Regeling Professionalisering Cultuuronderwijs PO
- BWB-id
- BWBR0036872
- Type
- zbo
- Ministerie
- Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2015-10-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0036872
- ELI
- /eli/nl/zbo/2015/regeling-professionalisering-cultuuronderwijs-po
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2015/regeling-professionalisering-cultuuronderwijs-po/2015-10-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0036872&g=2015-10-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0036872&z=2026-06-06&g=2015-10-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0036872/2015-10-14
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2015/regeling-professionalisering-cultuuronderwijs-po
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Definities#
Artikel 1.1 Definities In deze regeling wordt verstaan onder: Bestuur: het bestuur van het Fonds voor Cultuurparticipatie; Fonds voor Cultuurparticipatie: de stichting Fonds voor Cultuurparticipatie; School: artikel 1 van de Wet op het Primair Onderwijs artikel 1 van de Wet op de Expertisecentra artikel 1 van de Wet primair onderwijs BES basisschool of een speciale school voor basisonderwijs, als bedoeld inof een school voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs of voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld inof een school als bedoeld in; Schoolbestuur: artikel 1 van de Wet op het Primair Onderwijs artikel 1 van de Wet primair onderwijs BES het bevoegd gezag van een basisschool als bedoeld inen; Locatie: Wet op het Primair Onderwijs een in Nederland gelegen hoofd- of nevenvestiging als bedoeld in de; Samenwerkingsverband: een geen rechtspersoonlijkheid bezittend verband, bestaande uit tenminste twee schoolbesturen, waar ten minste 5 locaties onder vallen die deelnemen aan het project; Project: artikel 2.1. een samenhangend geheel van activiteiten met betrekking tot de ingenoemde thema’s; Culturele omgeving: de culturele instellingen die in de omgeving van de school aanwezig zijn, ofwel actief kunnen zijn op de school; Culturele instelling: vereniging of stichting met een culturele doelstelling; Leernetwerk: een leernetwerk waarin bestuurders en schoolleiders, vanuit een gezamenlijke interesse voor een bepaald kennisgebied, doelbewust kennis en ervaringen uitwisselen; Professionalisering: alle activiteiten die tot doel hebben kennis en vaardigheden van alle mensen die werkzaam zijn in het onderwijs te verbeteren en verder te ontwikkelen; Gekapitaliseerde uren: uren die aan het project worden besteed door schoolleiders en leerkrachten in loondienstverband. 2015 34149 13-10-2015 2015 34149 13-10-2015 14-10-2015
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Doel subsidieverstrekking#
Artikel 1.2 Doel subsidieverstrekking Deelregeling Cultuureducatie met Kwaliteit in het primair onderwijs Fonds voor Cultuurparticipatie 2013–2016 Flankerend aan dekan het bestuur overeenkomstig de regels van deze regeling op aanvraag een projectsubsidie verstrekken voor een project dat strekt tot professionalisering van het cultuuronderwijs op bestuursniveau, schoolniveau en bij de (vak)leerkrachten, zodat kinderen een kwalitatief goed en samenhangend aanbod van cultuuronderwijs ontvangen. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 Subsidieaanvrager#
Artikel 1.3 Subsidieaanvrager 1 Een schoolbestuur met ten minste 5 aan het project deelnemende locaties of een samenwerkingsverband kan projectsubsidie aanvragen. 2 Indien de aanvraag betrekking heeft op een samenwerkingsverband, treedt een van de partijen in het samenwerkingsverband namens dat samenwerkingsverband als aanvrager op. Bij de aanvraag ten behoeve van een samenwerkingsverband wordt een door de partijen in het samenwerkingsverband getekende verklaring overgelegd, waaruit blijkt dat de rechtspersoon die namens het samenwerkingsverband optreedt gemachtigd is het samenwerkingsverband in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De projectsubsidie wordt verleend aan de rechtspersoon die namens het samenwerkingsverband optreedt. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.1 Subsidieaanvraag 1 Een aanvraag voor projectsubsidie wordt digitaal ingediend via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie met gebruikmaking van een door het bestuur opgesteld formulier. 