Wet van 11 december 2024, houdende regels over energiemarkten en energiesystemen (Energiewet)
- BWB-id
- BWBR0050714
- Type
- Wet
- Ministerie
- Klimaat en Groene Groei
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-02-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0050714
- ELI
- /eli/nl/wet/2025/energiewet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2025/energiewet/2026-02-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0050714&g=2026-02-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0050714&z=2026-06-06&g=2026-02-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0050714/2026-02-14
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2025/energiewet
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 begripsbepalingen#
Artikel 1.1 begripsbepalingen In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: aangeslotene: ieder die van een systeembeheerder de beschikking heeft gekregen over een aansluiting; aansluiting: deel van een transmissie- of distributiesysteem dat bestaat uit één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen, tussen: a. artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken een transmissie- of distributiesysteem en een onroerende zaak als bedoeld in; b. systemen van verschillende systeembeheerders, met uitzondering van systeemkoppelingen; c. het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee en een windpark op zee of tussen het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee en de installatie van een eindafnemer; d. een transmissie- of distributiesysteem voor gas en een gasproductienet; aansluitovereenkomst: artikelen 3.41, eerste lid 3.86, eerste lid 3.105, tweede lid, onderdeel a overeenkomst op basis van een aanbod als bedoeld in de,, of; Acer: verordening 2019/942 Agentschap als bedoeld in artikel 1 van; actieve afnemer: een eindafnemer, of een groep gezamenlijk optredende eindafnemers, die binnen een eigen of gezamenlijke installatie zelfopgewekte of gedeelde elektriciteit verbruikt of opslaat, die zelfopgewekte elektriciteit verkoopt of deelt, die gedeelde elektriciteit verbruikt of opslaat, of die gebruik maakt van flexibiliteits- of energie-efficiëntiediensten, mits die activiteiten niet zijn belangrijkste commerciële activiteit vormen; aggregatieovereenkomst: terugleveringsovereenkomst, terugleveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel, vraagresponsovereenkomst, of andere overeenkomst inzake aggregeren; aggregeren: combineren van vraagrespons of ingevoede elektriciteit van verschillende actieve afnemers met het oog op wederverkoop; allocatiepunt: administratief punt waar invoeding, onttrekking of verbruik van elektriciteit of gas wordt toegerekend aan een marktdeelnemer; Autoriteit Consument en Markt: artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt Autoriteit Consument en Markt, bedoeld in; balanceringsportfolio: groepering van de invoedingen en onttrekkingen en handelsberichten voor verkoop en inkoop, van een balanceringsverantwoordelijke voor gas; balanceringsverantwoordelijke: balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit of gas; balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit: artikel 3.119 natuurlijk persoon of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de onbalans die hij, of degene die hij vertegenwoordigt, veroorzaakt in het transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit en die overeenkomstig de methoden of voorwaarden voor elektriciteit, bedoeld in, door de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit als balanceringsverantwoordelijke is toegelaten; balanceringsverantwoordelijke voor gas: artikel 3.119 natuurlijk persoon of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de onbalans die hij, of degene die hij vertegenwoordigt, veroorzaakt in het transmissie- of distributiesysteem voor gas en die overeenkomstig de methoden of voorwaarden voor gas, bedoeld in, door de transmissiesysteembeheerder voor gas als balanceringsverantwoordelijke is toegelaten; beheerder van een gesloten systeem: artikel 3.6 rechtspersoon die op grond vanis aangewezen; bindende EU-rechtshandelingen: door de instellingen van de Europese Unie vastgestelde richtlijnen, verordeningen, besluiten zonder vermelding van adressaten en besluiten met vermelding van adressaten, voor zover mede tot Nederland gericht; bindende gedragslijn: artikel 5:2, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht enkele last tot het verrichten van bepaalde handelingen als bedoeld inter bevordering van de naleving van wettelijke voorschriften en die niet wegens een overtreding wordt opgelegd; biomassa: biologisch afbreekbare fractie van producten, afvalstoffen en residuen van biologische oorsprong uit de landbouw, met inbegrip van plantaardige en dierlijke stoffen, de bosbouw en aanverwante bedrijfstakken, met inbegrip van de visserij en de aquacultuur, alsmede de biologisch afbreekbare fractie van afval, met inbegrip van industrieel en huishoudelijk afval van biologische oorsprong; buitenlandse transmissiesysteembeheerder: richtlijn 2019/944 richtlijn 2009/73 entiteit in een andere lidstaat die op grond van nationale wettelijke regels is belast met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 35, vanof artikel 2, onderdeel 4, van; 2 CO-terminal: 2 faciliteit voor de ontvangst en overslag van koolstofdioxide, met inbegrip van de invoeding van koolstofdioxide in of het onttrekken van koolstofdioxide aan de infrastructuur voor het transport van koolstofdioxide, hervergassing van vloeibare koolstofdioxide of het vloeibaar maken van gasvormig koolstofdioxide, ondersteunende diensten en tijdelijke opslag die nodig zijn voor het proces van ontvangst en overslag of de toegang tot of de goede werking van de CO-terminal of de infrastructuur voor het transport van koolstofdioxide; communicatiefunctionaliteit: functionaliteit voor het verzenden en ontvangen van gegevens voor informatie-, monitoring- en controledoeleinden door middel van een vorm van elektronische communicatie; congestie: congestie voor elektriciteit of voor gas; congestie voor elektriciteit: verordening 2019/943 congestie als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van; congestie voor gas: situatie waarin de maximale transportcapaciteit van een deel van een transmissie- of distributiesysteem voor gas niet voldoende is om te voorzien in de behoefte aan transport; congestiebeheer: stelsel van procedures dat voorkomt dat zich congestie voordoet en de maatregelen die bewerkstelligen dat congestie wordt opgeheven; congestiebeheers- of systeembeheersdienst: dienst inzake de verandering van de belasting van het transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit die wordt ingezet ten behoeve van congestiebeheer of een efficiënter beheer of efficiëntere ontwikkeling van het transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit; connectiepunt: fysiek punt dat een aangrenzend buitenlands transmissiesysteem voor gas, een interconnectorsysteem voor gas of een productienet voor gas verbindt met een Nederlands transmissiesysteem voor gas; delen van energie: zelfverbruik door één of meer actieve afnemers van hernieuwbare energie; a. die is opgewekt of opgeslagen door een installatie achter een andere aansluiting die de actieve afnemers geheel of gedeeltelijk gezamenlijk bezitten, leasen of huren; of b. waarop het recht al dan niet gratis is overgedragen door een andere actieve afnemer; directe lijn: artikel 3.9, eerste lid directe lijn als bedoeld in; distributiesysteem: distributiesysteem voor elektriciteit of voor gas; distributiesysteembeheerder: distributiesysteembeheerder voor elektriciteit of voor gas; distributiesysteembeheerder voor elektriciteit: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel e rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; distributiesysteembeheerder voor gas: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel f rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; distributiesysteem voor elektriciteit: stelsel van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van transport van elektriciteit op een spanningsniveau lager dan 110 kilovolt met het oog op de belevering aan eindafnemers of handelaren, de levering zelf niet inbegrepen; distributiesysteem voor gas: stelsel van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van lokaal of regionaal transport van gas met het oog op de belevering aan eindafnemers of handelaren, de levering zelf niet inbegrepen, niet zijnde een gasproductienet; eindafnemer: aangeslotene die elektriciteit of gas koopt of wil kopen voor eigen gebruik; energiehandelsmarkt: markt voor het verhandelen van elektriciteit of gas, capaciteit, balanceringsdiensten, of ondersteunende diensten, in alle tijdsbestekken, waaronder termijn, day-ahead en intraday, daaronder begrepen een over-the-counter-markt of elektriciteits- of gasbeurs; elektriciteitsopslagfaciliteit: faciliteit waarmee elektriciteit wordt opgeslagen; elektriciteit uit hernieuwbare bronnen: elektriciteit die is geproduceerd met hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen, met uitzondering van elektriciteit die afkomstig is van accumulatiesystemen; elektriciteitsprogramma: artikel 3.119 groepering van de handelsprogramma’s en indien dat krachtens de methoden of voorwaarden, bedoeld in, is voorgeschreven, de groepering van invoedingen en onttrekkingen per allocatiepunt, van een balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit; energiegemeenschap: juridische entiteit die ten behoeve van haar leden, vennoten of aandeelhouders activiteiten op de energiemarkt verricht en als hoofddoel heeft het bieden van milieuvoordelen of economische of sociale voordelen aan haar leden, vennoten of aandeelhouders of aan de plaatselijke gebieden waar ze werkzaam is, en niet is gericht op het maken van winst; energie uit hernieuwbare bronnen: energie die is geproduceerd uit hernieuwbare bronnen of energie die is geproduceerd met gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen; garantie van oorsprong: gegevens op een rekening voor garanties van oorsprong die betrekking hebben op: a. energie uit hernieuwbare bronnen en waarmee wordt aangetoond dat een producent een hoeveelheid energie uit hernieuwbare bronnen heeft geproduceerd; of b. elektriciteit uit niet-hernieuwbare bronnen en waarmee wordt aangetoond dat een producent een hoeveelheid elektriciteit uit een andere energiebron dan hernieuwbare bronnen heeft geproduceerd; gas: a. aardgas dat bij een temperatuur van 15 °C en bij een druk van 1,01325 bar in gasvormige toestand verkeert en voor ten minste voor 75% bestaat uit methaan; of b. gas uit hernieuwbare bronnen; gasjaar: periode vanaf 1 oktober in enig jaar tot en met 30 september van het daaropvolgende kalenderjaar; gasopslagsysteem: systeem voor de opslag van gas, met inbegrip van het gedeelte van een LNG-systeem dat voor opslag wordt gebruikt, maar met uitzondering van het gedeelte dat wordt gebruikt voor gasproductie en met uitzondering van een systeem voor de opslag van gas dat uitsluitend ten dienste staat van een transmissiesysteembeheerder voor gas bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen; gasopslagbeheerder: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel i rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; gasproductienet: stelsel van één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen die onderdeel uitmaken van een olie- of gaswinningsproject of die worden gebruikt voor het transport van gas rechtstreeks van een gaswinningsproject naar een gasverwerkingsinstallatie, een gasopslagsysteem of een aansluiting op een transmissiesysteem voor gas; gas uit hernieuwbare bronnen stof die bij een temperatuur van 15 °C en bij een druk van 1,01325 bar in gasvormige toestand verkeert en voor ten minste voor 75% bestaat uit methaan en die is geproduceerd met hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen; gegevensuitwisselingsentiteit: artikel 4.15, eerste lid rechtspersoon als bedoeld in; gesloten systeem: artikel 3.7, eerste lid systeem als bedoeld in; grote aansluiting: 3 aansluiting met een doorlaatwaarde groter dan 3 x 80 Ampère voor elektriciteit of 40 m(n) per uur voor gas; handelaar: natuurlijk persoon of rechtspersoon die elektriciteit of gas koopt voor wederverkoop; hernieuwbare bronnen: wind, zon, omgevingslucht, oppervlaktewater, rioolwater, aardwarmte, zee, waterkracht, biomassa, stortgas, rioolwaterzuiveringsgas en biogas; huishoudelijk eindafnemer: eindafnemer die elektriciteit of gas koopt of wil kopen voor eigen huishoudelijk gebruik; infrastructuurbedrijf: artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek groepsmaatschappij als bedoeld indie onderdeel uitmaakt van de infrastructuurgroep, met uitzondering van één of meer transmissie- of distributiesysteembeheerders; infrastructuurgroep: artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek groep als bedoeld inwaarvan één of meer transmissie- of distributiesysteembeheerders onderdeel uitmaken; inkomstenbesluit: artikel 3.109 besluit op grond van; installatie: leidingen en daarmee duurzaam verbonden elektrotechnisch of gastechnisch materieel dat of apparatuur die: a. zijn bestemd voor of ten dienste staat van het verbruik of de productie van elektriciteit of gas of de opslag van elektriciteit; b. wordt gebruikt of beheerd door een aangeslotene; en c. zich ten opzichte van een transmissie- of distributiesysteem of een directe lijn bevindt achter het overdrachtspunt of de voorzieningen die de directe lijn beveiligen; installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling: richtlijn 2012/27 installatie voor de opwekking van elektriciteit door middel van warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 2, onderdeel 34, van; interconnector interconnector voor elektriciteit of voor gas die deel uitmaakt van het systeem van een transmissiesysteembeheerder of een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee; interconnector voor elektriciteit transmissieleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen die deel uitmaakt van het systeem van een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit, die de grens tussen Nederland en een lidstaat, een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte, of een derde land, overschrijdt of overspant, en een Nederlands transmissiesysteem voor elektriciteit of een transmissiesysteem voor elektriciteit op zee met een transportsysteem voor elektriciteit van die lidstaat of dat land koppelt; interconnector voor gas transmissieleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen die deel uitmaakt van het systeem van een transmissiesysteembeheerder voor gas, die de grens tussen Nederland en een lidstaat, een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte, of een derde land, overschrijdt of overspant, en een Nederlands transmissiesysteem voor gas met een transportsysteem voor gas van die lidstaat of dat land koppelt; interconnectorsysteembeheerder: interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit of gas; interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel b rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; interconnectorsysteembeheerder voor gas: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel d rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; interconnectorsysteem: interconnectorsysteem voor elektriciteit of voor gas; interconnectorsysteem voor elektriciteit: transmissieleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen die geen deel uitmaken van een systeem van een transmissiesysteem voor elektriciteit of een transmissiesysteem voor elektriciteit op zee en die de grens tussen Nederland en een lidstaat, een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte, of een derde land, overschrijdt of overspant, en een Nederlands transmissiesysteem voor elektriciteit met een transportsysteem voor elektriciteit van die lidstaat of dat land koppelt; interconnectorsysteem voor gas: transmissieleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen die geen deel uitmaken van een systeem van een transmissiesysteem voor gas en die de grens tussen Nederland en een lidstaat, een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte, of een derde land, overschrijdt of overspant, en een Nederlands transmissiesysteem voor gas met een transportsysteem voor gas van die lidstaat of dat land koppelt; invoeder: aangeslotene die elektriciteit of gas invoedt op het systeem; kleine aansluiting: 3 aansluiting met een doorlaatwaarde kleiner dan of gelijk aan 3 x 80 Ampère voor elektriciteit of 40 m(n) per uur voor gas; kleine onderneming: eindafnemer of actieve afnemer die een onderneming is met minder dan vijftig werknemers en een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal van ten hoogste € 10 miljoen; kwetsbare afnemer: richtlijn 2019/944 kwetsbare afnemer als bedoeld in artikel 28 van; leverancier: natuurlijk persoon of rechtspersoon die elektriciteit of gas levert aan een eindafnemer of die ten behoeve van een eindafnemer faciliteert in peer-to-peer-handel; leveringsovereenkomst: overeenkomst voor de levering van elektriciteit of gas aan een eindafnemer; leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel: overeenkomst op grond waarvan ten behoeve van een eindafnemer peer-to-peer-handel kan plaatsvinden; LNG-beheerder: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel h rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; LNG-systeem: systeem dat gebruikt wordt voor het vloeibaar maken van gas, voor de invoer of de verlading, en voor de hervergassing van vloeibaar gas, met inbegrip van ondersteunende diensten en tijdelijke opslag die nodig zijn voor het proces van hervergassing en de daaropvolgende invoeding op het systeem, en met uitzondering van een LNG-systeem dat uitsluitend ten dienste staat van een transmissiesysteembeheerder voor gas bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen; marktdeelnemer: natuurlijk persoon of rechtspersoon die elektriciteit of gas koopt of verkoopt zonder tussenkomst van een andere marktdeelnemer, die produceert, die aggregeert, die levert, die faciliteert in peer-to-peer-handel, of die vraagresponsdiensten of energieopslagdiensten voor elektriciteit verleent, met uitzondering van een natuurlijk persoon of rechtspersoon voor zover die elektriciteit deelt; meetinrichting: instrument of samenstel van instrumenten met een meetfunctie dat ten minste de invoeding, onttrekking of het verbruik van elektriciteit of gas meet, met uitzondering van hulpmiddelen die de meetfunctie ondersteunen en die onderdeel zijn van een aansluiting; meetverantwoordelijke partij: artikel 2.50, vierde lid natuurlijk persoon of rechtspersoon die is erkend op grond van; methodebesluit: artikel 3.108 besluit op grond van; micro-onderneming: eindafnemer of actieve afnemer die een onderneming is met minder dan tien werknemers en een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal van ten hoogste € 2 miljoen; middelgrote onderneming: eindafnemer die een onderneming is met minder dan 250 werknemers en een jaaromzet van ten hoogste € 50 miljoen of een jaarlijks balanstotaal van ten hoogste € 43 miljoen; netgebruiker: verordening 715/2009 netgebruiker als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel 11, van; niet-frequentiegerelateerde ondersteunende dienst: dienst die gebruikt wordt door een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit voor spanningsregeling in stationaire toestand, snelle blindstroominjecties, inertie voor plaatselijke systeemstabiliteit, kortsluitstroom, blackstartmogelijkheden en inzetbaarheid in eilandbedrijf; omschakelen: 3 een aangeslotene voorzien van een aansluiting met een doorlaatwaarde groter dan 40 m(n) per uur, waarmee hoogcalorisch gas kan worden onttrokken aan het transmissiesysteem voor gas en met een voor die aansluiting geschikte druk en voldoende capaciteit, waarbij die aansluiting in de plaats treedt van de aansluiting waarmee laagcalorisch gas aan het transmissiesysteem voor gas wordt onttrokken; onderneming: entiteit, ongeacht rechtsvorm of wijze van financiering, die een economische activiteit verricht, in de zin van artikel 101, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; ondersteunende dienst voor elektriciteit: dienst die nodig is voor de exploitatie van een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit, met inbegrip van balanceringsdiensten en niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten, maar uitgezonderd congestiebeheers- of systeembeheersdiensten; ondersteunende dienst voor gas: dienst die nodig is voor de toegang tot of de werking van een transmissie- of distributiesysteem voor gas, een LNG-systeem of een gasopslagsysteem, met inbegrip van het opvangen van fluctuaties in systeembelasting, menging en injecteren van inerte gassen, maar uitgezonderd onderdelen van het systeem die uitsluitend ten dienste staan van transmissiesysteembeheerders bij de uitvoering van hun taken of verplichtingen; Onze Minister: Onze Minister van Klimaat en Groene Groei; opslaan van elektriciteit: uitstellen van uiteindelijk gebruik van elektriciteit tot een later moment dan het moment waarop de elektriciteit is geproduceerd, of omzetten van elektrische energie in een vorm van energie die wordt opgeslagen om het daarna weer om te zetten in elektrische energie of die andere vorm van energie in het systeem te gebruiken; overdrachtspunt: fysiek punt dat de overgang markeert tussen een transmissie- of distributiesysteem en een installatie, een transmissie- of distributiesysteem en een directe lijn of tussen twee systemen; peer-to-peer-handel: levering van hernieuwbare elektriciteit die is geproduceerd door een actieve afnemer aan een eindafnemer, onder vooraf bepaalde voorwaarden voor de automatische uitvoering en afwikkeling van die levering, rechtstreeks of via de marktdeelnemer die de automatische uitvoering en afwikkeling realiseert; primair allocatiepunt: eerste aan een aansluiting toegekend allocatiepunt; producent: natuurlijk persoon of rechtspersoon die elektriciteit of gas produceert; register: gestructureerd geheel van gegevens die volgens bepaalde criteria toegankelijk zijn, ongeacht of dit geheel gecentraliseerd of gedecentraliseerd is, dan wel op functionele of geografische gronden is verspreid; registerbeheerder: artikelen 4.5 4.6 4.7 artikel 4.12 partij die op grond van de,ofof krachtenseen register bijhoudt; rekening voor garanties van oorsprong: staat waarop een tegoed van garanties van oorsprong kan worden geboekt in het elektronische systeem voor het uitgeven, overdragen en innemen van garanties van oorsprong; richtlijn 2009/73: Richtlijn 2009/73/EG Richtlijn 2003/55/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor gas en tot intrekking van(PbEU 2009, L 211); richtlijn 2012/27: Richtlijn 2012/27/EU Richtlijnen 2009/125/EG 2010/30/EU Richtlijnen 2004/8/EG 2006/32/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging vanenen houdende intrekking van deen(PbEU 2012, L 315); richtlijn 2019/944: Richtlijn (EU) 2019/944 Richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van(PbEU 2019, L 158); systeem: transmissiesysteem, distributiesysteem, interconnectorsysteem, gasopslagsysteem of LNG-systeem; systeembeheerder: beheerder van een systeem; systeemkoppeling: deel van een transmissie- of distributiesysteem dat bestaat uit één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen: a. die twee van de volgende systemen koppelen: 1°. een transmissiesysteem, niet zijnde een gesloten systeem; 2°. een transmissiesysteem voor elektriciteit op zee; 3°. een distributiesysteem, niet zijnde een gesloten systeem; 4°. een interconnectorsysteem; b. die twee distributiesystemen, die beide geen gesloten systeem zijn, koppelen; tarievenbesluit: artikel 3.110 besluit op grond van; terugleveren: verkopen van elektriciteit door een actieve afnemer aan een marktdeelnemer die aggregeert; terugleveringsovereenkomst: overeenkomst op grond waarvan een actieve afnemer zelf geproduceerde elektriciteit verkoopt aan een marktdeelnemer die aggregeert; terugleveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel: overeenkomst op grond waarvan ten behoeve van een actieve afnemer peer-to-peer-handel kan plaatsvinden; tijdelijke taken: artikel 3.73 taken als bedoeld in; transmissiesysteem: transmissiesysteem voor elektriciteit, transmissiesysteem voor elektriciteit op zee of transmissiesysteem voor gas; transmissiesysteembeheerder: transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit of voor gas; transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel a rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel g rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; transmissiesysteembeheerder voor gas: artikel 3.2, eerste lid, onderdeel c rechtspersoon die op grond van, is aangewezen; transmissiesysteem voor elektriciteit: stelsel van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van elektriciteit op een spanningsniveau gelijk aan of groter dan 110 kilovolt met het oog op de belevering aan eindafnemers of handelaren, de levering zelf niet inbegrepen, daaronder begrepen interconnectoren; transmissiesysteem voor elektriciteit op zee: stelsel van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van elektriciteit op een spanningsniveau gelijk aan of groter dan 110 kilovolt met het oog op de belevering aan eindafnemers of handelaren, de levering zelf niet inbegrepen, daaronder begrepen interconnectoren, die primair één of meer windparken op zee verbinden met een transmissiesysteem voor elektriciteit of met dat systeem en een transportsysteem voor elektriciteit van een ander land; transmissiesysteem voor gas: stelsel van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van gas vooral onder hoge druk met het oog op de belevering aan eindafnemers of handelaren, de levering zelf niet inbegrepen, niet zijnde een gasproductienet of hogedrukleidingen die in de eerste plaats voor lokale distributie worden gebruikt, daaronder begrepen interconnectoren; transportovereenkomst: artikelen 3.46, eerste lid 3.47, eerste lid 3.86, tweede lid 3.105, tweede lid, onderdeel b overeenkomst op basis van een aanbod als bedoeld in de,,of; vergunninghouder: artikel 2.18, derde lid houder van een vergunning als bedoeld in; verordening 1227/2011: Verordening (EU) 1227/2011 Verordening (EG) 1228/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie en tot intrekking van(PbEU 2001, L 326); verordening 2017/1938: Verordening (EU) 2017/1938 Verordening (EU) 994/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2017 betreffende maatregelen tot veiligstelling van de gasleveringszekerheid en houdende intrekking van(PbEU 2017, L 280); verordening 2018/1999: Verordening (EU) 2018/1999 Richtlijn 94/22/EG Richtlijn 98/70/EG Richtlijn 2009/31/EG Verordening (EG) nr. 663/2009 Verordening (EG) nr. 715/2009 Richtlijn 2009/73/EG Richtlijn 2009/119/EG Richtlijn 2010/31/EU Richtlijn 2012/27/EU Richtlijn 2013/30/EU Richtlijn (EU) 2015/652 Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 inzake de governance van de energie-unie en van de klimaatactie, tot wijziging van,,,,,,van de Raad,,,envan de Raad, en tot intrekking van(PbEU 2018, L328); verordening 2019/941: Verordening (EU) 2019/941 Richtlijn 2005/89/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende risicoparaatheid in de elektriciteitssector en tot intrekking van(PbEU 2019, L 158); verordening 2019/942: Verordening (EU) 2019/942 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators (PbEU 2019, L 158); verordening 2019/943: Verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de interne markt voor elektriciteit (PbEU 2019, L 158); verordening 2022/869: Verordening (EU) 2022/869 Verordeningen (EG) nr. 715/2009 (EU) 2019/942 (EU) 2019/943 Richtlijnen 2009/73 (EU) 2019/944 Verordening (EU) nr. 347/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2022 betreffende richtsnoeren voor de trans-Europese energie-infrastructuur en tot wijziging van,en, en(EG) en, en tot intrekking van(PbEU 2022, L 152); verordening 715/2009: Verordening (EG) 715/2009 Verordening (EG) 1775/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten en tot intrekking van(PbEU 2009, L 211); volledig geïntegreerde netwerkcomponent: geïntegreerd onderdeel van het distributie- of transmissiesysteem dat door een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit uitsluitend wordt gebruikt voor het waarborgen van een veilig en betrouwbaar beheer van het distributie- of transmissiesysteem, en niet voor balancerings- of congestiebeheer; vraagrespons: verandering van het verbruik of de invoeding van elektriciteit bij eindafnemers ten opzichte van hun normale verbruiks- of terugleverpatronen, in reactie op marktsignalen of systeembehoeften, met als doel de vraagvermindering, of -verhoging te verkopen op een energiehandelsmarkt; vraagresponsovereenkomst: overeenkomst op grond waarvan een marktdeelnemer ten behoeve van een eindafnemer vraagrespons kan toepassen; waterstofgas: gasmengsel dat ten minste voor 98 procent bestaat uit waterstof en bij een temperatuur van 15 °C en bij een druk van 1,01325 bar in gasvormige toestand verkeert; waterstofopslagfaciliteit: een faciliteit voor de ondergrondse opslag van waterstofgas dan wel het gedeelte van een waterstofterminal dat voor opslag wordt gebruikt; waterstofterminal: faciliteit die wordt gebruikt voor het omzetten van vloeibare waterstof of vloeibare derivaten van waterstof in waterstofgas, dan wel het omzetten van waterstofgas in vloeibare waterstof, met inbegrip van ondersteunende diensten en tijdelijke opslag noodzakelijk voor het omzetten en invoeden in, dan wel onttrekken aan de infrastructuur voor het transport van waterstof; wettelijke taken of verplichtingen: taken of verplichtingen die bij of krachtens deze wet aan een systeembeheerder zijn opgedragen; windpark: installatie voor de productie van elektriciteit met behulp van wind; zeggenschap: rechten, overeenkomsten of andere middelen die, afzonderlijk of tezamen, met inachtneming van alle feitelijke of juridische omstandigheden, het mogelijk maken een beslissende invloed uit te oefenen op de activiteiten van een onderneming, met name: 1°. eigendoms- of gebruiksrechten op alle vermogensbestanddelen van een onderneming of delen daarvan; 2° rechten of overeenkomsten die een beslissende invloed verschaffen op de samenstelling, het stemgedrag of de besluiten van de organen van een onderneming; zoneoverschrijdende capaciteit: verordening 2019/943 zoneoverschrijdende capaciteit als bedoeld in artikel 2, onderdeel 70, van. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 andere gasvormige stoffen#
Artikel 1.2 andere gasvormige stoffen Bij algemene maatregel van bestuur kunnen deze wet en de daarop rustende bepalingen geheel of gedeeltelijk van toepassing worden verklaard op andere gasvormige stoffen dan gas. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 aansluitingen#
Artikel 1.3 aansluitingen 1 Een onderneming die zich in hoofdzaak bezighoudt met het vervoer van personen of goederen per trein wordt voor de toepassing van deze wet aangemerkt als een eindafnemer met een grote aansluiting, ook indien zij feitelijk geen aansluiting heeft. 2 Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt als eindafnemer met een grote aansluiting voor elektriciteit beschouwd een organisatorische eenheid die zich in hoofdzaak bezig houdt met een bij ministeriële regeling vast te stellen activiteit, mits: a. deze eenheid vanwege de technische aard van de bedrijfsuitoefening beschikt over verscheidene aansluitingen; en b. het totale aan de eenheid voor die bedrijfsuitoefening beschikbaar gestelde vermogen meer bedraagt dan 2 MVA. 3 artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken Voor een organisatorische eenheid als bedoeld in het tweede lid, wordt als aansluiting mede aangemerkt de verbinding bestaande uit één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen, tussen een transmissie- of distributiesysteem en een zaak die geen onroerende zaak is als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.4 — Artikel 1.4 gezamenlijke aansluitingen#
Artikel 1.4 gezamenlijke aansluitingen 1 artikel 16, onderdeel c, van de Wet waardering onroerende zaken Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde worden meerdere onroerende zaken als bedoeld in, beschouwd als één onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken, indien: a. de onroerende zaken zich bevinden in een bouwwerk met: 1°. artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 1.2, onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek artikel 7.18 van laatstgenoemde wet een woonfunctie bestemd voor bewoners die zijn ingeschreven bij een instelling als bedoeld inof een universiteit of hogeschool als bedoeld inof die zich voorbereiden op een promotie als bedoeld in; 2°. een woonoppervlak van maximaal 50 vierkante meter per wooneenheid; en 3°. gemeenschappelijke ruimtes die een meeromvattende functie hebben dan de reguliere functie van gemeenschappelijke ruimten in een appartementencomplex; en b. de eigenaar van de onroerende zaken zijn keuze hiervoor kenbaar maakt bij zijn systeembeheerder. 2 De keuze, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, kan slechts worden ingetrokken ingeval van ingrijpende renovatie van het bouwwerk. 3 artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde worden twee of meer op land gelegen installaties voor productie, opslag, conversie of verbruik van elektriciteit beschouwd als één installatie en één onroerende zaak als bedoeld in, indien: a. de installaties zich in elkaars onmiddellijke nabijheid bevinden; b. de eigenaren van die installaties gezamenlijk een aansluitovereenkomst en een transportovereenkomst hebben gesloten met de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit; en c. de gevraagde aansluitcapaciteit meer bedraagt dan een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld minimum; d. het aantal installaties niet meer bedraagt dan een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld maximum. 4 De eigenaren van de installaties melden de ingebruikname van een gezamenlijke aansluiting als bedoeld in het derde lid zo spoedig mogelijk aan de Autoriteit Consument en Markt. 5 artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde worden verschillende op land gelegen windparken of installaties voor productie van elektriciteit met behulp van zonne-energie die behoren tot eenzelfde groep als bedoeld in, beschouwd als één installatie en één onroerende zaak als bedoeld in, indien: a. de installaties zich in elkaars onmiddellijke nabijheid bevinden; en b. deze installaties onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben. 6 Het vijfde lid is niet van toepassing indien de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit aan de producent een aanbod voor het aanleggen van meerdere aansluitingen heeft gedaan en dit leidt tot lagere kosten voor de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.5 — Artikel 1.5 organisaties en vertegenwoordiging bij gezamenlijk optredende eindafnemers#
Artikel 1.5 organisaties en vertegenwoordiging bij gezamenlijk optredende eindafnemers 1 Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt een organisatie die geen onderneming is, beschouwd als een: a. micro-onderneming indien de organisatie eindafnemer of actieve afnemer is en minder dan tien werknemers heeft, een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal heeft van ten hoogste € 2 miljoen; b. kleine onderneming indien de organisatie eindafnemer of actieve afnemer is en minder dan vijftig werknemers heeft, een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal heeft van ten hoogste € 10 miljoen. 2 De vertegenwoordiger van een groep gezamenlijk optredende eindafnemers beschikt over toestemming tot vertegenwoordiging van de betrokken eindafnemers. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.6 — Artikel 1.6 exclusieve economische zone#
Artikel 1.6 exclusieve economische zone 1 Rijkswet instelling exclusieve economische zone Deze wet en de daarop berustende bepalingen zijn mede van toepassing binnen de exclusieve economische zone van Nederland zoals vastgesteld bij of krachtens de, op de daar aanwezige systemen, installaties die zijn aangesloten op die systemen en de marktdeelnemers, balanceringsverantwoordelijken of eindafnemers die gebruik maken van die systemen. 2 In afwijking van het eerste lid is deze wet en de daarop berustende bepalingen van toepassing op interconnectorsystemen voor gas met derde landen vanaf het connectiepunt met het Nederlands transmissiesysteem voor gas tot en met de territoriale zee. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 1.7 — Artikel 1.7 energiearmoede tegengaan#
Artikel 1.7 energiearmoede tegengaan 1 Bij de toepassing van de regels gesteld bij of krachtens deze wet is het uitgangspunt dat energiearmoede wordt tegengegaan. 2 Bij algemene maatregel van bestuur geeft Onze Minister een definitie van energiearmoede. 3 artikel 6 van de Klimaatwet Jaarlijks wordt gelijktijdig met de klimaat- en energieverkenning als bedoeld indoor een of meer bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen instanties een monitor uitgevoerd van de mate van energiearmoede in de samenleving, wie het betreft en wat de ontwikkelingen zijn met betrekking tot het terugdringen van energiearmoede. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 rechten en plichten ten aanzien van leveren en aggregeren#
Artikel 2.1 rechten en plichten ten aanzien van leveren en aggregeren 1 Een aangeslotene sluit voor het afnemen van elektriciteit of gas van een transmissie- of distributiesysteem met het oog op het verbruik daarvan een leveringsovereenkomst of een leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer handel. 2 Een eindafnemer is vrij een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel te sluiten met een leverancier van zijn keuze. 3 Een actieve afnemer is vrij een aggregatieovereenkomst te sluiten met een marktdeelnemer van zijn keuze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 meer marktdeelnemers op één aansluiting#
Artikel 2.2 meer marktdeelnemers op één aansluiting 1 Een eindafnemer van elektriciteit of actieve afnemer die op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst sluit inzake levering, teruglevering of facilitering in peer-to-peer-handel, draagt er zorg voor dat: a. hij op of nabij het overdrachtspunt van zijn aansluiting beschikt over een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt; b. artikel 3.44, derde lid overeenkomstig, aan zijn aansluiting voldoende additionele allocatiepunten zijn toegekend, opdat elke gecontracteerde marktdeelnemer actief kan zijn op een eigen allocatiepunt; en c. artikel 2.46, derde lid de afname of invoeding ten behoeve van elke gecontracteerde marktdeelnemer kan worden vastgesteld op basis van meetgegevens die tot stand komen met behulp van meetinrichtingen die voldoen aan het bepaalde krachtens. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de voorwaarden waaronder een eindafnemer of actieve afnemer op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst kan sluiten. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, het verbruik kan worden toegerekend op basis van afspraken tussen marktdeelnemers, indien deze afspraken voldoen aan de bij die maatregel vast te stellen voorwaarden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 algemene bepaling marktdeelnemers#
Artikel 2.3 algemene bepaling marktdeelnemers 1 Het is een marktdeelnemer verboden een eindafnemer of actieve afnemer: a. ervan te weerhouden elektriciteit te produceren met het oog op eigen verbruik, opslag, verkoop of levering aan derden, of actief te zijn op het gebied van flexibiliteit of energie-efficiëntie, b. ervan te weerhouden te participeren in een energiegemeenschap; c. artikel 2.1, tweede of derde lid ervan te weerhouden een recht uit te oefenen dat hem op grond vantoekomt; d. artikel 2.2, eerste lid ervan te weerhouden op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer overeenkomsten te sluiten als bedoeld in; of e. te benadelen omdat hij activiteiten als bedoeld in de onderdelen a, b of d, onderneemt of een recht als bedoeld in onderdeel c uitoefent. 2 Bepalingen in overeenkomsten met eindafnemers of actieve afnemers die strijdig zijn met één of meerdere van de in het eerste lid genoemde verboden zijn vernietigbaar. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 voorwaarden energiegemeenschap#
Artikel 2.4 voorwaarden energiegemeenschap 1 Een energiegemeenschap neemt in haar statuten, of, in geval van een personenvennootschap, in een overeenkomst, ten minste op dat: a. de participatie in de energiegemeenschap open en vrijwillig is; b. de leden, vennoten, of aandeelhouders het recht hebben de energiegemeenschap te verlaten; en c. de feitelijke zeggenschap over de energiegemeenschap is gelegen bij leden, vennoten of aandeelhouders die natuurlijk personen, micro-ondernemingen, kleine ondernemingen, gemeenten, waterschappen, provincies of gemeenschappelijke regelingen zijn. 2 Een energiegemeenschap die hernieuwbare energieprojecten ontwikkelt, kan: a. in aanvulling op het eerste lid, in de statuten of de overeenkomst opnemen dat de leden, vennoten of aandeelhouders van de energiegemeenschap enkel natuurlijk personen, gemeenten, waterschappen, provincies, gemeenschappelijke regelingen of micro-ondernemingen, kleine ondernemingen of middelgrote ondernemingen zijn; b. in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, de feitelijke zeggenschap over de energiegemeenschap bij die leden, vennoten of aandeelhouders van de rechtspersoon leggen, die in de nabije omgeving van de hernieuwbare-energieprojecten zijn gevestigd; en c. in haar statuten bepalen dat de deelnemende leden, vennoten of aandeelhouders een gelijk stemrecht hebben. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 voorwaarden voor leveranciers#
Artikel 2.5 voorwaarden voor leveranciers 1 Een leverancier die elektriciteit of gas levert aan een eindafnemer levert tegen transparante en redelijke prijzen alsmede onder transparante en redelijke voorwaarden. 2 Een prijs is niet redelijk indien die prijs: a. onevenredig hoog is gezien de kosten van de leverancier, en b. niet concurrerend is. 3 Een leverancier die elektriciteit of gas levert aan een eindafnemer presenteert zijn prijzen en voorwaarden op een dusdanige wijze dat eindafnemers in staat zijn prijzen en voorwaarden van verschillende leveranciers te vergelijken. 4 Een leverancier die ten behoeve van een eindafnemer faciliteert in peer-to-peer-handel handelt tegen transparante kosten alsmede onder transparante en redelijke voorwaarden. 5 Een leverancier die faciliteert in peer-to-peer-handel draagt er zorg voor dat de hoeveelheid elektriciteit die op grond van door hem gesloten leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel wordt geleverd aan eindafnemers over de periode van een jaar niet groter is dan de hoeveelheid elektriciteit die op grond van door hem gesloten terugleveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel in dat jaar wordt teruggeleverd door actieve afnemers. 6 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de voorwaarden aan leveranciers in het eerste tot en met vijfde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 leveringsovereenkomst en leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel#
Artikel 2.6 leveringsovereenkomst en leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel 1 Een leverancier levert een eindafnemer elektriciteit of gas op basis van een leveringsovereenkomst. 2 Een leverancier faciliteert in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer op basis van een leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel. 3 Een leverancier draagt er zorg voor dat de overeenkomst met een eindafnemer: a. transparant en volledig is; b. is gesteld in begrijpelijke taal; en c. voor het sluiten ervan wordt verstrekt aan de eindafnemer. 4 Een leverancier verstrekt een eindafnemer voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst een samenvatting van de belangrijkste voorwaarden uit de overeenkomst in begrijpelijke taal. 5 Een leverancier registreert bij het sluiten van de overeenkomst of deze gesloten is met een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming. 6 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. de inhoud van de overeenkomsten; b. het wijzigen en opzeggen van de overeenkomsten; c. de registratieplicht, bedoeld in het vijfde lid; d. de informatie die de leverancier een eindafnemer verstrekt over de energiebronnen bij levering van elektriciteit of gas uit hernieuwbare bronnen en de wijze waarop deze wordt verstrekt; e. overige informatie die een leverancier een eindafnemer al dan niet periodiek en al dan niet kosteloos verstrekt en de wijze waarop deze wordt verstrekt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.7 — Artikel 2.7 factureren en informeren#
Artikel 2.7 factureren en informeren 1 Een leverancier verstrekt zijn eindafnemers periodiek en kosteloos facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen, waarin de gegevens inzake de geleverde elektriciteit of het geleverde gas op transparante en begrijpelijke wijze is weergegeven. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de inhoud en inrichting van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen; b. de frequentie van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen; c. het verstrekken van gegevens aan de eindafnemer over het verbruik van elektriciteit of gas; d. het toesturen van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen; e. de omstandigheden waarin en termijnen waarbinnen een leverancier de facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen verstrekt. 3 artikel 2.57, eerste, tweede of vierde lid De informatie over energiebronnen ten aanzien van elektriciteit wordt onderbouwd door middel van garanties van oorsprong als bedoeld in. 4 artikel 2.57, derde lid De informatie over energiebronnen ten aanzien van gas uit hernieuwbare bronnen wordt onderbouwd door middel van garanties van oorsprong als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.8 — Artikel 2.8 klachtenprocedure#
Artikel 2.8 klachtenprocedure 1 Een leverancier voorziet in een transparante, kosteloze en eenvoudige interne procedure voor de behandeling van klachten van zijn eindafnemers. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld, die kunnen verschillen per type eindafnemer, over: a. de voorwaarden en inrichting waaraan de klachtenprocedure moet voldoen; b. de termijnen die gelden voor de klachtenprocedure. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.9 — Artikel 2.9 dynamische elektriciteitsprijs#
Artikel 2.9 dynamische elektriciteitsprijs 1 Een leverancier, niet zijnde een leverancier die faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, met meer dan 200.000 eindafnemers, biedt eindafnemers die beschikken over een meetinrichting waarvan communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt desgevraagd een leveringsovereenkomst aan, waarin de prijsvariatie op de spotmarkten wordt weerspiegeld en waarbij de intervallen gelijk of groter zijn aan de marktvereffeningsperiode van die markten. 2 De leverancier verstrekt een eindafnemer voorafgaand aan het sluiten van een leveringsovereenkomst als bedoeld in het eerste lid, informatie over de mogelijkheden, kosten en risico's van deze overeenkomsten. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.10 — Artikel 2.10 vernietigbaarheid#
Artikel 2.10 vernietigbaarheid artikel 2.6, derde, vierde en zesde lid Een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel met een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming, die niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens, is vernietigbaar. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.11 — Artikel 2.11 toepasselijk recht#
Artikel 2.11 toepasselijk recht 1 Het Nederlands recht is van toepassing op een overeenkomst tussen een leverancier en een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming. 2 De Nederlandse rechter is bij uitsluiting bevoegd kennis te nemen van geschillen over een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel. 3 Een beding in een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel dat in strijd is met het eerste of tweede lid, is nietig. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.12 — Artikel 2.12 overeenkomsten met micro-ondernemingen#
Artikel 2.12 overeenkomsten met micro-ondernemingen 1 Afdeling 3a van titel 3 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is van overeenkomstige toepassing op een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel tussen een leverancier en een micro-onderneming. 2 artikelen 236 237 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek Deenzijn mede van toepassing op voorwaarden in een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel tussen een leverancier en een micro-ondernemer. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.13 — Artikel 2.13 eindafrekening#
Artikel 2.13 eindafrekening Als een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel eindigt, verstrekt de leverancier de eindafnemer binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn een eindafrekening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.14 — Artikel 2.14 overstappen#
Artikel 2.14 overstappen 1 Als een eindafnemer overstapt naar een andere leverancier, zorgt de nieuwe leverancier ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de leverancier de overstap realiseert. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.15 — Artikel 2.15 opzegvergoeding huishoudelijk eindafnemer en micro-onderneming#
Artikel 2.15 opzegvergoeding huishoudelijk eindafnemer en micro-onderneming 1 Een leverancier kan een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming voor de opzegging van een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel door die eindafnemer alleen een opzegvergoeding in rekening brengen, indien het een tussentijdse opzegging betreft van een overeenkomst voor bepaalde duur en een vooraf of tijdens de overeenkomst vast overeengekomen prijs of vast overeengekomen kosten, en de opzegvergoeding in de overeenkomst is opgenomen. 2 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de voorwaarden en de hoogte van de opzegvergoeding. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.16 — Artikel 2.16 overstappen huishoudelijk eindafnemer en micro-onderneming#
Artikel 2.16 overstappen huishoudelijk eindafnemer en micro-onderneming artikel 2.15 Een leverancier brengt met betrekking tot een overstap van een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming, buiten de eventueel op grond vanin rekening te brengen kosten geen andere kosten in rekening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.17 — Artikel 2.17 vergunningsplicht leverancier#
