Beleidsregel van het Commissariaat voor de Media van 26 februari 2019 over Europees, onafhankelijk, recent, Nederlandstalig of Friestalig programma-aanbod en oorspronkelijk Nederlandstalig of Friestalig programma-aanbod dat voorzien is van ondertiteling ten behoeve van mensen met een auditieve beperking (Beleidsregel programmaquota)
- BWB-id
- BWBR0041959
- Type
- zbo
- Ministerie
- Commissariaat voor de Media
- Geldigheid
- 2022-01-01 t/m 2022-01-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0041959
- ELI
- /eli/nl/zbo/2019/beleidsregel-programmaquota-2019
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2019/beleidsregel-programmaquota-2019/2022-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0041959&g=2022-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0041959&z=2026-06-06&g=2022-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0041959/2022-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2019/beleidsregel-programmaquota-2019
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze Beleidsregel programmaquota wordt verstaan onder: wet: Mediawet 2008 de; besluit: Mediabesluit 2008 het; commerciële mediadienst op aanvraag: artikel 3.29a, van de wet mediadienst op aanvraag in de zin van; Europese productie: programma-aanbod als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder n) en artikel 1, tweede, derde en vierde lid van de Europese richtlijn; Europese richtlijn: Richtlijn 2010/13/EU van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten; Nederlands- of Friestalige productie: programma-aanbod dat Nederlands- of Friestalig is; onafhankelijke productie: artikel 2.120, eerste lid, van de wet artikel 3.22, eerste lid, van de wet programma-aanbod als bedoeld inof; onafhankelijke producent: de producent van een onafhankelijke productie; producent: degene die programma-aanbod vervaardigt; recente productie: een onafhankelijke productie die niet ouder is dan vijf jaar; percentage ondertiteling: percentage oorspronkelijk Nederlands-of Friestalig televisieprogramma-aanbod voorzien van Nederlandstalige ondertiteling regeling: Mediaregeling 2008 de. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 2 — Artikel 2 Europese producties#
Artikel 2 Europese producties 1 producent Eenwordt geacht in een Europese staat gevestigd te zijn indien zijn onderneming permanent is en over vast personeel beschikt dat zich zowel met productie- als commerciële activiteiten in Europa bezighoudt. 2 producent Indien niet bekend is welke producent een productie tot stand heeft gebracht, wordt ondermede verstaan de distributeur van de productie. In dat geval wordt de staat waarin de distributeur is gevestigd aangemerkt als de staat waarin de producent is gevestigd. 3 Het tweede lid is slechts van toepassing indien de media-instelling die de productie heeft verspreid, naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen om de relevante gegevens over de producent van de productie te achterhalen. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 3 — Artikel 3 Onafhankelijke producties#
Artikel 3 Onafhankelijke producties 1 onafhankelijke productie Alswordt mede aangemerkt: a. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een instelling die een programma verzorgt tezamen met een onafhankelijke producent; b. een aangekochte onafhankelijke productie. 2 onafhankelijke productie Niet alswordt aangemerkt: a. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een instelling die een programma verzorgt; b. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een producent die meer dan negentig procent van het door hem geproduceerde programma-aanbod, in de drie afgelopen boekjaren, heeft geleverd aan dezelfde instelling die een programma verzorgt, en gedurende deze periode meer dan één onderdeel van het programma-aanbod of één serie onderdelen van het programma-aanbod heeft geproduceerd. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 4 — Artikel 4 Berekeningswijze#
Artikel 4 Berekeningswijze 1 artikelen 2.115 tot en met 2.121 artikelen 3.20 tot en met 3.23 van de wet Voor de vaststelling van het behaalde percentage Europese, onafhankelijke en recente producties bedoeld in deen de, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per televisieprogrammakanaal en per kalenderjaar. 2 Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties, worden herhalingen van eerdere programma’s meegeteld. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 5 — Artikel 5 Ontheffingen#
