Wet van 10 juni 2020, houdende regels in verband met de uitbreiding van het toezicht op nieuwe zorgaanbieders (Wet toetreding zorgaanbieders)
- BWB-id
- BWBR0043797
- Type
- Wet
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-07-05
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0043797
- ELI
- /eli/nl/wet/2022/wet-toetreding-zorgaanbieders
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2022/wet-toetreding-zorgaanbieders/2025-07-05
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0043797&g=2025-07-05
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0043797&z=2026-06-06&g=2025-07-05
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0043797/2025-07-05
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2022/wet-toetreding-zorgaanbieders
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: – instelling: rechtspersoon die bedrijfsmatig zorg verleent of doet verlenen, organisatorisch verband van natuurlijke personen die bedrijfsmatig zorg verlenen of doen verlenen of natuurlijk persoon die bedrijfsmatig zorg doet verlenen, met uitzondering van een instelling die binnen het kader van de binnen een andere instelling verleende zorg een deel van die zorg verleent; – medisch specialistische zorg: artikel 14 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg bij ministeriële regeling aangewezen zorg die door een arts wordt verleend en valt binnen de bijzondere deskundigheid van artsen aan wie de bevoegdheid toekomt tot het voeren van een wettelijk erkende specialistentitel als bedoeld in; – Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; – solistisch werkende zorgverlener: zorgverlener die, anders dan in dienst of onmiddellijk of middellijk in opdracht van een instelling, beroepsmatig zorg verleent; – toelatingsvergunning: artikel 4, eerste of tweede lid vergunning als bedoeld in; – zorgaanbieder: instelling dan wel solistisch werkende zorgverlener; – zorgverlener: natuurlijke persoon die beroepsmatig zorg verleent. 2 artikelen 2 8, eerste lid Voor de toepassing van deen, worden tevens als zorgaanbieder aangemerkt: a. een instelling die binnen het kader van de binnen een andere instelling verleende zorg een deel van die zorg verleent; en b. een zorgverlener die, anders dan in dienst van een instelling, middellijk of onmiddellijk in opdracht van een instelling beroepsmatig zorg verleent. 2025 151 04-06-2025 26-05-2025 36682 2025 174 04-07-2025 30-06-2025 05-07-2025
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg De zorgaanbieder die zorg als bedoeld bij of krachtens dewil gaan verlenen of laten verlenen, zorgt ervoor dat de verlening van die zorg niet eerder aanvangt dan nadat hij dit aan Onze Minister heeft gemeld. 2 artikel 2, tweede lid, onderdeel b, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg De melding geschiedt langs elektronische weg op een bij ministeriële regeling vastgestelde wijze. De daarbij door de zorgaanbieder te verstrekken gegevens kunnen per categorie van zorgaanbieders verschillen en hebben betrekking op de aard van de te verlenen zorg, de personele en materiële organisatorische inrichting en voorwaarden betreffende kwaliteit van zorg, waaronder het bepaalde in. 3 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van zorgaanbieders worden aangewezen waarop het eerste lid niet van toepassing is. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 4 Een zorgaanbieder die op grond van het bepaalde bij of krachtensdient te beschikken over een toelatingsvergunning voldoet aan de volgende eisen omtrent de bestuursstructuur: a. er is een interne toezichthouder die toezicht houdt op het beleid van de dagelijkse of algemene leiding van de instelling en de algemene gang van zaken binnen de instelling en die de dagelijkse of algemene leiding van de instelling met raad ter zijde staat; b. een persoon maakt niet tegelijk deel uit van de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding van de instelling; c. de interne toezichthouder is zodanig samengesteld dat de leden ten opzichte van elkaar, de dagelijkse of algemene leiding van de instelling en welk deelbelang dan ook onafhankelijk en kritisch kunnen opereren; d. de instelling legt op inzichtelijke wijze de verantwoordelijkheidsverdeling tussen de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding vast, alsmede de wijze waarop interne conflicten tussen de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding worden geregeld. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen worden gesteld betreffende de bestuursstructuur waaraan een zorgaanbieder als bedoeld in het eerste lid moet voldoen. Deze nadere eisen kunnen per categorie van zorgaanbieders verschillen en hebben in ieder geval betrekking op: a. de waarborging van de onafhankelijke taakvervulling door de interne toezichthouder; b. de samenstelling van de interne toezichthouder; c. de verstrekking van inlichtingen en gegevens aan de interne toezichthouder; d. de taken of bevoegdheden van de interne toezichthouder. 3 De instelling legt schriftelijk vast op welke wijze zij voldoet aan het bepaalde in het eerste en tweede lid. Hierover kunnen bij ministeriële regeling nadere regels worden gesteld die per categorie van zorgaanbieders kunnen verschillen. 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van zorgaanbieders worden aangewezen waarop het eerste lid niet van toepassing is. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Een instelling beschikt over een toelatingsvergunning van Onze Minister voor zover deze: a. medisch specialistische zorg verleent of doet verlenen, of b. Wet langdurige zorg Zorgverzekeringswet zorg of een andere dienst als omschreven bij of krachtens deof deverleent of doet verlenen. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van zorgaanbieders worden aangewezen die eveneens over een toelatingsvergunning dienen te beschikken. De voordracht voor deze algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd. 3 De indiening van de aanvraag om een toelatingsvergunning geschiedt op een bij ministeriële regeling vastgestelde wijze. Bij die ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de bij de aanvraag te verstrekken bescheiden en gegevens. Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op eisen omtrent de bedrijfsvoering en de bestuursstructuur, alsmede voorwaarden voor een goede kwaliteit van zorg, en kunnen per categorie van zorgaanbieders verschillen. 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van zorgaanbieders worden aangewezen waarop het eerste lid niet van toepassing is. 2024 291 18-10-2024 02-10-2024 36357 2024 322 05-11-2024 23-10-2024 01-01-2025 Abusievelijk is voor het eerste lid, onderdeel b, een
wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 4, derde lid Onze Minister weigert de toelatingsvergunning indien de krachtens, te verstrekken bescheiden en gegevens niet volledig worden aangeleverd. 2 Onze Minister weigert de toelatingsvergunning voorts indien aannemelijk is dat niet zal worden voldaan aan de volgende eisen voor zover deze op de instelling van toepassing zijn: a. artikel 3 de bij of krachtensgestelde eisen; b. artikelen 3 7 9, tweede lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg de bij de,engestelde eisen; c. artikel 40a, eerste, tweede en vierde lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg de bijgestelde eisen; d. artikel 3, eerste lid, van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen 2018 de bijgestelde eis; e. artikel 35, eerste, tweede, zesde of zevende lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg het bepaalde in. 3 artikel 1, onderdeel z, van de Zorgverzekeringswet Onze Minister weigert de toelatingsvergunning voorts indien de zorgaanbieder behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie van zorgaanbieders en aannemelijk is dat niet zal worden voldaan aan de bij algemene maatregel van bestuur gestelde voorwaarden met betrekking tot de bij die maatregel aangewezen kwaliteitsstandaard als bedoeld in. 4 artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens artikel 1, onderdeel d, van die wet Onze Minister kan de toelatingsvergunning weigeren, indien de zorgaanbieder in bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen op verzoek van Onze Minister geen verklaring omtrent het gedrag als bedoeld inkan verstrekken ten behoeve van een rechtspersoon als bedoeld inof een natuurlijke persoon die behoort tot een van de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën van natuurlijke personen. De verklaring is niet ouder dan 3 maanden. 5 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur Onze Minister kan de toelatingsvergunning voorts weigeren in geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 6 artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur artikel 9 van die wet Voordat toepassing wordt gegeven aan het vijfde lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in, om een advies als bedoeld inworden gevraagd. 2024 291 18-10-2024 02-10-2024 36357 2024 322 05-11-2024 23-10-2024 01-01-2025
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De kosten die samenhangen met het in behandeling nemen van de aanvraag en de afgifte van de toelatingsvergunning worden ten laste gebracht van de aanvrager van de toelatingsvergunning. 2 De hoogte van de kosten wordt bij ministeriële regeling vastgesteld. Daarbij kan onderscheid worden gemaakt tussen verschillende categorieën van zorgaanbieders. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Onze Minister kan de toelatingsvergunning intrekken, indien: a. artikel 4 de zorgaanbieder gedurende een jaar de bij of krachtensbedoelde zorg of dienst niet heeft verleend of heeft doen verlenen; b. de zorgaanbieder ophoudt te bestaan of diens bestuursstructuur aanzienlijk wijzigt; c. artikel 5, tweede lid, onderdelen a, b, c of d, of derde lid niet wordt voldaan aan de eisen, bedoeld in; d. artikel 35, eerste, tweede, zesde of zevende lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg is overtreden; of e. de zorgaanbieder onjuiste gegevens heeft verstrekt terwijl op grond van de juiste gegevens de toelatingsvergunning zou zijn geweigerd. 2 artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens artikel 1, onderdeel d, van die wet Onze Minister kan de toelatingsvergunning intrekken, indien de zorgaanbieder in bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen op verzoek van Onze Minister geen verklaring omtrent het gedrag als bedoeld inkan verstrekken ten behoeve van een rechtspersoon als bedoeld inof een natuurlijke persoon die behoort tot een van de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën van natuurlijke personen. De verklaring is niet ouder dan 3 maanden. 3 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen Artikel 5, zesde lid Een toelatingsvergunning kan voorts door Onze Minister worden ingetrokken, indien er sprake is van het geval en onder de voorwaarden, bedoeld indoor het openbaar bestuur., is van overeenkomstige toepassing. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Wet langdurige zorg Zorgverzekeringswet artikel 2, eerste lid Onze Minister verstrekt aan de Wlz-uitvoerders als bedoeld in derespectievelijk de zorgverzekeraars als bedoeld in demet het oog op de vervulling van hun bij of krachtens de Wet langdurige zorg of de Zorgverzekeringswet geregelde taken respectievelijk de uit hun zorgverzekeringen voortvloeiende verplichtingen het nummer van inschrijving bij de Kamer van Koophandel van de zorgaanbieder die een melding als bedoeld in, heeft gedaan. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op zorgaanbieders aan wie een toelatingsvergunning is verleend of van wie de toelatingsvergunning wordt ingetrokken. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming Onze Minister kan persoonsgegevens, waaronder persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld inverwerken voor zover die verwerking noodzakelijk is voor de weigering dan wel de intrekking van de toelatingsvergunning. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 9 De Inspectie gezondheidszorg en jeugd en de Nederlandse zorgautoriteit verstrekken Onze Minister uit eigen beweging of desgevraagd alle gegevens, waaronder persoonsgegevens als bedoeld in, die voor Onze Minister van belang zijn voor de weigering dan wel intrekking van een toelatingsvergunning. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikelen 2, eerste lid 3 4, eerste en tweede lid Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de,en, zijn belast de ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd. 2024 291 18-10-2024 02-10-2024 36357 2024 322 05-11-2024 23-10-2024 01-01-2025
