Regeling voorschotverlening op uitkeringen Zfw en AWBZ
- BWB-id
- BWBR0014346
- Type
- zbo
- Ministerie
- Zorginstituut Nederland
- Geldigheid
- 2005-01-01 t/m 2005-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0014346
- ELI
- /eli/nl/zbo/2002/regeling-voorschotverlening-op-uitkeringen-zfw-en-awbz
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2002/regeling-voorschotverlening-op-uitkeringen-zfw-en-awbz/2005-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0014346&g=2005-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0014346&z=2026-06-06&g=2005-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0014346/2005-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2002/regeling-voorschotverlening-op-uitkeringen-zfw-en-awbz
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt onder het jaar t verstaan het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft en onder het jaar t +1 het daarop volgende kalenderjaar. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 19 van de Ziekenfondswet artikel 19, vijfde lid van de Ziekenfondswet De betaling van de uitkeringen die het College voor zorgverzekeringen ingevolgevoor de ziekenfondsen voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen en beheerskosten jaarlijks vaststelt, geschiedt overeenkomstig deze regeling. De betaling geschiedt in termijnen. De betalingen die aan de nadere vaststelling van de uitkeringen na afloop van het kalenderjaar, bedoeld in, voorafgaan, worden in deze regeling aangemerkt als voorschotten. 2 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten artikel 40 Wet financiering volksverzekeringen De ziekenfondsen, ziektekostenverzekeraars en uitvoerende organen, bedoeld in de, ontvangen voorschotten op de uitkeringen die zij ingevolgevan het College voor zorgverzekeringen ontvangen voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen en voor beheerskosten. De voorschotten ingevolge deze regeling betreffen alleen de uitkeringen die rechtstreeks aan hen worden uitbetaald. 3 In deze regeling wordt afhankelijk van de context onder uitvoeringsorgaan verstaan: het ziekenfonds als ontvanger van de uitkeringen, bedoeld in het eerste lid, of het ziekenfonds, de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan als ontvanger van de uitkeringen, bedoeld in het tweede lid, dan wel beide. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het College voor zorgverzekeringen stelt de voorschotten voor de uitvoeringsorganen vast. 2 De voorschotten zijn, voor zover het uitvoeringsorgaan tot de desbetreffende categorie van uitvoeringsorganen behoort, opgebouwd uit: a. de som van de voor het ziekenfonds vooraf voor het jaar t vastgestelde deelbudgetten variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp en vaste kosten van ziekenhuisverpleging, b. het voor het ziekenfonds vooraf voor het jaar t vastgestelde deelbudget kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen, c. Ziekenfondswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten de voor het ziekenfonds vooraf voor het jaar t vastgestelde budgetten beheerskosten ingevolge deen de, d. een aftrekpost ter grootte van het verschil tussen het vooraf voor het jaar t voor het ziekenfonds vastgestelde budget en de vooraf vastgestelde uitkering voor verstrekkingen en vergoedingen, hierna te noemen: het bedrag voor nominale rekenpremie, nominale no-claimpremie en opbrengst verhaal. e. Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten het voor de ziektekostenverzekeraars of uitvoerende organen vooraf voor het jaar t vastgestelde budget beheerskosten ingevolge de. 3 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten paragraaf 3 Voor eventuele kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge dedie het uitvoeringsorgaan zelf rechtstreeks betaalt, kan het College voor zorgverzekeringen ambtshalve of op verzoek een bedrag vaststellen waarmee het voorschot per de daarbij te bepalen datum wordt verhoogd. Bij deze vaststelling wordt uitgegaan van het verschil tussen de kosten van verstrekkingen en vergoedingen, zoals die in het formulier 09 en formulier 10 voor het jaar t worden benoemd, en de som van de opbrengsten van verhaal in het kader van de bijzondere ziektekostenverzekering en de opbrengsten van eigen bijdragen in het kader van de bijzondere ziektekostenverzekering en van subsidieregelingen, op basis van de actuele gegevens van minimaal een kwartaal. Voor zover de opbrengsten de kosten overstijgen, vindtvan deze regeling toepassing. 