Artikel 2.17 vergunningsplicht leverancier 1 artikel 2.18, derde lid Het is verboden zonder vergunning als bedoeld in, elektriciteit of gas te leveren aan een eindafnemer met een kleine aansluiting of te faciliteren in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting. 2 In afwijking van het eerste lid: a. mag een energiegemeenschap die elektriciteit of gas produceert deze leveren zonder vergunning, indien: 1°. de energiegemeenschap over de periode van een jaar niet meer elektriciteit of gas levert dan ze op jaarbasis invoedt op het systeem; 2°. wordt geleverd aan eindafnemers met een kleine aansluiting die leden of aandeelhouders van de energiegemeenschap zijn; en 3°. de energiegemeenschap niet meer leden of afzonderlijke aandeelhouders heeft dan een bij ministeriële regeling vast te stellen aantal; b. mag een actieve afnemer met een kleine aansluiting die elektriciteit produceert, deze zonder vergunning leveren, indien hij over de periode van een jaar niet meer elektriciteit levert dan hij zelf invoedt op het systeem; c. mag een leverancier zonder vergunning leveren dan wel faciliteren in peer-to-peer-handel indien er sprake is van een overeenkomst met een groep eindafnemers, waarbij: 1°. de meerderheid van de in de groep participerende eindafnemers rechtspersoon is of handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf; 2°. de in de groep participerende eindafnemers onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben; 3°. de vertegenwoordiger beschikt over toestemming tot vertegenwoordiging van de bij de overeenkomst betrokken eindafnemers; en 4°. de eindafnemers met een kleine aansluiting voorafgaand aan het sluiten van de leveringsovereenkomst door de vertegenwoordiger, bedoeld onder 3°, zijn gewezen op de gevolgen voor hun rechtspositie en zij uitdrukkelijk met die gevolgen hebben ingestemd; d. artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek mag een producent van elektriciteit of gas zonder vergunning leveren aan een eindafnemer met een kleine aansluiting indien die eindafnemer een dochtermaatschappij in de zin vanis van die producent; e. mag een leverancier elektriciteit of gas zonder vergunning leveren aan eindafnemers met een kleine aansluiting die zijn aangesloten op een gesloten systeem; f. mag een buiten Nederland gevestigde leverancier zonder vergunning elektriciteit of gas leveren aan of zonder vergunning faciliteren in peer-to-peer-handel ten behoeve van ten hoogste 500 eindafnemers met een kleine aansluiting die gevestigd zijn in gebieden aan de Nederlandse landsgrens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.18 — Artikel 2.18 aanvragen en verlenen vergunning#
Artikel 2.18 aanvragen en verlenen vergunning 1 artikel 2.17 Een leverancier die krachtensvergunningplichtig is, beschikt over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten alsmede over voldoende deskundigheid en is tevens aangesloten bij een instantie voor buitengerechtelijke geschilbeslechting. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de vereisten, bedoeld in het eerste lid. 3 De Autoriteit Consument en Markt verleent een leverancier op aanvraag een vergunning als hij voldoet aan de eisen, gesteld bij of krachtens het eerste en tweede lid. 4 De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een vergunning. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de voorwaarden waaraan een aanvraag moet voldoen; b. de procedure voor de aanvraag van een vergunning; c. de informatie die de vergunninghouder na het verlenen van de vergunning al dan niet periodiek moet verstrekken. 6 De leverancier namens wie of voor wie personen of instanties overeenkomsten afsluiten draagt er zorg voor dat deze personen of instanties beschikken over de kwaliteiten en deskundigheid die voor de leverancier gelden. Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van deze personen of instanties tevens aanvullende regels gesteld worden in verband met specifieke kenmerken van het namens of voor de leverancier afsluiten van overeenkomsten. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.19 — Artikel 2.19 wijzigen en intrekken vergunning#
Artikel 2.19 wijzigen en intrekken vergunning 1 De Autoriteit Consument en Markt kan een vergunning wijzigen of intrekken indien: a. artikelen 193b tot en met 193j van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek de vergunninghouder niet voldoet aan één of meer bij of krachtens deze wet of deopgelegde verplichtingen; b. de vergunninghouder dit verzoekt; c. de vergunninghouder de in de vergunning opgenomen voorschriften of opgelegde beperkingen niet nakomt; d. de houder van de vergunning bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of e. de vergunninghouder om andere redenen niet langer in staat moet worden geacht de vergunde activiteit of in de vergunning opgenomen voorschriften na te komen. 2 In de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en c tot en met e, kan de Autoriteit Consument en Markt ter bescherming van eindafnemers met een kleine aansluiting de vergunninghouder bij beschikking een verbod opleggen om aan eindafnemers met een kleine aansluiting een leveringsovereenkomst aan te bieden gedurende een bij die beschikking aan te geven termijn. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.20 — Artikel 2.20 Wet Bibob weigering of intrekking vergunning op grond van#
Artikel 2.20 Wet Bibob weigering of intrekking vergunning op grond van 1 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur Een vergunning kan worden geweigerd of ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 2 artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur artikel 9 van die wet Voordat toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in, om een advies als bedoeld inworden gevraagd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.21 — Artikel 2.21 overdragen vergunning#
Artikel 2.21 overdragen vergunning 1 artikel 2.18, eerste of tweede lid Een vergunning kan met inachtneming van de vereisten, gesteld bij of krachtens, slechts worden overgedragen met toestemming van de Autoriteit Consument en Markt. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voorwaarden voor en de procedure bij het overdragen van een vergunning als bedoeld in het eerste lid. 3 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur De Autoriteit Consument en Markt kan de toestemming weigeren of intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 4 artikel 159 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek Indien een vergunning wordt overgedragen, neemt de overnemende vergunninghouder alle leveringsovereenkomsten en leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peerhandel over die de overdragende vergunninghouder met eindafnemers met een kleine aansluiting heeft gesloten. In afwijking van het eerste lid vanis medewerking van de eindafnemer niet vereist. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.22 — Artikel 2.22 leveringsplicht#
Artikel 2.22 leveringsplicht Een vergunninghouder, niet zijnde een vergunninghouder die enkel faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, doet een aanbod tot levering van elektriciteit of gas aan iedere eindafnemer met een kleine aansluiting, die daarom verzoekt. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.23 — Artikel 2.23 modelcontracten#
Artikel 2.23 modelcontracten 1 Een vergunninghouder, niet zijnde een vergunninghouder die enkel faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, is verplicht om aan eindafnemers met een kleine aansluiting naast eventuele andere vrije contractvormen, levering volgens de modelcontracten, bedoeld in het tweede lid, aan te bieden. 2 De Autoriteit Consument en Markt stelt ter bescherming van de belangen van eindafnemers met een kleine aansluiting een modelcontract vast: a. voor een bepaalde tijd van tenminste twaalf maanden met vaste tarieven; en b. voor een onbepaalde tijd met variabele tarieven. 3 artikel 2.31 Het modelcontract bedoeld in tweede lid, onderdeel a, ziet ook op invoeding van elektriciteit als bedoeld in. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.24 — Artikel 2.24 meldplicht in het kader van leveringszekerheid#
Artikel 2.24 meldplicht in het kader van leveringszekerheid De vergunninghouder doet, indien hij voorziet of behoort te voorzien dat hij niet langer in staat zal zijn om zijn plicht tot levering van elektriciteit of gas aan zijn eindafnemers met een kleine aansluiting na te komen, daarvan onverwijld mededeling aan de transmissiesysteembeheerder en aan de Autoriteit Consument en Markt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.25 — Artikel 2.25 maatregelen in het kader van leveringszekerheid#
Artikel 2.25 maatregelen in het kader van leveringszekerheid 1 artikel 159 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek Ingeval van intrekking van een vergunning of faillissement van een vergunninghouder kunnen leveringsovereenkomsten of leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peerhandel die de vergunninghouder heeft gesloten met eindafnemers met een kleine aansluiting binnen een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn worden overgedragen aan een andere vergunninghouder. In afwijking van het eerste lid vanis medewerking van de eindafnemer niet vereist. Een eindafnemer met een kleine aansluiting is gedurende een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn niet bevoegd zijn geldende overeenkomst met de vergunninghouder wiens vergunning wordt ingetrokken dan wel die in faillissement verkeert, op te zeggen. 2 De Autoriteit Consument en Markt wijst na een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn een of meer vergunninghouders aan die de levering van elektriciteit of gas overeenkomstig het derde en vierde lid voortzetten aan de eindafnemers met een kleine aansluiting die nog een overeenkomst hebben met de vergunninghouder wiens vergunning wordt ingetrokken dan wel die in faillissement verkeert, volgens een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze van verdeling van de eindafnemers over de aangewezen vergunninghouders. 3 Vanaf het moment dat het besluit van de Autoriteit Consument en Markt, bedoeld in het tweede lid, in werking treedt worden de overeenkomsten, bedoeld in het eerste lid, die niet aan een andere vergunninghouder zijn overgedragen geacht te zijn beëindigd, en is de aangewezen vergunninghouder jegens een hem toebedeelde eindafnemer gehouden tot levering van elektriciteit of gas en is de eindafnemer voor die levering een vergoeding verschuldigd. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. de verstrekking van gegevens over de eindafnemers, die voor de overdracht van overeenkomsten als bedoeld in het eerste lid noodzakelijk zijn, door de vergunninghouder of de curator in diens faillissement aan bij die maatregel aan te wijzen partijen; b. de termijn waarbinnen en de voorwaarden waaronder de verplichtingen, bedoeld in het derde lid, worden uitgevoerd; c. de inkoopovereenkomsten van vergunninghouders om de leveringszekerheid te verzekeren. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.26 — Artikel 2.26 voorkomen beëindiging levering#
Artikel 2.26 voorkomen beëindiging levering 1 Een vergunninghouder neemt preventieve maatregelen om het beëindigen van levering aan of de facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting wegens wanbetaling zoveel mogelijk te voorkomen. 2 Een vergunninghouder beëindigt de levering aan of de facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting niet, behoudens in bij ministeriële regeling te bepalen gevallen of onder bij die regeling te bepalen voorwaarden. De regeling voorziet in waarborgen voor de bescherming van kwetsbare afnemers. 3 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over: a. de maatregelen die een vergunninghouder neemt om betalingsachterstanden te verhelpen of te voorkomen, waaronder de verstrekking van bepaalde gegevens over de eindafnemer aan aan te wijzen instanties; b. het beperken, opschorten, beëindigen of hervatten van de levering aan of facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van eindafnemers met een kleine aansluiting. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.27 — Artikel 2.27 innen tarieven#
Artikel 2.27 innen tarieven 1 Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, factureert en int de voor deze aansluiting aan een distributiesysteembeheerder periodiek verschuldigde tarieven. De leverancier brengt hiervoor geen kosten in rekening aan de distributiesysteembeheerder. 2 De betaling door een aangeslotene aan de leverancier van overeenkomstig het eerste lid gefactureerde bedragen, geldt als bevrijdende betaling. 3 Rechtsvorderingen tot betaling van de door de leverancier overeenkomstig het eerste lid gefactureerde bedragen verjaren door verloop van twee jaren. Indien de leverancier een vordering tot betaling van de factuur, bedoeld in het eerste lid, niet heeft gedaan binnen twee jaar nadat de vordering opeisbaar is geworden, vervalt het recht om voor de betreffende dienst bij deze aangeslotene te factureren. 4 De leverancier draagt per periode de overeenkomstig het eerste lid gefactureerde of te factureren bedragen af aan de desbetreffende distributiesysteembeheerder. 5 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de administratie die een leverancier bijhoudt in verband met de uitvoering van het eerste lid; b. de omvang en het moment van de afdracht, bedoeld in het vierde lid, ten behoeve van een gelijkmatige afdracht aan de distributiesysteembeheerders. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.28 — Artikel 2.28 informatie over aansluit- en transportovereenkomsten#
Artikel 2.28 informatie over aansluit- en transportovereenkomsten 1 Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, faciliteert bij de totstandkoming, wijziging en opzegging van een aansluit- of transportovereenkomst tussen een distributiesysteembeheerder en de aangeslotene en de informatieverstrekking tussen beide partijen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de facilitering, bedoeld in het eerste lid, en de informatie die de leverancier in dat kader verstrekt aan de aangeslotene of de distributiesysteembeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.29 — Artikel 2.29 doorzendplicht klachten#
Artikel 2.29 doorzendplicht klachten Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, zendt klachten of vragen van de aangeslotene over het systeembeheer onverwijld door naar de systeembeheerder op wie de klacht of vraag betrekking heeft, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de eindafnemer. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.30 — Artikel 2.30 Energie delen#
Artikel 2.30 Energie delen 1 Een actieve afnemer of een aangeslotene binnen een energiegemeenschap heeft het recht om energie te delen, indien: a. de actieve afnemer of energiegemeenschap een overeenkomst inzake energie delen sluit met een leverancier die energie delen aanbiedt; b. elke actieve afnemer of aangeslotene binnen de energiegemeenschap met de onder a bedoelde leverancier een leverings- of terugleveringsovereenkomst heeft; c. elke actieve afnemer of aangeslotene binnen de energiegemeenschap beschikt over een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt; en d. de elektriciteit gedeeld wordt per onbalansverrekeningsperiode. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de lokaliteit waarop energie gedeeld mag worden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.31 — Artikel 2.31 salderen elektriciteit#
Artikel 2.31 salderen elektriciteit 1 Als een eindafnemer met een kleine aansluiting hernieuwbare elektriciteit produceert en hij geen terugleveringsovereenkomst heeft gesloten met een andere marktdeelnemer dan zijn leverancier, en voor zover die elektriciteit niet is gedeeld met een andere eindafnemer, berekent de leverancier het verbruik ten behoeve van de facturering en inning van de leveringskosten door de aan het systeem onttrokken elektriciteit te verminderen met de op het systeem ingevoede elektriciteit, waarbij de vermindering maximaal de hoeveelheid aan het systeem onttrokken elektriciteit bedraagt. 2 Als een eindafnemer met een kleine aansluiting niet-hernieuwbare elektriciteit produceert en hij geen terugleveringsovereenkomst heeft gesloten met een andere marktdeelnemer dan zijn leverancier, en voor zover die elektriciteit niet is gedeeld met een andere eindafnemer, berekent de leverancier het verbruik ten behoeve van de facturering en inning van de leveringskosten door de aan het systeem onttrokken elektriciteit te verminderen met de op het systeem ingevoede elektriciteit, met een maximum van 5.000 kWh aan op het systeem ingevoede elektriciteit, voor zover het saldo van de aan het systeem onttrokken minus de op het systeem ingevoede elektriciteit niet minder dan nul bedraagt. 3 Als de door de eindafnemer op het systeem ingevoede hoeveelheid elektriciteit groter is dan de hoeveelheid die ingevolge het eerste of tweede lid in mindering wordt gebracht op de door die leverancier geleverde elektriciteit, betaalt de leverancier aan de betreffende eindafnemer voor het meerdere een redelijke vergoeding. De redelijke vergoeding voor hernieuwbare elektriciteit kan niet worden vastgesteld op een negatief bedrag. 4 Indien aan de aansluiting meerdere allocatiepunten zijn toegekend, is het eerste tot en met derde lid van toepassing op een leverancier die levert op een allocatiepunt dat direct verbonden is met het overdrachtspunt en waaraan door de distributiesysteembeheerder zowel afname als invoeding wordt toegewezen. 5 Artikel 2.5, eerste, derde en zesde lid , zijn van overeenkomstige toepassing op de vergoeding en voorwaarden waaronder de elektriciteit wordt ingevoed, met dien verstande dat de hoogte van de vergoeding wordt bepaald overeenkomstig het derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.32 — Artikel 2.32 bewaarplicht leverancier#
Artikel 2.32 bewaarplicht leverancier 1 Een leverancier bewaart zijn administratie inzake overeenkomsten met eindafnemers, handelaren of transmissiesysteembeheerders en elektriciteitsderivaten met handelaren of transmissiesysteembeheerders gedurende een periode van vijf jaar en houdt deze gedurende die periode ter beschikking voor de Autoriteit Consument en Markt en de Europese Commissie. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over exacte gegevens die vallen onder de bewaarplicht, bedoeld in het eerste lid. 3 richtlijn 2019/944 richtlijn 2009/73 De Autoriteit Consument en Markt kan informatie uit de administratie van een leverancier ter beschikking te stellen aan een marktdeelnemer indien ten aanzien van de administratie van leveranciers van elektriciteit is voldaan aan artikel 64, derde lid, vanen van leveranciers van gas is voldaan aan artikel 44, derde lid, van. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.33 — Artikel 2.33 uitzonderingen actieve afnemer#
Artikel 2.33 uitzonderingen actieve afnemer 1 artikel 2.17, tweede lid, onderdeel b artikel 2.8 artikel 2.32 Op een actieve afnemer als bedoeld in, isenniet van toepassing. 2 afdeling 2.2 Op een actieve afnemer die elektriciteit levert aan een eindafnemer via een marktdeelnemer die faciliteert in peer-to-peer-handel isniet van toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.34 — Artikel 2.34 aggregatieovereenkomsten#
Artikel 2.34 aggregatieovereenkomsten 1 Een marktdeelnemer neemt elektriciteit af van een actieve afnemer op basis van een terugleveringsovereenkomst. 2 Een marktdeelnemer faciliteert in peer-to-peer-handel ten behoeve van een actieve afnemer op basis van een terugleveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel. 3 Een marktdeelnemer levert een vraagresponsdienst aan een actieve afnemer op basis van een vraagresponsovereenkomst. 4 Een marktdeelnemer die een aggregatieovereenkomst sluit, draagt er zorg voor dat deze overeenkomst: a. transparant en volledig is; b. is gesteld in begrijpelijke taal; en c. voor het sluiten ervan wordt verstrekt aan de actieve afnemer. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. de inhoud van de overeenkomsten; b. het wijzigen en opzeggen van de overeenkomsten; c. informatie die een marktdeelnemer een actieve afnemer al dan niet periodiek en al dan niet kosteloos verstrekt en de wijze waarop deze wordt verstrekt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.35 — Artikel 2.35 factureren en informeren#
Artikel 2.35 factureren en informeren 1 Een marktdeelnemer die met een actieve afnemer een aggregatieovereenkomst heeft gesloten, verstrekt die afnemer periodiek en kosteloos een factuur en informeert hem periodiek en kosteloos over de teruggeleverde elektriciteit of verandering van zijn verbruik. 2 De informatie is op begrijpelijke en transparante wijze weergegeven. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de informatie die wordt verstrekt; b. wijze waarop de facturen en informatie worden verstrekt; c. de frequentie van de facturering en informatieverstrekking. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.36 — Artikel 2.36 klachtenprocedure#
Artikel 2.36 klachtenprocedure 1 Een marktdeelnemer die aan aggregatie doet voorziet in een transparante, kosteloze en eenvoudige interne procedure voor de behandeling van klachten van zijn actieve afnemers. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld, die kunnen verschillen per type afnemer, over: a. de voorwaarden en inrichting waaraan de klachtenprocedure moet voldoen; b. de termijnen die gelden voor de klachtenprocedure. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.37 — Artikel 2.37 toepasselijk recht#
Artikel 2.37 toepasselijk recht 1 Het Nederlands recht is van toepassing op een aggregatieovereenkomst met een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of micro-onderneming is. 2 De Nederlandse rechter is bij uitsluiting bevoegd kennis te nemen van geschillen over aggregatieovereenkomsten met een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of micro-onderneming is. 3 Een beding in een aggregatieovereenkomst dat strijdig is met het eerste of tweede lid, is nietig. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.38 — Artikel 2.38 eindafrekening#
Artikel 2.38 eindafrekening Als een aggregatieovereenkomst eindigt, verstrekt de marktdeelnemer die partij was bij die overeenkomst, de actieve afnemer binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn een eindafrekening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.39 — Artikel 2.39 opzegvergoeding#
Artikel 2.39 opzegvergoeding 1 Een marktdeelnemer kan een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming is, voor de opzegging van een aggregatieovereenkomst door die actieve afnemer, alleen een opzegvergoeding in rekening brengen, indien het een tussentijdse opzegging betreft van een aggregatieovereenkomst voor bepaalde duur en een vast overeengekomen prijs of vast overeengekomen kosten, en de opzegvergoeding in de aggregatieovereenkomst is opgenomen. 2 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de voorwaarden en de hoogte van de vergoeding. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.40 — Artikel 2.40 overstappen#
Artikel 2.40 overstappen 1 Als een actieve afnemer overstapt naar een andere marktdeelnemer aan wie hij teruglevert, die ten behoeve van hem faciliteert in peer-to-peer-handel, of die hem vraagresponsdiensten levert, zorgt de nieuwe marktdeelnemer ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de nieuwe marktdeelnemer de overstap realiseert. 3 artikel 2.39 De nieuwe marktdeelnemer brengt voor een overstap van een actieve afnemer of groep actieve afnemers, die tevens huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming is of zijn, buiten de eventueel op grond vanin rekening te brengen kosten, geen andere kosten in rekening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.41 — Artikel 2.41 vraagrespons en verrekening#
Artikel 2.41 vraagrespons en verrekening 1 Een marktdeelnemer die op een allocatiepunt niet tevens de leverancier is, levert op dat allocatiepunt geen vraagresponsdiensten, tenzij met de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit op dat allocatiepunt een overeenkomst op basis van het aanbod, bedoeld in het tweede lid is gesloten. 2 Als een marktdeelnemer met een actieve afnemer ten aanzien van een allocatiepunt een vraagresponsovereenkomst heeft gesloten, doet de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit op dat allocatiepunt, al dan niet in samenspraak met de leverancier op dat allocatiepunt de marktdeelnemer die vraagresponsdiensten levert op diens verzoek een redelijk aanbod inzake de financiële compensatie en de voorwaarden voor de aanpassing van het elektriciteitsprogramma als gevolg van de vraagrespons, over de vergoeding van eventuele onbalanskosten die hierdoor ontstaan en de uitwisseling van relevante gegevens. 3 Marktdeelnemers passen bij de berekening van de financiële compensatie een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen berekeningsmethode toe, waarbij zowel rekening wordt gehouden met de ingekochte maar door vraagrespons niet verkochte elektriciteit als de niet ingekochte maar door vraagrespons extra verkochte elektriciteit. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over: a. de uitgangspunten waaraan een berekeningsmethode ten minste moet voldoen; b. de inhoud van het aanbod, bedoeld in het tweede lid; c. de termijn waarbinnen een redelijk aanbod moet worden gedaan. 5 Het eerste lid is niet van toepassing indien een markdeelnemer die vraagresponsdiensten levert, optreedt als aanbieder van diensten aan de transmissie- of distributiesysteembeheerder van elektriciteit in verband met systeembehoeften. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.42 — Artikel 2.42 balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit#
Artikel 2.42 balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit 1 verordening 2019/943 De marktdeelnemer die door een aangeslotene is gecontracteerd op een allocatiepunt, draagt er zorg voor dat er overeenkomstig artikel 5 vaneen balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit actief is op dat allocatiepunt. 2 verordening 2019/943 Een producent of actieve afnemer die niet via een marktdeelnemer elektriciteit verkoopt, of een eindafnemer die niet via een marktdeelnemer elektriciteit koopt, is er zelf verantwoordelijk voor dat er overeenkomstig artikel 5 vaneen balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit actief is op het betreffende allocatiepunt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.43 — Artikel 2.43 balanceringsverantwoordelijke voor gas#
Artikel 2.43 balanceringsverantwoordelijke voor gas 1 Een aangeslotene met een grote aansluiting op een transmissie- of distributiesysteem voor gas, of een marktdeelnemer namens die aangeslotene, sluit met het oog op het afnemen of invoeden van gas een overeenkomst met een netgebruiker om transportcapaciteit te boeken op het transmissiesysteem voor gas. 2 In afwijking van het eerste lid draagt bij een gasopslagsysteem, een LNG-systeem, een interconnectorsysteem voor gas of een gasproductienet, de gebruiker van deze systemen of leidingen, of een marktdeelnemer namens deze gebruiker, er zorg voor dat een netgebruiker transportcapaciteit boekt op het transmissiesysteem voor gas met het oog op de invoeding of afname van gas op het transmissiesysteem van gas. 3 Voor een aangeslotene met een kleine aansluiting op een distributiesysteem voor gas draagt de door de aangeslotene gecontracteerde leverancier er zorg voor dat een netgebruiker transportcapaciteit boekt op het transmissiesysteem voor gas met het oog op de levering van gas aan deze aangeslotene. 4 De netgebruiker, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, is de balanceringsverantwoordelijke voor gas op het aan die aansluiting toegekende allocatiepunt, dan wel, indien van toepassing, voor het door hem gecontracteerde deel van het aan het gasopslagsysteem, LNG-systeem, interconnectorsysteem voor gas of gasproductienet toegekende allocatiepunt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.44 — Artikel 2.44 gasoverdracht#
Artikel 2.44 gasoverdracht Als gas binnen het transmissiesysteem voor gas wordt overgedragen naar een andere balanceringsportfolio dan vindt deze overdracht plaats op een virtueel handelspunt op dat systeem. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.45 — Artikel 2.45 overstappen#
Artikel 2.45 overstappen 1 artikel 2.43, tweede lid Als een aangeslotene, marktdeelnemer of gebruiker als bedoeld in, kiest voor een andere balanceringsverantwoordelijke, zorgt de nieuw gecontracteerde balanceringsverantwoordelijke ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de nieuwe balanceringsverantwoordelijke de overstap realiseert. 3 Een balanceringsverantwoordelijke brengt de aangeslotene, marktdeelnemer of gebruiker voor de overstap geen kosten in rekening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.46 — Artikel 2.46 beschikken over meetinrichting#
Artikel 2.46 beschikken over meetinrichting 1 Een aangeslotene beschikt op of nabij ieder overdrachtspunt over een geïnstalleerde meetinrichting die voldoet aan de krachtens het derde lid gestelde eisen, tenzij: a. de aangeslotene beschikt over een onbemeten aansluiting die voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden; b. artikel 1.3, eerste lid artikel 1 van de Spoorwegwet de aangeslotene een onderneming is als bedoeld in, met een aansluiting op een gesloten systeem van de beheerder, bedoeld in; c. de aangeslotene behoort tot het bedrijf van de beheerder van een gesloten systeem en de beheerder van het gesloten systeem elektriciteit of gas aan deze aangeslotene levert. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over: a. situaties waarin een aangeslotene tevens beschikt over een geïnstalleerde meetinrichting op een andere plaats dan op of nabij een overdrachtspunt, waarbij kan worden bepaald dat die andere plaats wordt aangemerkt als een additioneel allocatiepunt; b. welke partij bij aangeslotenen met een kleine aansluiting in die situatie de meetinrichting installeert en beheert; c. welke partij bij aangeslotenen met een kleine aansluiting in die situatie de meetgegevens verzamelt, valideert en vaststelt; d. welke partij de invoeding, de onttrekking of het verbruik van elektriciteit of gas vaststelt bij een onbemeten aansluiting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en de wijze waarop deze partij die gegevens vaststelt. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de eisen en functionaliteiten waaraan een meetinrichting of een onderdeel van een meetinrichting ten minste moet voldoen. Deze regels kunnen in ieder geval verschillen: a. voor verschillende categorieën aansluitingen; b. voor verschillende categorieën aangeslotenen; c. voor verschillende categorieën meetinrichtingen; d. voor verschillende overdrachtspunten; e. voor verschillende allocatiepunten; f. naar plaats van de meetinrichting, al dan niet op of nabij een overdrachtspunt of additioneel allocatiepunt; g. naar type activiteit; h. naar functionaliteit; i. artikelen 2.48 2.54 2.55 3.57 3.58 3.59 3.60 naar hetgeen op grond van de,,,,,engemeten moet worden. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.47 — Artikel 2.47 meetactiviteiten#
Artikel 2.47 meetactiviteiten 1 artikelen 3.51 3.53, tweede lid, tweede volzin Een aangeslotene met een kleine aansluiting verleent de distributiesysteembeheerder de nodige medewerking aan de uitvoering van de taken, genoemd in deen. 2 Een aangeslotene met een grote aansluiting, niet zijnde een aangeslotene als bedoeld in het derde of vierde lid of een beheerder van een gesloten systeem voor gas, draagt er zorg voor dat op zijn aansluiting een meetverantwoordelijke partij actief is. 3 artikel 3.54 Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas onttrekt, verleent de transmissiesysteembeheerder voor gas de nodige medewerking aan de uitvoering van de taken, genoemd in. 4 artikel 2.55 Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas invoedt of die een gasopslagbeheerder is, voert de meetactiviteiten uit overeenkomstig. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.48 — Artikel 2.48 meetverplichtingen#
Artikel 2.48 meetverplichtingen 1 Een meetverantwoordelijke partij: a. artikel 2.46, derde lid installeert en beheert op of nabij ieder overdrachtspunt een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen; b. artikel 2.46, tweede lid, onderdeel a indien van toepassing, installeert en beheert een meetinrichting op de bij de krachtens, vastgestelde plaatsen; c. artikel 4.8, zesde lid geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens, gegevens van de door hem beheerde meetinrichtingen door; d. verzamelt en valideert per geïnstalleerde meetinrichting meetgegevens en stelt deze vast. 2 artikel 2.46, derde lid Bij ministeriële regeling worden voor de verschillende soorten meetinrichtingen die krachtens, zijn toegestaan regels gesteld over: a. het installeren en beheren van meetinrichtingen; b. het soort meetgegevens dat wordt verzameld, gevalideerd of vastgesteld; c. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; d. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; e. de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens; f. de methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas; g. de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 3 Een meetverantwoordelijke partij kan met een aangeslotene overeenkomen dat de aangeslotene de meetgegevens ten aanzien van de kwaliteit van het door hem ingevoede gas zelf verzamelt, valideert en vaststelt. In dat geval geeft de aangeslotene de meetgegevens overeenkomstig het eerste lid, onderdeel c, door. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.49 — Artikel 2.49 controlesystematiek meetinrichtingen#
Artikel 2.49 controlesystematiek meetinrichtingen 1 artikel 2.46, derde lid artikel 5 van de Metrologiewet Een meetverantwoordelijke partij past een door Onze Minister goedgekeurd protocol voor een periodieke controle van meetinrichtingen toe op de bij of krachtens, en de bij of krachtensgestelde eisen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen eisen worden gesteld aan het protocol. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.50 — Artikel 2.50 erkenning meetverantwoordelijke partij#
Artikel 2.50 erkenning meetverantwoordelijke partij 1 artikel 2.47, tweede lid Het is verboden zonder een erkenning als bedoeld in het vierde lid, bij aangeslotenen als bedoeld in, meetinrichtingen te installeren en te beheren en daar te meten. 2 Een meetverantwoordelijke partij: a. beschikt over de benodigde organisatorische en technische kwaliteiten alsmede voldoende deskundigheid voor een goede uitvoering van zijn verplichtingen; en b. artikel 2.48 afdeling 4.1 artikelen 4.7 4.11 is redelijkerwijs in staat de verplichtingen als opgenomen in,en deenna te komen. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de vereisten, bedoeld in het tweede lid. 4 De Autoriteit Consument en Markt verleent een meetverantwoordelijke partij op aanvraag een erkenning als de meetverantwoordelijke partij voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid. 5 De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een erkenning. 6 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de voorwaarden waaraan een aanvraag moet voldoen; b. de procedure voor de aanvraag van een erkenning; c. de informatie die een meetverantwoordelijke partij na het verlenen van de erkenning al dan niet periodiek moet verstrekken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.51 — Artikel 2.51 wijzigen en intrekken erkenning#
Artikel 2.51 wijzigen en intrekken erkenning 1 artikel 2.50, vierde lid De Autoriteit Consument en Markt kan een erkenning als bedoeld in, wijzigen of intrekken indien: a. artikelen 2.48 2.50, tweede lid, onderdeel a afdeling 4.1 artikelen 4.7 4.11 de houder van de erkenning niet langer voldoet aan één of meer verplichtingen, gesteld bij of krachtens deof,en deen; b. de houder van de erkenning dit verzoekt; c. de houder van de erkenning de in de erkenning opgenomen voorschriften of opgelegde beperkingen niet nakomt; d. de houder van de erkenning bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of e. de houder van de erkenning om andere redenen niet langer in staat moet worden geacht de erkende activiteit of in de erkenning opgenomen voorschriften na te komen. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de tijdelijke voorzieningen en de procedure bij intrekking van de erkenning. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.52 — Artikel 2.52 rapportageverplichting#
Artikel 2.52 rapportageverplichting 1 artikel 2.48 Een meetverantwoordelijke partij rapporteert aan de Autoriteit Consument en Markt over de uitvoering van het bepaalde bij of krachtens. 2 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de frequentie waarmee gerapporteerd wordt en de eisen waaraan een rapportage moet voldoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.53 — Artikel 2.53 overdragen erkenning#
Artikel 2.53 overdragen erkenning 1 artikel 2.50, vierde lid Een erkenning als bedoeld in, kan slechts worden overgedragen met toestemming van de Autoriteit Consument en Markt. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de voorwaarden voor en de procedure bij het overdragen van een erkenning als bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.54 — Artikel 2.54 verplichtingen leverancier#
Artikel 2.54 verplichtingen leverancier 1 Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt van een aangeslotene met een kleine aansluiting die beschikt over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld: a. verzamelt en valideert meetgegevens en stelt deze vast ten behoeve van de aangeslotene; b. artikel 4.8, zesde lid geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens, gegevens door. 2 De aangeslotene verleent medewerking aan de leverancier bij het verzamelen van meetgegevens. 3 Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke meetgegevens worden verzameld en worden voorts regels gesteld over: a. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld; b. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; c. de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens; d. de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.55 — Artikel 2.55 verplichtingen aangeslotenen die zelf meten#
Artikel 2.55 verplichtingen aangeslotenen die zelf meten 1 Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas invoedt of die een gasopslagbeheerder is: a. installeert en beheert op of nabij ieder overdrachtspunt een meetinrichting; b. verzamelt en valideert meetgegevens en stelt deze per geïnstalleerde meetinrichting vast; en c. artikel 4.8, vijfde lid geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens, gegevens van de door hem beheerde meetinrichtingen door. 2 Bij ministeriële regeling worden ten aanzien van de verplichtingen, genoemd in het eerste lid regels gesteld over: a. het installeren en beheren van meetinrichtingen; b. het soort meetgegevens dat wordt verzameld, gevalideerd of vastgesteld; c. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; d. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; e. de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens; f. de methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas en de energie-inhoud van het gas; g. de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.56 — Artikel 2.56 erkenning meetverantwoordelijkheid kleine aansluitingen buiten overdrachtspunten#
Artikel 2.56 erkenning meetverantwoordelijkheid kleine aansluitingen buiten overdrachtspunten 1 artikel 2.46, tweede lid Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het voor een partij, uitgezonderd de distributiesysteembeheerder of meetverantwoordelijke partij, in bij die maatregel te bepalen situaties en op daarbij te bepalen plaatsen, verboden is zonder erkenning van de Autoriteit Consument en Markt meetinrichtingen als bedoeld in, te installeren en te beheren en daar te meten. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen onderdelen van deze wet met betrekking tot een meetverantwoordelijke partij van overeenkomstige toepassing worden verklaard op de partij, bedoeld in het eerste lid, en kunnen ook overigens regels worden gesteld over de aanvraag, vereisten, wijziging, intrekking en overdracht van de erkenning, bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.57 — Artikel 2.57 bewijs garantie van oorsprong#
Artikel 2.57 bewijs garantie van oorsprong 1 Een garantie van oorsprong voor elektriciteit uit hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd uit hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen. 2 Een garantie van oorsprong voor elektriciteit geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling. 3 Een garantie van oorsprong voor gas uit hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid gas heeft geproduceerd uit hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen. 4 Een garantie van oorsprong voor elektriciteit uit niet-hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd uit een andere energiebron dan hernieuwbare bronnen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.58 — Artikel 2.58 taken Minister en mandateren taken#
Artikel 2.58 taken Minister en mandateren taken 1 artikel 2.57 Onze Minister is belast met het uitgeven, overdragen en innemen via een elektronisch systeem van garanties van oorsprong als bedoeld in. 2 artikel 2.1 van de Wet milieubeheer artikel 3.63 Onze Minister opent op aanvraag van een in Nederland gevestigde producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, handelaar in garanties van oorsprong of de Nederlandse emissieautoriteit, bedoeld in, een rekening voor garanties van oorsprong. Bij deze aanvraag overlegt de producent het resultaat van de vaststelling, bedoeld in. 3 artikel 2.57 Onze Minister boekt op aanvraag garanties van oorsprong als bedoeld in, op een daarbij aangegeven rekening voor garanties van oorsprong, indien een in Nederland gevestigde producent of, indien is voldaan aan de regels gesteld bij of krachtens het vierde lid, een marktdeelnemer die aggregeert, bij deze aanvraag de gegevens overlegt omtrent: a. de gemeten hoeveelheid geproduceerde elektriciteit uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen, gas uit hernieuwbare bronnen; of b. indien een producent van elektriciteit of gas gebruik maakt van omzetting van energie in een andere vorm van energie: 1°. de gemeten hoeveelheid geproduceerde elektriciteit of geproduceerd gas; 2°. de gemeten hoeveelheid energie uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen die is gebruikt voor de opwekking van de hoeveelheid, bedoeld onder 1°; en 3°. artikel 2.57 artikel 1, eerste lid, van de Warmtewet artikel 1 van de Wet implementatie EU-richtlijn hernieuwbare energie voor garanties van oorsprong het bewijs van afboeking of verzoek tot afboeking van garanties van oorsprong als bedoeld in, garanties van oorsprong voor thermische energie uit hernieuwbare bronnen als bedoeld inof garanties van oorsprong voor ander gas uit hernieuwbare bronnen als bedoeld invan een Nederlandse rekening voor garanties van oorsprong voor de gemeten hoeveelheid onder 2°. 4 artikel 2.57, eerste lid Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de situaties waarin en de voorwaarden waaronder Onze Minister garanties van oorsprong als bedoeld in, bijboekt op de rekening voor garanties van oorsprong van een marktdeelnemer die aggregeert ten behoeve van een actieve afnemer. 5 Onze Minister kan de taken, bedoeld in het eerst tot en met derde lid, mandateren aan een niet-ondergeschikte die onafhankelijk is van producenten, handelaren, marktdeelnemers die aggregeren en handelaren in garanties van oorsprong. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.59 — Artikel 2.59 afboeken garanties van oorsprong#
Artikel 2.59 afboeken garanties van oorsprong artikel 2.57 Een leverancier zorgt ervoor dat als bewijs van levering van elektriciteit, of gas uit hernieuwbare bronnen, aan een in Nederland gevestigde eindafnemer binnen één maand na de levering een corresponderende hoeveelheid garanties van oorsprong als bedoeld invan een Nederlandse rekening voor garanties van oorsprong wordt afgeboekt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.60 — Artikel 2.60 garanties van oorsprong binnen Europese Unie#
Artikel 2.60 garanties van oorsprong binnen Europese Unie 1 artikel 2.57 Garanties van oorsprong uitgegeven door een onafhankelijke instantie in een andere lidstaat van de Europese Unie, die naar aard en strekking overeenkomen met in Nederland uitgegeven garanties van oorsprong als bedoeld inworden daarmee gelijkgesteld. 2 Garanties van oorsprong uitgegeven door een onafhankelijke instantie in een derde land worden niet erkend, behalve indien de Europese Unie daarvoor een overeenkomst heeft afgesloten met het derde land en de energie rechtstreeks uit dat land wordt ingevoerd of uitgevoerd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.61 — Artikel 2.61 delegatiegrondslag garanties van oorsprong#
Artikel 2.61 delegatiegrondslag garanties van oorsprong 1 artikel 2.58 Bij ministeriële regeling worden tarieven vastgesteld ter dekking van de kosten die worden gemaakt met betrekking tot de activiteiten, bedoeld in. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de informatie die een producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, handelaar in garanties van oorsprong, transmissie- of distributiesysteembeheerder, of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee verstrekt aan Onze Minister; b. artikel 2.57 de uitgifte en de geldigheidsduur van garanties van oorsprong als bedoeld in; c. artikel 2.57 de gegevens die worden vermeld op garanties van oorsprong als bedoeld in; d. artikel 2.57 de voorwaarden waaronder en de wijze waarop een producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, of handelaar in garanties van oorsprong, gebruik kunnen maken van de door hen verkregen garanties van oorsprong als bedoeld in, of deze kunnen verhandelen; e. artikel 3.63 de vaststelling, bedoeld in; f. artikel 2.58, derde lid het meten van de hoeveelheden, bedoeld in; g. dat het verstrekken van de informatie, bedoeld in onderdeel a, uitsluitend langs elektronische weg kan geschieden. 3 artikel 2.57 De regels, bedoeld in het tweede lid, kunnen verschillen voor de verschillende soorten garanties van oorsprong als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.62 — Artikel 2.62 maximaal verbruik laagcalorisch gas#
Artikel 2.62 maximaal verbruik laagcalorisch gas 1 3 Het is een aangeslotene op het transmissie- of distributiesysteem van gas met ingang van 1 oktober 2022 verboden via een aansluiting die is verbonden met dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd in een gasjaar meer dan 100 miljoen m(n) gas aan dat transmissie- of distributiesysteem te onttrekken. 2 3 Indien installaties die behoren tot eenzelfde onderneming of instelling, die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, van gas worden voorzien door middel van meer dan één aansluiting, is het met ingang van 1 oktober 2022 verboden via die gezamenlijke aansluitingen meer dan 100 miljoen m(n) gas te onttrekken aan dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, indien een of meerdere van die aansluitingen na 20 juli 2020 zijn gerealiseerd. 3 Dit artikel vervalt met ingang van 1 oktober 2030 of op een bij koninklijk besluit eerder te bepalen tijdstip. 4 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een aangeslotene, zijnde een gasopslagbeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.63 — Artikel 2.63 verbod onttrekken laagcalorisch gas grootste eindafnemers#
Artikel 2.63 verbod onttrekken laagcalorisch gas grootste eindafnemers 1 3 Het is een aangeslotene op het transmissie- of distributiesysteem van gas die in de gasjaren 2016/2017, 2017/2018 en 2018/2019 in ten minste twee van die gasjaren meer dan 100 miljoen m(n) gas via diens aansluiting heeft onttrokken en die verbonden is met dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, met ingang van 1 oktober 2022 verboden via die aansluiting gas aan dat deel van het transmissie- of distributiesysteem te onttrekken. 2 Deze aangeslotene meldt zo spoedig mogelijk na inwerkingtreding van dit artikel schriftelijk aan de transmissiesysteembeheerder voor gas dat zijn aansluiting omgeschakeld of buiten werking gesteld dient te worden en verstrekt hem alle gegevens die naar diens oordeel relevant zijn voor een voor de bedrijfsprocessen van de aangeslotene doelmatige en efficiënte planning van het omschakelen onderscheidenlijk buiten werking stellen van de betrokken aansluiting. De aangeslotene stuurt een afschrift van deze melding en de daarbij gevoegde gegevens aan Onze Minister. 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een aangeslotene, zijnde een gasopslagbeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.64 — Artikel 2.64 planning afsluiten#
Artikel 2.64 planning afsluiten 1 artikel 2.63, tweede lid De aangeslotene die ingevolge, de transmissiesysteembeheerder voor gas heeft gemeld dat diens aansluiting buiten werking gesteld dient te worden, informeert de transmissiesysteembeheerder en Onze Minister over de planning van de buitenwerkingstelling, voorzien van een onderbouwing van de benodigde tijd voor de onderscheiden activiteiten die naar zijn oordeel noodzakelijk zijn om afgesloten te kunnen worden van het transmissie- of distributiesysteem voor gas en, voor zover aan de orde, over te kunnen stappen naar een alternatieve energiebron. 2 Indien de planning naar het oordeel van de aangeslotene als gevolg van gewijzigde omstandigheden aanpassing behoeft, informeert de eindafnemer de transmissiesysteembeheerder voor gas en Onze Minister zo spoedig mogelijk over de aangepaste planning. De aangepaste planning wordt voorzien van een onderbouwing van elke afwijking ten opzichte van de eerder ingediende planning. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.65 — Artikel 2.65 ontheffing verbodsbepalingen laagcalorisch gas#
