Beleidsregel quota publieke media-instellingen 2023
- BWB-id
- BWBR0047885
- Type
- zbo
- Ministerie
- Commissariaat voor de Media
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2023-02-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0047885
- ELI
- /eli/nl/zbo/2023/beleidsregel-quota-publieke-media-instellingen-2023
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/zbo/2023/beleidsregel-quota-publieke-media-instellingen-2023/2023-02-18
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0047885&g=2023-02-18
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0047885&z=2026-06-06&g=2023-02-18
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0047885/2023-02-18
Absolute ELI: /eli/nl/zbo/2023/beleidsregel-quota-publieke-media-instellingen-2023
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. wet: Mediawet 2008 de; b. besluit: Mediabesluit 2008 het; c. regeling: Mediaregeling 2008 ; d. catalogus: de ordening van het audiovisueel media-aanbod in een databank die audiovisueel media-aanbod voor de gebruiker toegankelijk maakt; e. Europese producties: producties als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder n en artikel 1, tweede, derde en vierde lid van de Richtlijn; f. Richtlijn: Richtlijn 2010/13 /EU van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele media- diensten; g. onafhankelijke producent: artikel 2.120, eerste lid van de wet de producent van een onafhankelijke productie als bedoeld in; h. ondertiteling: Nederlands-of Friestalig programma-aanbod voorzien van Nederlandstalige onderti- teling; i. producent: degene die programma-aanbod vervaardigt; j. programma-aanbod: televisieprogramma-aanbod; k. programmakanaal: televisieprogrammakanaal; l. themakanaal: een themakanaal op televisie; m. recente productie: een onafhankelijke productie die niet ouder is dan vijf jaar. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 2 — Artikel 2 Europese producties#
Artikel 2 Europese producties 1 producent Eenals bedoeld in artikel 1, derde en vierde lid, van de Richtlijn wordt geacht in een lidstaat gevestigd te zijn indien zijn onderneming aldaar permanent is gevestigd en over vast personeel beschikt dat zich zowel met productie- als commerciële activiteiten in de Europese Unie bezighoudt. 2 producent Indien niet bekend is welke producent een productie tot stand heeft gebracht, wordt ondermede verstaan de distributeur van de productie. In dat geval wordt de lidstaat waarin de distributeur is gevestigd aangemerkt als de lidstaat waarin de producent is gevestigd. 3 Het tweede lid is slechts van toepassing indien de media-instelling die de productie heeft verspreid, naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen om de relevante gegevens over de producent van de productie te achterhalen. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 3 — Artikel 3 Onafhankelijke producties#
Artikel 3 Onafhankelijke producties 1 artikel 2.120, eerste lid, van de wet onafhankelijke productie In aansluiting opwordt alsmede aangemerkt: a. programma-aanbod dat wordt geproduceerd door een onafhankelijke producent tezamen met een media-instelling, ingeval de media-instelling niet wordt aangemerkt als producent van het betreffende aanbod; b. een door een media-instelling aangekochte onafhankelijke productie. 2 onafhankelijke productie Niet alswordt aangemerkt: a. programma-aanbod dat uitsluitend geproduceerd is door een media-instelling; b. programma-aanbod dat geproduceerd is door een producent die meer dan negentig procent van het door hem geproduceerde media-aanbod, in de drie afgelopen boekjaren, heeft geleverd aan dezelfde media-instelling. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 4 — Artikel 4 Berekeningswijze aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties programmakanalen#
Artikel 4 Berekeningswijze aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties programmakanalen 1 artikelen 2.115 tot en met 2.120 artikel 2.121 van de wet Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties op programmakanalen als bedoeld in de, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal per kalenderjaar, daarvan uitgezonderd het media-aanbod als bedoeld in. 2 Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties, als bedoeld in het eerste lid, worden herhalingen van programma’s meegeteld. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 5 — Artikel 5 Berekeningswijze aandeel Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag#