Artikel 5 Ontheffingen 1 artikel 3.20, eerste lid, van de wet Ontheffingen van het percentage Europese producties, bedoeld inkunnen in bijzondere gevallen, ten aanzien van een bepaald televisieprogrammakanaal gedeeltelijk worden verleend. 2 Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval waarin ten aanzien van een programmakanaal niet kan worden verlangd dat direct aan het percentage Europese producties wordt voldaan, kan dit percentage lager worden vastgesteld voor een periode van drie kalenderjaren. 3 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval bedoeld in het eerste lid van dit artikel, worden tevens de aard van het programmakanaal, de programmering, de doelgroep, het niet voldoende kunnen verkrijgen van rechten voor Europese producties en bijzondere economische omstandigheden betrokken. 4 artikel 3.20, eerste lid, van de wet Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het derde lid worden genoemd, sprake is van een bijzonder geval waarin ten aanzien van een programmakanaal niet kan worden verlangd dat aan het percentage Europese producties wordt voldaan, kan het percentage genoemd ingedurende de looptijd van de toestemming lager worden vastgesteld, zolang het format van het programmakanaal niet wijzigt. 5 Het verzoek om ontheffing dient vooraf door de commerciële media-instelling te worden ingediend bij het Commissariaat. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 6 — Artikel 6 Bereik commerciële media-instellingen#
Artikel 6 Bereik commerciële media-instellingen artikel 3.23, tweede lid, van de wet programma-aanbod dat in slechts één gemeente of een beperkt aantal aan elkaar grenzende gemeenten kan worden ontvangen Voor de toepassing vanwordt programma-aanbod aangemerkt als, indien het programma-aanbod is bestemd voor die betreffende gemeente(n) en niet tevens wordt verspreid via een ander deel van het nationale omroepnetwerk of in andere gemeenten via een programmakanaal. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 7 — Artikel 7 Inspanningsverplichting commerciële mediadienst op aanvraag#
Artikel 7 Inspanningsverplichting commerciële mediadienst op aanvraag artikel 3.29c van de wet artikel 2 Overeenkomstiggeldt voor aanbieders van commerciële mediadiensten op aanvraag een inspanningsverplichting om de vervaardiging van en toegang tot Europese producties, zoals bedoeld invan deze Beleidsregel programmaquota, te bevorderen. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 8 — Artikel 8 Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties#
Artikel 8 Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties artikel 2.122, eerste lid artikel 3.24, eerste lid, van de wet Als, bedoeld inen, worden mede aangemerkt: a. programma-aanbod dat Nederlands- of Friestalig is ingesproken; b. programma-aanbod dat onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties bevat, dat voorzien is van een Nederlands- of Friestalige voice-over. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 9 — Artikel 9 Berekeningswijze#
Artikel 9 Berekeningswijze 1 artikel 2.122 artikel 3.24 van de wet Voor de vaststelling van het behaalde percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties, bedoeld inen, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per televisieprogrammakanaal en per kalenderjaar. 2 Voor de vaststelling van het behaalde percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties worden herhalingen van eerdere programma’s meegeteld. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 10 — Artikel 10 Ontheffing#
Artikel 10 Ontheffing 1 2.122, derde lid artikel 3.24, tweede lid, van de wet In bijzondere gevallen kan op grond vanenten aanzien van een bepaald televisieprogrammakanaal desgevraagd en onder voorwaarden het aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties lager of op nul worden vastgesteld. 2 Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval waarin ten aanzien van een programmakanaal niet kan worden verlangd dat direct aan het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties wordt voldaan, kan dit percentage lager worden vastgesteld voor een periode van drie kalenderjaren. 3 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval bedoeld in het eerste lid van dit artikel, wordt tevens gekeken naar de aard van het programmakanaal, de programmering, de doelgroep en het territoriale bereik van het programmakanaal. 4 artikel 3.24, eerste lid, van de wet Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het derde lid worden genoemd, sprake is van een bijzonder geval waarin ten aanzien van een programmakanaal niet kan worden verlangd dat aan het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties wordt voldaan, kan het percentage genoemd ingedurende de looptijd van de toestemming lager of op nul worden vastgesteld, zolang het format van het programmakanaal niet wijzigt. 5 artikel 3.24, eerste lid, van de wet Wanneer een programmakanaal nagenoeg geheel is gericht op een uitzendgebied buiten Nederland kan het percentage bedoeld ingedurende de looptijd van de toestemming op nul worden gesteld, zolang het format van het programmakanaal niet wijzigt. 6 Het verzoek om ontheffing dient vooraf door de commerciële media-instelling te worden ingediend bij het Commissariaat. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 11 — Artikel 11 Ondertiteling#