4 Voor de no-claimteruggave aan de daarvoor in aanmerking komende verzekerden, stelt het College voor zorgverzekeringen per ziekenfonds een bedrag vast waarmee de voorschotten van de ziekenfondsen worden verhoogd. De vaststelling van het in de vorige volzin genoemde bedrag per ziekenfonds wordt gebaseerd op informatie van de ziekenfondsen over de te verwachten no-claimteruggave voor het jaar t. 5 Voor kosten van verstrekkingen en vergoedingen van tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse verzekerden, die op grond van internationale verordeningen en verdragen recht hebben op geneeskundige zorg in Nederland, stelt het College voor zorgverzekeringen ambtshalve een bedrag vast waarmee het voorschot van het ziekenfonds de Onderlinge Waarborgmaatschappij Agis Zorgverzekeringen u.a. wordt verhoogd. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het ambtshalve vast te stellen bedrag gebaseerd op de op de jaarstaat van het voorgaande jaar door genoemd ziekenfonds verantwoorde kosten van bedoelde verstrekkingen en vergoedingen. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3, tweede lid, onder a en c artikel 3, vijfde lid De betaling van de bestanddelen van het voorschot, bedoeld inen, geschiedt in twaalf maandelijkse termijnen en vangt aan in februari van het jaar t met als betaaldag de eerste werkdag van de maand. 2 artikel 3, tweede lid, onder b De betaling van de bestanddelen van het voorschot, bedoeld in, geschiedt in twaalf maandelijkse termijnen en vangt aan in maart van het jaar t met als betaaldag de eerste werkdag van de maand. 3 artikel 3, tweede lid, onder d Het bedrag voor nominale premie en opbrengst verhaal, bedoeld in, wordt in twaalf maandelijkse termijnen in mindering gebracht, te beginnen met de maand januari van het jaar t op het bestanddeel van het voorschot op de uitkering over het voorafgaande kalenderjaar dat in die maand wordt betaald, voor februari op het bestanddeel, bedoeld in het eerste lid, en voor de resterende maanden op de som van de bestanddelen, bedoeld in het eerste en tweede lid. 4 artikel 3, tweede lid, onder e De betaling van het voorschot, bedoeld in, geschiedt in één termijn, met als betaaldag de eerste werkdag van de maand juli van het jaar t. 5 artikel 3, vierde lid De betaling van het bedrag per ziekenfonds, bedoeld ingeschiedt in één termijn met als betaaldatum de eerste werkdag van april van het jaar t + 1. 6 artikel 3, tweede lid, onder d Voor een nieuw uitvoeringsorgaan, dat geen rechtsopvolger is van een uitvoeringsorgaan, kan van het eerste, tweede en vierde lid worden afgeweken. In geval een termijnbedrag voor nominale premie en verhaal, bedoeld in, wegens ontbreken van voorschotten niet in mindering kan worden gebracht, wordt het mee in mindering gebracht op een eerstvolgend voorschot. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 In bijzondere omstandigheden, wanneer een voorschot kennelijk ontoereikend is, kan het College voor zorgverzekeringen op verzoek het voorschot verhogen. Indien het voorschot kennelijk ontoereikend is wegens toename van het aantal verzekerden dat bij het uitvoeringsorgaan is ingeschreven, wordt aan een verzoek om verhoging van een voorschot voldaan wanneer die toename tenminste 5 procent bedraagt, met een minimum van 3000 verzekerden, ten opzichte van het verzekerdenaantal dat aan de berekening van de budgetten ten grondslag heeft gelegen. Bedraagt de toename 25 procent of meer dan geldt het minimum van 3000 verzekerden niet. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 3, derde lid Voor zover de opbrengsten van verhaal en van eigen bijdragen, bedoeld in, de kosten van de daar bedoelde verstrekkingen en vergoedingen die het uitvoeringsorgaan maakt ten laste van het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten overstijgen, is het uitvoeringsorgaan verplicht het overschot per kwartaal in dat fonds af te storten. Dit dient te geschieden met valuta de eerste van de maand van het eerstvolgende kwartaal volgend op de verslagperiode. 2 Het centraal administratiekantoor stort de opbrengsten van bijdragen voor zorg zonder verblijf per week in het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten af. De afstorting geschiedt met valuta de tweede werkdag van de eerstvolgende week na de week waarin de opbrengsten zijn ontvangen. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Ziekenfondswet Op 1 augustus van het jaar t + 1 vindt een voorlopige afrekening plaats over het verschil tussen de op voorlopige basis nader vastgestelde uitkeringen voor verstrekkingen en vergoedingen en voor beheerskosten ingevolge deen de desbetreffende voorschotten. 2 Ziekenfondswet Voor de toepassing van het eerste lid wordt de op voorlopige basis nader vastgestelde uitkering voor verstrekkingen en vergoedingen ingevolge deverhoogd of verlaagd met het saldo van de rechtstreeks met de Algemene Kas te verrekenen baten en lasten van verstrekkingen en vergoedingen, zoals dat saldo door het College voor zorgverzekeringen bij gelegenheid van de voorlopige afrekening wordt gehanteerd. 3 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten De voorlopige afrekening voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen en voor beheerskosten ingevolge demet ziekenfondsen vindt op 1 mei van het jaar t + 1 plaats. Voor ziektekostenverzekeraars en uitvoerende organen vindt deze voorlopige afrekening plaats op 1 juli van het jaar t + 1. 4 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten artikel 6 Voor de toepassing van het derde lid wordt voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge deuitgegaan van het saldo van de kosten van verstrekkingen en vergoedingen die in het formulier 10 voor het jaar t zijn opgenomen, de opbrengsten van verhaal in het kader van de bijzondere ziektekostenverzekering en de opbrengsten van eigen bijdragen in het kader van de bijzondere ziektekostenverzekering, en van de subsidieregelingen, zoals dat saldo door het College voor zorgverzekeringen bij gelegenheid van de voorlopige afrekening wordt gehanteerd. Daarbij wordt rekening gehouden met de overschotten die het uitvoeringsorgaan zoals ingevolgein het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten heeft afgestort. 5 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Voor de toepassing van het derde lid voor de beheerskosten ingevolge deherberekent het College voor zorgverzekeringen de budgetten beheerskosten op voorlopige basis in afwachting van een beoordeling van de verzekerdenstanden en andere van belang zijnde gegevens door het College van toezicht op de zorgverzekeringen. De verschillen tussen deze budgetten en de desbetreffende voorschotten worden verrekend. 6 Indien toepassing van de vorige leden in totaal een positief saldo voor het ziekenfonds oplevert, wordt dat saldo bij wijze van voorlopige afrekening op 1 augustus van het jaar t + 1 ineens aan het ziekenfonds betaald behoudens een eventuele verrekening met een vordering op het ziekenfonds. Indien de verschillen met de voorschotten in totaal een negatief saldo voor het ziekenfonds opleveren, wordt dat saldo bij wijze van voorlopige afrekening op 1 augustus van het jaar t + 1ineens door het desbetreffende ziekenfonds aan het College voor zorgverzekeringen terugbetaald behoudens voor zover het College het bedrag heeft verrekend met enig voorschot of enige uitkering aan het ziekenfonds. 