Artikel 2.65 ontheffing verbodsbepalingen laagcalorisch gas 1 artikel 2.63, eerste lid Onze Minister kan een aangeslotene op diens verzoek ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in, gedurende een in de ontheffing te bepalen periode, voor zover verlenging noodzakelijk is vanwege omstandigheden die niet zijn toe te rekenen aan de aangeslotene of redelijkerwijs niet door hem hadden kunnen worden voorzien of voorkomen. 2 artikel 2.63, tweede lid Onze Minister kan een aangeslotene die op grond van, heeft gemeld dat diens aansluiting afgesloten dient te worden, op diens verzoek ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, gedurende een in de ontheffing te bepalen periode, voor zover verlenging voor die periode noodzakelijk is om tot een stabiel verbruik van energie uit een andere bron dan gas afkomstig uit het transmissie- of distributiesysteem voor gas te komen. 3 artikel 2.62, eerste lid Indien een ontheffing als bedoeld in het eerste of tweede lid is verleend, is, niet van toepassing op de betreffende aangeslotene voor de duur van die ontheffing. 4 artikel 2.62, eerste lid Onze Minister kan een aangeslotene een ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in, voor zover dit gelet op de leveringszekerheid van gas, warmte of elektriciteit nodig is. 5 Aan een ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden, die mede betrekking kunnen hebben op de maximale toegestane hoeveelheid laagcalorisch gas die per gasjaar of gedurende de periode waarvoor de ontheffing is verleend door de afnemer aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas mag worden onttrokken. 6 Het is verboden in strijd te handelen met aan een ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen. 7 Onze Minister kan een ontheffing intrekken indien: a. niet langer wordt voldaan aan de gronden voor verlening van een ontheffing; b. degene aan wie de ontheffing is verleend in strijd handelt met een aan de ontheffing verbonden voorschrift of beperking; c. onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking zou hebben geleid. 8 Onze Minister stuurt een afschrift van een op grond van dit artikel genomen besluit tot verlening of intrekking van een ontheffing aan de Autoriteit Consument en Markt en aan de transmissiesysteembeheerder voor gas. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.66 — Artikel 2.66 verordening 1227/2011 strafbaarstelling#
Artikel 2.66 verordening 1227/2011 strafbaarstelling 1 verordening 1227/2011 Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4 en 5 van. 2 Overtreding van het eerste lid is een misdrijf. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.67 — Artikel 2.67 monopolie wettelijke taken en uitzonderingen#
Artikel 2.67 monopolie wettelijke taken en uitzonderingen Het is een natuurlijk persoon of rechtspersoon, niet zijnde een systeembeheerder, verboden wettelijke taken of verplichtingen uit te voeren, met uitzondering van: a. werkzaamheden die een systeembeheerder aan die natuurlijk persoon of rechtspersoon uitbesteedt; b. artikel 3.39 de aanleg of verwijdering van een leiding en daarmee verbonden hulpmiddelen, bedoeld in; c. werkzaamheden die verband houden met tijdelijke taken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 2.68 — Artikel 2.68 vergelijkingsinstrument#
Artikel 2.68 vergelijkingsinstrument 1 Een huishoudelijk eindafnemer en een micro-onderneming hebben recht op kosteloze toegang tot ten minste één onafhankelijk vergelijkingsinstrument dat de gehele energiemarkt bestrijkt of meerdere vergelijkingsinstrumenten die in voldoende mate de markt bestrijken, waarmee ze het aanbod van leveranciers, met uitzondering van het aanbod om ten behoeve van eindafnemers te faciliteren in peer-to-peer-handel, kunnen vergelijken. 2 Het vergelijkingsinstrument als bedoeld in het eerste lid, voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nader te stellen regels. 3 Een vergelijkingsinstrument dat voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid, wordt op verzoek van de aanbieder van het vergelijkingsinstrument gecertificeerd door de Autoriteit Consument en Markt. 4 Indien naar het oordeel van Onze Minister de toegang, bedoeld in het eerste lid, niet door het normale functioneren van de markt wordt of zal kunnen worden gegarandeerd, kan Onze Minister een partij aanwijzen die een vergelijkingsinstrument voor ten hoogste tien jaar verzorgt. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de procedure voor de aanvraag van de certificering, bedoeld in het derde lid; b. de aanwijzing, bedoeld in het vierde lid, welke regels onder meer betrekking hebben op: 1°. de voor de aanwijzing te volgen procedure; 2°. voorschriften en beperkingen die aan de aanwijzing worden verbonden; 3°. taken die aan de Autoriteit Consument en Markt worden opgedragen en bevoegdheden die aan de Autoriteit Consument en Markt worden verleend in het geval een aanwijzing is gegeven. 6 Als niet langer voldaan wordt aan de voorschriften, bedoeld in het tweede lid, dan wel de voorschriften en beperkingen, bedoeld in het vijfde lid, onderdeel b, kan de Autoriteit Consument en Markt de certificering onderscheidenlijk Onze Minister de aanwijzing intrekken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 verplichtingen eigenaar systeem#
Artikel 3.1 verplichtingen eigenaar systeem 1 Een onderneming die eigenaar is van of die alle aandelen heeft in de rechtspersoon die eigenaar is van een transmissiesysteem, distributiesysteem of interconnectorsysteem draagt er zorg voor: a. artikel 3.4 artikel 3.7 dat de beheerder van het systeem krachtensis gecertificeerd of, indien het systeem voldoet aan de kenmerken gesteld bij of krachtens, dat het systeem krachtens artikel 3.7 als gesloten systeem is erkend; en b. artikel 3.2 3.6 dat krachtensofeen beheerder voor zijn systeem is aangewezen. 2 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel h respectievelijk i Een onderneming die eigenaar is van een LNG-systeem of een gasopslagsysteem draagt er zorg voor dat krachtens, een beheerder is aangewezen. 3 Een onderneming die eigenaar is van een systeem waarvoor geen beheerder is aangewezen, handelt als beheerder van zijn systeem. De wettelijke taken en verplichtingen zijn van overeenkomstige toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 aanwijzing systeembeheerder#
Artikel 3.2 aanwijzing systeembeheerder 1 Onze Minister kan op aanvraag een rechtspersoon die eigenaar is van of die alle aandelen heeft in de rechtspersoon die eigenaar is van een: a. transmissiesysteem voor elektriciteit, aanwijzen als beheerder van dat transmissiesysteem; b. interconnectorsysteem voor elektriciteit aanwijzen als beheerder van dat interconnectorsysteem; c. transmissiesysteem voor gas, aanwijzen als beheerder van dat transmissiesysteem; d. interconnectorsysteem voor gas aanwijzen als beheerder van dat interconnectorsysteem; e. distributiesysteem voor elektriciteit, aanwijzen als beheerder van dat distributiesysteem; f. distributiesysteem voor gas, aanwijzen als beheerder van dat distributiesysteem; g. transmissiesysteem voor elektriciteit op zee, aanwijzen als beheerder van dat transmissiesysteem, mits die rechtspersoon onderdeel uitmaakt van de infrastructuurgroep waartoe de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit behoort; h. LNG-systeem, aanwijzen als beheerder van dat systeem; i. gasopslagsysteem, aanwijzen als beheerder van dat systeem. 2 In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister bij overdracht van de eigendom van een systeem indien de aanwijzing vervalt, op aanvraag van de rechtspersoon die eigenaar wordt van of die alle aandelen krijgt in de rechtspersoon die eigenaar wordt van dat systeem, die rechtspersoon aanwijzen als beheerder van het betreffende systeem. De aanwijzing treedt in werking op de dag waarop overdracht van de eigendom van het systeem plaatsvindt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 toetsingskader aanwijzing Minister#
Artikel 3.3 toetsingskader aanwijzing Minister 1 artikel 3.2, eerste lid, de onderdelen a tot en met g artikel 3.4 Onze Minister wijst een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, af als die rechtspersoon niet krachtensis gecertificeerd. 2 artikel 3.2, eerste lid, onderdelen a, c, e of f Onze Minister kan een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, afwijzen of voorschriften verbinden aan de aanwijzing indien: a. paragraaf 3.2.1 paragraaf 3.2.2 de rechtspersoon niet voldoet aan de bij of krachtensgestelde voorschriften inzake inrichting van de rechtspersoon of de infrastructuurgroep waartoe die rechtspersoon behoort niet voldoet aan de bij of krachtensgestelde voorschriften inzake de infrastructuurgroep en de infrastructuurbedrijven; of b. afdelingen 3.3 3.4 de rechtspersoon redelijkerwijs niet in staat moet worden geacht de taken of verplichtingen gesteld bij of krachtens deenuit te voeren. 3 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel b of d Onze Minister kan een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, afwijzen of voorschriften verbinden aan de aanwijzing indien: a. artikel 3.90 de rechtspersoon niet voldoet aan de bij of krachtensgeldende bepalingen inzake de inrichting van de rechtspersoon; of b. paragraaf 3.5.2 de rechtspersoon redelijkerwijs niet in staat moet worden geacht de taken of verplichtingen gesteld bij of krachtensuit te voeren. 4 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel g Onze Minister kan een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, afwijzen of voorschriften verbinden aan de aanwijzing indien: a. artikel 3.85 de rechtspersoon niet voldoet aan de krachtensgeldende bepalingen inzake inrichting van de rechtspersoon of de infrastructuurgroep waartoe de rechtspersoon behoort niet voldoet aan de krachtens dat artikel geldende bepalingen inzake de infrastructuurgroep; of b. paragraaf 3.5.1 de rechtspersoon redelijkerwijs niet in staat moet worden geacht de taken of verplichtingen gesteld bij of krachtensuit te voeren. 5 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel h paragraaf 3.5.3 Onze Minister kan een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, afwijzen of voorschriften verbinden aan de aanwijzing indien de rechtspersoon redelijkerwijs niet in staat moet worden geacht de taken of verplichtingen gesteld bij of krachtensuit te voeren. 6 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel i paragraaf 3.5.4 Onze Minister kan een aanvraag van een rechtspersoon als bedoeld in, afwijzen of voorschriften verbinden aan de aanwijzing indien de rechtspersoon redelijkerwijs niet in staat moet worden geacht de taken of verplichtingen gesteld bij of krachtensuit te voeren. 7 Als Onze Minister krachtens het tweede tot en met zesde lid, voorschriften verbindt aan de aanwijzing, strekken deze ertoe geconstateerde tekortkomingen, bedoeld in die leden, zo veel mogelijk weg te nemen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.4 — Artikel 3.4 certificering systeembeheerder#
Artikel 3.4 certificering systeembeheerder 1 artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt certificeert op aanvraag een rechtspersoon die eigenaar is van of die alle aandelen heeft in de rechtspersoon die eigenaar is van een transmissie- of distributiesysteem of interconnectorsysteem indien ten aanzien van die rechtspersoon is voldaan aan de eisen gesteld bij of krachtensrespectievelijk, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10. 2 Als een persoon of rechtspersoon uit een land buiten de Europese Unie zeggenschap heeft over een eigenaar van een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem of een beheerder van een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem, besluit de Autoriteit Consument en Markt volgens de procedure van: a. richtlijn 2019/944 artikel 53 vanof is voldaan aan de eisen van het derde lid van dat artikel, als het een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem of een beheerder van een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem voor elektriciteit betreft; of b. richtlijn 2009/73 artikel 11 vanof is voldaan aan de eisen van het derde lid van dat artikel, als het een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem of een beheerder van een transmissiesysteem of een interconnectorsysteem voor gas betreft. 3 artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid In afwijking van het eerste lid kan de Autoriteit Consument en Markt bij overdracht van de eigendom van een systeem indien de aanwijzing vervalt, op aanvraag de rechtspersoon certificeren die eigenaar wordt van of die alle aandelen krijgt in de rechtspersoon die eigenaar wordt van dat systeem indien ten aanzien van deze rechtspersoon, na verkrijging van de eigendom van het systeem, is voldaan aan de eisen gesteld bij of krachtensof, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10. 4 artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid Een systeembeheerder stelt de Autoriteit Consument en Markt in kennis van elke voorgenomen transactie die relevant is voor de beoordeling of nog wordt voldaan aan de eisen gesteld bij of krachtensof, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.5 — Artikel 3.5 intrekken certificering#
Artikel 3.5 intrekken certificering 1 artikel 3.4, eerste of derde lid artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt kan een certificering als bedoeld in, intrekken als niet langer aan de eisen, gesteld bij of krachtensof, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10 wordt voldaan. 2 artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt stelt een onderzoek in naar de naleving van de eisen gesteld bij of krachtensof, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10: a. artikel 3.4, vierde lid naar aanleiding va n een melding als bedoeld in; b. artikel 3.10 artikel 3.90, eerste lid op eigen initiatief wanneer ze kennis heeft van gewijzigde omstandigheden die kunnen leiden tot een inbreuk op de eisen gesteld bij of krachtensof, ten aanzien van de van overeenkomstige toepassing verklaring van artikel 3.10; of c. op verzoek van de Europese Commissie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.6 — Artikel 3.6 aanwijzing beheerder gesloten systeem#
Artikel 3.6 aanwijzing beheerder gesloten systeem De Autoriteit Consument en Markt wijst op aanvraag: a. artikel 3.7 van de eigenaar van een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit dat krachtensis erkend als gesloten systeem een door de eigenaar voorgedragen beheerder aan; b. artikel 3.7 van de eigenaar van een distributiesysteem voor gas dat krachtensis erkend als gesloten systeem een door de eigenaar voorgedragen beheerder aan. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.7 — Artikel 3.7 erkenning gesloten systeem#
Artikel 3.7 erkenning gesloten systeem 1 De Autoriteit Consument en Markt erkent op aanvraag van de eigenaar van een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit, of een distributiesysteem voor gas dat systeem als een gesloten systeem indien: a. artikel 3.2, eerste lid er niet op grond van, al een beheerder is aangewezen voor het systeem; b. de aanvrager geen onderdeel uitmaakt van een infrastructuurgroep; c. het bedrijfs- of productieproces van aangeslotenen op het systeem om specifieke technische of veiligheidsredenen geïntegreerd is met het systeem of het systeem primair elektriciteit of gas distribueert aan de eigenaar van het systeem of daarmee verwante ondernemingen; d. het systeem binnen een geografisch afgebakende industriële locatie, commerciële locatie of locatie met gedeelde diensten ligt en dat systeem technische, organisatorische of functionele bindingen heeft; e. op het systeem minder dan 1.000 aangeslotenen zijn; f. het systeem geen huishoudelijk eindafnemers voorziet, tenzij er sprake is van incidenteel gebruik door een klein aantal huishoudelijk eindafnemers dat werkzaam is bij of vergelijkbare betrekkingen heeft met de eigenaar van het gesloten systeem; g. de veiligheid en betrouwbaarheid van het systeem naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt voldoende is gewaarborgd; en h. indien het en transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit betreft, het spanningsniveau van dit systeem ten hoogste 220 kilovolt bedraagt, met uitzondering van leidingen of hulpmiddelen ten behoeve van de omzetting van het spanningsniveau van elektriciteit direct achter de aansluiting van het systeem op een transmissiesysteem voor elektriciteit. 2 De Autoriteit Consument en Markt erkent op aanvraag een systeem dat zal worden aangelegd als een gesloten systeem, indien aan de aanvrager voor de aanleg van dat systeem de daarvoor benodigde vergunningen, ontheffingen en toestemmingen zijn verstrekt en is voldaan aan het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.8 — Artikel 3.8 vervallen, intrekken en delegatiegrondslag aanwijzing, certificering of erkenning#
Artikel 3.8 vervallen, intrekken en delegatiegrondslag aanwijzing, certificering of erkenning 1 In geval van fusie, splitsing, ontbinding of faillissement van de rechtspersoon die als transmissie- of distributiesysteembeheerder of interconnectorsysteembeheerder is aangewezen, vervalt de aanwijzing als systeembeheerder van rechtswege. 2 Het bestuursorgaan dat een aanwijzing of erkenning heeft verleend, is eveneens bevoegd deze in te trekken. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over: a. het intrekken van een aanwijzing, certificering of erkenning; b. de overdracht van de eigendom van een systeem voor gevallen waarin een aanwijzing, certificering of erkenning vervalt, wordt ingetrokken of niet kan worden verleend. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de eisen waaraan een aanvraag tot aanwijzing, certificering of erkenning moet voldoen en de informatie die bij een aanvraag moet worden verstrekt; b. de voorschriften of beperkingen die aan een aanwijzing, certificering of erkenning kunnen worden verbonden; c. de voorwaarden waaronder een aanwijzing, certificering of erkenning kan worden gewijzigd; d. de procedure voor het behandelen en de termijnen voor beslissen op een verzoek; e. de informatie die bij een certificeringsonderzoek, bedoeld in het tweede lid, moet worden verstrekt en de procedure die bij dat onderzoek wordt gevolgd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.9 — Artikel 3.9 melding directe lijn#
Artikel 3.9 melding directe lijn 1 Als directe lijn wordt aangemerkt één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van elektriciteit of gas: a. die niet verbonden is met een systeem van elektriciteit of gas of met een andere leiding voor het transport en die een geïsoleerde productie-installatie van een producent rechtstreeks verbindt met een geïsoleerde eindafnemer; of b. die ten hoogste via de installatie van één aangeslotene op de leidingen is verbonden met een systeem van elektriciteit of gas of met een andere leiding voor het transport en die een productie-installatie voor elektriciteit of gas, met tussenkomst van een leverancier, rechtstreeks verbindt met één of meer eindafnemers, waarbij dit voor een huishoudelijk eindafnemer enkel is toegestaan indien deze werkzaam is bij of vergelijkbare betrekkingen heeft met de eigenaar van de directe lijn. 2 Een eigenaar van een directe lijn meldt: a. de directe lijn zo spoedig mogelijk na ingebruikname aan de Autoriteit Consument en Markt; b. een significante wijziging ten opzichte van een eerdere melding zo spoedig mogelijk na doorvoering van de betreffende wijziging aan de Autoriteit Consument en Markt. 3 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de inhoud van de meldingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.10 — Artikel 3.10 groepsverbod#
Artikel 3.10 groepsverbod 1 artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek artikel 3.19, tweede lid, onderdeel d Een transmissie- of distributiesysteembeheerder maakt geen deel uit van een groep als bedoeld inwaartoe ook een rechtspersoon of vennootschap behoort die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt; onverminderd. 2 artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek artikel 1.1 van de Wet collectieve warmte artikel 2.13, vijfde lid, van de Wet collectieve warmte Rechtspersonen en vennootschappen die deel uitmaken van een groep als bedoeld inwaartoe ook een rechtspersoon of vennootschap behoort die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt, houden geen aandelen in een transmissie- of distributiesysteembeheerder of in een rechtspersoon die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een transmissie- of distributiesysteembeheerder behoort en nemen niet deel in een vennootschap die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een transmissie- of distributiesysteembeheerder behoort. Dit verbod is niet van toepassing op het houden van aandelen in, of deel nemen aan een aangewezen warmtebedrijf als bedoeld in, die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een transmissie- of distributiebeheerder hoort, of een rechtspersoon of vennootschap die werkzaamheden als bedoeld invoor het aangewezen warmtebedrijf uitvoert en die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een ook een transmissie- of distributiebeheerder hoort. 3 artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Een transmissie- of distributiesysteembeheerder of een met die beheerder verbonden groepsmaatschappij als bedoeld in: artikel 1.1 van de Wet collectieve warmte artikel 2.13, vijfde lid, van de Wet collectieve warmte Dit verbod is niet van toepassing op een verbonden groepsmaatschappij die aandelen houdt in, of deelneemt aan een aangewezen warmtebedrijf als bedoeld inof een rechtspersoon of vennootschap die werkzaamheden als bedoeld invoor het aangewezen warmtebedrijf uitvoert. a. houdt geen aandelen in een rechtspersoon die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt of in een rechtspersoon die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een rechtspersoon behoort die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt; b. neemt niet deel in een vennootschap die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt of in een vennootschap die deel uitmaakt van een groep waartoe ook een rechtspersoon of vennootschap behoort die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt. 4 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder is zodanig ingericht dat: a. een natuurlijk persoon of rechtspersoon die directe of indirecte zeggenschap uitoefent over een rechtspersoon of vennootschap die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt, niet gelijktijdig directe of indirecte zeggenschap of enig recht uitoefent over een transmissiesysteembeheerder, distributiesysteembeheerder of diens systemen; en b. een natuurlijk persoon of rechtspersoon die directe of indirecte zeggenschap uitoefent over een transmissiesysteembeheerder, een distributiesysteembeheerder of diens systemen, niet gelijktijdig directe of indirecte zeggenschap of enig recht uitoefent over een rechtspersoon of vennootschap die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt. 5 Onder enig recht als bedoeld in het vierde lid wordt in ieder geval verstaan het recht om stemrechten uit te oefenen, de bevoegdheid om leden aan te wijzen van de raad van bestuur of de raad van toezicht of een rechtspersoon die het bedrijf juridisch vertegenwoordigt of het hebben van een meerderheidsaandeel. 6 Voor de toepassing van het derde lid worden twee afzonderlijke overheidsorganen die direct of indirect zeggenschap uitoefenen over, enerzijds, een transmissiesysteembeheerder of een transmissiesysteem en, anderzijds, over een rechtspersoon of vennootschap die elektriciteit, gas of waterstofgas produceert, levert of daarin handelt, niet als dezelfde persoon of dezelfde personen beschouwd. 7 Voor de toepassing van het eerste tot en met vierde lid wordt onder produceren van elektriciteit niet verstaan het door een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit opwekken en vervolgens gebruiken van die elektriciteit bij: a. artikel 3.28, tweede lid de uitvoering van een niet-frequentiegerelateerde ondersteunende dienst met een volledig geïntegreerd netwerkcomponent, bedoeld in; b. artikel 3.28, derde lid het voorzien in een niet-frequentiegerelateerde ondersteunende dienst indien hiervoor aan hem een ontheffing als bedoeld in, is verleend; c. artikel 3.29, tweede lid het voorzien in congestiebeheers- of systeembeheersdiensten indien hiervoor aan hem een ontheffing als bedoeld inis verleend; d. artikel 3.32, eerste lid artikel 3.33, eerste lid het weer omzetten van opgeslagen energie in elektrische energie met behulp van een elektriciteitsopslagfaciliteit die op grond van, door de Autoriteit Consument en Markt is erkend als volledig geïntegreerde netwerkcomponent of waarvoor de Autoriteit Consument en Markt een ontheffing als bedoeld in, heeft verleend. 8 richtlijn 2019/944 richtlijn 2009/73 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ter implementatie van artikel 43 vanen artikel 9 van. 2026 10 22-01-2026 10-12-2025 36576 2026 31 13-02-2026 11-02-2026 14-02-2026
Artikel 3.11 — Artikel 3.11 statuten transmissiesysteembeheerder#
Artikel 3.11 statuten transmissiesysteembeheerder 1 artikelen 155a 158 tot en met 161a 164 265a 268 tot en met 271a 274 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek De,endan wel,enzijn van toepassing op een transmissiesysteembeheerder en haar statuten worden dienovereenkomstig ingericht. 2 artikel 152 artikel 262 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Als een transmissiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is in de zin vanofis het eerste lid niet van toepassing. 3 In het in het tweede lid bedoelde geval: a. voldoet een rechtspersoon waarvan de transmissiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is aan de in het eerste en tweede lid genoemde eisen; en b. artikel 164, eerste lid artikel 274, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek beschikt de raad van commissarissen van de rechtspersoon waarvan de transmissiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is over de bevoegdheden tot goedkeuring van de besluiten van het bestuur van de transmissiesysteembeheerder, bedoeld in, of. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.12 — Artikel 3.12 statuten distributiesysteembeheerder#
Artikel 3.12 statuten distributiesysteembeheerder 1 De statuten van een distributiesysteembeheerder bevatten in elk geval: a. de instelling van een raad van commissarissen; b. de bepaling dat de aandeelhouders het kader vaststellen voor het bezoldigingsbeleid van de bestuurders; c. artikel 129, derde lid artikel 239, derde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek artikel 164, eerste lid artikel 274, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in afwijking van, of, de bepaling dat aan de goedkeuring van de raad van commissarissen ten minste zijn onderworpen de besluiten van het bestuur van de rechtspersoon, bedoeld in, of; en d. artikel 3.25, eerste lid de bepaling dat het reserveren en uitkeren van de jaarlijkse winst geschiedt met de instemming van de aandeelhouders en met inachtneming van de uitvoering van de aan de distributiesysteembeheerder opgedragen taak, bedoeld in. 2 artikel 152 262 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Als een distributiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is als bedoeld inof, behoeven de statuten van die distributiesysteembeheerder, in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, niet te voorzien in de instelling van een raad van commissarissen. 3 In het in het tweede lid bedoelde geval: a. voldoet een rechtspersoon waarvan de distributiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is aan de in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, genoemde eisen; en b. beschikt de raad van commissarissen van de distributiesysteembeheerder, bedoeld in onderdeel a, waarvan de distributiesysteembeheerder een afhankelijke maatschappij is over de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, ten aanzien van het bestuur van de distributiesysteembeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.13 — Artikel 3.13 verbod beschikbaar stellen systeem voor financiële middelen#
Artikel 3.13 verbod beschikbaar stellen systeem voor financiële middelen Een transmissie- of distributiesysteembeheerder stelt het door hem beheerde systeem of een deel daarvan niet beschikbaar als zekerheid voor het aantrekken van financiële middelen anders dan voor hemzelf. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.14 — Artikel 3.14 privatiseringsverbod#
Artikel 3.14 privatiseringsverbod 1 De aandelen in een transmissiesysteembeheerder berusten direct of indirect bij de Staat der Nederlanden. 2 De aandelen in een distributiesysteembeheerder berusten direct of indirect bij één of meer openbare lichamen. 3 Onder indirect berusten van aandelen wordt verstaan dat de aandelen in een transmissiesysteembeheerder of distributiesysteembeheerder berusten bij één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de Staat der Nederlanden respectievelijk een openbaar lichaam of bij een rechtspersoon die een volledige dochtermaatschappij is van één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de staat respectievelijk één of meer openbare lichamen. 4 artikel 3.13 Onverminderd, berust de onbezwaarde eigendom van een transmissiesysteem direct of indirect bij de transmissiesysteembeheerder. 5 artikel 3.13 Onverminderd, berust de onbezwaarde eigendom van een distributiesysteem direct of indirect bij de distributiesysteembeheerder. 6 Onder indirect berusten van eigendom van een systeem wordt verstaan dat de eigendom van een transmissie- of distributiesysteem berust bij een rechtspersoon waarvan alle aandelen worden gehouden door de transmissie- of distributiesysteembeheerder. 7 Het vierde en vijfde lid zijn niet van toepassing indien voor een transmissie- of distributiesysteem een beheerder van een gesloten systeem is aangewezen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.15 — Artikel 3.15 kruisparticipaties#
Artikel 3.15 kruisparticipaties 1 artikel 3.14, eerste lid richtlijn 2019/944 richtlijn 2009/73 In afwijking van, kunnen aandelen in een transmissiesysteembeheerder direct of indirect berusten bij een buitenlandse instelling die op grond van nationale wettelijke regels is belast met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 35, van, of in artikel 2, onderdeel 4, vanof bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling, indien: a. ten minste 75 procent van de aandelen in de transmissiesysteembeheerder en de overwegende zeggenschap over de transmissiesysteembeheerder direct of indirect bij de staat blijft; b. de samenwerking tussen de transmissiesysteembeheerder en een buitenlandse instelling wordt bevorderd; c. er sprake is van een aandelenruil die de betrouwbaarheid, betaalbaarheid of duurzaamheid van het systeem ten goede komt; en d. artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek de aandelen in de transmissiesysteembeheerder of de groep, bedoeld inwaar die transmissiesysteembeheerder deel van uitmaakt, komen te berusten bij een instelling die de beheerder is van een systeem dat een directe verbinding heeft met het transmissiesysteem in Nederland of dat door middel van een interconnectorsysteem met een transmissiesysteem in Nederland is verbonden. 2 Het voornemen de aandelen in de transmissiesysteembeheerder direct of indirect te laten berusten bij een buitenlandse instelling of bij de middellijk of onmiddellijk aandeelhouder van die buitenlandse instelling behoeft instemming van beide kamers der Staten-Generaal. 3 Onze Minister van Financiën treedt niet eerder in onderhandeling dan dertig dagen nadat hij schriftelijk mededeling heeft gedaan aan de Staten-Generaal van het voornemen, bedoeld in het tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.16 — Artikel 3.16 nalevingsprogramma gemeenschappelijke onderneming#
Artikel 3.16 nalevingsprogramma gemeenschappelijke onderneming 1 Indien een transmissiesysteembeheerder voor gas deelneemt aan een gemeenschappelijke onderneming waaraan ook een verticaal geïntegreerde buitenlandse transmissiesysteembeheerder deelneemt, draagt de transmissiesysteembeheerder voor gas er zorg voor dat de gemeenschappelijke onderneming een nalevingsprogramma, met maatregelen die waarborgen dat discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uitgesloten is, opstelt en implementeert in de gemeenschappelijke onderneming. 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de inhoud van het nalevingsprogramma en de procedure van de totstandkoming van het nalevingsprogramma. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.17 — Artikel 3.17 uitvoering en uitbesteding werkzaamheden#
Artikel 3.17 uitvoering en uitbesteding werkzaamheden 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verricht geen andere werkzaamheden dan die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen of van taken die Onze Minister aan hem heeft gemandateerd. 2 In afwijking van het eerste lid mag een transmissie- of distributiesysteembeheerder: a. in opdracht van een andere systeembeheerder werkzaamheden uitvoeren ter uitvoering van de wettelijke taken of verplichtingen van die systeembeheerder; of b. indien dit noodzakelijk is voor de uitvoering van hun wettelijke taken of verplichtingen en indien dit een efficiënter beheer van de ondergrondse infrastructuur en vermindering van overlast voor de omgeving oplevert, samenwerken met rechtspersonen die werkzaamheden uitvoeren in de ondergrondse infrastructuur. 3 Ingeval van uitbesteding van werkzaamheden behoudt de transmissie- of distributiesysteembeheerder de verantwoordelijkheid voor de onafhankelijke, volledige en juiste uitvoering van deze werkzaamheden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.18 — Artikel 3.18 bescherming vitale processen systeembeheerders#
Artikel 3.18 bescherming vitale processen systeembeheerders 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur: a. kunnen in het kader van het beheer, het onderhoud en de ontwikkeling van een veilig en betrouwbaar systeem, ter verzekering van de geheimhouding van gegevens, hulpmiddelen of materialen van beheerders van systemen of door beheerders van systemen met behulp van die gegevens, hulpmiddelen of materialen ingerichte werkmethoden of processen, worden aangewezen als essentieel in het kader van de bescherming van vitale processen voor de nationale veiligheid; b. kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de omgang met gegevens, hulpmiddelen, materialen, processen of werkmethoden die krachtens onderdeel a zijn aangewezen; c. kunnen ter bescherming van de in onderdeel a beschreven belangen regels worden gesteld aan de betrouwbaarheid van toeleveranciers of de door hen te leveren goederen of diensten; d. kunnen ter bescherming van de in onderdeel a beschreven belangen regels worden gesteld aan het selectieproces van medewerkers die kennis hebben of krijgen van de krachtens onderdeel a aangewezen gegevens, hulpmiddelen, materialen, processen of werkmethoden. 2 Het controlecentrum van een transmissiesysteembeheerder van waaruit de aansturing van de uitvoering van de wettelijke taken of verplichtingen plaatsvindt, is gevestigd in Nederland. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.19 — Artikel 3.19 handelingen en activiteiten infrastructuurgroep of infrastructuurbedrijf#
Artikel 3.19 handelingen en activiteiten infrastructuurgroep of infrastructuurbedrijf 1 Een infrastructuurgroep verricht in hoofdzaak handelingen of activiteiten ter uitvoering van de taken of verplichtingen die zijn opgedragen aan de transmissie- of distributiesysteembeheerder die deel uitmaakt van die groep. 2 Een infrastructuurbedrijf beperkt zich in Nederland tot: a. ten aanzien van elektriciteit of gas handelingen of activiteiten die zijn gerelateerd aan het beheer van transmissie- of distributiesystemen en betrekking hebben op: 1°. het aanleggen, onderhouden en beheren van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen; 2°. het in opdracht van een derde aanleggen, onderhouden en ter beschikking stellen van installaties of onderdelen van installaties; 3°. het schakelen van installaties, niet zijnde productie- of opslaginstallaties; 4°. het aanleggen, onderhouden en ter beschikking stellen van meetinrichtingen en het leveren van meetdiensten; 5°. elektriciteits- of gasbeurzen; b. ten aanzien van waterstofgas, gas uit hernieuwbare bronnen, of andere gasvormige stoffen uit hernieuwbare bron dan gas, handelingen of activiteiten die betrekking hebben op: 1°. het aanleggen, onderhouden en beheren van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van transport van waterstofgas, gas uit hernieuwbare bronnen en andere gasvormige stoffen uit hernieuwbare bron dan gas, het transport daarvan via die infrastructuur; 2°. het in opdracht van een derde aanleggen, onderhouden en ter beschikking stellen van installaties of onderdelen van installaties; 3°. het aanleggen, onderhouden en ter beschikking stellen van meetinrichtingen en het leveren van meetdiensten voor waterstofgas of andere gasvormige stoffen uit hernieuwbare bron dan gas; 4° waterstofbeurzen; c. ten aanzien van warmte, koude, koolstofdioxide of stoom of condensaat, handelingen of activiteiten die betrekking hebben op: 1°. het aanleggen, onderhouden en beheren van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van transport van warmte, koude, koolstofdioxide of stoom of condensaat en het transport daarvan via die infrastructuur; 2°. het aanleggen, onderhouden en ter beschikking stellen van meetinrichtingen en het leveren van meetdiensten voor warmte, koude, koolstofdioxide of stoom of condensaat; d. Wet collectieve warmte artikel 1.1 van die wet artikel 2.13, vijfde lid, van de Wet collectieve warmte handelingen of activiteiten die bij of krachtens dezijn toegestaan aan een aangewezen warmtebedrijf als bedoeld inbij de uitoefening van zijn bedrijf of die voortvloeien uit werkzaamheden als bedoeld indie worden verricht voor het aangewezen warmtebedrijf, met uitzondering van de levering of handel van elektriciteit, gas of waterstofgas, alsmede de productie van elektriciteit, gas of waterstofgas, anders dan voor zelfgebruik of het veiligstellen van de leveringszekerheid, en onder de voorwaarde dat het aangewezen warmtebedrijf en het infrastructuurbedrijf dat werkzaamheden verricht voor het aangewezen warmtebedrijf geen nevenactiviteiten verrichten; e. artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, van de Drinkwaterwet artikel 1 van de Drinkwaterwet ten aanzien van drinkwater, handelingen en activiteiten die betrekking hebben op het aanleggen, onderhouden en beheren van drinkwaterinfrastructuur, met inachtneming vanen uitsluitend in overeenstemming met en onder verantwoordelijkheid van een drinkwaterbedrijf als bedoeld in; f. handelingen of activiteiten die betrekking hebben op het aanleggen, onderhouden en beheren van infrastructuur ten behoeve van telecommunicatie en het transport van data via die infrastructuur. 3 Een infrastructuurbedrijf dat deel uitmaakt van een infrastructuurgroep waarvan een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit deel uitmaakt, mag handelingen en activiteiten verrichten met betrekking tot: a. het aanleggen, onderhouden en beheren van interconnectorsystemen en het transport via die interconnectorsystemen; b. garanties van oorsprong. 4 Een infrastructuurbedrijf dat deel uitmaakt van een infrastructuurgroep waarvan een transmissiesysteembeheerder voor gas deel uitmaakt, mag handelingen en activiteiten verrichten met betrekking tot: a. het aanleggen, onderhouden en beheren van interconnectorsystemen en het transport via die interconnectorsystemen; b. het aanleggen, onderhouden, beheren en exploiteren van LNG- en gasopslagsystemen; c. garanties van oorsprong; d. het, in aanvulling op het tweede lid, onderdeel c, deelnemen aan het aanleggen, onderhouden, beheren en exploiteren van een geïntegreerde infrastructuur en faciliteiten voor transport en permanente opslag van koolstofdioxide dat door één juridische entiteit wordt aangestuurd; e. het aanleggen, onderhouden, beheren en exploiteren van waterstofopslagfaciliteiten, waterstofterminals en andere infrastructuur voor de invoer, uitvoer, doorvoer, omzetting of overslag van waterstofgas of waterstofdragers; f. 2 het, in aanvulling op het tweede lid, onderdeel c, aanleggen, onderhouden, beheren en exploiteren van een CO-terminal. 5 Een infrastructuurbedrijf dat deel uitmaakt van een infrastructuurgroep waarvan een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit deel uitmaakt, mag handelingen en activiteiten verrichten met betrekking tot het aanleggen en beheren van antenne-opstelpunten ten behoeve van ethercommunicatie. 6 Indien een infrastructuurbedrijf een productie-installatie voor elektriciteit, gas, waterstofgas, gas uit hernieuwbare bronnen of andere gasvormige stoffen uit hernieuwbare bronnen dan gas, of een elektriciteitsopslagfaciliteit ter beschikking stelt aan een derde als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, onder 2o, of het tweede lid, onderdeel b, onder 1ao, dan meldt hij dit aan de Autoriteit Consument en Markt en verstrekt daarbij de voor die terbeschikkingstelling geldende afspraken. 7 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de procedure voor de melding, bedoeld in het zesde lid, of de informatie die daarbij moet worden verstrekt. 2026 10 22-01-2026 10-12-2025 36576 2026 31 13-02-2026 11-02-2026 14-02-2026
Artikel 3.20 — Artikel 3.20 delegatiegrondslag andere handelingen of activiteiten infrastructuurbedrijf#
Artikel 3.20 delegatiegrondslag andere handelingen of activiteiten infrastructuurbedrijf 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere aan energie-infrastructuur gerelateerde handelingen of activiteiten worden toegestaan die een infrastructuurbedrijf voor een bij of krachtens deze maatregel vast te stellen periode van maximaal tien jaar kan verrichten, indien deze handelingen of activiteiten niet zijn gelegen op het gebied van productie, levering of handel van energiedragers. 2 Indien handelingen of activiteiten op grond van het eerste lid worden aangewezen, worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van die handelingen of activiteiten. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.21 — Artikel 3.21 aandelen infrastructuurbedrijf#
Artikel 3.21 aandelen infrastructuurbedrijf 1 artikel 3.19 artikel 3.20 Een infrastructuurbedrijf houdt, buiten de aandelen in een transmissie- of distributiesysteembeheerder, geen aandelen in een rechtspersoon die in Nederland andere activiteiten verricht dan de handelingen of activiteiten die op grond vanof krachtenszijn toegestaan. 2 artikel 3.19 artikel 3.20 Een infrastructuurbedrijf neemt, buiten de deelname in een transmissie- of distributiesysteembeheerder, niet deel aan een vennootschap die in Nederland andere activiteiten verricht dan de handelingen of activiteiten die op grond vanof krachtenszijn toegestaan. 3 artikel 1.1 van de Wet collectieve warmte Indien een infrastructuurbedrijf aandelen houdt in, of deelneemt aan een aangewezen warmtebedrijf als bedoeld in: a. bevatten de statuten van het warmtebedrijf de bepaling dat de leden van het bestuur en de meerderheid van de leden van de raad van commissarissen geen statutaire bestuurder zijn van de transmissie- of distributiesysteembeheerder binnen de infrastructuurgroep waar het infrastructuurbedrijf deel van uitmaakt; b. neemt het infrastructuurbedrijf bij zijn handelen als aandeelhouder of deelnemer een evenwichtige afweging tussen de belangen van het warmtebedrijf en van de infrastructuurgroep in acht; c. is in geval het warmtebedrijf zelf geen deel uitmaakt van de infrastructuurgroep, het bepaalde bij of krachtens artikel 3.22 van overeenkomstige toepassing; d. stelt de transmissie- of distributiesysteembeheerder binnen de infrastructuurgroep geen zekerheid ten behoeve van het warmtebedrijf, noch maakt het zich op andere wijze sterk of verbindt het zich hoofdelijk of anderszins naast of voor het warmtebedrijf. 4 artikel 2.13, vijfde lid, van de Wet collectieve warmte artikel 1.1 van de Wet collectieve warmte Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op een infrastructuurbedrijf dat werkzaamheden als bedoeld inverricht voor een aangewezen warmtebedrijf als bedoeld in. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het derde lid. 2026 10 22-01-2026 10-12-2025 36576 2026 31 13-02-2026 11-02-2026 14-02-2026
Artikel 3.22 — Artikel 3.22 bevoordeling eigen infrastructuurbedrijven#
Artikel 3.22 bevoordeling eigen infrastructuurbedrijven 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder bevoordeelt niet de infrastructuurbedrijven waarmee hij een infrastructuurgroep vormt boven andere ondernemingen en kent die bedrijven ook anderszins geen voordelen toe die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen handelingen worden aangemerkt als handelingen die voordelen genereren die verder gaan dan in het normale handelsverkeer gebruikelijk is. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.23 — Artikel 3.23 algemene bepaling transmissie- en distributiesysteembeheerder in verhouding tot Europees recht#
Artikel 3.23 algemene bepaling transmissie- en distributiesysteembeheerder in verhouding tot Europees recht 1 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel a verordening 2019/943 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens, of andere bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van elektriciteit aan transmissiesysteembeheerders voor elektriciteit zijn opgedragen. 2 Een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit stelt op zijn systeem beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit ter beschikking. 3 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel c verordening 715/2009 De transmissiesysteembeheerder voor gas die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens, of andere bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van gas, aan transmissiesysteembeheerders voor gas zijn opgedragen. 4 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel e verordening 2019/943 Een distributiesysteembeheerder voor elektriciteit die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens, of andere bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van elektriciteit aan distributiesysteembeheerders voor elektriciteit zijn opgedragen. 5 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel f verordening 715/2009 Een distributiesysteembeheerder voor gas die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens, of andere bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van gas aan distributiesysteembeheerders voor gas zijn opgedragen. 6 Bij ministeriële regeling kunnen ter uitvoering van bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van elektriciteit of gas, taken of verplichtingen aan een transmissie- of distributiesysteembeheerder worden opgedragen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.24 — Artikel 3.24 handelen en samenwerken transmissie- of distributiesysteembeheerder#
Artikel 3.24 handelen en samenwerken transmissie- of distributiesysteembeheerder 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder handelt bij de uitoefening van zijn wettelijke taken of verplichtingen redelijk, transparant en niet discriminerend. 2 Transmissie- en distributiesysteembeheerders werken bij de uitoefening van hun wettelijke taken of verplichtingen samen en verstrekken elkaar de gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van hun wettelijke taken of verplichtingen of die nodig zijn ter waarborging en stimulering van een effectieve deelname van marktdeelnemers op de gas- en elektriciteitsmarkt. 3 Een transmissiesysteembeheerder verstrekt buitenlandse transmissiesysteembeheerders de informatie die nodig is om de veiligheid, betrouwbaarheid en doelmatigheid, alsmede de samenhangende ontwikkeling en interoperabiliteit van de systemen te waarborgen. 4 Verordening 2019/943 Bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen houdt de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit rekening met de door de regionale coördinatiecentra, bedoeld in artikel 2, onderdeel 63, van, opgestelde aanbevelingen. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de samenwerking wordt vormgegeven en de informatie die partijen elkaar verstrekken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.25 — Artikel 3.25 beheren, onderhouden en ontwikkelen#
Artikel 3.25 beheren, onderhouden en ontwikkelen 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder waarborgt dat zijn systeem op de korte en lange termijn kan voldoen aan een redelijke vraag naar transport van elektriciteit of gas en beheert, onderhoudt en ontwikkelt het systeem, onder economische voorwaarden, op zodanige wijze dat de veiligheid, betrouwbaarheid en doelmatigheid van dat systeem is gewaarborgd, en met inachtneming van de belangen van het milieu, digitalisering, energie-efficiëntie, de transitie naar een duurzaam energiesysteem en de werking van de Europese interne markt. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit neemt bij de ontwikkeling van het systeem in overweging of de inkoop van congestiebeheers- of systeembeheersdiensten verzwaring van het systeem kan voorkomen. 3 Als een transmissie- of distributiesysteembeheerder op verzoek en ten behoeve van een partij, die niet handelt in de hoedanigheid van aangeslotene of netgebruiker, werkzaamheden uitvoert in het kader van het beheer, het onderhoud of de ontwikkeling van zijn systeem, kan hij de redelijke kosten daarvoor in rekening brengen bij de verzoeker. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de invulling van de taak, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, en de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het eerste tot en met derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.26 — Artikel 3.26 enkelvoudige storingsreserve transmissiesysteem elektriciteit#
Artikel 3.26 enkelvoudige storingsreserve transmissiesysteem elektriciteit 1 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit ontwerpt het transmissiesysteem voor elektriciteit zodanig en houdt het zodanig in werking dat het transport van elektriciteit ook verzekerd is als zich een uitvalsituatie voordoet, in vol bedrijf, en ten tijde van onderhoud, tenzij: a. het aansluitingen betreft; b. bij algemene maatregel van bestuur voor een bepaalde uitvalsituatie vrijstelling is verleend; c. voor een specifiek onderdeel van het systeem op aanvraag van de transmissiesysteembeheerder ontheffing is verleend door de Autoriteit Consument en Markt. Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de verlening, wijziging en intrekking van een ontheffing als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.27 — Artikel 3.27 verplaatsen en verkabelen delen elektriciteitssysteem#
