Wet van 11 juni 2025, houdende regels met betrekking tot het tegemoetkomen van burgers ten aanzien van wie door de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen ten onrechte geen medewerking aan een buitengerechtelijke schuldregeling is gegeven (Wet onverplichte tegemoetkoming onterechte afwijzing schuldregeling)
- BWB-id
- BWBR0051149
- Type
- Wet
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-07-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0051149
- ELI
- /eli/nl/wet/2025/wet-onverplichte-tegemoetkoming-onterechte-afwijzing-buiteng
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/2025/wet-onverplichte-tegemoetkoming-onterechte-afwijzing-buiteng/2025-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0051149&g=2025-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0051149&z=2026-06-06&g=2025-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0051149/2025-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/2025/wet-onverplichte-tegemoetkoming-onterechte-afwijzing-buiteng
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: afloscapaciteit: het bedrag dat de belanghebbende beschikbaar dient te stellen voor de aflossing van zijn schulden in het kader van een buitengerechtelijke schuldregeling of schuldsaneringsregeling natuurlijke personen waarbij dit bedrag wordt vastgesteld aan de hand van het vrij te laten bedrag, het aanwezige vermogen en de te verwachte baten; afwijzingsbrief: de brief waarin de ontvanger, al dan niet namens de Dienst Toeslagen, meedeelt dat een MSNP-verzoek wordt afgewezen; buitengerechtelijke schuldregeling: een schuldregeling waarbij schuldeisers op basis van een buitengerechtelijk akkoord finale kwijting verlenen jegens de belanghebbende, nadat de belanghebbende de op hem rustende verplichtingen die voortvloeien uit de schuldregelingsovereenkomst is nagekomen; Dienst Toeslagen: artikel 11, tweede lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen de Dienst Toeslagen, bedoeld in; MSNP-verzoek: een verzoek dat door de schuldhulpverlener namens de belanghebbende na ondertekening van de schuldregelingsovereenkomst aan de ontvanger wordt gedaan met als doel een buitengerechtelijke schuldregeling tot stand te laten komen, alsmede een stabilisatieverzoek dat door de ontvanger is behandeld als voornoemd verzoek; nabestaande: a. artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de partner, bedoeld in, van de belanghebbende op het moment dat die belanghebbende is komen te overlijden; b. bij ontstentenis van de onder a bedoelde persoon, het kind, zijnde bloedverwant of aanverwant in de neergaande lijn van de belanghebbende; onterechte afwijzingsbrief: de brief waarin de ontvanger, al dan niet namens de Dienst Toeslagen, meedeelt dat een MSNP-verzoek is afgewezen op grond van een registratie in de Fraude Signalering Voorziening van de Belastingdienst, een kwalificatie opzet of grove schuld, een indicatie van fraude of een belastingschuld of toeslagschuld boven een door de ontvanger gehanteerd normbedrag en hiernaast in de brief geen andere grond voor afwijzing is aangevoerd; ontvanger: artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de Invorderingswet 1990 de ontvanger, bedoeld in; Onze Minister: Onze Minister van Financiën; schuldhulpverlener: artikel 48, eerste lid, van de Wet op het consumentenkrediet een persoon of instelling als bedoeld in, die namens de belanghebbende een buitengerechtelijke schuldregeling uitvoert; schuldsaneringsregeling natuurlijke personen: titel III van de Faillissementswet de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, bedoeld in; stabilisatieverzoek: een verzoek van een schuldhulpverlener namens de belanghebbende aan een schuldeiser om gedurende een periode van maximaal 240 dagen geen dwanginvorderingsmaatregelen te treffen ter zake van een openstaande schuld van de belanghebbende teneinde de belanghebbende in de gelegenheid te stellen om een stabiele situatie met betrekking tot zijn inkomsten en uitgaven te bereiken. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 2 — Artikel 2 Tegemoetkoming voor een onterechte afwijzing van een MSNP-verzoek#
