Wet van 28 februari 2013, houdende regels omtrent de instelling van de Autoriteit Consument en Markt (Instellingswet Autoriteit Consument en Markt)
- BWB-id
- BWBR0033043
- Type
- Wet
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-09-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0033043
- ELI
- /eli/nl/wet/2013/instellingswet-autoriteit-consument-en-markt
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2013/instellingswet-autoriteit-consument-en-markt/2025-09-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0033043&g=2025-09-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0033043&z=2026-06-06&g=2025-09-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0033043/2025-09-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2013/instellingswet-autoriteit-consument-en-markt
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: – Autoriteit Consument en Markt: artikel 2, eerste lid de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in; – bindende aanwijzing: een zelfstandige last die wegens een overtreding wordt opgelegd; – marktorganisatie: 1°. een rechtspersoon, natuurlijke persoon of andere entiteit handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, met inbegrip van een onderneming als bedoeld in artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; 2°. een organisatie waarin meerdere rechtspersonen, natuurlijke personen of andere entiteiten handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf verenigd zijn, met inbegrip van een ondernemersvereniging als bedoeld in artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; – Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat; – Verordening (EU) 2016/679: Verordening (EU) 2016/679 Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van(algemene verordening gegevensbescherming) (Pb EU 2016, L 119); – zelfstandige last: artikel 5:2, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht de enkele last tot het verrichten van bepaalde handelingen, bedoeld in, ter bevordering van de naleving van wettelijke voorschriften. 2022 23 20-01-2022 15-12-2021 35889 2022 100 01-03-2022 07-02-2022 02-03-2022
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Er is een Autoriteit Consument en Markt. 2 De Autoriteit Consument en Markt is belast met de taken die haar bij of krachtens de wet zijn opgedragen. 3 De Autoriteit Consument en Markt heeft tevens tot taak om, binnen het kader van de in het tweede lid bedoelde taken, voorlichting te geven over de rechten en plichten van consumenten. Zij maakt daarbij gebruik van een informatieloket. 4 Tot de taken van de Autoriteit Consument en Markt behoort het uit eigen beweging doen van marktonderzoeken en maken van rapportages, indien dat naar haar oordeel nuttig is voor de uitvoering van de taken, bedoeld in het tweede lid. 5 De werkzaamheden van de Autoriteit Consument en Markt hebben tot doel het bevorderen van goed functionerende markten, van ordelijke en transparante marktprocessen en van een zorgvuldige behandeling van consumenten. Daaronder wordt verstaan het bewaken, bevorderen en beschermen van een effectieve mededinging en gelijke concurrentievoorwaarden op markten en het wegnemen van belemmeringen daarvoor. 6 Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De toepassing van deheeft mede betrekking op de taken die de Autoriteit Consument en Markt uitvoert in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2016 22 14-01-2016 23-12-2015 34190 2016 123 31-03-2016 23-03-2016 01-07-2016 Artikel XIV van Stb. 2016/22 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De Autoriteit Consument en Markt bestaat uit drie leden, onder wie de voorzitter. 2 Benoeming vindt plaats op grond van de deskundigheid die nodig is voor de uitoefening van de taken van de Autoriteit Consument en Markt alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 3 De voorzitter wordt benoemd voor een periode van zeven jaar en de overige leden worden benoemd voor een periode van vijf jaar. De voorzitter en de overige leden kunnen eenmaal worden herbenoemd voor eenzelfde periode. 4 In het geval van een vacature vormen de overblijvende leden, in afwijking van het eerste lid, voor een periode van ten hoogste negen maanden nadat de vacature is ontstaan de Autoriteit Consument en Markt, met de bevoegdheden van de voltallige Autoriteit Consument en Markt. 5 artikel 13, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Onverminderdheeft een lid geen financiële of andere belangen waardoor zijn onpartijdigheid in het geding kan zijn. 6 Een lid van de Autoriteit Consument en Markt legt jaarlijks een schriftelijke verklaring af dat hij geen belangen heeft als bedoeld in het vijfde lid. In die verklaring worden alle directe en indirecte belangen vermeld die van invloed kunnen zijn op de uitoefening van zijn functie. 7 artikel 12 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Onverminderddoet Onze Minister mededeling van een besluit tot ontslag in de Staatscourant. De redenen van het ontslag worden in die mededeling openbaar gemaakt indien de betrokkene daarom verzoekt. 8 Bij ministeriële regeling worden de voorwaarden voor schorsing en ontslag van de leden van de Autoriteit Consument en Markt nader uitgewerkt. 2020 262 17-07-2020 01-07-2020 35218 2021 176 09-04-2021 01-04-2021 01-07-2021
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De Autoriteit Consument en Markt stelt een bestuursreglement vast. 2 artikel 11 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De Autoriteit Consument en Markt maakt het bestuursreglement na de goedkeuring, bedoeld in, bekend in de Staatscourant. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2, tweede lid Onze Minister stelt ten behoeve van de uitvoering van de in, bedoelde taken, personeel ter beschikking van de Autoriteit Consument en Markt. 2 De Autoriteit Consument en Markt stelt een mandaatregeling op ten aanzien van de bevoegdheden van het personeel. 3 De mandaatregeling behoeft de goedkeuring van Onze Minister. Onze Minister onthoudt zijn goedkeuring indien de mandaatregeling naar zijn oordeel een goede taakuitoefening door de Autoriteit Consument en Markt kan belemmeren. De mandaatregeling wordt na goedkeuring door de Autoriteit Consument en Markt bekendgemaakt in de Staatscourant. 4 Indien Onze Minister van oordeel is dat de mandaatregeling een goede taakuitoefening belemmert, kan hij de Autoriteit Consument en Markt verzoeken de mandaatregeling te wijzigen. 5 Indien de Autoriteit Consument en Markt binnen dertien weken geen gevolg heeft gegeven aan een verzoek als bedoeld in het vierde lid kan Onze Minister de Autoriteit Consument en Markt opdragen de mandaatregeling op een door hem gewenste wijze aan te passen. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 18, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen artikel 6a, eerste lid Onverminderdbevat het jaarverslag informatie over de benoemingen en ontslagen van leden van de Autoriteit Consument en Markt, het bedrag aan middelen dat in het desbetreffende jaar is toegewezen en eventuele veranderingen in dit bedrag in vergelijking met voorgaande jaren, een overzicht van de kosten die op basis van, ten laste zijn gebracht van marktorganisaties en een globale beschrijving van de ontwikkeling van de markt in de postsector en de telecommunicatiesector. 2 artikel 18, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Bij de toepassing vanwordt het jaarverslag mede gezonden aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. 3 Onze Minister zendt zo spoedig mogelijk zijn bevindingen omtrent het jaarverslag, alsmede de bevindingen van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, aan de beide Kamers der Staten-Generaal. 2021 9 14-01-2021 11-11-2020 35467 2021 74 17-02-2021 02-02-2021 18-02-2021
