Inschrijvingsvoorwaarden mediators 2019, versie 1.1 (ingaande per 1 juli 2019)
- BWB-id
- BWBR0042337
- Type
- zbo
- Ministerie
- Raad voor Rechtsbijstand
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2019-06-26
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0042337
- ELI
- /eli/nl/zbo/2019/inschrijvingsvoorwaarden-mediators-2019-versie-1-1-ingaande-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2019/inschrijvingsvoorwaarden-mediators-2019-versie-1-1-ingaande-/2019-06-26
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0042337&g=2019-06-26
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0042337&z=2026-06-06&g=2019-06-26
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0042337/2019-06-26
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2019/inschrijvingsvoorwaarden-mediators-2019-versie-1-1-ingaande-
Artikel 1 — Artikel 1 Registratie/ opleidingsvereisten / evaluatie#
Artikel 1 Registratie/ opleidingsvereisten / evaluatie 1 1 MfN is de afkorting van: Mediatorsfederatie Nederland. MfN-registermediators staan ingeschreven bij de Stichting Kwaliteit Mediators (SKM). De SKM is voor wat betreft het registerbeheer en de kwaliteitssystemen de rechtsopvolger van het NMI. 2 Met betrekking tot de bedoelde negen mediations gelden de volgende eisen: – het moet gaan om mediations conform de condities van de MfN-registermediator (MfN-gedragsregels en MfN-reglement), aangevangen met een schriftelijke Mediationovereenkomst. Bemiddelingen, in welke vorm dan ook, tellen niet mee voor een inschrijving bij de Raad; – van de negen mediations moeten er minimaal drie met een vaststellingsovereenkomst zijn afgesloten; – co-mediations in een gelijkwaardige positie tellen mee tot een maximum van drie van de negen; van de overige zes dienen tenminste twee mediations met een vaststellingsovereenkomst te zijn afgesloten. De deelnemende mediator dient MfN-registermediator te zijn. Deze MfN- registermediator heeft een door de Stichting Kwaliteit Mediators afgenomen peer review met goed gevolg ondergaan én in de drie jaar voor de datum van inschrijving bij de Raad voor Rechtsbijstand negen mediations op basis van de Mediationovereenkomst voor de MfN-registermediator verricht. 3 Kwaliteitsstichting van de Mediatorsfederatie Nederland De mediator is zich er van bewust dat het behoud van de status MfN-registermediator een absolute voorwaarde is om ingeschreven te kunnen blijven als mediator. De mediator verklaart zich per direct uit te laten schrijven bij de Raad voor Rechtsbijstand vanaf het moment dat de inschrijving bij de Stichting Kwaliteit Mediatorseindigt. De Stichting Kwaliteit Mediators geeft dit eveneens, ter controle, aan de Raad voor Rechtsbijstand door. 2 De mediator neemt deel aan kwaliteitsbevorderende bijeenkomsten die door de verwijzingsvoorziening(en) en/ of de Raad voor Rechtsbijstand zullen worden georganiseerd. 3 De mediator dient bereid te zijn de door de MfN en de Raad voor Rechtsbijstand overeengekomen kwaliteitssystemen na te leven. 4 De mediator neemt deel aan een schriftelijke of mondelinge evaluatie van zijn/haar werkzaamheden voor de verwijzingsvoorzieningen indien dit door de verwijzingsvoorziening geïnitieerd wordt. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 2 — Artikel 2 Beschikbaarheid#
Artikel 2 Beschikbaarheid De mediator verplicht zich steeds beschikbaar te zijn voor het doen van een verwezen mediation – behoudens vakantie en tijdens ziekte – en telkens binnen twee weken na aanmelding en acceptatie van de mediation een eerste mediationbijeenkomst te houden en vervolgafspraken zodanig te maken dat de mediation binnen drie maanden na de eerste bijeenkomst afgerond is. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 3 — Artikel 3 Organisatie kantoor/ praktijk#