Artikel 2 Tegemoetkoming voor een onterechte afwijzing van een MSNP-verzoek 1 De ontvanger kent ambtshalve een tegemoetkoming toe aan een belanghebbende namens wie in de periode van 1 januari 2014 tot en met 31 maart 2021 een MSNP-verzoek is gedaan, dat door de ontvanger is afgewezen vanwege: 1°. een registratie in de Fraude Signalering Voorziening van de Belastingdienst; 2°. een kwalificatie opzet of grove schuld; 3°. een indicatie van fraude; of 4°. een belastingschuld of toeslagschuld boven een door de ontvanger gehanteerd normbedrag. 2 De tegemoetkoming bedraagt € 500 per MSNP-verzoek dat door de ontvanger is afgewezen, met dien verstande dat opeenvolgende MSNP-verzoeken die binnen een periode van 240 dagen na elkaar worden gedaan, als een verzoek worden aangemerkt en die periode steeds aanvangt op de datum waarop de ontvanger het eerst ontvangen MSNP-verzoek onterecht heeft afgewezen. 3 De tegemoetkoming blijft achterwege indien de afwijzing het gevolg is van een opgelegde vergrijpboete, een strafrechtelijke veroordeling, fraude met betrekking tot toeslagschulden of indien er naast de grond voor afwijzing, bedoeld in het eerste lid, een andere grond voor de afwijzing bestond en de reden voor de afwijzing is opgenomen in de afwijzingsbrief. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 3 — Artikel 3 Betalen bedrag gelijk aan de afloscapaciteit#
Artikel 3 Betalen bedrag gelijk aan de afloscapaciteit 1 Indien na de datum van inwerkingtreding van dit artikel een buitengerechtelijke schuldregeling of de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen nog niet is afgerond of aanvangt, betaalt de ontvanger op een gemotiveerde aanvraag de openstaande bedragen die de belanghebbende na de datum van inwerkingtreding van dit artikel dient af te dragen op basis van diens afloscapaciteit ten behoeve van een buitengerechtelijke schuldregeling of schuldsaneringsregeling natuurlijke personen. 2 artikel 2, eerste lid De aanvraag wordt gedaan door of namens de belanghebbende die in aanmerking komt voor de tegemoetkoming, bedoeld in. 3 Het eerste lid vindt geen toepassing indien: a. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende is verzocht om een heroverweging van de afwijzing, bedoeld in, en die afwijzing bij de heroverweging heeft standgehouden ingevolge een grond voor afwijzing die niet is genoemd in artikel 2, eerste lid, en de reden voor de afwijzing is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; b. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende op een later moment een nieuw MSNP-verzoek is gedaan en dit verzoek is afgewezen, waarbij een grond voor afwijzing is aangevoerd die niet is genoemd in, en deze grond is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; c. artikel 2, eerste lid naar aanleiding van de beslissing van de ontvanger om geen medewerking te verlenen aan een buitengerechtelijke schuldregeling de belanghebbende aan de rechtbank het verzoek heeft gedaan om de ontvanger te bevelen in te stemmen met de aangeboden schuldregeling en de rechtbank dit verzoek heeft afgewezen op basis van een andere grond dan genoemd in; of d. tussen de onterechte afwijzingsbrief en de datum van inwerkingtreding van dit artikel een buitengerechtelijke schuldregeling of de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen is aangevangen en vervolgens voor de datum van inwerkingtreding van dit artikel is beëindigd. 4 artikel 30 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek De ontvanger betaalt de bedragen op grond vanuit aan: a. de schuldhulpverlener die namens de belanghebbende de buitengerechtelijke schuldregeling heeft aangeboden; b. de bewindvoerder die namens de belanghebbende het gerechtelijk akkoord in het kader van een schuldsaneringsregeling natuurlijke personen heeft aangeboden; of c. de kredietverstrekker die een saneringskrediet ter beschikking heeft gesteld voor de buitengerechtelijke schuldregeling. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 4 — Artikel 4 Bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen#