Artikel 5 Berekeningswijze aandeel Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag 1 artikel 2.115, tweede lid, van de wet Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese per aanbodkanaal dat kwalificeert als een mediadienst op aanvraag als bedoeld inwordt uitgegaan van het aantal Europese titels in de desbetreffende catalogus, afgezet tegen het totaal aantal titels in de catalogus. 2 Als titel wordt in ieder geval aangemerkt een film en een seizoen van een serie. Een aflevering van een serie kan als titel worden aangemerkt indien deze vergelijkbaar is met een film. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 6 — Artikel 6 Aandacht Europese producties audiovisuele mediadiensten op aanvraag#
Artikel 6 Aandacht Europese producties audiovisuele mediadiensten op aanvraag artikel 2.115, derde lid, van de wet Het onder de aandacht brengen van Europese producties als bedoeld inkan onder meer worden verzekerd door: a. het voorzien in een vanaf de startpagina van de dienst toegankelijke aan Europese producties gewijde sectie; b. de mogelijkheid om in de als onderdeel van die dienst beschikbare zoekfunctie naar Europese producties te zoeken; of c. het gebruik van Europese producties in de campagnes van die dienst of een minimum percentage Europese producties die in de catalogus van die dienst worden aanbevolen, bijvoorbeeld door gebruik van banners of vergelijkbare instrumenten. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 7 — Artikel 7 Ontheffing aandeel Europese producties lage omzet en klein publiek#
Artikel 7 Ontheffing aandeel Europese producties lage omzet en klein publiek 1 artikel 2.115, tweede en derde lid, van de wet lage omzet klein publiek De verplichting voor het behalen van het aandeel Europese producties en het onder de aandacht brengen daarvan als bedoeld ingeldt niet voor aanbieders van audiovisuele mediadiensten op aanvraag op aanbodkanalen met eenof een. 2 lage omzet Alswordt aangemerkt een jaaromzet tot twee miljoen euro. 3 klein publiek Alswordt aangemerkt een aandeel gebruikers van minder dan 1% ten opzichte van het veronderstelde aantal potentiële gebruikers van audiovisuele mediadiensten op aanvraag. Voor het aantal veronderstelde potentiële gebruikers van audiovisuele mediadiensten op aan- vraag, wordt uitgegaan van 80% van de Nederlandse bevolking. 4 Om voor de toepassing van het eerste lid in aanmerking te komen, dient de aanbieder van de audiovisuele mediadienst op aanvraag voor het aanbodkanaal een verzoek om een ontheffing in bij het Commissariaat. Bij het verzoek om een ontheffing dient alle relevante informatie op grond waarvan een besluit kan worden genomen te worden gevoegd. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 8 — Artikel 8 Ontheffing Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag#
Artikel 8 Ontheffing Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag 1 artikel 2.115, tweede en derde lid, van de wet Ontheffingen van het aandeel Europese producties voor aanbieders van audiovisueel media- aanbod op aanvraag per aanbodkanaal als bedoeld inkunnen worden verleend indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat naleving gelet op de aard of het onderwerp van deze mediadienst op aanvraag praktisch onhaal- baar of ongerechtvaardigd zou zijn. 2 Bij de vaststelling of sprake is van een geval als bedoeld in het eerste lid, kunnen in ieder geval de aard van de mediadienst op aanvraag, de programmering, de doelgroep, het niet voldoende kunnen verkrijgen van rechten voor Europese producties en bijzondere economische omstandig- heden worden betrokken. 3 artikel 2.115, tweede lid, van de wet Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het tweede lid worden genoemd, sprake is van een geval waarin ten aanzien van een media- dienst op aanvraag op een aanbodkanaal niet kan worden verlangd dat aan het aandeel Europese producties wordt voldaan, kan het aandeel genoemd inlager worden vastgesteld zolang het format van het aanbodkanaal niet wijzigt. 4 Het verzoek om ontheffing dient, voorzien van een onderbouwing, te worden ingediend bij het Commissariaat. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 9 — Artikel 9 Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties#
