Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs 2021
- BWB-id
- BWBR0044280
- Type
- zbo
- Ministerie
- Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-08-12
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0044280
- ELI
- /eli/nl/zbo/2021/reglement-vervangingsfonds-en-bedrijfsgezondheidszorg-voor-h
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2021/reglement-vervangingsfonds-en-bedrijfsgezondheidszorg-voor-h/2024-08-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0044280&g=2024-08-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0044280&z=2026-06-06&g=2024-08-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0044280/2024-08-12
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2021/reglement-vervangingsfonds-en-bedrijfsgezondheidszorg-voor-h
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Bedrijfsgezondheidszorg: de dienstverlening van het Vervangingsfonds ter voorkoming en terugdringing van ziekteverzuim en de verbetering van arbeidsomstandigheden. 2. Bekostiging: de bekostiging van vervanging door en ten laste van het Vervangingsfonds. 3. Bestuur: het bestuur van de Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs. 4. Bevoegd gezag: artikel 1 van de Wpo artikel 1 van de Wec artikel 18a van de Wpo een bevoegd gezag als bedoeld in,of een samenwerkingsverband passend onderwijs als bedoeld in. 5. Bovenbestuurlijke vervangingspool: een vervangingspool die in stand wordt gehouden door twee of meer bevoegde gezagsorganen. 6. Detachering: de constructie waarbij een bij het Vervangingsfonds aangesloten bevoegd gezag personeel dat bij dit bevoegd gezag in dienst is, tegen een overeengekomen vergoeding, werkzaamheden laat verrichten bij een ander bij het Vervangingsfonds aangesloten bevoegd gezag. 7. Dienstverband: a. de benoeming van personeel bij de werkgever in het bijzonder onderwijs; b. de aanstelling van personeel bij de werkgever in het openbaar onderwijs. 8. Eigenrisicodrager: een bevoegd gezag waaraan op grond van de bepalingen in dit reglement het eigenrisicodragerschap is verleend voor de kosten van vervanging. 9. Extern personeel: al het personeel dat niet werkzaam is bij een bevoegd gezag op basis van een akte van aanstelling of een akte van benoeming. 10. Financiële variant: Hoofdstuk 6 één van de financiële vereveningsvarianten als bedoeld invan het reglement waarvan eigenrisicodragers gebruik van kunnen maken. 11. Informatieprotocol: bijlage debij dit reglement waarin de wijze van aanlevering van gegevens voor wat betreft de vorm en inhoud, die door een bevoegd gezag moet worden aangeleverd wordt beschreven. 12. Ketenvervanger: de vervanger van een personeelslid met een dienstverband bij het bevoegd gezag die een ander personeelslid, dat afwezig is in verband met het vervangen van een wegens ziekte of schorsing afwezig ander personeelslid, met een dienstverband bij hetzelfde bevoegd gezag vervangt. 13. Ketenvervanging: de situatie waarbij een wegens ziekte of schorsing afwezig personeelslid, wordt vervangen door een ander personeelslid met een dienstverband bij hetzelfde bevoegd gezag en die als gevolg van die afwezigheid zelf wordt vervangen door de ketenvervanger. De keten bestaat uitsluitend uit de afwezige, diens vervanger en de ketenvervanger. 14. Niet aangemeld personeel: personeel met een dienstverband dat niet valt onder de verplichte aansluiting en dat ook niet vrijwillig is aangemeld. 15. Normbekostiging: de wijze waarop het Vervangingsfonds de vervanging die voor bekostiging in aanmerking komt vergoedt. 16. Payrolling: de constructie, waarbij personeel in dienst is van een payrollonderneming en waarbij dit personeel feitelijk werkt voor een bevoegd gezag. Bij payrolling is de payrollonderneming juridisch de werkgever en zorgt het bevoegd gezag voor de werving en selectie. 