Artikel 4 Bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen 1 artikel 2, eerste lid De ontvanger betaalt ambtshalve het bedrag gelijk aan de bedragen die zien op belastingschulden of toeslagschulden die betrekking hebben op een tijdvak gelegen voor de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief of een tijdvak dat liep ten tijde van de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief en die zijn voldaan of verrekend, met inbegrip van de met de schuld samenhangende betaalde renten en kosten van invordering, in de periode tussen de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief en de datum van inwerkingtreding van deze wet aan de belanghebbende die in aanmerking komt voor een tegemoetkoming als bedoeld in, en waarbij tussen de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief en de datum van inwerkingtreding van deze wet: a. geen buitengerechtelijke schuldregeling of geen schuldsaneringsregeling natuurlijke personen is aangevangen; of b. een buitengerechtelijke schuldregeling of een schuldsaneringsregeling natuurlijke personen is aangevangen die niet voor de datum van inwerkingtreding van deze wet is afgerond. 2 Het eerste lid vindt geen toepassing indien: a. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende is verzocht om een heroverweging van de afwijzing, bedoeld in, en die afwijzing bij de heroverweging heeft standgehouden ingevolge een grond voor afwijzing die niet is genoemd in artikel 2, eerste lid, en de reden voor de afwijzing is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; b. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende op een later moment een nieuw MSNP-verzoek is gedaan en dit verzoek is afgewezen, waarbij een grond voor afwijzing is aangevoerd die niet is genoemd in, en deze grond is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; of c. artikel 2, eerste lid naar aanleiding van de beslissing van de ontvanger om geen medewerking te verlenen aan een buitengerechtelijke schuldregeling de belanghebbende aan de rechtbank het verzoek heeft gedaan om de ontvanger te bevelen in te stemmen met de aangeboden schuldregeling en de rechtbank dit verzoek heeft afgewezen op basis van een andere grond dan genoemd in. 3 artikel 3.13 van de Wet hersteloperatie toeslagen Het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen wordt verminderd met het bedrag dat aan de belanghebbende reeds op grond vanis toegekend vanwege betalingen die zien op belastingschulden of toeslagschulden die betrekking hebben op een tijdvak gelegen voor de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief of een tijdvak dat liep ten tijde van de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief en hebben plaatsgevonden na de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 5 — Artikel 5 Kwijtschelding van belastingschulden#
Artikel 5 Kwijtschelding van belastingschulden 1 artikel 2, eerste lid De ontvanger verleent ambtshalve kwijtschelding van het op de datum van inwerkingtreding van deze wet openstaande bedrag van een belastingaanslag van de belastingschuldige die in aanmerking komt voor een tegemoetkoming als bedoeld in, en ten aanzien van wie tussen de dagtekening van de onterechte afwijzingsbrief en datum van inwerkingtreding van deze wet: a. titel III van de Faillissementswet geen buitengerechtelijke schuldregeling tot stand is gekomen of niet de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, bedoeld in, is aangevangen; of b. titel III van de Faillissementswet een buitengerechtelijke schuldregeling of de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, bedoeld in, is aangevangen die niet voor de datum van inwerkingtreding van deze wet is afgerond. 2 Het eerste lid vindt geen toepassing indien: a. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende is verzocht om een heroverweging van de afwijzing, bedoeld in, en die afwijzing bij de heroverweging heeft standgehouden ingevolge een grond voor afwijzing die niet is genoemd in artikel 2, eerste lid, en de reden voor de afwijzing is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; b. artikel 2, eerste lid namens de belanghebbende op een later moment een nieuw MSNP-verzoek is gedaan en dit verzoek is afgewezen, waarbij een grond voor afwijzing is aangevoerd die niet is genoemd in, en deze grond is opgenomen in de tweede afwijzingsbrief; of c. artikel 2, eerste lid naar aanleiding