Deelreglement Distributie van de Stichting Nederlands Fonds voor de film
- BWB-id
- BWBR0041999
- Type
- zbo
- Ministerie
- Stichting Nederlands Fonds voor de Film
- Geldigheid
- 2019-03-19 t/m 2020-06-15
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0041999
- ELI
- /eli/nl/zbo/2019/deelreglement-distributie-van-de-stichting-nederlands-fonds-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2019/deelreglement-distributie-van-de-stichting-nederlands-fonds-/2019-03-19
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0041999&g=2019-03-19
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0041999&z=2026-06-06&g=2019-03-19
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0041999/2019-03-19
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2019/deelreglement-distributie-van-de-stichting-nederlands-fonds-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: arthouse film: een speelfilm waarbij de nadruk op de artistieke kwaliteit ligt en het eindresultaat dusdanig eigenzinnig en bijzonder is dat dit nationaal en/of internationaal herkend en gewaardeerd wordt; bestuur: de directeur/bestuurder van het Fonds; Benelux: het territorium van België, Nederland en Luxemburg; bioscoopexploitant: de rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de exploitatie van één of meer bioscopen in Nederland; bioscoopuitbreng: de landelijke distributie van een filmproductie, die na de première met een dagelijkse vertoning gedurende meerdere weken en in meerdere bioscopen en/of filmtheaters (in Nederland) voor een betalend publiek wordt uitgebracht; buitenlandse distributeur: een rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de uitbreng en exploitatie van filmproducties via de bioscoop en andere distributiekanalen in het buitenland; crossmediaal marketing & distributieplan: een gedetailleerd plan van alle activiteiten op het gebied van marketing en distributie, waarbij gebruik gemaakt wordt van alle mogelijke vormen van promotie, publiciteit en (social) media, ten behoeve van de bioscoopuitbreng en verdere exploitatie van de filmproductie; cross trailering: de plaatsing van de trailer voor vergelijkbare filmproducties die vooraf aan de bioscoopuitbreng in de bioscopen of filmtheaters draaien; DCP: (digital cinema package) de digitaal opgeslagen kopie van de filmprint, die in een bioscoop kan worden vertoond; distributie: de professionele uitbreng en exploitatie van filmproducties; documentaire: een non-fictie filmproductie van tenminste 70 minuten geschikt voor bioscoopvertoning die een aspect van de werkelijkheid belicht waarbij de eigen visie van de regisseur wordt vormgegeven met creatieve gebruikmaking van filmische middelen in een persoonlijke stijl; dubbing: het proces van opname en bewerking van het geluid van een reeds van M&E tracks voorziene filmproductie waarbij de oorspronkelijke stemmen van de acteurs of karakters worden vervangen; encoderingkosten: digitale omzetting van een filmproductie ten behoeve van een digitale bioscoopuitbreng; estimates: verwachtingen van de bruto en netto inkomsten afkomstig uit alle vormen van exploitatie in een laag (low), gemiddeld (medium) en hoog (high) exploitatiemodel met daarin tevens opgenomen VOD en/of andere digitale distributie en de bezoekersprognose en aantal verkochte eenheden DVD en BluRay in de verschillende exploitatiemodellen; filmdistributeur: een rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de uitbreng en exploitatie van filmproducties in de Nederlandse bioscoop en via andere distributiekanalen. De rechtspersoon is ten tijde van de subsidieaanvraag gedurende minimaal twee jaar daarvoor gevestigd en actief geweest in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland; filmprint: het negatief van de filmproductie c.q. de definitieve (digitale) eindversie waarvan later (digitale) kopieën worden gemaakt; filmproductie: een cinematografisch werk; filmtheater: een bioscoop die zich onderscheid door een divers aanbod waarin prioriteit wordt gegeven aan de arthouse film; het Fonds: Stichting Nederlands Fonds voor de Film; internationale sales: de internationale verkoop van licenties op filmrechten van