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 artikel 2, tweede lid De kosten van de Autoriteit Consument en Markt die samenhangen met de uitvoering van de taken, bedoeld in, worden ten laste gebracht van marktorganisaties, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. 2 artikel 2, vierde lid De kosten van de Autoriteit Consument en Markt die samenhangen met het uit eigen beweging doen van marktonderzoeken en maken van rapportages, bedoeld in, met de behandeling van bezwaar- en beroepschriften, met het sanctioneren van overtredingen waaronder het nemen en bekendmaken van besluiten omtrent het opleggen van bestuurlijke sancties en bindende aanwijzingen, met werkzaamheden die uitsluitend ten behoeve van andere overheidsorganisaties worden verricht, en met het geven van deskundige raad aan Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu worden niet ten laste gebracht van marktorganisaties. 3 De kosten van de Autoriteit Consument en Markt die samenhangen met het nemen en bekendmaken van besluiten, niet zijnde beschikkingen, en het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften worden niet ten laste van marktorganisaties gebracht indien: a. de desbetreffende werkzaamheden niet gericht zijn op het tot stand brengen van marktordening of er geen sprake is van een voldoende afgebakende groep marktorganisaties die van de werkzaamheden profijt hebben, of b. de baten naar verwachting niet opwegen tegen de kosten van de Autoriteit Consument en Markt om de in de aanhef bedoelde kosten ten laste te brengen van marktorganisaties. 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere kosten worden aangewezen die in afwijking van het eerste lid niet ten laste van marktorganisaties worden gebracht. 5 De systematiek volgens welke de kosten worden bepaald en ten laste worden gebracht van marktorganisaties houdt in dat: a. ten hoogste de door de Autoriteit Consument en Markt gemaakte kosten ten laste van marktorganisaties worden gebracht, b. zowel directe als indirecte kosten ten laste van marktorganisaties kunnen worden gebracht, c. de kosten van de Autoriteit Consument en Markt die samenhangen met de uitvoering van een taak voor een specifieke sector uitsluitend ten laste worden gebracht van marktorganisaties in die sector, en d. de kosten samenhangend met het geven van een beschikking of met de behandeling van een aanvraag van een marktorganisatie tot het geven van een beschikking ten laste kunnen worden gebracht van de marktorganisatie aan wie de beschikking is gericht of die de aanvraag heeft gedaan. 6 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de systematiek volgens welke de kosten worden bepaald en ten laste gebracht van marktorganisaties en regels over de in dat kader door marktorganisaties aan de Autoriteit Consument en Markt te verstrekken gegevens. In die maatregel kan worden bepaald dat voor daarbij aan te wijzen categorieën van besluiten van de Autoriteit Consument en Markt de gemiddelde kosten van een desbetreffend besluit ten laste van een marktorganisatie worden gebracht. 7 De bedragen die de Autoriteit Consument en Markt ter vergoeding van de kosten aan marktorganisaties in rekening brengt worden bij ministeriële regeling vastgesteld. 8 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat, ten behoeve van een geleidelijke overgang naar de op basis van de voorgaande leden aan marktorganisaties in rekening te brengen vergoedingen, gedurende een periode van ten hoogste drie jaren na inwerkingtreding van dit artikel andere bedragen in rekening worden gebracht. Daarbij kan gedifferentieerd worden naar marktsector. 9 Titel 4.4 artikelen 4:85 4:95, van de Algemene wet bestuursrecht De Autoriteit Consument en Markt kan de door marktorganisaties verschuldigde bedragen invorderen bij dwangbevel., met uitzondering van deenis, voor zover al niet van toepassing, van overeenkomstige toepassing. 10 Voor zover een door de Autoriteit Consument en Markt in rekening gebracht bedrag verplicht tot betaling van een geldsom, komt deze geldsom toe aan de Staat der Nederlanden. 2015 212 17-06-2015 04-06-2015 34024 2015 212 17-06-2015 04-06-2015 34024 18-06-2015 01-01-2015
Artikel 6b — Artikel 6b#
Artikel 6b 1 artikel 2, tweede lid Een ieder verstrekt de Autoriteit Consument en Markt desgevraagd de gegevens en inlichtingen en verschaft haar desgevraagd inzage in de gegevens en bescheiden die redelijkerwijs nodig zijn voor de uitvoering van de in, bedoelde taken. 2 De Autoriteit Consument en Markt kan een termijn stellen waarbinnen de in het eerste lid bedoelde gegevens, inlichtingen of bescheiden worden verstrekt. 3 Zij die uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit. 4 De Autoriteit Consument en Markt draagt er zorg voor dat de wijze waarop zij uitvoering geeft aan het eerste lid zodanig is dat de daaruit voortvloeiende lasten voor marktorganisaties zo laag mogelijk zijn. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 2, tweede lid Gegevens of inlichtingen welke in verband met enige werkzaamheid ten behoeve van de uitvoering van een taak als bedoeld in, zijn verkregen mogen uitsluitend worden gebruikt voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van die taak of van enige andere taak als bedoeld in artikel 2, tweede lid. 2 Het eerste lid is niet van toepassing voor zover een wettelijk voorschrift het gebruik van verkregen gegevens of inlichtingen regelt. 3 In afwijking van het eerste lid is de Autoriteit Consument en Markt bevoegd gegevens of inlichtingen te verstrekken aan: a. een bestuursorgaan, dienst, toezichthouder en andere persoon, belast met de opsporing van strafbare feiten, onderscheidenlijk het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften, indien bij regeling van Onze Minister is bepaald dat verstrekking noodzakelijk is voor de goede vervulling van een aan dat bestuursorgaan, die dienst, die toezichthouder of die andere persoon opgedragen taak, b. artikel 2, tweede lid een buitenlandse instelling, indien het gaat om gegevens of inlichtingen die van betekenis zijn of kunnen zijn voor de uitoefening van de taak van die buitenlandse instelling en die buitenlandse instelling op grond van nationale wettelijke regels is belast met de toepassing van regels op dezelfde gebieden als waarop de taken, bedoeld in, betrekking hebben, of c. degene op wie de gegevens of inlichtingen betrekking hebben voor zover deze gegevens of inlichtingen door of namens hem zijn verstrekt. 