Wet 13 juli 2016 tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Algemene wet bestuursrecht in verband met vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht
- BWB-id
- BWBR0038353
- Type
- Wet
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2021-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0038353
- ELI
- /eli/nl/wet/2017/wijzigingswet-wetboek-van-burgerlijke-rechtsvordering-enz-ve
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2017/wijzigingswet-wetboek-van-burgerlijke-rechtsvordering-enz-ve/2021-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0038353&g=2021-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0038353&z=2026-06-06&g=2021-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0038353/2021-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2017/wijzigingswet-wetboek-van-burgerlijke-rechtsvordering-enz-ve
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Dit artikel is gedeeltelijk in werking getreden in verband met de invoering van digitaal procederen. Zie voor de procedures en gerechten waarvoor digitaal procederen geldt het Overzicht gefaseerde inwerkingtreding op www.rijksoverheid.nl/KEI. Wijzigt het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2021 81 19-02-2021 04-02-2021 01-04-2021 Onderdeel N, voor zover het betreft de artikelen 30a, eerste lid,
tweede lid, tweede volzin, en derde lid, onderdelen a, b, e en h,
30c, eerste tot en met derde lid en zesde tot en met achtste lid,
30d tot en met 30g, 30i, vierde en vijfde lid, 30j, derde en vierde
lid, en 30o, eerste lid, onderdeel a, onderdeel P en onderdeel YYYY. Treedt uitsluitend in werking voor zover het betreft
verzoekprocedures bij de Hoge Raad.
Artikel II — Artikel II#
Artikel II Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2017 174 04-05-2017 01-05-2017 12-06-2017 2017 230 09-06-2017 31-05-2017 Onderdelen A tot en met G, onderdeel H, met uitzondering van de
artikelen 8:36a, 8:36b, en 8:36c, eerste lid, tweede volzin,
onderdelen J tot en met K en M tot en met U. Onderdeel H, artikel 8:36a, artikel 8:36b, en artikel 8:36c,
eerste lid, tweede volzin, en onderdelen I en L treden voor het
beroep in eerste aanleg bij de rechtbank in werking voor zover
het betreft zaken als bedoeld in de artikelen 79, 93, 94 en 96
van de Vreemdelingenwet 2000, en zaken waarin beroep is
ingesteld tegen besluiten als bedoeld in artikel 50, eerste lid, van
de Vreemdelingenwet 2000. Onderdelen H, voor zover het betreft de artikelen 8:36a, 8:36b,
8:36c, eerste lid, tweede zin, en onderdelen I en L, treden met
ingang van 15 april 2020 in werking voor het beroep in cassatie bij
de Hoge Raad waarop afdeling 4 van hoofdstuk V van de Algemene wet
inzake rijksbelastingen van toepassing of van overeenkomstige
toepassing is (Stb. 2020/99).
Artikel III — Artikel III#
Artikel III Dit artikel is in werking getreden in verband met de invoering van digitaal procederen. Zie voor de procedures en gerechten waarvoor digitaal procederen geldt het Overzicht gefaseerde inwerkingtreding op www.rijksoverheid.nl/KEI. 1 Ten aanzien van een procedure bij de civiele rechter waarbij het exploot voor de datum van inwerkingtreding van deze wet rechtsgeldig is betekend, blijft het recht van toepassing zoals dat voor die datum gold. 2 Dit lid is nog niet in werking getreden. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2017 174 04-05-2017 01-05-2017 01-09-2017 Treedt in werking voor zover het betreft vorderingsprocedures bij
de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland, waarin partijen niet
in persoon kunnen procederen en met uitzondering van procedures die
worden ingesteld op grond van de artikelen 254, 438, tweede tot en
met vijfde lid, 486, eerste lid, 613, 642q, 771 van het Wetboek van
Burgerlijke Rechtsvordering, artikel 27 van Boek 3 van het
Burgerlijk Wetboek, artikel 122 van de Faillissementswet en de Onteigeningswet.
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV 1 Het recht zoals dit gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van de verplichting om langs elektronische weg te procederen, blijft van toepassing op: a. beroep tegen een voor dat tijdstip bekendgemaakt besluit, b. hoger beroep, verzet of beroep in cassatie tegen een voor dat tijdstip bekendgemaakte uitspraak van de bestuursrechter, c. een voor dat tijdstip ingesteld beroep wegens niet tijdig beslissen, d. artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht een voor dat tijdstip ingediend verzoek om schadevergoeding als bedoeld in, en e. een voor dat tijdstip ingediend verzoek om herziening van een uitspraak van de bestuursrechter. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een verzoek aan de bestuursrechter om voorlopige voorziening of om opheffing of wijziging daarvan. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2017 174 04-05-2017 01-05-2017 12-06-2017
Artikel IVa — Artikel IVa#
Artikel IVa artikel V, eerste en tweede lid Onze Minister van Veiligheid en Justitie zendt in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties binnen drie jaar na het tijdstip waarop de laatste fase van de invoering van de verplichting om langs elektronische weg te procederen, in werking is getreden, bedoeld in, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2017 174 04-05-2017 01-05-2017 12-06-2017
Artikel V — Artikel V#
Artikel V 1 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan, voor verschillende procedures, vorderingen, verzoeken en besluiten en voor de verschillende gerechten en verschillende bestuursrechters verschillend kan worden vastgesteld. 2 Zolang de verplichting om langs elektronische weg te procederen nog niet bij alle gerechten en bestuursrechters voor alle zaken in werking is getreden, bepaalt de rechter naar wie een zaak wordt doorgestuurd, verwezen of teruggewezen, zo nodig op welke wijze die zaak wordt behandeld of voortgezet. 2016 288 21-07-2016 13-07-2016 34059 2017 174 04-05-2017 01-05-2017 12-06-2017