Besluit bewaarders van het kadaster en de openbare registers tot verlening van mandaat en machtiging ten aanzien van de bijwerking van de registratie voor schepen en luchtvaartuigen
- BWB-id
- BWBR0035446
- Type
- zbo
- Ministerie
- Kadaster
- Geldigheid
- 2010-04-23 t/m 2023-11-29
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0035446
- ELI
- /eli/nl/zbo/2010/besluit-bewaarders-van-het-kadaster-en-de-openbare-registers-bwbr0035446
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2010/besluit-bewaarders-van-het-kadaster-en-de-openbare-registers-bwbr0035446/2010-04-23
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0035446&g=2010-04-23
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0035446&z=2026-06-06&g=2010-04-23
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0035446/2010-04-23
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2010/besluit-bewaarders-van-het-kadaster-en-de-openbare-registers-bwbr0035446
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. de Dienst: artikel 2 van de Organisatiewet Kadaster de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in; b. de bewaarder: artikel 6 van de Kadasterwet de bewaarder van het kadaster en de openbare registers, bedoeld in; c. Mandaatverlening: artikel 7, tweede lid artikel 106 eerste lid Kadasterwet de bevoegdheid van de bewaarder om op grond vanenmandaat te verlenen; d. mandaat: bevoegdheid om in naam van de bewaarder besluiten te nemen; e. machtiging: bevoegdheid om in naam van de bewaarder handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn; f. gemandateerde: persoon behorend tot het personeel van de Dienst aan wie mandaat is verleend; g. gemachtigde: persoon behorend tot het personeel van de Dienst aan wie machtiging is verleend. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 2 — Artikel 2 Omvang van de mandaten en machtigingen (algemeen)#
Artikel 2 Omvang van de mandaten en machtigingen (algemeen) artikelen 3 4 De machtigingen en mandaten, omschreven in deen, betreffen bij wettelijk voorschrift aan de bewaarders toegekende bevoegdheden en opgedragen werkzaamheden. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 3 — Artikel 3 Inhoud van het mandaat en de machtiging met betrekking tot aangelegenheden inzake de registratie voor schepen#
Artikel 3 Inhoud van het mandaat en de machtiging met betrekking tot aangelegenheden inzake de registratie voor schepen 1 De bewaarders verlenen, wat betreft de bijwerking van registratie voor schepen, mandaat en machtiging tot: a. het verrichten van alle handelingen tot bijhouding en het nemen van beslissingen tot vaststelling van het resultaat van een bijhouding; b. artikel 89, derde lid artikel 59, derde lid, eerste zin, van de Kadasterwet artikel 89, derde lid artikel 59, derde lid, tweede zin, van die wet het nemen van de beslissingen, bedoeld in, junctoalsmede het verzenden van de kennisgeving van die beslissing, het doen van de mededeling en het verzoek, bedoeld in, juncto; c. het vervaardigen en verzenden dan wel doen vervaardigen en doen verzenden van de kennisgeving houdende het resultaat van een bijhouding als bedoeld onder a; 2 De bewaarders verlenen, wat betreft de verstrekking van inlichtingen uit de registratie voor schepen, mandaat en machtiging tot: a. artikel 101, eerste lid en tweede lid, van de Kadasterwet het toewijzend beslissen op verzoeken tot het verstrekken van inlichtingen, bedoeld in, en het verstrekken van de verzochte inlichtingen; b. artikel 103, eerste lid het afgeven van een verklaring dat sedert het tijdstip waarop een getuigschrift, afschrift of uittreksel als bedoeld in, is afgegeven, in de daarin vermelde gegevens geen wijziging is opgetreden; c. artikel 18, tweede lid, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 het verstrekken van uittreksels als bedoeld in. 3 De bewaarders verlenen, wat betreft het herstel van bij de bijwerking van de registratie voor schepen begane kennelijke misslagen, mandaat en machtiging tot: a. artikel 7t, derde lid Kadasterwet artikel 26 Regeling Teboekstelling schepen het geheel toewijzend beslissen op verzoeken tot het herstel van misslagen als bedoeld in, juncto, met uitzondering evenwel van het beslissen over het in de kadastrale registratie plaatsen dan wel verwijderen van verwijzingen naar in de openbare registers ingeschreven stukken; b. het verrichten van handelingen tot herstel van die misslagen; c. artikel 7t 58, eerste lid, van de Kadasterwet het verzenden van kennisgevingen