4 Verstrekking aan een bestuursorgaan, dienst, toezichthouder of andere persoon als bedoeld in het derde lid, onder a, of aan een in het derde lid, onder b, bedoelde buitenlandse instelling vindt uitsluitend plaats indien: a. de geheimhouding van de gegevens of inlichtingen in voldoende mate is gewaarborgd, en b. voldoende is gewaarborgd dat de gegevens of inlichtingen niet zullen worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze worden verstrekt. 5 Verordening (EU) 2016/679 Verordening (EU) 2016/679 hoofdstukken 2 3 4 5 8 10 van de Mededingingswet Gelet op artikel 9, tweede lid, onderdeel g, vanverwerkt de Autoriteit Consument en Markt gegevens over gezondheid als bedoeld in artikel 4, onderdeel 15, van, die noodzakelijk zijn ten behoeve van het toezicht of de taken waarmee de Autoriteit Consument en Markt is belast op grond van de,,,,en, voor zover het de zorgsector betreft, en artikel 2, vierde lid, voor zover het marktonderzoeken en rapportages in de zorgsector betreft. 6 Verordening (EU) 2016/679 De Autoriteit Consument en Markt verwerkt de gegevens, bedoeld in het vijfde lid, slechts indien daarop pseudonimisering als bedoeld in artikel 4, onderdeel 5, vanis toegepast en vervolgens onafgebroken is gecontinueerd. 7 Verordening (EU) 2016/679 Verordening (EU) 2016/679 Gelet op artikel 23, eerste lid, onderdeel e, vanis artikel 21, eerste lid, tweede volzin, vanbij de verwerking, bedoeld in het vijfde lid, niet van toepassing. 8 Indien toepassing wordt gegeven aan het vijfde lid worden de gegevens over gezondheid alleen verwerkt door personen die uit hoofde van een wettelijk voorschrift dan wel krachtens een overeenkomst tot geheimhouding zijn verplicht. 2025 200 23-07-2025 11-06-2025 36588 2025 208 20-08-2025 15-08-2025 01-09-2025
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 20 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Onze Minister kan nadere regels vaststellen over de inbedoelde verstrekking van gegevens of inlichtingen van de Autoriteit Consument en Markt aan Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu en nadere regels over de verstrekking van gegevens of inlichtingen door Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu aan de Autoriteit Consument en Markt. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Onze Minister en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu onthouden zich van instructies die op een individuele zaak betrekking hebben. 2 De leden en het personeel van de Autoriteit Consument en Markt verlangen of ontvangen geen instructies die op een individuele zaak betrekking hebben. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 22, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen In afwijking vankan Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu een besluit van de Autoriteit Consument en Markt uitsluitend vernietigen indien het een besluit van algemene strekking betreft en de vernietiging geschiedt wegens onbevoegdheid van de Autoriteit Consument en Markt. 2 Artikel 10:35 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 3 Artikel 22, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan geen besluiten vernietigen op het gebied van energie, post, telecommunicatie en vervoer die de Autoriteit Consument en Markt neemt op grond van het bepaalde bij of krachtens een voor een specifieke marktsector geldende wet of op het gebied van mededinging.is op die besluiten niet van toepassing. 4 Onze Minister of Onze Minister van Infrastructuur en Milieu zendt een afschrift van een besluit tot vernietiging aan de Tweede en de Eerste Kamer der Staten-Generaal. 2021 9 14-01-2021 11-11-2020 35467 2021 74 17-02-2021 02-02-2021 18-02-2021
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 23, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Indien de Autoriteit Consument en Markt bij werkzaamheden ten behoeve van de uitvoering van een wet die valt onder de verantwoordelijkheid van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu haar taak ernstig verwaarloost, treft Onze Minister de inbedoelde voorzieningen na overleg met Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 39, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Onze Minister stelt het verslag, bedoeld in, op na overleg met Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 12a — Artikel 12a#
Artikel 12a 1 artikel 5, eerste lid Met het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften dat is opgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt zijn belast de bij besluit van de Autoriteit Consument en Markt aangewezen ambtenaren die deel uitmaken van het personeel, bedoeld in. 2 Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12b — Artikel 12b#
Artikel 12b 1 artikel 12a, eerste lid artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht De in, bedoelde ambtenaren zijn bevoegd om bedrijfsruimten en voorwerpen te verzegelen, voor zover dat voor de uitoefening van de inbedoelde bevoegdheden redelijkerwijs noodzakelijk is. 2 artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht De ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, oefenen de hun intoegekende bevoegdheden zo nodig uit met behulp van de sterke arm. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12c — Artikel 12c#
Artikel 12c 1 artikel 12a, eerste lid artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht De in, bedoelde ambtenaren zijn bevoegd een woning zonder toestemming van de bewoner te betreden, voor zover dat voor de uitoefening van de inbedoelde bevoegdheden redelijkerwijs noodzakelijk is. 2 Wet op het financieel toezicht Het eerste lid is niet van toepassing bij het toezicht van de Autoriteit Consument en Markt op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12d — Artikel 12d#
Artikel 12d 1 artikel 12c, eerste lid Voor het betreden, bedoeld in, is een voorafgaande machtiging vereist van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken bij de rechtbank Rotterdam. De machtiging kan bij wijze van voorzorgsmaatregel worden gevraagd. De machtiging wordt zo mogelijk getoond. 2 Artikel 171 van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing. De rechter-commissaris kan het openbaar ministerie horen alvorens te beslissen. 3 Tegen de beslissing van de rechter-commissaris staat voor zover het verzoek om een machtiging niet is toegewezen, voor de Autoriteit Consument en Markt binnen veertien dagen beroep open bij de rechtbank Rotterdam. 4 artikelen 2 3 van de Algemene wet op het binnentreden Deenzijn niet van toepassing. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12e — Artikel 12e#