Artikel 11 Ondertiteling artikel 15 artikel 17 van het besluit Als oorspronkelijk Nederlandstalige producties die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van personen met een auditieve beperking zoals bedoeld inen, worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige producties, waaronder: a. producties die Nederlandstalig zijn ingesproken; b. artikel 18a van de regeling producties die onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlandstalige producties bevatten, die voorzien zijn van een Nederlands- of Friestalige voice-over dan wel Nederlands- of Friestalig zijn ingesproken en die voorzien zijn van een ondertiteling overeenkomstig. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 12 — Artikel 12 Bereik commerciële media-instellingen#
Artikel 12 Bereik commerciële media-instellingen artikel 17 van het besluit Voor de toepassing vanmeldt de commerciële media-instelling onverwijld aan het Commissariaat wanneer zij een bereik heeft van ten minste 75 procent van alle huishoudens in Nederland. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 13 — Artikel 13 Berekeningswijze#
Artikel 13 Berekeningswijze 1 artikel 15 17 van het besluit artikel 11 Voor de vaststelling van het percentage ondertiteling, bedoeld inen, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per televisieprogrammakanaal en per kalenderjaar besteed aan producties die kunnen worden aangemerkt als oorspronkelijk Nederlandstalige producties die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van personen met een auditieve beperking zoals bedoeld invan deze Beleidsregel programmaquota. 2 Voor de vaststelling van het behaalde percentage ondertiteling worden herhalingen van eerdere programma’s meegeteld. 3 Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid wordt het programma-aanbod bestaande uit producties die in de Nederlandse taal zijn ingesproken én in het bijzonder bestemd zijn voor kinderen jonger dan 8 jaar buiten beschouwing gelaten. 4 Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid worden afzonderlijke videoclips buiten beschouwing gelaten. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 14 — Artikel 14 Ontheffingen#
Artikel 14 Ontheffingen In bijzondere gevallen kan ten aanzien van een programmakanaal desgevraagd en onder voorwaarden het percentage ondertiteling lager of op nul worden vastgesteld. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 15 — Artikel 15 Rapportage#
Artikel 15 Rapportage 1 artikelen 2.115 2.116 2.119 tot en met 2.123 van de wet artikelen 14b 15 van het besluit De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 mei over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de,,en deen, op de televisieprogrammakanalen van de landelijke publieke mediadienst met uitzondering van de themakanalen van de NPO. 2 artikelen 2.115 2.116 2.119 tot en met 2.123 van de wet artikelen 14b 15 van het besluit De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 mei over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de,,en deen, op de themakanalen van de NPO. 3 artikelen 2.115 2.117 2.119 tot en met 2.122 van de wet De regionale publieke media-instellingen brengen eenmaal per twee jaar voor 1 mei over de voorafgaande jaren verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de,,op de televisieprogrammakanalen. 4 artikelen 3.20 tot en met 3.25 van de wet artikel 17 van het besluit De commerciële media-instellingen met televisieprogrammakanalen met een landelijk marktaandeel gelijk aan of groter dan 0,3% in ten minste één Europese lidstaat brengen eenmaal per twee jaar voor 1 mei over de twee voorafgaande jaren verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van deen. 5 artikelen 3.20 tot en met 3.25 van de wet De commerciële media-instellingen met televisieprogrammakanalen met een landelijk marktaandeel kleiner dan 0,3% brengen op verzoek van het Commissariaat verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de. 6 artikel 7 De aanbieders van commerciële mediadiensten op aanvraag rapporteren periodiek aan het Commissariaat over de naleving vanvan deze Beleidsregel programmaquota. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 16 — Artikel 16 Verslag televisieprogrammakanalen landelijke publieke mediadienst#
