Wet van 21 februari 2018, houdende regels over de informatie-uitwisseling betreffende bovengrondse en ondergrondse infrastructuur van netten en netwerken ter voorkoming van graafschade en ter bevordering van de aanleg van elektronische communicatienetwerken met hoge snelheid, alsmede wijziging van de Telecommunicatiewet ter bevordering van medegebruik van fysieke infrastructuur en van de gecoördineerde aanleg van civiele werken (Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken)
- BWB-id
- BWBR0040728
- Type
- Wet
- Ministerie
- Economische Zaken en Klimaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0040728
- ELI
- /eli/nl/wet/2018/wet-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse-net
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2018/wet-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse-net/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0040728&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0040728&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0040728/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2018/wet-informatie-uitwisseling-bovengrondse-en-ondergrondse-net
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: aanbieder: artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet een aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in; beheerder: degene die als natuurlijk persoon handelende in de uitoefening van een beroep of een bedrijf dan wel als rechtspersoon een net beheert; beheerpolygoon: de weergave door een beheerder respectievelijk door een netwerkexploitant van een aaneengesloten gebied, waarbinnen een beheerder een of meer netten beheert, respectievelijk een netwerkexploitant fysieke infrastructuur beheert; civiele werken: artikel 5a.1 van de Telecommunicatiewet civiele werken als bedoeld in; coördinatie: coördinatie van civiele werken als bedoeld in artikel 5 van richtlijn nr. 2014/61/EU; Dienst: artikel 2 van de Organisatiewet Kadaster de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in; fysieke infrastructuur: artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet fysieke infrastructuur als bedoeld in; gebiedsinformatie: artikelen 11, eerste lid 12, eerste lid en tweede lid, onderdeel a het geheel van informatie dat door beheerders of netwerkexploitanten, ingevolge de, en, aan de Dienst is verstrekt over de betrokken oriëntatiepolygoon dan wel graafpolygoon; graafbericht: artikel 10, onderdeel b, onder 1° het bericht van de Dienst, bedoeld in; graaflocatie: de locatie waar graafwerkzaamheden worden verricht; graafmelding: artikel 8, eerste lid de melding aan de Dienst van voorgenomen graafwerkzaamheden, bedoeld in; graafpolygoon: de weergave door een grondroerder van het gebied, waarbinnen de graaflocatie zich bevindt; graafwerkzaamheden: het mechanisch verrichten van werkzaamheden in de ondergrond; grondroerder: degene onder wiens verantwoordelijkheid of leiding graafwerkzaamheden worden verricht; liggingsgegevens: de gegevens omtrent de ligging van een net of netwerk binnen de betrokken oriëntatiepolygoon dan wel graafpolygoon; medegebruik: artikel 5a.3, eerste en vierde lid, van de Telecommunicatiewet medegebruik van fysieke infrastructuur als bedoeld in; net: een ondergrondse kabel of leiding, daaronder mede begrepen lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken, bestemd voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie; net met gevaarlijke inhoud: artikel 20.11, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet een buisleiding die behoort tot een krachtensaangewezen categorie; netwerk: een netwerk van een netwerkexploitant; netwerkexploitant: artikel 5a.1 van de Telecommunicatiewet een netwerkexploitant als bedoeld in; netwerk met hoge snelheid: artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet een elektronisch communicatienetwerk met hoge snelheid als bedoeld in; Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat; opdrachtgever: degene die opdracht geeft tot het uitvoeren van een werk waarbij graafwerkzaamheden worden verricht; oriëntatiepolygoon: artikel 7, eerste, tweede of derde lid de weergave door een opdrachtgever, grondroerder, aanbieder