als bedoeld inen. 4 De bewaarders verlenen, wat betreft certificaten omtrent binnenschepen, mandaat en machtiging tot: a. artikelen 9, eerste, derde en vierde lid 18, derde lid, tweede zin, en vierde lid, tweede zin, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 het afgeven van certificaten of duplicaten ervan, bedoeld in de, en, alsmede het daarop plaatsen van aantekeningen, bedoeld in het vierde lid, tweede zin, van dat artikel; b. artikel 10, eerste onderscheidenlijk tweede lid, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 het uitreiken van vervangende certificaten en het plaatsen van de aantekening, bedoeld in. 5 artikel 22, eerste lid Maatregel teboekgestelde schepen 1992 artikel 6, tweede lid Maatregel teboekgestelde schepen 1992 6, derde lid, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 De bewaarders verlenen, wat betreft het aanbrengenen vernietigen artikel 22, derde lid jovan brandmerken op schepen, machtiging tot het verlenen van opdracht daartoe aan de in artikel 22, eerste lid, onderscheidenlijkbedoelde personen. 6 De bewaarders verlenen machtiging tot: a. artikel 28, derde lid artikel 32 artikel 28, derde lid, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 het indienen van een verzoek als bedoeld in, en injuncto; b. artikel 16, tweede lid, van de Regeling teboekgestelde schepen 1994 het doen van kennisgevingen als bedoeld in; c. artikel 17, tweede lid, van de Regeling teboekgestelde schepen 1994 het voeren van overleg, bedoeld in; d. artikel 19, eerste lid, van de Regeling teboekgestelde schepen 1994 het in kennis stellen en het doen van verzoeken als bedoeld in. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 4 — Artikel 4 Inhoud van het mandaat en de machtiging met betrekking tot aangelegenheden inzake de registratie voor luchtvaartuigen#
Artikel 4 Inhoud van het mandaat en de machtiging met betrekking tot aangelegenheden inzake de registratie voor luchtvaartuigen 1 De bewaarders verlenen, wat betreft de bijwerking van registratie voor luchtvaartuigen, mandaat en machtiging tot: a. het verrichten van alle handelingen tot bijhouding en het nemen van beslissingen tot vaststelling van het resultaat van een bijhouding; b. artikel 96, derde lid artikel 59, derde lid, eerste zin, van de Kadasterwet het nemen van de beslissingen, bedoeld in, junctoalsmede het verzenden van de kennisgeving van die beslissing, het doen van de mededeling en het verzoek, bedoeld in artikel 96, derde lid, juncto artikel 59, derde lid, tweede zin, van die wet; c. het vervaardigen en verzenden dan wel doen vervaardigen en doen verzenden van: 1°. de kennisgeving houdende het resultaat van een bijhouding als bedoeld onder a; 2 De bewaarders verlenen, wat betreft de verstrekking van inlichtingen uit de registratie voor luchtvaartuigen, mandaat en machtiging tot: a. artikel 102, eerste lid, en tweede lid van de Kadasterwet het toewijzend beslissen op verzoeken tot het verstrekken van inlichtingen, bedoeld in, en het verstrekken van de verzochte inlichtingen; b. artikel 103, eerste lid, Kadasterwet het afgeven van een verklaring dat sedert het tijdstip waarop een getuigschrift, afschrift of uittreksel als bedoeld inis afgegeven, in de daarin vermelde gegevens geen wijziging is opgetreden. 3 De bewaarders verlenen, wat betreft het herstel van bij de bijwerking van de registratie voor luchtvaartuigen begane kennelijke misslagen, mandaat en machtiging tot: a. artikel 7t, derde lid van de Kadasterwet het geheel toewijzend beslissen op verzoeken tot het herstel van misslagen als bedoeld in, met uitzondering evenwel van het beslissen over het in de registratie voor luchtvaartuigen plaatsen dan wel verwijderen van verwijzingen naar in de openbare registers ingeschreven stukken; b. het verrichten van handelingen tot herstel van die misslagen; c. artikel 7t 58, eerste lid, van de Kadasterwet het verzenden van kennisgevingen als bedoeld inenen artikel 15 Regeling teboekgestelde luchtvaartuigen 1994. 4 De bewaarders verlenen machtiging tot: a. het doen van kennisgevingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Regeling teboekgestelde luchtvaartuigen 1994; b. het in kennis stellen, bedoeld in artikel 18 van de Regeling teboekgestelde luchtvaartuigen 1994. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 5 — Artikel 5 Aanwijzing van gemandateerde en gemachtigde personen#