Artikel 3.27 verplaatsen en verkabelen delen elektriciteitssysteem 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit verplaatst op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten bovengrondse delen van systemen die bestemd zijn voor transport van elektriciteit op een spanningsniveau van 50 kilovolt of hoger of vervangt deze door ondergrondse delen indien deze door Onze Minister zijn aangewezen. 2 Een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid wordt bekend gemaakt in de Staatscourant. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit onderzoekt op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten de technische haalbaarheid, de ruimtelijke aspecten en de investeringskosten van het verplaatsen of vervangen van een deel van het systeem dat op grond van het eerste lid is aangewezen. 4 Onze Minister kan op aanvraag van een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit ontheffing verlenen van de verplichting op grond van het eerste lid voor een in die ontheffing aangewezen deel van het systeem, indien het vervangen of verplaatsen van dat deel technisch of ruimtelijk niet haalbaar is of strijdig is met het belang van leveringszekerheid. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. de kenmerken van de systeemonderdelen die kunnen worden aangewezen; b. de voorwaarden voor vervanging of verplaatsing; c. de procedure voor de aanwijzing; d. het deel van de kosten die een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit maakt voor de uitvoering van een verzoek als bedoeld in het eerste en derde lid dat wordt betaald door de verzoeker en de bestanddelen waaruit die kosten bestaan; e. de volgorde waarin het verplaatsen of vervangen plaatsvindt; f. de procedure voor de aanvraag van een ontheffing als bedoeld in het vierde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.28 — Artikel 3.28 inkopen niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten elektriciteit#
Artikel 3.28 inkopen niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten elektriciteit 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit koopt niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten in en doet dit volgens transparante, niet-discriminerende en marktgebaseerde procedures die deelname van alle in aanmerking komende marktdeelnemers faciliteren. 2 Het eerste lid is niet van toepassing op niet-frequentiegerelateerde ondersteunende diensten die een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit zelf uitvoert met gebruikmaking van een volledig geïntegreerde netwerkcomponent. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan op verzoek van een distributie- of transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit ten aanzien van een specifieke niet-frequentie-ondersteunende dienst een ontheffing verlenen van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, als de Autoriteit Consument en Markt van oordeel is dat de marktgebaseerde inkoop van die dienst economisch niet efficiënt is. 4 De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een ontheffing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.29 — Artikel 3.29 inkopen congestiebeheers- of systeembeheersdiensten elektriciteit#
Artikel 3.29 inkopen congestiebeheers- of systeembeheersdiensten elektriciteit 1 verordening 2019/943 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit koopt congestiebeheers- of systeembeheersdiensten, niet zijnde redispatching als bedoeld in artikel 2, onderdeel 26, van, aan volgens transparante, niet-discriminerende en marktgebaseerde procedures die deelname van alle in aanmerking komende marktdeelnemers faciliteren. 2 Ten aanzien van de aankoop van congestiebeheers- of systeembeheersdiensten kan de Autoriteit Consument en Markt een distributie- of transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op verzoek een ontheffing verlenen van het eerste lid, als de Autoriteit Consument en Markt van oordeel is dat de marktgebaseerde inkoop economisch niet efficiënt is of dat een dergelijk aankoop zou leiden tot ernstige marktverstoringen of meer congestie. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een ontheffing als bedoeld in het tweede lid. 4 artikel 3.119 Met het oog op de uitvoering van het eerste lid, worden in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, ten minste opgenomen de specificaties voor het inkopen van congestiebeheers- of systeembeheersdiensten en, indien van toepassing, gestandaardiseerde marktproducten voor deze diensten. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.30 — Artikel 3.30 minimaliseren systeemverliezen#
Artikel 3.30 minimaliseren systeemverliezen 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder treft doelmatige maatregelen om systeemverliezen te minimaliseren. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder koopt elektriciteit of gas ter dekking van zijn systeemverliezen in volgens transparante, niet-discriminerende en marktgebaseerde procedures die deelname van alle in aanmerking komende marktdeelnemers faciliteren. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder is verantwoordelijk voor de onbalans die het gevolg is van systeemverliezen binnen zijn systeem. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.31 — Artikel 3.31 elektriciteitsopslagfaciliteit#
Artikel 3.31 elektriciteitsopslagfaciliteit Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit bezit, ontwikkelt, beheert of exploiteert geen elektriciteitsopslagfaciliteit, tenzij: a. artikel 3.32 het gaat om een deel van een transmissie- of distributiesysteem dat de Autoriteit Consument en Markt op verzoek van een transmissie- of distributiesysteembeheerder krachtensheeft erkend als volledig geïntegreerde netwerkcomponent; of b. artikel 3.33 de Autoriteit Consument en Markt op verzoek van een transmissie- of distributiesysteembeheerder krachtensten aanzien van een specifieke elektriciteitsopslagfaciliteit een ontheffing heeft verleend. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.32 — Artikel 3.32 elektriciteitsopslagfaciliteit als volledig geïntegreerde netwerkcomponent#
Artikel 3.32 elektriciteitsopslagfaciliteit als volledig geïntegreerde netwerkcomponent 1 De Autoriteit Consument en Markt erkent op aanvraag van een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit een elektriciteitsopslagfaciliteit als volledig geïntegreerde netwerkcomponent als het voldoet aan de volgende voorwaarden: a. het voldoet aan de eigenschappen van een volledig geïntegreerde netwerkcomponent; en b. geschikt is voor het opslaan van elektriciteit; 2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de aanvraag en de informatie die daarbij moet worden verstrekt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.33 — Artikel 3.33 ontheffing elektriciteitsopslagfaciliteit#
Artikel 3.33 ontheffing elektriciteitsopslagfaciliteit 1 De Autoriteit Consument en Markt kan op verzoek van een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit ten aanzien van een specifieke elektriciteitsopslagfaciliteit een ontheffing verlenen als is voldaan aan de volgende voorwaarden: a. artikel 3.25 de transmissie- of distributiesysteembeheerder heeft de faciliteit nodig voor de nakoming van de taak, bedoeld in; b. de transmissie- of distributiesysteembeheerder gebruikt de faciliteit niet om elektriciteit of een andere energiedrager te kopen of te verkopen; en c. de transmissie- of distributiesysteembeheerder heeft aangetoond dat marktpartijen de faciliteit niet tegen redelijke kosten of binnen een redelijke termijn kunnen bieden. 2 De Autoriteit Consument en Markt: a. kan een leidraad opstellen voor een billijke aanbestedingsprocedure voor een elektriciteitsopslagfaciliteit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c; b. kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een ontheffing als bedoeld in het eerste lid; c. doet mededeling aan de Europese Commissie en aan Acer van een ontheffing als bedoeld in het eerste lid die is verleend aan een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit; d. houdt ten minste eens in de vijf jaar een openbare raadpleging over elektriciteitsopslagfaciliteiten waarvoor een ontheffing is verleend, om de potentiële beschikbaarheid en belangstelling om in dergelijke faciliteiten te investeren, te evalueren; en e. trekt een ontheffing in als uit de evaluatie, bedoeld in onderdeel c, is gebleken dat marktpartijen in staat zijn dergelijke elektriciteitsopslagfaciliteiten op een kosteneffectieve manier te bezitten, te ontwikkelen, te exploiteren of te beheren. 3 artikel 3.32 In een besluit tot intrekking van een ontheffing als bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, wordt aan de transmissie- of distributiesysteembeheerder een termijn van ten hoogste achttien maanden gesteld om het gebruik van de elektriciteitsopslagfaciliteit te beëindigen, tenzij deze krachtensis erkend als volledig geïntegreerde netwerkcomponent. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.34 — Artikel 3.34 investeringsplan#
Artikel 3.34 investeringsplan 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder stelt periodiek een investeringsplan op. 2 In een investeringsplan is ten minste opgenomen: a. artikel 3.25, eerste lid een beschrijving en onderbouwing van de noodzakelijke uitbreidingsinvesteringen en vervangingsinvesteringen gelet op; b. artikel 3.25, tweede lid een beschrijving en onderbouwing van de congestiebeheers- of systeembeheersdiensten die de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit zal inkopen om verzwaring van het systeem te voorkomen als bedoeld in; en c. een beschrijving en onderbouwing van de uitvoering van de investeringen, bedoeld in onderdeel a, waaronder de volgorde van uitvoering van de noodzakelijke uitbreidingsinvesteringen en factoren die vertraging in de uitvoering van een investering kunnen veroorzaken, en de inkoop van diensten, bedoeld in onderdeel b, voor de termijn waarvoor het investeringsplan geldt. 3 Bij de beschrijving en onderbouwing van de uitbreidingsinvesteringen en vervangingsinvesteringen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, zijn ten minste opgenomen de investeringen: a. afdeling 5.2 de Omgevingswet waarvoor een projectbesluit als bedoeld inis vastgesteld; b. afdeling 3.2 de Omgevingswet voor de ontsluiting van windparken, die zijn opgenomen in een programma als bedoeld in; c. artikel 3.83 ter uitvoering van het ontwikkelkader, bedoeld in, en de daarvoor benodigde aanleg of uitbreiding van systeemkoppelingen tussen het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee en het transmissiesysteem voor elektriciteit; d. verordening 2018/1999 die zijn opgenomen in een meerjarenprogramma infrastructuur energie en klimaat gericht op de energie- en klimaatdoelen uit het nationale energie- en klimaatplan, bedoeld in, en e. artikel 3.38, derde lid 3.40, vierde lid artikel 3.46, tweede lid 3.47, tweede lid die nodig zijn om de aanbiedingen te doen als bedoeld in,,, en. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.35 — Artikel 3.35 onderzoek en toets investeringsplan#
Artikel 3.35 onderzoek en toets investeringsplan 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder legt een ontwerpinvesteringsplan voor aan eenieder ter consultatie en aan Onze Minister ten behoeve van het onderzoek bedoeld in het tweede lid. 2 Onze Minister onderzoekt of het ontwerpinvesteringsplan van een transmissie- of distributiesysteembeheerder voldoende rekenschap geeft van: a. artikel 3.36, eerste lid, onderdeel f de krachtens, vastgestelde regels; b. verordening 2018/1999 indien het een investeringsplan van een transmissiesysteembeheerder betreft, het ingevolgeopgestelde nationale energie- en klimaatplan; en c. verordening 2019/943 indien het een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit betreft, het ingevolge artikel 15 vanvastgestelde actieplan. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verwerkt de consultatiereacties en de bevindingen van Onze Minister in het ontwerpinvesteringsplan en legt het ontwerpinvesteringsplan vervolgens ter toetsing voor aan de Autoriteit Consument en Markt. 4 artikelen 3.34 tot en met 3.36 artikel 3.25 De Autoriteit Consument en Markt toetst of een ontwerpinvesteringsplan voldoet aan de bij of krachtens degestelde eisen, waaronder of geen sprake is van overinvestering of onderinvestering in het licht van de taak, bedoeld inen of de transmissie- of distributiesysteembeheerder in redelijkheid tot het ontwerpinvesteringsplan heeft kunnen komen. De Autoriteit Consument en Markt betrekt hierbij tevens de bevindingen van Onze Minister. 5 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder stelt het investeringsplan vast na ontvangst van de toetsingsresultaten van de Autoriteit Consument en Markt en verantwoordt daarbij hoe deze toetsingsresultaten zijn verwerkt. 6 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voert de in het investeringsplan opgenomen investeringen en de inkoop van congestiebeheers- of systeembeheersdiensten uit conform het investeringsplan. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.36 — Artikel 3.36 nadere regels investeringsplan#
Artikel 3.36 nadere regels investeringsplan 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over: a. de termijn waarvoor het investeringsplan geldt; b. de nadere inhoud en het aggregatieniveau van een investeringsplan; c. de procedure waarlangs een investeringsplan tot stand komt; d. de wijze waarop de noodzaak van investeringen wordt beschreven en onderbouwd; e. de wijze waarop de uitvoering van de investeringen wordt beschreven en onderbouwd; f. de wijze waarop de volgorde van de uitvoering van de noodzakelijke uitbreidingsinvesteringen wordt bepaald, daarbij rekening houdend met het maatschappelijk belang van de investeringen; g. het tijdstip en de frequentie waarmee een investeringsplan dan wel onderdelen daarvan, wordt opgesteld dan wel aangepast; h. de wijze waarop en bij wie een ontwerpinvesteringsplan wordt geconsulteerd; i. de wijze waarop bekendheid wordt gegeven aan een investeringsplan; j. de procedure waarlangs en de wijze waarop het ontwerpinvesteringsplan door de Autoriteit Consument en Markt wordt getoetst. 2 De regels, bedoeld in het eerste lid, kunnen in ieder geval verschillen voor verschillende systemen, verschillende delen van systemen met een verschillend spannings- of drukniveau en verschillende systeembeheerders. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.37 — Artikel 3.37 gebiedsindeling transmissie- en distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.37 gebiedsindeling transmissie- en distributiesysteembeheerders 1 artikel 3.38, eerste lid 3.40, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt stelt, met inachtneming van een voorstel van de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor elektriciteit respectievelijk gas, voor ieder van deze systeembeheerders een gebied vast waarbinnen de betreffende systeembeheerder de taak, bedoeld in, respectievelijk, verricht. De Autoriteit Consument en Markt kan daarbij tevens vaststellen in welke omstandigheden en onder welke voorwaarden een distributiesysteembeheerder deze taak mag verrichten in een aangrenzend gebied. 2 De Autoriteit Consument en Markt publiceert een besluit als bedoeld in het eerste lid op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.38 — Artikel 3.38 aansluiten elektriciteit#
Artikel 3.38 aansluiten elektriciteit 1 artikel 3.37, eerste lid Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit doet in het voor hem krachtens, vastgestelde gebied op verzoek een aanbod tot: a. aanleg van een aansluiting op zijn systeem op een voor die aansluiting geschikt punt met een voor die aansluiting geschikt spanningsniveau; of b. wijziging van een aansluiting op zijn systeem. 2 De transmissie- of distributiesysteembeheerder doet een aanbod als bedoeld in het eerste lid binnen een redelijke termijn en realiseert een aansluiting binnen een redelijke termijn na aanvaarding van het aanbod. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit kan het doen van een aanbod als bedoeld in het eerste lid, weigeren indien en voor zo lang er voor de verzochte aansluiting onvoldoende transportcapaciteit beschikbaar is op zijn systeem. De transmissie- of distributiesysteembeheerder neemt passende maatregelen, waaronder de benodigde uitbreidingsinvesteringen, om zo spoedig mogelijk alsnog een aanbod te doen. 4 Het eerste lid is niet van toepassing in bij algemene maatregel van bestuur aangewezen situaties waarin een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit niet op economische voorwaarden kan worden beheerd, ontwikkeld en onderhouden. 5 artikel 3.119 Met het oog op de uitvoering van het derde lid wordt in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, in ieder geval opgenomen: a. de wijze waarop een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit bepaalt en onderbouwt dat voor de verzochte aansluiting onvoldoende transportcapaciteit beschikbaar is op zijn systeem en de informatie die hij daarover aan de verzoeker verschaft; b. de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder aan de verzoeker verschaft over de maatregelen die hij neemt om de transportcapaciteit op zijn systeem uit te breiden om een aanbod op het verzoek te kunnen doen; c. de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder aan de verzoeker verschaft over redelijkerwijs beschikbare alternatieven voor de verzochte aansluiting. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.39 — Artikel 3.39 aanleggen aansluitleidingen elektriciteit door verzoeker#
Artikel 3.39 aanleggen aansluitleidingen elektriciteit door verzoeker 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit doet op verzoek en met het oog op het realiseren van een aansluiting op zijn systeem een aanbod tot koppeling met zijn systeem van een door de verzoeker aangelegde leiding en daarmee verbonden hulpmiddelen, mits de leidingen en hulpmiddelen voldoen aan de voorafgaand aan de aanleg door de transmissie- of distributiesysteembeheerder gestelde technische vereisten waardoor de betrouwbaarheid van het door de transmissie- of distributiesystembeheerder beheerde systeem gewaarborgd blijft en: a. de te realiseren aansluiting een minimale aansluitwaarde heeft van 2,3 MVA; of b. de verzoeker een organisatorische eenheid is, die zich in hoofdzaak bezig houdt met openbaar vervoer per trein, tram, of trolley, met mijnbouwkundige activiteiten, met het beheer en de exploitatie van telecommunicatie- en kabelnetwerken, met het beheer van openbare verlichting of van verkeersregelinstallaties, dan wel met riolering, bemaling, waterzuivering of transport en distributie van water waarbij deze eenheid ingevolge de technische aard van de bedrijfsuitoefening beschikt over verscheidene aansluitingen. 2 artikel 20, tweede lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek Met de koppeling, bedoeld in het eerste lid, worden de door de verzoeker aangelegde leiding en daarmee verbonden hulpmiddelen onderdeel van het transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit en wordt de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit beschouwd als de bevoegde aanlegger hiervan als bedoeld in. 3 Artikel 3.38, derde lid , is van overeenkomstige toepassing op het doen van een aanbod, bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat voor «aansluiting» wordt gelezen «met koppeling te realiseren aansluiting». 4 artikel 3.119 Met het oog op de uitvoering van het eerste lid worden in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, in ieder geval opgenomen de voorwaarden waaraan een aangelegde leiding en daarmee verbonden hulpmiddelen als bedoeld in het eerste lid moeten voldoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.40 — Artikel 3.40 aansluiten gas#
Artikel 3.40 aansluiten gas 1 artikel 3.37, eerste lid Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas doet in het voor hem krachtens, vastgestelde gebied op verzoek een aanbod tot: a. aanleg van een aansluiting op zijn systeem op een voor die aansluiting geschikt punt met een voor die aansluiting geschikt drukniveau; of b. wijziging van een aansluiting op zijn systeem, anders dan het omschakelen van die aansluiting. 2 De transmissie- of distributiesysteembeheerder doet een aanbod als bedoeld in het eerste lid, binnen een redelijke termijn en realiseert de aansluiting binnen een redelijke termijn na aanvaarding van het aanbod. 3 Het eerste lid is niet van toepassing indien het verzoek ziet op: a. artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht de aanleg van een kleine aansluiting voor het onttrekken van gas aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas ten behoeve van een te bouwen bouwwerk waarvan niet reeds op 1 juli 2018 een vergunning als bedoeld inwas afgegeven of een bouwwerk dat na 1 januari 2015 zonder aansluiting op het distributiesysteem voor gas is gerealiseerd, tenzij een college van burgemeester en wethouders het gebied waarin dit bouwwerk wordt of is gebouwd heeft aangewezen als gebied waar aansluiting op het distributiesysteem voor gas strikt noodzakelijk is om zwaarwegende redenen van algemeen belang; b. artikel 2.62, eerste lid een aansluiting voor het onttrekken van laagcalorisch gas aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas ten behoeve van een installatie die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen heeft met en in de onmiddellijke nabijheid is gelegen van een installatie die als gevolg van het verbod in, niet meer is aangesloten op dat deel van zijn systeem waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd; c. de aanleg van een aansluiting voor het onttrekken van gas aan het transmissie- of distributiesysteem in bij algemene maatregel van bestuur aangewezen situaties waarin een transmissie- of distributiesysteem voor gas niet op economische voorwaarden kan worden ontwikkeld, beheerd en onderhouden. 4 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas kan het doen van een aanbod als bedoeld in het eerste lid weigeren indien er voor de verzochte aansluiting op grond van objectieve en technische criteria aantoonbaar onvoldoende capaciteit beschikbaar is, tenzij de verzoeker een producent is van gas uit hernieuwbare bronnen en het op grond van bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen criteria economisch verantwoord is om de capaciteit uit te breiden voor de verzochte aansluiting. 5 artikel 3.119 Met het oog op de uitvoering van het vierde lid, wordt in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, in ieder geval opgenomen: a. de wijze waarop een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas bepaalt en onderbouwt dat voor de verzochte aansluiting onvoldoende capaciteit beschikbaar is en de informatie die hij daarover aan de verzoeker verschaft; b. de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas aan de verzoeker verschaft over de maatregelen die hij neemt om de capaciteit uit te breiden om een aanbod op het verzoek te kunnen doen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.41 — Artikel 3.41 in werking stellen, in gebruik geven, beheren, onderhouden, afsluiten en verwijderen van aansluitingen#
Artikel 3.41 in werking stellen, in gebruik geven, beheren, onderhouden, afsluiten en verwijderen van aansluitingen 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder doet op verzoek een aanbod om een aansluiting in werking te stellen, in gebruik te geven, te beheren en te onderhouden. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de gevallen waarin een transmissie- of distributiesysteembeheerder: a. is gehouden een aansluiting buiten werking te stellen vanuit het belang van het goed functioneren van het stelsel van leveren, balanceren en meten; en b. is gehouden een aansluiting te verwijderen na beëindiging van de aansluitovereenkomst. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de procedure die een transmissie- of distributiesysteembeheerder doorloopt voordat hij overgaat tot buitenwerkingstellen of verwijderen van een aansluiting; b. de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder voorafgaand aan een buitenwerkingstelling of verwijdering aan een aangeslotene verstrekt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.42 — Artikel 3.42 gebieden met beperking aansluiting gas#
Artikel 3.42 gebieden met beperking aansluiting gas 1 artikel 3.40 Een college van burgemeester en wethouders kan gebieden aanwijzen waar de taak voor een distributiesysteembeheerder voor gas als bedoeld inniet geldt voor kleine aansluitingen voor het onttrekken van gas indien zich in dat gebied een andere energie-infrastructuur bevindt die kan voorzien in de verwachte warmtebehoefte. 2 Een college van burgemeester en wethouders meldt een besluit als bedoeld in het eerste lid, aan de Autoriteit Consument en Markt. 3 artikel 3.40, derde lid, onderdeel a Een college van burgemeester en wethouders meldt een besluit als bedoeld in, aan de Autoriteit Consument en Markt. 4 De Autoriteit Consument en Markt houdt een register bij van: a. gebieden waarvoor een besluit als bedoeld in het eerste lid geldt; en b. artikel 3.40, derde lid, onderdeel a gebieden waarvoor een besluit als bedoeld in, geldt. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de melding, bedoeld in het tweede en derde lid, en de in het register, bedoeld in het vierde lid, te vermelden gegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.43 — Artikel 3.43 overdrachtspunten#
Artikel 3.43 overdrachtspunten 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder stelt voor een aansluiting op zijn systeem de locatie van het overdrachtspunt vast, met inachtneming van de redelijke belangen van de aangeslotene. 2 Indien een aansluiting uit meerdere leidingen bestaat stelt de transmissie- of distributiesysteembeheerder per leiding de locatie van het overdrachtspunt vast. 3 De betreffende transmissie- of distributiesysteembeheerders stellen gezamenlijk het overdrachtspunt van een systeemkoppeling vast. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.44 — Artikel 3.44 allocatiepunten#
Artikel 3.44 allocatiepunten 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder kent ten behoeve van een aansluiting op zijn systeem een primair allocatiepunt toe. 2 artikel 2.46, tweede lid, onderdeel a Indien krachtens, is bepaald dat een plaats wordt aangemerkt als een additioneel allocatiepunt, kent een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit aan die plaats een additioneel allocatiepunt toe. 3 Indien een aangeslotene op een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit meer dan één marktdeelnemer contracteert inzake verbruik of invoeding, kent een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit op verzoek van die aangeslotene een of meerdere additionele allocatiepunten toe. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.45 — Artikel 3.45 toegang meetverantwoordelijke partij#
Artikel 3.45 toegang meetverantwoordelijke partij 1 artikel 2.48 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit geeft een meetverantwoordelijke partij toegang tot zijn systeem, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van het bepaalde bij of krachtens. 2 Bij ministeriële regeling kan worden bepaald tot welke delen van het systeem een meetverantwoordelijke partij toegang moet hebben en kunnen regels worden gesteld aan die toegang. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.46 — Artikel 3.46 transporteren elektriciteit#
Artikel 3.46 transporteren elektriciteit 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit doet op verzoek een aanbod tot het verzorgen van transport van elektriciteit over zijn systeem. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit kan het doen van een aanbod weigeren, indien en voor zo lang er voor het verzochte transport op grond van objectieve en technische criteria aantoonbaar onvoldoende transportcapaciteit beschikbaar is op zijn systeem. De transmissie- of distributiesysteembeheerder neemt passende maatregelen om zo spoedig mogelijk een aanbod te doen. 3 artikel 3.119 In de methoden of voorwaarden, bedoeld in, wordt in ieder geval opgenomen: a. met het oog op de uitvoering van het eerste lid, de voorwaarden voor een aanbod van een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit tot het verzorgen van transport van elektriciteit over zijn systeem aan meerdere aangeslotenen gezamenlijk; b. met het oog op de uitvoering van het tweede lid, de wijze waarop een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit bepaalt en onderbouwt dat onvoldoende transportcapaciteit beschikbaar is op zijn systeem en de informatie die hij daarover aan de verzoeker verschaft. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.47 — Artikel 3.47 transporteren gas#
Artikel 3.47 transporteren gas 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas doet op verzoek een aanbod tot het verzorgen van transport van gas over zijn systeem. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas kan het doen van een aanbod als bedoeld in het eerste lid weigeren indien er voor het verzochte transport op grond van objectieve en technische criteria aantoonbaar onvoldoende capaciteit beschikbaar is op zijn systeem, tenzij het verzoek invoeding van gas uit hernieuwbare bronnen betreft en het op grond van bij algemene maatregel van bestuur aangewezen criteria economisch verantwoord is om de transportcapaciteit uit te breiden voor het verzochte transport. 3 artikel 3.119 Met het oog op de uitvoering van het tweede lid, wordt in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, in ieder geval opgenomen: a. de wijze waarop een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas bepaalt en onderbouwt dat voor het verzochte transport onvoldoende capaciteit beschikbaar is op zijn systeem en de informatie die hij daarover aan de verzoeker verschaft; b. de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas aan de verzoeker verschaft over de maatregelen die hij neemt om de capaciteit uit te breiden om een aanbod op het verzoek te kunnen doen. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.48 — Artikel 3.48 invoed- en afleverspecificaties gas#
Artikel 3.48 invoed- en afleverspecificaties gas 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas: a. accepteert op zijn systeem gas dat voldoet aan de invoedspecificaties volgens bij ministeriële regeling gestelde regels; b. weert gas op zijn systeem dat niet voldoet aan deze specificaties; en c. draagt er zorg voor dat gas dat op afleverpunten van het systeem wordt afgenomen voldoet aan de afleverspecificaties die Onze Minister bij ministeriële regeling vaststelt. 2 De transmissiesysteembeheerder voor gas mengt, bewerkt of behandelt gas dat op zijn systeem wordt ingevoed zo nodig teneinde te voldoen aan het eerste lid, aanhef en onderdeel c. 3 In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel a, kan een transmissie- of distributiesysteembeheerder de invoeding van gas dat voldoet aan de krachtens dat artikellid gestelde invoedspecificaties weigeren, indien die invoeding ertoe zou leiden dat de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas niet in redelijkheid kan voldoen aan het eerste lid, aanhef en onderdeel c. 4 In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel b, accepteert een transmissiesysteembeheerder voor gas op verzoek invoeding van gas dat niet voldoet aan de krachtens het eerste lid, aanhef en onderdeel a, gestelde invoedspecificaties, indien hij dit redelijkerwijs en met gebruikmaking van het systeem kan mengen en kan voldoen aan het eerste lid, aanhef en onderdeel c. 5 Een transmissiesysteembeheerder voor gas accepteert op verzoek invoeding van waterstofgas of andere gasvormige stoffen dan gas, indien hij dit redelijkerwijs en met gebruikmaking van het systeem kan mengen en kan voldoen aan het eerste lid, aanhef en onderdeel c. 6 De invoedspecificaties en de afleverspecificaties, bedoeld in het eerste lid kunnen in ieder geval verschillen voor invoed- en afleverpunten en naar energie-inhoud, drukniveau en regio. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.49 — Artikel 3.49 balanceren elektriciteit en afhandelen vraagrespons#
Artikel 3.49 balanceren elektriciteit en afhandelen vraagrespons 1 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit: a. treft voorzieningen voor de balancering van het door hem beheerde systeem en alle in Nederland aanwezige en onderling verbonden systemen voor elektriciteit; en b. faciliteert balanceringsverantwoordelijken voor elektriciteit om hun verantwoordelijkheid ten aanzien van de balans van het systeem uit te voeren. 2 Een distributiesysteembeheerder voor elektriciteit faciliteert de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit bij de administratieve afhandeling van de balancering, bedoeld in het eerste lid. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de handelingen van een distributiesysteembeheerder voor elektriciteit ter uitvoering van het tweede lid. 4 Als een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit een dienst in de vorm van een verandering in de elektriciteitsbelasting koopt bij een marktdeelnemer die vraagresponsdiensten levert: a. past de transmissiesysteembeheerder het elektriciteitsprogramma aan van de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit die actief is op het betreffende allocatiepunt waarvan de flexibiliteit afkomstig is; en b. verrekent de transmissiesysteembeheerder de in het elektriciteitsprogramma aangepaste hoeveelheid elektriciteit tussen de marktdeelnemer die vraagresponsdiensten levert en de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit die actief is op het betreffende allocatiepunt waarvan de flexibiliteit afkomstig is conform een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen berekeningsmethode. 5 Bij de uitvoering van het eerste en tweede lid gebruikt een systeembeheerder voor elektriciteit van aangeslotenen met een kleine aansluiting ten hoogste meetgegevens per kwartier en aggregeert bij eerste gelegenheid de meetgegevens van de aangeslotenen op zijn systeem. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.50 — Artikel 3.50 balanceren gas#
Artikel 3.50 balanceren gas 1 De transmissiesysteembeheerder voor gas: a. treft voorzieningen voor de balancering van het door hem beheerde systeem; en b. faciliteert balanceringsverantwoordelijken voor gas om hun verantwoordelijkheid ten aanzien van de balans van het systeem uit te voeren. 2 Een distributiesysteembeheerder voor gas faciliteert de transmissiesysteembeheerder voor gas bij de administratieve afhandeling van de balancering, bedoeld in het eerste lid. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de handelingen van een distributiesysteembeheerder voor gas ter uitvoering van het tweede lid. 4 Een transmissiesysteembeheerder voor gas verschaft een balanceringsverantwoordelijke voor gas actuele en zo correct en volledig mogelijke informatie over: a. de mate waarin zijn balanceringsportfolio in evenwicht is; en b. de mate waarin het landelijk transportsysteem in evenwicht is. 5 Bij de uitvoering van het eerste en tweede lid aggregeert een systeembeheerder voor gas bij eerste gelegenheid de meetgegevens van de aangeslotenen op zijn systeem. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.51 — Artikel 3.51 ter beschikking stellen meetinrichting distributiesysteembeheerder#
Artikel 3.51 ter beschikking stellen meetinrichting distributiesysteembeheerder 1 artikel 2.46, eerste lid Een distributiesysteembeheerder stelt aan een aangeslotene met een kleine aansluiting voor elektriciteit of gas, die op grond van, over een meetinrichting moet beschikken, een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit beschikbaar, installeert deze op of nabij het overdrachtspunt en doet een aanbod om de meetinrichting in gebruik te geven en te beheren. 2 Indien een distributiesysteembeheerder redelijkerwijs niet in staat is een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit bij een aangeslotene met een kleine aansluiting te plaatsen en de oorzaak daarvan niet in de macht van de aangeslotene ligt, stelt de distributiesysteembeheerder een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit ter beschikking, installeert deze op of nabij het overdrachtspunt en doet een aanbod om de meetinrichting in gebruik te geven en te beheren. 3 artikel 2.46, tweede lid, onderdeel b Een distributiesysteembeheerder die krachtens, een meetinrichting installeert en beheert, stelt een meetinrichting beschikbaar, installeert deze op of nabij de andere plaats en doet een aanbod om de meetinrichting in gebruik te geven en te beheren. 4 Een distributiesysteembeheerder doet aan een aangeslotene met een kleine aansluiting voor elektriciteit of gas op diens verzoek een aanbod om binnen vier maanden een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit ter beschikking te stellen: a. in het geval het eerder technisch onmogelijk was een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit te plaatsen; of b. ter vervanging van een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.52 — Artikel 3.52 delegatiegrondslag meetinrichtingen#
Artikel 3.52 delegatiegrondslag meetinrichtingen Bij ministeriële regeling kunnen inzake aangeslotenen met een kleine aansluiting regels worden gesteld over: a. de installatie en het beheer van meetinrichtingen; b. de administratie in verband met het vervangen, installeren of verwijderen van meetinrichtingen; c. de informatieverstrekking door een distributiesysteembeheerder over het gebruik en de mogelijkheden van een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.53 — Artikel 3.53 uitschakelen communicatiefunctionaliteit en weigeren meetinrichting#
Artikel 3.53 uitschakelen communicatiefunctionaliteit en weigeren meetinrichting 1 Een distributiesysteembeheerder schakelt op verzoek van een aangeslotene met een kleine aansluiting de communicatiefunctionaliteit administratief aan of uit. 2 artikel 3.51, eerste lid Indien een distributiesysteembeheerder op grond van, een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit ter beschikking stelt aan een aangesloten met een kleine aansluiting, kan de aangeslotene deze weigeren. In dat geval stelt de distributiesysteembeheerder een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit ter beschikking, installeert deze op of nabij het overdrachtspunt en doet een aanbod om de meetinrichting in gebruik te geven en te beheren. 3 artikel 2.46, derde lid Een distributiesysteembeheerder zendt Onze Minister de persoonsgegevens van een aangeslotene met een kleine aansluiting indien hij deze aangeslotene een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen ter beschikking heeft gesteld maar dit niet heeft geleid tot installatie van die meetinrichting. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.54 — Artikel 3.54 meetinrichtingen transmissiesysteem voor gas#
Artikel 3.54 meetinrichtingen transmissiesysteem voor gas 1 De transmissiesysteembeheerder voor gas stelt aan een aangeslotene op zijn systeem voor gas nabij het overdrachtspunt een meetinrichting beschikbaar, installeert deze en doet een aanbod om de meetinrichting in gebruik te geven en te beheren indien de aangeslotene: a. uitsluitend gas afneemt; b. een beheerder van een gesloten systeem voor gas is. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de installatie en het beheer van meetinrichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.55 — Artikel 3.55 meetinrichtingen en eisen systeemkoppelingen#
Artikel 3.55 meetinrichtingen en eisen systeemkoppelingen 1 Een systeembeheerder beschikt op of nabij het overdrachtspunt van een systeemkoppeling over een meetinrichting die voldoet aan de krachtens het tweede lid gestelde eisen. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de eisen en functionaliteiten waaraan een meetinrichting of een onderdeel van een meetinrichting, bedoeld in het eerste lid, ten minste moet voldoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.56 — Artikel 3.56 meetverantwoordelijke partij systeemkoppelingen#
Artikel 3.56 meetverantwoordelijke partij systeemkoppelingen 1 artikel 3.55, eerste lid Een systeembeheerder draagt er zorg voor dat op zijn systeemkoppeling een meetverantwoordelijke partij actief is die de meetinrichting als bedoeld in, installeert en beheert en wijst gezamenlijk met de bij een systeemkoppeling betrokken andere systeembeheerder een meetverantwoordelijke partij aan. 2 Het eerste lid is niet van toepassing op een systeemkoppeling tussen het transmissiesysteem voor gas en een distributiesysteem voor gas. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de installatie en het beheer van meetinrichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.57 — Artikel 3.57 verzamelen meetgegevens distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.57 verzamelen meetgegevens distributiesysteembeheerders 1 artikel 3.51 Een distributiesysteembeheerder verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast van aangeslotenen met een kleine aansluiting voor elektriciteit of gas, die beschikken over een door een distributiesysteembeheerder op grond vangeïnstalleerde meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit aan staat, indien dit noodzakelijk is voor: a. hoofdstuk 2 het uitvoeren van de verplichtingen van een marktdeelnemer of balanceringsverantwoordelijke op grond van; b. hoofdstuk 3 het uitvoeren van taken of verplichtingen bij of krachtens. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. welke meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; b. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld, waarbij: 1°. de intervalfrequentie van verbruiks- invoedgegevens niet hoger is dan een kwartier; en 2°. verbruiks- en invoedgegevens ten hoogste één maal per dag worden verzameld; c. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; d. nauwkeurigheidseisen bij het verzamelen van meetgegevens; e. methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas en de energie-inhoud van het gas; f. methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.58 — Artikel 3.58 verzamelen meetgegevens bijzondere situaties#
Artikel 3.58 verzamelen meetgegevens bijzondere situaties Een distributiesysteembeheerder verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast van aangeslotenen met een kleine aansluiting voor elektriciteit of gas, die bij het overdrachtspunt beschikken over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit niet wordt gebruikt: a. bij de vervanging van een meetinrichting; b. bij een aanpassing van een aansluiting; c. bij een aanpassing van een meetinrichting; d. bij aanwijzingen van onbetrouwbaarheid of onvolledigheid van meetgegevens, volgens bij ministeriële regeling te bepalen criteria. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.59 — Artikel 3.59 verzamelen meetgegevens transmissiesysteembeheerder gas#
Artikel 3.59 verzamelen meetgegevens transmissiesysteembeheerder gas 1 Een transmissiesysteembeheerder voor gas verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast van een aangeslotene op zijn systeem indien de aangeslotene: a. uitsluitend gas onttrekt; b. een beheerder van een gesloten systeem voor gas is. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. welke meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; b. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; c. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; d. nauwkeurigheidseisen bij het verzamelen van meetgegevens; e. methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas en de energie-inhoud van het gas; f. methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.60 — Artikel 3.60 verzamelen meetgegevens systeemkoppelingen#
Artikel 3.60 verzamelen meetgegevens systeemkoppelingen 1 artikel 3.56, eerste lid Een meetverantwoordelijke partij, bedoeld in, verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast op een systeemkoppeling. 2 Een transmissiesysteembeheerder voor gas verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast op een systeemkoppeling tussen zijn systeem en een distributiesysteem voor gas. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. welke meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; b. de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld; c. de wijze waarop meetgegevens worden verzameld; d. nauwkeurigheidseisen bij het verzamelen van meetgegevens; e. methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas en de energie-inhoud van het gas; f. methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.61 — Artikel 3.61 controlesystematiek meetinrichtingen distributiesysteembeheerder en transmissiesysteembeheerder voor gas#
Artikel 3.61 controlesystematiek meetinrichtingen distributiesysteembeheerder en transmissiesysteembeheerder voor gas 1 artikel 2.46, derde lid artikel 5 van de Metrologiewet De transmissiesysteembeheerder voor gas en een distributiesysteembeheerder past een door Onze Minister goedgekeurd protocol voor een steekproefsgewijze controle van in gebruik zijnde meetinrichtingen op de bij of krachtens, en de bij of krachtensgestelde eisen. 2 Bij ministeriële regeling kunnen eisen worden gesteld aan het protocol. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.62 — Artikel 3.62 verordening risicoparaatheid en leveringszekerheid gas#
Artikel 3.62 verordening risicoparaatheid en leveringszekerheid gas verordening 2019/941 verordening 2017/1938 Een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit of gas heeft, indien Onze Minister hem dit opdraagt, tot taak werkzaamheden te verrichten ter uitvoering vanrespectievelijk. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.63 — Artikel 3.63 vaststellen hernieuwbare energiebron of WKK#
Artikel 3.63 vaststellen hernieuwbare energiebron of WKK Een transmissie- of distributiesysteembeheerder stelt op verzoek van een aangeslotene op haar systeem, of van een aangeslotene op een gesloten systeem dat met haar systeem is verbonden, vast: a. of diens installatie geschikt is voor de opwekking van gas uit hernieuwbare bronnen, elektriciteit uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen dan wel of sprake is van een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling; b. of de inrichting om te meten, die wordt gebruikt in de installatie geschikt is voor de meting van de hoeveelheid elektriciteit of gas die is geproduceerd; en c. in geval van omzetting van energie in een andere vorm van energie, of de inrichting om te meten, die wordt gebruikt in de installatie geschikt is voor de meting van de hoeveelheid energie uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen die is gebruikt voor de opwekking van de hoeveelheid, bedoeld in onderdeel b. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.64 — Artikel 3.64 pieklevering in uitzonderlijke omstandigheden#
Artikel 3.64 pieklevering in uitzonderlijke omstandigheden 1 De transmissiesysteembeheerder voor gas treft voorzieningen om vergunninghouders in staat te stellen de levering van gas aan alle aangeslotenen met een kleine aansluiting te verzorgen in perioden van extreme koude. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de perioden van extreme koude en de te treffen voorzieningen, bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.65 — Artikel 3.65 kwaliteitsconversie#
Artikel 3.65 kwaliteitsconversie De transmissiesysteembeheerder voor gas zet, ten behoeve van aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken, indien noodzakelijk, gelet op het verschil tussen de kwaliteit van het zich in het transmissiesysteem bevindende gas en het aan het transmissiesysteem te onttrekken gas: tenzij dit redelijkerwijs niet van een transmissiesysteembeheerder voor gas kan worden gevergd. 1°. gas met een hogere energie-inhoud administratief of fysiek om naar een lagere energie-inhoud; 2°. gas met een lagere energie-inhoud administratief om naar een hogere energie-inhoud, voor zover er gas met een hogere energie-inhoud voor omzetting beschikbaar is; 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 2024 95 18-04-2024 17-04-2024 36441 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 De wijziging is in werking getreden op 1 mei 2024 (Stb. 2024/114).
Artikel 3.66 — Artikel 3.66 overzicht leveringszekerheid van gas#
Artikel 3.66 overzicht leveringszekerheid van gas 1 Een transmissiesysteembeheerder voor gas biedt jaarlijks voor een bij ministeriële regeling te bepalen datum, na raadpleging van de representatieve organisaties van aangeslotenen aan Onze Minister een overzicht aan met daarin: a. de hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas die in een gasjaar benodigd zijn om te voorzien in de gasvraag van eindafnemers; b. de capaciteit die in een gasjaar benodigd is om eindafnemers van zowel hoog- als laagcalorisch gas te voorzien en de middelen en methoden daarvoor beschikbaar zijn; c. de hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas die gedurende het gasjaar moeten worden opgeslagen om de in onderdeel a bedoelde hoeveelheid gas op betrouwbare wijze te kunnen leveren en de in onderdeel b bedoelde capaciteit op betrouwbare wijze beschikbaar te hebben; en d. de vraagontwikkeling voor de komende vijf jaar naar hoog- en laagcalorisch gas. 2 Het overzicht bevat ten minste een beschrijving van: a. de hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas en de bijbehorende capaciteiten, benodigd om eindafnemers in de volgende gevallen van gas te voorzien: 1°. extreme temperaturen gedurende een zeven dagen durende piekperiode die voorkomt met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar; 2°. een periode van dertig dagen met een uitzonderlijk hoge gasvraag die voorkomt met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar; en 3°. een periode van dertig dagen in het geval van verstoring van de grootste afzonderlijke gasinfrastructuur onder gemiddelde winterse omstandigheden. b. de gewenste vulniveaus en de benodigde functionaliteiten van de gasopslaginstallaties voor respectievelijk hoog- en laagcalorisch gas; c. het verwachte planmatig onderhoud aan de installaties van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet en de daaruit voortvloeiende transportbeperkingen; d. de verwachte ontwikkeling in de samenstelling van het hoogcalorisch gas; e. de optimale inzet van andere middelen en methoden, waaronder: 1°. de beschikbare conversiecapaciteit per gasjaar om gas met een hogere energie-inhoud om te zetten naar gas met een lagere energie-inhoud; 2°. gasopslaginstallaties en LNG-installaties; 3°. de beschikbare capaciteit op de grenspunten; 4°. de verwachte productie van gas uit hernieuwbare energiebronnen; en 5°. de inzet van de reservemiddelen waarover de netbeheerder van het landelijk gastransportnet beschikt om gas met een hogere energie-inhoud om te zetten naar gas met een lagere energie-inhoud, in het geval van een dag met een uitzonderlijk hoge vraag naar gas die zich met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar voordoet. f. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas van verschillende categorieën eindafnemers. 3 Het overzicht, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, bevat ten minste een beschrijving van: a. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas waarbij een onderscheid in vraag tussen verschillende categorieën eindafnemers wordt aangegeven; b. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas waarbij een onderscheid wordt gemaakt naar verschillende temperatuurscenario’s; en c. de verwachte inzet van de middelen en methoden. 4 Bij ministeriële regeling wordt de datum, bedoeld in het eerste lid, vastgesteld en kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het overzicht. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2024 95 18-04-2024 17-04-2024 36441 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 De wijziging is in werking getreden op 1 mei 2024 (Stb. 2024/114).