17. Personeel: artikel 1 artikel 18a van de Wpo artikel 1 van de Wec personeel als bedoeld inenen. 18. Reguliere bekostiging: de situatie waarin een bevoegd gezag geen eigenrisicodrager is. 19. SNA-keurmerk: het keurmerk dat wordt uitgereikt door de Stichting Normering Arbeid. 20. Uitzendarbeid: de constructie, waarbij personeel in dienst is van een uitzendorganisatie en waarbij dit personeel feitelijk werkt voor een bevoegd gezag. 21. Vervangingspool: een pool waarin één of meerdere personeelsleden worden geplaatst met een regulier dienstverband, die door het bevoegd gezag structureel voor vervangingswerkzaamheden worden ingezet. 22. Vrijwillig aangemeld personeel: personeel dat niet onder de verplichte aansluiting valt en dat vrijwillig door het bevoegd gezag bij het Vervangingsfonds is aangemeld. 23. Wpo: Wet op het primair onderwijs de. 24. Wec: Wet op de expertisecentra de. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 2 — Artikel 2 Verplichte aansluiting bij het Vervangingsfonds#
Artikel 2 Verplichte aansluiting bij het Vervangingsfonds 1 artikel 183 van de Wpo artikel 169 van de Wec Op grond vanen, is ieder bevoegd gezag aangesloten bij het Vervangingsfonds. 2 artikel 183, derde lid van de Wpo artikel 169, derde lid van de Wec Een bevoegd gezag, dat een ontheffing heeft gekregen op grond vanof, is niet aangesloten bij het Vervangingsfonds. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 3 — Artikel 3 Vervanging die niet voor bekostiging in aanmerking komt#
Artikel 3 Vervanging die niet voor bekostiging in aanmerking komt Personeelsleden: a. met een dienstverband dat voor 5 juli 2006 tot stand is gekomen en op die datum niet door het Rijk werden bekostigd; b. met een dienstverband dat tussen 5 juli 2006 en 1 januari 2009 tot stand is gekomen; c. die tussen 5 juli 2006 en 1 januari 2009 een andere functie binnen het bevoegd gezag waar dit personeelslid werkzaam was hebben gekregen, zijn niet verplicht aangesloten bij het Vervangingsfonds. Vervanging van deze personeelsleden wordt niet bekostigd door het Vervangingsfonds. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Vrijwillige aanmelding van personeel#
Artikel 4 Vrijwillige aanmelding van personeel 1 artikel 3 Personeel genoemd inkan vrijwillig worden aangemeld door het bevoegd gezag waar dit personeel een dienstverband heeft. 2 Vervanging van vrijwillig aangemeld personeel komt voor bekostiging door het Vervangingsfonds in aanmerking. 3 De aanmelding: a. moet uiterlijk op 31 oktober door het Vervangingsfonds zijn ontvangen; b. geldt met ingang van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin deze aanmelding heeft plaatsgevonden; c. geschiedt voor het voltallige nog niet aangemelde personeel van het bevoegd gezag. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 5 — Artikel 5 Eigenrisicodragerschap#
Artikel 5 Eigenrisicodragerschap 1 Een bevoegd gezag kan eigenrisicodrager worden, indien is voldaan aan de volgende voorwaarden: a. het Vervangingsfonds moet de aanvraag uiterlijk 31 oktober hebben ontvangen; b. het bevoegd gezag overlegt een verklaring waaruit blijkt dat de aanvraag met instemming van de PMR of, indien sprake is van een PGMR, de PGMR, is gedaan. 2 Het Vervangingsfonds beslist binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag of het eigenrisicodragerschap wordt verleend. 3 Het eigenrisicodragerschap gaat in per 1 januari volgend op het jaar waarin de aanvraag is ingediend en geldt voor onbepaalde tijd. 4 Een eigenrisicodrager kan het Vervangingsfonds schriftelijk verzoeken het eigenrisicodragerschap op te heffen per 1 januari van het volgende kalenderjaar. Dit verzoek moet uiterlijk 31 oktober door het Vervangingsfonds zijn ontvangen. 5 Indien er bij een eigenrisicodrager wijzigingen optreden als gevolg van fusie of splitsing, informeert deze eigenrisicodrager het Vervangingsfonds uiterlijk 8 weken voordat deze wijzigingen zullen plaatsvinden. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 6 — Artikel 6 Lopende vervangingen#