filmproducties; kinder- en jeugdfilm: een speelfilm voor kinderen en/of jongeren; korte filmproductie: een filmproductie met een maximale lengte van 10 minuten; marketing & promotie: activiteiten die zijn gericht op het maximaliseren van het publieksbereik en een heldere positionering van de filmproductie aansluitend op de doelgroep en onder meer bestaan uit het opstellen en uitvoeren van een op de filmproductie toegesneden crossmediaal marketing en distributieplan met uitwerking van de plaats van uitbreng, het opstellen en uitvoeren van een media en publiciteitsplan, de promotie, het opzetten en uitvoeren van eventuele merchandising. mainstream film: een speelfilm waarbij de nadruk ligt op de publiekspotentie, dat wil zeggen de grootte van het publieksbereik in samenhang met de beoogde exploitatieresultaten; minimum garantie: een voorschot op exploitatieopbrengsten dat geïnvesteerd wordt in de realisering of aankoop van een filmproductie en niet terugvorderbaar, maar verrekenbaar is met opbrengsten die een filmproductie kan genereren door vertoning in bioscopen en verdere exploitatie in de ruimste zin des woords; minoritaire coproductie: een in de Nederlandse bioscoop en/of filmtheaters uit te brengen (internationale) filmproductie, waarvoor de Nederlandse producent in beperkte mate beslissingsbevoegd en verantwoordelijk is en die een minderheid van de financiering van de filmproductie bijeen heeft gebracht; M&E: de audiolagen van een filmproductie waarbij de dialogen gescheiden zijn van muziek en effecten; NFO: Nederlands Filmtheater Overleg; non theatrical release: alle mogelijke vormen van distributie van een filmproductie, uitgezonderd die via bioscopen en filmtheaters, waaronder in ieder geval wordt begrepen de distributie op DVD en Blu ray, via televisie, Video On Demand, pay per view- en online distributiekanalen; on demand: digitale toepassingen die de gebruiker, per filmtitel of in de vorm van een abonnement in de gelegenheid stelt om, op het moment dat hij het wil filmproducties te bekijken; openbaarmaking: het aan het publiek bekend maken middels vertoning van de filmproductie; outreach campagne: een marketingmethode waarbij gericht gezocht wordt naar geloofwaardige ‘influencers’ (mensen, organisaties, stichtingen enz.) die een duidelijke en sterke link hebben met het onderwerp van de film, die op hun beurt een heel gerichte doelgroep kunnen bereiken en informeren over de film; picture lock: de definitief vastgestelde montageversie van de filmproductie, op basis waarvan de verdere nabewerking plaatsvindt; press kit: promotioneel materiaal over de filmproductie ten behoeve van de internationale pers- en promotionele activiteiten; printkosten: de kosten voor het verveelvoudigen van de filmprint en/of vervaardigen van een DCP voor vertoning van de filmproductie; prints & advertising (P&A): de directe kosten na de fase van realisering die samenhangen met de bioscoopuitbreng en promotie van de voor vertoning gereed zijnde filmproductie en de kosten van de uitbrengkopieën (printkosten/DCP); producent: de natuurlijke persoon die de productiemaatschappij rechtsgeldig vertegenwoordigt en binnen de organisatie van de productiemaatschappij beleidsmatig, bedrijfsmatig en inhoudelijk eindverantwoordelijk is; productiekosten: de kosten gemoeid met de realisering van een filmproductie; productiemaatschappij: een rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de productie en exploitatie van filmproducties en andere audiovisuele mediaproducties. De rechtspersoon is ten tijde van de subsidieaanvraag gedurende minimaal twee jaar daarvoor gevestigd en actief geweest in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland; publicist: een persoon, die zich richt op de (inter)nationale promotie van en communicatie over een filmproductie; sales agent: een internationaal opererende en in film gespecialiseerde verkooporganisatie die de film namens de productiemaatschappij verkoopt aan omroepen, distributeurs en exploitanten in het buitenland; slate funding: de financiering van een pakket van projecten; speelfilm: een filmproductie in het genre fictie met een vertoningsduur van tenminste 60 minuten, die primair bestemd is voor bioscoopuitbreng; SWOT analyse: een analyse van de sterktes, zwaktes, reële kansen en bedreigingen ten aanzien van de uitbreng van de filmproductie; theatrical release: de distributie van de filmproductie in de bioscoop of filmtheater; wereldtaal: een taal die in grote delen van de wereld als communicatiemiddel wordt gebruikt. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Dit deelreglement is van toepassing op financiële bijdragen die het bestuur verstrekt voor de distributie van Nederlandse filmproducties en minoritaire coproducties, en de daarmee samenhangende marketing & promotie, voor internationale festivalselectie, en daarnaast voor de distributie en daarmee samenhangende marketing & promotie van buitenlandse arthouse films waaronder in dit deelreglement ook buitenlandse kinder- en jeugdfilms en buitenlandse documentaires worden verstaan. 2 Algemeen Reglement Hetis van toepassing naast en in aanvulling op dit deelreglement 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het bestuur hanteert de volgende subsidiesoorten: a.) projectsubsidies b.) slate funding 2 Het bestuur verstrekt projectsubsidies in het kader van deze regeling. 3 slate funding theatrical non-theatrical release Onverminderd het bepaalde in het vorige lid kan het bestuurverstrekken ten behoeve van deenvan buitenlandse arthouse films. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 slate funding de theatrical non-theatrical release slate slate funding Het bestuur kan een aanvraagronde uitschrijven met betrekking totten behoeve vanenvan buitenlandse arthouse films. Defunding wordt voor een periode van twee jaar verstrekt. Het bestuur maakt deze aanvraagronde en de daaraan verbonden voorwaarden alsmede de termijnen waarbinnen hierop kan worden ingeschreven, bekend op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl. Het bestuur stelt per aanvraagronde het subsidieplafond voorvast. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Een aanvraag in de zin van dit reglement wordt gedaan door een filmdistributeur. Indien de filmdistributeur behoort tot dezelfde groep van ondernemingen als de producent en/of de productiemaatschappij, stelt het Fonds nadere voorwaarden. 2 In uitzondering op het eerste lid kan onder nadere voorwaarden een aanvraag voor de bioscoopuitbreng in Nederland van een Nederlandse filmproductie ook worden gedaan door een productiemaatschappij vertegenwoordigd door een producent in geval er sprake is van een specifieke landelijke uitbreng in filmtheaters en/of via andere distributiekanalen gericht op een specifieke doelgroep waarbij; – er geen filmdistributeur bereid is gevonden om de filmproductie op deze wijze uit te brengen; en – de landelijke theatrical en non theatrical release aantoonbaar is gegarandeerd en in samenwerking geschiedt met een filmmarketing- of -publiciteitsbureau: 3 slate funding Een aanvraag voorvoor buitenlandse arthouse films wordt gedaan door een filmdistributeur die gedurende de voorliggende vier kalenderjaren of langer op continue basis overwegend buitenlandse arthouse films uitbrengt. 4 artikelen 15 tot en met 17 In uitzondering op het eerste lid kan ter stimulering van de internationale distributie van een Nederlandse filmproductie () een aanvraag worden gedaan door een buitenlandse distributeur. 5 Een aanvraag voor een bijdrage in de kosten bij internationale festivalselectie van een filmproductie wordt gedaan door een productiemaatschappij vertegenwoordigd door een producent. 6 Een aanvraag voor een vertoningsbijdrage om de zichtbaarheid van Nederlandse filmproducties in filmtheaters te vergroten wordt gedaan door een in Nederland gevestigd filmtheater dat op regelmatige basis Nederlandse filmproducties vertoont, is aangesloten op het registratiesysteem Maccs Box, en door de Nederlandse vereniging van Bioscopen en Filmtheaters wordt aangemerkt als Filmtheater Groot en/of is aangesloten bij Europa Cinemas. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Een aanvraag wordt digitaal ingediend, waarbij een schriftelijke, door de aanvrager ondertekende, kopie van deze digitale aanvraag aan het Fonds wordt overlegd. 