Artikel 9 Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties artikel 2.122, eerste lid van de wet Alsals bedoeld inwordt mede aangemerkt: a. programma-aanbod dat Nederlands- of Friestalig is ingesproken; b. programma-aanbod dat onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties bevat, dat voorzien is van een Nederlands- of Friestalige voice-over. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 10 — Artikel 10 Berekeningswijze aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties programmakanalen#
Artikel 10 Berekeningswijze aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties programmakanalen artikel 2.122, eerste lid, van de wet Voor de vaststelling van het behaalde aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties, als bedoeld inwordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal en per kalenderjaar met uitzondering van het programma-aanbod als bedoeld in artikel 2.122, tweede lid, van de wet. Herhalingen van programma’s worden meegeteld. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 11 — Artikel 11 Ontheffing oorspronkelijk Nederlands- en Friestalige producties programmakanalen#
Artikel 11 Ontheffing oorspronkelijk Nederlands- en Friestalige producties programmakanalen 1 artikel 2.122, derde lid, van de wet Ontheffingen van het aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties voor programma-aanbod als bedoeld inkunnen in bijzondere gevallen ten aanzien van een bepaald programmakanaal geheel of gedeeltelijk worden verleend. 2 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval bedoeld in het eerste lid, kunnen in ieder geval de aard van het programmakanaal, de programmering, de doelgroep, bijzondere economi- sche omstandigheden en het territoriale bereik van het programmakanaal worden betrokken. 3 artikel 2.122, eerste lid, van de wet Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het derde lid worden genoemd, sprake is van een geval waarin ten aanzien van een programma- kanaal niet kan worden verlangd dat aan het aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties wordt voldaan als bedoeld in het tweede lid, kan het percentage genoemd inlager of op nul worden vastgesteld zolang het format van het programmakanaal niet wijzigt. 4 Het verzoek om ontheffing dient, voorzien van een onderbouwing, te worden ingediend bij het Commissariaat. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 12 — Artikel 12 Ondertiteling oorspronkelijk Nederlandstalige producties programmakanalen#
Artikel 12 Ondertiteling oorspronkelijk Nederlandstalige producties programmakanalen artikel 15 van het besluit Als oorspronkelijk Nederlandstalige producties die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van personen met een auditieve beperking zoals bedoeld in, worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige producties: a. die Nederlandstalig zijn ingesproken; b. artikel 18a van de regeling die onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlandstalige producties bevatten, die voorzien zijn van een Nederlands- of Friestalige voice-over dan wel Nederlands- of Friestalig zijn ingesproken en die voorzien zijn van ondertiteling overeenkomstig. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 13 — Artikel 13 Berekeningswijze percentage ondertiteling landelijke publieke mediadiensten#
Artikel 13 Berekeningswijze percentage ondertiteling landelijke publieke mediadiensten 1 artikel 15 van het besluit artikel 12 Voor de vaststelling van het percentage ondertiteling, bedoeld in, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal en per kalenderjaar besteed aan producties die kunnen worden aangemerkt als oorspronkelijk Nederlandstalige producties zoals bedoeld invan deze beleidsregel. 2 Voor de vaststelling van het behaalde percentage ondertiteling worden herhalingen van program- ma’s meegeteld. 3 Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid wordt het programma-aanbod bestaande uit producties die in de Nederlandse taal zijn ingesproken én in het bijzonder bestemd zijn voor kinderen jonger dan 8 jaar buiten beschouwing gelaten. 4 Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid worden afzonderlijke videoclips buiten beschouwing gelaten. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 14 — Artikel 14 Ontheffing percentage ondertiteling programmakanalen#