Artikel 6 Lopende vervangingen 1 Indien aan een bevoegd gezag het eigenrisicodragerschap wordt verleend, worden lopende vervangingen wegens ziekte en schorsing per de ingangsdatum van het eigenrisicodragerschap niet meer door het Vervangingsfonds bekostigd. 2 Indien een eigenrisicodrager het eigenrisicodragerschap opzegt, komt vervanging wegens ziekte en schorsing per 1 januari van het volgende kalenderjaar voor bekostiging in aanmerking. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Premie#
Artikel 7 Premie 1 Een bij het Vervangingsfonds aangesloten bevoegd gezag voldoet maandelijks de premie aan het Vervangingsfonds. De verschuldigde premie is gelijk aan de premiegrondslag vermenigvuldigd met het premiepercentage. 2 De premiegrondslag is het bruto salaris van het personeel waarvoor premie is verschuldigd, rekening houdend met de deeltijdfactor, exclusief toelages, toeslagen en werkgeverslasten, en vermeerderd met 8 procent vakantie-uitkering. 3 bijlage 1 Het personeel waarvoor premie is verschuldigd als bedoeld in het eerste lid, staat omschreven in, ‘Premie’, van dit reglement. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 8 — Artikel 8 Premiepercentages#
Artikel 8 Premiepercentages 1 Het bestuur stelt jaarlijks uiterlijk op 15 oktober de hoogte van de premiepercentages voor het volgende kalenderjaar vast. 2 Indien er aanleiding toe is, kan het bestuur besluiten tot een tussentijdse wijziging van de premiepercentages. 3 Een positief of negatief exploitatieresultaat van het Vervangingsfonds kan worden verrekend in de premie voor het volgende kalenderjaar. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 9 — Artikel 9 Bonus-malus regeling#
Artikel 9 Bonus-malus regeling 1 Een bevoegd gezag ontvangt na afloop van het kalenderjaar een beslissing van het Vervangingsfonds over het al dan niet toekennen van een bonus of het verschuldigd zijn van een malus. 2 Op basis van de aangeleverde gegevens over de verslagmaanden januari tot en met december, wordt de bonus-malus verhouding berekend door het totaal van de vastgestelde normvergoedingen te delen door de premie die voor dat kalenderjaar is verschuldigd. 3 Bij het berekenen van de bonus-malus verhouding, vormen de gegevens van het door het bevoegd gezag op 31 januari in stand gehouden scholen van het volgende kalenderjaar de basis. 4 bijlage 2 Het Vervangingsfonds berekent de bonus-malus afrekening conform de ‘Werkwijze bonus-malus regeling’, opgenomen alsin dit reglement. 5 Het Vervangingsfonds maakt de beslissing over de bonus-malus afrekening over het voorgaande kalenderjaar jaarlijks bekend voor 15 oktober. Deze termijn kan met uiterlijk 6 weken worden verlengd, mits dit door het Vervangingsfonds voor 8 oktober bekend wordt gemaakt. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Toepassingsbereik#
Artikel 10 Toepassingsbereik 1 De bonus-malus regeling is van toepassing op een kalenderjaar. 2 De bonus-malus regeling is niet van toepassing op bevoegde gezagsorganen die in het kalenderjaar waarover de berekening plaatsvindt eigenrisicodrager zijn geweest. 3 Indien een bevoegd gezag als gevolg van fusie gedurende het kalenderjaar eigenrisicodrager is geworden, dan geldt de bonus-malus regeling alleen voor het tijdvak voorafgaand aan de dag dat dit bevoegd gezag eigenrisicodrager is geworden. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Maximering malus#