Artikel 12e 1 artikel 12d, eerste lid Een machtiging als bedoeld in, is met redenen omkleed en ondertekend en vermeldt: a. de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven; b. de naam of het nummer en de hoedanigheid van degene aan wie de machtiging is gegeven; c. de wettelijke bepaling waarop het binnentreden berust en het doel waartoe wordt binnengetreden; d. de dagtekening. 2 Indien het betreden dermate spoedeisend is dat de machtiging niet tevoren op schrift kan worden gesteld, zorgt de rechter-commissaris zo spoedig mogelijk voor de opschriftstelling. 3 De machtiging blijft ten hoogste van kracht tot en met de derde dag na die waarop zij is gegeven. 4 Artikel 6 van de Algemene wet op het binnentreden is niet van toepassing. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12f — Artikel 12f#
Artikel 12f 1 De ambtenaar die is binnengetreden, maakt op zijn ambtseed of -belofte een schriftelijk verslag op omtrent het binnentreden. 2 In het verslag vermeldt hij: a. zijn naam of nummer en zijn hoedanigheid; b. de dagtekening van de machtiging en de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven; c. de wettelijke bepaling waarop het binnentreden berust en het doel waartoe is binnengetreden; d. de plaats waar is binnengetreden en de naam van degene bij wie is binnengetreden; e. de wijze van binnentreden en het tijdstip waarop in de woning is binnengetreden en waarop deze is verlaten; f. hetgeen in de woning is verricht en overigens is voorgevallen; g. de namen of nummers en de hoedanigheid van de overige personen die zijn binnengetreden. 3 Het verslag wordt uiterlijk op de vierde dag na die waarop is binnengetreden, toegezonden aan de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven. 4 Een afschrift van het verslag wordt uiterlijk op de vierde dag na die waarop is binnengetreden, aan degene bij wie is binnengetreden, uitgereikt of toegezonden. Indien het doel waartoe is binnengetreden daartoe noodzaakt, kan deze uitreiking of toezending worden uitgesteld. Uitreiking of toezending geschiedt in dat geval zodra het belang van dit doel het toelaat. Indien het niet mogelijk is het afschrift uit te reiken of toe te zenden, houdt de rechter-commissaris of de ambtenaar die is binnengetreden het afschrift gedurende zes maanden beschikbaar voor degene bij wie is binnengetreden. 5 artikelen 10 11 van de Algemene wet op het binnentreden Deenzijn niet van toepassing. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12g — Artikel 12g#
Artikel 12g 1 Artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 5:20, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op geschriften, gewisseld tussen een marktorganisatie en een advocaat, die zich bij de marktorganisatie bevinden, doch waarop, indien zij zich zouden bevinden bij die advocaat,van toepassing zou zijn. 2 artikel 51, tweede lid, onder 2°, van het Wetboek van Strafrecht Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van degenen, bedoeld in. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12h — Artikel 12h#
Artikel 12h 1 artikel 5:45 van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdvervalt de bevoegdheid van de Autoriteit Consument en Markt tot het opleggen van een bestuurlijke boete of een last onder dwangsom aan een marktorganisatie, indien de Autoriteit Consument en Markt op aanvraag van die marktorganisatie besluit tot het bindend verklaren van een door die marktorganisatie gedane toezegging. 2 De Autoriteit Consument en Markt kan een besluit nemen als bedoeld in het eerste lid, indien zij het bindend verklaren van een toezegging doelmatiger acht dan het opleggen van een bestuurlijke boete of een last onder dwangsom. 3 De marktorganisatie dient de aanvraag voor het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid in, voordat de Autoriteit Consument en Markt een besluit omtrent het opleggen van een bestuurlijke boete of een last onder dwangsom heeft genomen. 4 artikel 5:45, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De termijn, bedoeld inwordt opgeschort met ingang van de dag waarop de Autoriteit Consument en Markt de aanvraag ontvangt, tot de dag waarop de Autoriteit Consument en Markt een besluit op de aanvraag heeft genomen. Artikel 5:45, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing. 5 De marktorganisatie gedraagt zich overeenkomstig het besluit, bedoeld in het eerste lid. 6 De Autoriteit Consument en Markt bepaalt gedurende welke periode het besluit, bedoeld in het eerste lid, geldt en kan deze periode telkens verlengen. 7 De Autoriteit Consument en Markt kan een besluit als bedoeld in het eerste lid of een besluit tot verlenging als bedoeld in het zesde lid, wijzigen of intrekken indien: a. er een wezenlijke verandering is opgetreden in de feiten waarop het besluit berust; b. het besluit berust op door de marktorganisatie verstrekte onvolledige, onjuiste of misleidende gegevens; c. de marktorganisatie in strijd met het vijfde lid handelt. 8 Alvorens de Autoriteit Consument en Markt een besluit als bedoeld in het eerste lid neemt op het gebied van mededinging, informeert zij naar de standpunten van marktorganisaties die actief waren op de markt waar het handelen waarop de toezegging betrekking heeft, plaatsvond. 2021 9 14-01-2021 11-11-2020 35467 2021 74 17-02-2021 02-02-2021 18-02-2021
Artikel 12i — Artikel 12i#
Artikel 12i Artikel 5:10a van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing bij het verhoor van een andere, voor de marktorganisatie werkzame, natuurlijke persoon dan degene, bedoeld in artikel 5:10a. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12j — Artikel 12j#
Artikel 12j De Autoriteit Consument en Markt kan in geval van overtreding van een wettelijk voorschrift met het toezicht op de naleving waarvan zij is belast, aan de overtreder een bindende aanwijzing opleggen. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12k — Artikel 12k#
Artikel 12k 1 artikel 5:51, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De Autoriteit Consument en Markt kan de termijn, genoemd in, met ten hoogste dertien weken verlengen, indien voor de desbetreffende overtreding bij wettelijk voorschrift is bepaald dat een bestuurlijke boete kan worden opgelegd van ten hoogste 10% van de omzet van de overtreder. 2 Van deze verlenging wordt mededeling gedaan aan de overtreder. 3 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de bevoegdheid tot verlenging, bedoeld in het eerste lid. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12l — Artikel 12l#
Artikel 12l 1 De Autoriteit Consument en Markt kan met het oog op de bepaling van de hoogte van de op te leggen bestuurlijke boete de boekhouding van de marktorganisatie onderzoeken teneinde de voor de oplegging van de bestuurlijke boete in aanmerking te nemen financiële gegevens te kunnen bepalen. Zij kan zich laten bijstaan door een onafhankelijke financieel deskundige. 2 De marktorganisatie verleent medewerking aan een onderzoek als bedoeld in het eerste lid. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan de marktorganisatie die in strijd handelt met het tweede lid een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000. 4 artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuurlijke boete die ingevolge het derde lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden. 2016 22 14-01-2016 23-12-2015 34190 2016 123 31-03-2016 23-03-2016 01-07-2016 Artikel XIV van Stb. 2016/22 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 12m — Artikel 12m#