Artikel 5 Aanwijzing van gemandateerde en gemachtigde personen 1 Aan de teamleider, vakinhoudelijk assistent schepen en luchtvaartuigen, de medewerkers schepen en luchtvaartuigen en door de bewaarders aangewezen senior juridisch registratief medewerkers en juridisch registratief medewerkers van andere kantoren van de Dienst dan dat te Rotterdam worden de mandaten en machtigingen verleend omschreven in: artikel 5, eerste tot en met vijfde lid en zesde lid, onder b. 2 Aan de teamleider en vakinhoudelijke assistent schepen en luchtvaartuigen en de medewerkers schepen en luchtvaartuigen worden de mandaten en machtigingen verleend omschreven in: artikel 4, eerste tot en met derde lid en vierde lid, onder a . 3 Aan de teamleider en vakinhoudelijk assistent schepen en luchtvaartuigen worden de machtigingen verleend omschreven in: a. 3, zesde lid, onder a, c en d ; b. 4, vierde lid, onder b . 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 6 — Artikel 6 Algemene aanwijzingen voor de uitoefening van het mandaat en machtiging#
Artikel 6 Algemene aanwijzingen voor de uitoefening van het mandaat en machtiging 1 De uitoefening van de bevoegdheid verkregen bij de mandaten en machtigingen geschiedt door de gemandateerde en gemachtigde binnen de grenzen van de hem opgedragen taken. 2 De gemandateerde en gemachtigde neemt bij de uitoefening van de aan hem verleende mandaten en machtigingen de van toepassing zijnde wettelijke voorschriften en de instructies van bewaarder in acht, alsmede de bepalingen van dit besluit. 3 Alle gevallen waarin de gebruikmaking van de in dit besluit omschreven mandaten en machtigingen zou leiden tot het nemen van een beslissing waarvan de juistheid of redelijkheid kan worden betwijfeld, dienen aan de bewaarder te worden voorgelegd. 4 Indien toepassing van de in dit besluit omschreven mandaten en machtigingen zou leiden tot het nemen van een beslissing die niet in overeenstemming zou zijn met de door de bewaarders vastgestelde instructies, omdat ter zake de instructie voor meerdere uitleg vatbaar is of er geen instructie is vastgesteld of indien er geen instructie aanwezig is, dient het geval aan de betrokken bewaarder te worden voorgelegd voor het (nader) uitleggen en/of vaststellen van instructies, op grond waarvan de gemandateerde en gemachtigde vervolgens een beslissing neemt. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 7 — Artikel 7 Mandaat- en machtigingsregister#
Artikel 7 Mandaat- en machtigingsregister 1 Er is een openbaar mandaat- en machtigingregister, waarin alle door de bewaarder verleende mandaten en machtigingen en wijzigingen worden opgenomen. 2 De hoofdbewaarder is belast met: a. het opzetten, houden en bijhouden van het mandaat- en machtigingsregister, en b. autorisatie van personen, die een dienstbetrekking hebben bij het Kadaster, voor het inzage nemen in het register c. het op schriftelijk verzoek verstrekken van informatie uit dat register aan personen buiten de Dienst. 3 De gemandateerde is verantwoordelijk voor een, op verzoek van de hoofdbewaarder, juiste, volledige en tijdige aanlevering van de gegevens die met betrekking tot een mandaat en machtiging in het mandaat- en machtigingsregister moeten worden opgenomen. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 8 — Artikel 8 Intrekking mandaat en machtiging#
Artikel 8 Intrekking mandaat en machtiging Intrekking van het mandaat en/of machtiging vindt plaats bij het herhaaldelijk niet voldoen aan de in de mandaatverlening opgenomen voorwaarden. artikel 1, onder f onderscheidenlijk g Intrekking van een mandaat en/of machtiging geschiedt bij een afzonderlijk, schriftelijk, besluit waarin de minimaal vereiste persoonsgegevens ter identificatie en de functie van de in, bedoelde functionaris worden vermeld onder toevoeging van de ingetrokken mandaten en/of machtigingen. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 9 — Artikel 9 Inwerkingtreding#
Artikel 9 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. De publicatie van het besluit van de verstrekking van mandaat en machtiging gepubliceerd in de Stc nr. 05.014022 wordt hierbij ingetrokken. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010
Artikel 10 — Artikel 10 Citeertitel#
Artikel 10 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bewaarders van het kadaster en de openbare registers tot verlening van mandaat en machtiging ten aanzien van de bijwerking van de registratie voor schepen en luchtvaartuigen. 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 2010 6040 21-04-2010 26-03-2010 10.014965 23-04-2010