Artikel 14 Ontheffing percentage ondertiteling programmakanalen 1 artikel 2.123, tweede lid, van de wet Ontheffing van het percentage ondertiteling van oorspronkelijk Nederlandstalige producties voor programma-aanbod van de landelijke publieke mediadiensten als bedoeld inkunnen geheel of gedeeltelijk worden verleend indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval. 2 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in het eerste lid, kan onder andere de (tijdelijke) technische onmogelijkheid voor het verzorgen van ondertiteling in aanmer- king worden genomen. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 15 — Artikel 15 Rapportageverplichting quota#
Artikel 15 Rapportageverplichting quota 1 artikelen 2.115, eerste lid 2.116 2.119 2.122, eerste lid 2.123, eerste lid, van de wet De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 juni over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de,,,enop de programmakanalen van de landelijke publieke mediadienst, daarbij inbegrepen de themakanalen van de NPO. 2 artikel 2.115, tweede lid, van de wet De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 juni over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving vanop de aanbodkanalen van de NPO. 3 artikelen 2.115, eerste lid 2.117 2.119 2.122, eerste lid, van de wet De regionale publieke media-instellingen brengen eenmaal per twee jaar in de oneven jaren vóór 1 juni over de voorafgaande jaren verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de,,enop de programmakanalen. 4 artikel 2.115, tweede lid, van de wet De regionale publieke media-instellingen brengen eenmaal per twee jaar in de oneven jaren vóór 1 juni over de voorafgaande jaren verslag uit aan het Commissariaat over de naleving vanop de aanbodkanalen. 5 artikel 2.115, derde lid, van de wet artikel 6 De mediadiensten die audiovisueel media-aanbod op aanvraag verzorgen, rapporteren naast het uitbrengen van het verslag als bedoeld in het tweede en vierde lid, gelijktijdig over de naleving van de verplichting inom in het audiovisueel media-aanbod aandacht te besteden aan Europese producties (van deze beleidsregel). 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 16 — Artikel 16 Verslag programmakanalen NPO met uitzondering van de themakanalen#
Artikel 16 Verslag programmakanalen NPO met uitzondering van de themakanalen 1 artikel 15, eerste lid De verslagen bedoeld in, van deze beleidsregel bevatten gegevens per televisieprogrammakanaal, met uitzondering van de themakanalen, op basis van een volledig rapportagejaar. De verslagen bestaan zowel uit gegevens per productie als getotaliseerd per televisieprogrammakanaal. 2 In de verslagen wordt per verspreide productie gerapporteerd over de onderdelen zoals die zijn opgenomen in de rapportageformulieren op de website van het Commissariaat. 3 De NPO rapporteert op de door het Commissariaat voorgeschreven wijze. Hiervoor dient gebruik te worden gemaakt van het meest actuele rapportageformulier zoals jaarlijks ter beschikking gesteld op de website van het Commissariaat. 4 Het Commissariaat kan toestemming verlenen om op een andere wijze dan genoemd in het tweede lid te rapporteren. Hiervoor dient vooraf toestemming te worden gevraagd. Een zelf ontworpen rapportageformulier kan slechts goedkeuring verkrijgen indien ten minste alle gegevens zijn opgenomen om per productie afzonderlijk en per programmakanaal als geheel vast te stellen welke percentages zijn behaald ten aanzien van de Europese, onafhankelijke Europese, recente onafhankelijke Europese, Nederlands- en Friestalige producties en Nederlands- en Friestalige producties voorzien van Nederlandse ondertiteling. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 17 — Artikel 17 Verslag themakanalen NPO en programmakanalen van de regionale media-instellingen#