Artikel 3.67 — Artikel 3.67 transporteren gas uit gasvoorkomens#
Artikel 3.67 transporteren gas uit gasvoorkomens 1 De transmissiesysteembeheerder voor gas heeft, in het belang van het planmatig beheer van voorkomens van gas, ter verzekering op lange termijn van een behoedzaam en rationeel gebruik van deze natuurlijke hulpbron tot taak zorg te dragen voor de inname en het transport van gas uit de gasvoorkomens in gebieden binnen Nederland en op het continentaal plat. 2 Indien de transmissiesysteembeheerder voor gas ter uitvoering van de in het eerste lid bedoelde taak moet investeren in de aanleg of uitbreiding van het transmissiesysteem dan meldt hij dit voornemen aan Onze Minister. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de melding. 3 Onze Minister besluit binnen 13 weken nadat de melding is gedaan, of een investering als bedoeld in het eerste lid, noodzakelijk is, gelet op het belang, bedoeld in het eerste lid. Indien Onze Minister besluit dat de investering niet noodzakelijk is, wordt de transmissiesysteembeheerder voor gas geacht te zijn ontheven van de in het eerste lid bedoelde taak voor dat voorkomen. 4 De transmissiesysteembeheerder voor gas overlegt jaarlijks aan Onze Minister een overzicht, waarin ten aanzien van de eerstvolgende twintig jaar ramingen zijn opgenomen met betrekking tot de uitoefening van de taak, bedoeld in het eerste lid, onder vermelding van daarbij gehanteerde vooronderstellingen en relevante onderscheiden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.68 — Artikel 3.68 voorwaarden inname gas uit gasvoorkomens#
Artikel 3.68 voorwaarden inname gas uit gasvoorkomens 1 artikel 3.67 De transmissiesysteembeheerder voor gas kan, ten einde te waarborgen dat hij de taken, bedoeld inzo doelmatig mogelijk kan uitvoeren, voorwaarden stellen aan de wijze waarop het gas van de houders van Nederlandse winningsvergunningen dan wel degene met wie voor het gebruik van die vergunning een overeenkomst is gesloten inzake het voor gezamenlijke rekening winnen van gas, wordt ingenomen. 2 Systeembeheerders, marktdeelnemers, netgebruikers en aangeslotenen verstrekken de transmissiesysteembeheerder voor gas desgevraagd tijdig voldoende inlichtingen en gegevens om te waarborgen dat hij de taken, bedoeld in het eerste lid kan uitvoeren. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde voorwaarden en de in het tweede lid genoemde gegevens en inlichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.69 — Artikel 3.69 verstrekken inlichtingen investeringen transporttaak gas uit gasvoorkomens#
Artikel 3.69 verstrekken inlichtingen investeringen transporttaak gas uit gasvoorkomens artikel 3.67, tweede lid De transmissiesysteembeheerder voor gas verstrekt Onze Minister alle inlichtingen die hij nodig heeft voor de toepassing van. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.70 — Artikel 3.70 omschakelen#
Artikel 3.70 omschakelen artikel 2.62, tweede lid artikel 3.71, eerste lid artikel 2.64, eerste lid De transmissiesysteembeheerder voor gas schakelt een aangeslotene op zijn systeem die ingevolge, heeft gemeld dat diens aansluiting omgeschakeld moet worden, om overeenkomstig de planning of aangepaste planning, bedoeld in, onderscheidenlijk tweede of derde lid, of, indien op grond van, een ontheffing is verleend aan de betrokken aangeslotene, overeenkomstig de aangepaste planning die aan die ontheffing ten grondslag ligt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.71 — Artikel 3.71 planning en proces omschakelen#
Artikel 3.71 planning en proces omschakelen 1 artikel 3.70 artikel 2.63, tweede lid Ter uitvoering van de taak, bedoeld in, informeert de transmissiesysteembeheerder voor gas de betrokken aangeslotene en Onze Minister over de planning van de omschakeling, voorzien van een onderbouwing van de benodigde tijd voor de onderscheiden activiteiten ten behoeve van de omschakeling en de mate waarin rekening is gehouden met de gegevens, bedoeld in. 2 Indien de planning, bedoeld in het eerste lid, naar het oordeel van de aangeslotene of de transmissiesysteembeheerder voor gas als gevolg van gewijzigde omstandigheden aanpassing behoeft, stelt de transmissiesysteembeheerder voor gas, in afstemming met de aangeslotene, een aangepaste planning op en informeert Onze Minister hier zo spoedig mogelijk over. De aangepaste planning wordt voorzien van een onderbouwing van elke afwijking ten opzichte van de eerder ingediende planning. 3 Onze Minister kan de transmissiesysteembeheerder voor gas een bindende gedragslijn opleggen in verband met de planning of aangepaste planning van de onderscheiden activiteiten ten behoeve van de omschakeling, indien dit naar zijn oordeel in het belang is van de zo spoedig mogelijke afbouw of beëindiging van de gaswinning uit het gebied dat is aangewezen in de bij koninklijk besluit van 30 mei 1963, nr. 39 (Stcrt. 126) verleende winningsvergunning of in het economisch belang is van de aangeslotene. De transmissiesysteembeheerder voor gas stuurt binnen vier weken na ontvangst van de bindende gedragslijn een aangepaste planning aan Onze Minister en de betrokken aangeslotene. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.72 — Artikel 3.72 rapportageplicht omschakelen#
Artikel 3.72 rapportageplicht omschakelen 1 De transmissiesysteembeheerder voor gas zendt binnen een maand na afloop van een gasjaar een rapportage aan Onze Minister over: a. artikel 3.70 de voortgang van de uitvoering van de taak, bedoeld in, in relatie tot de geldende planning; b. artikel 2.62, eerste lid in hoeverre het onttrekken van laagcalorisch gas aan het transmissie- of distributiesysteem door een aangeslotene als bedoeld in, via diens aansluiting is beëindigd. 2 Onze Minister verstrekt de informatie, bedoeld in het eerste lid, binnen vier weken na ontvangst daarvan aan de Autoriteit Consument en Markt. 3 3 De transmissiesysteembeheerder voor gas informeert de Autoriteit Consument en Markt binnen vier weken na inwerkingtreding van dit artikel welke aangeslotenen in de gasjaren 2016/2017, 2017/2018 en 2018/2019 in ten minste twee van die gasjaren meer dan 100 miljoen m(n) gas hebben onttrokken via diens aansluiting die verbonden is met dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, en verstrekt daarbij tevens informatie over de hoeveelheid gas dat per betrokken aansluiting in de hiervoor genoemde gasjaren is onttrokken. 4 De transmissiesysteembeheerder voor gas verstrekt de Autoriteit Consument en Markt desgevraagd informatie over de hoeveelheid gas die een aangeslotene als bedoeld in het derde lid, via diens aansluiting heeft onttrokken aan dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd. 5 3 3 De transmissie- of distributiesysteembeheerders informeren de Autoriteit Consument en Markt binnen vier weken na afloop van een gasjaar welke aangeslotenen in het voorgaande gasjaar meer dan 100 miljoen m(n) gas hebben onttrokken aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, of, voor zover van toepassing, dat geen enkele aangeslotene in dat gasjaar meer dan 100 miljoen m(n) gas heeft onttrokken aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd. 6 Indien een transmissie- of distributiesysteembeheerder in een gasjaar een aansluiting heeft gerealiseerd waarmee installaties van gas worden voorzien waarvan hij vermoedt dat die behoren tot eenzelfde onderneming of instelling, die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, en die al door hem van een aansluiting op het transmissie- of distributiesysteem waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd zijn voorzien, informeert hij de Autoriteit Consument en Markt binnen vier weken na afloop van dat gasjaar over het realiseren van die aansluiting en de locatie daarvan. De transmissie- of distributiesysteembeheerder verstrekt daarbij tevens informatie over de betrokken aangeslotene of aangeslotenen en de hoeveelheid gas die in dat voorafgaande gasjaar door middel van elke afzonderlijke aansluiting op het transmissie- of distributiesysteem waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, is onttrokken. 7 Indien een transmissie- of distributiesysteembeheerder in een gasjaar op grond een aansluiting heeft gerealiseerd waarmee installaties van gas worden voorzien, waarvan hij vermoedt dat die behoren tot eenzelfde onderneming of instelling, die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, en al door een andere transmissie- of distributiesysteembeheerder van een aansluiting op het transmissie- of distributiesysteem waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd zijn voorzien, informeert hij die andere transmissie- of distributiesysteembeheerder en de Autoriteit Consument en Markt over dit vermoeden. Op verzoek van de Autoriteit Consument en Markt verstrekken beide systeembeheerders de informatie, bedoeld in het zesde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 2024 95 18-04-2024 17-04-2024 36441 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 De wijziging is in werking getreden op 1 mei 2024 (Stb. 2024/114).
Artikel 3.73 — Artikel 3.73 tijdelijke taken#
Artikel 3.73 tijdelijke taken 1 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen één of meer andere taken dan de op grond van deze wet opgedragen taken voor een bij die maatregel te bepalen periode van ten hoogste tien jaren per taak worden toegestaan aan een transmissie- of distributiesysteembeheerder indien: a. deze taken verband houden met de op grond van deze wet opgedragen taken; b. deze taken van belang zijn voor het toekomstig beheer van het systeem; en c. marktpartijen niet of in beperkte mate in de uitvoering van de taken voorzien. 2 Indien het een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit betreft, beoordeelt Autoriteit Consument en Markt voorafgaand aan het toekennen van een taak als bedoeld in het eerste lid, de noodzaak van de toekenning. 3 Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voortzetting of beëindiging van een overeenkomstig het eerste lid opgedragen taak. 4 Bij het toekennen van een tijdelijke taak als bedoeld in het eerste lid kunnen voorwaarden worden gesteld en kan worden bepaald dat voor de uitvoering van die taak een tarief in rekening wordt gebracht bij degenen ten behoeve van wie de tijdelijke taak wordt uitgevoerd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.74 — Artikel 3.74 kwaliteitsborging en calamiteitenplan#
Artikel 3.74 kwaliteitsborging en calamiteitenplan Een transmissie- of distributiesysteembeheerder waarborgt bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen de kwaliteit daarvan. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. de wijze waarop die kwaliteit wordt gewaarborgd en daarover wordt gerapporteerd of gecommuniceerd; b. de wijze waarop een transmissie- of distributiesysteembeheerder omgaat met calamiteiten of voorvallen die nadelige gevolgen voor mens of milieu hebben of kunnen hebben. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.75 — Artikel 3.75 financieel beheer en boekhouding#
Artikel 3.75 financieel beheer en boekhouding Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. het financieel beheer van een transmissie- of distributiesysteembeheerder; b. de boekhouding van een transmissie- of distributiesysteembeheerder, waaronder eisen aan de scheiding van de boekhouding voor verschillende wettelijke taken of verplichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.76 — Artikel 3.76 bijhouden gegevens#
Artikel 3.76 bijhouden gegevens Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verzamelt en gebruikt bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen de daarvoor noodzakelijke gegevens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.77 — Artikel 3.77 beschermen en verstrekken van informatie#
Artikel 3.77 beschermen en verstrekken van informatie 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder die bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, draagt er zorg voor dat die gegevens niet ter beschikking komen of kunnen komen van derden, tenzij enig wettelijk voorschrift anders bepaalt. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheer verstrekt beheerders van andere systemen de informatie die zij nodig hebben voor de naleving van hun wettelijke taken of verplichtingen. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verstrekt aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken, de informatie die ze nodig hebben voor een efficiënte toegang tot het transmissie- of distributiesysteem inclusief het gebruik ervan. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.78 — Artikel 3.78 actief en passief openbaar maken#
Artikel 3.78 actief en passief openbaar maken 1 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder maakt uit eigen beweging gegevens die hij bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen verzamelt en ontvangt, ten behoeve van inzicht in de structuur en het functioneren van het energiesysteem en de transitie naar een CO-arme energievoorziening openbaar, waarbij: a. hij geen tot een persoon herleidbare gegevens of gegevens waarvan hij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs had moeten vermoeden, openbaar maakt; b. hij geen gegevens openbaar maakt indien bij of krachtens deze of een andere wet openbaarmaking niet is toegestaan; c. bewerking en verrijking van gegevens is gericht op en beperkt is tot het voor derden begrijpelijk en toegankelijk maken van deze gegevens. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verleent op verzoek toegang tot gegevens en wisselt gegevens uit, die hij bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen verzamelt en ontvangt, waarbij: a. artikel 4.1 hij geen tot een persoon herleidbare gegevens of gegevens waarvan hij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs had moeten vermoeden, openbaar maakt of toegang toe verleent of uitwisselt, met uitzondering van het bepaalde bij of krachtens; b. hij geen gegevens openbaar of maakt indien bij of krachtens deze of een andere wet openbaarmaking niet is toegestaan; c. bewerking en verrijking van gegevens gericht is op en beperkt is tot het voor de verzoeker op een toegankelijke wijze beschikbaar stellen op een wijze dat de verzoeker de mogelijkheid van hergebruik en machine-uitleesbaarheid heeft. 3 Voor het verlenen van toegang tot gegevens of het uitwisselen van gegevens, bedoeld in het tweede lid, kan de transmissie- of distributiesysteembeheerder de redelijke kosten in rekening brengen bij de verzoeker. 4 artikel 3.17, eerste lid In afwijking van, mag een transmissie- of distributiesysteembeheerder de uitvoering van de verplichtingen, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, in gezamenlijkheid uitvoeren indien dit een efficiënte of effectieve openbaarmaking ten goede komt. 5 Bij ministeriële regeling kunnen: a. gegevens worden aangewezen die een transmissie- of distributiesysteembeheerder in ieder geval openbaar maakt; b. regels worden gesteld over de wijze van en voorwaarden voor openbaarmaking. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.79 — Artikel 3.79 delegatiegrondslag nadere verplichtingen#
Artikel 3.79 delegatiegrondslag nadere verplichtingen Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: a. het melden van storingen of onregelmatigheden in het transmissie- en distributiesysteem; b. het indienen van klachten en het afhandelen van die klachten door de transmissie- en distributiesysteembeheerders; c. het faciliteren van aangeslotenen door de transmissie- en distributiesysteembeheerders bij overstappen naar andere marktdeelnemers of balanceringsverantwoordelijken, verhuizingen of in- en uithuizingen; d. artikel 2.25 voorzieningen die een transmissie- of distributiesysteembeheerder ter ondersteuning van het gestelde krachtenstreft ten behoeve van aangeslotenen met een kleine aansluiting; e. artikel 3.41 artikel 2.17, eerste lid de informatie die een transmissie- of distributiesysteembeheerder een aangeslotene verstrekt met het oog op het voorkomen van buitenwerkingstelling van een aansluiting als bedoeld inin geval van het faillissement of de intrekking van een vergunning, erkenning of toelating van een marktdeelnemer, balanceringsverantwoordelijke of meetverantwoordelijke partij, en de termijn waarbinnen deze informatie wordt verstrekt, in geval van intrekking van een vergunning als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.80 — Artikel 3.80 kosten voor het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.80 kosten voor het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee artikel 3.118, vierde lid De transmissie- en distributiesysteembeheerders voor elektriciteit voldoen aan de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee de door deze op grond van, bij hen in rekening gebrachte kosten. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.81 — Artikel 3.81 technische overeenkomsten interconnectoren en interconnectorsystemen voor gas#
Artikel 3.81 technische overeenkomsten interconnectoren en interconnectorsystemen voor gas Een transmissiesysteembeheerder voor gas of een interconnectorsysteembeheerder voor gas informeert de Autoriteit Consument en Markt over technische overeenkomsten over interconnectoren of interconnectorsystemen voor gas met derde landen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.82 — Artikel 3.82 transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.82 transmissiesysteem voor elektriciteit op zee Wet beheer rijkswaterstaatswerken artikel 6.5 van de Waterwet Het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee omvat de systemen die bestemd zijn voor het transport van elektriciteit en die één of meer windparken op zee verbinden met het transmissiesysteem voor elektriciteit of met dit systeem en het transportsysteem voor elektriciteit van een ander land met uitzondering van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van elektriciteit die één of meer windparken op zee verbinden met het transmissiesysteem voor elektriciteit en waarvoor voor 1 januari 2016 een vergunning op grond van deof op grond vanis verleend. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.83 — Artikel 3.83 ontwikkelkader transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.83 ontwikkelkader transmissiesysteem voor elektriciteit op zee 1 Onze Minister stelt een kader vast inzake de ontwikkeling van windenergie op zee en het gebruik van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee. In het ontwikkelkader wordt in ieder geval opgenomen: a. de locatie van één of meerdere windparken; b. het verwachte tijdstip van ingebruikname van ieder windpark; c. de verwachte levensduur van windparken; d. het maximale vermogen van ieder windpark; e. de minimale transportcapaciteit ten behoeve van ieder windpark; f. de wijze van elektrische ontsluiting van ieder windpark; g. de beoogde opleveringsdatum van onderdelen van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee; h. toekomstige ontwikkelingen inzake windenergie op zee en het gebruik van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee. 2 Onze Minister kan het ontwikkelkader wijzigen of aanvullen. 3 artikel 3.85 artikel 3.34 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee werkt het ontwikkelkader uit in het investeringsplan, bedoeld injuncto, en voert zijn wettelijke taken of verplichtingen uit in overeenstemming met het ontwikkelkader. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.84 — Artikel 3.84 algemene bepaling transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee in verhouding tot Europees recht#
Artikel 3.84 algemene bepaling transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee in verhouding tot Europees recht 1 artikel 3.2, eerste lid, onderdeel g verordening 2019/943 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtensaan transmissiesysteembeheerders zijn opgedragen. 2 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee stelt op zijn systeem beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit ter beschikking. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.85 — Artikel 3.85 overeenkomstige toepassing transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.85 overeenkomstige toepassing transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee artikelen 3.10 3.11 3.13 3.14 3.15 3.17 3.18 3.19, eerste, tweede, derde en vijfde lid 3.20 3.21 3.22 3.24 3.25 3.28 3.30 tot en met 3.36 3.49, tweede en derde lid 3.63 3.75 3.76 3.77 3.78 3.79, onderdelen a en b 3.125 De,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, enzijn van overeenkomstige toepassing op de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder», «transmissiesysteembeheerder» of «distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee». 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.86 — Artikel 3.86 aansluiten en transporteren transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.86 aansluiten en transporteren transmissiesysteem voor elektriciteit op zee 1 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee doet op verzoek een aanbod tot aanleg van een aansluiting op zijn systeem of een aanbod om een aansluiting in gebruik te geven, te beheren en te onderhouden aan: a. artikel 16, eerste lid, van de Wet windenergie op zee artikel 3.83 een houder van een vergunning als bedoeld in, overeenkomstig het ontwikkelkader windenergie op zee, bedoeld in; b. een eindafnemer die geen elektriciteit opwekt anders dan voor eigen gebruik. 2 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee doet op verzoek van een aangeslotene als bedoeld in het eerste lid een aanbod tot het verzorgen van transport van elektriciteit over zijn systeem. 3 In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, en het tweede lid kan de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee een verzoek van een eindafnemer afwijzen indien er onvoldoende aansluit- of transportcapaciteit beschikbaar is op het dichtstbijzijnde voor aansluiting geschikte punt op zijn systeem om aan het verzoek te kunnen voldoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.87 — Artikel 3.87 schadevergoedingsregeling transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.87 schadevergoedingsregeling transmissiesysteem voor elektriciteit op zee 1 artikel 3.86, eerste lid, onderdeel a Een aangeslotene als bedoeld in, heeft recht op vergoeding van schade door de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, indien: a. artikel 3.83 deze transmissiesysteembeheerder het voor de ontsluiting van het windpark noodzakelijk deel van het transmissiesysteem op zee geheel of gedeeltelijk later oplevert dan in het ontwikkelkader, bedoeld in, is opgenomen en de aangeslotene hierdoor geheel of gedeeltelijk geen elektriciteit kan laten transporteren; b. de hoeveelheid met het aangesloten windpark geproduceerde elektriciteit die in een kalenderjaar niet kan worden getransporteerd over het transmissiesysteem op zee groter is dan de hoeveelheid elektriciteit die niet kan worden getransporteerd wegens gemiddeld voor het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee redelijkerwijs noodzakelijk onderhoud en de aangeslotene hierdoor geheel of gedeeltelijk geen elektriciteit kan laten transporteren. 2 De vergoeding van de schade bestaat uit gevolgschade en de schade ten gevolge van gederfde of uitgestelde inkomsten door het niet kunnen laten transporteren van met het aangesloten windpark geproduceerde elektriciteit, bedoeld in het eerste lid. 3 artikel 3.86, eerste lid, onderdeel a Een aangeslotene als bedoeld in, draagt er zorg voor dat de schade zo veel mogelijk beperkt blijft. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het recht op schadevergoeding, bedoeld in het eerste lid, en de bestanddelen van de vergoeding, bedoeld in het tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.88 — Artikel 3.88 algemene bepaling interconnectorbeheerder in verhouding tot Europees recht#
Artikel 3.88 algemene bepaling interconnectorbeheerder in verhouding tot Europees recht 1 artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b verordening 2019/943 Een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit, die een interconnectorsysteem voor elektriciteit met een lidstaat of een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte beheert die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtensof andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van elektriciteit aan interconnectorsysteembeheerders zijn opgedragen. 2 Een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit stelt op zijn systeem beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit ter beschikking. 3 artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel d verordening 715/2009 Een interconnectorsysteembeheerder voor gas die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtensof andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van gas aan interconnectorsysteembeheerders zijn opgedragen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.89 — Artikel 3.89 Privatiseringsverbod#
Artikel 3.89 Privatiseringsverbod Ten minste de helft van de aandelen in een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit berusten direct of indirect bij de Staat der Nederlanden, waarbij onder indirect berusten van aandelen wordt verstaan dat de desbetreffende aandelen berusten bij één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de staat of bij een rechtspersoon die een volledige dochtermaatschappij is van één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de staat. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.90 — Artikel 3.90 overeenkomstige toepassing interconnectorsysteembeheerder#
Artikel 3.90 overeenkomstige toepassing interconnectorsysteembeheerder 1 artikelen 3.10 3.24 3.25, eerste lid 3.75, onderdeel b 3.76 3.77 3.78 De,,,,,enzijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder», «transmissiesysteembeheerder» of «distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorbeheerder». 2 artikelen 3.13 3.14, vierde en zesde lid Deen, zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit». 3 artikelen 3.16 3.47, eerste lid 3.81 De,, enzijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor gas, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor gas». 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026
Artikel 3.91 — Artikel 3.91 algemene bepaling LNG-beheerder in verhouding tot Europees recht#
Artikel 3.91 algemene bepaling LNG-beheerder in verhouding tot Europees recht artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel h verordening 715/2009 Een LNG-beheerder die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die krachtensof andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van gas aan LNG-beheerders zijn opgedragen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.92 — Artikel 3.92 handelen LNG-beheerder#
Artikel 3.92 handelen LNG-beheerder Een LNG-beheerder handelt bij de uitoefening van zijn wettelijke taken of verplichtingen redelijk, transparant en niet-discriminerend. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.93 — Artikel 3.93 beheren, onderhouden en ontwikkelen#
Artikel 3.93 beheren, onderhouden en ontwikkelen Een LNG-beheerder beheert, onderhoudt en ontwikkelt zijn systeem, onder economische voorwaarden, op zodanige wijze dat de veiligheid, betrouwbaarheid en doelmatigheid van dat systeem is gewaarborgd en met inachtneming van de belangen van het milieu. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.94 — Artikel 3.94 gereguleerde toegang#
Artikel 3.94 gereguleerde toegang 1 Een LNG-beheerder doet op verzoek een aanbod om LNG-activiteiten of ondersteunende diensten voor gas uit te voeren. 2 Een LNG-beheerder kan weigeren een aanbod te doen indien binnen het LNG-systeem geen capaciteit beschikbaar is voor de verzochte LNG-activiteiten of in redelijkheid niet kan worden gevergd dat hij de verzochte capaciteit beschikbaar stelt. 3 Een weigering als bedoeld in het tweede lid is met redenen omkleed. 4 artikel 3.122, tweede lid Met het oog op de uitvoering van het eerste en tweede lid, worden in de methoden of voorwaarden, bedoeld in, in ieder geval opgenomen, voorwaarden voor: a. het uitvoeren van LNG-activiteiten of ondersteunende diensten voor gas; en b. toe te passen technische specificaties. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.95 — Artikel 3.95 beschermen en verstrekken van informatie#
Artikel 3.95 beschermen en verstrekken van informatie 1 Een LNG-beheerder die bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, houdt die gegevens geheim tenzij enig wettelijk voorschrift anders bepaalt. 2 Een LNG-beheerder verstrekt beheerders van andere systemen de informatie die zij nodig hebben voor een zekere en doelmatige exploitatie van de systemen en voor de naleving van hun wettelijke taken of verplichtingen. 3 Een LNG-beheerder: a. verstrekt gebruikers van het LNG-systeem de informatie die zij nodig hebben voor een efficiënte toegang tot dat systeem b. maakt alle informatie openbaar die bijdraagt aan een doeltreffende mededinging en een efficiënte werking van de markt, voor zover deze redelijkerwijs te genereren is uit de informatie waarover de LNG-beheerder beschikt op basis van de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen. 4 Als een LNG-beheerder gegevens over zijn bedrijfsvoering die commercieel voordeel kunnen opleveren ter beschikking stelt aan derden, stelt hij deze gegevens onder gelijke voorwaarden beschikbaar aan anderen. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de informatie die een LNG-beheerder verstrekt aan systeembeheerders of gebruikers van het LNG-systeem. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.96 — Artikel 3.96 boekhouding#
Artikel 3.96 boekhouding Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de boekhouding van een LNG-beheerder, waaronder eisen aan de scheiding van de boekhouding voor verschillende wettelijke taken of verplichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.97 — Artikel 3.97 algemene bepaling gasopslagbeheerder in verhouding tot Europees recht#
Artikel 3.97 algemene bepaling gasopslagbeheerder in verhouding tot Europees recht artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel i verordening 715/2009 Een gasopslagbeheerder die krachtens, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtensof andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van gas aan gasopslagbeheerders zijn opgedragen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.98 — Artikel 3.98 handelen gasopslagbeheerder#
Artikel 3.98 handelen gasopslagbeheerder Een gasopslagbeheerder handelt bij de uitoefening van zijn wettelijke taken of verplichtingen redelijk, transparant en niet-discriminerend. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.99 — Artikel 3.99 beheren, onderhouden en ontwikkelen gasopslagsysteem#
Artikel 3.99 beheren, onderhouden en ontwikkelen gasopslagsysteem Een gasopslagbeheerder beheert, onderhoudt en ontwikkelt zijn systeem, op economische voorwaarden, op zodanige wijze dat de veiligheid, betrouwbaarheid en doelmatigheid is geborgd en met inachtneming van de belangen van het milieu. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.100 — Artikel 3.100 onderhandelde toegang#
Artikel 3.100 onderhandelde toegang 1 Een gasopslagbeheerder onderhandelt op verzoek over toegang tot zijn gasopslagsysteem of de door hem aangeboden ondersteunende diensten als de toegang tot dat gasopslagsysteem in technische of economische zin noodzakelijk is voor een efficiënte toegang tot de gasmarkt met het oog op de levering aan aangeslotenen. 2 De gasopslagbeheerder kan weigeren gasopslagactiviteiten en ondersteunende diensten te verrichten als binnen zijn gasopslagsysteem geen capaciteit beschikbaar is voor de gasopslagactiviteiten of in redelijkheid niet kan worden gevergd dat hij alle capaciteit beschikbaar stelt. 3 Een weigering als bedoeld in het eerste lid is met redenen omkleed. 4 Een gasopslagbeheerder maakt een indicatie van de voorwaarden en tarieven die het bedrijf voornemens is in het volgende kalenderjaar toe te passen voor het verrichten van gasopslag en ondersteunende diensten, bekend. 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over: a. de technische of economische noodzakelijkheid voor een efficiënte toegang tot het transmissie- of distributiesysteem met het oog op de levering aan aangeslotenen; b. de procedure voor het vaststellen van de indicatie van de tarieven en voorwaarden en de bekendmaking van de indicatie van de tarieven en voorwaarden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.101 — Artikel 3.101 beschermen en verstrekken van informatie#
Artikel 3.101 beschermen en verstrekken van informatie 1 Een gasopslagbeheerder die bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, houdt die gegevens geheim tenzij enig wettelijk voorschrift anders bepaalt. 2 Een gasopslagbeheerder verstrekt beheerders van andere systemen de informatie die zij nodig hebben voor een zekere en doelmatige exploitatie van de systemen en voor de naleving van hun wettelijke taken of verplichtingen; 3 Een gasopslagbeheerder: a. verstrekt gebruikers van het gasopslagsysteem de informatie die zij nodig hebben voor een efficiënte toegang tot dat systeem b. maakt alle informatie openbaar die bijdraagt aan een doeltreffende mededinging en een efficiënte werking van de markt, voor zover deze redelijkerwijs te genereren is uit de informatie waarover de gasopslagbeheerder beschikt op basis van de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de informatie die een gasopslagbeheerder verstrekt aan systeembeheerders of gebruikers van het gasopslagsysteem. 5 Als een gasopslagbeheerder gegevens over zijn bedrijfsvoering die commercieel voordeel kunnen opleveren ter beschikking stelt aan derden, stelt hij deze gegevens onder gelijke voorwaarden beschikbaar aan anderen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.102 — Artikel 3.102 boekhouding#
Artikel 3.102 boekhouding Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de boekhouding van een gasopslagbeheerder, waaronder eisen aan de scheiding van de boekhouding voor verschillende wettelijke taken of verplichtingen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.103 — Artikel 3.103 onafhankelijkheid beheerder gasopslag#
Artikel 3.103 onafhankelijkheid beheerder gasopslag 1 artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek artikel 3.100 Als een gasopslagbeheerder tevens producent of leverancier is of deel uitmaakt van een groep als bedoeld inwaarvan ook een producent of leverancier deel uitmaakt, en de gasopslagbeheerder krachtensverplicht is te onderhandelen over de toegang tot zijn opslagsysteem, is de gasopslagbeheerder wat betreft de rechtsvorm, organisatie en besluitvorming onafhankelijk van de activiteiten op het gebied van productie en levering. 2 Bij algemene maatregel van bestuur worden met het oog op onafhankelijkheid van de gasopslagbeheerder, nadere regels gesteld over de rechtsvorm, de organisatie en de besluitvorming van die gasopslagbeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.104 — Artikel 3.104 overeenkomstige toepassing beheerder gesloten systeem#
Artikel 3.104 overeenkomstige toepassing beheerder gesloten systeem 1 artikelen 3.24, eerste en tweede lid 3.25, eerste lid 3.43 3.44 3.77, eerste en derde lid artikel 3.79, onderdelen a tot en met c De,,,,,, zijn van overeenkomstige toepassing op een beheerder van een gesloten systeem, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder», «transmissiesysteembeheerder» of «distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «beheerder van een gesloten systeem». 2 artikelen 3.51, eerste lid en vierde lid, onderdeel b 3.57 De, enzijn van overeenkomstige toepassing op een beheerder van een gesloten systeem, met dien verstande dat: a. de beheerder van een gesloten systeem alleen een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit plaatst op verzoek; b. artikel 3.114 het tarief voor installatie en onderhoud van de meetinrichting in rekening wordt gebracht conform. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.105 — Artikel 3.105 aansluiten en transporteren gesloten systeem#
Artikel 3.105 aansluiten en transporteren gesloten systeem 1 Een beheerder van een gesloten systeem kan op verzoek een aanbod doen tot aanleg of wijziging van een aansluiting op zijn systeem. 2 Een beheerder van een gesloten systeem doet op verzoek een aanbod tot: a. het in gebruik geven, beheren en onderhouden van een aansluiting op zijn systeem; en b. het verzorgen van transport van elektriciteit of gas over zijn systeem. 3 In afwijking van het tweede lid, kan een beheerder van een gesloten systeem weigeren een aanbod te doen, indien er redelijkerwijs onvoldoende transportcapaciteit beschikbaar is op zijn systeem. De beheerder van een gesloten systeem voorziet een weigering van een deugdelijke onderbouwing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.106 — Artikel 3.106 algemene bepalingen tarieven#
Artikel 3.106 algemene bepalingen tarieven 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder brengt voor het uitvoeren van wettelijke taken of verplichtingen bij aangeslotenen op zijn systeem, bij beheerders van transmissie- of distributiesystemen die via een systeemkoppeling zijn verbonden met zijn systeem, of, in het geval van de transmissiesysteembeheerder voor gas, bij netgebruikers tarieven in rekening: a. paragraaf 3.6.2 die vooraf door de Autoriteit Consument en Markt zijn vastgesteld overeenkomstig; b. artikel 3.112 die, indien de transmissie- of distributiesysteembeheerder daartoe op grond van het tweede lid verplicht is, zijn gebaseerd op een vooraf door de Autoriteit Consument en Markt overeenkomstiggoedgekeurde berekeningsmethode. 2 paragraaf 3.6.2 artikel 3.112 Indien de Autoriteit Consument en Markt ten aanzien van een wettelijk taak of verplichting van oordeel is dat het niet passend of doelmatig is om voor de uitvoering daarvan vooraf een uniform tarief vast te stellen overeenkomstig, bepaalt de Autoriteit Consument en Markt dat de tarieven daarvoor worden gebaseerd op een overeenkomstigdoor de Autoriteit Consument en Markt goedgekeurde berekeningsmethode. 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing: a. indien het een tijdelijke taak betreft, voor zover bij het toekennen van de tijdelijke taak is bepaald dat de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor het uitvoeren daarvan een tarief in rekening brengt bij degenen ten behoeve van wie die tijdelijke taak wordt uitgevoerd; en b. voor zover de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor het uitvoeren van een wettelijke taak of verplichting al op andere wijze een vergoeding ontvangt. 4 In afwijking van het eerste lid kan een transmissie- of distributiesysteembeheerder lagere tarieven in rekening brengen dan de overeenkomstig dit artikel vastgestelde tarieven, mits deze niet-discriminerend en transparant zijn. 5 De Autoriteit Consument en Markt publiceert een besluit als bedoeld in het tweede lid op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.107 — Artikel 3.107 uitgangspunten en tariefstructuren#
Artikel 3.107 uitgangspunten en tariefstructuren 1 artikel 3.106, eerste lid verordening 2019/943 verordening 715/2009 De Autoriteit Consument en Markt stelt de door transmissie- en distributiesysteembeheerders toe te passen tarieven waarop, van toepassing is, overeenkomstig deze paragraaf vast en met inachtneming van het bepaalde bij of krachtenseninzake tarieven. 2 De tarieven zijn transparant, niet-discriminerend en reflecteren de kosten van de transmissie- of distributiesysteembeheerder in verband met het uitvoeren van de wettelijke taken of verplichtingen voor zover deze kosten efficiënt zijn en niet dubbel worden vergoed. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over algemene tariefbeginselen voor het onderscheiden van tarieven en toedelen van kostensoorten en het in aanmerking nemen van kostensoorten: a. richtlijn 2009/73 richtlijn 2012/27 richtlijn 2019/944 als dit dient ter implementatie van onderdelen van,of; of b. voor zover het Verdrag voor de werking van de Europese Unie of de kaders van de Europeesrechtelijke voorschriften inzake elektriciteit of gas daarvoor ruimte laten. 4 artikel 3.119 De methoden of voorwaarden, bedoeld in, omvatten ten aanzien van de tarieven in ieder geval een nadere onderscheiding van de tarieven, de toedeling van kostensoorten aan deze tarieven en de wijze waarop de kostensoorten in aanmerking worden genomen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.108 — Artikel 3.108 methodebesluit#
Artikel 3.108 methodebesluit 1 afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 3.107, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt stelt, overeenkomstig, de tariefreguleringsmethode vast voor vaststelling van de tarieven, bedoeld in, voor onderscheidenlijk: a. de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit; b. distributiesysteembeheerders voor elektriciteit; c. de transmissiesysteembeheerder voor gas; d. distributiesysteembeheerders voor gas; 2 artikel 3.107, tweede lid De tariefreguleringsmethode strekt tot vergoeding van door de transmissie- of distributiesysteembeheerder te maken efficiënte kosten bedoeld in, stimuleert de transmissie- of distributiesysteembeheerder tot een efficiënte bedrijfsvoering, voorziet in een rendement dat in het economisch verkeer gebruikelijk is, en waarborgt een betrouwbare, betaalbare en duurzame energievoorziening. 3 De tariefreguleringsmethode bepaalt de wijze waarop de per jaar toegestane of beoogde inkomsten ter dekking van de efficiënte kosten, bedoeld in het tweede lid, worden vastgesteld en, ten behoeve daarvan, in ieder geval: a. de wijze waarop de verwachte efficiënte kosten worden vastgesteld en, indien daarbij gebruik wordt gemaakt van rekenvolumes, de wijze en het moment waarop deze rekenvolumes worden vastgesteld; b. het rendement dat in het economische verkeer gebruikelijk is. 4 Bij de wijze waarop de toegestane of beoogde inkomsten worden vastgesteld als bedoeld in het derde lid, kan de Autoriteit Consument en Markt bepalen dat deze kunnen worden aangepast in verband met de geleverde kwaliteit van een wettelijke taak of verplichting. 5 De Autoriteit Consument en Markt bepaalt de periode waarvoor de tariefreguleringsmethode geldt. Deze periode bedraagt minimaal vier en maximaal zes jaar. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.109 — Artikel 3.109 inkomstenbesluit#
Artikel 3.109 inkomstenbesluit 1 artikel 3.108, vijfde lid De Autoriteit Consument en Markt stelt voorafgaand aan het eerste jaar van een reguleringsperiode als bedoeld in, met inachtneming van het methodebesluit voor iedere transmissie- of distributiesysteembeheerder, de voor elk jaar van de reguleringsperiode toegestane inkomsten vast of de beoogde inkomsten en rekenvolumes. 2 De Autoriteit Consument en Markt herziet de inkomstenbesluiten indien het methodebesluit, bedoeld in het eerste lid, bij een onherroepelijke rechterlijke uitspraak is vernietigd of bij een onherroepelijk besluit van de Autoriteit Consument en Markt is herzien, en neemt daarbij die uitspraak of dat besluit in acht. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.110 — Artikel 3.110 tarievenbesluit#
Artikel 3.110 tarievenbesluit 1 artikel 3.107, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt stelt voor iedere transmissie- of distributiesysteembeheerder, op basis van een daartoe strekkend voorstel van de transmissie- of distributiesysteembeheerder, jaarlijks de tarieven, bedoeld in, vast met inachtneming van de nadere regels over algemene tariefbeginselen, bedoeld in artikel 3.107, derde lid. 2 De Autoriteit Consument en Markt stelt ten behoeve van de vaststelling van de tarieven de totale toegestane of beoogde inkomsten voor de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor dat jaar vast en betrekt daarbij: a. de op grond van het inkomstenbesluit vastgestelde toegestane of beoogde inkomsten voor dat jaar; b. de rekenvolumes, indien het methodebesluit bepaalt dat deze bij de jaarlijkse vaststelling van de tarieven worden vastgesteld. 3 Ten behoeve van de vaststelling van de totale toegestane of beoogde inkomsten, bedoeld in het tweede lid, overweegt de Autoriteit Consument en Markt of het passend is om daarbij tevens te betrekken: a. de relatieve wijziging van de consumentenprijsindex; b. artikel 3.106, eerste lid, aanhef en onderdeel a de voor dat jaar geschatte kosten voor de uitvoering van taken of verplichtingen als bedoeld in, waarmee geen rekening is gehouden bij de vaststelling van het methodebesluit, voor zover deze kosten efficiënt zijn; c. artikel 3.27 artikel 3.8, derde lid, onderdeel b de voorafgaand aan dat jaar gemaakte kosten voor de uitvoering van de taak bedoeld in, of een verplichting krachtens, waarmee geen rekening is gehouden in het methodebesluit, voor zover deze kosten efficiënt zijn; d. artikel 6.1 afdeling 5.2 van de Omgevingswet de voor dat jaar geschatte vermogenskosten voor investeringen die nog niet in gebruik zijn genomen en waarvoor gelet opeen projectbesluit als bedoeld inis vastgesteld door Onze Minister, voor zover deze kosten efficiënt zijn; e. artikel 6.1 afdeling 5.2 van de Omgevingswet de voor dat jaar geschatte kosten voor investeringen die in dat jaar in gebruik zijn of worden genomen en waarvoor gelet opeen projectbesluit als bedoeld inis genomen, voor zover deze kosten efficiënt zijn. 4 De Autoriteit Consument en Markt betrekt bij het vaststellen van de tarieven correcties met betrekking tot: a. tarieven uit voorgaande jaren die zijn gewijzigd bij rechterlijke uitspraak of door herziening van een besluit door de Autoriteit Consument en Markt; b. tarieven uit voorgaande jaren die zijn vastgesteld met inachtneming van een methodebesluit of inkomstenbesluit dat bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak is vernietigd of bij onherroepelijk besluit van de Autoriteit Consument en Markt is herzien, op basis van een herziene vaststelling van deze tarieven met inachtneming van die rechterlijke uitspraak of dat besluit en het verdisconteren van het verschil. 5 De Autoriteit Consument en Markt kan bij het vaststellen van de totale toegestane of beoogde inkomsten, bedoeld in het tweede lid, of de tarieven correcties betrekken voor: a. verschillen tussen vastgestelde rekenvolumes en gerealiseerde volumes; b. verschillen tussen vastgestelde toegestane of beoogde inkomsten en gerealiseerde inkomsten; c. toegestane of beoogde inkomsten of tarieven die: 1°. zijn of worden vastgesteld met inachtneming van onjuiste of onvolledige gegevens en de Autoriteit Consument en Markt, bij beschikking over juiste of volledige gegevens, andere tarieven zou hebben vastgesteld; 2°. zijn of worden vastgesteld met gebruikmaking van geschatte gegevens en de feitelijke gegevens daarvan afwijken; 3°. zijn of worden vastgesteld met gebruikmaking van gegevens omtrent kosten voor wettelijke taken of verplichtingen, die de systeembeheerder niet heeft uitgevoerd of waarvoor de systeembeheerder geen of minder kosten heeft gemaakt. 6 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. het indienen van een voorstel voor de tarieven door de transmissie- of distributiesysteembeheerder als bedoeld in het eerste lid; b. de procedure en wijze van besluitvorming door de Autoriteit Consument en Markt bij ontbreken van een voorstel van de transmissie- of distributiesysteembeheerder als bedoeld in eerste lid. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.111 — Artikel 3.111 inwerkingtreding en publicatie tarieven#
Artikel 3.111 inwerkingtreding en publicatie tarieven 1 artikel 3.110 De op grond vanvastgestelde tarieven treden in werking op een door de Autoriteit Consument en Markt te bepalen datum en gelden tot 1 januari van het volgende jaar. 2 Indien op 1 januari de tarieven voor dat jaar nog niet zijn vastgesteld en in werking getreden, gelden de tarieven uit het voorgaande jaar tot de datum van inwerkingtreding van de tarieven voor dat jaar. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder publiceert zijn tarieven op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.112 — Artikel 3.112 tarieven voor maatwerk#
Artikel 3.112 tarieven voor maatwerk 1 artikel 3.106, tweede lid De transmissie- en distributiesysteembeheerders stellen voor de tarieven, bedoeld ineen voorstel voor de berekeningsmethode op en leggen dit ter goedkeuring voor aan de Autoriteit Consument en Markt. Per transmissie- of distributiesysteembeheerder of soort transmissie- of distributiesysteembeheerder kan een afzonderlijk voorstel voor de berekeningsmethode worden opgesteld. 2 De Autoriteit Consument en Markt keurt de berekeningsmethode die ingevolge het eerste lid aan haar wordt voorgelegd goed indien deze: a. artikel 3.106, tweede lid leidt tot tarieven die transparant zijn, niet discrimineren en de werkelijke kosten van de transmissie- of distributiesysteembeheerder in verband met het uitvoeren van de taken, bedoeld in, reflecteren, voor zover deze kosten efficiënt zijn; en b. dubbele vergoeding van kosten vermijdt. 3 afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht De Autoriteit Consument en Markt pasttoe bij de voorbereiding van de goedkeuring, bedoeld in het tweede lid. 4 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder publiceert de voor hem geldende door de Autoriteit Consument en Markt op grond van het tweede lid goedgekeurde berekeningsmethoden op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 5 artikel 3.106, eerste lid, onderdeel b artikel 5.4, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt bepaalt dat de transmissie- of distributiesysteembeheerder een door hem op grond van, in rekening gebracht tarief aanpast, indien de Autoriteit Consument en Markt naar aanleiding van een klacht als bedoeld in, vaststelt dat dit tarief niet voldoet aan de vereisten, bedoeld in het tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.113 — Artikel 3.113 tarieven tijdelijke taken#
Artikel 3.113 tarieven tijdelijke taken 1 De Autoriteit Consument en Markt stelt jaarlijks het tarief voor het uitvoeren van een tijdelijke taak vast op basis van een daartoe strekkend voorstel van de transmissie- of distributiesysteembeheerder, indien bij het toekennen van die tijdelijke taak is bepaald dat voor het uitvoeren daarvan een tarief in rekening wordt gebracht bij de aangeslotenen of, in het geval van de transmissiesysteembeheerder voor gas, de netgebruiker, ten behoeve van wie de tijdelijke taak wordt uitgevoerd. 2 De tarieven zijn transparant, niet-discriminerend en reflecteren de kosten van de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor het uitvoeren van de tijdelijke taak, voor zover deze efficiënt zijn en niet kunnen worden toegerekend aan andere aan die transmissie- of distributiesysteembeheerder opgedragen wettelijke taken of verplichtingen. 3 Artikel 3.110, vierde lid, en vijfde lid, onderdeel c , zijn van overeenkomstige toepassing. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over: a. de procedure voor het indienen van een voorstel voor de tarieven door de transmissie- of distributiesysteembeheerder; b. de termijn waarbinnen de Autoriteit Consument en Markt een besluit neemt; en c. de inwerkingtreding van de tarieven. 5 De transmissie- of distributiesysteembeheerder publiceert het op grond van het eerste lid vastgestelde tarief op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.114 — Artikel 3.114 tarieven beheerder gesloten systeem#