Artikel 11 Maximering malus 1 bijlage 2 Indien een bevoegd gezag met een personele bekostiging regulier lager dan 2,5 miljoen euro een bonus-malus verhouding heeft van meer dan 1,5 is voor het deel daarboven geen malus verschuldigd. De berekening en werking van de bonus-malus verhouding is opgenomen in ‘Werkwijze bonus-malus regeling’, opgenomen alsin dit reglement. 2 bijlage 2 Indien een bevoegd gezag met een personele bekostiging regulier van 2,5 miljoen of meer een bonus-malus verhouding heeft van meer dan 2, is voor het deel daarboven geen malus verschuldigd. De berekening en werking van de bonus-malus verhouding is opgenomen in ‘Werkwijze bonus-malus regeling’, opgenomen alsin dit reglement. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 12 — Artikel 12 Voorwaarden voor bekostiging#
Artikel 12 Voorwaarden voor bekostiging Een bevoegd gezag dat valt onder de reguliere bekostiging dan wel een eigenrisicodrager die gebruik maakt van een financiële variant, komt in aanmerking voor bekostiging van vervanging, indien is voldaan aan de voorwaarden van dit artikel. 1. Het bevoegd gezag overlegt jaarlijks uiterlijk op 31 januari de compliance-verklaring die het Vervangingsfonds aan het bevoegd gezag heeft verstrekt. Zolang deze verklaring niet door het Vervangingsfonds is ontvangen, wordt de bekostiging opgeschort. 2. Het bevoegd gezag is premie verschuldigd voor het afwezige personeelslid. 3. hoofdstuk 5 Het afwezige personeelslid is niet geplaatst in een vervangingspool als bedoeld invan dit reglement. 4. Het personeelslid dat wordt vervangen is afwezig wegens: a. ziekte; of b. schorsing als bedoeld in de cao po. 5. Het bevoegd gezag heeft ten behoeve van de afwezige geen aanspraak op een Ziektewet-uitkering. 6. De vervanging vindt plaats in de periode van afwezigheid. 7. De vervanging heeft tot extra kosten geleid voor het bevoegd gezag, die niet gemaakt zouden zijn als de vervanging niet had plaatsgevonden. Deze voorwaarde geldt niet, indien sprake is van vervanging door een personeelslid met een akte van aanstelling of een akte van benoeming en dat: a. hoofdstuk 5 is geplaatst in een vervangingspool als bedoeld invan dit reglement; b. werkzaam is in een functie die is geplaatst in het RDDF; c. in de tweede fase van een sociaal plan zit en met ontslag wordt bedreigd; d. vrijwillig is aangemeld bij het Vervangingsfonds. e. werkzaam is op basis van een dienstverband voor kennelijk tijdelijk werk als bedoeld in artikel 3.1 van de cao po. 8. artikel 3 van de Wpo artikel 3 van de Wec De vervanger van een leraar voldoet aan de bevoegdheidseisen voor leraar, genoemd indan wel. Deze voorwaarde geldt niet voor vervanging van de eerste dag afwezigheid wegens ziekte van een leraar die op of na 1 mei 2019 heeft plaatsgevonden. 9. Vervanging door extern personeel anders dan uitzendpersoneel of personeel werkzaam bij een payroll onderneming, heeft plaatsgevonden ten behoeve van vervanging van een directielid of onderwijsondersteunend personeel. Vervanging van leraren door dit extern personeel wordt niet door het Vervangingsfonds bekostigd. 10. Bij vervanging door extern personeel, dient een factuur te worden overgelegd waarin een urenspecificatie van de vervanger is opgenomen. 11. Bij vervanging op basis van uitzendarbeid of payrolling, moet de uitzendorganisatie of de payroll organisatie beschikken over een SNA-keurmerk. 