of bestuursorgaan van een aangesloten gebied, ten aanzien waarvan deze met het oog op een belang als bedoeld in, om gebiedsinformatie verzoekt; oriëntatieverzoek: het verzoek aan de Dienst om gebiedsinformatie, bedoeld in artikel 7, eerste tot en met derde lid; registratiemelding: artikel 6, tweede of derde lid de melding van de beheerder of een netwerkexploitant, bedoeld in; richtlijn nr. 2014/61/EU: richtlijn nr. 2014/61 /EU van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 mei 2014 inzake maatregelen ter verlaging van kosten van de aanleg van elektronischecommunicatienetwerken met hoge snelheid (PbEU 2014 L 155). 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De opdrachtgever draagt er zorg voor dat de graafwerkzaamheden waartoe hij opdracht geeft, op zorgvuldige wijze kunnen worden verricht. 2 De grondroerder verricht de graafwerkzaamheden op zorgvuldige wijze. 3 Ter uitvoering van het tweede lid zorgt de grondroerder ten minste dat: a. vóór aanvang van de graafwerkzaamheden een graafmelding is gedaan, b. onderzoek is verricht naar de precieze ligging van onderdelen van netten op de graaflocatie, en c. op de graaflocatie de van de Dienst ontvangen gebiedsinformatie aanwezig is. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De aanleg, de instandhouding en de opruiming van netten door een beheerder geschieden op zodanige wijze dat het beheer van andere netten niet in gevaar wordt gebracht of zonder noodzaak wordt bemoeilijkt. 2 De beheerder die in strijd handelt met het eerste lid, neemt op eigen kosten maatregelen ten aanzien van het betreffende onderdeel van zijn net, waaronder zonodig het verplaatsen daarvan, om aan de strijdigheid onverwijld een einde te maken. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Er is een elektronisch informatiesysteem waarmee informatie tussen beheerders, netwerkexploitanten, aanbieders, opdrachtgevers, grondroerders en bestuursorganen wordt uitgewisseld, voor zover dat nodig is ter: a. preventie van graafschade; b. oriëntatie op een verzoek tot medegebruik; c. oriëntatie op een verzoek tot coördinatie. 2 De informatie, bedoeld in het eerste lid, wordt door de gebruikers die de informatie via het elektronisch informatiesysteem ontvangen vertrouwelijk behandeld en uitsluitend aan derden verstrekt voor zover dat noodzakelijk is voor het bereiken van de in het eerste lid, genoemde doelen. 3 artikel 5a, eerste lid In het elektronische informatiesysteem wordt op verzoek van een beheerder informatie bewaard als bedoeld in. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-01-2019
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De Dienst is belast met het beheer van het elektronische informatiesysteem. 2 De Dienst verstrekt op verzoek via het elektronische informatiesysteem gebiedsinformatie aan: a. opdrachtgevers en grondroerders ten behoeve van het voorbereiden van graafwerkzaamheden en het op zorgvuldige wijze verrichten van graafwerkzaamheden; b. aanbieders ten behoeve van de voorbereiding van een verzoek tot medegebruik of coördinatie; c. bestuursorganen voor zover deze gebiedsinformatie noodzakelijk is voor de uitvoering van hun taak. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 5a — Artikel 5a#
Artikel 5a 1 Een beheerder kan de Dienst verzoeken om met betrekking tot elk net dat hij beheert in het elektronische informatiesysteem de volgende informatie te bewaren: a. informatie over de ligging van het net; b. relevante eigenschappen van het net; c. artikel 15, eerste of tweede lid informatie over voorzorgsmaatregelen als bedoeld in, en d. contactgegevens van de beheerder. 2 De beheerder op wiens verzoek informatie wordt bewaard als bedoeld in het eerste lid geeft elke wijziging in die informatie onverwijld door aan de Dienst. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-01-2019