Artikel 3.114 tarieven beheerder gesloten systeem 1 paragraaf 3.5.5 Een beheerder van een gesloten systeem brengt voor het uitvoeren van de bij of krachtensaan hem opgedragen taken of verplichtingen bij aangeslotenen op zijn systeem een tarief in rekening dat is vastgesteld met inachtneming van een vooraf door hem opgestelde en bekendgemaakte berekeningsmethode, die leidt tot tarieven die de kosten in verband met de uitvoering van zijn taken of verplichtingen reflecteren en transparant en niet-discriminerend zijn. 2 De Autoriteit Consument en Markt bepaalt dat een beheerder van een gesloten systeem artikel 5.4, eerste lid de door hem toegepaste berekeningsmethode of een door hem in rekening gebracht tarief aanpast, indien de Autoriteit Consument en Markt naar aanleiding van een klacht als bedoeld in, vaststelt dat deze berekeningsmethode of dit tarief niet in overeenstemming is met de vereisten, bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.115 — Artikel 3.115 tarieven LNG-beheerder#
Artikel 3.115 tarieven LNG-beheerder 1 paragraaf 3.5.3 Een LNG-beheerder brengt voor het uitvoeren van de bij of krachtensaan hem opgedragen taken of verplichtingen een tarief in rekening dat is vastgesteld met inachtneming van een vooraf door de Autoriteit Consument en Markt goedgekeurde berekeningsmethode. 2 De Autoriteit Consument en Markt keurt de berekeningsmethode goed indien deze objectieve criteria hanteert en leidt tot tarieven die niet-discriminerend en transparant zijn. 3 De LNG-beheerder publiceert de goedgekeurde berekeningsmethode en de met inachtneming daarvan vastgestelde tarieven voorafgaand aan de inwerkingtreding daarvan op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 4 artikel 5.4, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt bepaalt dat een LNG-beheerder een door hem op grond van het eerste lid in rekening gebracht tarief aanpast, indien de Autoriteit Consument en Markt naar aanleiding van een klacht als bedoeld in, vaststelt dat dit tarief niet voldoet aan de vereisten, bedoeld in het tweede lid. 5 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de procedure en termijn voor: a. het ter goedkeuring voorleggen van een voorstel voor een berekeningsmethode aan de Autoriteit Consument en Markt; en b. goedkeuring door de Autoriteit Consument en Markt, bedoeld in het tweede lid. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.116 — Artikel 3.116 tarieven interconnectorsysteembeheerder#
Artikel 3.116 tarieven interconnectorsysteembeheerder artikel 3.88 3.90 artikel 3.106 paragraaf 3.6.2 artikel 3.112 Een interconnectorsysteembeheerder brengt voor het uitvoeren van de taken, bedoeld inentarieven in rekening, waarbij,envan overeenkomstige toepassing zijn, met dien verstande dat voor transmissie- of distributiesysteembeheerder of «transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit» steeds wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder». 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.117 — Artikel 3.117 tariefgereguleerde taken transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.117 tariefgereguleerde taken transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee artikel 3.106 paragraaf 3.6.2 artikel 3.112 De transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee brengt tarieven in rekening, waarbij,envan overeenkomstige toepassing zijn, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» of «transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit» steeds wordt gelezen «transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee», voor het uitvoeren van: a. artikel 3.86, eerste lid, onderdeel a de taak, bedoeld in; en b. artikel 3.86, eerste, onderdeel b, en tweede lid de taak bedoeld in, indien deze taak wordt uitgevoerd ten behoeve van aangeslotenen als bedoeld in artikel 3.86, eerste lid, onderdeel b. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.118 — Artikel 3.118 bekostiging niet-tariefgereguleerde taken transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee#
Artikel 3.118 bekostiging niet-tariefgereguleerde taken transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee 1 paragraaf 3.5.1 artikel 3.117 De Autoriteit Consument en Markt stelt de vergoeding vast voor het uitvoeren van de bij of krachtensaan de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee opgedragen taken of verplichtingen, met uitzondering van de taken bedoeld in. 2 artikelen 3.108 3.109 3.110 De,enzijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: a. voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» of «transmissie- en distributiesysteembeheerders» of «de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit» steeds wordt gelezen «de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee»; b. voor «toegestane of beoogde inkomsten» steeds wordt gelezen «toegestane vergoeding»; c. voor «tarieven» steeds wordt gelezen «de voor een jaar totale toegestane vergoeding»; en d. artikel 3.107, derde lid bij de vaststelling van de voor een jaar totale toegestane vergoeding geen nadere onderscheiding en opbouw daarvan, conform, in acht behoeft te worden genomen. 3 artikel 3.87 Indien de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee schade heeft moeten vergoeden op grond vanverdisconteert de Autoriteit Consument en Markt het aan schadevergoeding betaalde bedrag in de voor een jaar totale toegestane vergoeding. Indien sprake is van grove nalatigheid van de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, verdisconteert de Autoriteit Consument en Markt enkel het in een jaar aan schadevergoeding betaalde bedrag in de voor dat jaar totale toegestane of beoogde vergoeding voor zover dit het bedrag van € 10 miljoen overstijgt. 4 artikel 5.14 Voor zover de op grond van het tweede lid voor een jaar vastgestelde totale toegestane vergoeding niet wordt gedekt door de subsidie, bedoeld in, of ontvangsten uit procedures voor het ter beschikking stellen van zoneoverschrijdende capaciteit of congestiebeheer brengt de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee het restant in rekening bij de transmissie- of distributiesysteembeheerders voor elektriciteit volgens een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen verdeling. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.119 — Artikel 3.119 toepassen methoden of voorwaarden transmissie- en distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.119 toepassen methoden of voorwaarden transmissie- en distributiesysteembeheerders 1 artikel 3.121, eerste lid Een transmissie- of distributiesysteembeheerder of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee past bij de uitvoering van wettelijke taken of verplichtingen met betrekking tot aansluiten op en transporteren van elektriciteit of gas over het systeem, ter beschikking stellen van op het systeem beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit, meten, balanceren en inkopen van ondersteunende diensten of congestiebeheers- of systeembeheersdiensten, methoden of voorwaarden toe die vooraf zijn goedgekeurd door de Autoriteit Consument en Markt overeenkomstig. 2 artikel 3.121 verordening 2019/942 verordening 715/2009 verordening 2019/943 Op een overeenkomst tussen een transmissie- of distributiesysteembeheerder of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee en een aangeslotene, netgebruiker, marktdeelnemer of balanceringsverantwoordelijke, zijn de door de Autoriteit Consument en Markt overeenkomstiggoedgekeurde methoden of voorwaarden en de methoden of voorwaarden waarover Acer krachtens artikel 5 vaneen besluit heeft genomen, alsmede de rechtstreeks bij of krachtensofgeldende methoden of voorwaarden van toepassing. Elk beding strijdig met die methoden of voorwaarden is nietig. 3 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee publiceert op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze: a. de door de Autoriteit Consument en Markt goedgekeurde methoden of voorwaarden; b. verordening 2019/942 de vindplaats van de methoden of voorwaarden waarover Acer krachtens artikel 5 vaneen besluit heeft genomen; en c. verordening 715/2009 verordening 2019/943 de vindplaats van rechtstreeks bij of krachtensofgeldende methoden of voorwaarden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.120 — Artikel 3.120 totstandkoming voorstel transmissie- en distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.120 totstandkoming voorstel transmissie- en distributiesysteembeheerders 1 artikel 3.119 Elke transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit en, voor zover relevant, de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, en elke transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas draagt zorg voor de totstandkoming van een gezamenlijk voorstel voor of aanvulling of wijziging van methoden of voorwaarden, bedoeld in, en het ter goedkeuring voorleggen daarvan aan de Autoriteit Consument en Markt. 2 Bij de totstandkoming van het voorstel voeren de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor elektriciteit, voor zover relevant met de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, of de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor gas, in ieder geval overleg met de ten aanzien van het voorstel relevante representatieve organisaties van aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken in een transparant en participatief proces en verwerkt de resultaten hiervan in het voorstel. 3 Indien de Autoriteit Consument en Markt dat noodzakelijk acht kan zij: a. de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor elektriciteit, in voorkomend geval met de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, of de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor gas, opdragen een gezamenlijk voorstel als bedoeld in het eerste lid op te stellen; b. uit eigen beweging een ontwerp voor of aanvulling of wijziging van methoden of voorwaarden opstellen, waarbij de Autoriteit Consument en Markt de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor elektriciteit en, voor zover relevant, de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, of de transmissie- en distributiesysteembeheerders voor gas, alsmede representatieve organisaties van aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken betrekt in een transparant en participatief proces. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over: a. de procedure voor de totstandkoming van een voorstel als bedoeld in het eerste of derde lid; b. de inhoud en onderbouwing van een voorstel als bedoeld in het eerste of derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.121 — Artikel 3.121 goedkeuren methoden of voorwaarden transmissie- en distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.121 goedkeuren methoden of voorwaarden transmissie- en distributiesysteembeheerders 1 artikel 3.120 De Autoriteit Consument en Markt keurt de methoden of voorwaarden die ingevolgeaan haar worden voorgelegd goed indien de resultaten van het overleg met de representatieve organisaties, bedoeld in artikel 3.120, tweede lid, zijn verwerkt in de methoden of voorwaarden en deze methoden of voorwaarden objectief, evenredig, transparant, niet discriminerend, in overeenstemming zijn met deze wet en met bindende EU-rechtshandelingen, en de volgende belangen dienen: a. waarborging van de interoperabiliteit van systemen; b. het betrouwbaar, duurzaam, doelmatig en milieu hygiënisch verantwoord functioneren van de elektriciteits- en gasvoorziening; c. de bevordering van de ontwikkeling van het handelsverkeer op de elektriciteits- en gasmarkt; d. de bevordering van het doelmatig handelen van aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers of balanceringsverantwoordelijken; e. een goede kwaliteit van de dienstverlening van transmissie- en distributiesysteembeheerders of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee; f. een objectieve, transparante en niet discriminatoire handhaving van de balans op transmissie- of distributiesystemen op een wijze die de kosten weerspiegelt; en g. niet-discriminatoire deelname van alle netgebruikers, marktdeelnemers of balanceringsverantwoordelijken. 2 verordening 715/2009 verordening 2019/943 verordening 715/2009 verordening 2019/943 De Autoriteit Consument en Markt keurt de methoden of voorwaarden waarvoor ingevolge een krachtensofvastgestelde uitvoeringshandeling of gedelegeerde handeling door een transmissie- of distributiesysteembeheerder, de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee of een derde partij een voorstel is opgesteld en aan haar wordt voorgelegd, goed indien deze in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtensof. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan vereisen dat de aan haar voorgelegde methoden of voorwaarden worden gewijzigd voordat zij deze goedkeurt en kan hiervoor aanwijzingen geven. 4 artikel 3.120, derde lid, onderdeel b artikel 3.119, eerste lid Indien de Autoriteit Consument en Markt ingevolge, uit eigen beweging een ontwerp voor methoden of voorwaarden heeft opgesteld kan zij deze vaststellen. De aldus vastgestelde methoden of voorwaarden gelden vervolgens als goedgekeurde methoden of voorwaarden als bedoeld in. 5 De Autoriteit Consument en Markt publiceert een op grond van dit artikel genomen besluit op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 6 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de procedure voor de goedkeuring van de methoden en voorwaarden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.122 — Artikel 3.122 toepassen methoden of voorwaarden beheerders bijzondere systemen#
Artikel 3.122 toepassen methoden of voorwaarden beheerders bijzondere systemen 1 paragraaf 3.5.2 artikel 3.123 Een interconnectorsysteembeheerder past bij de uitvoering van de bij of krachtensaan hem opgedragen taken of verplichtingen methoden of voorwaarden toe die vooraf zijn goedgekeurd door de Autoriteit Consument en Markt overeenkomstig. 2 paragraaf 3.5.3 artikel 3.123 Een LNG-beheerder past bij de uitvoering van de bij of krachtensaan hem opgedragen taken of verplichtingen, methoden of voorwaarden toe die vooraf zijn goedgekeurd door de Autoriteit Consument en Markt overeenkomstig. 3 Artikel 3.119, tweede en derde lid , zijn van overeenkomstige toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.123 — Artikel 3.123 goedkeuren methoden of voorwaarden beheerders bijzondere systemen#
Artikel 3.123 goedkeuren methoden of voorwaarden beheerders bijzondere systemen 1 artikel 3.122, eerste lid verordening 715/2009 verordening 2019/943 De Autoriteit Consument en Markt keurt de methoden of voorwaarden van een interconnectorsysteembeheerder, bedoeld in, op basis van een daartoe strekkend voorstel van de betreffende interconnectorsysteembeheerder goed indien deze in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtens,of andere bindende EU-rechtshandelingen. 2 artikel 3.122, tweede lid De Autoriteit Consument en Markt keurt de methoden of voorwaarden van een LNG-beheerder, bedoeld in, op basis van een daartoe strekkend voorstel van de betreffende LNG-beheerder goed indien deze redelijk, transparant en niet discriminerend zijn en in overeenstemming zijn met deze wet en bindende EU-rechtshandelingen. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan vereisen dat de aan haar voorgelegde methoden of voorwaarden worden gewijzigd voordat zij deze goedkeurt en kan hiervoor aanwijzingen geven. 4 De Autoriteit Consument en Markt publiceert een op grond van dit artikel genomen besluit op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 5 Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de methoden of voorwaarden van de LNG-beheerder, bedoeld in het tweede lid, nadere regels worden gesteld over de procedure tot goedkeuring van de methoden of voorwaarden en de publicatie en inwerkingtreding van de methoden of voorwaarden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.124 — Artikel 3.124 ontheffing methoden en voorwaarden#
Artikel 3.124 ontheffing methoden en voorwaarden 1 artikel 3.119, eerste lid artikel 3.121, eerste lid De Autoriteit Consument en Markt kan op verzoek voor een in de ontheffing te bepalen periode ontheffing verlenen van, indien onverkorte toepassing daarvan naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt in het voorliggende geval ongewenste gevolgen heeft en de vereisten en belangen, bedoeld in, zich daar niet tegen verzetten. 2 Artikel 3.119, tweede lid , is niet van toepassing voor zover een ontheffing is verleend. 3 De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan de ontheffing en kan de ontheffing of de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen wijzigen. 4 De Autoriteit Consument en Markt kan de ontheffing intrekken, indien: a. de houder van de ontheffing hierom verzoekt; b. de houder van de ontheffing de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen niet nakomt; c. de houder van de ontheffing bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; d. artikel 3.121, eerste lid zij, gelet op de vereisten en belangen, bedoeld in, van oordeel is dat intrekking van de ontheffing noodzakelijk is. 5 De Autoriteit Consument en Markt publiceert een op grond van dit artikel genomen besluit op een voor eenieder kenbare en toegankelijke wijze. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.125 — Artikel 3.125 algemene voorwaarden#
Artikel 3.125 algemene voorwaarden 1 artikel 3.119, eerste lid artikel 3.122 Indien een transmissie- of distributiesysteembeheerder, een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee, een interconnectorsysteembeheerder of een LNG-beheerder bij het sluiten van overeenkomsten algemene voorwaarden toepast waarop, ofniet van toepassing is, zijn deze redelijk, transparant en niet-discriminerend. 2 artikelen 236 237 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek Deenzijn van toepassing op algemene voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, in een overeenkomst tussen een distributiesysteembeheerder en een aangeslotene met een kleine aansluiting die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.126 — Artikel 3.126 eisen overeenkomsten met transmissie- en distributiesysteembeheerders#
Artikel 3.126 eisen overeenkomsten met transmissie- en distributiesysteembeheerders Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de informatie die ten minste in een aansluitovereenkomst of transportovereenkomst tussen een distributiesysteembeheerder en een aangeslotene met een kleine aansluiting moet zijn opgenomen; b. artikelen 2.27 2.28 de documenten en informatie die een distributiesysteembeheerder aan een leverancier als bedoeld in deenverstrekt ten behoeve van de naleving van die artikelen. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.127 — Artikel 3.127 ontheffing nieuwe interconnectorsystemen voor elektriciteit#
Artikel 3.127 ontheffing nieuwe interconnectorsystemen voor elektriciteit verordening 2019/943 Onze Minister beslist, nadat de Autoriteit Consument en Markt, of in voorkomend geval, Acer, hierover advies heeft uitgebracht, op een verzoek om ontheffing als bedoeld in artikel 63 van. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.128 — Artikel 3.128 ontheffing nieuwe interconnectorsystemen voor gas#
Artikel 3.128 ontheffing nieuwe interconnectorsystemen voor gas 1 artikelen 3.1, eerste lid, onderdeel a 3.2, eerste lid, onderdeel d artikel 3.90, eerste lid artikel 3.10 artikel 3.47, eerste lid artikel 3.122, eerste lid Onze Minister kan voor een nieuw interconnectorsysteem voor gas op verzoek ontheffing verlenen van de, en, voor wat betreft het vereiste dat het interconnectorsysteem direct of indirect in eigendom moet zijn van de rechtspersoon die aanwijzing verzoekt,, ten aanzien van het van overeenkomstige toepassing verklaarde, artikel 3.90, derde lid, ten aanzien van het van overeenkomstige toepassing verklaarde, en, voor een in de ontheffing te bepalen periode, indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de aanleg van het interconnectorsysteem versterkt de mededinging bij de levering van gas en de leveringszekerheid; b. het risico van de investering nodig voor de aanleg van het interconnectorsysteem is zo groot dat de aanleg niet zal plaatsvinden als geen ontheffing wordt verleend; c. de eigendom van het interconnectorsysteem berust bij een ander dan de beheerder van het transmissiesysteem voor gas waarop de nieuw interconnectorsysteem zal worden aangesloten, d. de gebruikers van het interconnectorsysteem wordt een tarief in rekening gebracht; en e. de ontheffing belemmert niet de mededinging op of de doelmatige werking van de interne gasmarkt of de doelmatige werking van het transmissiesysteem voor gas waarop de nieuw interconnectorsysteem wordt aangesloten. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op aanmerkelijke uitbreidingen van de capaciteit van bestaande interconnectorsystemen en op wijzigingen van de interconnectorsystemen die de ontwikkeling van nieuwe bronnen van gasvoorziening bevorderen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.129 — Artikel 3.129 ontheffing nieuwe LNG-systemen of gasopslagsystemen#
Artikel 3.129 ontheffing nieuwe LNG-systemen of gasopslagsystemen 1 artikelen 3.94, eerste en vierde lid 3.100, eerste en vierde lid 3.103 3.115 3.122, tweede lid Onze Minister kan voor een nieuw LNG-systeem of gasopslagsysteem op verzoek een ontheffing verlenen van het bepaalde bij of krachtens de,,,,, voor een in de ontheffing bepaalde periode, indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de aanleg van het LNG-systeem of het gasopslagsysteem versterkt de mededinging bij de levering van gas en de leveringszekerheid; b. het risico van de investering nodig voor de aanleg van het LNG-systeem of het gasopslagsysteem is zo groot dat de aanleg niet zal plaatsvinden als geen ontheffing wordt verleend; c. de eigendom van het LNG-systeem of het gasopslagsysteem berust bij een ander dan de beheerder van het transmissiesysteem voor gas waarop het nieuwe LNG-systeem of opslagsysteem zal worden aangesloten; d. de gebruikers van het LNG-systeem of het gasopslagsysteem wordt een tarief in rekening gebracht; en e. de ontheffing belemmert niet de mededinging op of de doelmatige werking van de interne gasmarkt of de doelmatige werking van het transmissiesysteem voor gas waarop het nieuwe LNG-systeem of gasopslagsysteem wordt aangesloten. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op aanmerkelijke uitbreidingen van de capaciteit van een bestaand LNG-systeem of opslagsysteem en op een wijziging van een bestaand LNG-systeem of opslagsysteem die de ontwikkeling van nieuwe bronnen van gasvoorziening bevorderen. 3 De ontheffing kan betrekking hebben op het gehele nieuwe systeem onderscheidenlijk de aanmerkelijke uitbreiding of wijziging van een bestaand systeem dan wel op gedeelten daarvan. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 3.130 — Artikel 3.130 procedure en voorschriften en beperkingen ontheffing nieuwe interconnectorsystemen, LNG-systemen of gasopslagsystemen#
Artikel 3.130 procedure en voorschriften en beperkingen ontheffing nieuwe interconnectorsystemen, LNG-systemen of gasopslagsystemen 1 artikel 3.128, eerste lid artikel 3.129, eerste lid Onze Minister beslist zo spoedig mogelijk op een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in, of, maar uiterlijk binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag. 2 Indien de aanvraag voor een ontheffing betrekking heeft op een interconnectorsysteem voor gas, wordt de termijn voor het nemen van een besluit gerekend vanaf de datum waarop de laatste van de uit de landen betrokken regulerende instantie een verzoek om ontheffing heeft ontvangen en kan Onze Minister het nemen van een besluit ten hoogste eenmaal met een periode van drie maanden verlengen indien Acer met de verlenging heeft ingestemd. 3 Onze Minister kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een ontheffing. 4 artikel 3.128, eerste lid artikel 3.129, eerste lid Onze Minister verbindt ten minste voorschriften aan de ontheffing, bedoeld in, of, met betrekking tot de niet-discriminerende toegang tot het interconnectorsyteem, het LNG-systeem of gasopslagsysteem, onder andere over de mechanismen voor het beheer of de toewijzing van capaciteit. 5 Onze Minister zendt het besluit, bedoeld in het eerste lid, en alle relevante gegevens onverwijld aan de Europese Commissie. 6 Indien twee jaar na inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid, de bouw van de infrastructuur nog niet van start is gegaan of wanneer vijf jaar na inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid, de infrastructuur nog niet openbaar is geworden, vervalt de ontheffing. 7 In afwijking van het zesde lid wordt de van toepassing zijnde vervaltermijn als bedoeld in het zesde lid, opgeschort indien een houder van de ontheffing ten minste drie maanden voor afloop van die vervaltermijn, bedoeld in het zesde lid, Onze Minister verzoekt om vast te stellen dat de vertraging het gevolg is van grote hindernissen die buiten de macht liggen van de houder van de ontheffing, totdat Onze Minister op dat verzoek heeft beslist. 8 In afwijking van het zesde lid vervalt de ontheffing niet indien Onze Minister het verzoek, bedoeld in het zevende lid, toewijst. 9 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over: a. de inhoud van en de procedure voor de besluiten, bedoeld in het eerste en zevende lid, waaronder de inhoud van en de procedure voor de kennisgeving, bedoeld in het vijfde lid; b. de voorschriften die aan de ontheffing kunnen worden verbonden; c. de bekendmaking en inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid. 10 artikel 6:8, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vanvangt de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift aan op de dag van inwerkingtreding van een besluit als bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 gegevens en processen#
Artikel 4.1 gegevens en processen 1 Gegevens binnen de reikwijdte van deze wet kunnen worden onderscheiden in gegevens die worden verzameld, aangeleverd, ontvangen, bewerkt, verstrekt, waar toegang toe is en die worden uitgewisseld. 2 De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden gebruikt voor processen, zijnde: a. hoofdstukken 2 3 het functioneren van het energiesysteem, waarbinnen afnemen, leveren, terugleveren, faciliteren in peer-to-peer-handel, delen, aggregeren, overstappen, produceren, invoeden, opslaan, handelen, balanceren, meten, aansluiten, transporteren en het beheren en onderhouden van systemen in onderlinge samenhang plaatsvindt met het bepaalde bij of krachtens deen; b. het verkrijgen van inzage door een aangeslotene, een eindafnemer, een actieve afnemer of een invoeder in gegevens die op hem betrekking hebben; c. de toegang tot en uitwisseling van gegevens van een aangeslotene, een eindafnemer, een actieve afnemer of een invoeder aan een ander op basis van een verzoek van die aangeslotene, eindafnemer, actieve afnemer of invoeder; d. de toegang tot en uitwisseling van gegevens van een aangeslotene, een eindafnemer, een actieve afnemer of een invoeder, indien bij of krachtens een andere wet is bepaald dat een bij of krachtens die andere dan deze wet genoemde persoon toegang heeft tot de bij of krachtens die andere wet genoemde gegevens; e. de toegang tot en uitwisseling van gegevens van een aangeslotene, een eindafnemer, een actieve afnemer of een invoeder op grond van een bij ministeriële regeling aangewezen onderdeel van een bindende EU-rechtshandeling. 3 artikelen 4.2 tot en met 4.12 Bij ministeriële regeling worden ten behoeve van deregels gesteld over: a. de inrichting van de processen; b. de voorwaarden waaraan een proces voldoet; c. de voorwaarden waaraan gegevens voldoen. 4 artikel 3.23 Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de toegang tot en de uitwisseling van gegevens die op grond van de verordeningen genoemd inworden uitgewisseld, met uitzondering van bij ministeriële regeling aangewezen gegevens uit een bij ministeriële regeling aangewezen EU-verordening. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 controle bij verzamelen gegevens#
Artikel 4.2 controle bij verzamelen gegevens 1 Een partij die gegevens verzamelt of bewerkt draagt zorg voor de betrouwbaarheid en volledigheid daarvan en past redelijke procedures voor correctie van gegevens toe. 2 Een procedure is redelijk, wanneer dit blijkt uit de aard, inhoud en wijze van totstandkoming ervan. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de uitvoering van het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.3 — Artikel 4.3 zorgplicht gegevensbeveiliging#
Artikel 4.3 zorgplicht gegevensbeveiliging 1 Een partij die gegevens verzamelt, aanlevert, ontvangt, bewerkt of in een register heeft opgenomen, neemt passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen om de risico’s voor de beveiliging van die gegevens te beheersen. 2 De maatregelen zorgen, gezien de stand van de techniek, voor een niveau van beveiliging dat is afgestemd op de risico’s die zich voordoen. 3 Een partij als bedoeld in het eerste lid neemt passende maatregelen om incidenten die de beveiliging van gegevens bedreigen, te voorkomen en de gevolgen van dergelijke incidenten zo veel mogelijk te beperken. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de maatregelen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.4 — Artikel 4.4 melden incidenten#
Artikel 4.4 melden incidenten 1 artikel 4.3, eerste lid Een partij als bedoeld in, meldt onverwijld bij Onze Minister een inbreuk op de beveiliging van gegevens met aanzienlijke gevolgen voor: a. de toegang tot en uitwisseling van gegevens; b. de aangeslotene wiens gegevens het betreft. 2 Een partij verstrekt Onze Minister op diens verzoek de informatie die nodig is om een gemelde inbreuk op de beveiliging van gegevens te beoordelen. 3 Indien openbaarmaking in het algemeen belang is, kan Onze Minister een beveiligingsincident, bedoeld in het eerste lid, openbaar maken of de betreffende partij verplichten tot openbaarmaking. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de melding, informatieverstrekking aan Onze Minister en openbaarmaking. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.5 — Artikel 4.5 register transmissie- of distributiesysteembeheerder#
Artikel 4.5 register transmissie- of distributiesysteembeheerder 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder houdt een register bij waarin hij bij ministeriële regeling te bepalen gegevens opneemt die hij op grond van deze wet verzamelt of bewerkt over: a. aansluitingen, overdrachtspunten en allocatiepunten; b. aangeslotenen, waaronder gegevens uit een aansluitovereenkomst en een transportovereenkomst; c. systeemkoppelingen; d. installaties; e. transport; f. meetinrichtingen; g. metingen; h. paragrafen 3.3.7 3.3.8 3.3.9 artikel 3.79 onderwerpen, voor zover verbonden aan het uitvoeren van de taken of verplichtingen genoemd in de,enen onderwerpen, genoemd in. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder houdt een register bij waarin hij bij ministeriële regeling te bepalen gegevens opneemt die hij op grond van het bepaalde bij of krachtens deze wet ontvangt en bewerkt over: a. het actief zijn van leveranciers, marktdeelnemers die aggregeren, balanceringsverantwoordelijken en meetverantwoordelijke partijen op een allocatiepunt; b. eindafnemers; c. actieve afnemers; d. invoeders; e. de contractperiode en de opzegtermijn van een overeenkomst tussen een marktdeelnemer en een eindafnemer, een actieve afnemer of een invoeder; f. installaties; g. inning en facturatie van tarieven; h. meetinrichtingen; i. metingen. 3 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de frequentie waarmee en de termijn waarbinnen een transmissie- of distributiesysteembeheerder gegevens verzamelt, bewerkt en opneemt in het register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.6 — Artikel 4.6 register beheerder gesloten systeem#
Artikel 4.6 register beheerder gesloten systeem 1 artikel 1 van de Spoorwegwet Een beheerder van een gesloten systeem, met uitzondering van de beheerder, bedoeld in, houdt een register bij waarin hij bij ministeriële regeling te bepalen gegevens opneemt die hij op grond van deze wet verzamelt of bewerkt over: a. aansluitingen, overdrachtspunten en allocatiepunten; b. aangeslotenen; c. installaties; d. transport; e. meetinrichtingen; f. metingen; g. artikel 3.79, onderdelen a tot en met c onderwerpen, genoemd in. 2 In het geval een aangeslotene op een gesloten systeem niet behoort tot het bedrijf van de beheerder van het gesloten systeem en die beheerder niet aan die aangeslotene elektriciteit of gas levert, houdt een beheerder van een gesloten systeem een register bij waarin hij gegevens opneemt die hij op grond van deze wet ontvangt en bewerkt over: a. leveranciers, marktdeelnemers die aggregeren, balanceringsverantwoordelijken en meetverantwoordelijke partijen op een allocatiepunt; b. installaties; b. meetinrichtingen; c. metingen; e. de contractperiode en de opzegtermijn van een overeenkomst tussen een marktdeelnemer en een eindafnemer of een actieve afnemer. 3 artikel 1 van de Spoorwegwet Verordening (EU). 1301/2014 De beheerder van een gesloten systeem zijnde de beheerder, bedoeld in, houdt een register bij waarin hij bij ministeriële regeling te bepalen gegevens opneemt die hij op grond van deze wet envan de Commissie van 18 november 2014 betreffende de technische specificatie inzake interoperabiliteit van het subsysteem «energie» van het spoorwegsysteem in de Unie verzamelt of bewerkt over: a. aansluitingen, overdrachtspunten en allocatiepunten; b. aangeslotenen; c. metingen. 4 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de frequentie waarmee en de termijn waarbinnen een beheerder van een gesloten systeem gegevens verzamelt, bewerkt en opneemt in het register. 5 Gegevens worden niet langer bewaard dan noodzakelijk is voor het doel van gebruik. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.7 — Artikel 4.7 register meetverantwoordelijke partij#
Artikel 4.7 register meetverantwoordelijke partij 1 artikel 2.48 artikel 3.56 Een meetverantwoordelijke partij houdt ter uitvoering vaneneen register bij waarin hij bij ministeriële regeling te bepalen gegevens opneemt die hij verzamelt of bewerkt over: a. meetinrichtingen; b. metingen. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de frequentie waarmee en de termijn waarbinnen een meetverantwoordelijke partij gegevens verzamelt, bewerkt en opneemt in het register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.8 — Artikel 4.8 aanleveren gegevens#
Artikel 4.8 aanleveren gegevens 1 Een leverancier levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. het actief zijn op een allocatiepunt; b. de eindafnemer; c. de aansluitovereenkomst bij aangeslotenen met een kleine aansluiting; d. de transportovereenkomst bij aangeslotenen met een kleine aansluiting; e. het innen van tarieven bij aangeslotenen met een kleine aansluiting; f. metingen; g. de contractperiode en de opzegtermijn van de leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel met een eindafnemer op een allocatiepunt. 2 Een marktdeelnemer die door een actieve afnemer elektriciteit teruggeleverd krijgt of ten behoeve van hem faciliteert in peer-to-peer-handel, levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. het actief zijn op een allocatiepunt; b. de actieve afnemer; c. de contractperiode en de opzegtermijn van de aggregatieovereenkomst met een actieve afnemer d. de productie-installatie. 3 Een marktdeelnemer die vraagresponsdiensten levert aan een actieve afnemer, levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. het actief zijn op een allocatiepunt; b. de actieve afnemer; c. de contractperiode en de opzegtermijn van de vraagresponsovereenkomst met een actieve afnemer; 4 Een balanceringsverantwoordelijke levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. het actief zijn op een allocatiepunt; b. de eindafnemer, actieve afnemer of invoeder; c. de contractperiode en de opzegtermijn van de balanceringsovereenkomst met een eindafnemer, actieve afnemer of invoeder op een allocatiepunt. 5 Een aangeslotene met een grote aansluiting op een transmissiesysteem voor gas die alleen gas invoedt of een gasopslagbeheerder is levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. meetinrichtingen; b. metingen. 6 Een meetverantwoordelijke partij levert de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. de aansluiting waarop hij actief is; b. meetinrichtingen; c. metingen. 7 artikel 2.46, tweede lid Indien op grond van, een meetinrichting is vereist, levert de partij die verantwoordelijk is voor het installeren en beheren van die meetinrichting en voor het verzamelen van meetgegevens, de bij ministeriële regeling te bepalen door hem verzamelde gegevens aan bij een daarbij bepaalde registerbeheerder met betrekking tot: a. de aansluiting of het allocatiepunt waarop hij actief is; b. meetinrichtingen; c. metingen. 8 Een partij levert de gegevens, bedoeld in eerste tot en met zevende lid, aan middels een faciliteit die de gegevensuitwisselingsentiteit daarvoor beschikbaar stelt. 9 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld: a. over de frequentie waarmee gegevens moeten worden aangeleverd; b. de termijn waarbinnen gegevens moeten worden aangeleverd; c. de voorwaarden waaronder gegevens moeten worden aangeleverd. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.9 — Artikel 4.9 gebruiken en verstrekken gegevens transmissie- of distributiesysteembeheerder#
Artikel 4.9 gebruiken en verstrekken gegevens transmissie- of distributiesysteembeheerder 1 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder gebruikt de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen voor de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen met betrekking tot het: a. beheren en onderhouden van zijn systeem; b. bepalen van tarieven; c. uitvoeren van een aansluitovereenkomst; d. uitvoeren van transportovereenkomst; e. transporteren; f. balanceren; g. beheren en onderhouden van zijn meetinrichtingen; h. treffen van voorzieningen en het informeren van aangeslotenen; i. paragrafen 3.3.7 3.3.8 3.3.9 artikel 3.79 uitvoeren van de taken of verplichtingen genoemd in de,enen in. 2 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verstrekt aan een leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, balanceringsverantwoordelijke, meetverantwoordelijke partij, een andere transmissie- of distributiesysteembeheerder, een beheerder van een gesloten systeem en Onze Minister de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen ten behoeve van het: a. sluiten, uitvoeren en beëindigen van een overeenkomst; b. overstappen; c. verstrekken van facturen, factureringsinformatie, opwekkingsgegevens en verbruiksgegevens; d. innen van tarieven; e. uitvoeren van de balanceringsverantwoordelijkheid; f. uitvoeren van metingen; g. uitgeven van garanties van oorsprong; h. beheren en onderhouden van systemen; i. balanceren; j. treffen van voorzieningen en het informeren van aangeslotenen. 3 artikel 4.1, tweede lid, onderdelen b, c, d en e Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verstrekt ter uitvoering van, de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens aan de verzoekende partij of aan een ander zoals bepaald door de verzoekende partij. 4 artikel 4.16 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder verstrekt de gegevens, bedoeld in het tweede en derde lid, middels de faciliteit van de gegevensuitwisselingsentiteit en geeft de gegevensuitwisselingsentiteit ter uitvoering vantoegang tot zijn register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.10 — Artikel 4.10 gebruiken en verstrekken gegevens beheerder gesloten systeem#
Artikel 4.10 gebruiken en verstrekken gegevens beheerder gesloten systeem 1 Een beheerder van een gesloten systeem gebruikt de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen voor de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen met betrekking tot het: a. beheren en onderhouden van zijn systeem; b. bepalen van tarieven; c. uitvoeren van aansluit- en transportovereenkomsten; d. transporteren; e. beheren en onderhouden van zijn meetinrichtingen; f. artikel 3.79, onderdelen a tot en met c uitvoeren van. 2 In het geval een aangeslotene op een gesloten systeem niet behoort tot het bedrijf van de beheerder van het gesloten systeem en die beheerder niet aan die aangeslotene elektriciteit of gas levert, verstrekt een beheerder van een gesloten systeem aan leveranciers, marktdeelnemers die aggregeren, balanceringsverantwoordelijken, meetverantwoordelijke partijen, Onze Minister en andere systeembeheerders de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen ten behoeve van het: a. sluiten, uitvoeren en beëindigen van een overeenkomst; b. overstappen; c. verstrekken van facturen, factureringsinformatie, opwekkingsgegevens en verbruiksgegevens; d. uitvoeren van de balanceringsverantwoordelijkheid; e. uitvoeren van metingen; f. uitgeven van garanties van oorsprong. 3 artikel 4.1, tweede lid, onderdelen b, c, d en e Indien het tweede lid van toepassing is, verstrekt een beheerder van een gesloten systeem ter uitvoering van, de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die hij in zijn register heeft opgenomen aan de verzoekende partij of aan een ander zoals bepaald door de verzoekende partij. 4 artikel 4.16 Een beheerder van een gesloten systeem verstrekt de gegevens, bedoeld in het eerste en tweede lid, middels een faciliteit van de gegevensuitwisselingsentiteit en geeft de gegevensuitwisselingsentiteit ter uitvoering vantoegang tot zijn register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.11 — Artikel 4.11 gebruiken en verstrekken gegevens meetverantwoordelijke partij#
Artikel 4.11 gebruiken en verstrekken gegevens meetverantwoordelijke partij 1 Een meetverantwoordelijke partij verstrekt aan een marktdeelnemer, balanceringsverantwoordelijke, systeembeheerder en Onze Minister de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen ten behoeve van het: a. sluiten, uitvoeren en beëindigen van een overeenkomst; b. overstappen; c. verstrekken van facturen, factureringsinformatie, opwekkingsgegevens en verbruiksgegevens; d. uitvoeren van de balanceringsverantwoordelijkheid; e. uitgeven van garanties van oorsprong; f. balanceren. 2 artikel 4.1, tweede lid, onderdelen b, c, d en e Een meetverantwoordelijke partij verstrekt ter uitvoering van, de bij ministeriële regeling te bepalen gegevens die in zijn register zijn opgenomen aan de verzoekende partij of aan een ander zoals bepaald door de verzoekende partij. 3 artikel 4.16 Een meetverantwoordelijke partij verstrekt de gegevens, bedoeld in het eerste en tweede lid, middels een faciliteit van de gegevensuitwisselingsentiteit en geeft de gegevensuitwisselingsentiteit ter uitvoering vantoegang tot zijn register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.12 — Artikel 4.12 register andere partijen#
Artikel 4.12 register andere partijen 1 Bij algemene maatregel van bestuur kan: a. artikel 4.1, tweede lid een andere partij worden aangewezen die ter uitvoering van, een register moeten bijhouden; b. worden bepaald ten behoeve van welke doelen deze partij gegevens verzamelt of bewerkt. 2 Bij toepassing van het eerste lid wordt bij ministeriële regeling bepaald welke gegevens ten behoeve van welke doelen, bedoeld in het eerste lid, de aangewezen partij: a. in zijn register verzamelt of bewerkt; b. ontvangt en in zijn register opneemt; c. aan een andere registerbeheerder aanlevert; d. gebruikt; e. aan welke derde verstrekt. 3 artikel 4.16 Een aangewezen partij verstrekt de gegevens, bedoeld in het tweede lid, middels de faciliteit van de gegevensuitwisselingsentiteit en geeft de gegevensuitwisselingsentiteit ter uitvoering vantoegang tot zijn register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.13 — Artikel 4.13 controle van gegevens door registerbeheerder#
Artikel 4.13 controle van gegevens door registerbeheerder 1 artikel 4.2 Onverminderdgaat een registerbeheerder bij het ontvangen van gegevens de betrouwbaarheid en volledigheid daarvan na en past hij redelijke procedures voor correctie van gegevens door de partij van wie hij de gegevens heeft ontvangen toe. 2 Bij het beheer van zijn register voert een registerbeheerder een steekproefsgewijze en periodieke controle uit op betrouwbaarheid en volledigheid van de gegevens en past procedures voor correctie van gegevens toe. 3 Een procedure is redelijk, wanneer dit blijkt uit de aard, inhoud en wijze van totstandkoming daarvan. 4 Een registerbeheerder bewaart de gegevens die in een register zijn opgenomen gedurende een bij ministeriële regeling gestelde termijn. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de uitvoering van het eerste, tweede en derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.14 — Artikel 4.14 identificatie door registerbeheerder#
Artikel 4.14 identificatie door registerbeheerder 1 artikel 4.8 Een registerbeheerder neemt passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen ter identificatie, authenticatie en autorisatie van degene die op grond vangegevens aanlevert. 2 De maatregelen zorgen, gezien de stand van de techniek, voor een niveau van identificatie, authenticatie en autorisatie dat is afgestemd op de risico’s die zich voordoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.15 — Artikel 4.15 gegevensuitwisselingsentiteit#
Artikel 4.15 gegevensuitwisselingsentiteit 1 De transmissie- en distributiesysteembeheerders richten gezamenlijk een rechtspersoon op die de taken van de gegevensuitwisselingsentiteit uitvoert en houden gezamenlijk de zeggenschap over deze rechtspersoon. 2 artikelen 4.16 tot en met 4.24 De transmissie- en distributiesysteembeheerders voorzien de gegevensuitwisselingsentiteit van voldoende middelen ter uitvoering van de bij of krachtens deopgedragen taken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.16 — Artikel 4.16 toegang en uitwisseling#
Artikel 4.16 toegang en uitwisseling 1 artikelen 4.8 tot en met 4.11 artikelen 4.8 tot en met 4.12 De gegevensuitwisselingsentiteit geeft overeenkomstig het bepaalde bij en krachtens detoegang tot en faciliteert de uitwisseling van de gegevens, bedoeld in de. 2 De gegevensuitwisselingsentiteit handelt redelijk, transparant en niet-discriminerend en bevoordeelt een transmissie- of distributiesysteembeheerder niet boven andere partijen. 3 artikel 4.25 De gegevensuitwisselingsentiteit biedt een of meerdere faciliteiten aan voor de toegang tot en de uitwisseling van gegevens, met toepassing van een elektronisch communicatiesysteem of een op basis van de afspraken, bedoeld in, gekozen systeem. 4 De gegevensuitwisselingsentiteit houdt voor de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, een register bij. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de gegevens die worden opgenomen in het register. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.17 — Artikel 4.17 procedures voor toegang en uitwisseling#
Artikel 4.17 procedures voor toegang en uitwisseling 1 artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit neemt passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen om te zorgen voor toegang tot en uitwisseling van gegevens ten behoeve van de verschillende processen, bedoeld in. 2 richtlijn 2019/944 artikel 4.25 De gegevensuitwisselingsentiteit past, met inachtneming van de interoperabiliteitsvoorschriften en procedures die zijn vastgesteld bij of krachtens artikel 24, tweede lid, vanen met inachtneming van de afspraken, bedoeld in, procedures en voorwaarden toe die redelijk, objectief, transparant en niet discriminerend zijn en maakt deze openbaar. 3 De gegevensuitwisselingsentiteit past in ieder geval procedures en voorwaarden toe ten aanzien van toegang, gegevensuitwisseling, gegevensbescherming en gegevensbeveiliging. 4 Een procedure of voorwaarde is redelijk, wanneer dit blijkt uit de aard, inhoud en wijze van totstandkoming daarvan. 5 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het tweede en derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.18 — Artikel 4.18 weigeren toegang#
Artikel 4.18 weigeren toegang artikel 4.17 De gegevensuitwisselingsentiteit kan een partij die om toegang verzoekt de toegang tot en de uitwisseling van gegevens weigeren indien die partij de procedures, bedoeld in, niet naleeft. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.19 — Artikel 4.19 efficiënte en gemakkelijke toegang#
Artikel 4.19 efficiënte en gemakkelijke toegang 1 artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit verleent binnen een redelijke termijn op een gemakkelijke wijze toegang tot gegevens ten behoeve van de processen, bedoeld in. 2 artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit neemt passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen om meerdere partijen gelijktijdig toegang tot gegevens te verlenen ten behoeve van de processen, bedoeld in. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de termijn waarbinnen toegang tot gegevens wordt verleend. Deze termijn kan verschillen voor toegang tot gegevens ten behoeve van verschillende processen. 4 artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit brengt geen kosten in rekening voor de toegang tot en uitwisseling van gegevens ten behoeve van de processen, bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.20 — Artikel 4.20 identificatie door gegevensuitwisselingsentiteit#
