Wet van 15 april 2010, houdende regeling van de uitvoering van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen door de Pensioen- en Uitkeringsraad en de Sociale verzekeringsbank (Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen)
- BWB-id
- BWBR0027660
- Type
- Wet
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2016-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027660
- ELI
- /eli/nl/wet/2011/wet-uitvoering-wetten-voor-verzetsdeelnemers-en-oorlogsgetro
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2011/wet-uitvoering-wetten-voor-verzetsdeelnemers-en-oorlogsgetro/2016-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027660&g=2016-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027660&z=2026-06-06&g=2016-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027660/2016-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2011/wet-uitvoering-wetten-voor-verzetsdeelnemers-en-oorlogsgetro
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; b. Raad: artikel 3 de Pensioen- en Uitkeringsraad, bedoeld in; c. Sociale verzekeringsbank: hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen de Sociale verzekeringsbank, genoemd in; d. Cliëntenraad: artikel 10 de Cliëntenraad verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen, genoemd in; e. wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen: Wet buitengewoon pensioen 1940–1945 Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945 de, de, de, deen de; f. AOR: de Algemene Oorlogsongevallenregeling Indonesië met inbegrip van het besluit van de Luitenant-Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 5 november 1946 (Indisch Staatsblad 1946, 118). 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikelen 18 tot en met 20 22 26 tot en met 30 33 tot en met 35 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De,,enzijn van toepassing op de uitvoering door de Sociale verzekeringsbank van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR. 2 artikelen 20 22, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De bevoegdheden, bedoeld in deen, worden door Onze Minister toegepast in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. 3 artikel 37, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen In afwijking van, wordt het toezicht op de uitvoering door de Sociale verzekeringsbank van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR uitgeoefend door Onze Minister. 4 Artikel 84 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen is ten aanzien van de uitvoering van deze wet door de Sociale verzekeringsbank niet van toepassing. 2015 464 10-12-2015 25-11-2015 34273 2015 465 10-12-2015 02-12-2015 01-01-2016
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 4 Er is een Raad, die is belast met de taken, genoemd in. 2 De Raad is gevestigd op een door Onze Minister te bepalen plaats. 3 De Raad bezit rechtspersoonlijkheid. 4 Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Deis van toepassing op de Raad. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De Raad heeft tot taak: a. het geven van beschikkingen op een aanvraag voor een erkenning, buitengewoon pensioen, garantietoeslag, uitkering, periodieke uitkering, garantie-uitkering, vergoeding, tegemoetkoming of herziening als bedoeld in de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen, afkomstig van een persoon die nog geen financiële aanspraak ontleent of heeft ontleend aan de wet waarop hij zijn aanvraag baseert; b. het ambtshalve herzien van de erkenning als verzetsdeelnemer, vervolgde of burger-oorlogsslachtoffer; c. het geven van beschikkingen op een aanvraag voor een uitkering of tegemoetkoming op grond van de AOR afkomstig van een persoon die nog geen financiële aanspraak ontleent of heeft ontleend aan deze regeling; d. artikel 6, onderdelen a en b het vaststellen van beleidsregels voor beschikkingen van de Sociale verzekeringsbank als bedoeld in, en e. het adviseren van de Sociale verzekeringsbank over beschikkingen waarbij niet op basis van de beleidsregels, bedoeld in onderdeel d, kan worden besloten. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De Raad bestaat uit minimaal drie en maximaal negen leden, onder wie een voorzitter. 2 De benoeming van de leden van de Raad geschiedt gehoord hebbende de organisaties en instellingen welke regelmatig zijn betrokken bij de uitvoering van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR. 3 De leden van de Raad worden benoemd voor een periode van vier jaren. 4 De Raad wordt zodanig samengesteld dat daarin de categorieën belanghebbenden waarop de werkzaamheden van de Raad betrekking hebben op een evenwichtige wijze zijn vertegenwoordigd. 5 Het lidmaatschap van de Raad is onverenigbaar met het hebben van een financiële aanspraak op basis van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR. 6 artikel 4 De Raad stelt regels betreffende de uitvoering van zijn taken, genoemd in. 7 De voorzitter vertegenwoordigt de Raad in en buiten rechte. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De Sociale verzekeringsbank heeft tot taak: a. artikel 4 het geven van de beschikkingen op basis van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR die niet op grond vanaan de Raad zijn opgedragen; b. artikel 2 van de Tijdelijke vergoedingsregeling psychotherapie na-oorlogse generatie het geven van beschikkingen op aanvragen voor een vergoeding in de kosten van een behandeling, als bedoeld in; c. artikel 4, onderdelen a tot en met c de voorbereiding en de uitvoering van de beschikkingen, bedoeld in, en d. de ondersteuning van de Raad bij zijn werkzaamheden. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 6, onderdelen a en b artikel 4, onderdeel d De beschikkingen, bedoeld in, worden gegeven met in achtneming van de beleidsregels, bedoeld in. 2 De Sociale verzekeringsbank vraagt de Raad om advies indien deze niet kan voldoen aan de verplichting, genoemd in het eerste lid, omdat: a. er geen beleidsregel is, of b. toepassing van de beleidsregel voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. 