Artikel 12m 1 artikel 1, onder 1° De Autoriteit Consument en Markt kan aan de overtreder een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, van ten hoogste 1% van de omzet van de marktorganisatie, indien deze een marktorganisatie is als bedoeld in, dan wel, indien de overtreding door een marktorganisatie als bedoeld in artikel 1, onder 2°, is begaan van de gezamenlijke omzet van de aangesloten marktorganisaties, in geval van: a. artikel 6b, eerste en tweede lid overtreding van, b. overtreding van een zelfstandige last, c. artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht overtreding van, of d. artikel 12b, eerste lid verbreking, opheffing of beschadiging van een verzegeling als bedoeld in, het op andere wijze verijdelen van de door die verzegeling beoogde afsluiting of van het door de marktorganisatie achterwege laten van voldoende maatregelen om verijdeling van de door de verzegeling beoogde afsluiting van door haar gebruikte bedrijfsruimten of voorwerpen te voorkomen. 2 artikel 12h, vijfde lid artikel 1, onder 1° De Autoriteit Consument en Markt kan in geval van overtreding van, de overtreder een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000, of indien dat meer is, van ten hoogste 10% van de omzet van de marktorganisatie, als bedoeld in, dan wel, indien de overtreding door een marktorganisatie als bedoeld in artikel 1, onder 2°, is begaan, van de gezamenlijke omzet van de aangesloten marktorganisaties. 3 Ingeval van een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b kan de Autoriteit Consument en Markt een last onder dwangsom opleggen. 4 Artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht is artikel 199 van het Wetboek van Strafrecht niet van toepassing op de in het eerste lid, onderdeel c, bedoelde overtreding enis niet van toepassing op de in het eerste lid, onderdeel d, bedoelde overtreding. 5 artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste of tweede lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden. 2021 9 14-01-2021 11-11-2020 35467 2021 254 02-06-2021 18-05-2021 01-07-2021 Treedt volgens Stb. 2021/74 in werking op het tijdstip waarop
artikel I, onder C, van de Wijzigingswet Algemene wet bestuursrecht
en enkele andere wetten (nieuwe omgevingsrecht en
nadeelcompensatierecht) in werking treedt.
Artikel 12n — Artikel 12n#
Artikel 12n 1 artikel 5:1, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 51, tweede lid, onder 2°, van het Wetboek van Strafrecht Indien de Autoriteit Consument en Markt op grond vantoepassing geeft aan, bedraagt voor de daar bedoelde overtreder de bestuurlijke boete ten hoogste € 900.000. 2 artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden. 2016 22 14-01-2016 23-12-2015 34190 2016 123 31-03-2016 23-03-2016 01-07-2016 Artikel XIV van Stb. 2016/22 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 12o — Artikel 12o#
Artikel 12o 1 artikel 377, zesde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Indien de Autoriteit Consument en Markt een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste een percentage van de omzet van de overtreder, wordt onder omzet van de overtreder verstaan de netto-omzet, bedoeld indie de overtreder heeft behaald in het meest recente boekjaar ten aanzien waarvan de overtreder een jaarrekening beschikbaar heeft of zou moeten hebben. 2 artikel 1, onder 2° Indien de overtreding is begaan door een marktorganisatie als bedoeld in, en de Autoriteit Consument en Markt een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste een percentage van de gezamenlijke omzet van de marktorganisaties, bedoeld in artikel 1, onder 1°, die bij de eerstbedoelde marktorganisatie zijn aangesloten, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing op de berekening van de omzet van een aangesloten marktorganisatie. 3 Postwet 2009 Telecommunicatiewet artikel 377, zesde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Indien de Autoriteit Consument en Markt op grond van deof deeen bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste een percentage van de omzet van de overtreder wordt, in afwijking van het eerste lid, onder omzet van de overtreder verstaan de netto-omzet, bedoeld indie de overtreder in Nederland heeft behaald in het meest recente boekjaar ten aanzien waarvan de overtreder een jaarrekening beschikbaar heeft of zou moeten hebben. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12p — Artikel 12p#
Artikel 12p 1 De werking van een beschikking van de Autoriteit Consument en Markt tot oplegging van een bestuurlijke boete wordt opgeschort totdat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift tegen die beschikking, is verstreken. 2 Indien binnen de in het eerste lid bedoelde termijn een bezwaarschrift is ingediend, wordt, in afwijking van het eerste lid, de werking van de beschikking opgeschort met 24 weken gerekend met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze aan de overtreder is bekendgemaakt of, indien dat eerder is, tot de dag na die waarop de beslissing op bezwaar op de voorgeschreven wijze aan de overtreder is bekendgemaakt. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12q — Artikel 12q#
Artikel 12q artikel 10:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdworden de werkzaamheden in verband met het opleggen van een bestuurlijke boete niet verricht door personen die betrokken zijn geweest bij de opstelling van het rapport, bedoeld inen het daaraan voorafgaande onderzoek. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12r — Artikel 12r#
Artikel 12r 1 Aan een last onder dwangsom kunnen voorschriften worden verbonden inzake het verstrekken van gegevens aan de Autoriteit Consument en Markt. 2 Een last onder dwangsom geldt voor een door de Autoriteit Consument en Markt te bepalen termijn van ten hoogste twee jaren. 3 Artikel 5:45, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bevoegdheid tot het opleggen van een last onder dwangsom vervalt vijf jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.is van overeenkomstige toepassing. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12s — Artikel 12s#