12. De vervangingsdeclaratie is binnen 3 maanden en 5 werkdagen na afloop van de maand waarin de vervanging heeft plaatsgevonden door het Vervangingsfonds ontvangen. Dit is een fatale termijn, vervangingsdeclaraties die buiten deze termijn zijn ontvangen, worden afgekeurd. 13. Indien een vervangingsdeclaratie conform het vorige lid tijdig is ingediend, moet het Vervangingsfonds een correctie op deze declaratie uiterlijk binnen 3 maanden hebben ontvangen, te rekenen vanaf de dag waarop de declaratie is ingediend. Een correctie die buiten deze termijn is ontvangen, wordt niet in behandeling genomen. 14. Indien het Vervangingsfonds ten aanzien van ingediende vervangingsdeclaraties bij een bevoegd gezag aanvullende gegevens heeft opgevraagd, dan moet het Vervangingsfonds deze gegevens binnen 8 weken, te rekenen vanaf de dag dat het Vervangingsfonds de gegevens heeft opgevraagd, hebben ontvangen. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 13 — Artikel 13 Wijze van vervanging#
Artikel 13 Wijze van vervanging Vervanging kan plaatsvinden op basis van: a. een tijdelijk of vast dienstverband voor vervanging; b. een dienstverband voor werkzaamheden van kennelijk tijdelijke aard; c. een tijdelijke uitbreiding van een dienstverband; d. een min-max-contract of een min-max-aanstelling; e. detachering; f. arbeid door extern personeel, uitzendarbeid of payrolling. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 14 — Artikel 14 Bekostiging#
Artikel 14 Bekostiging artikel 12 13 Indien is voldaan aanen, dan vindt bekostiging plaats met inachtneming van dit artikel. 1. Het aantal uren vervanging wordt bekostigd tot maximaal het aantal uren afwezigheid, waarbij het aantal uren afwezigheid wordt gebaseerd op het aantal werkzame uren van de afwezige per week op basis van de akte van aanstelling dan wel benoeming, vermenigvuldigd met het aantal weken in de betreffende maand. 2. Vervanging wegens ziekte wordt bekostigd tot maximaal 28 maanden na de eerste ziektedag, zoals geregistreerd door het UWV. 3. Vervanging wegens schorsing wordt bekostigd tot maximaal 42 kalenderdagen vanaf de eerste dag dat het afwezige personeelslid is geschorst. 4. Indien een vervanger waarvan de vervanging door het Vervangingsfonds wordt bekostigd ziek wordt, dan kan het bevoegd gezag een tweede vervanger aanstellen om de oorspronkelijke afwezige te vervangen. De bekostiging van de wegens ziekte afwezige vervanger wordt dan door het Vervangingsfonds doorbetaald gedurende diens afwezigheidsperiode dan wel periode van aanstelling, tot een maximum van 6 maanden. Indien de eerder ziek geworden vervanger of het oorspronkelijk afwezige personeelslid weer beter is, dan stopt de bekostiging van de tweede vervanger op het moment van werkhervatting van de eerste vervanger of de oorspronkelijke afwezige. 5. Bij ketenvervanging wordt uitsluitend de vervanging door de ketenvervanger bekostigd op basis van de uren zoals bepaald in het eerste lid van dit artikel. 6. bijlage 3 De hoogte van de bekostiging wordt berekend door het normbedrag per uur te vermenigvuldigen met het aantal uren dat de afwezige is vervangen, tot maximaal de uren afwezigheid. Het normbedrag wordt bepaald aan de hand van de inschaling van de afwezige. De verdere werking van de normbekostiging is opgenomen in, ‘Werkwijze normbekostiging’, van dit reglement. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 15 — Artikel 15 Aanvraag en duur vervangingspools#