Artikel 3 Organisatie kantoor/ praktijk De mediator dient een regeling te hebben getroffen ten aanzien van de organisatie van zijn kantoor/ praktijk, waarin voldoende voorzien is in: a. de telefonische bereikbaarheid tijdens kantooruren waarvan enkele uren per dag direct en voor het overige via het gebruik van een telefoonbeantwoorder of voicemail, e-mail en een fax, die dagelijks respectievelijk worden afgeluisterd, geopend en/ of gelezen; b. dat verhindering wegens overmacht zo spoedig mogelijk telefonisch door de mediator wordt doorgeven aan de verwijzingsvoorziening, onmiddellijk gevolgd door schriftelijke bevestiging hiervan. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 4 — Artikel 4 Plaatsvervanging#
Artikel 4 Plaatsvervanging Plaatsvervanging is in principe niet mogelijk. Incidenteel kan, in geval van zwaarwegende redenen voor verhindering, plaatsvervanging geschieden met een eveneens bij de Raad voor Rechtsbijstand ingeschreven mediator. Indien het om een verwijzing van de verwijzingsvoorzieningen gaat, dient dit tevens in overleg met de betreffende verwijzingsvoorziening te geschieden. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 5 — Artikel 5 Werkwijze#
Artikel 5 Werkwijze 1 De mediator conformeert zich aan de werkwijze horend bij de verwijzingsvoorzieningen en de gesubsidieerde rechtsbijstand, zoals het juist en volledig informeren van de cliënten over de effecten van de overeengekomen vertrouwelijkheid tijdens de mediations. 2 4 https://www.rechtsbijstand.nl/over-mediation-en-rechtsbijstand/vind-een-mediator-of-advocaat/mediator De mediator stemt ermee in dat zijn praktijkgegevens, waaronder zijn affiniteiten en uurtarief, worden gepubliceerd op een openbare lijst van mediators (Vind een mediator) en worden gedeeld met de verwijzingsvoorziening bij de rechtspraak en met het Juridisch Loket. 3 De mediator maakt gebruik van de mediationovereenkomst zoals opgesteld door de verwijzingsvoorzieningen. 4 De mediator voert een deugdelijke en transparante tijdsregistratie van de aan de mediation bestede tijd, de data en het soort verrichting. De Raad kan ter zake nadere aanwijzingen geven. 5 De mediator bevordert dat voor een partij die daarvoor in aanmerking komt een toevoeging wordt verleend. Dit geldt ook voor de mediators die hebben aangegeven alleen mediations met betalende partijen te willen doen. Indien in een specifiek geval een partij, die voor een toevoeging in aanmerking komt en daarop door de mediator is gewezen, bewust afziet van gesubsidieerde mediation, wordt dat schriftelijk vastgelegd. In dat geval kan een mediator zijn werkzaamheden niet op toevoegingsbasis declareren. Indien een toevoeging is verleend, wordt deze aan de Raad ter intrekking toegezonden. 6 5 Van provisie is in ieder geval geen sprake bij vaste abonnementsgelden op koppelsites of het daarop adverteren, mits dat gebeurt met inachtneming van een redelijk advertentietarief zodat niet wordt betaald per verwijzing. Als het abonnements- of advertentietarief (mede) hoger is dan een redelijk tarief en/of (mede) afhankelijk is van het aantal verwijzingen en/of als bij de beëindiging van een via een dergelijke site aangebracht dossier een afdracht plaatsvindt, is in beginsel sprake van een laakbare vorm van provisie. Het is de ingeschreven mediator niet geoorloofd om een beloning of provisie toe te kennen of te ontvangen voor het aanbrengen van opdrachten. 7 De mediator is zich bewust van zijn verantwoordelijkheid waar het gaat om bescherming van persoonsgegevens en draagt zorg voor zorgvuldige en vertrouwelijke behandeling ervan met in achtneming van de toepasselijke wet- en regelgeving. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 6 — Artikel 6 Klacht- en tuchtrecht#