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De Dienst registreert de beheerpolygonen en de beheerders ten behoeve van de informatie-uitwisseling over: a. ondergrondse netten; b. fysieke infrastructuur van netwerkexploitanten; c. geplande civiele werken van netwerkexploitanten. 2 Degene die geeft dit ten minste twintig werkdagen voor aanvang van de wijziging in het beheer van het betreffende net door aan de Dienst, zo nodig onder opgave van de gewijzigde beheerpolygoon. a. een net beheert of gaat beheren dat niet ligt binnen een door de Dienst op zijn naam geregistreerde beheerpolygoon, of b. niet langer een net zal beheren dat ligt binnen een door de Dienst op zijn naam geregistreerde beheerpolygoon of deel daarvan, 3 Het tweede lid is tevens van toepassing op een netwerkexploitant die fysieke infrastructuur beheert, gaat beheren of niet langer fysieke infrastructuur zal beheren, met uitzondering van degene die: a. reeds heeft voldaan aan de verplichtingen in het tweede lid, onderdelen a en b, of b. artikel 12, eerste lid, onderdelen a tot en met c uitsluitend antenne-opstelpunten beheert en diegene de informatie als bedoeld in, omtrent die antenne-opstelpunten middels het antenneregister toegankelijk heeft gemaakt. 4 Indien sprake is van overdracht van een net of een deel van dat net, doen de oude en de nieuwe beheerder gezamenlijk melding van de wijziging, bedoeld in het tweede lid. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Een opdrachtgever of een grondroerder kan de Dienst om gebiedsinformatie verzoeken ten behoeve van het voorbereiden van graafwerkzaamheden. 2 Een aanbieder kan de Dienst om gebiedsinformatie verzoeken ten behoeve van het voorbereiden van een verzoek tot: a. medegebruik; b. coördinatie. 3 Een bestuursorgaan kan de Dienst om gebiedsinformatie verzoeken voor zover deze informatie noodzakelijk is voor de uitvoering van de hem opgedragen taak. 4 Bij een oriëntatieverzoek geeft de opdrachtgever, de grondroerder, de aanbieder of het bestuursorgaan een oriëntatiepolygoon op. 5 Bij een oriëntatieverzoek als bedoeld in het tweede lid, wordt het gebied aangeduid waarin de elementen van een netwerk met hoge snelheid worden aangelegd alsmede of het verzoek betrekking heeft op fysieke infrastructuur of op civiele werken. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Een grondroerder meldt het voornemen tot het verrichten van graafwerkzaamheden aan de Dienst ten hoogste twintig werkdagen voorafgaande aan de aanvang van die graafwerkzaamheden. 2 Bij de graafmelding geeft de grondroerder een graafpolygoon op. 3 Het eerste lid is niet van toepassing, indien de graafwerkzaamheden ten hoogste een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen diepgang hebben en uitgevoerd zullen worden in grond die in eigendom of beheer is van de grondroerder en hij weet dat sinds de voorafgaande graafmelding de ligging van de netten in deze grond niet is veranderd. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen bepaalde categorieën grondroerders worden aangewezen die zijn vrijgesteld van de verplichting om een graafmelding te doen voor zover zij graafwerkzaamheden verrichten in grond die in eigendom of in beheer is van de grondroerder en die graafwerkzaamheden niet dieper gaan dan 50 cm onder het maaiveld. 2 artikel 2, eerste, tweede en derde lid, onderdeel b Vrijstelling laat de op de grondroerder rustende zorgplichten, bedoeld in, onverlet. 3 Artikel 2, derde lid, onderdelen a en c , is niet van toepassing op de grondroerders, bedoeld in het eerste lid. 4 Voor de toepassing van dit artikel wordt de opdrachtgever voor graafwerkzaamheden als bedoeld in het eerste lid aangemerkt als grondroerder indien de opdrachtgever eigenaar of beheerder is van de grond waarin de werkzaamheden worden uitgevoerd. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 7, eerste, tweede of derde lid artikel 8 Na ontvangst van een oriëntatieverzoek als bedoeld in, of van een graafmelding als bedoeld in: a. verstrekt de Dienst aan degene die het oriëntatieverzoek of de graafmelding heeft gedaan onverwijld een ontvangstbevestiging; b. bericht de Dienst hierover onverwijld onder vermelding van de oriëntatiepolygoon of graafpolygoon: 1°. indien het graafwerkzaamheden betreft: alle beheerders wier beheerpolygoon geheel of gedeeltelijk samenvalt met deze oriëntatiepolygoon onderscheidenlijk graafpolygoon; 2°. indien het medegebruik van fysieke infrastructuur of de coördinatie van civiele werken betreft: alle netwerkexploitanten wier beheerpolygoon geheel of gedeeltelijk samenvalt met deze oriëntatiepolygoon. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Onverwijld doch uiterlijk binnen één werkdag na verzending van een graafbericht verstrekt een beheerder via het elektronische informatiesysteem in ieder geval de volgende informatie omtrent zijn net binnen de betreffende oriëntatiepolygoon dan wel graafpolygoon aan de Dienst: a. de liggingsgegevens; b. de relevante eigenschappen van zijn net; c. artikel 15, eerste of tweede lid in voorkomend geval welke voorzorgsmaatregelen als bedoeld in, noodzakelijk zijn, en d. zijn contactgegevens. 2 artikel 5a De beheerder van wie de Dienst informatie bewaart als bedoeld involdoet daarmee aan het eerste lid. 3 Indien een beheerder de termijn, genoemd in het eerste lid, overschrijdt, doet de Dienst daarvan onverwijld mededeling aan Onze Minister. 2022 23 20-01-2022 15-12-2021 35889 2022 100 01-03-2022 07-02-2022 02-03-2022 31-03-2018
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 10, aanhef en onderdeel b, subonderdeel 2° Indien een verzoek betrekking heeft op medegebruik verstrekt een netwerkexploitant via het elektronische informatiesysteem onverwijld doch uiterlijk binnen twee werkdagen nadat de Dienst een oriëntatieverzoek als bedoeld in, heeft doorgezonden, in ieder geval de volgende informatie omtrent zijn netwerk binnen de betreffende oriëntatiepolygoon aan de Dienst: a. de locatie en route van zijn fysieke infrastructuur; b. aard en huidig gebruik van zijn fysieke infrastructuur, en c. zijn contactgegevens. 2 Indien een verzoek betrekking heeft op coördinatie verstrekt een netwerkexploitant, in ieder geval de volgende informatie omtrent zijn netwerk binnen de betreffende oriëntatiepolygoon: a. artikel 10, aanhef en onderdeel b, subonderdeel 2° zijn contactgegevens: onverwijld doch uiterlijk binnen twee werkdagen nadat de Dienst een oriëntatieverzoek als bedoeld in, heeft doorgezonden en via het elektronische informatiesysteem aan de Dienst; b. de locatie en het type werkzaamheden, de betrokken netwerkelementen, en de geraamde datum voor de aanvang van de werkzaamheden en de duur daarvan: binnen twee weken en per post, per fax of per elektronische post aan de aanbieder die om informatie omtrent coördineren heeft verzocht. 3 De verplichtingen in het eerste lid en het tweede lid, aanhef en onderdeel a, zijn niet van toepassing op een netwerkexploitant die uitsluitend antenne-opstelpunten beheert en de informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met c, omtrent zijn antenne-opstelpunten middels het antenneregister toegankelijk heeft gemaakt. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 5a, eerste lid artikelen 11, eerste lid 12, eerste lid en tweede lid, onderdeel a artikel 10, onderdeel b, subonderdeel 1° De Dienst verstrekt gebiedsinformatie via het elektronische informatiesysteem onverwijld na ontvangst van alle informatie als bedoeld in, of de, endoch uiterlijk binnen twee werkdagen na verzending van het graafbericht of het verzoek om informatie als bedoeld in, aan degene die het oriëntatieverzoek of de graafmelding heeft gedaan. 2 artikel 5a artikel 11, eerste lid, onderdelen a tot en met d De Dienst informeert een beheerder van wie de Dienst informatie bewaart als bedoeld inover de informatie, bedoeld in, die de Dienst namens hem heeft verstrekt. 3 artikel 12 artikelen 11, eerste lid 12, eerste lid en tweede lid, onderdeel a Indien de Dienst niet binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, respectievelijk de termijn van, van alle beheerders de ingevolge de, en, vereiste informatie heeft ontvangen, doet de Dienst daarvan mededeling bij het verstrekken van de gebiedsinformatie. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 487 27-12-2018 05-12-2018 34987 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-01-2019
Artikel 13a — Artikel 13a#