Artikel 15 Aanvraag en duur vervangingspools 1 Een bevoegd gezag dat valt onder de reguliere bekostiging, kan bij het Vervangingsfonds schriftelijk een aanvraag indienen, om al dan niet samen met andere bevoegde gezagsorganen een vervangingspool op te richten. 2 Het bevoegd gezag kan kiezen voor een vervangingspool met een grootte van maximaal 4 of maximaal 6 procent van de totale formatie exclusief de vervangers. De peildatum voor het bepalen van deze grootte is 1 oktober voorafgaand het jaar waarin de vervangingspool wordt ingezet. 3 De ingangsdatum van een vervangingspool is 1 januari volgend op het jaar waarin de vervangingspool is aangevraagd. De aanvraag voor een vervangingspool moet uiterlijk 31 oktober door het Vervangingsfonds zijn ontvangen. Het Vervangingsfonds beslist binnen 8 weken op de aanvraag. 4 De vervangingspool wordt voor onbepaalde tijd verleend. Het bevoegd gezag kan de vervangingspool schriftelijk opzeggen. Deze opzegging moet uiterlijk op 31 oktober door het Vervangingsfonds zijn ontvangen. 5 Opzegging van een vervangingspool is slechts mogelijk per 1 januari nadat de opzegging conform het vierde lid tijdig heeft plaatsgevonden. 6 Een aanvraag voor een bovenbestuurlijke vervangingspool kan gedurende het hele kalenderjaar worden ingediend en start niet eerder dan de eerste van de maand volgend op de maand waarin deze is aangevraagd. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 16 — Artikel 16 Bekostiging en inzetpercentage vervangingspool#
Artikel 16 Bekostiging en inzetpercentage vervangingspool 1 bijlage 4 De bekostiging en berekening van het inzetpercentage van de in de vervangingspool geplaatste personeelsleden vindt plaats volgens, ‘Werkwijze vervangingspools’, van dit reglement. 2 De hoogte van de bekostiging wordt berekend door het aantal uren van het dienstverband per week te delen door 7, het resultaat hiervan te vermenigvuldigen met 365, het resultaat daarvan te delen door 12 en het resultaat daarvan te vermenigvuldigen met het van toepassing zijnde normbedrag. 3 Bij gebruik van een vervangingspool van maximaal 4 procent van de totale formatie, vordert het Vervangingsfonds het verschil tussen de daadwerkelijke inzet en 98 procent van de maximaal haalbare inzet terug. 4 Bij gebruik van een vervangingspool van maximaal 6 procent van de totale formatie, vordert het Vervangingsfonds het verschil tussen de daadwerkelijke inzet en 100 procent van de maximaal haalbare inzet terug. 5 Het bevoegd gezag stuurt de verantwoording van de inzet van het personeel geplaatst in de vervangingspool naar het Vervangingsfonds. De termijn voor het indienen van deze verantwoording is 3 maanden, te rekenen vanaf de dag waarop het Vervangingsfonds het verzoek tot het indienen van de inzetverantwoording kenbaar heeft gemaakt. Indien het Vervangingsfonds binnen deze termijn de inzetverantwoording niet heeft ontvangen, dan komt de maand waarop de inzetverantwoording betrekking heeft niet voor bekostiging in aanmerking. 6 Indien buiten deze termijn de inzetverantwoording wordt ingediend, dan wordt de maand waarop deze verantwoording ziet niet door het Vervangingsfonds vergoed. 7 Na het tijdig indienen van de inzetverantwoording, kan een bevoegd deze binnen 3 maanden en 5 werkdagen corrigeren, te rekenen vanaf de dag dat de inzetverantwoording is ingediend. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 17 — Artikel 17 Plaatsing uit de vervangingspool#
Artikel 17 Plaatsing uit de vervangingspool 1 In de verlofsituaties onder a tot en met c, wordt personeel dat geplaatst is in een vervangingspool voor de duur en omvang van dit verlof uit de vervangingspool geplaatst. Het bevoegd gezag kan gedurende deze verlofsituaties een ander personeelslid in de vervangingspool plaatsen. a. zwangerschaps- en bevallingsverlof. b. ouderschapsverlof. c. ziekteverlof vanaf 6 maanden na de eerste ziektedag. Gedurende de eerste 6 maanden van het ziekteverlof wordt het personeelslid bekostigd door het Vervangingsfonds en telt de afwezigheid mee voor het inzetpercentage als ware dit personeelslid volledig ingezet voor vervanging. 2 Personeel dat afwezig is wegens ziekte, kan niet in een vervangingspool worden geplaatst. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 18 — Artikel 18 Bovenbestuurlijke vervangingspools#