Artikel 6 Klacht- en tuchtrecht De mediator committeert zich aan de klachtenregeling van de Stichting Kwaliteit Mediators (SKM) en het Reglement Stichting Tuchtrechtspraak Mediators en stemt in met de plicht van de SKM om de uitkomst van klachten waarbij een onherroepelijke maatregel van onvoorwaardelijke schorsing of schrapping is opgelegd aan deelnemende mediators te melden aan de verwijzingsvoorziening van de Rechtspraak. De Raad en de SKM hebben in 2018 een informatieprotocol afgesloten waarin afspraken zijn gemaakt omtrent het uitwisselen van informatie die van belang kan zijn voor de inschrijving bij de Raad dan wel de registratie bij de SKM en die als doel heeft de kwaliteit van mediators binnen het stelsel te borgen. Deze afspraken worden jaarlijks geëvalueerd en zo nodig aangepast. Door zich bij de Raad in te schrijven stemt de mediator met deze afgesproken informatie uitwisseling in en geeft hij daarvoor toestemming aan de Raad. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 7 — Artikel 7 Beroepsaansprakelijkheidsverzekering#
Artikel 7 Beroepsaansprakelijkheidsverzekering zegge vierhonderdvijftigduizend euro De mediator heeft een deugdelijke beroepsaansprakelijkheidsverzekering ten bedrage van € 450.000,- () per gebeurtenis. Bij inschrijving verklaart de mediator aldus verzekerd te zijn, dan wel bereid te zijn dadelijk na toelating een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten voor minimaal € 450.000 per gebeurtenis. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 8 — Artikel 8 Monitoring#
Artikel 8 Monitoring De mediator draagt zorg voor het compleet en tijdig verstrekken van de gegevens ten behoeve van de monitoring die door de verwijzingsvoorziening worden gevraagd. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 9 — Artikel 9 Mediationkamers#
Artikel 9 Mediationkamers De mediator is bereid mediationbijeenkomsten te houden in mediationkamers die door de verwijzingsvoorziening bij de Rechtspraak zijn ingericht. Voor de gevallen waarin de verwijzingsvoorziening geen ruimte ter beschikking heeft, dient de mediator adequate ruimte ter beschikking te hebben om mediationbijeenkomsten te houden. De mediator brengt hiervoor geen kosten aan partijen in rekening. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 10 — Artikel 10 Team- en co-mediation#
Artikel 10 Team- en co-mediation 1 De mediator is bereid om op te treden in teammediation waar dat door de verwijzers noodzakelijk wordt geacht. Tevens is hij/zij bereid om in die gevallen de mediation tijdig inhoudelijk en procedureel voor te bereiden. 2 De mediator is bereid tot het laten bijwonen van verwezen mediations door een (onervaren) co-mediator. De verwijzingsvoorzieningen bieden mediators die nog geen MfN registermediator zijn, maar wel een erkende mediationopleiding hebben voltooid de gelegenheid ervaring op te doen als co-mediator. Alle door de Raad ingeschreven mediators mogen zelf co-mediators meenemen die voldoen aan de hiervoor genoemde kwalificatie. Hierbij dienen de volgende regels in acht te worden genomen: – de mediator staat ervoor in alleen co-mediators mee te nemen die een erkende mediationopleiding hebben voltooid; – co-mediators ontvangen geen vergoeding, noch van de verwijzingsvoorziening, noch van de partijen; – de mediator zal zich niet laten betalen door de co-mediator voor het laten bijwonen van de mediation; – de mediator blijft verantwoordelijk voor de gang van zaken tijdens de mediation; – de mediator draagt er zorg voor dat de mediationovereenkomst mede wordt ondertekend door de co-mediator; – de mediator tekent op de monitoringformulieren aan wie als co-mediator is opgetreden en welke opleiding deze heeft voltooid. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 11 — Artikel 11 Vergoeding voor de niet toegevoegde partij. Eigen bijdrage toevoegingscliënt#