Artikel 12s 1 artikel 1, onder 2° artikel 4:112, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Ingeval een bestuurlijke boete is opgelegd aan een marktorganisatie als bedoeld in, kan de Autoriteit Consument en Markt, bij gebreke van betaling binnen de inbedoelde termijn als gevolg van insolventie van die marktorganisatie, bij elk van de marktorganisaties, bedoeld in de begripsomschrijving van artikel 1, onder 1°, die bij de eerstbedoelde marktorganisatie waren vertegenwoordigd in het besluitvormende orgaan op het tijdstip van de beslissing tot het begaan van de overtreding, de bestuurlijke boete invorderen. 2 Indien na invordering overeenkomstig het eerste lid, de bestuurlijke boete niet volledig is betaald, kan de Autoriteit Consument en Markt het resterende bedrag invorderen van elk van de vertegenwoordigde marktorganisaties, bedoeld in het eerste lid, die tijdens de overtreding actief waren op de markt waar de overtreding is begaan. 3 Bij toepassing van het eerste en tweede lid kan van elke vertegenwoordigde marktorganisatie geen hoger bedrag worden gevorderd dan 10% van de omzet behaald in het meest recente boekjaar ten aanzien waarvan de vertegenwoordigde marktorganisatie een jaarrekening beschikbaar heeft of zou moeten hebben. 4 Een vertegenwoordigde marktorganisatie waarvan op grond van het eerste of tweede lid een bestuurlijke boete wordt gevorderd, is niet verplicht tot betaling indien zij aantoont dat zij de beslissing, bedoeld in het eerste lid, niet heeft uitgevoerd en zij hetzij niet op de hoogte was van die beslissing hetzij actief afstand heeft genomen van die beslissing voordat het onderzoek naar de overtreding was aangevangen. 5 artikelen 6, eerste lid 24, eerste lid, van de Mededingingswet Artikel 4:125 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 1, onder 2° Alvorens toepassing te geven aan het eerste lid ten aanzien van een bestuurlijke boete die is opgelegd wegens overtreding van de, of, dan wel de artikelen 101 of 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, verplicht de Autoriteit Consument en Markt een marktorganisatie als bedoeld in, waarbij betaling als gevolg van insolventie van die marktorganisatie niet mogelijk is, ertoe om bij elk van de marktorganisaties, bedoeld in artikel 1, onder 1°, die bij de eerstbedoelde marktorganisatie waren vertegenwoordigd, binnen een door de Autoriteit Consument en Markt te stellen termijn, bijdragen te vragen ter betaling van de boete.is van overeenkomstige toepassing. 2021 9 14-01-2021 11-11-2020 35467 2021 74 17-02-2021 02-02-2021 18-02-2021 Abusievelijk is voor het tweede lid een wijzigingsopdracht
geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 12t — Artikel 12t#
Artikel 12t Indien een door de Autoriteit Consument en Markt opgelegde last onder dwangsom of bestuurlijke boete verplicht tot betaling van een geldsom, komt deze geldsom toe aan de Staat der Nederlanden. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 12u — Artikel 12u#
Artikel 12u 1 artikel 12v, eerste lid Artikel 5.1, eerste, tweede en vijfde lid, van de Wet open overheid De Autoriteit Consument en Markt maakt een door haar genomen beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of een bindende aanwijzing, niet zijnde een beschikking als bedoeld in, openbaar met dien verstande dat gegevens die ingevolgeniet voor verstrekking in aanmerking komen, niet openbaar worden gemaakt. 2 De openbaarmaking van de beschikking geschiedt niet eerder dan nadat tien werkdagen zijn verstreken na de dag waarop de beschikking aan de overtreder bekend is gemaakt, tenzij de overtreder de beschikking zelf heeft openbaar gemaakt, heeft doen openbaar maken of heeft aangegeven geen bedenkingen te hebben tegen eerdere openbaarmaking. 3 artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht Indien wordt verzocht om een voorlopige voorziening als bedoeld in, wordt de openbaarmaking van de beschikking opgeschort totdat de voorzieningenrechter uitspraak heeft gedaan of het verzoek is ingetrokken. 4 Indien de openbaarmaking van de beschikking naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt in strijd is of zou kunnen komen met het doel van het aan de Autoriteit Consument en Markt opgedragen toezicht op de naleving, blijft openbaarmaking achterwege. 5 Het eerste tot en met vierde lid zijn mede van toepassing op een door de Autoriteit Consument en Markt genomen beslissing op bezwaar strekkend tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of bindende aanwijzing. 2021 499 27-10-2021 25-10-2021 33328 2021 499 27-10-2021 25-10-2021 33328 01-05-2022
Artikel 12v — Artikel 12v#
Artikel 12v 1 De Autoriteit Consument en Markt maakt een door haar genomen beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of een bindende aanwijzing openbaar indien voor de desbetreffende overtreding bij wettelijk voorschrift is bepaald dat een bestuurlijke boete kan worden opgelegd van ten hoogste 10% van de omzet van de overtreder en met dien verstande dat: a. artikel 5.1, eerste lid, onderdeel c, van de Wet open overheid gegevens als bedoeld inniet openbaar worden gemaakt; b. artikel 5.1, tweede lid, onderdeel f, van de Wet open overheid gegevens als bedoeld inniet openbaar worden gemaakt, indien het belang van openbaarheid naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt niet opweegt tegen het belang, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onderdeel f, van de Wet open overheid; c. artikel 5.1, tweede lid, onderdeel e, van de Wet open overheid namen van betrokken natuurlijke personen niet openbaar worden gemaakt, indien het belang van openbaarmaking naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt niet opweegt tegen het belang, bedoeld in; d. de naam van de overtredende marktorganisatie altijd openbaar wordt gemaakt, ook indien de naam van een natuurlijke persoon van die naam deel uitmaakt. 2 artikel 5.1, eerste lid, onderdeel c, van de Wet open overheid Het openbaar maken van informatie blijft in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, in geval van milieu-informatie eveneens achterwege voor zover het belang van openbaarheid naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt niet opweegt tegen het belang, bedoeld in. 3 Artikel 12u, tweede tot en met vierde lid , zijn van toepassing. 4 Artikel 12u, tweede tot en met vierde lid Het eerste lid is mede van toepassing op een door de Autoriteit Consument en Markt genomen beslissing op bezwaar strekkend tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of bindende aanwijzing., is van toepassing. 2024 391 10-12-2024 23-10-2024 36481 2025 34 11-02-2025 30-01-2025 12-02-2025
Artikel 12w — Artikel 12w#
Artikel 12w 1 De Autoriteit Consument en Markt kan door haar genomen andere besluiten dan beschikkingen tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of bindende aanwijzing openbaar maken, alsmede andere documenten die door haar of in haar opdracht zijn vervaardigd voor de uitvoering van de aan haar bij of krachtens de wet opgedragen taken. 2 artikel 5.1, eerste, tweede en vijfde lid, van de Wet open overheid Gegevens die ingevolgeniet voor verstrekking in aanmerking komen, worden niet openbaar gemaakt. 3 Artikel 12u, tweede en derde lid , is van overeenkomstige toepassing indien de Autoriteit Consument en Markt op grond van het eerste lid besluit tot openbaarmaking van een besluit. 4 Artikel 12u, vierde lid , is van overeenkomstige toepassing. 5 Eenieder kan verzoeken om toepassing van het eerste lid. Het verzoek wordt toegewezen, voor zover het tweede of het vierde lid hieraan niet in de weg staan. 6 Het eerste lid is niet van toepassing, voor zover een wettelijk voorschrift de openbaarmaking regelt. 2021 499 27-10-2021 25-10-2021 33328 2021 500 27-10-2021 25-10-2021 35112 2021 499 27-10-2021 25-10-2021 33328 01-05-2022