Artikel 18 Bovenbestuurlijke vervangingspools 1 Bij een bovenbestuurlijke vervangingspool, komt vervanging door personeel in dienst van een aan deze pool deelnemende eigenrisicodrager niet voor bekostiging in aanmerking, tenzij sprake is van de situatie onder a en b. a. een in de bovenbestuurlijke vervangingspool geplaatste vervanger, die een dienstverband heeft bij een deelnemende eigenrisicodrager, wordt ingezet via detachering voor vervanging bij een deelnemend bevoegd gezag dat geen eigenrisicodrager is. b. de eigenrisicodrager die deelneemt aan de bovenbestuurlijke vervangingspool, geeft bij deelname van deze pool voor het begin van het nieuwe kalenderjaar bij het Vervangingsfonds aan welke personeelsleden het in deze pool heeft geplaatst. 2 Toewijzing van de bekostiging met betrekking tot een bovenbestuurlijke vervangingspool, vindt met het oog op de eindafrekening van het inzetpercentage en de bonus-malus regeling plaats naar rato van de per bevoegd gezag verantwoorde premie. 3 Bij een bovenbestuurlijke vervangingspool wordt vervanging door personeel met een dienstverband bij een aan deze pool deelnemende eigenrisicodrager niet meegerekend bij de berekening van het inzetpercentage. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 19 — Artikel 19 Aanmelding financiële varianten#
Artikel 19 Aanmelding financiële varianten 1 Een eigen risicodrager of een bevoegd gezag waaraan eigenrisicodragerschap wordt verleend, kan zich aanmelden voor één van de volgende financiële varianten: a. eigen risicovariant van 2 maal de werktijdfactor per week; b. eigen risicovariant van 6 maal de werktijdfactor per week; c. stop-loss variant met een lage ondergrens van de bandbreedte; d. stop-loss variant met een hoge ondergrens van de bandbreedte. 2 Een bevoegd gezag dat geen eigenrisicodrager is, kan zich aanmelden voor een financiële variant onder de voorwaarde dat uiterlijk op de ingangsdatum van de financiële variant het eigenrisicodragerschap wordt verleend. 3 De ingangsdatum van een financiële variant is 1 januari. De schriftelijke aanmelding moet uiterlijk 31 oktober hier voorafgaand door het Vervangingsfonds zijn ontvangen. 4 De aanmelding voor een financiële variant geldt voor al het personeel van het bevoegd gezag. 5 bijlage 5 De bekostiging van de financiële varianten vindt plaats conform, ‘Werkwijze financiële varianten’, van dit reglement. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 20 — Artikel 20 Algemene voorwaarden voor bekostiging financiële varianten#
Artikel 20 Algemene voorwaarden voor bekostiging financiële varianten artikel 12 artikel 13 Een bevoegd gezag dat gebruik maakt van een financiële variant, komt voor bekostiging in aanmerking indien is voldaan aan, met uitzondering van lid 7, onder a,en aan de voorwaarden van dit artikel. 1. De vervanging heeft voor het bevoegd gezag geleid tot extra kosten die niet gemaakt zouden zijn als de vervanging niet had plaatsgevonden. 2. Personeel dat binnen de eigen betrekkingsomvang voor vervanging wordt ingezet, komt slechts voor bekostigde vervanging in aanmerking indien dit personeelslid is geplaatst in een eigen, door het bevoegd gezag bekostigde vervangingspool. Het bevoegd gezag stelt het Vervangingsfonds in kennis welke personeelsleden er in deze pool zijn geplaatst. 2024 26372 12-08-2024 2024 26372 12-08-2024 12-08-2024 01-01-2021 Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.
