 98 12-04-2018 14-03-2018 34743 2018 182 21-06-2018 04-06-2018 01-07-2018
Artikel 10.4 — Artikel 10.4#
Artikel 10.4 1 Onze Minister zendt binnen vijf jaar na de volledige inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet. 2 artikelen 7.23 tot en met 7.26 Onverminderd het eerste lid zendt Onze Minister vóór 1 januari 2025 aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de. 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.22 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 10.5 — Artikel 10.5#
Artikel 10.5 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 10.6 — Artikel 10.6#
Artikel 10.6 Deze wet wordt aangehaald als: Waterwet. 2009 107 12-03-2009 29-01-2009 30818 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 2009 490 25-11-2009 20-11-2009 2009 549 18-12-2009 10-12-2009 22-12-2009 Tekstplaatsing met vernummering. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.
Artikel 1.3#
artikel 1.3, eerste lid
Artikel 1.3#
artikel 1.3, tweede lid
Artikel 2.2#
artikel 2.2, eerste lid
Artikel 2.2#
artikel 2.2, tweede en derde lid