Artikel 13a 1 Indien de van de Dienst verkregen gebiedsinformatie naar het oordeel van de grondroerder of opdrachtgever onvoldoende is voor een zorgvuldige voorbereiding of uitvoering van de voorgenomen graafwerkzaamheden, verstrekt de beheerder aan de grondroerder of opdrachtgever op diens verzoek nadere informatie over zijn net. 2 De beheerder verstrekt de nadere informatie onverwijld, doch uiterlijk binnen drie werkdagen na ontvangst van het verzoek, bedoeld in het eerste lid. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 13b — Artikel 13b#
Artikel 13b 1 artikel 11, eerste lid, onderdeel c Indien ingeval van een graafmelding sprake is van een melding van voorzorgsmaatregelen als bedoeld in, neemt de grondroerder contact op met de desbetreffende beheerder om afspraken te maken over de te treffen voorzorgsmaatregelen. 2 De grondroerder en de beheerder leggen de afspraken, bedoeld in het eerste lid, schriftelijk vast. 3 Het contact, bedoeld in het eerste lid, vindt plaats zodra degene die de graafmelding heeft gedaan de gebiedsinformatie heeft ontvangen, doch uiterlijk drie werkdagen voor de geplande aanvang van de graafwerkzaamheden. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikel 8, derde lid 10 11, eerste lid 13, eerste lid 13b Onze Minister kan voor de situatie dat graafmeldingen die betrekking hebben op graafwerkzaamheden als bedoeld in, gezamenlijk worden gedaan door tussenkomst van een door Onze Minister aan te wijzen organisatie, bij regeling vrijstelling verlenen van de verplichtingen ten aanzien van de termijnen, bepaald in de artikelen 8, eerste lid,,,en. De vrijstelling kan onder beperkingen worden verleend. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 De beheerder van een net met gevaarlijke inhoud treft de voorzorgsmaatregelen waarvan hij met de grondroerder heeft afgesproken dat hij die voor zijn rekening neemt, voordat die grondroerder graafwerkzaamheden in de omgeving daarvan verricht. Deze voorzorgsmaatregelen betreffen in ieder geval de aanwijzing ter plaatse van de exacte ligging van dat net door de beheerder. 2 De beheerder van een net met een grote waarde kan voorzorgsmaatregelen treffen voordat een grondroerder graafwerkzaamheden in de omgeving daarvan verricht. 3 Indien de beheerder heeft aangegeven dat hij voorzorgsmaatregelen treft, vangt de grondroerder de graafwerkzaamheden niet aan dan nadat de beheerder deze voorzorgsmaatregelen heeft getroffen. 4 De beheerder treft de voorzorgsmaatregelen binnen drie werkdagen nadat de grondroerder contact met hem heeft opgenomen, tenzij hij in overleg met de grondroerder andere afspraken maakt. 5 De grondroerder treft de voorzorgsmaatregelen waarvan hij met de beheerder heeft afgesproken dat hij die voor zijn rekening neemt. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 83 van het Wetboek van Strafrecht Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan ter voorkoming van een terroristisch misdrijf als bedoeld inof om op voorhand de gevolgen daarvan te beperken aan de Dienst alle nodige aanwijzingen geven ten aanzien van de informatie-uitwisseling. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 De beheerder rapporteert aan de Dienst telkens in januari het aantal schadegevallen als gevolg van graafwerkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. 2 De Dienst maakt ten minste jaarlijks een overzicht van het aantal gemelde schadegevallen openbaar. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 De grondroerder meldt schade aan een net als gevolg van zijn graafwerkzaamheden onverwijld aan de beheerder van het beschadigde net. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 Indien de ligging van een net afwijkt van de liggingsgegevens die aan de grondroerder zijn verstrekt, meldt de grondroerder dit onverwijld bij de Dienst. 2 Van de melding, bedoeld in het eerste lid, doet de Dienst onverwijld mededeling aan de betrokken beheerder. 3 De beheerder treft onverwijld, doch uiterlijk binnen dertig werkdagen na ontvangst van de mededeling, bedoeld in het tweede lid, de als gevolg van de melding, bedoeld in het eerste lid, noodzakelijke maatregelen. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 1 Indien de grondroerder een net aantreft dat niet in de door de Dienst verstrekte liggingsgegevens is vermeld of waarvan niet duidelijk is wie de beheerder is, meldt de grondroerder dit onverwijld bij de Dienst. 