7 Indien toepassing van de vorige leden in totaal een positief saldo voor de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan oplevert, wordt dat saldo bij wijze van voorlopige afrekening op 1 juli van het jaar t + 1 ineens aan de ziektekostenverzekeraar onderscheidenlijk het uitvoerend orgaan betaald, behoudens een eventuele verrekening met een vordering op de betreffende ziektekostenverzekeraar onderscheidenlijk het betreffende uitvoerend orgaan. Indien de verschillen met de voorschotten in totaal een negatief saldo voor de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan opleveren, wordt dat saldo bij wijze van voorlopige afrekening op 1 juli van het jaar t + 1 ineens door de ziektekostenverzekeraar onderscheidenlijk het uitvoerend orgaan aan het College voor zorgverzekeringen terugbetaald, behoudens voor zover het college het bedrag heeft verrekend met enig voorschot of enige uitkering aan de desbetreffende ziektekostenverzekeraar onderscheidenlijk het desbetreffende uitvoerend orgaan. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Ziekenfondswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Bij de nadere vaststelling van de uitkeringen ingevolge deen de vaststelling van de uitkeringen voor devindt de definitieve afrekening plaats. Daarbij worden de verschillen afgerekend tussen de bedragen waarvan bij de voorlopige afrekening werd uitgegaan en de desbetreffende uitkeringen. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Het uitvoeringsorgaan en het College voor zorgverzekeringen zijn over en weer rente verschuldigd over te hoog of te laag betaalde voorschotten ingevolge deze Regeling. 2 Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Het uitvoeringsorgaan en het College voor zorgverzekeringen zijn over en weer rente verschuldigd en hebben over en weer aanspraak op rente over de verschillen van de voorlopige afrekening en over de bij de definitieve afrekening nog resterende verschillen. In afwijking van de vorige volzin is het College voor zorgverzekeringen geen rente verschuldigd en heeft het uitvoeringsorgaan geen aanspraak op rente bij een positief saldo voor het uitvoeringsorgaan bij de afrekeningen voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge de. 3 artikel 6 Het uitvoeringsorgaan is aan het College voor zorgverzekeringen rente verschuldigd over een aan het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten af te storten overschot, bedoeld in. 4 Ziekenfondswet Het ziekenfonds is rente aan het College voor zorgverzekeringen verschuldigd over de door het College voor zorgverzekeringen betaalde kosten buitenland voorzover het daarbij gaat om kosten die deel uitmaken van de gebudgetteerde kosten van verstrekkingen en van vergoedingen ingevolge de. 5 De rente, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, wordt in de afrekeningen verwerkt en wordt zo mogelijk verrekend met andere betalingen die uit de desbetreffende afrekening voortvloeien. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De rente wordt voor de desbetreffende onderdelen over de navolgende periode berekend. artikel 4, vierde lid Voor een nieuw uitvoeringsorgaan, dat geen rechtsopvolger is van een uitvoeringsorgaan en waarvoor krachtens, een afwijkende bevoorschotting heeft plaatsgevonden, wordt de toepassing van hetgeen hiervóór in dit lid is bepaald, aan die bevoorschotting aangepast. a. Ziekenfondswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Ziekenfondswet Voor beheerskosten ingevolge deenen voor de niet-gebudgetteerde kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge: vanaf 1 juli van het jaar t tot de datum waarop de verschillen worden afgerekend. b. Ziekenfondswet Voor de gebudgetteerde kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge de: vanaf 1 augustus van het jaar t tot de datum waarop de verschillen worden afgerekend. c. Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Voor de kosten verstrekkingen en vergoedingen ingevolge de: vanaf de door het College voor zorgverzekeringen bij de toekenning van het voorschot voor deze kosten vastgestelde datum en tot de datum waarop de verschillen worden afgerekend. d. artikel 6 Voor de ingevolgeaf te storten overschotten: vanaf de datum waarop het overschot ontstaat tot de datum waarop de afstorting plaatsvindt of, bij achterwege blijven daarvan, tot de datum van afrekening. e. artikel 9, derde lid Voor de door het College voor zorgverzekeringen betaalde kosten buitenland, bedoeld in: vanaf 1augustus van het jaar