Artikel 17 Verslag themakanalen NPO en programmakanalen van de regionale media-instellingen 1 artikel 15, eerste lid De verslagen voor de themakanalen van de NPO als bedoeld in, van de beleidsregel en de programmakanalen van de regionale media-instellingen als bedoeld in artikel 15, derde lid, van de beleidsregel bevatten gegevens op basis van een steekproef van een week per kwartaal voor elk rapportagejaar. 2 In de verslagen wordt per verspreide productie gerapporteerd over de onderdelen zoals die zijn opgenomen in de rapportageformulieren op de website van het Commissariaat. 3 De publieke media-instellingen rapporteren op de door het Commissariaat voorgeschreven wijze. Hiervoor dient gebruik te worden gemaakt van het meest actuele rapportageformulier zoals jaarlijks ter beschikking gesteld op de website van het Commissariaat. 4 Het Commissariaat kan toestemming verlenen om op andere wijze dan genoemd in het derde lid te rapporteren. Hiervoor dient vooraf goedkeuring te worden gevraagd. Een zelf ontworpen rapportageformulier kan slechts goedkeuring verkrijgen indien ten minste alle gegevens zijn opgenomen om per productie afzonderlijk en per programmakanaal als geheel vast te stellen welke percentages zijn behaald ten aanzien van de Europese, onafhankelijke Europese, recente onafhankelijke Europese, Nederlands- en Friestalige producties en Nederlands- en Friestalige producties voorzien van Nederlandse ondertiteling. 5 Het Commissariaat bepaalt welke weken dienen als voorwerp van steekproef als bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Het Commissariaat deelt dit in de loop van het desbetreffende kalender- jaar mee. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 18 — Artikel 18 Verslag aanbodkanalen NPO en regionale media-instellingen#
Artikel 18 Verslag aanbodkanalen NPO en regionale media-instellingen 1 artikel 15, tweede en vierde lid artikel 17, eerste lid De verslagen voor de aanbodkanalen van de landelijke en regionale publieke media-instellingen als bedoeld in, van de beleidsregel bevatten gegevens op basis van een heel jaar dan wel op basis van de eerste dag van de vier steekproefweken voor elk rapportage- jaar als bedoeld in, van de beleidsregel. 2 In de verslagen wordt per verspreide productie gerapporteerd over de onderdelen zoals die zijn opgenomen in de rapportageformulieren op de website van het Commissariaat. 3 De publieke media-instellingen rapporteren op de door het Commissariaat voorgeschreven wijze. Hiervoor dient gebruik te worden gemaakt van het meest actuele rapportageformulier zoals jaarlijks ter beschikking gesteld op de website van het Commissariaat 4 Het Commissariaat kan toestemming verlenen om op andere wijze dan genoemd in het derde lid te rapporteren. Een zelf ontworpen rapportageformulier kan slechts goedkeuring verkrijgen indien ten minste alle gegevens zijn opgenomen om per productie afzonderlijk en per aanbodkanaal als geheel vast te stellen welke percentages zijn behaald ten aanzien van de Europese, recente en onafhankelijke producties. 5 Indien vaststaat dat het audiovisueel media-aanbod (op een kanaal) van een aanbieder van een landelijke of regionale publieke media-instelling minimaal het percentage bedraagt dat is vermeld in het formulier ‘Verklaring Europese producties’, zoals die op de website van het Commissariaat ter beschikking is gesteld, kan voor de rapportage worden volstaan met het invullen, ondertekenen en verzenden van dat formulier naar het Commissariaat. 6 Het Commissariaat bepaalt welke weken dienen als voorwerp van steekproef als bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Het Commissariaat deelt dit in de loop van het desbetreffende kalender- jaar mee. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023
Artikel 19 — Artikel 19 Citeertitel en inwerkingtreding#
Artikel 19 Citeertitel en inwerkingtreding 1 Deze beleidsregel wordt aangehaald als Beleidsregel quota publieke media-instellingen 2023. 2 Beleidsregel quota publieke media-instellingen 2022 wordt ingetrokken De. 3 www.cvdm.nl Deze beleidsregel wordt bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de website van het Commissariaat voor de Media (). 4 Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na plaatsing in de Staatscourant. 5 Op ontheffingen die vóór de inwerkingtreding van deze beleidsregel zijn verleend, blijft de Beleidsregel van toepassing die op dat moment van kracht was, met uitzondering van de bepalingen inzake de rapportageverplichting. 2023 5501 17-02-2023 2023 5501 17-02-2023 18-02-2023