Artikel 11 Vergoeding voor de niet toegevoegde partij. Eigen bijdrage toevoegingscliënt 1 6 Deze verwijzingsvoorzieningen zijn het Juridisch Loket en de verwijzingsvoorziening van de gerechten. In zaken die zijn verwezen door een van de verwijzingsvoorzieningenbinnen het rechtsbestel geldt, als geen enkele partij voor een toevoeging in aanmerking komt, de volgende regeling: de mediator verplicht zich om zijn uurtarief alleen in rekening te brengen voor: Na afloop van de mediation krijgen cliënten een urenverantwoording van de mediator, waarin hij zijn tijdsbesteding gespecificeerd per uur (of gedeelte van een uur), activiteit en datum heeft vermeld, alsmede een specificatie van de (eventuele) vooraf overeengekomen bijzondere kosten. Bijzondere kosten kunnen aan partijen alleen in rekening worden gebracht indien zij daarmee vooraf hebben ingestemd. De mediator geeft aan de Raad voor Rechtsbijstand het uurtarief op dat hij hanteert voor partijen die niet voor een toevoeging in aanmerking komen. De mediator kan aan partijen die niet voor een toevoeging in aanmerking komen, geen hoger uurtarief in rekening brengen dan hij aan de Raad heeft opgegeven. 5.2 Het aan de Raad opgegeven uurtarief wordt opgenomen in de onderbedoelde openbare lijst van mediators (Mediatorsearch). 9 De mediationovereenkomst zoals opgesteld door de verwijzingsvoorzieningen bevat voorschriften ten aanzien van honorarium en kosten. De mediator kan een instaptarief hanteren. – 7 Contacturen zijn de uren waarbij de mediator daadwerkelijk met partijen rond de tafel zit tijdens gezamenlijke en/of afzonderlijke gesprekken, dan wel bij online mediation daadwerkelijk ten behoeve van partijen online activiteiten heeft verricht. Contacturen zijn ook uren waarin de mediator om de tafel zit met anderen (zoals advocaten, deskundigen, de sociale dienst, de Raad voor de Kinderbescherming) in aanwezigheid dan wel in uitdrukkelijke opdracht van partijen. de contacturenen – 8 Overige werkzaamheden zijn: het op verzoek van partijen lezen van stukken, het opstellen van de (concept)vaststellingsovereenkomst en verslaglegging, waarbij voor verslaglegging in principe maximaal een uur per bijeenkomst mag worden gerekend. De mediator stemt deze werkzaamheden vooraf af met cliënten. overige werkzaamhedentot een maximum dat niet hoger is dan het aantal contacturen. 2 Als in een zaak met twee partijen een van de partijen voor een toevoeging in aanmerking komt, behoort de mediator het aantal uren dat in het eerste lid wordt bedoeld door twee te delen. Aan de betalende partij mag niet meer dan de helft van het in het eerste lid bedoelde aantal uren in rekening worden gebracht. Aan de toegevoegde partij worden geen uren in rekening gebracht indien voor deze partij een toevoegingsvergoeding kan worden verkregen. Deze regeling voor toevoegingszaken geldt zowel in het geval van een verwijzing vanuit een van de verwijzingsvoorzieningen als in het geval waarin de mediator partijen zonder zo’n verwijzing bijstaat. 3 De mediator geeft aan of hij/zij bereid is om op de in het inschrijvingsformulier genoemde affiniteitsgebieden rechtzoekenden op basis van een toevoeging bij te staan. Toevoegingen zijn niet van toepassing bij zakelijke conflicten, met uitzondering van consumententransacties. 4 Wet op de rechtsbijstand In het geval dat partijen of een van hen een aanvraag in het kader van de gesubsidieerde rechtsbijstand doen, werkt de mediator – behalve volgens deze inschrijvingsvoorwaarden – ook volgens de voorschriften van de. Als voor een partij een toevoeging is verleend, mag de mediator aan deze partij naast de door de Raad opgelegde eigen bijdrage geen honorarium/uurtarief in rekening brengen. 5 In het geval als omschreven in lid 4, richt de mediator zijn/ haar toevoegingsaanvragen en declaraties zorgvuldig en volledig in, met inachtneming van de regels die bij of krachtens de wet zijn gesteld. Hij/ zij neemt daarbij voorts de algemene voorschriften en beleidsregels die met het oog op de wijze van indiening van toevoegingsaanvragen c.q. declaraties door de Raad voor Rechtsbijstand zijn of worden uitgevaardigd in acht en houdt rekening met specifieke aanwijzingen van het bureau van de Raad. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 12 — Artikel 12 Registratie van affiniteiten door de Raad voor Rechtsbijstand#