2 De subsidieaanvraag heeft steeds betrekking op één project. Subsidie kan worden aangevraagd voor een project dat betrekking heeft op de volgende niveaus: a. bestuursniveau: visieontwikkeling en deskundigheidsbevordering voor bestuur en management, b. schoolniveau: vertaling van visie naar implementatie op schoolniveau door de uitvoer van culturele activiteiten die structureel worden opgenomen in het schoolplan, bij voorkeur in samenwerking met culturele partners en Pabo’s of andere relevante HBO opleidingen, en c. leerkrachtniveau: deskundigheidsbevorderingstrajecten van leerkrachten, onder meer door inzet van externe expertise, zoals teamteaching, individuele training, coaching on the job, deskundigheidsontwikkeling, inspiratiebijeenkomsten, voorlichting, scholingsprogramma’s. 3 Een aanvraag gaat vergezeld van de in het formulier vermelde bijlagen: a. een aanvraagformulier, b. een projectplan, c. artikel 2.5. een gespecificeerde projectbegroting, waarbij een onderscheid in projectkosten als bedoeld inwordt gemaakt. d. artikel 1.3, tweede lid een verklaring als bedoeld in, indien de aanvraag betrekking heeft op een samenwerkingsverband. 4 Een projectplan als bedoeld in het derde lid, onder b, bevat een omschrijving van de ambitie van de aanvrager om cultuuronderwijs een stevige plek in het schoolcurriculum te geven door middel van professionalisering, waarbij hij ingaat op de volgende aspecten: a. een omschrijving van de bestaande visie op cultuuronderwijs en de culturele activiteiten die reeds worden verricht. Hierbij wordt ook de relatie met het programma Cultuureducatie met Kwaliteit beschreven; b. een omschrijving van de vervolgstappen die het bestuur wil nemen op het gebied van: i. visieontwikkeling cultuuronderwijs en het verankeren van deze visie in het strategisch beleidskader van het bestuur (door visie- en inspiratietrajecten); ii. activiteiten gericht op vertaling van strategisch naar operationeel niveau – bij voorkeur in samenwerking met culturele partners – en het vastleggen daarvan in schoolwerkplannen en activiteitenprogramma’s; iii. deskundigheidsbevordering van leerkrachten, c. een omschrijving van de resultaten die beoogd worden met het project, d. een omschrijving van de beschikbare netwerken zowel op bestuurs- als op schoolniveau waar de ontwikkelingen binnen dit project structureel onder de aandacht gebracht worden, en e. een overzicht van de partijen waarmee samengewerkt gaat worden tijdens de uitvoering van het project, waarbij ook op iedere samenwerking een inhoudelijke toelichting wordt gegeven. 5 Subsidie wordt slechts verleend voor een projecten die vóór september 2016 starten en een looptijd van ten hoogste 24 maanden hebben. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Weigeringsgronden#
Artikel 2.2 Weigeringsgronden artikelen 4:5 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht Subsidie kan, onverminderd het bepaalde in deen, geweigerd worden indien: a. de aanvrager voor dezelfde activiteiten reeds een subsidie ontvangt; b. de aanvrager niet voldoet aan de voor de betreffende instelling gebruikelijke normen met betrekking tot bestuur, toezicht en transparante verantwoording als bedoeld in de Code Goed Bestuur in het primair onderwijs. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Behandeling aanvragen#
Artikel 2.3 Behandeling aanvragen 1 artikel 2.4, tweede lid artikel 2.1 Het bestuur verdeelt het beschikbare bedrag, bedoeld in, in de volgorde van ontvangst van de volledige aanvragen. Van een volledige aanvraag is sprake, indien wordt voldaan aan. 2 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht Wanneer de subsidieaanvrager krachtensde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum en tijdstip van binnenkomst de datum en het tijdstip van ontvangst van de volledige aanvraag. 3 artikel 2.4, eerste lid Op een aanvraag wordt binnen een termijn van dertien weken na het sluiten van het aanvraagtijdvak , bedoeld in, beslist. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Aanvraagtijdvak en subsidieplafond#