2 artikel 11 De Dienst bericht onverwijld alle beheerders wier beheerpolygoon geheel of gedeeltelijk samenvalt met de graafpolygoon en de bij ministeriële regeling te bepalen beheerders dat er een net is aangetroffen, waarover geen liggingsgegevens zijn verstrekt als bedoeld in. 3 Indien er een beheerder van het net is, meldt deze zich onverwijld bij de Dienst. 4 Indien de Dienst niet binnen tien werkdagen na het bericht, bedoeld in het tweede lid, een melding als bedoeld in het derde lid ontvangt: a. geeft de Dienst de met betrekking tot dat net bekende gegevens door aan de gemeente in welker grondgebied dat net zich bevindt; b. registreert de Dienst de globale ligging van de met betrekking tot dat net bekende gegevens als polygoon. 5 artikel 10 Voor de toepassing vanwordt de gemeente, bedoeld in het vierde lid, gelijkgesteld met een beheerder. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 artikel 20, vierde lid artikelen 11 13a 13b 15, eerste en tweede lid 19, tweede en derde lid Op een gemeente die gegevens heeft ontvangen door toepassing van, zijn de,,,, en, van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de gemeente de met betrekking tot dat net bekende gegevens verstrekt, met inbegrip van eventuele correcties ingevolge artikel 19, tweede lid. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 artikelen 6, tweede en vierde lid 7 8, eerste en tweede lid 10 11 12, eerste lid en tweede lid, onderdeel a 13 17, eerste lid 19, eerste en tweede lid 20 De Dienst bewaart gedurende een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen periode gegevens over de uitvoering van de,,,,,,,,,, met uitzondering van de gegevens, bedoeld in de artikelen 11, eerste lid, onderdelen a, b en c, en 12, eerste lid, onderdelen a, b en c, en tweede lid, onderdeel a. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 Indien er tussen een netwerkexploitant en een aanbieder van een elektronisch communicatienetwerk een geschil is ontstaan inzake de nakoming van een op één hunner op grond van een bij of krachtens deze wet rustende verplichting betreffende medegebruik of coördinatie, kan Onze Minister op aanvraag van een bij dat geschil betrokken partij het geschil beslechten. 2 Onze Minister is onbevoegd tot het beslechten van een op grond van het eerste lid voorgelegd geschil, indien de bij dat geschil betrokken partijen gezamenlijk Onze Minister verzoeken het geschil niet langer te behandelen. 3 Onze Minister kan een besluit in een geschil als bedoeld in het eerste lid intrekken indien de bij dat besluit betrokken netwerkexploitant en aanbieder van een elektronisch communicatienetwerk daartoe gezamenlijk een aanvraag doen. 4 hoofdstuk 5a van de Telecommunicatiewet Indien een aanvraag als bedoeld in het eerste, tweede of derde lid tevens betrekking heeft op de verplichtingen, bedoeld inbeslist Onze Minister in coördinatie met de Autoriteit Consument en Markt op de aanvraag. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 Op vordering van Onze Minister verstrekken de bij een geschil betrokken partijen binnen twee weken, dan wel binnen een andere door Onze Minister te bepalen redelijke termijn, aan Onze Minister alle gegevens die relevant zijn voor de beoordeling van het geschil. 2 De bij het geschil betrokken partijen zijn verplicht onverwijld, maar in elk geval binnen de door Onze Minister gestelde redelijke termijn, alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen ten behoeve van de beoordeling van het geschil. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 1 artikel 23, eerste, tweede of derde lid Onze Minister beslist zo spoedig mogelijk op een aanvraag als bedoeld in, doch, behoudens buitengewone omstandigheden, uiterlijk binnen twee maanden na ontvangst van die aanvraag. 2 Onverminderd het eerste lid, kan Onze Minister in spoedeisende gevallen een voorlopig besluit nemen dat tussen de betrokkenen geldt tot het definitieve besluit van Onze Minister. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 artikel 23 Een bij een geschil betrokken partij volgt de door Onze Minister op grond vangenomen besluit op. Onze Minister kan daarbij termijnen stellen. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 artikel 23, eerste, tweede of derde lid Van een besluit als bedoeld in, wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over: a. artikelen 11 12 de informatie die op grond van deenwordt verstrekt, waarbij voor verschillende categorieën netten en netwerkexploitanten verschillende regels kunnen worden gesteld, en de wijze waarop die informatie wordt verstrekt; b. de toegang tot en de aansluiting op het informatiesysteem; c. beheerpolygonen, oriëntatiepolygonen en graafpolygonen. 2 artikel 2, eerste en derde lid hoofdstuk 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de situatie dat vanwege de door een calamiteit geboden spoed niet aan, kan worden voldaan dan wel de inbeschreven procedure kan worden gevolgd, waarbij voor zover nodig van dat artikel onderscheidenlijk de bepalingen van dat hoofdstuk kan worden afgeweken. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over: a. artikel 2, tweede lid het op zorgvuldige wijze verrichten van graafwerkzaamheden, bedoeld in; b. registratiemeldingen, oriëntatieverzoeken en graafmeldingen; c. artikel 15, eerste, tweede en vijfde lid de voorzorgsmaatregelen en de inachtneming daarvan, bedoeld in; d. artikel 10, onderdeel a artikel 8, eerste lid de ontvangstbevestiging, bedoeld in, en het graafbericht, bedoeld in; e. artikelen 13a 13b het contact en de afspraken, bedoeld in deen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. artikelen 17, eerste lid 19, eerste lid 20, eerste en derde lid meldingen als bedoeld in de,, en; b. artikel 22 het bewaren en verstrekken van de informatie, bedoeld in. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 1 artikelen 11 tot en met 13 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de gebiedsinformatie die op grond van deaan de grondroerder of de aanbieder van een openbaar telecommunicatienetwerk wordt verstrekt, waarbij voor verschillende categorieën graafwerkzaamheden, netwerkexploitanten, fysieke infrastructuur of civiele werkzaamheden verschillende regels kunnen worden gesteld, en de wijze waarop die gebiedsinformatie wordt verstrekt. 2 artikel 6 Bij regeling van het bestuur van de Dienst worden regels gesteld omtrent de wijze waarop de registratie van beheerders of netwerkexploitanten, bedoeld inplaatsvindt. 3 Bij regeling van het bestuur van de Dienst kunnen regels worden gesteld omtrent de tijden gedurende welke oriëntatieverzoeken en graafmeldingen kunnen worden gedaan. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 hoofdstuk 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen gebieden worden aangewezen ten aanzien waarvan om veiligheidsredenen kan worden afgeweken van de voorschriften gesteld bij of krachtens. Daarbij kunnen regels worden gesteld over de informatie-uitwisseling omtrent die gebieden of de daarin gelegen fysieke infrastructuur of civiele werken. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 richtlijn nr. 2014/61 Indien de in deze wet geregelde onderwerpen in het belang van een goede uitvoering van/EU nadere regeling behoeven, kan deze geschieden bij algemene maatregel van bestuur. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 1 artikelen 2 5a 6, tweede, derde en vierde lid 8 11, eerste lid 12 13a 13b 15, eerste, derde, vierde en vijfde lid 17, eerste lid 18 19, eerste en derde lid 20, eerste en derde lid 24 26 28, eerste en tweede lid, derde lid, onderdelen a, b en c, vierde lid, onderdelen a en b 29, eerste lid 30 41a Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de,,,,,,,,,,,,,,,,,en, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren. 2 Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018 Artikel III van Stb. 2018/120 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 artikelen 2 5a 6, tweede en vierde lid 11, eerste lid 12 13a 13b 15, eerste, derde, vierde en vijfde lid 17, eerste lid 24 28, eerste, tweede en derde lid, onderdelen a en c 30 41a Onze Minister is bevoegd tot het opleggen van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de verplichtingen, gesteld bij of krachtens de,,,,,,,,,,,en. 2021 135 17-03-2021 03-03-2021 35256 2021 254 02-06-2021 18-05-2021 01-07-2021