Artikel 12 Registratie van affiniteiten door de Raad voor Rechtsbijstand 10 Het moet gaan om mediations in overeenstemming met de MfN-reglementen, aangevangen met een schriftelijke mediation overeenkomst. Andere vormen van bemiddeling, zoals buurtbemiddelingen tellen niet mee. Co-mediations kunnen meetellen als sprake is van een gelijkwaardige positie tussen de mediators. artikel 13 Bij zijn verzoek tot inschrijving bij de Raad voor Rechtsbijstand kan de mediator één of meer affiniteiten opgeven. Een affiniteit wordt door de Raad alleen geregistreerd als per hoofdcategorie waarbinnen de affiniteit wordt opgegeven tenminste drie mediationszijn behandeld. Dit moet aan de hand van (geanonimiseerde) mediationovereenkomsten aangetoond worden. Dit geldt niet voor het registreren van affiniteiten op het terrein van het Personen- en Familierecht, daarop isvan toepassing. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 13 — Artikel 13 Deskundigheidseisen voor het behandelen van zaken op het terrein van het personen - familierecht#
Artikel 13 Deskundigheidseisen voor het behandelen van zaken op het terrein van het personen - familierecht artikel 1 lid 1 Om ingeschreven te kunnen worden voor dit vakgebied dient een mediator die om inschrijving verzoekt, naast de inomschreven eisen, te voldoen aan het volgende vereiste: Om vervolgens ingeschreven te blijven voor dit vakgebied dient een daarvoor toegelaten mediator te voldoen aan de volgende vereisten: De mediator die niet (langer) aan de in dit artikel door de Raad gestelde deskundigheidseisen voldoet of wil voldoen, verzoekt uit eigen beweging de Raad om zijn inschrijving voor de specialisatie personen- en familierecht door te halen. Als een mediator wordt uitgeschreven voor de specialisatie personen- en familierecht omdat deze niet voldoet aan de in dit artikel gestelde deskundigheidseisen dan geldt deze doorhaling voor een periode van minimaal één jaar. Voor herinschrijving geldt de eis dat de mediator 10 opleidingspunten op het terrein van het personen- en familierecht, behaald in het jaar voorafgaand aan het verzoek tot herinschrijving, dient te overleggen. De Raad toetst steekproefsgewijs of de ingeschreven mediator heeft voldaan aan de gestelde eisen voor het onderhouden van zijn deskundigheid. De Raad verstrekt nadere informatie omtrent deze toetsing via de e-nieuwsbrief. De Raad kan daarnaast ook op eigen initiatief (op basis van signalen of wanneer zij dat nodig acht) besluiten deze eisen te toetsen. artikel 8 lid 4 van het Besluit Toevoeging Mediation In die gevallen waar de mediator minimaal één van de partijen op toevoegbasis bijstaat en een advocaat dient in te schakelen om de vaststellingsovereenkomst in een rechterlijke uitspraak op te laten nemen, draagt de mediator er zorg voor dat de ingeschakelde advocaat bij de Raad ingeschreven is voor de specialisatie Personen- en familierecht. Als de advocaat niet voor deze specialisatie is ingeschreven, dan heeft de mediator geen recht op de zogenaamde afhechtingstoeslag op grond van. a. het voltooid hebben van een door de Stichting Kwaliteit Mediators geaccrediteerde specialisatieopleiding familiemediation; b. het behandelen van tenminste 7 mediations per jaar op het terrein van het personen en familierecht. De mediator kan desgewenst aantonen dat hij dit aantal mediations heeft gedaan door ook betalende meditations aan te geven en; c. het behalen van 10 opleidingspunten per jaar op het terrein van het personen- en familierecht. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 14 — Artikel 14 Deskundigheidseisen voor het behandelen van zaken betreffende internationale kinderontvoering#