3 Indien de Sociale verzekeringsbank een beschikking geeft die afwijkt van het advies, genoemd in het tweede lid, wordt dit advies met het besluit meegestuurd. Van het besluit wordt mededeling gedaan aan Onze Minister en aan de Raad. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De Raad en de Sociale verzekeringsbank overleggen ten minste een maal per kwartaal over de afstemming van de hen op grond van deze wet toegekende taken. 2 De Raad en de Sociale verzekeringsbank stellen gezamenlijk Onze Minister onverwijld op de hoogte van het resultaat van dit overleg. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De kosten van de buitengewone pensioenen, garantietoeslagen, uitkeringen, periodieke uitkeringen, garantie-uitkeringen, vergoedingen en tegemoetkomingen, die worden verstrekt op grond van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen alsmede de uitkeringen en tegemoetkomingen op grond van de AOR, komen ten laste van het Rijk. 2 De kosten, gemoeid met de uitvoering van deze wet, komen ten laste van ’s Rijks kas, overeenkomstig bij ministeriële regeling te stellen regels. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Er is een Cliëntenraad, die met de Raad en de Sociale verzekeringsbank overlegt en hun gevraagd en ongevraagd schriftelijk adviseert over de uitvoering van de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen en de AOR, voorzover dit relevant is vanuit het oogpunt van cliëntenbelangen, met uitzondering van individuele zaken. 2 artikelen 4 6 De Cliëntenraad bestaat uit personen of vertegenwoordigers van personen die als cliënt betrokken zijn bij de uitvoering van de taken, genoemd in deen. 3 De Cliëntenraad bestaat uit minimaal zeven en maximaal vijftien leden, onder wie een voorzitter, die door de Sociale verzekeringsbank worden benoemd, geschorst en ontslagen. De benoeming van de leden van de eerste Cliëntenraad na inwerkingtreding van deze wet, geschiedt op voordracht van de Raad. De daaropvolgende benoemingen geschieden op voordracht van de zittende leden van de Cliëntenraad. 4 De leden van de Cliëntenraad worden benoemd voor een periode van drie jaren. 5 De Raad en de Sociale verzekeringsbank verstrekken de Cliëntenraad tijdig, spontaan en op verzoek, alle informatie die hij redelijkerwijs nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak, tenzij enig wettelijk voorschrift deze verstrekking in de weg staat. 6 De Sociale verzekeringsbank voert het secretariaat van de Cliëntenraad en benoemt een van zijn medewerkers tot ambtelijk secretaris. 7 De Cliëntenraad stelt in ieder geval regels betreffende: a. de frequentie van zijn bijeenkomsten; b. de wijze waarop door de leden onderwerpen voor de agenda van zijn bijeenkomsten kunnen worden aangedragen, en c. de openbaarheid van zijn bijeenkomsten. 8 De leden van de Cliëntenraad hebben recht op een reiskostenvergoeding tot een door de Sociale verzekeringsbank te bepalen maximum. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 5 van de Wet op de Pensioen- en Uitkeringsraad Aan de voorzitter en de leden van het bestuur, bedoeld in, wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet ontslag verleend. 2 artikel 11 van de Wet op de Pensioen- en Uitkeringsraad Aan de voorzitters, de leden en de plaatsvervangende leden van de Kamers, bedoeld in, wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet ontslag verleend. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 2, eerste lid, van de Wet op de Pensioen- en Uitkeringsraad Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet zijn de personeelsleden van de Raad, bedoeld in, van wie naam en functie zijn vermeld op een door deze Raad in overleg met de Sociale verzekeringsbank vastgestelde lijst, van rechtswege ontslagen en in dienst genomen door de Sociale verzekeringsbank krachtens een arbeidsovereenkomst. 2 artikel 2, eerste lid, van de Wet op de Pensioen- en Uitkeringsraad De overgang van de in het eerste lid bedoelde personeelsleden vindt plaats met een rechtspositie die als geheel ten minste gelijkwaardig is aan die welke voor elk van hen gold bij de Raad, bedoeld in. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 wet tot wijziging van de Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen in verband met het opnemen van een grondslag voor de uitvoering door de Pensioen- en Uitkeringsraad en de Sociale verzekeringsbank van de Algemene Oorlogsongevallenregeling Indonesië en het besluit van de Luitenant-Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 5 november 1946 (Indisch Staatsblad 1946, 118) Archiefwet 1995 Op het tijdstip van inwerkingtreding van deworden de archiefbescheiden van de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen, voor zover betrekking hebbend op de AOR, overgedragen aan de Sociale verzekeringsbank respectievelijk de Pensioen- en Uitkeringsraad, voor zover zij niet overeenkomstig dezijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats. 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Vervallen 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Wijzigt de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Wijzigt de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Wet op de Pensioen- en Uitkeringsraad Dewordt ingetrokken. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Onze Minister zendt in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Vervallen 2014 583 30-12-2014 17-12-2014 34061 2014 584 30-12-2014 17-12-2014 01-01-2015 Artikel II van Stb. 2014/583 bevat overgangsrecht m.b.t. deze
wijziging.
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2011. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Deze wet wordt aangehaald als: Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen. 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 2010 182 20-05-2010 15-04-2010 32310 01-01-2011