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikelen 3 4, eerste en tweede lid Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder dwangsom ter handhaving van het bepaalde bij of krachtens deen. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikelen 2, eerste lid 4, eerste en tweede lid Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de, en. 2 artikel 2, eerste lid artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht De op grond van het eerste lid vast te stellen bestuurlijke boete bedraagt voor een overtreding van, ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de vierde categorie, bedoeld in. 3 artikel 4, eerste en tweede lid artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht De op grond van het eerste lid vast te stellen bestuurlijke boete bedraagt voor een overtreding van het bepaalde bij of krachtens, ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de vijfde categorie, bedoeld in. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen artikel 4 Indien een instelling op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet in het bezit is van een toelating op grond van, zoals dat artikel luidde direct voorafgaand aan dat tijdstip, geldt die toelating als een toelatingsvergunning, indien deze instelling op grond van het bepaalde bij of krachtensover een toelatingsvergunning dient te beschikken. 2 artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen artikel 4 Indien een instelling op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet in het bezit is van een toelating op grond van, zoals dat artikel luidde direct voorafgaand aan dat tijdstip, vervalt die toelating indien die instelling niet op grond van het bepaalde bij of krachtensover een toelatingsvergunning dient te beschikken. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 1, derde lid, van de Wet toelating zorginstellingen artikel 4 Indien een instelling op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet op grond van, zoals dat artikel luidde direct voorafgaand aan dat tijdstip, van rechtswege in het bezit is van een toelating, vraagt de instelling binnen twee jaar na inwerkingtreding van deze wet een toelatingsvergunning aan indien deze instelling op grond van het bepaalde bij of krachtensover een toelatingsvergunning dient te beschikken. 2 artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen Indien een zorgaanbieder op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet niet in het bezit hoefde te zijn van een toelating op grond van, zoals dat artikel luidde direct voorafgaand aan dat tijdstip, doch vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet over een toelatingsvergunning dient te beschikken, vraagt de zorgaanbieder die vergunning binnen twee jaar na inwerkingtreding van deze wet aan. 3 artikel 6 Aan de aanvraag om een toelatingsvergunning zijn voor de zorgaanbieder, bedoeld in het eerste en tweede lid, in afwijking van, gedurende bedoelde twee jaar geen kosten verbonden. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen artikel 14 Ten aanzien van aanvragen voor een toelating en bezwaar en beroep tegen een besluit dat op grond vanis genomen voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, is het recht zoals dat gold voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet van toepassing. Indien naar aanleiding van de aanvraag of dat bezwaar of beroep de toelating wordt verleend isvan overeenkomstige toepassing. 2 artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen Indien op het tijdstip van inwerkintreding van deze wet nog beroep kon worden ingesteld of beroep was ingesteld tegen een besluit dat op grond vanis genomen, blijft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevoegd om beroepen te behandelen. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 artikel 2 artikel 2 Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg Een zorgaanbieder die op het tijdstip van inwerkingtreding vanvan deze wet zorg als bedoeld bij of krachtens deverleent of laat verlenen, voldoet binnen 6 maanden na dat tijdstip aan de inbedoelde meldplicht. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van zorgaanbieders worden aangewezen waarop het eerste lid niet van toepassing is. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 17a — Artikel 17a#
Artikel 17a artikel VIIIa, onderdeel A, van de Verzamelwet VWS 2023 artikel 4, eerste lid Een instelling die op het moment van inwerkingtreding van, ingevolge dit artikel voor het eerst over een toelatingsvergunning als bedoeld in, moet beschikken, verkrijgt van rechtswege een toelatingsvergunning. 2024 291 18-10-2024 02-10-2024 36357 2024 322 05-11-2024 23-10-2024 01-01-2025
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Wijzigt de Aanpassingswet Wet toetreding zorgaanbieders. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Wijzigt de Wet marktordening gezondheidszorg. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Onze Minister zendt binnen 4 jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Deze wet wordt aangehaald als: Wet toetreding zorgaanbieders. 2020 180 19-06-2020 10-06-2020 34767 2021 344 14-07-2021 07-07-2021 01-01-2022