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 1 artikelen 2 15, derde lid Ingeval van overtreding van deen, kan Onze Minister een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 450.000. 2 artikelen 5a 6, tweede en derde lid 8 11, eerste lid 12 13a 13b 15, eerste, vierde en vijfde lid 17, eerste lid 18 19, eerste en derde lid 20, eerste en derde lid 24 28, eerste en tweede lid, derde lid, onderdelen a, b en c, vierde lid, onderdelen a en b 29, eerste lid 30 41a artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Ingeval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de,,,,,,,,,,,,,,,,, of vankan Onze Minister een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 100.000. 2021 135 17-03-2021 03-03-2021 35256 2021 254 02-06-2021 18-05-2021 01-07-2021
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 artikel 149 van de Gemeentewet De bevoegdheid, de gemeenteraad toekomend ingevolge, blijft ten aanzien van het verrichten van graafwerkzaamheden gehandhaafd voor zover de door hem te maken verordeningen niet met deze wet in strijd zijn. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 35a — Artikel 35a#
Artikel 35a Onze Minister zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet en vervolgens iedere vijf jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet op het voorkomen van graafschade in de praktijk. 2018 120 30-04-2018 11-04-2018 34745 2018 140 24-05-2018 03-05-2018 01-07-2018
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 Wijzigt de Telecommunicatiewet. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 Wijzigt de Kadasterwet. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 Wijzigt de Organisatiewet Kadaster. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 Wijzigt de Wet op de economische delicten. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten Op bezwaar en beroep ingevolge dedat is ingediend tegen een besluit van voor de datum van inwerkingtreding van deze wet, blijven de bij of krachtens de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten geldende voorschriften zoals die luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet van toepassing. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 41a — Artikel 41a#
Artikel 41a 1 artikel 11 artikel 4 artikel 16, onderdeel a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken In afwijking vanis een beheerder voor de delen van zijn net die bestaan uit de niet met andere kabels of leidingen samengebonden delen van kabels of leidingen die een verbinding vormen tussen een net dat naar zijn aard voor aansluiting van huishoudens wordt opengesteld, en één onroerende zaak als bedoeld inniet verplicht om liggingsgegevens daarvan aan de Dienst te verstrekken voor zover hij die liggingsgegevens niet beschikbaar heeft in de voor overdracht via het elektronische informatiesysteem, bedoeld in, voorgeschreven weergave en voor zover geen sprake is van renovatie of onderhoud van de desbetreffende delen van zijn net. 2 artikel 1, eerste lid, onderdeel m, van de Gaswet Ten aanzien van een net als bedoeld inis het eerste lid van toepassing tot en met 31 december 2019. 3 artikel 1.1 van de Energiewet artikel 1, eerste lid, van de Drinkwaterwet artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet Ten aanzien van een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit als bedoeld in, een net bestaande uit een collectiefleidingnet of een distributienet als bedoeld inof een net bestaande uit een ondergrondse kabel als bedoeld inen waarvan de ligging anders dan door opgraving kan worden bepaald is het eerste lid van toepassing tot en met 31 december 2027. Na 31 december 2027 kunnen bij ministeriële regeling nadere regels worden gesteld over de bepaling van de ligging, anders dan door opgraving, van een net of distributienet waarvan de ligging enkel door opgraving kan worden bepaald. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten Dewordt ingetrokken. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 Deze wet wordt aangehaald als: Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. 2018 73 16-03-2018 21-02-2018 34739 2018 90 30-03-2018 21-03-2018 31-03-2018