Artikel 2.4 Aanvraagtijdvak en subsidieplafond 1 artikel 2.1. Aanvragen voor projectsubsidie als bedoeld inworden ingediend in de periode vanaf 1 juni 2015 tot 1 maart 2016 13:00 uur. 2 Het subsidieplafond voor deze regeling bedraagt € 2.500.000,–. 3 Het bestuur kan het subsidieplafond wijzigen. 4 Een besluit als bedoeld in het derde lid wordt bekendgemaakt via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie. 5 De subsidie bedraagt per locatie maximaal € 20.000,– en per project maximaal € 200.000,–. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 Projectkosten en matching#
Artikel 2.5 Projectkosten en matching 1 Geen subsidie wordt verleend voor begrote kosten van projecten die voor de datum van indiening van de aanvraag ten behoeve van het project zijn ontwikkeld of uitgevoerd. 2 artikel 1.2 Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie worden alleen variabele projectkosten in aanmerking genomen die relevant zijn in het licht van de doelstelling van de regeling zoals omschreven in. 3 artikel 2.1, tweede lid, onder a Aan visietrajecten op bestuursniveau als bedoeld in, mag maximaal 10% van de subsidie worden besteed. 4 Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie wordt het matching principe toegepast. De subsidieaanvrager dient ten minste 50% van de totale variabele projectkosten met eigen middelen te matchen. Deze middelen mogen ook gekapitaliseerde uren zijn. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 Beoordeling#
Artikel 2.6 Beoordeling 1 Aanvragen die voldoen aan de vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen worden door het bestuur ter advies voorgelegd aan een adviescommissie. 2 artikel 2.7. De adviescommissie beoordeelt de aanvragen aan de hand van de criteria genoemd invan deze regeling. 3 De adviescommissie stelt een advies op over het honoreren van een aanvraag. 4 Het bestuur neemt een besluit op de aanvraag. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 2.7 — Artikel 2.7 Criteria bij de beoordeling#
Artikel 2.7 Criteria bij de beoordeling 1 artikel 2.6. Aanvragen worden door de adviescommissie bedoeld ingetoetst op 3 criteria: a. de kwaliteit van de aanvraag in relatie tot de doeleinden van de regeling, b. de meerwaarde van het project ten opzichte van reeds bestaande activiteiten op het gebied van professionalisering, en c. de mate van afstemming en samenwerking. 2 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag op alle in het eerste lid genoemde criteria positief beoordeeld zijn. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Meldingsplicht#
Artikel 3.1 Meldingsplicht De subsidieontvanger meldt onverwijld aan het bestuur als: a. de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel kunnen plaatsvinden; b. niet geheel aan de subsidie verbonden verplichtingen kan worden voldaan; c. er aanzienlijke wijzigingen zijn ten opzichte van het projectplan op basis waarvan de subsidie is verstrekt. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Verantwoording, voorschotten, vaststelling en betaling#
Artikel 3.2 Verantwoording, voorschotten, vaststelling en betaling hoofdstukken 8 9 10 11 van het Algemeen reglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie Verantwoording, bevoorschotting, vaststelling en betaling van de subsidie geschiedt overeenkomstig het daarover bepaalde in,,en. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 Leernetwerk#
Artikel 3.3 Leernetwerk 1 artikel 1.3, tweede lid De subsidieontvanger, de deelnemende locaties en de eventuele samenwerkingspartners in het samenwerkingsverband als bedoeld in, committeren zich aan een leernetwerk. Dit netwerk is gericht op kennisdeling en kennisvermeerdering. Per project neemt minimaal één bestuurder en één schoolleider aan dit netwerk deel. 2 Het leernetwerk bestaat uit de volgende onderdelen: a. 4 tot 6 bijeenkomsten tijdens de looptijd van het project, b. de voorbereiding op deze bijeenkomsten, c. de verspreiding van opgedane kennis binnen eigen netwerken. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Inwerkingtreding#
Artikel 4.1 Inwerkingtreding 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij is geplaatst. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2020. Op bezwaar-en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond, blijft het bepaalde in deze regeling van overeenkomstige toepassing. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 Citeertitel#
Artikel 4.2 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Professionalisering Cultuuronderwijs PO. 2015 21377 23-07-2015 2015 21377 23-07-2015 24-07-2015