2 De aanvrager overlegt bij de aanvraag in ieder geval een verklaring waarin hij garandeert, al dan niet door middel van een licentie, over de voor subsidieverlening noodzakelijke vertoningsrechten op de filmproductie(s) te beschikken. 3 Aanvragen voor een vertoningsbijdrage van een filmtheater dienen uiterlijk vóór 31 januari van het jaar volgend op het kalenderjaar waarin de resultaten zijn bereikt te worden ingediend. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikelen 8 13 15 De subsidie die op grond van dit deelreglement wordt verstrekt, wordt, met uitzondering van de subsidie die op grond van,enwordt verstrekt, uit inkomsten die worden verkregen uit exploitatie van de filmproductie terugbetaald. 2 Aan de subsidie voor distributie verbindt het bestuur nadere voorwaarden. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 subsidiabele kosten marketing, prints & advertising Nederlandse filmproducties en minoritaire coproducties, die kwalificeren als speelfilms en documentaires met een bioscoopuitbreng in Nederland en die tot stand zijn gekomen met een realiseringsbijdrage op grond van het Deelreglement Realisering van het Fonds, komen in aanmerking voor een financiële bijdrage ter tegemoetkoming in de kosten voor marketing & promotie of prints & advertising zoals opgenomen in de lijsten vastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds. 2 minimum garantie Een bijdrage in de vorm van eenof een andersoortige bijdrage van de filmdistributeur in de productiekosten van de filmproductie wordt niet gerekend tot de subsidiabele kosten voor marketing & promotie of prints & advertising. 3 Deelreglement Realisering van het Fonds printkosten encoderingkosten Het bestuur kan een bijdrage verlenen voor de bioscoopuitbreng van een korte filmproductie van maximaal 10 minuten die tot stand is gekomen met een realiseringsbijdrage op grond van het, die vertoond wordt als voorfilm bij een hoofdfilm met een bioscoopuitbreng. Deze bijdrage bestaat uitsluitend uit een vergoeding van deof. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8 Aanvragen voor een financiële bijdrage, zoals bedoeld in, kunnen worden ingediend vanaf het moment dat de subsidie voor realisering op grond van het Deelreglement Realisering door het Fonds aan de filmproductie is verleend, tot uiterlijk zes weken voor aanvang van de theatrical en non theatrical release van de filmproductie waarvoor een financiële bijdrage wordt aangevraagd. 2 Bij de aanvraag voor projectsubsidie wordt een door de aanvrager opgesteld crossmediaal marketing- en distributieplan met bijbehorende marketing- & distributiebegroting en garanties overgelegd, dat gericht dient te zijn op het behalen van een optimaal publieksbereik via een theatrical en non theatrical release. 3 De aanvrager overlegt bij de aanvraag een verklaring waarin hij garandeert dat zijn financiële positie, en dan met name de relatie tussen beschikbare middelen en aangegane verplichtingen voorafgaand aan de aanvraag, geen negatieve ontwikkeling heeft gehad die bedreigend is geweest voor de stabiliteit en solvabiliteit van de aanvrager en, naar reële verwachting, deze ook niet zal krijgen. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Voor een toekenning dient het cross mediaal marketing- en distributieplan met bijbehorende marketing- & distributiebegroting en onderliggende garanties omtrent de theatrical en non theatrical release van zodanige kwaliteit te zijn, dat naar het oordeel van het bestuur sprake is van een haalbare, doordachte en realistische publieksbenadering op basis waarvan de filmproductie nationaal en/of internationaal een optimaal bereik zal hebben. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Aan de verlening van een financiële bijdrage kunnen de volgende verplichtingen worden verbonden: a. theatrical release non-theatrical release er dient aantoonbaar sprake te zijn van een gedegen distributie in de vorm van een optimale landelijkeen; b. de distributie dient aan te vangen binnen 24 maanden na de start van de filmproductie; c. er dient een window aangehouden te worden van minimaal 6 maanden voor documentaires en 18 maanden voor speelfilms en lange animatiefilms tussen de theatrical en non-theatrical release enerzijds en televisievertoning op het open net anderzijds; d. marketing, prints & advertising ten minste 20% van de begrote kosten voordient aantoonbaar door de aanvrager te worden gefinancierd. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 14 van het Algemeen Reglement In aanvulling opwordt een aanvraag voor een financiële bijdrage afgewezen indien sprake is van een filmproductie: a. waarvoor geen realiseringsbijdrage op grond van het Deelreglement Realisering is verleend; b. waarvoor geen crossmediaal marketing- & distributieplan en/of marketing- & distributiebegroting is opgeleverd die voldoen aan de eisen van het Fonds; c. waarvoor geen garanties voor theatrical of non-theatrical release zijn afgegeven; d. slate funding artikel 18 artikel 22 die als minoritaire coproductie reeds een financiële bijdrage op grond van() of op grond van het pilotprogramma Bioscoopuitbreng Buitenlandse kinder- en jeugdfilm () heeft ontvangen. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 10, onderdeel g, van het Algemeen Reglement internationale filmfestivals In afwijking van, kan een eenmalige subsidie worden verleend ter tegemoetkoming in de gemaakte kosten van internationale reis- en verblijfkosten van de hoofdproducent indien de filmproductie met een realiseringsbijdrage op grond van het Deelreglement Realisering van het Fonds tot stand is gekomen en is geselecteerd voor een of meerdere toonaangevende internationale festivals, zoals opgenomen in de lijstvan het Fonds die is vastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds (www.filmfonds.nl) en voor zover deze kosten niet reeds door het Fonds, het EYE Filminstituut of derden worden vergoed. Ook minoritaire coproducties komen hiervoor in aanmerking zij het dat het daarbij gaat om de internationale reis- en verblijfkosten van de betreffende Nederlandse minoritaire coproducent. 2 internationale filmfestivals Het bestuur kan besluiten een aanvullende bijdrage te verstrekken ten behoeve van de internationale promotie van een Nederlandse majoritaire filmproductie die met een realiseringsbijdrage op grond van het Deelreglement Realisering van het Fonds tot stand is gekomen als deze is geselecteerd voor de (hoofd)competitie van één van de toonaangevend internationale festivals zoals opgenomen in de lijstvastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds (www.filmfonds.nl) en indien er aantoonbaar interesse dan wel potentie is voor de internationale verkoop en distributie in meerdere landen. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 De aanvrager dient uiterlijk drie maanden na vertoning op het festival aan te tonen voor welk toonaangevend internationaal filmfestival de filmproductie geselecteerd is c.q. was en de aanvraag in te dienen. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 internationale filmfestivals In de bioscoop uitgebrachte Nederlandse majoritaire filmproducties in de categorieën speelfilm en documentaire die met een bijdrage op grond van het Deelreglement Realisering van het Fonds tot stand zijn gekomen, kunnen in aanmerking komen voor een financiële bijdrage voor internationale distributie indien de filmproductie geselecteerd is voor een toonaangevend internationaal festival zoals opgenomen in de lijstvastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds (www.filmfonds.nl), en er een internationale sales agent aan verbonden is. 2 Voor de internationale distributie via de bioscoop kan een financiële bijdrage van het Fonds worden aangevraagd ter tegemoetkoming in de kosten voor: De hoogte van de bijdrage wordt door het Fonds per geval bepaald. a) de uitbreng van speelfilms en documentaires in bioscopen buiten de Benelux; en/of b) de dubbing van kinder- en jeugdfilms ten behoeve van de verdere distributie buiten de Benelux; 3 Het Fonds geeft binnen de beperkte budgettaire kaders prioriteit aan: – distributie in Europa en in landen waarmee Nederland coproductieverdragen heeft gesloten; – distributie met ondertiteling of dubbing in een van de wereldtalen. 