Beleidsregel inzake de betrouwbaarheidstoetsing van (kandidaat)(mede)beleidsbepalers van en houders van gekwalificeerde deelnemingen in onder toezicht staande instellingen
- BWB-id
- BWBR0017862
- Type
- zbo
- Ministerie
- De Nederlandsche Bank
- Geldigheid
- 2006-01-29 t/m 2025-05-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017862
- ELI
- /eli/nl/zbo/2005/beleidsregel-betrouwbaarheidstoetsing
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2005/beleidsregel-betrouwbaarheidstoetsing/2006-01-29
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017862&g=2006-01-29
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017862&z=2026-06-06&g=2006-01-29
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017862/2006-01-29
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2005/beleidsregel-betrouwbaarheidstoetsing
Artikel 1 — Artikel 1 Omtrent de uitleg van wettelijke voorschriften#
Artikel 1 Omtrent de uitleg van wettelijke voorschriften 1 Onder betrouwbaarheid wordt voor de toepassing van de toezichtswet verstaan het zich onthouden van één of meer gedragingen die naar het oordeel van de toezichthouder in de weg staan aan het vervullen van de functie van (mede)beleidsbepaler dan wel het houden van een gekwalificeerde deelneming. 2 Tot de in het eerste lid bedoelde gedragingen behoren in ieder geval gedragingen die blijk geven van het niet hebben van eigenschappen als waarheidslievendheid, verantwoordelijkheidszin, wetsgetrouwheid, openheid, oprechtheid, prudentie, punctualiteit, onkreukbaarheid, discretie en rechtschapenheid. 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 2 — Artikel 2 Omtrent de vaststelling van de feiten#
Artikel 2 Omtrent de vaststelling van de feiten 1 De beoordeling van de betrouwbaarheid geschiedt door op basis van voornemens, handelingen en antecedenten (hierna gezamenlijk te noemen: antecedenten) te toetsen of betrokkene blijk geeft of heeft gegeven van zodanige gedragingen dat daardoor naar het oordeel van de toezichthouder diens betrouwbaarheid niet (meer) buiten twijfel staat. 2 De bij de beoordeling van de betrouwbaarheid in acht te nemen antecedenten zijn: Bijlage A2 bevat een limitatieve opsomming van antecedenten; de overige bijlagen zijn niet limitatief. - bijlage A1 bijlage A2 strafrechtelijke antecedenten (en); - bijlage B financiële antecedenten (); - bijlage C toezichtsantecedenten (); - bijlage D fiscaal bestuursrechtelijke antecedenten (); - bijlage E overige antecedenten (). 3 Inzicht in de in het tweede lid genoemde antecedenten wordt verkregen door gebruik te maken van onder meer: - de door de te benoemen persoon en voorgenomen houder van een gekwalificeerde deelneming ingevulde vragenlijst volgens het door de toezichthouder vastgestelde model; - de mogelijkheid om bij de Landelijk Officier van Justitie gegevens uit politieregisters op te vragen; - raadpleging van de database Vennoot '98 van het Ministerie van Justitie; - raadpleging van de Belastingdienst; - gegevens of inlichtingen verkregen van Nederlandse of buitenlandse overheidsinstanties dan wel van Nederlandse of buitenlandse van overheidswege aangewezen instanties die belast zijn met het toezicht op financiële markten of op natuurlijke personen en rechtspersonen die op die markten werkzaam zijn; - ambtsberichten van het Openbaar Ministerie; - referenties. 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 3 — Artikel 3 Omtrent de afweging van belangen#
Artikel 3 Omtrent de afweging van belangen 1 artikel 1 De toezichthouder concludeert dat de betrouwbaarheid niet (meer) buiten twijfel staat indien naar zijn oordeel uit de antecedenten van betrokkene blijkt dat deze één of meer van de inbedoelde gedragingen heeft vertoond. 2 De toezichthouder betrekt bij zijn oordeelsvorming - in voorkomend geval het onderlinge verband tussen de aan een antecedent ten grondslag liggende gedraging(en) en de overige omstandigheden van het geval; - de belangen die de toezichtswet beoogt te beschermen; alsmede - de overige belangen van de financiële instelling en betrokkene. 3 bijlage A2 Gelet op aard en de ernst van de misdrijven genoemd in, worden de aan die misdrijven ten grondslag liggende gedragingen op voorhand geacht onverenigbaar te zijn met de belangen die de toezichtswet beoogt te beschermen. De toezichthouder stelt vast dat de betrouwbaarheid niet (meer) buiten twijfel staat indien uit de antecedenten van betrokkene blijkt dat deze bij onherroepelijke uitspraak is veroordeeld ter zake van een misdrijf als vermeld in genoemde bijlage, tenzij sedert de dag waarop deze uitspraak onherroepelijk is geworden acht jaren of meer zijn verstreken. 4 bijlage A1 bijlage A2 artikel 3, derde lid Indien een antecedent kan worden gekwalificeerd als een antecedent in de zin van zowelals, dan geldt het bepaalde van, hiervoor. 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 4 — Artikel 4 Toezichtsmaatregelen#
Artikel 4 Toezichtsmaatregelen In het geval dat de toezichthouder heeft geconcludeerd dat de betrouwbaarheid niet (meer) buiten twijfel staat en uit de toezichtswet zelf geen directe consequenties voortvloeien, kan de toezichthouder gebruik maken van de hem ingevolge de toezichtswet toekomende bevoegdheden (bijvoorbeeld het geven van een aanwijzing, het niet verlenen c.q. intrekken van een vergunning of het weigeren, wijzigen of intrekken van een verklaring van geen bezwaar). 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 5 — Artikel 5 Intrekking#
Artikel 5 Intrekking De Beleidsregel inzake de betrouwbaarheidstoetsing van (kandidaat)(mede)beleidsbepalers van en houders van gekwalificeerde deelnemingen in onder toezicht staande instellingen van 19 april 2004 (Stcrt. 74) wordt ingetrokken. 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 6 — Artikel 6 Inwerkingtreding#
Artikel 6 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2005 20 28-01-2005 2005 20 28-01-2005 30-01-2005
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 3#
artikel 3, derde lid
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 2#
artikel 2, tweede lid
Artikel 3#
artikel 3, derde lid
Artikel 3#
artikel 3, derde lid