Artikel 4.20 identificatie door gegevensuitwisselingsentiteit 1 De gegevensuitwisselingsentiteit neemt bij het verlenen van toegang tot gegevens passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen ter identificatie, authenticatie en autorisatie: a. van degene aan wie hij toegang verleent; en b. van de betreffende aangeslotene, eindafnemer, actieve afnemer of invoeder indien de toegang tot gegevens aan een ander is gebaseerd op een verzoek van die aangeslotene, eindafnemer, actieve afnemer of invoeder. 2 De maatregelen zorgen, gezien de stand van de techniek, voor een niveau van identificatie, authenticatie en autorisatie dat is afgestemd op de risico’s die zich voordoen. 3 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de maatregelen. 4 De gegevensuitwisselingsentiteit verwerkt bij het verlenen van toegang tot gegevens het burgerservicenummer voor zover dit noodzakelijk is voor de identificatie, authenticatie en autorisatie van de betreffende aangeslotene, eindafnemer, actieve afnemer of invoeder, zijnde een natuurlijk persoon. 5 artikel 3, eerste lid, onder d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer De gegevensuitwisselingsentiteit is bij de toepassing van het vierde lid bevoegd de registraties, bedoeld inte raadplegen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.21 — Artikel 4.21 gegevensbescherming en gegevensbeveiliging#
Artikel 4.21 gegevensbescherming en gegevensbeveiliging 1 De gegevensuitwisselingsentiteit neemt passende en evenredige technische en organisatorische maatregelen om de risico’s te beheersen: a. artikel 4.16, vierde lid voor de beveiliging van gegevens die in een register als bedoeld in, zijn opgenomen; en b. artikel 4.1, tweede lid het verlenen van toegang tot en het faciliteren van de uitwisseling van gegevens ten behoeve van de processen, bedoeld in. 2 De maatregelen zorgen, gezien de stand van de techniek, voor een niveau van beveiliging dat is afgestemd op de risico’s die zich voordoen. 3 De gegevensuitwisselingsentiteit neemt passende maatregelen om incidenten die de beveiliging van gegevens bedreigen, te voorkomen en de gevolgen van dergelijke incidenten zo veel mogelijk te beperken. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de maatregelen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.22 — Artikel 4.22 melden incidenten#
Artikel 4.22 melden incidenten 1 De gegevensuitwisselingsentiteit meldt onverwijld bij Onze Minister een inbreuk op de beveiliging van gegevens met aanzienlijke gevolgen voor: a. de toegang tot en uitwisseling van gegevens; b. de aangeslotene wiens gegevens het betreft. 2 De gegevensuitwisselingsentiteit verstrekt Onze Minister op zijn verzoek de informatie die nodig is om een gemelde inbreuk op de beveiliging van gegevens te beoordelen. 3 Indien openbaarmaking in het algemeen belang is, kan Onze Minister een beveiligingsincident als bedoeld in het eerste lid, openbaar maken of de gegevensuitwisselingsentiteit verplichten tot openbaarmaking. 4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de melding, informatieverstrekking aan Onze Minister en openbaarmaking. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.23 — Artikel 4.23 rapportageverplichting#
Artikel 4.23 rapportageverplichting 1 De gegevensuitwisselingsentiteit rapporteert jaarlijks aan de Autoriteit Consument en Markt over de uitvoering van zijn taken en maakt deze rapportage openbaar. 2 richtlijn 2019/944 De gegevensuitwisselingsentiteit rapporteert op verzoek van Onze Minister over de toepassing van de uitvoeringshandelingen als bedoeld in artikel 24, tweede lid, van. 3 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de eisen waaraan de rapportages moeten voldoen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.24 — Artikel 4.24 klachtenprocedure#
Artikel 4.24 klachtenprocedure 1 artikel 4.16, vierde lid artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit voorziet in een transparante en eenvoudige procedure voor de behandeling van klachten van degene die gegevens aanlevert die in een register als bedoeld in, zijn opgenomen en degene die toegang vraagt tot gegevens ten behoeve de processen, bedoeld in. 2 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over: a. de voorwaarden en inrichting waaraan de klachtenprocedure moet voldoen; b. de termijnen die gelden voor de klachtenprocedure. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 4.25 — Artikel 4.25 overleg en afspraken#
Artikel 4.25 overleg en afspraken 1 artikel 4.1, tweede lid De gegevensuitwisselingsentiteit treedt in overleg met de overige partijen die voor de processen, bedoeld in, overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet gegevens dienen te verzamelen, aanleveren, ontvangen, bewerken, verstrekken of uitwisselen, alsmede met anderen die een belang hebben bij de uitvoering van deze processen, ten einde tot afspraken te komen die nodig zijn voor een effectieve, efficiënte en betrouwbare elektronische uitwisseling van gegevens ten behoeve van voornoemde processen. 2 De gegevensuitwisselingsentiteit draagt zorg voor een effectieve, transparante en niet-discriminerende ondersteuning bij de totstandkoming en invoering van de afspraken. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste en tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 aanwijzen regulerende instantie en taken ACM#
Artikel 5.1 aanwijzen regulerende instantie en taken ACM 1 richtlijn 2009/73 richtlijn 2019/944 verordening 715/2009 verordening 1227/2011 verordening 2017/1938 verordening 2019/941 verordening 2019/942 verordening 2019/943 verordening 2022/869 De Autoriteit Consument en Markt is de nationale regulerende instantie, bedoeld in artikel 39, eerste lid, vanen artikel 57, eerste lid, vanen uit dien hoofde belast met de taken die aan de nationale regulerende instantie zijn opgedragen bij of krachtens,,,,,en. 2 De Autoriteit Consument en Markt is belast met de bij algemene maatregel van bestuur gestelde taken: a. richtlijn 2009/73 richtlijn 2019/944 ter uitvoering vanen; b. die betrekking hebben op de samenwerking met bevoegde instanties van derde landen. 3 Bij ministeriële regeling: a. kan de Autoriteit Consument en Markt, ter uitvoering van bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van elektriciteit of gas, worden aangewezen als de nationale regulerende instantie, bevoegde instantie of bevoegde autoriteit en worden belast met taken of bevoegdheden; b. kunnen procedurevoorschriften worden gesteld ter uitvoering van de in onderdeel a bedoelde taken of bevoegdheden. 4 richtlijn 2009/73 richtlijn 2019/944 De Autoriteit Consument en Markt houdt bij de uitoefening van de haar bij of krachtens deze wet toegekende taken en bevoegdheden rekening met artikel 40 vanen artikel 58 van. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.2 — Artikel 5.2 markttoezicht levering#
Artikel 5.2 markttoezicht levering 1 De Autoriteit Consument en Markt ziet er op toe dat huishoudelijk eindafnemers en micro-ondernemingen verzekerd zijn van de levering van elektriciteit of gas tegen concurrerende, eenvoudig en duidelijk vergelijkbare, transparante, redelijke en niet-discriminerende prijzen. 2 De Autoriteit Consument en Markt kan ter verzekering van de levering, bedoeld in het eerste lid, een bindende gedragslijn opleggen. 3 artikel 12a, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt De op grond vanaangewezen ambtenaren die zijn belast met het toezicht op de naleving van deze wet, zijn tevens belast met de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid. 4 Bij ministeriële regeling worden met het oog op de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, regels gesteld over de verstrekking van gegevens door leveranciers aan de Autoriteit Consument en Markt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.3 — Artikel 5.3 jaarlijks verslag ACM#
Artikel 5.3 jaarlijks verslag ACM 1 De Autoriteit Consument en Markt stelt jaarlijks een verslag op over de uitvoering van de haar bij of krachtens deze wet opgedragen taken. Het verslag bevat een overzicht van de behaalde resultaten en genomen maatregelen. 2 De Autoriteit Consument en Markt zendt het verslag toe aan Onze Minister, Acer en de Europese Commissie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.4 — Artikel 5.4 geschillenbeslechting partij-systeembeheerder door ACM#
Artikel 5.4 geschillenbeslechting partij-systeembeheerder door ACM 1 Een partij die een geschil heeft met een systeembeheerder over de wijze waarop deze beheerder zijn taken en bevoegdheden op grond van deze wet uitoefent, dan wel aan zijn verplichtingen op grond van deze wet voldoet, kan een klacht bij de Autoriteit Consument en Markt indienen. Een klacht omvat een aanvraag om een besluit. 2 artikel 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht De Autoriteit Consument en Markt neemt binnen twee maanden na ontvangst van de klacht een besluit. In afwijking vankan deze termijn met twee maanden worden verlengd als de Autoriteit Consument en Markt de indiener van de klacht, of de betreffende systeembeheerder om aanvullende gegevens verzoekt. Indien de indiener van de klacht daarmee instemt, kan de Autoriteit Consument en Markt een langere termijn stellen. 3 Het besluit van de Autoriteit Consument en Markt is bindend. 4 Het indienen van een klacht als bedoeld in het eerste lid laat onverlet elke mogelijkheid voor de desbetreffende partij een hem ter beschikking staand rechtsmiddel aan te wenden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.5 — Artikel 5.5 geschillenbeslechting vraagrespons door ACM#
Artikel 5.5 geschillenbeslechting vraagrespons door ACM 1 artikel 2.41, tweede lid Als de balanceringsverantwoordelijken, bedoeld in, een geschil hebben over de financiële compensatie of de voorwaarden voor aanpassing van het elektriciteitsprogramma als gevolg van de vraagrespons of de uitwisseling van relevante gegevens, over de vergoeding van eventuele onbalanskosten die hierdoor ontstaan en de uitwisseling van relevante gegevens kan elk van de balanceringsverantwoordelijken een klacht bij de Autoriteit Consument en Markt indienen. Een klacht omvat een aanvraag om een besluit. 2 Het besluit van de Autoriteit Consument en Markt is bindend. 3 Het indienen van een klacht als bedoeld in het eerste lid laat onverlet elke mogelijkheid voor de desbetreffende partij een hem ter beschikking staand rechtsmiddel aan te wenden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.6 — Artikel 5.6 grensoverschrijdende geschillen#
Artikel 5.6 grensoverschrijdende geschillen artikelen 5.4 5.5 In het geval van een landsgrensoverschrijdend geschil is de Autoriteit Consument en Markt onbevoegd te beslissen op een klacht als bedoeld in derespectievelijk, als de systeembeheerder waartegen de klacht is gericht onder de rechtsmacht van een andere lidstaat van de Europese Unie valt, dan wel, indien het een interconnectorsysteembeheerder voor gas betreft, onder de rechtsmacht van een ander land valt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.7 — Artikel 5.7 aanwijzen Minister als bevoegde instantie#
Artikel 5.7 aanwijzen Minister als bevoegde instantie 1 Onze Minister is belast met de taken die bij algemene maatregel van bestuur kunnen worden vastgesteld: a. richtlijn 2009/73 richtlijn 2019/944 ter uitvoering vanen; b. die betrekking hebben op samenwerking met derde landen. 2 Bij ministeriële regeling: a. kan Onze Minister, ter uitvoering van bindende EU-rechtshandelingen op het gebied van elektriciteit of gas, worden aangewezen als bevoegde instantie of bevoegde autoriteit of worden belast met taken of bevoegdheden; b. kunnen procedurevoorschriften worden gesteld ter uitvoering van de in onderdeel a bedoelde taken of bevoegdheden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.8 — Artikel 5.8 voorzieningen capaciteit en kwaliteit#
Artikel 5.8 voorzieningen capaciteit en kwaliteit 1 Indien naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt blijkt dat een transmissie- of distributiesysteembeheerder in onvoldoende mate of niet op een doelmatige wijze kan of zal kunnen voorzien in het door hem te bereiken niveau van de kwaliteit van zijn transportdienst of de totale behoefte aan capaciteit voor het transport van elektriciteit of gas over de door hem beheerde systemen, meldt zij dat na overleg met de desbetreffende beheerder aan Onze Minister. 2 Nadat Onze Minister een melding heeft ontvangen, kan hij aan de desbetreffende beheerder opdragen voorzieningen te treffen teneinde zeker te stellen dat het transport van elektriciteit of gas in voldoende mate of op een doelmatige wijze plaatsvindt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.9 — Artikel 5.9 maatregelen functioneren transmissie- of distributiesysteembeheerder#
Artikel 5.9 maatregelen functioneren transmissie- of distributiesysteembeheerder 1 Indien Onze Minister vaststelt dat een transmissie- of distributiesysteembeheerder niet meer voldoet aan de eisen om te worden aangewezen, kan hij de desbetreffende beheerder opdragen door hem noodzakelijk geachte voorzieningen te treffen. 2 artikel 5.8, tweede lid Indien een transmissie- of distributiesysteembeheerder niet voldoet aan een opdracht als bedoeld in het eerste lid, indien Onze Minister vaststelt dat opdrachten, bedoeld in, niet worden uitgevoerd of indien naar zijn oordeel door de bedrijfsvoering van deze beheerder de continuïteit of de betrouwbaarheid van de elektriciteits- of gasvoorziening in gevaar komt en onverwijld ingrijpen noodzakelijk is, kan Onze Minister de aanwijzing van de desbetreffende beheerder vervallen verklaren en uiterlijk op de dag waarop die aanwijzing vervalt een andere rechtspersoon als transmissie- of distributiesysteembeheerder aanwijzen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.10 — Artikel 5.10 aanwijzen stille curator#
Artikel 5.10 aanwijzen stille curator 1 Indien naar het oordeel van Onze Minister door de bedrijfsvoering van een transmissie- of distributiesysteembeheerder de continuïteit of de betrouwbaarheid van de leveringszekerheid of de voorzieningszekerheid in gevaar komt en onverwijld ingrijpen noodzakelijk is, kan Onze Minister de desbetreffende beheerder aanzeggen dat hij vanaf een bepaald tijdstip voor een bepaalde termijn de opdrachten dient op te volgen die aan hem worden gegeven door een door Onze Minister aangewezen persoon. 2 Bij de aanzegging geeft Onze Minister aan ter bescherming van welk belang de aanzegging geschiedt. Bij de aanzegging kunnen voorschriften en beperkingen worden gesteld aan de te geven opdrachten. De aangewezen persoon verstrekt uitsluitend opdrachten ter bescherming van het aangegeven belang. 3 De transmissie- of distributiesysteembeheerder verschaft de door Onze Minister aangewezen persoon alle medewerking. 4 Voor schade die is voorgekomen uit handelen dat is verricht in strijd met het belang, bedoeld in het tweede lid, zijn bestuurders van de transmissie- of distributiesysteembeheerder persoonlijk aansprakelijk. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.11 — Artikel 5.11 beschermingsmaatregelen energiemarkt#
Artikel 5.11 beschermingsmaatregelen energiemarkt 1 richtlijn 2009/73 Onze Minister kan een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas bij een plotselinge crisis op de energiemarkt of wanneer de fysieke veiligheid van personen, de veiligheid of betrouwbaarheid van apparatuur of installaties of de systeemintegriteit worden bedreigd, opdragen maatregelen als bedoeld in artikel 46 vante nemen. Aan de opdracht kunnen voorwaarden, voorschriften en beperkingen worden verbonden. 2 Een aangeslotene, balanceringsverantwoordelijke of marktdeelnemer verleent de benodigde medewerking aan de uitvoering van de maatregelen. 3 verordening 2019/941 Bij ministeriële regeling kunnen met het oog op het tegengaan en beheersen van elektriciteitscrises regels worden gesteld ter uitvoering van risicoparaatheidsplannen voor elektriciteit als bedoeld in hoofdstuk III, van. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.12 — Artikel 5.12 strategische reserve#
Artikel 5.12 strategische reserve 1 verordening 2019/943 Onze Minister kan de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit opdragen een strategische reserve in te richten als bedoeld in artikel 21, derde lid, van. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de strategische reserve, bedoeld in het eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.13 — Artikel 5.13 analyse leveringszekerheid en voorzieningszekerheid#
Artikel 5.13 analyse leveringszekerheid en voorzieningszekerheid 1 Onze Minister verzamelt en analyseert systematisch inlichtingen en geaggregeerde gegevens met betrekking tot de leveringszekerheid en de voorzieningszekerheid. 2 Onze Minister stelt periodiek een verslag op voor elektriciteit of gas waarin hij zijn bevindingen en de getroffen of voorgenomen maatregelen vastlegt. 3 Onze Minister kan een transmissiesysteembeheerder opdragen werkzaamheden te verrichten ter uitvoering van het eerste en tweede lid. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld: a. over de gegevens, bedoeld in het eerste lid; b. over de inhoud van een verslag, het proces van opstellen van een verslag, de frequentie van het opstellen en de datum waarvoor dit verslag wordt vastgesteld; c. over de wijze waarop bekendheid wordt gegeven aan een verslag. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.14 — Artikel 5.14 subsidie transmissiesysteem voor elektriciteit op zee#
Artikel 5.14 subsidie transmissiesysteem voor elektriciteit op zee 1 artikel 3.118 artikel 3.117 Onze Minister kan een subsidie verstrekken aan een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee ter dekking van de door de Autoriteit Consument en Markt op grond vanvastgestelde toegestane vergoeding voor de uitvoering van zijn wettelijke taken, met uitzondering van de taken bedoeld in. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het verstrekken van de subsidie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.15 — Artikel 5.15 nadeelcompensatie#
Artikel 5.15 nadeelcompensatie 1 artikel 2.63, eerste lid Onze Minister kan een eindafnemer als bedoeld in, een vergoeding toekennen indien het verbod, bedoeld in dat artikel, voor die eindafnemer schade veroorzaakt die uitgaat boven het normale maatschappelijke risico en die de eindafnemer in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft. 2 Schade blijft in elk geval voor rekening van de eindafnemer voor zover: a. hij het risico van het ontstaan van de schade heeft aanvaard; b. hij de schade had kunnen beperken door binnen redelijke grenzen maatregelen te nemen, die tot voorkoming of vermindering van de schade hadden kunnen leiden; c. de schade anderszins het gevolg is van een omstandigheid die aan de aanvrager kan worden toegerekend; of d. de vergoeding van de schade anderszins is verzekerd. 3 artikel 2.63, eerste lid Indien het verbod, bedoeld in, tevens voordeel voor de eindafnemer heeft opgeleverd, wordt dit bij de vaststelling van de te vergoeden schade in aanmerking genomen. 4 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld die betrekking hebben op: a. het moment waarop de vergoeding kan worden aangevraagd; b. de gegevens die bij een aanvraag worden overgelegd; c. de termijn voor het geven van een beslissing op een aanvraag. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.17 — Artikel 5.17 toezicht op naleving door ACM#
Artikel 5.17 toezicht op naleving door ACM 1 De Autoriteit Consument en Markt is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde: a. artikelen 2.41, tweede lid 2.46, eerste lid 2.47, tweede lid artikel 5.18, eerste lid bij of krachtens deze wet, met uitzondering van de,, en, en de artikelen en onderwerpen, genoemd in; b. verordening 715/2009 verordening 1227/2011 verordening 2017/1938 verordening 2019/941 verordening 2019/942 verordening 2019/943 verordening 2022/869 bij of krachtens,,,,,en, met uitzondering van bij ministeriële regeling aan te wijzen voorschriften, gesteld krachtens die verordeningen, voor zover deze handelen over of samenhangen met cyberbeveiliging. 2 Het eerste lid is niet van toepassing voor zover Onze Minister de geadresseerde is. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.18 — Artikel 5.18 toezicht op naleving door Onze Minister#
Artikel 5.18 toezicht op naleving door Onze Minister 1 Onze Minister is belast met het toezicht op de naleving van: a. artikelen 2.46, eerste en derde lid 2.47, eerste lid 3.18 3.48 3.53, derde lid 3.62 3.67 tot en met 3.70 3.79, onderdeel a 4.3 4.4, eerste en tweede lid 4.14 4.20 4.21, eerste en tweede lid 4.22 5.8, tweede lid 5.9 5.10 5.11 6.3, eerste tot en met derde lid 7.28, zesde lid het bepaalde bij of krachtens de, voor zover het een aangeslotene met een kleine aansluiting betreft,,,,,,,,,,,,,,,,,,, en; b. artikel 3.74, aanhef en onderdeel a voor gas: het bepaalde bij of krachtens, voor zover het onderwerpen betreffen die samenhangen met de veiligheid van gas en artikel 3.74, aanhef en onderdeel b; c. verordening 715/2009 verordening 1227/2011 verordening 2017/1938 verordening 2019/941 verordening 2019/942 verordening 2019/943 verordening 2022/869 bij ministeriële regeling aan te wijzen voorschriften, gesteld krachtens,,,,ofof, voor zover deze voorschriften handelen over of samenhangen met cyberbeveiliging. 2 Onze Minister wijst bij besluit de ambtenaren aan die toezicht houden op de naleving van de artikelen bedoeld in het eerste lid. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.19 — Artikel 5.19 last onder dwangsom#
Artikel 5.19 last onder dwangsom 1 artikel 5.17 De Autoriteit Consument en Markt kan een last onder dwangsom opleggen in geval van overtreding van de voorschriften waarvoor het toezicht op de naleving aan haar is opgedragen krachtens. 2 artikel 5.18 Onze Minister kan een last onder dwangsom opleggen in geval van overtreding van de voorschriften waarvoor het toezicht op de naleving aan hem is opgedragen krachtens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.20 — Artikel 5.20 bindende gedragslijn en bindende aanwijzing#
Artikel 5.20 bindende gedragslijn en bindende aanwijzing 1 artikel 5.17 De Autoriteit Consument en Markt kan een bindende gedragslijn opleggen in verband met de naleving van voorschriften waarvoor het toezicht op de naleving aan haar is opgedragen krachtens. 2 Onze Minister kan een bindende aanwijzing geven of een bindende gedragslijn opleggen in verband met: a. artikel 5.18 de naleving van voorschriften waarvoor het toezicht op de naleving aan hem is opgedragen krachtens; b. artikel 3.25 de uitvoering van, voor zover het gaat om de bescherming van het transmissie- of distributiesysteem tegen invloeden van buitenaf. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.21 — Artikel 5.21 bestuurlijke boete#
Artikel 5.21 bestuurlijke boete 1 De Autoriteit Consument en Markt of Onze Minister kan, indien deze belast is met het toezicht op de naleving van deze artikelen, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen in geval van overtreding van: a. het bepaalde bij of krachtens de artikelen: 1°. 2.7 2.8 2.9 2.14 2.18, vijfde lid, onderdeel c 2.21, eerste en tweede lid 2.23 2.27, eerste, vierde en vijfde lid 2.28 2.29 2.32, eerste en tweede lid 2.35 2.36 2.40 2.45 2.49 2.50, zesde lid, onderdeel c 2.52 2.59 2.61, tweede lid, onderdelen a, c tot en met f 2.62, eerste en tweede lid 2.63, eerste en tweede lid 2.65, zesde lid 2.67 ,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,en; 2°. 3.4, vierde lid 3.9, tweede en derde lid 3.16 3.27, eerste, derde en vijfde lid, onderdelen b en d 3.45 3.50, vierde lid 3.52 3.53, derde lid 3.61 3.63 3.66 3.69 3.72, derde en vijfde lid 3.76 3.79 3.81 3.100, vijfde lid, onderdeel b 3.111, derde lid 3.112, vierde lid 3.113, vijfde lid 3.115, derde lid 3.119, derde lid 3.122, derde lid 3.123, vijfde lid 3.126, aanhef en onderdeel b ,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, voor zover het een overtreding van artikel 3.119, derde lid betreft,,; 3°. 4.2, eerste en derde lid 4.3, eerste, derde en vierde lid 4.4, eerste, tweede en vierde lid 4.13 4.23 ,,,,; 4°. 5.22, eerste en tweede lid 5.23 5.26, tweede lid ,,; 5°. verordening 1227/2011 8, 9 en 15 van; b. artikelen 3.85 3.90, eerste tot en met derde lid 3.104 de in de,, engenoemde artikelen, voor zover de daar genoemde artikelen zijn opgenomen in onderdeel a; c. het bepaalde bij of krachtens de artikelen: 1°. 2.3, eerste lid 2.5 2.6 2.12 2.13 2.15 2.16 2.17, eerste lid 2.18, eerste, tweede en vijfde lid, onderdelen a en b 2.21, vierde lid 2.22 2.24 2.25, eerste, derde en vierde lid 2.26 2.31, eerste tot en met derde en vijfde lid 2.34 2.38 2.39 2.41, eerste tot en met vierde lid 2.43 2.46, tweede lid, onderdelen b en c, en derde lid 2.48, eerste en tweede lid 2.50, eerste tot en met vierde en zesde lid 2.54, eerste en derde lid 2.55 2.56 ,,,,,,,,,,,,,,,,,,, 2.41,,,,,,,; 2°. 3.1 3.10, eerste tot en met vierde en achtste lid 3.11 3.12 3.13 3.17 3.18 3.19, eerste en tweede lid 3.20, tweede lid 3.21, eerste tot en met vierde lid 3.22 3.23 3.24 3.25, eerste, tweede en vierde lid 3.26 3.28, eerste lid 3.29, eerste lid 3.30 3.31 3.34 3.35, eerste, derde, vijfde en zesde lid 3.36, eerste lid 3.38, eerste tot en met derde lid 3.39, eerste en derde lid 3.40, eerste, tweede en vierde lid 3.41 3.43 3.44 3.46, eerste en tweede lid 3.47, eerste en tweede lid 3.48, eerste tot en met vijfde lid 3.49 3.50, eerste, tweede en derde lid 3.51 3.53, eerste en tweede lid 3.54 3.55 3.56, eerste en derde lid 3.57 3.58 3.59 3.60 3.62 3.64 3.65 3.70 3.73, eerste en derde lid 3.74 3.75 3.77 3.78, eerste, tweede en vijfde lid 3.83, derde lid 3.84 3.86 3.88 3.91 3.92 3.93 3.94, eerste, tweede en derde lid 3.95 3.96 3.97 3.98 3.99 3.100, eerste lid tot en met vijfde lid, onderdeel a 3.101 3.102 3.103 3.105, tweede en derde lid 3.106, eerste lid 3.114, eerste lid 3.115, eerste lid 3.116 3.117 3.119, eerste lid 3.122, eerste en tweede lid 3.125, eerste lid 3.126, aanhef en onderdeel a ,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,en; 3°. 4.1, derde lid 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.14 4.15 4.16 4.17 4.19 4.20, eerste tot en met derde lid 4.21 4.22, eerste, tweede en vierde lid 4.24 4.25 ,,,,,,,,,,,,,,,,,,; 4°. 6.3, eerste, tweede, vierde, vijfde en zevende lid 6.13, eerste en tweede lid ,; 5°. verordening 1227/2011 3, 4 en 5 van; d. artikelen 3.85 3.90, eerste tot en met derde lid 3.104 de in de,, engenoemde artikelen, voor zover de daar genoemde artikelen zijn opgenomen in onderdeel c; e. artikel 5.18, eerste lid, onderdeel c bij ministeriële regeling aan te wijzen voorschriften, van de voorschriften inzake cyberbeveiliging, bedoeld in. f. verordening 2019/942 besluiten als bedoeld in artikel 2, onderdeel d, van. g. artikelen 2.18, vierde lid 2.50, vijfde lid 3.3, tweede tot en met zesde lid 3.8, vierde lid, onderdeel b 3.124, derde lid 6.3, derde lid voorschriften of beperkingen als bedoeld in de,,,,en. 2 artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht De op grond van het eerste lid, onderdelen a en b, vast te stellen bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie, bedoeld inof, indien dat meer is, ten hoogste 1% van de omzet van de overtreder. 3 artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht De op grond van het eerste lid, onderdelen c, d, e, f en g vast te stellen bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie, bedoeld inof, indien dat meer is, ten hoogste 10% van de omzet van de overtreder. 4 artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuurlijke boete die ingevolge het tweede en derde lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden. 2026 10 22-01-2026 10-12-2025 36576 2026 31 13-02-2026 11-02-2026 14-02-2026
Artikel 5.22 — Artikel 5.22 verstrekken gegevens en inlichtingen aan Onze Minister#
Artikel 5.22 verstrekken gegevens en inlichtingen aan Onze Minister 1 Eenieder verstrekt Onze Minister desgevraagd de gegevens, bescheiden of inlichtingen en verschaft hem desgevraagd inzage in de gegevens of bescheiden die redelijkerwijs nodig zijn voor de uitvoering van zijn taken. 2 Onze Minister kan een redelijke termijn stellen waarbinnen de gegevens, inlichtingen of bescheiden, bedoeld in het eerste lid, worden verstrekt. 3 Zij die uit hoofde van ambt, beroep of enig wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.23 — Artikel 5.23 delegatiegrondslag gegevens#
Artikel 5.23 delegatiegrondslag gegevens Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor een systeembeheerder met betrekking tot zijn wettelijke taken of verplichtingen regels worden gesteld over: a. het verstrekken van gegevens, bescheiden en inlichtingen aan de Autoriteit Consument en Markt of aan Onze Minister; b. het bewaren, registreren en openbaar maken van gegevens en bescheiden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.24 — Artikel 5.24 gebruik gegevens en inlichtingen door Onze Minister#
Artikel 5.24 gebruik gegevens en inlichtingen door Onze Minister 1 Gegevens, bescheiden of inlichtingen die Onze Minister in verband met enige werkzaamheid ten behoeve van de uitvoering van deze wet of van EU-verordeningen en EU-besluiten inzake elektriciteit of gas verkrijgt, mogen uitsluitend worden gebruikt voor de toepassing van deze wet, die EU-verordeningen en EU-besluiten en van een andere wettelijke regeling dan deze wet die de toepassing of mede de toepassing van bepalingen op het gebied van elektriciteit of gas betreffen, voor zover die bescheiden, gegevens of inlichtingen noodzakelijk zijn voor de uitoefening van zijn taak. 2 In afwijking van het eerste lid is Onze Minister bevoegd bescheiden, gegevens of inlichtingen, te verstrekken aan: a. een buitenlandse instelling, die op grond van nationale wettelijke regels is belast met de toepassing van de regels op het gebied van elektriciteit of gas, voor zover die bescheiden, gegevens of inlichtingen van betekenis zijn of kunnen zijn voor de uitoefening van de taak van die instelling; b. een bestuursorgaan dat op grond van deze wet of van een andere wettelijke regeling dan deze wet is belast met taken die de toepassing of mede de toepassing van bepalingen op het gebied van elektriciteit of gas betreffen, voor zover die bescheiden, gegevens of inlichtingen van noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de taak van dat bestuursorgaan; c. Acer, voor zover die bescheiden, gegevens of inlichtingen van betekenis kunnen zijn voor de uitoefening van de taak van Acer. 3 Op basis van het tweede lid kunnen uitsluitend bescheiden, gegevens of inlichtingen worden verstrekt indien: a. de verdere geheimhouding van de bescheiden, gegevens of inlichtingen in voldoende mate is gewaarborgd; en b. voldoende is gewaarborgd dat de bescheiden, gegevens of inlichtingen niet zullen worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze worden verstrekt. 4 artikel 5.13, derde lid Indien Onze Minister op grond van, een transmissiesysteembeheerder opdraagt werkzaamheden te verrichten, zijn het eerste tot en met het derde lid van overeenkomstige toepassing op die systeembeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.25 — Artikel 5.25 verstrekken gegevens aan Acer#
Artikel 5.25 verstrekken gegevens aan Acer 1 artikel 7, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt In afwijking vanen onverminderd artikel 7, derde lid, van die wet is de Autoriteit Consument en Markt bevoegd gegevens of inlichtingen te verstrekken aan Acer, voor zover die gegevens of inlichtingen van betekenis kunnen zijn voor de uitoefening van de taak van Acer. 2 Artikel 7, vierde lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt is van overeenkomstige toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.26 — Artikel 5.26 verstrekken gegevens en inlichtingen aan Europese Commissie#
Artikel 5.26 verstrekken gegevens en inlichtingen aan Europese Commissie 1 richtlijn 2019/944 richtlijn 2009/73 De Europese Commissie kan van een marktdeelnemer, een transmissiesysteembeheerder of interconnectorsysteembeheerder de gegevens, bescheiden of inlichtingen verlangen die zij nodig heeft voor de uitvoering van artikel 52 vanof artikel 10 van. 2 Degene aan wie een verzoek is gedaan om gegevens, bescheiden of inlichtingen te verstrekken als bedoeld in het eerste lid, is verplicht binnen de door de Europese Commissie gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van haar bevoegdheden. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 5.27 — Artikel 5.27 retributies Minister#
Artikel 5.27 retributies Minister 1 Overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels is een door Onze Minister vast te stellen vergoeding verschuldigd voor kosten die samenhangen met het behandelen van een aanvraag om of het geven van een beschikking inzake een bij of krachtens deze wet door Onze Minister te verlenen instemming, aanwijzing, ontheffing of vergunning. 2 De vergoeding bedraagt ten hoogste de gemaakte kosten en wordt in rekening gebracht bij de aanvrager of degene aan wie de beschikking is gericht. 3 Bij gebreke van volledige betaling binnen de gestelde termijn kan Onze Minister een verschuldigde vergoeding invorderen bij dwangbevel. 4 afdeling 4.4 artikelen 4:85 4:95, van de Algemene wet bestuursrecht Ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde vergoedingen is, voor zover niet al van toepassing,, met uitzondering van deenvan overeenkomstige toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.1 — Artikel 6.1 projectbesluit Minister#
Artikel 6.1 projectbesluit Minister 1 afdeling 5.2 van de Omgevingswet Werken met een nationaal belang waarvoor Onze Minister in ieder geval een projectbesluit als bedoeld invaststelt, zijn de volgende projecten: a. de aanleg of uitbreiding van een productie-installatie, met inbegrip van de aansluiting van die installatie op een systeem, met een capaciteit van ten minste 100 MW, indien het betreft een windpark op land; b. de aanleg of uitbreiding van een productie-installatie, met inbegrip van de aansluiting van die installatie op een systeem, met een capaciteit van ten minste 100 MW, indien het betreft een installatie voor de opwekking van duurzame elektriciteit met behulp van zonne-energie; c. de aanleg of uitbreiding van een productie-installatie, met inbegrip van de aansluiting van die installatie op een systeem, met een capaciteit van ten minste 50 MW, indien het betreft een installatie voor de opwekking van duurzame elektriciteit anders dan met behulp van windenergie of zonne-energie; d. de aanleg of uitbreiding van een productie-installatie voor de opwekking van andere dan duurzame elektriciteit, met inbegrip van de aansluiting van die installatie op een systeem, indien die productie-installatie een capaciteit heeft of zal krijgen van ten minste 500 MW; e. verordening 2022/869 verordening 2022/869 een project van gemeenschappelijk belang als bedoeld in artikel 2, onderdeel 5, vanof van wederzijds belang, als bedoeld in artikel 2, onderdeel 6, van; f. de aanleg of uitbreiding van een interconnectorsysteem; g. een uitbreiding van het transmissiesysteem voor elektriciteit voor zover het betreft delen van het systeem voor het transport van elektriciteit op een spanningsniveau van 220 kilovolt of hoger; h. de aanleg of uitbreiding van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee; i. een uitbreiding van het transmissiesysteem voor gas, voor zover het betreft de van dat systeem deel uitmakende leidingen met een druk van ten minste 40 bar en een diameter van ten minste 45,7 centimeter; j. 3 de aanleg of uitbreiding van een LNG-systeem met een jaarlijkse hervergassingscapaciteit van ten minste 4 miljard mgas, met inbegrip van de aansluiting van dat systeem op een transmissie- of distributiesysteem voor gas; en k. de aanleg van een productie-installatie voor waterstofgas met behulp van elektrolyse met een bij regeling van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vast te stellen minimale capaciteit en voor de bij die regeling te bepalen gevallen, met inbegrip van de aansluiting op leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van transport van waterstofgas of een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit. 2 Artikel 16.7 van de Omgevingswet is van toepassing op de coördinatie van besluiten ter uitvoering van projectbesluiten als bedoeld in het eerste lid. 3 In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister besluiten geen projectbesluit vast te stellen als naar zijn oordeel besluitvorming door een bestuursorgaan van een gemeente of van een provincie het project kan versnellen of daaraan anderszins aanmerkelijke voordelen zijn verbonden, en het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente respectievelijk gedeputeerde staten van de betreffende provincie daarmee instemmen. 4 artikel 12 van de Bekendmakingswet Onze Minister geeft tegelijk met of zo snel mogelijk na de bekendmaking van een besluit als bedoeld in het derde lid kennis van dat besluit op de inbepaalde wijze en doet mededeling van dat besluit door toezending daarvan aan de initiatiefnemer. 5 Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing als een besluit als bedoeld in het derde lid wordt ingetrokken. 6 Voor projecten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, stelt Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, een handleiding vast als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de verordening, genoemd in dat onderdeel. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.2 — Artikel 6.2 projectbesluit gedeputeerde staten#
Artikel 6.2 projectbesluit gedeputeerde staten 1 afdeling 5.2 van de Omgevingswet Werken met een provinciaal belang waarvoor gedeputeerde staten in ieder geval een projectbesluit als bedoeld invaststellen, zijn de volgende projecten: a. de aanleg of uitbreiding van een windpark met een capaciteit van ten minste 15 MW maar minder dan 100 MW, met inbegrip van de aansluiting van dat windpark op een systeem; en b. de aanleg of uitbreiding van een productie-installatie voor opwekking van duurzame elektriciteit met behulp van zonne-energie met een capaciteit van ten minste 50 MW maar minder dan 100 MW, met inbegrip van de aansluiting van die installatie op een systeem. 2 In afwijking van het eerste lid kunnen gedeputeerde staten besluiten geen projectbesluit vast te stellen als naar hun oordeel besluitvorming door een bestuursorgaan van een gemeente het project kan versnellen of daaraan anderszins aanmerkelijke voordelen zijn verbonden, en het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente daarmee instemmen. 3 artikel 12 van de Bekendmakingswet Gedeputeerde staten geven tegelijk met of zo snel mogelijk na de bekendmaking van een besluit als bedoeld in het tweede lid kennis van dat besluit op de inbepaalde wijze en doen mededeling van dat besluit door toezending daarvan aan de initiatiefnemer. 4 Het derde lid is van overeenkomstige toepassing als een besluit als bedoeld in het tweede lid wordt ingetrokken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.3 — Artikel 6.3 wijziging zeggenschap LNG en productie elektriciteit#
Artikel 6.3 wijziging zeggenschap LNG en productie elektriciteit 1 artikel 26 van de Mededingingswet Iedere wijziging van zeggenschap als bedoeld inover een LNG-systeem of in een onderneming die eigenaar is van een LNG-systeem wordt voorafgaand aan de wijziging door één van de bij de wijziging betrokken partijen binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn gemeld aan Onze Minister. 2 artikel 26 van de Mededingingswet Iedere wijziging van zeggenschap als bedoeld inin een productie-installatie met een nominaal elektrisch vermogen van in totaal meer dan 100 MW of in een onderneming die een of meer productie-installaties met een nominaal elektrisch vermogen van in totaal meer dan 100 MW beheert, wordt voorafgaand aan de wijziging door één van de bij deze wijziging betrokken partijen binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn gemeld aan Onze Minister. 3 artikelen 19 20 van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames Onze Minister kan binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn op grond van overwegingen van openbare veiligheid, de leveringszekerheid of de voorzieningszekerheid de wijziging, bedoeld in het eerste lid, verbieden of opdragen maatregelen te treffen. Deenzijn van overeenkomstige toepassing. 4 Onze Minister kan aan het verbod of de opdracht op grond van het derde lid beperkingen of voorschriften verbinden. Het is verboden in strijd te handelen met een voorschrift of beperking. 5 De LNG-beheerder of producent neemt het verbod in acht of volgt de opdracht op. 6 Rechtshandelingen die strekken tot een wijziging van zeggenschap als bedoeld in het eerste of tweede lid, die niet overeenkomstig die leden zijn gemeld, of die in strijd zijn met het verbod of de opdracht, bedoeld in het derde lid, zijn door een rechterlijke uitspraak vernietigbaar. 7 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de melding, bedoeld in het eerste en tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.4 — Artikel 6.4 Nationaal plan energiesysteem#
Artikel 6.4 Nationaal plan energiesysteem 1 Onze Minister stelt ten minste eens in de vijf jaar een Nationaal plan energiesysteem vast. 2 Het Nationaal plan energiesysteem bevat de hoofdlijnen van het rijksbeleid, gericht op: a. de transitie naar een klimaatneutraal, robuust, betaalbaar en betrouwbaar energiesysteem in Nederland; b. het bevorderen van de strategische onafhankelijkheid van het aanbod van bronnen van energie, van dragers van energie en van grondstoffen buiten Nederland. 3 Het Nationaal plan energiesysteem bevat in ieder geval: a. artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Kernenergiewet de beschrijving van sectorale transitiepaden naar klimaatneutraliteit en van ontwikkelpaden van de transitie van bronnen en dragers van energie met fossiele oorsprong naar hernieuwbare bronnen en dragers van energie en naar kernenergie als bedoeld in; b. een analyse van factoren die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling naar een klimaatneutraal energiesysteem of die daarbij meegewogen moeten worden; c. beleid ten aanzien van de nationale productie van energie, de infrastructuur voor energie, de aard, omvang en inzet van eventuele opslag of reserves voor verschillende energiedragers en de omzetting van energiedragers; d. beleid ten aanzien van de diversificatie van energiebronnen en ten aanzien van de diversificatie van de import van energiedragers; e. een beschrijving van de risico’s, gelet op de doelen, bedoeld in het tweede lid, en het beleid ten aanzien van de beheersing daarvan; en f. een overzicht van en visie op de beoogde resultaten van het in het tweede lid bedoelde rijksbeleid en de wijzen waarop die resultaten zullen worden nagestreefd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.5 — Artikel 6.5 procedure en verantwoording Nationaal plan energiesysteem#
Artikel 6.5 procedure en verantwoording Nationaal plan energiesysteem 1 Onze Minister legt een ontwerp van een Nationaal plan energiesysteem aan eenieder ter consultatie voor. 2 Onze Minister stelt het Nationaal plan energiesysteem vast in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad. 3 Onze Minister zendt het Nationaal plan energiesysteem aan de beide kamers der Staten-Generaal. 4 Onze Minister zendt ten aanzien van de beleidsontwikkeling ter uitvoering van het Nationaal plan energiesysteem jaarlijks uiterlijk op 1 november aan beide kamers der Staten-Generaal een energienota, met een beschrijving van in ieder geval: a. de voortgang van de realisatie van het energiebeleid; b. de gevolgen voor de rijksbegroting van het energiebeleid; c. de gevolgen voor huishoudens, ondernemingen en overheden van significante ontwikkelingen in het energiebeleid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.6 — Artikel 6.6 instelling Raad voor Energie#
Artikel 6.6 instelling Raad voor Energie 1 Er is een Raad voor Energie. 2 De Raad voor Energie bestaat uit een voorzitter en ten hoogste acht andere leden. 3 De voorzitter en de leden hebben aantoonbare expertise en ervaring ten aanzien van energiebeleid en vraagstukken met betrekking tot leveringszekerheid en energieonafhankelijkheid. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.7 — Artikel 6.7 taak Raad voor Energie#
Artikel 6.7 taak Raad voor Energie 1 De Raad voor Energie heeft tot taak de regering en beide kamers der Staten-Generaal te adviseren over het te voeren beleid, gericht op: a. de transitie naar een klimaatneutraal, robuust, betaalbaar en betrouwbaar energiesysteem in Nederland; b. het bevorderen van de strategische onafhankelijkheid van het aanbod van bronnen van energie, van dragers van energie en van grondstoffen buiten Nederland. 2 De Raad voor Energie brengt ten minste een advies uit ter voorbereiding van het Nationaal plan energiesysteem, waarbij in het advies in ieder geval aandacht wordt besteed aan: a. overmatige afhankelijkheden en kwetsbaarheden in het Nederlandse energiesysteem; b. de mate waarin de beleidsdoelen voor nationale energieproductie, in combinatie met het beleid van ons omliggende landen en de overige onderdelen van het Nederlandse energiebeleid, leiden tot voldoende energieonafhankelijkheid van de Nederlandse energievoorziening; en c. de klimaatneutraliteit, robuustheid, betrouwbaarheid en betaalbaarheid van het Nederlandse energiesysteem op de lange termijn. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.8 — Artikel 6.8 voorhangprocedure#
Artikel 6.8 voorhangprocedure artikelen 3.20, eerste en tweede lid 3.27, vijfde lid 3.36, eerste lid 3.87, vierde lid De voordracht voor een krachtens de,,, en, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.9 — Artikel 6.9 verhouding tot Burgerlijk Wetboek#
Artikel 6.9 verhouding tot Burgerlijk Wetboek artikel 20, tweede lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek Voor de toepassing vanwordt een systeem beschouwd als een net. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.10 — Artikel 6.10 Mededingingswet verhouding tot#
Artikel 6.10 Mededingingswet verhouding tot 1 Mededingingswet Deis mede van toepassing op het continentaal plat ten aanzien van het verrichten van transport van gas met behulp van een gasproductienet. 2 Ten aanzien van het transport van gas, bedoeld in het eerste lid, wordt onder gasproductienet niet verstaan de pijpleidingen die ter plaatse binnen een olie- of gaswinningsproject worden gebruikt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.11 — Artikel 6.11 belanghebbende representatieve organisaties#
Artikel 6.11 belanghebbende representatieve organisaties Afdeling 3.6 Een representatieve organisatie van partijen op de elektriciteits- of gasmarkt wordt geacht belanghebbende te zijn bij besluiten van de Autoriteit Consument en Markt als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.12 — Artikel 6.12 decentrale overheden#
Artikel 6.12 decentrale overheden 1 Provinciale staten en de gemeenteraad zijn niet bevoegd het produceren, transporteren, opslaan of leveren van elektriciteit of gas in het belang van de energievoorziening aan regels te binden. 2 Het eerste lid is niet van toepassing op het door provinciale staten of de gemeenteraad stellen van regels in het belang van de energietransitie in bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen en onder daarbij te bepalen voorwaarden. 3 Provinciale staten en de gemeenteraad kunnen bij verordening bepalen dat een producent bij de aanleg of uitbreiding van een installatie voor de productie van energie uit hernieuwbare bronnen vanaf een bij die verordening te bepalen capaciteit, op een bij die verordening te bepalen wijze motiveert: a. welke inspanningen hij heeft verricht om mede-eigendom ten aanzien van de voorgenomen installatie en de exploitatie daarvan door een bij die verordening te bepalen kring van partijen, gevestigd in de nabije omgeving van de installatie, te bevorderen; b. welk percentage mede-eigendom is overeengekomen; en c. voor zover minder dan 50 procent mede-eigendom is overeengekomen, wat de redenen daarvan zijn en of er andere vormen van financiële participatie zijn overeengekomen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.13 — Artikel 6.13 grondslag regels ter uitvoering EU-besluiten#
Artikel 6.13 grondslag regels ter uitvoering EU-besluiten 1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld voor de uitvoering van EU-verordeningen krachtens artikel 194 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. 2 richtlijn 2009/73 richtlijn 2019/944 verordening 715/2009 verordening 2019/943 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor de uitvoering van onderdelen van bindende EU-rechtshandelingen, vastgesteld krachtens,,en. 3 Hetgeen ingevolge deze wet bij algemene maatregel van bestuur kan worden geregeld, kan in afwijking daarvan bij ministeriële regeling worden geregeld, indien de regels uitsluitend strekken ter uitvoering van een bindende EU-rechtshandeling. 4 Een wijziging van een bindende EU-rechtshandeling waarnaar in voorschriften, gesteld bij of krachtens deze wet, wordt verwezen, gaat voor de toepassing van die voorschriften gelden met ingang van de dag waarop aan die wijziging uitvoering moet zijn gegeven dan wel bij gebreke daarvan, de dag waarop die wijziging is vastgesteld. 5 Onze Minister kan besluiten dat een wijziging als bedoeld in het vierde lid in afwijking van dat lid op een eerder tijdstip gaat gelden. Dit besluit wordt in de Staatscourant bekendgemaakt. 6 Indien een bindende EU-rechtshandeling waarnaar in deze wet of de daarop berustende bepalingen wordt verwezen, in het kader van hercodificatie wordt ingetrokken en vervangen door een nieuwe bindende EU-rechtshandeling, kunnen bij ministeriële regeling de verwijzingen naar de ingetrokken bindende EU-rechtshandeling worden vervangen door verwijzingen naar de nieuwe bindende EU-rechtshandeling. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 6.14 — Artikel 6.14 laadinfrastructuur elektrisch vervoer#
Artikel 6.14 laadinfrastructuur elektrisch vervoer Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer ter uitvoering van bindende onderdelen van EU-rechtshandelingen op het gebied van elektrisch vervoer. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.1 — Artikel 7.1 Algemene Douanewet wijziging#
Artikel 7.1 Algemene Douanewet wijziging Wijzigt de Algemene douanewet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.2 — Artikel 7.2 Algemene wet bestuursrecht wijziging#
Artikel 7.2 Algemene wet bestuursrecht wijziging Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 350 13-11-2025 10-11-2025 01-01-2026 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.3 — Artikel 7.3 Elektriciteitswet 1998 wijziging#
Artikel 7.3 Elektriciteitswet 1998 wijziging Wijzigt de Elektriciteitswet 1998. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 22-02-2025
Artikel 7.4 — Artikel 7.4 Gaswet wijziging#
Artikel 7.4 Gaswet wijziging Wijzigt de Gaswet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 22-02-2025
Artikel 7.5 — Artikel 7.5#
Artikel 7.5 Wijzigt de Gemeentewet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.6 — Artikel 7.6 Omgevingswet wijziging#
Artikel 7.6 Omgevingswet wijziging Wijzigt de Omgevingswet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 Onderdelen A, B, C en E.