van de beslissing van de ontvanger om geen medewerking te verlenen aan een buitengerechtelijke schuldregeling de belanghebbende aan de rechtbank het verzoek heeft gedaan om de ontvanger te bevelen in te stemmen met de aangeboden schuldregeling en de rechtbank dit verzoek heeft afgewezen op basis van een andere grond dan genoemd in. 3 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op belastingaanslagen die niet voor de datum van inwerkingtreding van deze wet bekend zijn gemaakt en betrekking hebben op een tijdvak dat is geëindigd, dan wel zien op een tijdvak dat is aangevangen, voor de datum van inwerkingtreding van deze wet. 4 artikel 49 van de Invorderingswet 1990 De ontvanger verleent de belanghebbende die op grond vanaansprakelijk is gesteld voor rijksbelastingen of voor andere bedragen, als bedoeld in het eerste en derde lid, ontslag van de verplichting tot betaling van die belastingen of bedragen. 5 In afwijking van het eerste en derde lid verleent de ontvanger kwijtschelding van een voorlopige aanslag nadat de aanslag over hetzelfde tijdvak is opgelegd en bekendgemaakt. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 6 — Artikel 6 Tegemoetkoming echtgenoot en geregistreerd partner#
Artikel 6 Tegemoetkoming echtgenoot en geregistreerd partner artikel 2, eerste lid artikel 3, eerste lid artikel 4 artikel 5 artikel 94 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek artikel 31ter van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen De persoon die samen met de belanghebbende die in aanmerking komt dan wel in aanmerking zou zijn gekomen indien deze belanghebbende niet was overleden voor de toekenning van de tegemoetkoming, bedoeld in, heeft gepoogd tot een buitengerechtelijke schuldregeling te komen voor al hun beider schulden door gezamenlijk een MSNP-verzoek te doen en er tussen deze persoon en de belanghebbende sprake is geweest van een gemeenschap van goederen als bedoeld inten tijde van het doen van het MSNP-verzoek komt op aanvraag in aanmerking voor de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, het bedrag gelijk aan de afloscapaciteit, bedoeld in, het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen, bedoeld in, de kwijtschelding van belastingschulden, bedoeld inen de kwijtschelding van toeslagschulden, bedoeld in, indien die persoon niet zelf een afwijzing heeft ontvangen als bedoeld in artikel 2, eerste lid. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 7 — Artikel 7 Toekenning bij overlijden belanghebbende#
Artikel 7 Toekenning bij overlijden belanghebbende 1 artikel 2, eerste lid De ontvanger kent de tegemoetkoming, bedoeld in, ambtshalve toe aan de nabestaanden, indien de belanghebbende, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is overleden voordat de tegemoetkoming waarop deze overledene recht zou hebben bij leven aan hem is toegekend. 2 Indien meerdere kinderen op grond van het eerste lid aanspraak maken op de tegemoetkoming, wordt het bedrag verdeeld naar evenredigheid van het aantal kinderen dat in aanmerking komt voor die tegemoetkoming. 3 Nabestaanden die niet bekend zijn bij de ontvanger kunnen een gemotiveerde aanvraag doen tot toekenning van de tegemoetkoming. 4 Bij de toepassing van het derde lid is de hoogte van de tegemoetkoming gelijk aan het bedrag dat aan een andere nabestaande van de overledene op grond van het eerste lid of derde lid is toegekend. Indien bij toepassing van het derde lid nog geen tegemoetkoming is uitgekeerd aan een andere nabestaande van de overledene op grond van het eerste of derde lid, wordt het bedrag van de tegemoetkoming naar evenredigheid verdeeld over de nabestaanden die op grond van het eerste lid in aanmerking komen en waarbij de tegemoetkoming nog niet aan die nabestaanden is toegekend en de nabestaanden die op grond van het derde lid een aanvraag tot toekenning van de tegemoetkoming hebben gedaan en de ontvanger op die verzoeken nog geen besluit heeft genomen. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 8 — Artikel 8 Tegemoetkoming bij voor bezwaar vatbare beschikking#