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wijzigt de Aanbestedingswet 2012. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Wijzigt de Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 3. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Wijzigt de Dienstenwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Wijzigt de Drinkwaterwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Wijzigt de Elektriciteitswet 1998. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Wijzigt de Gaswet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Wijzigt de Handelsregisterwet 2007. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Wijzigt de Loodsenwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Wijzigt de Mededingingswet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Onderdelen A, B, C, m.u.v. het vervallen van artikel 5l, en D tot en met K.
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Wijzigt de Postwet 2009. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Onderdelen A, B, m.u.v. de wijziging van artikel 39, C, D, E, tweede tot en met vierde lid, en F tot en met H.
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Wijzigt de Scheepvaartverkeerswet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Wijzigt de Spoorwegwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Wijzigt de Telecommunicatiewet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Wijzigt de Warmtewet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2014 101 14-03-2014 01-03-2014 15-03-2014
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Wijzigt het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 Wijzigt de Wet handhaving consumentenbescherming. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 Wijzigt de Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Wijzigt de Wet luchtvaart. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 Wijzigt de Wet marktordening gezondheidszorg. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 Wijzigt de Wet markttoezicht registerloodsen. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 Wijzigt de Wijzigingswet Elektriciteitswet 1998 en Gaswet (nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer). 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 Wijzigt de Wet op het financieel toezicht. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 Wijzigt de Wet personenvervoer 2000. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 Wijzigt de Wet post BES. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 Wijzigt de Wet telecommunicatievoorzieningen BES. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 Wijzigt de Wet toezicht collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 Wijzigt de Wijzigingswet Elektriciteitswet 1998, enz. (implementatie richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas). 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 1 artikel 2 Besluiten van de raad van bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit worden na inwerkingtreding vanvan deze wet aangemerkt als besluiten van de Autoriteit Consument en Markt. 2 artikel 2 Aanvragen en bezwaarschriften, ingediend bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit, worden na inwerkingtreding vanvan deze wet aangemerkt als aanvragen en bezwaarschriften, ingediend bij de Autoriteit Consument en Markt. 3 artikel 2 In bestuursrechtelijke rechtsgedingen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet de Autoriteit Consument en Markt in de plaats van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit. 4 artikel 2 In civielrechtelijke rechtsgedingen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet de Staat in de plaats van het college voor de post- en telecommunicatieautoriteit. 5 artikel 2 In overeenkomsten treedt op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet de Staat in de plaats van het college voor de post- en telecommunicatieautoriteit. 6 artikel 2 In samenwerkingsprotocollen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet de Autoriteit Consument en Markt in de plaats van de raad van bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit. 7 artikel 2 In zaken waarin voor het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet aan de Nationale ombudsman is verzocht een onderzoek te doen dan wel de Nationale ombudsman een onderzoek heeft ingesteld naar een gedraging die kan worden toegerekend aan de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit, treedt de Autoriteit Consument en Markt op dat tijdstip in de plaats van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt respectievelijk de Consumentenautoriteit. 8 Archiefwet 1995 Archiefbescheiden van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt en de Consumentenautoriteit worden overgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt, voor zover zij niet overeenkomstig dezijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 1 artikel 25 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De vaststelling door de Autoriteit Consument en Markt van een begroting als bedoeld invindt voor het eerst plaats ten aanzien van het kalenderjaar na dat waarin deze wet in het Staatsblad is geplaatst. 2 Onze Minister stelt voor de Autoriteit Consument en Markt een voorlopig bestuursreglement vast. Het voorlopig reglement geldt totdat het bestuursreglement van de Autoriteit Consument en Markt de goedkeuring van Onze Minister heeft verkregen. 3 artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De vaststelling door de Autoriteit Consument en Markt van een jaarverslag als bedoeld invindt voor het eerst plaats ten aanzien van het kalenderjaar waarin deze wet in het Staatsblad is geplaatst en betreft dan geheel of gedeeltelijk de taakuitoefening van de Nederlandse Mededingingsautoriteit onderscheidenlijk het college voor de post- en telecommunicatiemarkt onderscheidenlijk de Consumentenautoriteit. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 1 artikel 2 Met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet is het personeel van het college voor de post- en telecommunicatiemarkt aangesteld in algemene dienst van het Rijk. 2 De overgang van de in het eerste lid bedoelde personeelsleden vindt plaats met een rechtspositie die als geheel ten minste gelijkwaardig is aan die welke voor elk van hen gold bij het college voor de post- en telecommunicatiemarkt. 3 artikel 2 Op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet gaan de vermogensbestanddelen van het college voor de post- en telecommunicatiemarkt onder algemene titel over op de Staat tegen een door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën te bepalen waarde. 4 afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Ingeval krachtens het derde lid registergoederen overgaan, doet Onze Minister van Financiën de overgang van die registergoederen onverwijld inschrijven in de openbare registers, bedoeld in.is niet van toepassing. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 44a — Artikel 44a#