t tot de datum van afrekening. f. artikel 3, vierde lid Voor het door het College voor zorgverzekeringen betaalde bedrag per ziekenfonds, bedoeld inminus het werkelijk door het ziekenfonds aan de verzekerden betaalde bedrag voor no-claimteruggave: vanaf 1 april van het jaar t + 1 tot de datum van afrekening 2 Het rentepercentage voor de periode tot 1 augustus van het jaar t + 1 is het gemiddelde Euro Interbank Offered Rate (Euribor-tarief) voor driemaands termijngelden zonder onderpand over het jaar t. Het percentage wordt voor de in het eerste lid, onder a en b bedoelde kosten verhoogd met 0,3 bij aan het uitvoeringsorgaan te betalen verschillen. Het percentage wordt voor de in het eerste lid, onder a, b en c bedoelde kosten verlaagd met 0,3 bij door het uitvoeringsorgaan te betalen verschillen. Voor de in het eerste lid, onder d, bedoelde af te storten overschotten wordt het percentage verminderd met 0,3, met dien verstande dat voorzover en voor zolang het uitvoeringsorgaan met de afstorting in verzuim is, vanaf de datum van verzuim het percentage wordt vermeerderd met 0,3. Voor de in het eerste lid, onder e bedoelde kosten buitenland wordt het percentage verminderd met 0,3. 3 Het rentepercentage voor de periode die aanvangt op 1 augustus van het jaar t + 1 is voor de in het eerste lid, onder a en b bedoelde kosten bij aan het uitvoeringsorgaan te betalen verschillen: a. indien afrekening plaats heeft vóór of op 1 augustus - of zonodig de eerstvolgende werkdag daarna - van enig jaar: het gewogen gemiddelde van het gemiddelde Euro Interbank Offered Rate (Euribor-tarief) voor driemaands termijngelden zonder onderpand over het jaar t + 1 tot en met het jaar voorafgaande aan het jaar van bedoelde afrekening, vermeerderd met 0,3; b. indien afrekening plaatsheeft na 1 augustus - of zonodig de eerstvolgende werkdag daarna - van enig jaar: het gewogen gemiddelde van het gemiddelde Euro Interbank Offered Rate (Euribor-tarief) voor bedoelde leningen over het jaar t + 1 tot en met het jaar waarin bedoelde afrekening plaatsheeft, waarbij als gemiddelde percentage voor het laatste kalenderjaar geldt het gemiddelde percentage in dat jaar over de periode tot een maand voor de bedoelde afrekening, vermeerderd met 0,3. 4 Het rentepercentage voor de periode die aanvangt op 1 augustus van het jaar t + 1 is voor de in het eerste lid, onder a, b, en c bedoelde kosten bij door het uitvoeringsorgaan te betalen verschillen en voor de in het eerste lid onder d en e bedoelde overschotten en kosten buitenland: a. voor de situatie, bedoeld in het derde lid, onder a, het daar bedoelde gewogen gemiddelde Euro Interbank Offered Rate (Euribor-tarief), verminderd met 0,3; b. voor de situatie, bedoeld in het derde lid, onder b, het daar bedoelde gewogen gemiddelde Euro Interbank Offered Rate (Euribor-tarief), verminderd met 0,3. 5 Indien de situatie zich voordoet dat het in deze paragraaf bedoelde Euro Interbank Offered Rate (Euribortarief) niet meer kan worden toegepast, zal een zoveel als mogelijk overeenkomstig tarief worden gehanteerd. 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 2004 252 29-12-2004 23-12-2004 01-01-2005
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Deze regeling is voor de eerste maal van toepassing over het kalenderjaar 2003. 2 artikel 19 van de Ziekenfondswet artikel 40 van de Wet financiering volksverzekeringen Op de betaling van uitkeringen ingevolgeen op de bevoorschotting van uitkeringen ingevolgeover kalenderjaren voorafgaand aan het kalenderjaar waarover deze regeling voor de eerste maal van toepassing is, blijft de regeling van het College voor zorgverzekeringen of zijn rechtsvoorganger die voor de inwerkingtreding van deze regeling voor het desbetreffende kalenderjaar gold, van toepassing. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. De regeling werkt terug tot en met 28 november 2002. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling voorschotverlening op uitkeringen Zfw en AWBZ. 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 2002 237 09-12-2002 28-11-2002 11-12-2002 28-11-2002