Artikel 7.7 — Artikel 7.7#
Artikel 7.7 Wijzigt de Provinciewet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.8 — Artikel 7.8 Telecommunicatiewet wijziging#
Artikel 7.8 Telecommunicatiewet wijziging Wijzigt de Telecommunicatiewet. 2025 349 13-11-2025 29-10-2025 36776 2025 89 07-04-2025 31-03-2025 01-07-2026 De wijziging is in werking getreden op 1 januari 2026 (Stb.
2025/350). 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 89 07-04-2025 31-03-2025 01-07-2026
Artikel 7.9 — Artikel 7.9 Warmtewet wijziging#
Artikel 7.9 Warmtewet wijziging Wijzigt de Warmtewet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.10 — Artikel 7.10#
Artikel 7.10 Wijzigt de Waterschapswet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.11 — Artikel 7.11 Wet belastingen op milieugrondslag wijziging#
Artikel 7.11 Wet belastingen op milieugrondslag wijziging Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.12 — Artikel 7.12 Wet uitvoering EU-handelingen energie-efficiëntie wijziging#
Artikel 7.12 Wet uitvoering EU-handelingen energie-efficiëntie wijziging Wijzigt de Wet uitvoering EU-handelingen energie-efficiëntie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.13 — Artikel 7.13 Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken wijziging#
Artikel 7.13 Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken wijziging Wijzigt de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.14 — Artikel 7.14 Wet normering topinkomens wijziging#
Artikel 7.14 Wet normering topinkomens wijziging Wijzigt de Wet normering topinkomens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.15 — Artikel 7.15 Wet op de accijns wijziging#
Artikel 7.15 Wet op de accijns wijziging Wijzigt de Wet op de accijns. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.16 — Artikel 7.16 Wet windenergie op zee Wijziging#
Artikel 7.16 Wet windenergie op zee Wijziging Wijzigt de Wet windenergie op zee. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.17 — Artikel 7.17 Wet op de Economische delicten wijziging#
Artikel 7.17 Wet op de Economische delicten wijziging Wijzigt de Wet op de Economische delicten. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.18 — Artikel 7.18 Wetboek van Strafvordering wijziging#
Artikel 7.18 Wetboek van Strafvordering wijziging Wijzigt het Wetboek van Strafvordering. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.19 — Artikel 7.19 WON wijziging overgangsrecht#
Artikel 7.19 WON wijziging overgangsrecht Wijzigt de Wijzigingswet Elektriciteitswet 1998 en Gaswet (nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer). 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.20 — Artikel 7.20#
Artikel 7.20 Wijzigt de Wet open overheid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.21 — Artikel 7.21 overgangsrecht leveringsvergunning#
Artikel 7.21 overgangsrecht leveringsvergunning artikel 95d van de Elektriciteitswet 1998 artikel 45 van de Gaswet artikel 2.18, derde lid Als op grond vanof, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een vergunning is verleend, wordt deze vergunning voor de duur van deze vergunning aangemerkt als een vergunning als bedoeld in artikel 2.18, derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.22 — Artikel 7.22 overgangsrecht intrekken leveringsvergunning#
Artikel 7.22 overgangsrecht intrekken leveringsvergunning artikel 95f, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 47, tweede lid, van de Gaswet Elektriciteitswet 1998 Gaswet artikel 2.25 Indien op grond vanen, zoals die luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, kleinverbruikers zijn toegedeeld aan een aangewezen vergunninghouder, blijven de regels krachtens genoemde artikelen van deen deten aanzien van de verbintenissen met kleinverbruikers van toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.23 — Artikel 7.23 overgangsrecht eisen meetinrichtingen grote aansluitingen elektriciteit (E3-meetinrichtingen)#
Artikel 7.23 overgangsrecht eisen meetinrichtingen grote aansluitingen elektriciteit (E3-meetinrichtingen) 1 artikel 2.46 artikel 1.3, tweede lid artikel 36 van de Elektriciteitswet 1998 Indien voor inwerkingtreding vaneen aangeslotene met grote aansluiting met een gecontracteerd vermogen van minder dan 0,1 MW, met uitzondering van een aangeslotene als bedoeld in, beschikt over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit die voldoet aan de krachtensgestelde voorwaarden zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van artikel 2.46, mag een aangeslotene deze meetinrichting tot en met 31 december 2025 gebruiken. 2 artikel 3.55, eerste lid artikel 36 van de Elektriciteitswet 1998 Indien voor inwerkingtreding van, bij een systeemkoppeling tussen een distributiesysteem en een transmissiesysteem voor elektriciteit op grond van de krachtensgestelde voorwaarden zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van artikel 3.55, eerste lid, geen meetinrichting is vereist, beschikt deze systeemkoppeling uiterlijk op 31 december 2029 over een geïnstalleerde meetinrichting. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.24 — Artikel 7.24 overgangsrecht meetinrichtingen en verzamelen meetgegevens maatschappelijke multisites (A1-meetinrichtingen)#
Artikel 7.24 overgangsrecht meetinrichtingen en verzamelen meetgegevens maatschappelijke multisites (A1-meetinrichtingen) 1 artikel 1.3, tweede lid artikel 2.46 Een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit waarover een aangeslotene als bedoeld in, voor inwerkingtreding vanbeschikt, wordt tot 1 januari 2028 aangemerkt als een meetinrichting die voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, gestelde eisen. 2 artikel 2.46, derde lid Zodra een aangeslotene als bedoeld in het eerste lid beschikt over een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen: a. maakt hij gebruik van de communicatiefunctionaliteit van die meetinrichting; en b. artikel 2.48, tweede lid verzamelt een erkende meetverantwoordelijke partij bij deze aangeslotene uiterlijk op 1 januari 2028 de meetgegevens met de krachtens, vastgestelde frequentie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.25 — Artikel 7.25 overgangsrecht eisen meetinrichtingen en verzamelen meetgegevens grote aansluitingen gas (G2C-meetinrichtingen)#
Artikel 7.25 overgangsrecht eisen meetinrichtingen en verzamelen meetgegevens grote aansluitingen gas (G2C-meetinrichtingen) 1 artikel 2.46 3 artikel 12f van de Gaswet Indien voor inwerkingtreding vaneen aangeslotene met grote aansluiting op een systeem voor gas met een jaarlijks verbruik van ten hoogste 170.000 mgas beschikt over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit die voldoet aan de krachtensgestelde voorwaarden zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van artikel 2.46, mag een aangeslotene deze meetinrichting tot en met 31 december 2026 gebruiken. 2 artikel 2.48, tweede lid Een erkende meetverantwoordelijke partij verzamelt bij een aangeslotene als bedoeld in het eerste lid, uiterlijk op 1 januari 2027 de meetgegevens met de krachtens, vastgestelde frequentie. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.26 — Artikel 7.26 overgangsrecht beheer meetinrichtingen#
Artikel 7.26 overgangsrecht beheer meetinrichtingen 1 Indien voor inwerkingtreding van deze wet door een systeembeheerder op verzoek een meetinrichting ter beschikking is gesteld aan een aangeslotene met een grote aansluiting, blijft de systeembeheerder deze meetinrichting op verzoek ter beschikking stellen en wordt deze meetinrichting op verzoek van de aangeslotene beheerd door de systeembeheerder. 2 Indien voor inwerkingtreding van deze wet een aangeslotene met een aansluiting op het transmissiesysteem voor gas een meetinrichting beheert, kan de aangeslotene deze meetinrichting blijven beheren tot de aangeslotene de transmissiesysteembeheerder voor gas verzoekt om de situatie te beëindigen. De aangeslotene verleent daarbij de nodige medewerking. 3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: a. de installatie en het beheer van meetinrichtingen; b. het verzamelen, valideren en vaststellen van meetgegevens; c. de doorgifte van gegevens van de beheerde meetinrichtingen en meetgegevens aan een bij die ministeriële regeling te bepalen registerbeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.27 — Artikel 7.27 overgangsrecht meetinrichtingen kleine aansluitingen#
Artikel 7.27 overgangsrecht meetinrichtingen kleine aansluitingen 1 artikel 95la, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 42a, eerste lid, van de Gaswet artikel 2.46, derde lid Een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit die voor inwerkingtreding van deze wet aan een aangeslotene met een kleine aansluiting ter beschikking is gesteld en die niet of niet geheel voldoet aan de krachtensof de krachtensgestelde eisen zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, wordt voor 15 jaren, te rekenen vanaf de datum van terbeschikkingstelling aan die aangeslotene aangemerkt als een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen. 2 artikel 95la, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 42a, eerste lid, van de Gaswet artikel 2.46, derde lid Een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit die voor inwerkingtreding van deze wet aan een aangeslotene met een kleine aansluiting ter beschikking is gesteld en die tenminste voldoet aan de krachtensof de krachtensgestelde eisen zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, wordt aangemerkt als een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.28 — Artikel 7.28 regels tijdens uitrol meetinrichtingen met communicatiefunctionaliteit#
Artikel 7.28 regels tijdens uitrol meetinrichtingen met communicatiefunctionaliteit 1 artikel 2.46, derde lid Een distributiesysteembeheerder stelt in een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen periode op een door hem voorzien tijdstip aan aangeslotenen met een kleine aansluiting een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen op of nabij het overdrachtspunt beschikbaar, tenzij hij redelijkerwijs niet in staat is die meetinrichting te plaatsen en de oorzaak daarvan niet in de macht van de aangeslotene ligt. 2 Een distributiesysteembeheerder stelt een aangeslotene met een kleine aansluiting op zijn verzoek op een ander tijdstip dan het door de systeembeheerder op grond van het eerste lid voorziene tijdstip binnen vier maanden een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit ter beschikking tenzij dit ertoe leidt dat de planning die de distributiesysteembeheerder hanteert om te voldoen aan de in het eerste lid bedoelde verplichting, niet wordt gehaald. 3 Een distributiesysteembeheerder stelt aan een aangeslotene met een kleine aansluiting op zijn verzoek een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit beschikbaar: a. indien de bestaande meetinrichting wordt vervangen, tenzij het ter beschikking stellen niet kostenefficiënt is in verhouding tot de geraamde potentiële energiebesparingen op lange termijn; b. indien een nieuwe aansluiting wordt aangelegd in een gebouw; c. indien een gebouw ingrijpend wordt gerenoveerd. 4 artikel 2.46, derde lid Indien een systeembeheerder redelijkerwijs niet in staat is een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen te plaatsen en de oorzaak daarvan niet in de macht van de aangeslotene ligt, mag een aangeslotene met een kleine aansluiting de geïnstalleerde meetinrichting die niet voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, gestelde eisen blijven gebruiken. 5 Indien een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit door een distributiesysteembeheerder ter beschikking is gesteld ingevolge het tweede of derde lid, is de desbetreffende aangeslotene aan de desbetreffende distributiesysteembeheerder een vergoeding verschuldigd in verband met de meerkosten. 6 artikel 2.46, derde lid Een distributiesysteembeheerder zendt Onze Minister de persoonsgegevens van een aangeslotene met een kleine aansluiting indien hij deze aangeslotene een meetinrichting die voldoet aan de krachtens, gestelde eisen ter beschikking heeft gesteld maar dit niet heeft geleid tot installatie van die meetinrichting. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026 Door Stb. 2025/347 is de periode, bedoeld in het eerste lid,
vastgesteld vanaf 1 januari 2026 tot 1 januari 2027.
Artikel 7.29 — Artikel 7.29 overgangsrecht erkenning meetverantwoordelijke partij#
Artikel 7.29 overgangsrecht erkenning meetverantwoordelijke partij 1 artikel 36 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 12f van de Gaswet artikel 2.50 Indien een meetverantwoordelijke partij die de krachtensonderscheidenlijkgestelde voorwaarden zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van, is erkend, wordt deze erkenning tot het tijdstip waarop de Autoriteit Consument en Markt heeft besloten op een aanvraag om een erkenning als bedoeld in artikel 2.50 aangemerkt als een erkenning als bedoeld in artikel 2.50. 2 artikel 2.50 Een meetverantwoordelijke partij als bedoeld in het eerste lid vraagt binnen twee jaar na inwerkingtreding vaneen erkenning aan bij de Autoriteit Consument en Markt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.30 — Artikel 7.30 overgangsrecht garanties van oorsprong#
Artikel 7.30 overgangsrecht garanties van oorsprong 1 artikel 73 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 2.58, tweede lid Een rekening die is geopend op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als rekening geopend op grond van artikel 2.58, tweede lid. 2 artikel 66i van de Gaswet artikel 2.58, tweede lid Een rekening die is geopend op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als rekening geopend op grond van artikel 2.58, tweede lid. 3 artikel 73 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 2.57, eerste lid Een garantie van oorsprong voor duurzame elektriciteit die is uitgegeven op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als garantie van oorsprong voor elektriciteit uit hernieuwbare bronnen uitgegeven op grond van artikel 2.57, eerste lid. 4 artikel 73 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 2.57, tweede lid Een garantie van oorsprong voor elektriciteit geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling die is uitgegeven op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als garantie van oorsprong voor elektriciteit geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling uitgegeven op grond van artikel 2.57, tweede lid. 5 artikel 73 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 2.57, vierde lid Een certificaat van oorsprong voor elektriciteit die is uitgegeven op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als garantie van oorsprong voor elektriciteit uit niet-hernieuwbare bronnen uitgegeven op grond van artikel 2.57, vierde lid. 6 artikel 66i van de Gaswet artikel 2.57, derde lid Een garantie van oorsprong voor hernieuwbare energiebronnen die is uitgegeven op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, wordt aangemerkt als garantie van oorsprong voor gas uit hernieuwbare bronnen uitgegeven op grond van artikel 2.57, derde lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.31 — Artikel 7.31 overgangsrecht aanwijzing en certificering#
Artikel 7.31 overgangsrecht aanwijzing en certificering 1 artikel 10, tweede lid artikel 10Aa, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.2 Als op grond van, ofzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet of interconnectorbeheerder is aangewezen, wordt deze aanwijzing voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b. 2 artikelen 10, negende lid 12, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.2 artikel 3.4 Als op grond van de, enzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder is aangewezen en Onze Minister met die aanwijzing heeft ingestemd, wordt deze aanwijzing en die instemming voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, onderdeel e, en worden de aldus aangewezen netbeheerder voor de duur van die aanwijzing geacht te zijn gecertificeerd als bedoeld in. 3 artikel 2, eerste lid artikel 2b, eerste lid, van de Gaswet artikel 3.2 Als op grond van, of, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder van het landelijk gastransportnet of interconnectorbeheerder is aangewezen, wordt deze aanwijzing voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2 eerste lid, onderdeel c of onderdeel d. 4 artikelen 2, achtste lid 4, tweede lid, van de Gaswet artikel 3.2 artikel 3.4 Als op grond van de, en, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder is aangewezen en Onze Minister met die aanwijzing heeft ingestemd, wordt deze aanwijzing en die instemming voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2 eerste lid, onderdeel f, en worden de aldus aangewezen netbeheerder geacht voor de duur van die aanwijzing gecertificeerd te zijn als bedoeld in. 5 artikel 15a, tweede lid artikel 10, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.2 artikel 3.4 Als op grond van, in combinatie metzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder voor het net op zee is aangewezen, wordt deze aanwijzing voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, onderdeel g, en worden de aldus aangewezen netbeheerder voor de duur van die aanwijzing geacht te zijn gecertificeerd als bedoeld in. 6 artikel 9a van de Gaswet artikel 3.2 Als op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen beheerder van een LNG-installatie of een gasopslaginstallatie is aangewezen en Onze Minister met die aanwijzing heeft ingestemd, wordt deze aanwijzing en die instemming voor de duur daarvan aangemerkt als een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, onderdelen h respectievelijk i. 7 artikel 10, derde lid artikel 10Aa, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.4 Als op grond van, of, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder of interconnectorbeheerder is gecertificeerd, wordt deze certificering aangemerkt als een certificering als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid. 8 artikel 15a, tweede lid artikel 10, derde lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.4 Als op grond van, in combinatie met, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder voor het net op zee is gecertificeerd, wordt deze certificering aangemerkt als een certificering als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid. 9 artikel 2, derde lid 2b, eerste lid, van de Gaswet artikel 3.4 Als op grond van, of, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen netbeheerder of interconnectorbeheerder is gecertificeerd, wordt deze certificering aangemerkt als een certificering als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.32 — Artikel 7.32 overgangsrecht gesloten distributiesysteem#
Artikel 7.32 overgangsrecht gesloten distributiesysteem 1 artikel 15 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 10, negende lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.6 artikel 3.7 Als op grond vanzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vanen, aan een eigenaar van een gesloten distributiesysteem ontheffing is verleend van het gebod vanwordt de eigenaar van een gesloten systeem gedurende de tijd waarvoor hij over deze ontheffing beschikt, geacht te beschikken over een erkenning als bedoeld in artikel 3.7 en een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.6, onderdeel a. 2 artikel 2a van de Gaswet artikel 2, achtste lid, van de Gaswet artikel 3.6 artikel 3.7 Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vanen, aan een eigenaar van een gesloten distributiesysteem ontheffing is verleend van het gebod van, wordt de eigenaar van een gesloten systeem gedurende de tijd waarvoor hij over deze ontheffing beschikt, geacht te beschikken over een erkenning als bedoeld in artikel 3.7 en een aanwijzing als bedoeld in artikel 3.6, onderdeel b. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.33 — Artikel 7.33 overgangsrecht directe lijn#
Artikel 7.33 overgangsrecht directe lijn artikel 9h van de Elektriciteitswet 1998 artikel 39h van de Gaswet artikel 3.9 Als op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vanof op basis van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.9 een melding is gedaan, wordt deze melding aangemerkt als een melding als bedoeld in artikel 3.9, tweede lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.34 — Artikel 7.34 overgangsrecht eigendom systemen#
Artikel 7.34 overgangsrecht eigendom systemen 1 artikel V, eerste lid, van de Wet van 23 november 2006 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet in verband met nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer Het beheer van een systeem met een spanningsniveau van 110 kilovolt of van 150 kilovolt door een transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit geschiedt voor zover dat, en op een wijze die, in overeenstemming is met de rechten van derden die voortvloeien uit een overeenkomst als bedoeld in(Stb. 2006, 614) met betrekking tot dat systeem. 2 artikel 3.14 Als ingevolge een overeenkomst als bedoeld in het eerste lid, een ander dan een systeembeheerder voor elektriciteit over de eigendom van een systeem beschikt, behoeft, in afwijking van, de systeembeheerder voor elektriciteit niet over de eigendom van dat systeem te beschikken. 3 Gaswet artikel 3.14 Indien sprake is van een aansluitpunt als bedoeld in dezoals die luidde voor 1 januari 2019 behoeft, in afwijking van, de transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas niet over de eigendom te beschikken van de aansluitleiding achter het aansluitpunt. 4 artikel 3.14 De transmissiesysteembeheerder voor gas behoeft, in afwijking van, niet over de eigendom te beschikken van een aansluitleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen die een buiten Nederland gelegen gasopslagsysteem verbindt met het transmissiesysteem voor gas indien hij onmiddellijk voorafgaand aan inwerkingtreding van artikel 3.14 niet over de eigendom van deze aansluitleiding en daarmee verbonden hulpmiddelen beschikte. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.35 — Artikel 7.35 overgangsrecht leidingen op zee#
Artikel 7.35 overgangsrecht leidingen op zee Wet beheer rijkswaterstaatswerken artikel 6.5 van de Waterwet Voor de toepassing van deze wet worden leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van transport van elektriciteit die één of meer windparken op zee verbinden met een transmissiesysteem voor elektriciteit en waarvoor voor de datum waarop deze wet in werking treedt een vergunning op grond van deof op grond vanis verleend, geacht geen onderdeel uit te maken van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.36 — Artikel 7.36 werkzaamheden transmissie- of distributiesysteembeheerders#
Artikel 7.36 werkzaamheden transmissie- of distributiesysteembeheerders 1 artikel 17, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 10Aa, eerste lid, van de Gaswet artikel 3.17, eerste lid Als op grond vanen, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, werkzaamheden werden uitgevoerd of uitbesteed, die op grond van artikel 3.17, eerste lid, niet langer zijn toegestaan, mogen deze gedurende vijf jaar worden voortgezet. 2 artikel 3.17, eerste lid Indien voor inwerkingtreding van, een transformator en de daaraan verbonden installaties ter beschikking is gesteld aan een eindafnemer, blijft de systeembeheerder deze transformator en de daaraan verbonden installaties ter beschikking stellen en wordt deze transformator beheerd door de systeembeheerder. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.37 — Artikel 7.37 overgangsbepaling investeringsplan#
Artikel 7.37 overgangsbepaling investeringsplan 1 artikel 3.34 artikel 3.35, vijfde lid artikel 21 van de Elektriciteitswet 1998 Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor elektriciteit stelt voor de eerste maal een investeringsplan als bedoeld inop, twee jaar nadat zij voor de laatste maal een investeringsplan heeft opgesteld op grond vanzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.34. Tot dat tijdstip wordt het laatste investeringsplan dat is opgesteld op grond van artikel 21 van de Elektriciteitswet 1998 zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, beschouwd als investeringsplan als bedoeld in dat voorschrift. 2 artikel 3.34 artikel 3.35, vijfde lid artikel 7a van de Gaswet Een transmissie- of distributiesysteembeheerder voor gas stelt voor de eerste maal een investeringsplan als bedoeld inop, twee jaar nadat zij voor de laatste maal een investeringsplan heeft opgesteld op grond vanzoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.34. Tot dat tijdstip wordt het laatste investeringsplan dat ze op grond van artikel 7a van de Gaswet zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, beschouwd als investeringsplan als bedoeld in dat voorschrift. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.38 — Artikel 7.38 overgangsbepaling gebiedsindeling#
Artikel 7.38 overgangsbepaling gebiedsindeling 1 artikel 31, eerste lid, onderdeel d, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.37, eerste lid Het besluit van de Autoriteit Consument en Markt van 21 april 2016 inzake de Gebiedsindeling elektriciteit, als bedoeld in, zoals dat is gepubliceerd op de website van de Autoriteit Consument en Markt, en zoals dat nadien is gewijzigd, wordt geacht te zijn een besluit genomen krachtens. De Autoriteit Consument en Markt publiceert dit besluit in de Staatscourant. 2 artikel 12b van de Gaswet artikel 3.37, eerste lid Het besluit van de Autoriteit Consument en Markt van 21 april 2016 inzake de Gebiedsindeling gas, onderdeel van de voorwaarden als bedoeld in, zoals dat is gepubliceerd op de website van de Autoriteit Consument en Markt, en zoals dat nadien is gewijzigd, wordt geacht te zijn een besluit genomen krachtens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.39 — Artikel 7.39 overgangsbepaling aanwijzen gebieden waar verbod aansluiten nieuwbouw niet geldt of waar een alternatieve infrastructuur voor warmte aanwezig is#
Artikel 7.39 overgangsbepaling aanwijzen gebieden waar verbod aansluiten nieuwbouw niet geldt of waar een alternatieve infrastructuur voor warmte aanwezig is 1 artikel 10, zevende lid, onderdeel a, van de Gaswet artikel 3.40, derde lid, onderdeel a Een besluit van een college van burgemeester en wethouders dat voorafgaand aan inwerkingtreding van deze wet is genomen krachtens, wordt geacht te zijn een besluit genomen krachtens. 2 artikel 10, zevende lid, onderdeel b, van de Gaswet artikel 3.42, eerste lid Een besluit van een college van burgemeester en wethouders dat voorafgaand aan inwerkingtreding van deze wet is genomen krachtens, wordt geacht te zijn een besluit genomen krachtens. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.40 — Artikel 7.40 overgangsbepaling methodebesluiten en tarievenbesluiten#
Artikel 7.40 overgangsbepaling methodebesluiten en tarievenbesluiten 1 artikel 41, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 81, eerste lid 82, tweede lid, van de Gaswet artikel 3.108 Indien op basis van, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, of op basis van, of, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.108, een methodebesluit is vastgesteld waarvan de geldigheidsperiode nog niet is verstreken, wordt dit methodebesluit geacht te zijn vastgesteld op basis van artikel 3.108, eerste lid. 2 artikel 41a, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 81a, eerste lid 82, vierde lid, van de Gaswet artikel 3.109 artikel 3.108 Indien op basis van, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, of op basis van, of, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een besluit is vastgesteld waarvan de geldigheidsperiode nog niet is verstreken, wordt dit besluit geacht te zijn vastgesteld op basis van artikel 3.109, eerste lid. 3 artikel 3.110, tweede lid artikel 41c van de Elektriciteitswet 1998 artikel 81c 82, vijfde lid, van de Gaswet In de situaties, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt het tarievenbesluit, in afwijking van, vastgesteld met inachtneming van, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.110, respectievelijkof, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan inwerkingtreding van artikel 3.110. 4 artikel 42b, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.118 Indien op basis vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een methodebesluit is vastgesteld, wordt dit methodebesluit geacht te zijn vastgesteld op basis van artikel 3.118, tweede lid. 5 artikel 3.110 artikel 3.118, tweede lid Elektriciteitswet 1998 In de situatie, bedoeld in het vierde lid, wordt het besluit dat wordt vastgesteld met overeenkomstige toepassing van, in afwijking van dat, vastgesteld met inachtneming van de relevante bepalingen bij of krachtens de, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan inwerkingtreding van artikel 3.118, voor het vaststellen van de totale toegestane of beoogde inkomsten voor een betreffend jaar. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.41 — Artikel 7.41 overgangsbepaling meettarieven#
Artikel 7.41 overgangsbepaling meettarieven 1 artikel 3.51 artikel 3.110 artikel 40a van de Elektriciteitswet 1998 artikel 81e, tweede lid, van de Gaswet Regeling meettarieven De tarieven voor het in gebruik geven en beheren van een meetinrichting, als bedoeld in, worden vastgesteld op basis vanrespectievelijken de krachtens deze artikelen vastgestelde, zoals die luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, tot het moment waarop voor de eerste maal na inwerkingtreding van deze wet de op grond vanvastgestelde tarieven in werking treden. 2 artikel 3.51 artikel 3.110, tweede lid artikel 4a van de Regeling meettarieven Voor het vaststellen van de tarieven voor het in gebruik geven en beheren van een meetinrichting, als bedoeld in, betrekt de Autoriteit Consument en Markt bij de toepassing van, de verschillen die de Autoriteit Consument en Markt vanaf 2011 jaarlijks heeft vastgesteld op basis vanzoals die luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet. 3 artikel 3.51 De cumulatieve verschillen, bedoeld in het tweede lid, worden over een door de Autoriteit Consument en Markt te bepalen periode gebruikt om de totale toegestane of beoogde inkomsten en de tarieven voor het in gebruik geven en beheren van een meetinrichting, als bedoeld in, te corrigeren. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.42 — Artikel 7.42 overgangsbepaling tariefstructuren en voorwaarden#
Artikel 7.42 overgangsbepaling tariefstructuren en voorwaarden 1 artikel 3.121 artikel 3.119, eerste lid artikel 3.121 hoofdstuk 3, paragraaf 5, van de Elektriciteitswet 1998 paragraaf 2.2 van de Gaswet Tariefstructuren of voorwaarden die onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vanovereenkomstigenvan kracht waren, worden, voor zover vallend binnen de reikwijdte van, beschouwd als op grond vangoedgekeurde methoden of voorwaarden. 2 artikelen 3.120 3.121 hoofdstuk 3, paragraaf 5, van de Elektriciteitswet 1998 paragraaf 2.2 van de Gaswet Als onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van deeneen voorstel, dan wel een vaststellingsbesluit in voorbereiding is overeenkomstigof, blijven laatstgenoemde paragrafen van toepassing op de verdere voorbereiding en totstandkoming van het voorstel en het vaststellingsbesluit. 3 artikel 3.121 Methoden of voorwaarden die overeenkomstig het tweede lid worden vastgesteld, worden beschouwd als methoden of voorwaarden goedgekeurd op grond van. 4 paragraaf 3.6.5 artikel 3.121 Op een overeenkomst tussen een transmissie- of distributiesysteembeheerder of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee en een aangeslotene, netgebruiker, marktdeelnemer of balanceringsverantwoordelijke die onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding vanvan kracht was, zijn de methoden of voorwaarden, bedoeld in, van toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.43 — Artikel 7.43 overgangsbepaling ontheffing methoden en voorwaarden#
Artikel 7.43 overgangsbepaling ontheffing methoden en voorwaarden 1 artikel 3.124 artikel 37a van de Elektriciteitswet 1998 artikel 12h van de Gaswet Een ontheffing die onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van, overeenkomstigofvan kracht is, wordt voor de duur van deze ontheffing gelijkgesteld met een ontheffing als bedoeld in artikel 3.124. 2 artikel 3.124 Het recht zoals dat gold onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding vanblijft van toepassing ten aanzien van de voorbereiding en vaststelling van een besluit op een voor die inwerkingtreding gedane aanvraag om een ontheffing. 3 artikel 3.124 Een ontheffing die overeenkomstig het tweede lid wordt verleend wordt, zodra deze onherroepelijk is geworden, gelijkgesteld met een ontheffing als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.44 — Artikel 7.44 overgangsbepaling methoden en voorwaarden met Europese grondslag#
Artikel 7.44 overgangsbepaling methoden en voorwaarden met Europese grondslag 1 artikel 39 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 35a van de Gaswet artikel 3.121, eerste lid Methoden of voorwaarden die zijn vastgesteld op grond van een krachtensofvastgestelde algemene maatregel van bestuur worden gelijkgesteld met methoden of voorwaarden als bedoeld in. 2 artikel 10Aa, achtste lid 39 van de Elektriciteitswet 1998 artikel 2b, zevende lid 35a van de Gaswet verordening 2015/1222 artikel 3.121, tweede lid artikel 3.123 Methoden of voorwaarden die zijn goedgekeurd op grond van een krachtens, ofof, ofvastgestelde algemene maatregel van bestuur worden in geval van een transmissiesysteembeheerder en in geval van een krachtens artikel 4 vandoor de Autoriteit Consument en Markt aangewezen benoemde elektriciteitsmarktbeheerder gelijkgesteld met methoden of voorwaarden als bedoeld in, en in geval van een interconnectorsysteembeheerder met methoden of voorwaarden als bedoeld in. 3 paragraaf 3.6.5 Op een overeenkomst tussen een transmissiesysteembeheerder of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee en een aangeslotene, netgebruiker, marktdeelnemer, of balanceringsverantwoordelijke die onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding vanvan kracht was, zijn de methoden of voorwaarden van de transmissiesysteembeheerder, bedoeld het eerste en tweede lid, van toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.45 — Artikel 7.45 overgangsrecht ontheffingen#
Artikel 7.45 overgangsrecht ontheffingen 1 artikel 16, vierde lid, onderdeel b, van de Elektriciteitswet 1998 artikel 3.26, eerste lid, onderdeel c Als op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een ontheffing is verleend, wordt deze ontheffing voor de duur daarvan aangemerkt als een ontheffing als bedoeld in artikel 3.26, eerste lid, onderdeel c. 2 artikel 18h van de Gaswet artikel 3.128 3.129 Als op grond vanzoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneneen ontheffing is verleend, wordt deze ontheffing: a. artikel 3.128 artikel 3.116 indien deze is verleend voor een interconnector voor gas, voor de duur daarvan aangemerkt als een ontheffing als bedoeld inmet inbegrip van ontheffing van; b. artikel 3.129 indien deze is verleend voor een gasopslaginstallatie of een LNG-installatie, voor de duur daarvan aangemerkt als een ontheffing als bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.46 — Artikel 7.46 overgangsbepaling omschakelen#
Artikel 7.46 overgangsbepaling omschakelen 1 artikel 10g, tweede lid, van de Gaswet artikel 2.63, tweede lid Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een melding is gedaan, wordt deze melding aangemerkt als een melding als bedoeld in artikel 2.63, tweede lid. 2 artikel 10j, eerste lid, van de Gaswet artikel 2.64, eerste lid Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een planning voor de buitenwerkingstelling is ingediend, wordt deze planning aangemerkt als een planning als bedoeld in artikel 2.64, eerste lid. 3 artikel 10k, derde lid, van de Gaswet artikel 3.71, derde lid Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een bindende gedragslijn is opgelegd, wordt deze bindende gedragslijn aangemerkt als een bindende gedragslijn als bedoeld in artikel 3.71, derde lid. 4 artikel 10l, eerste, tweede of derde lid, van de Gaswet artikel 2.65 Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding vaneen ontheffing is opgelegd, worden deze ontheffingen aangemerkt als ontheffingen als bedoeld in artikel 2.65, eerste, tweede respectievelijk derde lid. 5 artikel 10m, eerste lid, van de Gaswet artikel 5.14, eerste lid Als op grond van, zoals dit luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, een vergoeding is toegekend, worden deze vergoeding aangemerkt als vergoeding als bedoeld in artikel 5.14, eerste lid. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.47 — Artikel 7.47 overgangsrecht bestaande experimenten#
Artikel 7.47 overgangsrecht bestaande experimenten 1 artikelen 7a van de Elektriciteitswet 1998 1i van de Gaswet Als op grond van deenzoals deze artikelen luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, een ontheffing is verleend, blijft deze ontheffing van kracht voor de duur van die ontheffing. 2 Onze Minister zendt de Tweede Kamer der Staten-Generaal uiterlijk drie maanden na de beëindiging van een experiment een verslag over de doeltreffendheid en de effecten ervan, alsmede een standpunt inzake de wenselijkheid van wijziging van wet- of regelgeving. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.48 — Artikel 7.48 overgangsrecht kleine velden#
Artikel 7.48 overgangsrecht kleine velden Artikel 66d, vierde lid, van de Gaswet Mijnbouwwet artikel 54, eerste lid, onderdeel b, van de Gaswet 35 462 zoals dat luidde voor inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 19 mei 2020 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de(het verwijderen of hergebruiken van mijnbouwwerken en investeringsaftrek) (Kamerstukken) blijft van toepassing op reeds aangegane verplichtingen ter uitvoering van de taak, bedoeld inzoals dat luidde voor inwerkingtreding van dat voorstel van wet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.49 — Artikel 7.49 overgangsrecht aansluiting voor gas#
Artikel 7.49 overgangsrecht aansluiting voor gas 1 Onder een aansluiting voor gas wordt mede verstaan een aansluitpunt, dat bestaat uit een deel van de aansluiting van het transmissiesysteem of distributiesysteem tot en met de eerste afsluiter die is aangelegd voor 1 januari 2019. 2 Gaswet artikel 3.41, eerste lid Indien sprake is van een aansluitpunt als bedoeld in dezoals die luidde voor 1 januari 2019, beperkt de taak, bedoeld in, zich tot het in gebruik geven, beheren en onderhouden van dat aansluitpunt. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.50 — Artikel 7.50 overgangsrecht raffinaderijgas#
Artikel 7.50 overgangsrecht raffinaderijgas bijlage 3 bij de Regeling gaskwaliteit bijlage 8 bij die regeling artikel 3.38, eerste lid De gaskwaliteitseisen in, zoals die luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 1 en, blijven van toepassing het raffinaderijgas-systeem, bedoeld in. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.51 — Artikel 7.51 overgangsrecht aanhangige procedures#
Artikel 7.51 overgangsrecht aanhangige procedures 1 Elektriciteitswet 1998 Gaswet artikel 7.42, tweede lid De op het tijdstip van inwerkingtreding van de desbetreffende bepaling van deze wet aanhangige aanvragen tot en verzoeken om het nemen van besluiten op grond van deen deen bezwaren tegen besluiten op grond van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet worden, met uitzondering van de besluiten en bezwaren tegen besluiten, bedoeld in, geacht met ingang van dat tijdstip van rechtswege aanvragen, verzoeken en bezwaren te zijn op grond van deze wet. 2 Elektriciteitswet 1998 Gaswet afdeling 5.4 Overtredingen van het bepaalde bij of krachtens deen deworden afgehandeld overeenkomstig de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet, zoals deze wetten luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.52 — Artikel 7.52 overgangsregime meten#
Artikel 7.52 overgangsregime meten 1 artikelen 4 5 6, eerste en tweede lid 9 van het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen artikel 2.46 De,,, en, zoals die luidden onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van, blijven na inwerkingtreding van artikel 2.46 van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in dat artikel, zijn vastgesteld en in werking getreden. 2 hoofdstuk 3, paragraaf 5, van de Elektriciteitswet 1998 artikelen 2.46 2.48 2.61 3.52 3.55 3.56 3.57 3.58 3.60 4.2 4.5 tot en met 4.7 4.13 De door de Autoriteit Consument en Markt op grond vanvastgestelde voorwaarden ten aanzien van het meten van gegevens, zoals die luidden onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van de,,,,,,,,,,en, blijven na inwerkingtreding van die artikelen van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in die artikelen, zijn vastgesteld en in werking getreden. 3 hoofdstuk 2, paragraaf 2.2, van de Gaswet artikelen 2.46 2.48 2.55 3.52 3.55 3.56 tot en met 3.58 3.60 4.2 4.5 tot en met 4.7 4.13 De door de Autoriteit Consument en Markt op grond vanvastgestelde voorwaarden ten aanzien van het meten van gegevens, zoals die luidden onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van de,,,,,,,,en, blijven na inwerkingtreding van die artikelen van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in die artikelen, zijn vastgesteld en in werking getreden. 4 hoofdstuk 4 Voor zover de in het tweede en derde lid bedoelde voorwaarden betrekking hebben op de uitwisseling van gegevens, blijven deze voorwaarden na inwerkingtreding vanvan toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in hoofdstuk 4, zijn vastgesteld en in werking getreden. 5 Voor zover een voorwaarde strijdig is met het bij of krachtens deze wet bepaalde, gaat de voorwaarde voor. 6 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de toepassing, bedoeld in het tweede tot en met vierde lid, en kunnen voorwaarden worden uitgezonderd van deze toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.53 — Artikel 7.53 overgangsregime gegevensuitwisseling#
Artikel 7.53 overgangsregime gegevensuitwisseling 1 Artikel 13 van het Besluit factuur, verbruiks- en indicatief kostenoverzicht energie artikel 4.9 , zoals dat luidde onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van, blijft na inwerkingtreding van artikel 4.9 van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in artikel 4.9, derde lid, zijn vastgesteld en in werking getreden. 2 hoofdstuk 4 van de Elektriciteitswet 1998 hoofdstuk 3 van de Gaswet hoofdstuk 4 De door de Autoriteit Consument en Markt op grond vanenvastgestelde voorwaarden, zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van, blijven na inwerkingtreding van hoofdstuk 4 van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in die artikelen, zijn vastgesteld en in werking getreden. 3 artikelen 2.48 2.54 2.55 3.57 tot en met 3.60 Voor zover de in het tweede lid bedoelde voorwaarden betrekking hebben op het meten van gegevens, blijven deze voorwaarden na inwerkingtreding van de,,,van toepassing, totdat de bij ministeriële regeling te stellen regels, bedoeld in die artikelen, zijn vastgesteld en in werking getreden. 4 Voor zover een voorwaarde strijdig is met het bij of krachtens deze wet bepaalde, gaat de voorwaarde voor. 5 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de toepassing, bedoeld in het tweede en derde lid, en kunnen voorwaarden worden uitgezonderd van deze toepassing. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.54 — Artikel 7.54 intrekken wetten#
Artikel 7.54 intrekken wetten De volgende wetten worden ingetrokken: a. Wet van 3 juni 1999 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 ten behoeve van het stellen van nadere regels ten aanzien van het netbeheer en de levering van elektriciteit aan beschermde afnemers de; b. Wet van 5 juni 2003 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 ten behoeve van de stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie de; c. Wet van 20 november 2003 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 ten behoeve van de bevordering van de opwekking van duurzame elektriciteit de; d. Wet van 1 juli 2004 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter uitvoering van richtlijn 2003/54/EG (PbEG L 176), verordening 1228/2003 (PbEG L 176) en richtlijn 2003/55/EG (PbEG L 176), alsmede in verband met de aanscherping van het toezicht op het netbeheer (wijziging Elektriciteitswet 1998 en Gaswet in verband met implementatie en aanscherping toezicht netbeheer) de; e. Wet van 28 juni 2006 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 in verband met enkele aanpassingen van de wijze van stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsvoorziening de; f. Wet 8 mei 2008 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 in verband het beëindigen van de taak van de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet tot verstrekking van subsidie ten behoeve van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie alsmede ter bevordering van een doelmatig gebruik van warmte de; g. Wet van 2 december 2010 tot wijziging van de Gaswet en de Elektriciteitswet 1998, tot versterking van de werking van de gasmarkt, verbetering van de voorzieningszekerheid en houdende regels met betrekking tot de voorrang voor duurzame elektriciteit, alsmede enkele andere wijzigingen van deze wetten de; h. Wet van 26 februari 2011 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter verbetering van de werking van de elektriciteits- en gasmarkt de; i. Wet van 12 juli 2012 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (implementatie richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas) de; j. Wet van 18 december 2013 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 (volumecorrectie nettarieven energie-intensieve industrie) de; k. Wet van 23 maart 2016 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 (tijdig realiseren doelstellingen Energieakkoord) de; l. Wet van 9 april 2018 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (voortgang energietransitie) de; m. Wet van 20 mei 2020 tot wijziging van de Gaswet betreffende het beperken van de vraag naar laagcalorisch gas van grote afnemers de. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.55 — Artikel 7.55 vervallen artikelen of onderdelen#
Artikel 7.55 vervallen artikelen of onderdelen afdeling 7.2 Verschillende artikelen van, of onderdelen daarvan, komen te vervallen op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 01-01-2026
Artikel 7.56 — Artikel 7.56 inwerkingtreding#
Artikel 7.56 inwerkingtreding Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 22-02-2025
Artikel 7.57 — Artikel 7.57 citeertitel#
Artikel 7.57 citeertitel Deze wet wordt aangehaald als: Energiewet. 2025 12 23-01-2025 11-12-2024 36378 2025 40 21-02-2025 17-02-2025 22-02-2025