Artikel 44a Wet handhaving consumentenbescherming artikel 30 Op overtredingen van het bij of krachtens debepaalde, waarvoor op grond van de Wet handhaving consumentenbescherming zoals die luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet, een bestuurlijke boete kon worden opgelegd, en die zijn begaan en beëindigd voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 30 van deze wet, blijft de Wet handhaving consumentenbescherming van toepassing zoals die luidde onmiddellijk voor het genoemde tijdstip. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 44b — Artikel 44b#
Artikel 44b artikel 49a, eerste lid, van de Mededingingswet artikel 12h Een besluit als bedoeld intot het bindend verklaren van een toezegging en de aanvraag tot het nemen van een dergelijk besluit worden na de inwerkingtreding vanvan de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt aangemerkt als een besluit onderscheidenlijk aanvraag als bedoeld in artikel 12h, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 44c — Artikel 44c#
Artikel 44c artikel XI, onderdeel AA, van die wet artikel 62 van de Mededingingswet artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 12k Indien het bij koninklijke boodschap van 26 april 2013 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt en enige andere wetten in verband met de stroomlijning van het door de Autoriteit Consument en Markt te houden markttoezicht (Kamerstukken 33 622) tot wet is verheven enin werking is getreden, blijft, zoals dat luidde onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van genoemd artikel XI, onderdeel AA, van toepassing of van overeenkomstige toepassing op beschikkingen van de Autoriteit Consument en Markt tot oplegging van een bestuurlijke boete voor overtredingen ter zake waarvan voor de inwerkingtreding vanvan de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt een rapport als bedoeld inis opgemaakt. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 44d — Artikel 44d#
Artikel 44d artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 12m, eerste en derde lid Indien een overtreding van een zelfstandige last of vanis begaan en beëindigd voor de inwerkingtreding van, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, is artikel 12m, eerste en derde lid, niet van toepassing indien de Autoriteit Consument en Markt voor die overtredingen onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 12m, eerste en derde lid, geen bestuurlijke sanctie kon opleggen. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 44e — Artikel 44e#
Artikel 44e artikel 12n artikel 51, tweede lid, onder 2°, van het Wetboek van Strafrecht Indien voor de inwerkingtreding vanvan de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt een overtreding is begaan en beëindigd, blijft met betrekking tot de hoogte van de boete die ten hoogste kan worden opgelegd aan een inbedoelde overtreder het recht gelden zoals dat luidde onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van genoemd artikel 12n. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 44f — Artikel 44f#
Artikel 44f artikelen XI, onderdeel Q XIV, onderdeel U, van die wet artikelen 63 van de Mededingingswet 15.12 van de Telecommunicatiewet artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 12p Indien het bij koninklijke boodschap van 26 april 2013 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt en enige andere wetten in verband met de stroomlijning van het door de Autoriteit Consument en Markt te houden markttoezicht (Kamerstukken 33 622) tot wet is verheven en de, onderscheidenlijkin werking zijn getreden, blijven deonderscheidenlijk, zoals die luidden onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van de genoemde artikelen XI, onderdeel Q, onderscheidenlijk XIV, onderdeel U, van toepassing of overeenkomstige toepassing op beschikkingen van de Autoriteit Consument en Markt tot oplegging van een bestuurlijke boete voor overtredingen ter zake waarvan voor de inwerkingtreding vanvan de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt een rapport als bedoeld inis opgemaakt. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 44g — Artikel 44g#
Artikel 44g artikel 12s artikel 1, onder 2° artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien voor de inwerkingtreding vanvan de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt van een overtreding een rapport als bedoeld inis opgemaakt ter zake van een overtreding, begaan door een marktorganisatie als bedoeld in, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, blijft met betrekking tot de invordering vanwege insolventie van die marktorganisatie, het recht gelden zoals dat luidde onmiddellijk voor inwerkingtreding van genoemd artikel 12s. 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 artikelen 42 tot en met 44 Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld met betrekking tot de gevolgen van de inwerkingtreding van deze wet voor zover dedaarin niet voorzien. Deze regels gelden uiterlijk tot en met 31 december van het kalenderjaar na dat waarin zij in werking zijn getreden. Van het vaststellen van deze regels wordt kennis gegeven aan de beide kamers der Staten-Generaal. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45a — Artikel 45a#
Artikel 45a Wijzigt de Elektriciteitswet 1998. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45b — Artikel 45b#
Artikel 45b Wijzigt de Gaswet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45c — Artikel 45c#
Artikel 45c Wijzigt de Wet implementatie rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45d — Artikel 45d#
Artikel 45d Wijzigt de Spoorwegwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45e — Artikel 45e#
Artikel 45e Wijzigt de Spoorwegwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45f — Artikel 45f#
Artikel 45f Wijzigt de Spoorwegwet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45g — Artikel 45g#
Artikel 45g Wijzigt de Telecommunicatiewet. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45h — Artikel 45h#
Artikel 45h Wijzigt de Wet personenvervoer 2000. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 45i — Artikel 45i#
Artikel 45i Vervallen 2014 247 03-07-2014 25-06-2014 33622 2014 266 15-07-2014 02-07-2014 01-08-2014
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 Wet Onafhankelijke post- en telecommunicatieautoriteit Dewordt ingetrokken. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 Deze wet wordt aangehaald als: Instellingswet Autoriteit Consument en Markt. 2013 102 21-03-2013 28-02-2013 33186 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013