4 De definitieve bijdrage van het Fonds ten behoeve van de uitbreng in bioscopen in het buitenland en/of de kosten voor dubbing zoals bedoeld in het tweede lid wordt bepaald aan de hand van de oplevering van de afrekening en nota’s in het Engels en, in geval van buitenlandse bioscoopuitbreng, een bewijs van bioscoopuitbreng en behaalde resultaten door de buitenlandse distributeur. Kosten samenhangend met de minimum garantie van de distributeur of salesagent, belastingen of kosten voor afwerking en het maken van een M&E track komen niet in aanmerking voor een bijdrage. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Aanvragen kunnen vanaf het moment dat de selectie voor het internationale filmfestival bekend is tot uiterlijk zes weken voor de aanvang van de betreffende internationale distributie worden ingediend. 2 De filmproductie moet met minstens 5 (DCP) kopieën in theatrical release gaan in het desbetreffende land, met uitzondering van documentaires waarvoor een minimum van 3 (DCP) geldt. 3 De aanvrager dient in de aanvraag een gedegen onderbouwing te geven van de noodzaak van de kosten die met de internationale distributie gemoeid zijn. Dat houdt in ieder geval in dat de aanvrager naast een overeenkomst met de salesagent, een distributieplan overlegt met het bijbehorend financieringsplan en de marketing- & distributiebegroting voor de uitbreng in de bioscoop en/of voor dubbing. 4 De aanvrager neemt minimaal 50% van de totale kosten voor dubbing voor zijn rekening dan wel, in het geval van een buitenlandse bioscoopuitbreng 50% van de kosten voor prints & advertising. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 artikel 14 van het Algemeen Reglement artikel 15 In aanvulling op, wordt een aanvraag zoals bedoeld invoor een financiële bijdrage afgewezen indien sprake is van een: a. filmproductie die een minoritaire coproductie betreft; b. filmproductie waarvan de internationale distributierechten niet binnen een periode van 12 maanden na de eerste openbaarmaking verkocht zijn; 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 slate funding theatrical en non-theatrical release Deelreglement Realisering Een aanvraag kan worden gedaan voor een financiële bijdrage in de vorm vanten behoeve van de aankoop van buitenlandse arthouse films – waaronder minoritaire coproducties die tot stand zijn gekomen met een bijdrage op grond van het– ten behoeve van de Nederlandseen bijbehorende kosten voor marketing & promotie of prints & advertising. Een slate bestaat uit tenminste vier en maximaal zes filmproducties. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikel 18 Het bestuur stelt per aanvraagronde in ieder geval het subsidieplafond vast met betrekking tot de financiële bijdrage zoals bedoeld in. 2 artikel 5 van het Algemeen Reglement bijlage In afwijking vanwordt een aanvraag beoordeeld aan de hand van de criteria en het daaraan gekoppelde puntensysteem in devan dit deelreglement. 3 bijlage Als een subsidieplafond ontoereikend is om alle aanvragen die positief zijn beoordeeld te honoreren, komen slechts die aanvragen voor een financiële bijdrage in aanmerking die volgens de puntentelling in dein een aanvraagronde de meeste punten hebben behaald. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 1 slate funding minimum garantie artikel 18 Een aanvraag voorten behoeve van de aankoop () van buitenlandse arthouse films zoals bedoeld inwordt beoordeeld op basis van de staat van dienst van de filmdistributeur, de motivatie bij de aanvraag en de bij de aanvraag meegeleverde bedrijfsvisie. 2 bijlage De staat van dienst van de filmdistributeur wordt beoordeeld op grond van de behaalde resultaten van de filmdistributeur over de afgelopen drie jaar aan de hand van de criteria en daaraan gekoppelde puntentelling in devan dit deelreglement. 3 slate funding Uit de motivatie bij de aanvraag en bedrijfsvisie van de distributeur moet in ieder geval blijken dat de filmdistributeur een goed onderbouwd businessplan heeft met een plan van aanpak om de komende jaren buitenlandse arthouse films aan te kopen en uit te brengen die kwalificeren binnen het kader waarvoor het Fondsbeschikbaar stelt. 