Artikel 14 Deskundigheidseisen voor het behandelen van zaken betreffende internationale kinderontvoering artikelen 1 tot en met 13 Naast de voorwaarden uit debehoren mediators die zaken betreffende internationale kinderontvoering willen behandelen zich daarvoor apart in te inschrijven bij de Raad voor Rechtsbijstand. Bij het verzoek moeten zij aantonen dat zij voldoen aan onderstaande criteria: – succesvol hebben deelgenomen aan een door de Raad voor Rechtsbijstand erkende opleiding voor cross border mediation; – Uitvoeringswet inzake internationale ontvoering van kinderen kennis van het Haags Kinderontvoeringsverdrag van 25 oktober 1980 (HKOV) en devan 2 mei 1990; – ervaring als mediator in familierechtzaken, dat wil zeggen als mediator 10 familierechtzaken behandeld hebben; – op de hoogte blijven van de (rechts)ontwikkelingen op het gebied van internationale kinderontvoering door het bijwonen van relevante congressen, cursussen, lezingen etc. en het op de hoogte blijven van relevante jurisprudentie. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 15 — Artikel 15 artikel 1:250 BW Deskundigheidseisen voor bijzondere curatoren inzaken#
Artikel 15 artikel 1:250 BW Deskundigheidseisen voor bijzondere curatoren inzaken artikel 1:250 BW De vereisten voor het verstrekken van toevoegingen aan bijzondere curatoren inzaken zijn: Om ingeschreven te blijven staan onderhoudt de bijzondere curator zijn deskundigheid door het jaarlijks behalen van tenminste vier opleidingspunten op dit specifieke gebied. Indien de bijzondere curator niet meer voldoet aan de gestelde eisen, kan de Raad de bijzondere curator voor de specialisatie uitschrijven. Voordat de Raad hiertoe beslist, zal betrokkene indien deze dat wenst worden gehoord. 1. het met succes hebben voltooid van een universitaire opleiding en; 2. het gedurende een periode van drie jaar voorafgaand aan het verzoek tot deelname ingeschreven staan bij de Raad als familiemediator en; 3. artikel 1:250 BW het met goed gevolg hebben afgelegd van het door de Stichting Bijzondere Curator georganiseerd examen voor het kunnen behandelen vanzaken. Voor het opgaan voor het examen geldt als aanbeveling dat de kandidaat een door de Raad erkende specialisatieopleiding bijzondere curator van tenminste 20 punten heeft voltooid. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 16 — Artikel 16 artikel 33a Wrb Maximum ()#
Artikel 16 artikel 33a Wrb Maximum () Om te voorkomen dat de kwaliteit van de door de mediator te verrichten werkzaamheden in het gedrang komt, door onder meer het te snel en te veel aanvragen van toevoegingen of door het onvoldoende tijd en aandacht besteden aan zaken, worden aan een mediator jaarlijks niet meer toevoegingen afgegeven dan 250. Het maximum van 250 toevoegingen per jaar sluit aan bij de door de beroepsgroep algemeen aanvaarde norm van het aantal van omstreeks 1.200 declarabele uren per jaar dat maximaal verricht zou moeten kunnen worden zonder dat de kwaliteit van de werkzaamheden in het gedrang komt. Indien een mediator het maximum aantal toevoegingen heeft bereikt, zullen in het betreffende kalenderjaar geen toevoegingen meer aan hem worden afgegeven. De Raad informeert de Mediatorsfederatie Nederland over het bereiken van de grens van het maximum aantal af te geven toevoegingen. De mediator stemt door zijn inschrijving bij de Raad op voorhand met deze melding in. De mediator kan in het volgend kalenderjaar opnieuw om inschrijving verzoeken. Als hij in het jaar daarop opnieuw toevoeging verzoekt in zaken waarin het vorig jaar vanwege het bereiken van het maximum aan hem toevoegingen zijn geweigerd, zal – indien de toevoeging alsnog wordt verleend – de ingangsdatum in het jaar van de nieuwe aanvraag liggen. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019
Artikel 17 — Artikel 17 Wijziging van gegevens en beëindiging deelname#
Artikel 17 Wijziging van gegevens en beëindiging deelname Het doorgeven van wijzigingen van gegevens en beëindiging van deelname dient schriftelijk te geschieden bij de Raad voor Rechtsbijstand. 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 2019 35121 26-06-2019 13-02-2019 26-06-2019