Wet van 10 juli 2013, houdende regels tot uitvoering van de Verordening (EU) nr. 211/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 over het burgerinitiatief (PbEU 2011, L 65) (Uitvoeringswet verordening Europees burgerinitiatief)
- BWB-id
- BWBR0033716
- Type
- Wet
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2020-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0033716
- ELI
- /eli/nl/wet/2013/uitvoeringswet-verordening-europees-burgerinitiatief
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2013/uitvoeringswet-verordening-europees-burgerinitiatief/2020-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0033716&g=2020-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0033716&z=2026-06-06&g=2020-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0033716/2020-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2013/uitvoeringswet-verordening-europees-burgerinitiatief
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. Verordening: Verordening (EU) nr. 2019/788 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 over het burgerinitiatief (PB L 130/55 van 17.5.2019). 2020 66 24-02-2020 18-12-2019 35272 2020 106 31-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Onze Minister is bevoegd: a. certificaten als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de Verordening af te geven; b. de verificatie van de steunbetuigingen, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van de Verordening, te coördineren; c. certificaten als bedoeld in artikel 12, vijfde lid, van de Verordening af te geven. 2020 66 24-02-2020 18-12-2019 35272 2020 106 31-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke gegevens en bescheiden in ieder geval bij een aanvraag voor een certificaat als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de Verordening worden verstrekt. 2020 66 24-02-2020 18-12-2019 35272 2020 106 31-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De aanvrager draagt er zorg voor dat door Onze Minister aangewezen ambtenaren ten behoeve van het beoordelen van de aanvraag voor een certificaat als bedoeld in artikel 11, derde lid van de Verordening, met medeneming van de benodigde apparatuur, de plaats kunnen betreden waar het onlinesysteem, bedoeld in artikel 11 van de Verordening, zich bevindt en ter plaatse inzage kunnen krijgen in het onlinesysteem. 2 De ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, kunnen zich laten vergezellen door personen die daartoe door hen zijn aangewezen. 3 Indien de plaats en het onlinesysteem, bedoeld in het eerste lid, niet overeenkomstig dit artikel kunnen worden betreden respectievelijk ingezien, kan de aanvraag worden afgewezen. 2020 66 24-02-2020 18-12-2019 35272 2020 106 31-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de wijze waarop de steekproeven, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van de Verordening, worden uitgevoerd en over de vaststelling van het totaal aantal geldige steunbetuigingen op basis van de uitkomst van de steekproeven. 2 Deze regels hebben in ieder geval betrekking op: a. de omvang van de steekproeven; b. de wijze waarop de selectie voor de steekproeven wordt bepaald. 2020 66 24-02-2020 18-12-2019 35272 2020 106 31-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Titel 8.3 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 2, aanhef en onder c is niet van toepassing op een beschikking op grond van. 2 artikel 8:41, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vanbedraagt de termijn binnen welke de bijschrijving of storting van het verschuldigde bedrag dient plaats te vinden, twee weken. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State kan een kortere termijn stellen. 3 afdeling 8.2.3 van de Algemene wet bestuursrecht Afdeling 8.2.4 De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelt de zaak met toepassing van.blijft buiten toepassing. Aan Onze Minister wordt terstond een afschrift van het beroepschrift gezonden. 2013 318 26-07-2013 10-07-2013 33423 2013 437 08-11-2013 28-10-2013 09-11-2013
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Wijzigt deze wet. 2013 318 26-07-2013 10-07-2013 33423 2013 437 08-11-2013 28-10-2013 09-11-2013
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2013 318 26-07-2013 10-07-2013 33423 2013 437 08-11-2013 28-10-2013 09-11-2013
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze wet wordt aangehaald als: Uitvoeringswet verordening Europees burgerinitiatief. 2013 318 26-07-2013 10-07-2013 33423 2013 437 08-11-2013 28-10-2013 09-11-2013
Artikel 9a — Artikel 9a#
Artikel 9a Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2013 318 26-07-2013 10-07-2013 33423 2013 437 08-11-2013 28-10-2013 09-11-2013