Artikel 8 Tegemoetkoming bij voor bezwaar vatbare beschikking 1 artikel 2, eerste lid artikel 3, eerste lid artikel 4 artikel 5 hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen De tegemoetkoming, bedoeld in, het bedrag gelijk aan de afloscapaciteit, bedoeld in, het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen, bedoeld in, en de kwijtschelding van belastingschulden, bedoeld inworden vastgesteld bij voor bezwaar vatbare beschikking als bedoeld in. 2 hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen Op het bezwaar, beroep, hoger beroep en beroep in cassatie inzake de in het eerste lid bedoelde beschikking isvan overeenkomstige toepassing. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 9 — Artikel 9 Aanvraagtermijn#
Artikel 9 Aanvraagtermijn artikelen 3, eerste lid 6 7, derde lid Een aanvraag als bedoeld in de,en, wordt ingediend uiterlijk twaalf maanden na inwerkingtreding van deze wet. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 10 — Artikel 10 Beslistermijn#
Artikel 10 Beslistermijn artikelen 3, eerste lid 6 7, derde lid Op een aanvraag als bedoeld in de,, en, besluit de ontvanger binnen een termijn van zes weken na ontvangst van die aanvraag. Deze termijn kan eenmaal met maximaal zes weken worden verlengd. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 11 — Artikel 11 Wijze van uitbetalen#
Artikel 11 Wijze van uitbetalen 1 artikel 2, eerste lid artikel 4 artikel 6 De uitbetaling van de tegemoetkoming, bedoeld in, of het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen, bedoeld in, vindt plaats aan de belanghebbende, de persoon, bedoeld in, of de nabestaande op een daartoe door die belanghebbende, die persoon, onderscheidenlijk die nabestaande, bestemde bankrekening die op diens naam staat, binnen zes weken nadat de tegemoetkoming, onderscheidenlijk het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen, is toegekend en nadat het bankrekeningnummer van de belanghebbende, de persoon, onderscheidenlijk de nabestaande, bij de ontvanger bekend is geworden. Indien de nabestaande minderjarig is, vindt de uitbetaling plaats op een bankrekening die daartoe is bestemd door diens wettelijke vertegenwoordiger, die op naam staat van de nabestaande en door of namens de nabestaande bij de ontvanger is opgegeven. 2 artikel 3, eerste lid Het bedrag gelijk aan de afloscapaciteit, bedoeld in, wordt uitbetaald op het opgegeven bankrekeningnummer van de schuldhulpverlener, bewindvoerder of kredietverstrekker binnen zes weken nadat de ontvanger de aanvraag hiertoe heeft toegekend en de schuldhulpverlener, de bewindvoerder, onderscheidenlijk de kredietverstrekker, zijn bankrekeningnummer heeft opgegeven bij de ontvanger. 3 artikel 2, eerste lid artikel 3, eerste lid artikel 4 artikel 24 van de Invorderingswet 1990 Bij de uitbetaling van de tegemoetkoming, bedoeld in, het bedrag gelijk aan de afloscapaciteit, bedoeld in, en het bedrag gelijk aan de betaalde en verrekende bedragen, bedoeld in, door de ontvanger isniet van overeenkomstige toepassing. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 12 — Artikel 12 Verwerking van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard#
Artikel 12 Verwerking van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard 1 artikel 2 Indien noodzakelijk voor de uitvoering vankan de ontvanger persoonsgegevens van strafrechtelijke aard verwerken. 2 Voor de verwerking van gegevens van strafrechtelijke aard worden praktische handleidingen en werkinstructies opgesteld om te borgen dat de persoonlijke levenssfeer van de belanghebbende niet onevenredig wordt geschaad. 3 Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard ter bescherming van de rechten en vrijheden van de belanghebbenden. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 13 — Artikel 13 Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen Wijziging van de#
Artikel 13 Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen Wijziging van de Wijzigt de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding#
Artikel 14 Inwerkingtreding Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze wet wordt aangehaald als: Wet onverplichte tegemoetkoming onterechte afwijzing buitengerechtelijke schuldregeling. 2025 168 27-06-2025 11-06-2025 440 19-12-2025 2025 169 27-06-2025 18-06-2025 01-07-2025