4 Een filmdistributeur kan voor een financiële bijdrage in aanmerking komen, voor zover: a.) met door hem in Nederland uitgebrachte buitenlandse arthouse films – 8 titels – aan de hand van de puntentelling, bedoeld in het tweede lid, tenminste 2 punten per titel en ten minste 22 punten in totaal de afgelopen drie jaar zijn behaald, en b.) de 8 uitgebrachte arthouse films, bedoeld onder b, per titel minimaal 2.000 bezoekers hebben gehad, en c.) diens motivatie bij de aanvraag en bedrijfsvisie voldoen aan de eisen die het Fonds daaraan stelt. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 1 De aanvrager dient de financiële bijdrage van het Fonds aantoonbaar in de aankoop van nieuwe buitenlandse arthouse films te investeren. Daarbij geldt dat de filmproductie: a. een maximum productiebudget van € 5 miljoen heeft; en b. internationale filmfestivals in het jaar van aankoop geselecteerd is voor één of meerdere toonaangevende internationale festivals, zoals opgenomen in de lijstvastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds (www.filmfonds.nl). 2 De filmproducties moeten binnen 18 maanden na subsidieverlening zijn aangekocht en binnen 24 maanden na subsidieverlening een landelijke theatrical release krijgen in minimaal 6 bioscopen en/of filmtheaters alsmede een gedegen non theatrical release. 3 Van de totale bijdrage die voor slate funding wordt verstrekt dient minimaal 40% aan MG’s besteed te worden voor het verkrijgen van de Nederlandse rechten. De MG die betaald wordt voor het verkrijgen van de Nederlandse rechten per aangekochte filmproductie is minimaal € 5.000,–. 4 Indien de financiële bijdrage van het Fonds de totale kosten aan MG’s overstijgt, moet de filmdistributeur de resterende middelen besteden aan P&A kosten van de aangekochte filmproducties. In dat geval mag het aandeel in de financiering uit de fondsbijdrage niet hoger zijn dan 50% van de totale P&A kosten van de filmproductie. Per aangekochte filmproductie moet minimaal € 10.000,– aan de P&A kosten worden uitgegeven. 5 Een filmproductie die is verkregen via een zogenaamde sublicentie komt niet in aanmerking; 6 Als de MG naast Nederland ook de rechten voor de Benelux betreft, wordt het MG-bedrag toegerekend in de verdeling 2/3 Nederland, 1/3 België en Luxemburg. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 International Filmfestivals Het Fonds kan een speciale aanvraagronde uitschrijven voor een financiële bijdrage in de vorm van een projectsubsidie voor de aankoop en aansluitende theatrical en non-theatrical release met bijbehorende kosten voor marketing & promotie, prints & advertising van een buitenlandse kinder- en jeugdfilm, en tevens arthouse film die geselecteerd is op tenminste één filmfestival die is opgenomen in de lijst, zoals vastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 projectsubsidie minimum garantie internationale filmfestivals artikel 22 Een aanvraag voorten behoeve van de aankoop () van buitenlandse kinder- en jeugdfilm zoals bedoeld inwordt beoordeeld op basis van het uitbrengverslag van één in de afgelopen vier jaar door deze aanvrager in de Nederlandse bioscopen en/of filmtheaters uitgebrachte kinder- en jeugdfilm. De betreffende filmproductie, met een minimale lengte van 60 minuten (voor peuter- en kleuterfilms kan hierop een uitzondering gemaakt worden), dient geselecteerd te zijn geweest voor één of meerdere toonaangevende internationale festivals, zoals opgenomen in de lijstvastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds (www.filmfonds.nl). 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 De filmproductie moet binnen 6 maanden na subsidieverlening zijn aangekocht en binnen 12 maanden na subsidieverlening een landelijke theatrical release via filmtheaters krijgen; 2 Ten behoeve van de filmproductie mag niet reeds een bijdrage op grond van het Deelreglement Distributie zijn verleend; 3 De datum van theatrical release van de nieuwe filmproductie dient ter goedkeuring overlegd te worden aan het Fonds, waarbij, mede op advies van het NFO en rekening houdend met de specifieke doelgroep, een spreiding van de kinder- en jeugdfilms in de filmtheaters over de verschillende schoolvakanties wordt nagestreefd; 4 Uiterlijk zes weken voorafgaand aan de theatrical release dient het crossmediale marketing & distributieplan ter goedkeuring te worden voorgelegd aan het Fonds; 5 marketing, prints & advertising Ten minste 50% van de begrote kosten voordient aantoonbaar door de aanvrager te worden gefinancierd; 6 In de eerste vier weken van de theatrical release dient minimaal 60% van de theaters waarin de filmproductie uitgebracht wordt een filmtheater te zijn. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 artikel 14 van het Algemeen Reglement artikel 22 In aanvulling op, wordt een aanvraag zoals bedoeld invoor een financiële bijdrage afgewezen indien sprake is van een filmdistributeur die in hetzelfde kalenderjaar reeds in aanmerking is gekomen voor twee projectsubsidies in het kader van Bioscoopuitbreng Buitenlandse kinder- en jeugdfilm in Nederland. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Subsidie kan worden verleend voor bijzondere innovatieve distributieactiviteiten ter versterking van de marketing & promotie en distributie van Nederlandse arthouse films en documentaires en voor buitenlandse arthouse films gericht op jeugd en kinderen in het bijzonder en versterking van een divers distributie en vertoningsklimaat in Nederland in het algemeen. Activiteiten met een duurzame impact krijgen prioriteit. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 artikel 5, zesde lid Het bestuur kan aan een in Nederland gevestigd filmtheater zoals bedoeld inop basis van in het voorliggende kalenderjaar geregistreerde betalende bezoekers van Nederlandse speelfilms of documentaires in het betreffende filmtheater een bijdrage beschikbaar stellen waarmee het filmtheater de vertoning van nieuwe Nederlandse majoritaire filmproducties kan faciliteren. Het bestuur maakt een aanvraagronde en de daaraan verbonden voorwaarden, bekend op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 1 Het bestuur verbindt in ieder geval de volgende voorwaarden aan een aanvraag voor een vertoningsbijdrage Filmtheaters: a. De filmproductie(s) op grond waarvan een aanvraag wordt ingediend betreft Nederlandse speelfilm(s) of documentaire(s), die door betalende bezoekers is of zijn bezocht; b. Het betreffende filmtheater wordt door de Nederlandse Vereniging voor Bioscopen en Filmtheaters aangemerkt als Filmtheater Groot en/of is aangesloten bij Europa Cinema’s. 2 artikel 27 Het aantal in,bedoelde, betalende bezoekers wordt door het bestuur vastgesteld aan de hand van het gangbare registratiesysteem Maccs Box dat Nederlandse bioscopen, filmtheaters en filmdistributeurs hanteren voor theatrical release. 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 artikel 14 van het Algemeen Reglement artikel 27 In aanvulling op, wordt een aanvraag zoals bedoeld invoor een financiële bijdrage afgewezen indien sprake is van een: a. Deelreglement Realisering filmproductie waaraan geen bijdrage op grond van hetis verleend; b. minoritaire coproductie; 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 1 In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur. 2 Het bestuur kan om zwaarwegende redenen afwijken van dit reglement, voor zover dergelijke afwijkingen verenigbaar zijn met het beoordelingskader voor staatssteun aan de filmsector, zoals dat wordt gehanteerd door de Europese Commissie. 3 Per 1 maart 2019 zijn wijzigingen in het reglement geïmplementeerd welke zijn vastgesteld door het bestuur met goedkeuring van de Raad van Toezicht op 18 februari 2019. 4 Dit reglement treedt met terugwerkende kracht in werking met ingang van 1 maart 2019. 5 Deelreglement Distributie Het, geldend vanaf 1 februari 2018, is per 1 maart 2019 ingetrokken. 6 Deelreglement Op alle aanvragen die door het Fonds voor 1 maart 2019 zijn ontvangen blijft hetzoals dit gold tot 1 maart 2019 van toepassing. 7 Dit reglement wordt aangehaald als Deelreglement Distributie van de Stichting Nederlands Fonds voor de film. 8 Dit reglement wordt bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de website van het Nederlands Fonds voor de Film (www.filmfonds.nl). 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 2019 14636 19-03-2019 01-03-2019 19-03-2019 01-03-2019