Wet van 21 december 2022, houdende invoering van een tijdelijke solidariteitsbijdrage (Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage)
- BWB-id
- BWBR0047704
- Type
- Wet
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2023-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0047704
- ELI
- /eli/nl/wet/2022/wet-tijdelijke-solidariteitsbijdrage
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2022/wet-tijdelijke-solidariteitsbijdrage/2023-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0047704&g=2023-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0047704&z=2026-06-06&g=2023-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0047704/2023-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2022/wet-tijdelijke-solidariteitsbijdrage
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Solidariteitsbijdrage#
Artikel 1.1 Solidariteitsbijdrage artikel 2.1 Onder de naam solidariteitsbijdrage wordt een belasting geheven van een bijdrageplichtige als bedoeld in. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Definities#
Artikel 1.2 Definities 1 Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. bijdragejaar: elk boekjaar dat aanvangt in het kalenderjaar 2022; b. boekjaar: artikel 7, vierde lid, eerste zin, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 het jaar, bedoeld in; c. belastbare winst: artikel 7, derde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 de belastbare winst, bedoeld in; d. Nederlands inkomen: artikel 17, derde lid, onderdeel a, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 het Nederlandse inkomen, bedoeld in; e. referentiewinst: het gemiddelde van de belastbare winst of het Nederlandse inkomen over de vier boekjaren die voorafgaan aan het bijdragejaar of, indien meer dan een boekjaar aanvangt in het kalenderjaar 2022, aan de bijdragejaren; f. overwinst: de in het bijdragejaar genoten belastbare winst of het in het bijdragejaar genoten Nederlandse inkomen voor zover die belastbare winst, onderscheidenlijk dat Nederlandse inkomen, meer bedraagt dan 120% van de referentiewinst; g. omzet: artikel 377 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek de netto-omzet, bedoeld in. 2 Indien minder dan vier boekjaren voorafgaan aan het bijdragejaar of, indien meer dan een boekjaar aanvangt in het kalenderjaar 2022, de bijdragejaren, bedraagt de referentiewinst het gemiddelde van de belastbare winst of het Nederlandse inkomen over de boekjaren die voorafgaan aan het bijdragejaar, onderscheidenlijk de bijdragejaren. 3 De referentiewinst bedraagt ten minste nihil. 4 artikelen 15 15a van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Indien een bijdrageplichtige deel uitmaakt van een fiscale eenheid als bedoeld in deof, wordt de belastbare winst berekend alsof hij geen deel uitmaakt van de fiscale eenheid. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Bijdrageplicht#
Artikel 2.1 Bijdrageplicht Bijdrageplichtig voor de solidariteitsbijdrage is een lichaam dat: a. artikel 2, eerste lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 3, eerste lid, van die wet binnenlands belastingplichtig is als bedoeld in, of buitenlands belastingplichtig is als bedoeld in; en b. artikel 17, derde lid, onderdeel a, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Verordening (EG) nr. 1893/2006 Verordening (EEG) nr. 3037/90 in het bijdragejaar ten minste 75% van zijn omzet, onderscheidenlijk van de omzet van zijn in Nederland gedreven onderneming als bedoeld in, behaalt met economische activiteiten op het gebied van winning van koolwaterstoffen, mijnbouw, de raffinage van aardolie of de vervaardiging van cokesovenproducten als bedoeld invan het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 en tot wijziging vanen enkele EG-verordeningen op specifieke statistische gebieden (PbEU 2006, L 393). 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Bijdragegrondslag#
Artikel 3.1 Bijdragegrondslag 1 De solidariteitsbijdrage wordt geheven over de door een bijdrageplichtige genoten overwinst. 2 artikel 7, vijfde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Indien een bijdrageplichtige op grond vanhet belastbare bedrag of het belastbare Nederlandse bedrag voor de vennootschapsbelasting berekent in een andere geldeenheid dan de euro, wordt de overwinst berekend in die andere geldeenheid. Voor de omrekening in euro’s van de in de andere geldeenheid berekende overwinst in het bijdragejaar geldt de koers die op grond van genoemd artikel 7, vijfde lid, in dat jaar geldt voor de omrekening van het belastbare bedrag of het belastbare Nederlandse bedrag voor de vennootschapsbelasting in euro’s. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Tarief#
Artikel 4.1 Tarief De solidariteitsbijdrage bedraagt 33% van de overwinst. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Voldoening op aangifte#
Artikel 5.1 Voldoening op aangifte 1 De solidariteitsbijdrage wordt op aangifte voldaan. 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen Voor de toepassing van debij de heffing van de solidariteitsbijdrage wordt voor belastingplichtige gelezen: bijdrageplichtige. 3 artikel 10, tweede lid, eerste zin, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen In afwijking vanstelt de inspecteur de termijn voor het doen van aangifte vast op 17 maanden na het einde van het tijdvak. 4 artikel 19, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen In afwijking vanis de bijdrageplichtige gehouden de solidariteitsbijdrage overeenkomstig de aangifte aan de ontvanger te betalen uiterlijk 17 maanden na het einde van het tijdvak. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 6.1 — Artikel 6.1 Naheffing#