Artikel 21 — Artikel 21 Wijziging of opzegging#
Artikel 21 Wijziging of opzegging 1 Het gebruik van een financiële variant geldt voor onbepaalde tijd. 2 Wijziging of opzegging van een financiële variant is mogelijk per 1 januari. Het schriftelijk verzoek tot wijziging of opzegging dient uiterlijk op 31 oktober hieraan voorafgaand door het Vervangingsfonds te zijn ontvangen. 3 Indien een bevoegd gezag het eigenrisicodragerschap heeft opgezegd, eindigt het gebruik van de financiële variant per 1 januari van het daaropvolgend kalenderjaar. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 22 — Artikel 22 Arbo, ziekteverzuim- en personeelsbeleid#
Artikel 22 Arbo, ziekteverzuim- en personeelsbeleid 1 Een bevoegd gezag kan gebruik maken van de faciliteiten die het Vervangingsfonds beschikbaar stelt op het gebied van arbo, ziekteverzuim- en personeelsbeleid. 2 Het Vervangingsfonds kan voor het inzetten en verdelen van de faciliteiten, genoemd in het eerste lid, nadere regels stellen. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 23 — Artikel 23 Subsidies#
Artikel 23 Subsidies Een bevoegd gezag kan bij het Vervangingsfonds een aanvraag indienen voor een door het Vervangingsfonds te verstrekken subsidie. Op deze aanvragen is de Kaderregeling Subsidieverstrekking Vervangingsfonds en Participatiefonds 2007 van toepassing. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 24 — Artikel 24 Administratie- en bewaarplicht#
Artikel 24 Administratie- en bewaarplicht 1 Het bevoegd gezag voert of laat een administratie voeren met betrekking tot de op grond van dit reglement benodigde gegevens en documenten. 2 Het bevoegd gezag bewaart de in het eerste lid genoemde administratie voor een periode van minimaal 7 jaar en stelt deze ter beschikking aan de controleurs die het bestuur daartoe heeft aangewezen. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 25 — Artikel 25 Toepassing reglement#
Artikel 25 Toepassing reglement 1 In het geval er ten onrechte bekostiging door het Vervangingsfonds heeft plaatsgevonden, vordert het Vervangingsfonds het ten onrechte uitgekeerde bedrag terug als onverschuldigde betaling. 2 Indien een bevoegd gezag te weinig premie heeft afgedragen, vordert het Vervangingsfonds de te weinig afgedragen premie in. 3 Een vordering als bedoeld in het eerste of tweede lid kan worden verrekend met andere door het Vervangingsfonds aan het bevoegd gezag verschuldigde bedragen. 4 Een vordering als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt verhoogd met een administratieve heffing van 10 procent van de totale vordering, tot een maximum van de totale kosten van de controle waaruit is gebleken dat er ten onrechte bekostiging heeft plaatsgevonden of te weinig premie is afgedragen. 5 Voordat het Vervangingsfonds een administratieve heffing als bedoeld in het vierde lid oplegt, geeft het een eenmalige schriftelijke waarschuwing aan het bevoegd gezag. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 26 — Artikel 26 Onvoorziene omstandigheden#
Artikel 26 Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin het reglement niet voorziet, beslist het bestuur. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 27 — Artikel 27 Citeertitel#
Artikel 27 Citeertitel Dit reglement wordt aangehaald als ‘Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs 2021’. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 28 — Artikel 28 Bekendmaking#
Artikel 28 Bekendmaking 1 Dit reglement wordt bekendgemaakt middels publicatie in de Staatscourant. 2 Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2021 en is van toepassing op het kalenderjaar 2021. Voor vervanging die in 2021 heeft plaatsgevonden, is dit reglement voor onbepaalde tijd van toepassing. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 29 — Artikel 29 Hardheidsclausule#
Artikel 29 Hardheidsclausule 1 Om zwaarwegende redenen kan het bestuur, op eigen initiatief dan wel op schriftelijk verzoek van een bevoegd gezag, afwijken van de bepalingen in dit reglement. Bij de belangenafweging die in het kader van een beroep op de hardheidsclausule plaatsvindt, wordt alleen gekeken naar de omstandigheden van het bevoegd gezag. 2 Een beroep op de hardheidsclausule dat betrekking heeft op een besluit dat onherroepelijk is geworden, wordt afgewezen. 2020 56367 02-11-2020 2020 56367 02-11-2020 01-01-2021
Artikel 16#
artikel 16, lid 2