Artikel 16 Verslag televisieprogrammakanalen landelijke publieke mediadienst artikel 15, eerste lid De verslagen bedoeld in, bevatten gegevens zowel in absolute zin als procentueel per televisieprogrammakanaal en voor de landelijke publieke media-instellingen als geheel, over de volgende onderwerpen: a. de totale duur van het programma-aanbod; b. artikel 4, eerste lid de voor berekening in aanmerking te nemen duur van het programma-aanbod, als bedoeld invan deze Beleidsregel programmaquota; c. het percentage Europese producties; d. het percentage Europese onafhankelijke producties; e. het percentage recente producties; f. het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties; g. het percentage ondertiteling; h. in opdracht geproduceerde producties bij Nederlandse onafhankelijke producenten; i. coproducties met Nederlandse onafhankelijke producenten; j. aankoop Europees onafhankelijk product, waarbij de producent is gevestigd buiten Nederland; k. coproducties met Europese onafhankelijke producenten gevestigd buiten Nederland; l. eigen producties; m. overige producties; n. herhalingen; o. een statistisch overzicht van de mate waarin door de verschillende televisieprogrammakanalen aan de verplichtingen is voldaan; p. per verzorgde productie moet in ieder geval worden aangegeven of: (1) artikel 4 de productie meetelt voor de berekening van de in aanmerking te nemen duur van het programma-aanbod als bedoeld invan deze Beleidsregel programmaquota, (2) taal, (3) land van herkomst, (4) productiejaar, (5) naam van de producent, (6) indien het een oorspronkelijk Nederlandstalige productie betreft of de productie is ondertiteld, en (7) indien het een oorspronkelijk Nederlandstalige productie betreft die niet is ondertiteld of de productie in het bijzonder bestemd is voor kinderen jonger dan acht jaar. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 17 — Artikel 17 Verslag overige televisieprogrammakanalen#
Artikel 17 Verslag overige televisieprogrammakanalen 1 artikel 15, tweede tot en met vijfde lid De verslagen bedoeld in, bevatten gegevens op basis van een steekproef van een week per kwartaal voor elk rapportagejaar. 2 artikel 15, tweede tot en met vijfde lid In de verslagen bedoeld in, wordt per verspreide productie aangegeven: a. datum en tijdstip van verspreiding; b. naam van de productie; c. duur van de productie; d. artikel 4 of de productie meetelt voor de berekening van de in aanmerking te nemen duur van het programma-aanbod als bedoeld invan deze Beleidsregel programmaquota; e. of het een Europese productie betreft; f. land van herkomst; g. of het een onafhankelijke Europese productie betreft; h. naam van de producent; i. naam van de distributeur; j. of het een recente Europese productie betreft; k. productiejaar; l. of het een oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige productie betreft; m. of de productie is voorzien van een voice-over, dan wel Nederlands is ingesproken; n. indien het een oorspronkelijk Nederlandstalige productie betreft of deze is ondertiteld; o. indien het een oorspronkelijk Nederlandstalige productie betreft die niet is ondertiteld of de productie in het bijzonder bestemd is voor kinderen jonger dan 8 jaar. 3 De media-instellingen rapporteren op de door het Commissariaat voorgeschreven wijze. 4 Het Commissariaat kan een media-instelling toestaan op andere wijze dan genoemd in het tweede lid te rapporteren. 5 Het Commissariaat bepaalt welke weken dienen als steekproef als bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Het Commissariaat deelt dit in de loop van het desbetreffende kalenderjaar mee. 6 Het tweede lid, onder n en o is niet van toepassing op de regionale publieke media-instellingen en niet op commerciële media-instellingen met televisieprogrammakanalen met een technisch bereik kleiner dan 75% van de Nederlandse huishoudens. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 18 — Artikel 18 Intrekking Beleidsregels#
Artikel 18 Intrekking Beleidsregels De volgende beleidsregels worden ingetrokken: Regeling programmaquota Devan 18 december 2007 wordt ingetrokken. De wijziging van de Regeling programmaquota van april 2013 wordt ingetrokken. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 19 — Artikel 19 Inwerkingtreding#
Artikel 19 Inwerkingtreding Deze Beleidsregel programmaquota treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019
Artikel 20 — Artikel 20 Slotbepalingen#
Artikel 20 Slotbepalingen Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel programmaquota 2019. 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 2019 10657 27-02-2019 26-02-2019 28-02-2019