Artikel 6.1 Naheffing artikel 20, derde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen In afwijking vanvervalt de bevoegdheid tot naheffing door verloop van zeven jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de belastingschuld is ontstaan. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 6.2 — Artikel 6.2 Belastingrente#
Artikel 6.2 Belastingrente 1 Hoofdstuk VA van de Algemene wet inzake rijksbelastingen Met betrekking tot een naheffingsaanslag wordt belastingrente als bedoeld inin rekening gebracht. 2 artikel 5.1, vierde lid artikel 9 van de Invorderingswet 1990 De belastingrente wordt enkelvoudig berekend over het tijdvak dat aanvangt op de dag volgend op de laatste dag van de betaaltermijn, bedoeld in, en eindigt op de dag voorafgaand aan de dag waarop de naheffingsaanslag invorderbaar is ingevolgeen heeft als grondslag de nageheven solidariteitsbijdrage. 3 Indien een naheffingsaanslag ter zake waarvan belastingrente in rekening is gebracht naar aanleiding van een bezwaarschrift, een daaropvolgende gerechtelijke procedure of een ambtshalve vermindering wordt verminderd of wordt vernietigd, wordt de eerder in rekening gebrachte rente naar evenredigheid verminderd, onderscheidenlijk vernietigd. 4 artikelen 30ha 30hb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen Deenzijn van overeenkomstige toepassing. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 6.3 — Artikel 6.3 Bestuurlijke boeten#
Artikel 6.3 Bestuurlijke boeten 1 artikel 67b, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 5.1, derde lid Voor de toepassing vanvormt het verzuim het niet doen van aangifte dan wel het niet doen van aangifte binnen de termijn, bedoeld in. 2 artikelen 67c, derde lid 67f, vierde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen In afwijking van de, envervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van die artikelen door verloop van zeven jaren na afloop van het kalenderjaar waarin de belastingschuld is ontstaan. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 6.4 — Artikel 6.4 Invordering#
Artikel 6.4 Invordering 1 artikel 28a van de Invorderingswet 1990 Voor de toepassing vanwordt voor belastingplichtige gelezen: bijdrageplichtige. 2 Hoofdelijk aansprakelijk is voor de solidariteitsbijdrage die over een tijdvak is geheven artikelen 15, eerste of tweede lid 15a, eerste lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 van een bijdrageplichtige die behoort tot een fiscale eenheid als bedoeld in de, of: elk van de andere maatschappijen die in dat tijdvak deel uitmaakt of uitmaakte van die fiscale eenheid. 3 Hoofdelijk aansprakelijk is voor de solidariteitsbijdrage die is verschuldigd door een bijdrageplichtige die aan de heffing van de solidariteitsbijdrage is onderworpen en waarvan de plaats van vestiging niet langer in Nederland is gelegen: ieder van de met de verplaatsing belaste personen. 4 Degene die op grond van het derde lid aansprakelijk is, is niet aansprakelijk voor zover hij bewijst dat het niet aan hem te wijten is dat de solidariteitsbijdrage niet is voldaan. 5 Artikel 32 van de Invorderingswet 1990 is van overeenkomstige toepassing. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 7.1 — Artikel 7.1 Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Wijziging#
Artikel 7.1 Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Wijziging Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 7.2 — Artikel 7.2 Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Wijziging#
Artikel 7.2 Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Wijziging Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7.3 — Artikel 7.3 Wet belastingen op milieugrondslag Wijziging#
Artikel 7.3 Wet belastingen op milieugrondslag Wijziging Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 01-01-2023
Artikel 8.1 — Artikel 8.1 Inwerkingtreding#
Artikel 8.1 Inwerkingtreding 1 Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst, werkt terug tot en met 1 januari 2022 en vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2 artikel 7.2 In afwijking van het eerste lid treedtin werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 3 artikel 7.3 artikel 90 van de Wet belastingen op milieugrondslag In afwijking van het eerste lid treedtin werking met ingang van 1 januari 2023, dan wel indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 2023, treedt artikel 7.3 in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin de wet wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2023. Artikel 7.3 vindt eerst toepassing nadatbij het begin van het kalenderjaar 2023 is toegepast. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022
Artikel 8.2 — Artikel 8.2 Citeertitel#
Artikel 8.2 Citeertitel Deze wet wordt aangehaald als: Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage. 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 2022 537 27-12-2022 21-12-2022 36235 28-12-2022 01-01-2022